CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

C.11-22RV006 Bijlage C.11 Nota van zienswijzen

Raad 24 februari 2022, gemeente ZeistBij agendapunt: Bestemmingsplan Sportpark Blikkenburg14.109 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Indiener heeft mogelijk een verouderde verbeelding geraadpleegd. De versie van de verbeelding op www.ruimtelijkeplannen.nl laat geen wit toegangspad richting de bestemming Bedrijf zien. Ook de Verbeelding, die bij het huidige voorstel hoort, kent geen ‘witte vlek’. De gemeente is van mening dat de huidige bestemming voldoet, omdat de voornaamste functie van dit laantje een verkeersfunctie betreft. De bestemming verplicht niet tot het verschaffen van toegang voor gemotoriseerd verkeer. Dat is nu niet toegestaan en er zijn ook geen plannen om dit toe te gaan staan. Het plan voorziet in een bestendiging van het gebruik van de gronden langs de Blikkenburgervaart door Geronimo. Daarom voldoet de bestemming Sport. Een andere bestemming zou niet in overeenstemming zijn met het beoogde gebruik van de gronden. Het zou ook niet logisch zijn om deze bestemming te wijzigen, nu het gebruik van deze gronden niet verandert. Indien de aanduiding parkeerterrein zou verdwijnen, zoals reclamant voorstelt, zouden de invalideparkeerplaatsen niet toegestaan zijn op deze plaats en zou de kynologenclub niet optimaal gebruik maken van hun faciliteiten.

Daarvoor is het gewenst om enkele auto’s dichtbij het trainingsveld te kunnen parkeren zodat een trainer, die meerdere honden bij zich heeft, deze om de beurt kan trainen en snel kan wisselen waarbij de andere hond tijdelijk plaats moet nemen in de auto. Zie verder de beantwoording van zienswijze 3.6.

18

13.

14.

15.

Artikelen 2.4 en 2.6 ondergrondse bebouwing Deze artikelen aanpassen opdat inhoud en oppervlakte van ondergrondse bebouwing kan worden gemeten. Artikel 4.1 Groen-beeldbepalend Niet alleen de groenvoorzieningen maar ook de waterpartijen behoren tot het gebied dat landschappelijke en cultuurhistorische waarden heeft. Door de voorgestelde redactie zijn de waterpartijen en watergangen uitgezonderd van deze waarden. Dat is niet juist vanwege de noodzaak de aanwezige kwaliteiten te beschermen en kan leiden tot schade. Fiets- en voetpaden toestaan in deze toch al zeer smalle stroken doet onevenredig afbreuk aan de waarde van deze stroken. Fiets- en voetpaden zijn blijkens de voorliggende voorstellen nergens voorzien en in elk geval niet wenselijk in deze stroken. Dit onderdeel kan worden weggelaten. Bij 4.3.1. moet ook het aanleggen en (half)verharden van paden en waterbergende of –infiltrerende voorzieningen aan een vergunning worden gebonden. Als deze activiteiten niet toetsbaar zijn, kan onevenredig afbreuk worden gedaan aan de te beschermen waarden. Bij de aanlegvergunning artikel 4.2.1 de onder c. opgenomen uitzondering voor de Bomenverordening schrappen. Want de Bomenverordening toetst de kap van bomen heel algemeen en soms anders dan in ecologische of cultuurhistorische structuren gewenst kan zijn. Bijvoorbeeld binnen 5 m van nieuwe paden mogen alle bomen worden gekapt.

Dat is in de smalle stroken in dit gebied geen goed punt. Daarom eigenstandige toetsing met locatiegerelateerde normen noodzakelijk. Groen Laanstructuur Slot veranderen in parkstructuur Stichtse Lustwarande. Gezien de monumentenaanwijzingingen ligt de functie van het groen breder. Geen parkeervoorzieningen toelaten in het groen. Parkeren is niet groen. Parkeren uitsluitend op de sportbestemming. Er horen in de minieme groenstrookjes ook geen licht- en andere masten en evenmin overige bouwwerken.

De zienswijze wordt gehonoreerd en heeft geleid tot het aanpassen van lid 2.4 en lid 2.6, zodat ook eventuele kelders meegerekend worden bij het bepalen van de inhoud van bouwwerken en uitstekende delen zowel neerwaarts als opwaarts geprojecteerd worden. De gemeente kan zich vinden in deze zienswijze. Lid 4.1 is aangepast en luidt als volgt De voor 'Groen - Beeldbepalend' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a) groenvoorzieningen met cultuurhistorische, landschappelijke en ecologische waarden; b) watergangen en waterpartijen met cultuurhistorische, landschappelijke en ecologische waarden; c) fiets- en voetpaden, in- en uitritten en andere ondergeschikte verhardingen; en d) het behoud van de laanstructuur van Slot Zeist, ter plaatse van de aanduiding 'landschapswaarden'. De gemeente volgt de reclamant niet in het weglaten van het onderdeel fiets- en voetpaden. Het is uiteraard niet de bedoeling om een fietspad over de lengte van een groenstrook aan te leggen en daarvoor alle bomen in de groenstrook te kappen. Dit zou in strijd zijn met de visie op het plangebied en het zou afbreuk doen aan de te beschermen waarden en daarmee zou die ontwikkeling dan in strijd zijn met lid 4.1 waarin wordt vastgelegd dat deze gronden bestemd zijn voor de cultuurhistorische, landschappelijke en ecologische waarden. De vrees van reclamant is dus ongegrond.

Bovendien moet het aanleggen van een waterbergende of infiltrerende voorziening ook voldoen aan de natuurwetgeving, zodat niet zomaar de sloten kunnen worden verbreed.

In genoemd artikel is inderdaad opgenomen, dat de laanstructuur van Slot Zeist beschermd wordt. Deze aanduiding ligt uitsluitend over het Filosofenlaantje en een stukje Blikkenburgerlaan (grenzend aan en haaks op het Filosofenlaantje). Deze lanen hebben een veel directere relatie met het Slot Zeist dan met de Stichtse Lustwarande. De omschrijving wordt niet gewijzigd. Met de aanpassing van de verbeelding (zie beantwoording 3.6) wordt parkeren alleen toegestaan binnen bestemming Sport en niet binnen bestemming Groen-beeldbepalend. In zoverre is deze zienswijze gegrond. Op grond van zienswijze 3.6 is het plan aangepast.

19

16.

17.

Sport In artikel 5.1 de bestemming horeca 1 maximeren op 200 m2 zoals de bedoeling is. Dit voorkomt wildgroei van horeca ten koste van ruimte voor de sport en sluit aan op de parkeernorm die voor horeca wezenlijk anders is dan voor sport. Anders zijn honderden vierkante meters horeca mogelijk met gevolgen voor het parkeren. Bouwhoogte masten Ooit sprak de Raad van State uit dat 10 meter maximaal was in dit plangebied. Dat is bij de ‘koude omzetting’ naar het bestemmingsplan Centrum niet goed overgenomen. Wij stellen voor de hoogte te beperken tot 10 m. Dit is van belang i.v.m.de lichtuitstraling. In 5.2.1. geen lichtreclame tekens toestaan. Naar onze mening moeten reclame-uitingen worden beperkt tot uitingen gericht op bezoekers aan sportactiviteiten op het terrein zelf. Dus niet een hele rij reclameborden langs de Blikkenburgerlaan bijvoorbeeld op het kynologenterrrein. Gebouwen niet buiten het bouwvlak, met uitzondering van dugouts. De tekst van artikel 5.2.2.c. staat onbeperkt bouwwerken toe buiten het bouwvlak. Lid d. vult dit nog eens aan met 100 m2 extra. Teneinde rommeligheid te voorkomen moeten hoofdgebouw en bijgebouwen aaneen in één bouwvlak m.u.v. dugouts. Bergingen e.d. dienen binnen het hoofdgebouw te worden gerealiseerd. Dat is steeds aangegeven als planopzet. Anders verrommelt het gebied compleet net zoals nu met containers e.d. Iedereen gaat dan wat neerzetten.

Er wordt nu een groot gebouw mogelijk gemaakt. Dan daarin ook alles concentreren.

Zie hiervoor de beantwoording van zienswijze 3.7. De bestemming horeca van categorie 1 wordt gemaximeerd op 275 m2.

In het moederplan is een maximale bouwhoogte van 18 meter voor lichtmasten toegestaan. Deze regeling is overgenomen in onderhavig plan. Wanneer lagere masten mogelijk zijn, worden die toegepast. Zie hiervoor onderstaande toelichting. De hoogte van een lichtmast bepaalt mede de mate van lichtuitstraling naar de omgeving. Hoe hoger de lichtmast hoe vlakker (meer horizontaal) het armatuur naar beneden gericht zal zijn. Door de vlakkere stand van het armatuur straalt deze minder uit naar de omgeving. Door het gebruik van LED-armaturen is het licht nog beter te richten naar die delen die daadwerkelijk verlicht dienen te worden. Een conventioneel armatuur bestaat uit 1 lichtbron, een LED-armatuur bestaat uit meerdere afzonderlijke lichtunits die onafhankelijk van elkaar gericht kunnen worden. Hiermee kan bijvoorbeeld de lichtintensiteit achter de mast, buiten het veld, worden geminimaliseerd. Hoe breder het sportveld is, hoe efficiënter een hoger lichtmast zal zijn. Om deze reden worden rond voetbalvelden, breedte circa 72 m, veelal 15 meter hoge lichtmasten geplaatst en rond korfbalvelden, breedte 44 meter, meestal 10 meter hoge masten. Bij het gebruik van lagere masten langs voetbalvelden zijn veelal meer masten nodig dan in het geval van hogere masten en zou de ongewenste lichtuitstraling naar gronden naast het veld juist toenemen.

Daarnaast zijn er de eisen van de betreffende sportbond aan het aantal lux op een sportveld. Als de betreffende verlichting hier niet aan voldoet is het veld niet geschikt voor de betreffende functie en gebruiker. Dat zou in strijd zijn met de uitgangspunten van het Masterplan. Hierom wordt de zienswijze niet gehonoreerd. Er zijn geen lichtreclame uitingen toegestaan, in welke vorm en voor welke doelgroep dan ook, zie het bepaalde onder 5.2.2. Ten aanzien van lid 5.2.2. c plus d. het volgende: er mag maximaal één keer (per hoofdgebouw) één bijgebouw buiten het bouwvlak van maximaal 100 m2 worden gerealiseerd. Daarnaast is er de mogelijkheid voor de bouw van twee dug-outs per veld.

18.

Artikel 5.2.3 Sloopverplichting Duidelijk verwoorden dat alle gebouwen en bouwwerken e.d. moeten worden verwijderd.

Naar mening van de gemeente is het genoemde artikel voldoende duidelijk. Reclamant vraagt om verplicht te stellen, dat alle gebouwen en bouwwerken moeten worden verwijderd. Dat is echter niet

20

volledig in overeenstemming met de strekking van deze voorwaardelijk verplichting. Het gaat hier specifiek om de genoemde bebouwing die dient te verdwijnen nadat de gebruikers hun intrek hebben genomen in het nieuwe paviljoen. Bestaande hekwerken, verwijsborden en bijvoorbeeld het trafohuisjes worden niet gesloopt. Desalniettemin is lid 5.2.3. zodanig aangepast, dat het oude clubgebouw en het gebouw van Blik & Burgers met bijhorende overige gebouwen, bouwwerken en verhardingen gesloopt moeten worden voor ingebruikname van het nieuwe gebouw. Met deze aanpassing is geregeld dat ook de verharding rondom Blik & Burgers verwijderd wordt: “Het gebruik van het nieuwe hoofdgebouw, dat gerealiseerd kan worden op grond van artikel 5.1 en 5.2, is uitsluitend toegestaan indien het oude clubgebouw en het gebouw van Blik & Burgers met de bij deze twee gebouwen behorende overige gebouwen, bouwwerken en verhardingen, binnen 6 maanden na ingebruikname van het nieuwe gebouw, geheel gesloopt en afgevoerd is.” 19.

Artikel 5.2.4 Voorwaardelijke verplichting groen Één-op-één compensatie van bomen: deze voorwaarde vraagt nog wat precisering zodat de nieuwe bomen waar van toepassing bijdragen aan de groene kamers en niet op een andere plaats worden gecompenseerd. Dit in deze bepaling opnemen. De afscherming van het parkeren vindt de indiener te vaag. De aanleg binden aan een vergunning met verplichting inrichtingsplan.

De regel maakt duidelijk, dat gekapte bomen gecompenseerd moeten worden binnen het plangebied. De compensatie moet altijd gebeuren met in acht name van de cultuurhistorische dubbelbestemming, zodat uitsluitend compensatie is toegestaan wanneer dit bijdraagt aan de cultuurhistorisch waardevolle structuren of daar tenminste geen afbreuk aan doet. Op deze wijze voorzien de Regels reeds in hetgeen reclamant wenst en hiervoor. Er is derhalve geen separate bepaling noodzakelijk. De gemeente volgt reclamant in de opmerking over de afscherming van het parkeren. Hiertoe is inmiddels een inrichtingsplan opgesteld dat is opgenomen in Bijlage 1 van de regels.

20.

Artikel 5.2.5 Nadere eisen Nadere eisen moeten ook gesteld kunnen worden aan gebouwen en bouwwerken binnen bouwvlakken. Dit gezien de waarden van dit gebied en de bouw deels in de groene structuren die de kamers vormen. De nadere eisen uitbreiden tot aan de uitstraling van verlichting te stellen eisen.

Hoewel er reeds een uitgebreide afweging is gemaakt (en beschreven in Toelichting en visie) over de locatie van het beoogde hoofdgebouw, kunnen wij reclamant volgen in deze wens en worden de woorden “buiten het bouwvlak” geschrapt uit artikel 5.2.5 (inmiddels lid 5.2.4). Ten overvloede zij opgemerkt, dat de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit heeft gewezen op de wenselijkheid om de verschillende gebouwen van de aangrenzende sportparken te presenteren als ‘een familie van gebouwen’. Het betreft dan het nieuwe hoofdgebouw, dat met voorliggend plan wordt voorzien, het nieuwe, gedeelde clubgebouw voor FZO en Patria en de mogelijke nieuwbouw voor Jonathan. Ook op deze wijze wordt gewerkt aan een verdere verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van het gebied.

21

21.

22.

23.

24.

Artikel 5.3.1. (Voorwaardelijke verplichting) watercompensatie De eisen gericht op voorkomen van uitspoeling van kunststoffen naar water en bodems in de omgeving moeten in de planregels worden opgenomen als voorwaardelijke verplichting. Anders is onduidelijk hoe deze verplichting handhaafbaar wordt gerealiseerd. De Watercompensatie moet niet binnen het plangebied in de bestemming sport en recreatie plaatsvinden. Dus niet worden gerealiseerd ten koste van Groen-Beeldbepalend. De indiener vindt optie 2 uit de Watertoets voor de cultuurhistorie en de natuur niet aanvaardbaar gezien de hoeveelheid opgaand groen die verloren door de aanleg en in stand houding van verbreden sloten en het verruimen van taluds. Dit zal ten koste gaan van vliegroute voor vleermuizen. Het bestemmingsplan mag alleen worden vastgesteld als duidelijk is dat de watercompensatie binnen de bestemming sport wordt gerealiseerd en niet ten koste van bestaande struwelen en monumentale laanbomenstructuren. Artikel 6 Verkeer Deze bestemmingsomschrijving vindt de indiener geheel niet passend voor het rijksmonument Filosofenlaantje. Beperken tot wandelverbinding en ontsluitingsfunctie van voorzieningen te voet en onderhoud. De bestemming Sport en Recreatie biedt hiervoor voldoende ruimte. Artikel 7 Water Hieraan ook een natuurbescherming verbinden.

Zie bestemmingsplan Buitengebied waar de dubbelbestemming ecologie is gegeven aan de Blikkenburgervaart. Dit ter bescherming van de ecologische kwaliteiten (o.a. watervleermuis en verbindende functie) en potenties. Artikelen 8 en 9 Waarde Cultuurhistorie 1 en 2 Erfscheidingen en borden niet uitzonderen van vergunningplicht omdat vormgeving van belang is voor de uitstraling van het gebied. In artikelen 8.2.1 en 9.2.1 moeten de woorden “zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning” worden geschrapt. Want de artikelen 8.3 en 9.3 regelen het afwijken van dit verbod. Dit op twee plaatsen vermelden geeft verwarring of op de ene plek iets anders wordt bedoeld dan op de andere plek.

Zie hiervoor de beantwoording van zienswijze 2.7.

Zie hiervoor de beantwoording van zienswijze 3.12

De gemeente ziet geen aanleiding om aan de bestemming Water natuurbescherming te verbinden. Anders dan de bedoelde wateren in het bestemmingsplan Buitengebied grenst het water in voorliggend plangebied niet direct aan een groter natuurgebied. De watergangen zijn verbonden met de waterpartijen rondom Slot Zeist, die dezelfde bestemming kennen als nu voor het water in dit plangebied wordt voorgesteld. Het toekennen van een functie natuurbescherming heeft geen duidelijke toegevoegde waarde. Waar gronden niet anders worden ingericht dan in de bestaande situatie het geval is, handhaven wij zoveel mogelijk het bestaande planologische regime. Dit betekent dat de zienswijze niet tot aanpassing van genoemde artikelen leidt.

22

25.

26.

1. 2. 3. 4. 5. 6.

In artikel 9.3.a moet ook worden verwezen naar de aanwijzing tot gemeentelijk monument. Zie bijlage. Anders krijg je verwarring bij de toetsing. Bij de aanlegvergunning in artikel 8.4.2 en 9.4.1 de onder c. opgenomen uitzondering voor de Bomenverordening schrappen. Want de Bomenverordening toetst de kap van bomen heel algemeen en soms anders dan in ecologische of cultuurhistorische structuren gewenst kan zijn. Bijvoorbeeld binnen 5 m van nieuwe paden mogen alle bomen worden gekapt. Dat is in de smalle stroken in dit gebied geen goed beleid. Artikel 11 Algemene regels In artikel 11 een bepaling opnemen dat alleen geschikte vleermuisverlichting mag worden toegepast in de bestemmingen in het plangebied. Zie de notitie Effecten op soorten en de lichtnotitie. Verder opnemen dat geen ingrepen in het groen mogen plaatsvinden langs de Blikkenburgerlaan. Zoals ook verwoord in de Soortennotitie. Daarom past hier ook geen parkeerplaats en ook geen watercompensatie. Artikel 14 In dit gebied is het niet reëel om een telecommunicatiemast van 40 m op te richten. Artikel 14.c moet worden geschrapt.

Zie hiervoor de beantwoording van zienswijze 3.14

Zie hiervoor de beantwoording van zienswijze 2.5. Bij het toepassen van verlichting dient te worden voldaan aan het bepaalde uit de Wnb. Immers, beschermde soorten mogen niet worden verstoord. De gemeente is het met reclamant eens, dat de parkeervoorziening niet binnen de bestemming GroenBeeldbepalend dient te worden gerealiseerd. Dat wordt ook niet mogelijk gemaakt met voorliggend plan. Zowel de parkeervoorziening als de watercompensatie in de vorm van een wadi wordt voorzien binnen de bestemming Sport, zodat de groenzone langs de Blikkenburgerlaan zo veel mogelijk onaangetast blijft. Artikel 14 betreft een afwijkingsbevoegdheid. Zoals altijd kan slechts gebruik worden gemaakt van een dergelijke bevoegdheid wanneer de gemeente ‘in redelijkheid’ concludeert dat de voordelen van het bouwplan dienen te prevaleren boven de nadelen ervan. Gemeente volgt reclamant in de aanname, dat bijna altijd een geschiktere locatie kan worden gevonden voor een zo hoge telecommunicatiemast, zodat het niet voor de hand ligt dat snel gebruik gemaakt zal (moeten) worden van deze bevoegdheid. Echter, in een voorkomend geval dat de dekking voor essentiële telecommunicatie in het geding is en daar op geen enkele andere manier in kan worden voorzien dan op deze locatie, is het wenselijk dat deze optie open staat voor de gemeente.

Daarbij zij opgemerkt, dat in het uitzonderlijke geval dat de gemeente gebruik zou maken van deze bevoegdheid, de beslissing open staat voor bezwaar en beroep, zodat reclamant zich dan alsnog kan verzetten tegen de dan gemaakte afweging.

CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan. De verbeelding is aangepast met het verwijderen van de parkeeraanduiding uit de bestemming Groen-Beeldbepalend ter hoogte van de kynologenclub.

23

7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17 18. 19. 20. 21. 22. 23. 24. 25. 26.

Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan. In de regels is een beperking opgenomen ten aanzien van het maximaal netto inpandig horecavloeroppervlakte (gebruiksregels 5.3.1 en 5.3.2). Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan. Het inrichtingsplan voor de zuidelijke parkeervoorziening is als Bijlage 1 van de regels toegevoegd, gekoppeld aan de voorwaardelijke verplichting Groen (lid 5.3.4). Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan. Lid 2.4 en lid 2.6 zijn zodanig aangepast, dat ook eventuele kelders meegerekend worden bij het bepalen van de inhoud van een bouwwerk en uitstekende delen zowel neerwaarts als opwaarts geprojecteerd worden. Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan. Lid 4.1 onder b is aangepast met cultuurhistorische, landschappelijke en ecologische waarden. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan. Lid 5.2.3 is zodanig aangepast, dat verharding rondom te slopen gebouwen verwijderd moet zijn voor ingebruikname van het nieuwe paviljoen. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van het bestemmingsplan. Uit de nadere eisen in lid 5.2.4. is ‘buiten bouwvlakken’ geschrapt, zodat B&W nadere eisen kan stellen t.a.v. de stedenbouwkundige, landschappelijke inpassing en ligging van gebouwen en bouwwerken binnen het gehele plangebied. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Inspraakreactie indiener 4 VERKORTE WEERGAVE REACTIE 1. Verkeersbeleid Indiener merkt op dat het verkeersbeleid geen deel uitmaakt van de wijziging van het bestemmingsplan zoals die nu voor ligt. E.e.a. zou terugkomen in een ‘visie-traject’. Indiener betreurt het dat beide trajecten niet parallel lopen en verwijst naar de verschillende vooroverlegreactie op

REACTIE VAN GEMEENTE De gemeente deelt de wens van reclamant om tot een gezamenlijk gedragen verkeersbeleid te komen voor het grotere gebied waar dit bestemmingsplan binnen valt. De omgeving zal hier, zoals gebruikelijk, actief bij betrokken worden. Verkeersbeleid wordt echter normaliter niet vastgelegd in een bestemmingsplan. Zoals eerder in deze nota betoogd, is het wenselijk om snel te kunnen reageren op feitelijke

24

dit punt (bijlage 9 van het bestemmingsplan). Indiener informeert naar de mogelijkheden voor inspraak op dit visietraject en verkeersbeleid. Wordt de omgeving actief benaderd? 2. Parkeren / zoekverkeer Indiener geeft aan zorgen te hebben over het aantal verkeersbewegingen tussen parkeren Noord (Zinzendorflaan) en parkeren Zuid (Blikkenburgerlaan). Indiener is voorstander van afsluiting van de Blikkenburgerlaan en ziet mogelijkheden om dit realiseren direct na de entree voor de hondenclub en ter hoogte van de inrit Parking Zuid. Gezien het beperkte aantal aanwonenden, lijkt dit relatief eenvoudig te realiseren. De opmerking van de Veiligheidsregio in de Nota van inspraak en vooroverleg houdt volgens indiener hiermee verband.. De verkeersbewegingen, het verkeersbeleid en de ontsluiting/bereikbaarheid zijn volgens indiener dan ook onderwerpen die eerder in het traject zouden kunnen worden meegenomen. Indiener is bereid om samen met de gemeente en de veiligheidsregio te kijken hoe de verkeersbewegingen in het gebied beter gereguleerd kunnen worden teneinde verkeersveiligheid en rust voor de natuur te kunnen bewerkstelligen. CONCLUSIE 1. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen in het bestemmingsplan 2. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen in het bestemmingsplan Inspraakreactie indiener 5 VERKORTE WEERGAVE REACTIE 1.

Planproces Indiener geeft aan als omwonende belanghebbende te zijn, maar niet eerder als zodanig gekend is in dit traject.

verkeersontwikkelingen en die snelheid is niet gediend bij verankering van nog niet aan de praktijk getoetste maatregelen in een bestemmingsplan.

De gemeente deelt de mening van reclamant, dat zoekverkeer ongewenst is en zo veel mogelijk voorkomen dient te worden. Voor de verdere beantwoording van de zienswijze inzake het voorkomen van zoekverkeer, verwijzen wij naar de beantwoording van zienswijze 1.5. De afsluiting van de Blikkenburgerlaan is één van de maatregelen, die door de gemeente overwogen zal worden. De reactie van de Veiligheidsregio ziet met name op toegankelijkheid voor hulpdiensten en bereikbaarheid van bluswatervoorzieningen. De gemeente zal daar steeds zorg voor dragen, maar het bestemmingsplan is niet bedoeld voor de borging van deze onderdelen. Hoewel deze onderdelen los staan van hetgeen geregeld wordt in een bestemmingsplan, is de gemeente bereid in overleg te treden met omwonenden om de bereikbaarheid te optimaliseren en overlast te beperken.

REACTIE VAN GEMEENTE Het planvormingsproces is in 2017 in gang gezet met de vaststelling van het Masterplan Sport. Met onderhavig plan wordt invulling gegeven aan het Raadsbesluit met betrekking tot dit Masterplan. Bij het proces van totstandkoming van de visie op het sportpark, zijn verschillende omwonenden en overige belanghebbenden geconsulteerd en betrokken geweest. Indiener is een nieuwe bewoner in de omgeving. Ten tijde van het voortraject was het de gemeente nog niet bekend, dat reclamant belanghebbende zou gaan worden bij dit plan en daarom is hij destijds niet betrokken. Desalniettemin heeft indiener wel gebruik gemaakt van de wettelijke mogelijkheid een zienswijze in te dienen, zodat zijn mening, gelukkig, betrokken kan worden bij de besluitvorming.

25

2.

3

Landschappelijke inpassing parkeerplaats Blikkenburgerlaan Indien de adviezen van de verkeersdeskundigen uitgevoerd worden, heeft indiener geen problemen met deze parkeervoorziening. Het cultuurhistorische gebied tussen de Blikkenburgerlaan en de Tiendweg dient afgeschermd te worden middels groene hagen. Indiener verzoekt om het advies m.b.t. inrichting van het plan (grastegels en tussenhagen) op te volgen, om zo geen straatraces, driftsessies etc. te krijgen.

Toegankelijkheid parkeerterrein Het parkeerterrein bij de Blikkenburgerlaan dient op bepaalde tijden afgesloten te worden om onwenselijk gebruik tegen te gaan. Er wordt genoemd dat een beheerder het dient af te sluiten, naar het idee van de indiener zou dit op afstand met een automatische in-/ uitschakeling dienen te gebeuren. Na bepaalde tijd alleen uitrijden en niet meer inrijden. Daarmee wordt een juist gebruik gewaarborgd. Het is ondoenlijk om deze taak bij een beheerder neer te leggen, kost vele malen meer dan automatisch inregelen.

De parkeervoorziening langs de zuidelijke Blikkenburglaan, wordt landschappelijk ingepast. Binnen bestemming Sport is een voorwaardelijke verplichting opgenomen die bepaalt dat de parkeervoorziening alleen in gebruik genomen mag worden, in geval van de aanleg in instandhouding van afschermende beplanting. Hiermee wordt geborgd, dat de auto’s geen visuele hinder opleveren voor de gebruikers van het sportpark. Reclamant echter heeft vanuit zijn (toekomstige) woning vanuit zuidelijke richting zicht op het beoogde parkeerterrein. Aan deze kant bestaat reeds een robuuste groenvoorziening, die het zicht op het beoogde parkeerterrein afschermt. Deze groene afscheiding wordt echter verdicht, conform de in bijlage 1 van de regels opgenomen landschappelijke inpassing, zodat het zicht op het beoogde parkeerterrein vanaf deze zijde zoveel mogelijk belemmerd wordt. De gemeente dankt reclamant voor het meedenken over deze problematiek en de aangedragen suggesties. Zijn mening, dat ongewenste (sociaal onveilige) situaties voorkomen dienen te worden, wordt gedeeld door de gemeente en de gemeente overweegt daartoe o.a. of de beoogde parkeervoorziening op bepaalde tijden gesloten dient te zijn en zo ja, op welke wijze dit effectief geborgd kan worden. Deze zaken wil de gemeente voor realisatie ook bespreken met de omwonenden en overige belanghebbenden.

Echter, het bestemmingsplan is niet de juiste plaats om dergelijke beheerszaken te regelen. Wij vragen dan ook nog enig geduld van reclamant totdat deze plannen zover uitgewerkt zijn.

CONCLUSIE 1. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 2. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 3. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Inspraakreactie indiener 6 Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden VERKORTE WEERGAVE REACTIE 1. Verwerking vooroverleg reacties In het voortraject is intensief contact geweest met het waterschap om de wateraspecten op een goede manier in het plan te verwerken, waarna gereageerd is op het plan tijdens het wettelijk vooroverleg. Die opmerkingen

REACTIE VAN GEMEENTE De gemeente dankt reclamant voor deze reactie en is blij te vernemen dat de vooroverlegreacties op de juiste wijze verwerkt zijn.

26

zijn naar tevredenheid verwerkt. Daarom ziet indiener geen reden om gebruik te maken van de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen. CONCLUSIE 1. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen in het bestemmingsplan Inspraakreactie indiener 7 Provincie Utrecht VERKORTE WEERGAVE REACTIE 1. Algemeen Hoewel de opmerkingen van de provincie op het ontwerpbestemmingsplan betrekking hebben op onderdelen die aangemerkt zijn als provinciaal belang, geven deze in dit specifieke geval geen aanleiding genoeg om Gedeputeerde Staten voor te stellen zienswijzen in te dienen. Wel verzoekt de provincie de gemeente tegemoet te komen aan de geplaatste opmerkingen. 2. Ladder voor duurzame verstedelijking In het kader van het voorontwerp van dit bestemmingsplan heeft de provincie opmerkingen geplaatst, omdat sprake is van mogelijke strijdigheid met het provinciaal ruimtelijk beleid, zoals geborgd in de Omgevingsvisie Provincie Utrecht en geborgd in de bijbehorende Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht.

REACTIE VAN GEMEENTE Hoewel de provincie verzoekt de reactie niet als zienswijze te kenmerken, waardeert de gemeente de ambtelijke reactie en is deze derhalve opgenomen in onderhavige nota.

In paragraaf 3.1.4. wordt aandacht besteed aan de wijze waarop invulling gegeven wordt aan de Instructieregel kernrandzone (artikel 9.8 uit de Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht), waarmee wordt voldaan aan de ladder voor duurzame verstedelijking.

De provincie deelt de ambities van gemeente Zeist om het sportpark Blikkenburg een opener en multifunctioneel karakter te geven. Het clusteren van de verspreide bebouwing en daardoor mogelijk maken van een gezamenlijk gebruik van voorzieningen is een goede ingreep. De provincie geeft aan dat een onderbouwing in het kader van de Ladder voor Duurzame verstedelijking niet voldoet als onderbouwing van verstedelijking in het landelijk gebied in relatie tot de Interim Omgevingsverordening. Omdat het hoofdzakelijk kernrandactiviteiten betreft, is zij er echter wel van overtuigd dat de ontwikkeling qua verstedelijking, past binnen de gestelde provinciale kaders.

27

3.

4.

5.

Ontwikkeling binnen NNN De provincie waardeert het dat de gemeente de NNN-begrenzing op correcte wijze in het plan heeft verwerkt. Wel merkt zij op dat binnen deze begrenzing een aanduiding ‘parkeerterrein’ is opgenomen. De aanleg van een parkeerterrein binnen het NNN is niet getoetst op een mogelijke aantasting van het NNN. De provincie verzoekt de gemeente dan ook om, conform de bestemmingsplantoelichting, ervoor te zorgen dat geen ontwikkelingen in het NNN plaatsvinden en het parkeerterrein buiten het NNN te positioneren. Natuurbestemming NNN De provincie betreurt het dat aan de gronden binnen het NNN geen natuurbestemming, met bijbehorend beschermingsregime, wordt toegekend. De provincie verzoekt om dit alsnog te verzorgen. Visie Sportpark Blikkenburg West De provincie waardeert het dat de gemeente de bijlage ‘Visie sportpark Blikkenburg-West’ heeft toegevoegd ter verduidelijking van de landschappelijke - en cultuurhistorische inpassing. Dit biedt de provincie een helder beeld van de beoogde omgang met de aanwezige waarden. De door de provincie benoemde kansen kunnen in de komende plannen voor de inrichting van het terrein concreet gestalte gaan krijgen.

De provincie stelt het op prijs om ambtelijk meegenomen te worden in de planuitwerking die volgt, om zo ook mee te kunnen denken hoe de kansen kunnen worden benut en de aanwezige waarden optimaal ingepast en beleefbaar gemaakt kunnen worden.

Op dit punt heeft ambtelijk overleg plaatsgevonden tussen gemeente en provincie. De parkeervoorziening wordt dermate geherpositioneerd, dat deze buiten de begrenzing van de NNN komt te liggen.

Aan deze gronden is, conform de vigerende bestemmingsplannen, de bestemming Natuur-beeldbepalend toegekend met een passend omgevingsvergunningstelsel. Vanuit dit vergunningstelsel gaat eenzelfde beschermende functie ten aanzien van natuurwaarden uit als van een bestemming natuur.

De gemeente waardeert het aanbod van de provincie om mee te willen denken in de verdere planuitwerking. Hiertoe zullen wij ambtelijk in overleg treden met de provincie.

CONCLUSIE 1. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen in het bestemmingsplan. 2. Deze zienswijze leidt wel tot aanpassingen in het bestemmingsplan. Paragraaf 3.1.4 Ladder voor duurzame verstedelijking is aangepast o.g.v. de Instructieregel kernrandzone. 3. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen in het bestemmingsplan. 4. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen in het bestemmingsplan. 5. Deze zienswijze leidt niet tot aanpassingen in het bestemmingsplan.

28

3. NOTA VAN WIJZIGING Gedurende de gehele voorbereiding op het bestemmingsplan “Sportpark Blikkenburg” is gestreefd naar optimale transparantie en naar samenspraak met de vele belanghebbenden bij dit plan. De gemeente heeft daartoe vroegtijdig een veelvuldig overleg gevoerd met omwonenden, mogelijke toekomstige gebruikers, belangengroepen, et cetera. Daarbij was en is expliciet het streven om niet slechts de plannen van de gemeente te verdedigen. Het streven is naar een samenwerking met alle belanghebbenden, die leidt tot een kwalitatief beter plan en tot een vergroting van het draagvlak voor het plan. Om die reden is in het voortraject het plan al veelvuldig aangepast aan wensen van belanghebbenden en is ook bij de behandeling van deze zienswijzen gestreefd naar integratie van de zienswijzen. Dit heeft geleid tot de volgende aanpassing van het bestemmingsplan. Wijzigingen bestemmingsplan naar aanleiding van zienswijzen Regels • In de regels zijn specifieke gebruiksregels toegevoegd (lid 5.3.1 en 5.3.2). Hierin is een beperking opgenomen ten aanzien van het maximaal netto inpandig horecavloeroppervlakte; • De definitie van ‘netto inpandig horecavloeroppervlakte’ is toegevoegd aan artikel 1 van de regels (lid 1.24) • De definitie van ‘horeca van categorie 1’ is aangepast met de toevoeging van het verstrekken van diners.

In hoofdstuk 5 van de toelichting wordt dit nader toegelicht. • Lid 2.4 en lid 2.6 zijn zodanig aangepast, dat ook eventuele kelders meegerekend worden bij het bepalen van de inhoud van een bouwwerk en uitstekende delen zowel neerwaarts als opwaarts geprojecteerd worden; • Lid 4.1 onder b is aangepast met cultuurhistorische, landschappelijke en ecologische waarden; • Lid 5.2.3 is zodanig aangepast, dat verharding rondom te slopen gebouwen verwijderd moet zijn voor ingebruikname van het nieuwe paviljoen. • Uit de nadere eisen in lid 5.2.4. is ‘buiten bouwvlakken’ geschrapt, zodat B&W nadere eisen kan stellen t.a.v. de stedenbouwkundige, landschappelijke inpassing en ligging van gebouwen en bouwwerken binnen het gehele plangebied. Bijlage bij de regels • Het inrichtingsplan voor de zuidelijke parkeervoorziening is als Bijlage 1 van de regels toegevoegd, gekoppeld aan de voorwaardelijke verplichting Groen (lid 5.3.4); Verbeelding • De verbeelding is aangepast met het verwijderen van de parkeeraanduiding uit de bestemming Groen-Beeldbepalend ter hoogte van de Kynologenclub. Toelichting • Het aanvullend bodemonderzoek (d.d.

26 november 2021) is als bijlage 5 bij de toelichting gevoegd, conclusies zijn opgenomen in paragraaf 4.4; • In hoofdstuk 5 van de toelichting (lid 5.3.2) wordt toegelicht wat wordt verstaan onder ‘horeca van categorie 1’: de nadruk ligt hierin op het uitsluiten van “feesten en partijen, die niet gerelateerd zijn aan de sport en recreatieactiviteiten die primair plaatsvinden op het sportpark en die pas starten of voortduren (tot) in de (late) avonduren […]”; • Paragraaf 3.1.4 ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ is aangepast op grond van de Instructieregel kernrandzone. • Paragraaf 4.6.2 is aangepast met een toelichting van het effect op de parkeervraag als gevolg van het geoptimaliseerde netto inpandig horecavloeroppervlakte. Bijlagen bij de toelichting • Bodemrapportage toegevoegd als bijlage 5.

29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11006155/1