24RV066 Bijlage 2 Advies Commissie bezwaarschriften
Tekst van het document
ADVIES VAN DE ADVIESCOMMISSIE BEZWAARSCHRIFTEN
A AN DE GEMEENTERAAD
ONDERWERP: BEZWAAR TEGEN RAADSBESLUIT PLAN VAN AANPAK IMPLEMENTATIE OMGEVINGSWET. ONS KENMERK: BZ.1.24.0036.001
Aan de Adviescommissie bezwaarschriften is verzocht om advies uit te brengen over de bezwaren, gericht tegen het besluit van 26 maart 2024 waarbij de raad heeft ingestemd met het vaststellen van • het plan van aanpak Implementatie Omgevingswet 2024-2032, het (deel)plan van aanpak voor de Omgevingsvisie Zeist 2025, het (deel)plan voor het definitieve Omgevingsplan, het (deel)plan van aanpak voor het Handvat Participatie voor inwoners en initiatiefnemers, en • de inventarisatie van beleid in de fysieke leefomgeving, als bijlage op te nemen bij de Eerste Zeister Omgevingsvisie. De Adviescommissie bezwaarschriften (de commissie) bestaat uit een voorzitter en twee leden die allen niet werkzaam zijn bij de gemeente Zeist. Dit is een commissie, als bedoeld in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De commissieleden zijn: • mevrouw mr. M. Dirkzwager, voorzitter • mevrouw mr. F. Khealiram, lid • de heer mr. N. Knol, lid, Als ambtelijk secretaris is bij deze zaak betrokken: de heer mr. R. Snijder, jurist bestuursrecht, werkzaam bij het team juridische zaken van de gemeente Zeist.
Op grond van het Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Zeist houdende regels omtrent delegatie Algemeen delegatiebesluit Zeist 2024-2027 is het verrichten van handelingen en activiteiten ter voorbereiding van door de raad te nemen besluiten op bezwaarschriften in het kader van artikel 7:10 van de Algemene wet bestuursrecht gedelegeerd aan het college. Advies De commissie adviseert u het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren. Voorgeschiedenis • Op 26 maart 2024 heeft uw raad het raadsvoorstel Plan van aanpak implementatie Omgevingswet 20242032 vastgesteld met daarbij verschillende bijlagen: het (deel)plan van aanpak voor de Omgevingsvisie Zeist 2025, het (deel)plan voor het definitieve Omgevingsplan, het (deel)plan van aanpak voor het Handvat Participatie voor inwoners en initiatiefnemers. Ook heeft de raad de inventarisatie van beleid in de fysieke leefomgeving, als bijlage op te nemen bij de Eerste Zeister Omgevingsvisie, vastgesteld. • Hiertegen zijn door de heer Visscher, namens de Stichting Beter Zeist, P.C. Hooftlaan 31 te Zeist bezwaren ingediend, bij brief van 6 mei 2024, ontvangen op 6 mei 2024. In de brief staat dat het bezwaar ook als klacht opgevat moet worden. • De ontvangst van de bezwaren is bevestigd per brief van 28 mei 2024.
In deze brief staat aangegeven dat naar voorlopig oordeel bezwaren zijn ingediend tegen een besluit waartegen op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geen bezwaar gemaakt kan worden. Daarom is er (nog) niet aan alle formele vereisten voldaan voor het inhoudelijk in behandeling nemen van het bezwaarschrift. Bezwaarmaker is in de gelegenheid gesteld hierop te reageren tot 10 juni 2024. • Bezwaarmaker heeft hierop gereageerd per brief van 7 juni 2024. In deze brief staat aangegeven waarom bezwaarmaker van mening is dat het besluit waartegen bezwaar is gemaakt wel appellabel is.
Austerlitz ▪ Bosch en Duin ▪ Den Dolder ▪ Huis ter Heide ▪ Zeist
pagina 2 van 5
• Op 25 juni 2024 heeft mevrouw mr. J. van den Berg, als jurist werkzaam bij het team Juridische zaken van de gemeente, telefonisch contact gezocht met bezwaarmaker over de brief van 7 juni 2024. Per mailbericht, verzonden op eveneens 25 juni 2024, is dit telefoongesprek bevestigd. Aangezien bezwaarmaker van mening blijft dat bezwaar is gemaakt tegen een appellabel besluit is afgesproken dat bezwaarmaker een juridisch inhoudelijke reactie krijgt op zijn brief van 7 juni 2024 van een andere jurist werkzaam bij het team Juridische zaken van de gemeente, waarna bezwaarmaker aangeeft of hij het bezwaarschrift wil doorzetten of intrekken. Ook is de mogelijkheid besproken om de zaak verder te laten behandelen als klacht in plaats van de verdere behandeling van het bezwaarschrift. • Op 27 juni 2024 heeft mevrouw mr. M. Jue, jurist, eveneens werkzaam bij het team Juridische zaken van de gemeente, per mailbericht bezwaarmaker voorzien van een inhoudelijke reactie zoals hierboven genoemd. Uitgelegd is nogmaals waarom het besluit waartegen bezwaar is gemaakt op grond van de Awb niet appellabel is en dat bezwaar maken tegen het besluit niet mogelijk is. • Bezwaarmaker heeft op 11 juli 2024 hierop schriftelijk gereageerd en aangegeven waarom hij het niet eens is met de inhoud van bovengenoemd bericht.
Ook heeft hij aangegeven dat bezwaarmaker op dit moment niet bereid is het bezwaar in te trekken en over te gaan naar de klachtenprocedure zoals eerder voorgesteld. Bezwaarmaker geeft wel aan dat een nadere reactie mogelijk kan leiden tot het innemen van een ander standpunt. • Per mailbericht van 16 juli 2024 heeft mevrouw Jue hierop aangegeven dat de reactie van bezwaarmaker toegevoegd wordt aan het bezwaardossier en dat het bezwaarschrift ter behandeling wordt overgedragen aan de Adviescommissie bezwaarschriften. Ontvankelijkheid van het bezwaar Naar aanleiding van de ingediende bezwaren deelt onze commissie u het volgende mee. Om een bezwaar inhoudelijk te kunnen beoordelen moet het voldoen aan het vereiste dat het ontvankelijk is. Voor de ontvankelijkheid is onder andere van belang dat het bezwaarschrift is gericht tegen een besluit waartegen op grond de Awb bezwaar- en beroep kan worden ingesteld. Dit is een zogenoemd appellabel besluit. Volgens artikel 1:3 eerste lid van de Awb wordt onder een besluit verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Een rechtshandeling is een handeling die gericht is op enig rechtsgevolg.
Een beslissing heeft rechtsgevolg, als zij erop is gericht een bevoegdheid, recht of verplichting voor een of meer anderen te doen ontstaan of teniet te doen, of een juridische status van een persoon of een zaak vast te stellen. In het vierde lid van hetzelfde artikel wordt beschreven wat onder beleidsregel wordt verstaan: een bij besluit vastgestelde algemene regel, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift, omtrent de afweging van belangen, de vaststelling van feiten of de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid van een bestuursorgaan. Volgens artikel 7:1 Awb dient degene aan wie het recht is toegekend om beroep bij een bestuursrechter in te stellen, eerst bezwaar te maken. Volgens artikel 8:1 Awb kan een belanghebbende tegen een besluit beroep instellen bij een bestuursrechter. Volgens artikel 8:3 Awb kan tegen onder andere een Algemeen verbindend voorschrift of een beleidsregel geen beroep worden ingesteld. Van belang is dus om te beoordelen of sprake is van een besluit waartegen beroep en bezwaar openstaat. De commissie heeft vastgesteld dat het bestreden raadsbesluit, het plan van aanpak Implementatie Omgevingswet 2024-2032, een overkoepelend plan van aanpak betreft met 12 uitgangspunten die de gemeente gebruikt bij de implementatie van de Omgevingswet.
Het zijn uitgangspunten die gehanteerd worden bij het opstellen van toekomstig beleid. Deze uitgangspunten kunnen jaarlijks door u worden bijgesteld. Daarnaast hebt u drie deelplannen van aanpak vastgesteld die zien op de drie instrumenten uit de Omgevingswet: de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en het Handvat participatie voor inwoners en initiatiefnemers. De gemeente beschikt sinds 2022 over een algemeen Handvat participatie. Dat handvat is vastgesteld voor die situaties waarin de gemeente zelf het voortouw neemt voor een ontwikkeling of voor nieuw beleid. Dit handvat is niet adequaat gebleken voor situaties waarin een initiatiefnemer het voortouw neemt in een ontwikkelproces en de bijbehorende participatie. Daarom is een behoefte ontstaan om een aanvullend Handvat participatie voor inwoners en initiatiefnemers te ontwikkelen.
Austerlitz ▪ Bosch en Duin ▪ Den Dolder ▪ Huis ter Heide ▪ Zeist
pagina 3 van 5
In die gevallen waarin een initiatiefnemer het voortouw neemt, heeft de gemeente namelijk hoofdzakelijk een toetsende rol en minder een organiserende rol. Met het aanvullend Handvat participatie hebt u aangegeven hoe toekomstig participatiebeleid vorm gaat krijgen. De commissie is van oordeel dat het bestreden besluit met de daarbij behorende bijlagen niet zien op enig rechtsgevolg omdat het besluit op zichzelf geen bevoegdheid, recht of verplichting doet ontstaan of tenietdoet. Het bestreden besluit inclusief bijlagen bevat voornemens en uitgangspunten om toekomstig beleid in het kader van de Omgevingswet vorm te geven. Op grond daarvan kan het besluit volgens de commissie, onder verwijzing naar hiervoor aangegeven bepalingen, niet gezien worden als een besluit waartegen bezwaar kan worden gemaakt en / of beroep open staat bij de bestuursrechter. Om die reden adviseert de commissie u om de bezwaren niet-ontvankelijk te verklaren. Aangezien de commissie van oordeel is dat het ingediende bezwaar niet-ontvankelijk is, komt zij niet toe aan een inhoudelijke behandeling. Hoorzitting Volgens artikel 7:2, eerste lid, van de Awb moet u, voordat op het bezwaar wordt beslist, belanghebbenden in de gelegenheid stellen om te worden gehoord. Met toepassing van artikel 7:3, onder a, kan van het horen van belanghebbenden worden afgezien indien het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is.
Hiervan is sprake als zonder meer vaststaat dat het bezwaar niet ontvankelijk is. Volgens artikel 7:13, vierde lid, van de Awb gelezen in onderlinge samenhang met artikel 11, tweede lid, van de Regeling adviescommissie bezwaarschriften 2023 beslist de voorzitter over de toepassing van deze bepaling. De voorzitter heeft beslist dat een hoorzitting niet kan leiden tot een ander standpunt en dat van het horen kan worden afgezien. Wettelijke voorschriften In de Bijlage zijn de relevante bepalingen opgenomen. Advies De commissie adviseert u gelet op het voorgaande het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren. Zeist, 15 augustus 2024 de voorzitter, namens deze, de secretaris,
de heer mr. R. Snijder
Austerlitz ▪ Bosch en Duin ▪ Den Dolder ▪ Huis ter Heide ▪ Zeist
pagina 4 van 5
Bijlage: Relevante regelgeving Algemene wet bestuursrecht (Awb) Artikel 1:3 1. Onder besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. 2. Onder beschikking wordt verstaan: een besluit dat niet van algemene strekking is, met inbegrip van de afwijzing van een aanvraag daarvan. 3. Onder aanvraag wordt verstaan: een verzoek van een belanghebbende, een besluit te nemen. 4. Onder beleidsregel wordt verstaan: een bij besluit vastgestelde algemene regel, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift, omtrent de afweging van belangen, de vaststelling van feiten of de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid van een bestuursorgaan. Artikel 7:1 1. Degene aan wie het recht is toegekend beroep bij een bestuursrechter in te stellen, dient alvorens beroep in te stellen bezwaar te maken, tenzij: a. b. c. d. e.
het besluit in bezwaar of in administratief beroep is genomen, het besluit aan goedkeuring is onderworpen, het besluit een goedkeuring of een weigering daarvan inhoudt, het besluit is voorbereid met toepassing van afdeling 3.4, het besluit is genomen op basis van een uitspraak waarin de bestuursrechter met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, onderdeel a, heeft bepaald dat afdeling 3.4 geheel of gedeeltelijk buiten toepassing blijft, f. het beroep zich richt tegen het niet tijdig nemen van een besluit, g. het besluit is genomen op grond van een voorschrift als genoemd in de bij deze wet behorende Regeling rechtstreeks beroep dan wel het besluit anderszins in die regeling is omschreven. 2. Tegen de beslissing op het bezwaar kan beroep worden ingesteld met toepassing van de voorschriften die gelden voor het instellen van beroep tegen het besluit waartegen bezwaar is gemaakt. Artikel 7:2 1. Voordat een bestuursorgaan op het bezwaar beslist, stelt het belanghebbenden in de gelegenheid te worden gehoord. 2. Het bestuursorgaan stelt daarvan in ieder geval de indiener van het bezwaarschrift op de hoogte alsmede de belanghebbenden die bij de voorbereiding van het besluit hun zienswijze naar voren hebben gebracht. Artikel 7:3 Van het horen van een belanghebbende kan worden afgezien indien: a. b. c. d.
het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is, het bezwaar kennelijk ongegrond is, de belanghebbende heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord, de belanghebbende niet binnen een door het bestuursorgaan gestelde redelijke termijn verklaart dat hij gebruik wil maken van het recht te worden gehoord, of e. aan het bezwaar volledig tegemoet wordt gekomen en andere belanghebbenden daardoor niet in hun belangen kunnen worden geschaad.
Austerlitz ▪ Bosch en Duin ▪ Den Dolder ▪ Huis ter Heide ▪ Zeist
pagina 5 van 5
Artikel 7:13 1. Dit artikel is van toepassing indien ten behoeve van de beslissing op het bezwaar een adviescommissie is ingesteld: a. die bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden, b. waarvan de voorzitter geen deel uitmaakt van en niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan en c. die voldoet aan eventueel bij wettelijk voorschrift gestelde andere eisen. 2. Indien een commissie over het bezwaar zal adviseren, deelt het bestuursorgaan dit zo spoedig mogelijk mede aan de indiener van het bezwaarschrift. 3. Het horen geschiedt door de commissie. De commissie kan het horen opdragen aan de voorzitter of een lid dat geen deel uitmaakt van en niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan. 4. De commissie beslist over de toepassing van artikel 7:4, zesde lid, van artikel 7:5, tweede lid, en, voor zover bij wettelijk voorschrift niet anders is bepaald, van artikel 7:3. 5. Een vertegenwoordiger van het bestuursorgaan wordt voor het horen uitgenodigd en wordt in de gelegenheid gesteld een toelichting op het standpunt van het bestuursorgaan te geven. 6. Het advies van de commissie wordt schriftelijk uitgebracht en bevat een verslag van het horen. 7. Indien de beslissing op het bezwaar afwijkt van het advies van de commissie, wordt in de beslissing de reden voor die afwijking vermeld en wordt het advies met de beslissing meegezonden.
Artikel 8:3 1. Geen beroep kan worden ingesteld tegen een besluit: a. inhoudende een algemeen verbindend voorschrift of een beleidsregel, b. inhoudende de intrekking of de vaststelling van de inwerkingtreding van een algemeen verbindend voorschrift of een beleidsregel, c. inhoudende de goedkeuring van een besluit, inhoudende een algemeen verbindend voorschrift of een beleidsregel of de intrekking of de vaststelling van de inwerkingtreding van een algemeen verbindend voorschrift of een beleidsregel. 2. Geen beroep kan worden ingesteld tegen een besluit ter voorbereiding van een privaatrechtelijke rechtshandeling. Regeling adviescommissie bezwaarschriften 2023 Artikel 11 Hoorzitting • Namens de voorzitter van de commissie bepaalt de secretaris plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. • De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb.
Austerlitz ▪ Bosch en Duin ▪ Den Dolder ▪ Huis ter Heide ▪ Zeist