CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

24RV050 Bijlage 3 Rapportage kwantitatieve analyse tbv evaluatie beleidskader GSBB

Raad 8 oktober 2024, gemeente ZeistBij agendapunt: Beleidskader gezondheid, sport en bewegen 2024-20277.298 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader Gezondheid, Sport en bewegen en Bestaanszekerheid

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 2

Inhoudsopgave 1. Aanleiding................................................................................................................. 5 2. Doelstelling ............................................................................................................... 5 3. Onderzoeksopzet ....................................................................................................... 5 4. Resultaten ................................................................................................................ 5 4.1 Bestaanszekerheid ................................................................................................ 5 4.1.1 Laag inkomen en moeite met rondkomen in gemeente Zeist .............................. 5 4.1.2 Ondersteuning en gebruik regelingen ............................................................ 10 4.1.2.1 Schuldhulpverlening ........................................................................ 10 4.1.2.2 Stichting leerkansen Zeist ................................................................ 11 4.1.2.3 Sociale raadslieden.......................................................................... 11 4.1.2.4 Regionale Sociale Dienst .................................................................. 12 4.1.2.5 Voedselbank ...................................................................................

14 4.1.3 Risicogroepanalyse ..................................................................................... 15 4.2 Gezondheid, sport en bewegen ............................................................................ 16 4.2.1 Ervaren gezondheid .................................................................................... 16 4.2.2 Bewegen en gezond gewicht ........................................................................ 18 4.2.3 Mentale weerbaarheid ................................................................................. 21 4.2.3 Alcoholpreventie jeugd, volwassenen en senioren ........................................... 23 4.3 Relatie armoede en gezondheid ............................................................................ 27 5. Conclusie ................................................................................................................ 30 5.1 Bestaanszekerheid .............................................................................................. 30 5.2 Gezondheid ....................................................................................................... 30 5.3 Relatie Gezondheid en bestaanszekerheid.............................................................. 31 Bijlage 1: Maatregelen vanuit het Rijk t.a.v. de inflatie- en energiecrisis.............................

32 Bijlage 2: Ambitie, doelen en wijze van monitoring voor speerpunten Gezondheidsnota 20172020 en nota preventie- en handhavingsplan 2014 – 2018 ............................................... 34

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 3

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 4

1. Aanleiding De beleidsnota’s sport en bewegen, gezondheid en bestaanszekerheid zijn verlopen. De gemeente Zeist wil werken aan twee nieuwe integrale nota’s (Gezondheid, sport en bewegen en Bestaanszekerheid). Hiertoe heeft zij de GGD regio Utrecht gevraagd een evaluatieonderzoek uit te voeren naar het gevoerde en gewenste beleid op Gezondheid, Sport en bewegen en Bestaanszekerheid. Het onderzoek bestaat uit een aantal deelprojecten. Een van de deelprojecten is de analyse van kwantitatieve indicatoren op de genoemde beleidsterreinen.

2. Doelstelling  Inzicht geven in de gezondheidssituatie van de inwoners van Zeist zich heeft ontwikkeld in de afgelopen beleidsperiode op terrein van leefstijl, ervaren gezondheid en mentale gezondheid.  Inzicht geven in de bestaanszekerheidsproblematiek in de gemeente Zeist.

3. Onderzoeksopzet Dit deelonderzoek betreft een kwantitatieve analyse van beschikbare data. Er wordt gebruik gemaakt van gegevens van de jeugdmonitor 13-17 jarigen (2019-2021), registratie van JGZ, gezondheidsmonitor volwassenen en senioren (jaren: 2016-2020-2022) op gemeenteniveau. Cijfers op wijkniveau zijn vanuit de monitors heel beperkt voorhanden. Waar mogelijk worden cijfers vergeleken met het provinciaal gemiddelde en worden trends in de tijd bekeken. Daarnaast worden voor domein Bestaanszekerheid ook gegevens opgevraagd bij instanties als RSD, sociale raadslieden, Voedselbank.

4. Resultaten 4.1 Bestaanszekerheid

4.1.1 Laag inkomen en moeite met rondkomen in gemeente Zeist De inflatie in 2022 was de hoogste sinds 1975. In 2022 waren consumentengoederen en diensten gemiddeld 10,2% duurder dan een jaar eerder (CBS). Hoewel de inflatie in de loop van het jaar verbreedde naar producten zoals voeding, droeg vooral de snelle prijsstijging van energie bij aan de hoge inflatie in 2022. Steeds meer mensen hebben moeite met rondkomen. Definitie armoede: Mensen zijn arm wanneer ze gedurende langere tijd niet de middelen hebben voor de goederen en voorzieningen die in hun samenleving als minimaal noodzakelijk gelden (Bron: SCP, Armoede in kaart 2019).

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 5

Groepen met een groter risico op armoede zijn:  Mensen met een bijstandsuitkering  Eenoudergezinnen met minderjarige kinderen  Alleenstaanden  Mensen met een niet-westerse migratieachtergrond  Laagopgeleiden  Kinderen tot en met 12 jaar  85-plussers

Figuur 1 Huishoudens met een (langdurig) laag inkomen in Zeist en regio Utrecht (bron: Centraal Bureau voor de statistiek (CBS))

Figuur 2 Percentage huishoudens met een laag inkomen voor gemeente Zeist en regio Utrecht in periode 2015-2020 (bron: CBS)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 6

Bijna 7% van de huishoudens in de gemeente Zeist heeft een laag inkomen. Drie procent heeft een langdurig laag inkomen (zie figuur 1). Dat is net iets hoger dan in de regio Utrecht. We zien dat dit percentage daalt over de tijd (zie figuur 2). Vier procent van de Zeister huishoudens leeft van een bijstandsuitkering. Na een daling vanaf 2018 zien we een stabilisatie vanaf 2020. Dit kan deels toegeschreven worden aan de Coronacrisis toen door lockdowns minder geld werd uitgegeven. De verwachting is dat de percentages vanaf 2022 weer zullen stijgen met het oog op de energiecrisis en recessie die recent is ingezet. 7,3% van de kinderen uit Zeist groeit op in een huishouden met een laag inkomen. Ruim 3% van de Zeistse kinderen groeit op in een huishouden met een langdurig laag inkomen (bron CBS). Dit percentage ligt wat hoger dan het regionaal gemiddelde. Over de tijd zien we dit percentage lichtjes dalen tot aan 2020 (zie figuur x). Door de huidige energiecrisis en inflatie zal het evenwel weer stijgen.

Figuur 3 Percentage kinderen dat opgroeit in een huishouden met een laag inkomen in periode 2016-2020 voor gemeente Zeist en regio Utrecht (bron: CBS)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 7

Figuur 4 Percentage volwassenen en senioren uit gemeente Zeist en regio Utrecht dat moeite heeft met rondkomen (Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en senioren 2022)

Bijna 18 procent van de 18-64 jarigen uit Zeist heeft moeite met rondkomen. Onder de 65plussers is dit percentage veel lager (8,7%). Bij een kleine groep mensen dat in armoede leeft spelen er complexe problemen tegelijk. Naast een laag inkomen, ernstige schulden en wanbetalingen waarbij men risico loopt op (dreigende) huisuitzetting of medisch onverzekerd zijn, heeft deze groep meer lichamelijke en psychosociale klachten. Door het veelvuldig ondergaan van uitsluitingsprocessen, zijn ze vaak in een negatieve spiraal terechtgekomen en zijn ze onvoldoende in staat voor zichzelf te zorgen. Vaak hebben ze nauwelijks hulpbronnen in eigen netwerk om uit deze kwetsbare situatie te komen. Zo is 22,4% van de 18-64 jarigen uit Zeist niet in staat om een onverwachte uitgave van 1000 euro te betalen. Tussen 2016 en 2020 zien we het aantal dreigende huisuitzettingen per 1000 huurwoningen langzaam afnemen (zie figuur 5).

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 8

Figuur 5 Aantal dreigende huisuitzettingen per 1000 huurwoningen in periode 2016-2020 voor gemeente Zeist

We spreken van risicovolle schulden als iemand meer dan drie soorten betalingsachter-standen hebben (bijv. huurschuld, betalingsachterstand winkelpas/creditcard, aflossing, lening, energiekosten, waterkosten); een betalingsachterstand die 12 maanden of langer duurt; Een betalingsachterstand die groter is dan 1000 euro of een betalingsachterstand die mensen niet zelfstandig binnen 12 maanden kunnen oplossen. In Zeist heeft 5.9% van de 19-65 jarigen risicovolle schulden (zie figuur 6). Risicovolle schulden, 19-65 jaar

Figuur 6 Percentage 19-65-jarigen met risicovolle schulden voor gemeenten in de regio Utrecht (bron: Monitor Volwassenen en senioren 2020)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 9

We zien dat het aandeel van huishoudens met een betalingsachterstand Zvw in met name Zeist Noord en Zeist West wat groter te zijn in vergelijking met de andere wijken. Tabel 1: Aandeel huishoudens met betalingsachterstand Zvw (zorgverzekeringswet) in wijken van Zeist Gemeente Zeist: wijk Centrum Zeist

Aandeel huishoudens met betalingsachterstand Zvw % 1,6

Zeist-Noord

3,1

Zeist-West

2,0

Zeist-Oost, Zeister Bos en omgeving

1,5

Huis ter Heide, Bosch en Duin

1,1

Bron: CBS (2017)

4.1.2 Ondersteuning en gebruik regelingen Voor de analyse van gebruik van regelingen zoals schuldhulpverlening, RSD en Voedselbank wordt gebruik gemaakt van registraties die deze ondersteuning aanbieden. Helaas konden op dit moment alleen gegevens op gemeenteniveau verstrekt worden en niet op wijk- en buurtniveau. 4.1.2.1 Schuldhulpverlening Wanneer mensen problematische schulden hebben, kunnen zij gebruik maken van de schuldhulpverlening van de gemeente waar zij wonen. De schuldhulpverlening probeert een akkoord te bereiken met de schuldeisers. Dit heet het minnelijke traject. In 2018 en 2019 lag het aantal huishoudens in de schuldhulpverlening per 1000 huishoudens in Zeist hoger dan in de regio Utrecht. In 2020 zette een daling in en was het aantal gelijk aan het regionaal gemiddelde (zie figuur 7).

Figuur 7 Aantal huishoudens in de schuldhulpverlening per 1000 huishoudens in periode 2016-2020 voor gemeente Zeist en regio Utrecht (bron: GGD regio Utrecht)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 10

4.1.2.2 Stichting leerkansen Zeist Door geldgebrek thuis kunnen kinderen op school soms niet meedoen met activiteiten die voor hun leeftijdgenoten heel normaal zijn. Ouders van kinderen in de leeftijd van 4-18 jaar kunnen bij Stichting Leerkansen Zeist (SLZ) een aanvraag indienen voor vergoeding van leermiddelen en een bijdrage aan binnen- en buitenschoolse activiteiten.

Figuur 8 Aantal ingekomen, gehonoreerde en afgewezen aanvragen bij Stichting Leerkansen Zeist in periode 20162022

Tot aan 2019 zien we een stijging in het aantal aanvragen om tot 2020 weer te dalen. Dit sluit aan op de daling in schulden en financiële problemen tot aan 2020. Echter vanaf 2020 zien we het aantal aanvragen weer toenemen. Een indicatie dat het aantal gezinnen met financiële problemen in die periode weer toenam. Vanaf 2019 zien we dat het percentage van de aanvragen dat gehonoreerd wordt stabiliseert tussen 75-82%. 4.1.2.3 Sociale raadslieden Inwoners van Zeist kunnen bij Sociale Raadslieden terecht als ze vragen hebben rondom uitkeringen, belastingen, toeslagen, incasso en beslag, arbeidszaken of tegemoetkoming in studiekosten. In figuur 9 is voor de periode 2018-2022 aangegeven met welke hulpvragen inwoners bij sociale raadslieden aankloppen. Het valt op dat de meeste vragen gaan over uitkeringen en belastingen maar dat in 2020 hier een duidelijke dip in te zien was samenhangend met de coronacrisis en bijbehorende maatregelen zoals lockdown.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 11

Figuur 9 Hulpvragen aan Sociale Raadslieden naar onderwerp voor periode 2018-2022

4.1.2.4 Regionale Sociale Dienst De Regionale Sociale Dienst (RSD) ondersteunt klanten d.m.v. informatie en advies, budgetbeheer, flankerende hulp, schuldregeling, et cetera. In figuur 10 wordt de instroom voor Zeist gepresenteerd per jaar. Hierin valt op dat in de periode 2017 tot 2021 de instroom van het aantal cliënten is gedaald. Ook is in deze figuur de instroom in de buurt Vollenhove gepresenteerd. Hierin zien we al vanaf 2021 een stijging optreden van het aantal cliënten dat bij de RSD is ingestroomd. Gemiddeld blijven de mensen een klein jaar (361 dagen) in zorg.

Figuur 10 Totaal aantal nieuwe cliënten RSD per jaar

Belangrijkste redenen om uit te stromen bij de RSD zijn ‘Onvoldoende medewerking client’, ‘Client heeft zelf oplossing gevonden of op andere wijze opgelost’, ‘Client is niet verschenen’, ‘Client gaat eerst zelf aan de slag, kan daarna terugkomen’, ‘Sanering’ en ‘Client is overgedragen aan een andere instantie’ (zie tabel 2).

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 12

Tabel 2: Redenen voor uitstroom bij RSD Reden voor uitstroom bij RSD

Onvoldoende medewerking cliënt (incl. geen reactie lopende zaak) Cliënt heeft zelf oplossing gevonden of op andere wijze opgelost Cliënt niet verschenen Eerst zelf aan de slag, kan daarna terug komen

51

Sanering

32

Cliënt overgedragen aan andere instantie Eenmalig advies: cliënt kan zelfstandig verder (max. 2 gesprekken) Cliënt kan zelfstandig verder Bemiddeling Toegelaten tot Wsnp Cliënt is verhuisd naar gemeente buiten werkgebied RSD Eerst BBR Intrekking door klant Cliënt is overleden Niet in behandeling genomen: voldoet niet aan specifiek gestelde voorwaarden Eenmalig advies: doorverwezen naar Menzing en Partners/Zuidweg en Partners Integrale betaling Niet in behandeling genomen voldoet niet aan algemene voorwaarden Wsnp verklaring afgegeven

28

41 38 33

24 21 16 12 7 5 5 2 2 1 1 1 1

In figuur 11 zien we de melders van mensen die hun vaste lasten niet meer kunnen betalen. De zorgverzekeraars melden het vaakste. We zien hierin ook een stijging over de tijd. De energieleveranciers melden wat minder in de zomermaanden en voorjaar. In januari februari en maart zien we het aantal meldingen door energieleveranciers weer toenemen.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 13

Figuur 11 Aantal meldingen door woningcorporaties, energieleveranciers, waterleveranciers, overige signaalpartners en zorgverzekeraars bij RSD naar maand in 2022 en 2023

4.1.2.5 Voedselbank De Voedselbank is er voor mensen met een inkomen onder de armoedegrens die voor korte of langere tijd financieel niet rond kunnen komen. Inwoners wiens inkomen na aftrek van de vaste lasten onder het normbedrag van de Voedselbank komen, kunnen voor een periode van maximaal 12 weken wekelijks een voedselpakket komen ophalen. Indien na 12 weken verlenging nodig is, vindt er een herbeoordeling plaats. Door de energiecrisis en inflatie nam het aantal huishoudens dat client was bij de Voedselbank in de eerste helft van 2023 toe. Medio 2023 nam dit aantal weer af o.a. door hogere uitkeringen en hogere toeslagen, die door de Rijksoverheid waren ingesteld (zie bijlage 1 voor regelingen die vanaf 1 januari 2023 zijn ingegaan). Zie figuur 12. Aantal klanten (huishoudens) 250 Aantal

200 150 100 50 0 2021

2022

2023_I

2023_II

Jaar Figuur 12 Aantal klanten (huishoudens van de voedselbank) in periode 2021-2023

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 14

Het gemiddeld aantal personen per huishouden dat een pakket van de Voedselbank krijgt is 3,2 personen. Een totaal van 467 personen. Hiervan waren 217 personen jonger dan 18 jaar (46%). Elf procent van het aantal personen dat ondersteunt wordt betreft inwonende kinderen van 18 jaar of ouder. Dus 57% van de mensen die voedsel krijgen via de voedselbank is kind. In 35% van de huishoudens betreft het een eenpersoonshuishouden (zie figuur 13).

Alleenstaanden Eenoudergezinnen Twee-oudergezinnen Stel zonder kinderen

Figuur 13 Huishoudsamenstelling klanten Voedselbank

4.1.3 Risicogroepanalyse In figuur 14 zien we dat in Zeist met name de leeftijdsgroep 18-34 jarigen het meeste moeite hebben om rond te komen. Zij hebben ook het vaakst problematische schulden en zijn niet in staat een noodzakelijke uitgave van 1000 euro te doen, bijvoorbeeld als de wasmachine vervangen moet worden. Opvallend is dat de financiele problematiek het laagst is onder de 75-plussers, maar ook zij wel weer vaker dan de andere leeftijdsgroepen niet de onverwachte noodzakelijke uitgave kunnen doen. Financiele problematiek naar leeftijd 35 30

Percentage

25 20

Had afgelopen 12 maanden enige tot grote moeite met rondkomen

15

Heeft problematische schulden

10

Niet in staat om noodzakelijke uitgave van 1000 euro te doen

5 0 18-34 jaar35-49 jaar50-64 jaar65-74 jaar

75+

Leeftijdsgroepen Figuur 14 Financiële problematiek naar leeftijd (bron: Gezondheidsmonitor gemeente Zeist, 2022)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 15

Uitgesplitst naar opleidingsniveau dan valt op dat niet alleen de laag-opgeleiden maar ook de middelbaar opgeleiden meer financiële problematiek hebben in vergelijking met de hoog opgeleiden (zie figuur 15). Inkomensproblematiek naar opleidingsniveau 40 35

Percentage

30

Had afgelopen 12 maanden enige tot grote moeite met rondkomen

25 20

Heeft problematische schulden

15

Niet in staat om noodzakelijke uitgave van 1000 euro te doen

10 5 0 Laag

Midden

Hoog

Opleidingsniveau Figuur 15 Financiële problematiek naar opleidingsniveau (bron: Gezondheidsmonitor gemeente Zeist, 2022)

4.2 Gezondheid, sport en bewegen In de Gezondheidsnota 2017 – 2020 en nota preventie- en handhavingsplan 2014 – 2018 zijn een aantal speerpunten opgenomen (zie bijlage 2 voor de doelen). In de voorliggende kwantitatieve analyse wordt bekeken in hoeverre deze doelen bereikt zijn. Cijfers worden gepresenteerd voor de thema’s: Ervaren gezondheid, Bewegen en gezond gewicht, Mentale weerbaarheid, Alcoholpreventie jeugd, volwassenen en senioren. 4.2.1 Ervaren gezondheid In de periode 2015-2021 zien we een daling in het percentage jongeren in Zeist met een (zeer) goed ervaren gezondheid. Dit percentage is lager dan de gestelde streefwaarde (zie bijlage 2).

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 16

Percentage

(Zeer) goed ervaren gezondheid 90 89 88 87 86 85 84 83 82 81 2015

2019

Zeist

2021

Regio Utrecht

Figuur 16 (Zeer) goed ervaren gezondheid in de periode 2015-2021 voor 13-17 jarigen voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2015-2022)

Tweederde van de jongvolwassenen (16-25-jarigen) in de gemeente Zeist ervaarde zijn gezondheid in 2022 als (zeer) goed (zie figuur 17). Ervaart gezondheid als (zeer) goed

Figuur 17 (Zeer) goed ervaren gezondheid voor jongvolwassenen voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jongvolwassenen, 2022)

Ook onder volwassenen en senioren zien we een lichte daling over de tijd, afwijkend van de streefwaarde (zie figuur 18).

Percentage

(Zeer) goed ervaren gezondheid 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

2016 2020 2022 18+

18+

65+

65+

Zeist

Regio Utrecht

Zeist

Regio Utrecht

Figuur 18 (Zeer) goed ervaren gezondheid in de periode 2015-2021 voor volwassenen en senioren voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en senioren, 2016-2022)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 17

Aangezien de leeftijd met gebreken komt is het niet verwonderlijk dat het percentage mensen dat de gezondheid als (zeer) goed ervaart met de jaren afneemt (van ruim 80% onder 18-34 jarigen tot 61% onder 75+ (zie figuur 19).

Figuur 19 (Zeer) goed ervaren gezondheid naar leeftijd voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en senioren, 2022)

4.2.2 Bewegen en gezond gewicht Figuur 20 presenteert het beweeggedrag van de 12-18 jarigen voor de gemeente Zeist en regio Utrecht in de periode 2015 en 2021. De beweegrichtlijn schrijft voor jongeren dagelijks minstens 1 uur beweging voor. In 2021 voldeed 16% van de Zeister jeugd hieraan. De gehoopte stijging (zie doelen in bijlage 2) is hiermee niet bereikt. Ook in de regio zien we een lichte daling. Ook bij de andere beweegindicatoren zoals het lopen of fietsen naar school, het lid zijn van een sportclub of het wekelijks sporten bij een club, vereniging of sportclub laat geen stijging zien.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 18

Beweeggedrag: 12-18 jaar 100 90

Beweegt dagelijks minstens één uur, 13-17 jarigen

80 Percentage

70 60

Beweegt 5 of meer dagen per week minstens één uur, 13-17 jarigen

50 40

Loopt of fietst 5 dagen per week naar school of stageplek, 13-17 jarigen

30 20 10 0 2015

2019

2021

Zeist

2015

2019

2021

Lid van een sportclub, sportvereniging of sportschool, 13-17 jarigen

Regio Utrecht

Figuur 20 Beweeggedrag 12-18 jarigen in de periode 2015-2021 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2015-2022)

Het beweeggedrag onder 18-64 jarigen is tussen 2016 en 2022 licht gedaald zowel in de gemeente Zeist als in de regio Utrecht. De doelstelling voor senioren t.a.v. het beweeggedrag is in de periode 2016-2022 wel behaald (zie figuur 21). Voldoet aan de beweegrichtlijn 70

Percentage

60 50 40 30 20 10 0 2016

2022

2016

Zeist 18-64 jr

2022

Regio Utrecht 65+

Figuur 21 Voldoen aan de beweegrichtlijn voor volwassenen en senioren in periode 2016-2022, voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en senioren, 2016-2022)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 19

Ruim 65% van de 18-64 jarigen en de helft van de 65-plussers sport minimaal wekelijks. Met name het sporten onder de 65-plussers lijkt iets hoger te zijn in Zeist in vergelijking met de regio Utrecht (zie figuur 22). Sport minimaal wekelijks 70

Percentage

60 50 40 30 20 10 0 19-65 jr Zeist

65+ Regio Utrecht

Figuur 22 Minimaal wekelijks sporten voor volwassenen en senioren in 2022 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en senioren, 2022)

De fruitconsumptie onder de jeugd was 36% in 2015 en 38% in 2019. De doelstelling dat eenzelfde of groter percentage van de jongeren in 2019 dagelijks fruit eet is daarmee behaald (zie bijlage 2 en figuur 23). Helaas zijn er geen gegevens voor 2022. Eet elke dag fruit, 13-17 jarigen

Percentage

39 38 37 36 35 34 33 32 31 30 Zeist 2015

Regio Utrecht 2019

Figuur 23 Fruitconsumptie 13-17 jarigen in de periode 2015-2019 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2015-2019)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 20

4.2.3 Mentale weerbaarheid Ruim 17% van de 13-14 jarigen uit Zeist had in 2019 psychosociale problemen. Dit percentage was gelijk aan het regionaal gemiddelde (zie figuur 23). Het percentage 13-17 jarigen dat een matig tot hoog risico op psychosociale problemen had is in de periode 2019 en 2021 toegenomen zowel in de gemeente Zeist (van 21% in 2019 naar 28% in 2021) als in de regio Utrecht (zie figuur 24). De doelstelling m.b.t. tot mentale weerbaarheid (zie bijlage 2) is daardoor niet gehaald. Mentale gezondheid

Percentage

30 25 20

Psychosociale problemen 1314 jarigen, gesignaleerd door jgz

15

Matig - hoog risico op psychosociale problemen (SDQ), 13-17 jarigen

10 5 0 2019

2021 Zeist

2019

2021

Regio Utrecht

Figuur 24 Mentale gezondheid 13-17 jarigen in de periode 2019-2021 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2019-2021)

In figuur 25 zien we de sterke stijging van psychosociale problematiek vanaf 2019. Verklaringen hiervoor zijn o.a. de impact van de coronacrisis naast de toename van prestratiedruk onder de jeugd. Totale probleemscore afwijkend (nieuw afkappunten)

Figuur 25 Mentale gezondheid (SDQ totaalscore) 13-17 jarigen in de periode 2007-2021 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2007-2021)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 21

Ook het percentage jongeren uit Zeist dat aangeeft voldoende weerbaar te zijn is in die periode afgenomen (zie figuur 26). Dit geldt ook voor de jongeren uit de regio Utrecht. De doelstelling dat het percentage jongeren dat voldoende weerbaar gelijk zou blijven of zou toenemen is daarmee niet gehaald (zie bijlage 2). Voldoende weerbaar, 13-17 jarigen 95 94 Percentage

93 92 91 90 89 88 87 86 2015

2019 Zeist

2021

2015

2019

2021

Regio Utrecht

Figuur 26 Percentage 13-17 jarigen dat voldoende weerbaar is in de periode 2015-2021 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2015-2021)

In 2022 had 9% van de jongvolwassenen ernstige psychische klachten en 14% matig psychische klachten (zie figuur 27). Mate van psychische klachten (MHI-5)

Figuur 27 Mate van psychische klachten (MHI-5) voor jongvolwassenen voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jongvolwassenen, 2022)

Psychische klachten zijn gemeten met de Mental Health Inventory 5 (MHI-5). In de gemeente heeft 22% van de inwoners van 18 jaar en ouder psychische klachten ervaren in de laatste vier weken. Dit is gelijk aan de regio (20%) en gelijk aan Nederland (21%). Vrouwen en 18-34 jarigen hebben meer psychische klachten. Voor de 18-64 jarigen zien we een lichte stijging in het percentage met een hoog risico op angststoornissen en depressieve klachten tussen 2020 en 2022 (zie figuur 28). Voor de 65plussers bleef het percentage wel nagenoeg gelijk (zie figuur 28).

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 22

Hoog risico op angststoornissen en depressieve klachten 12 Percentage

10 8 6 4 2 0 18-64 jarigen

65+

18-64 jarigen

Zeist

65+

Regio Utrecht 2020

2022

Figuur 28 Hoog risico op angststoornissen en depressieve klachten voor 18-64 jarigen en 65-plussers uit gemeente Zeist en regio Utrecht in 2020 en 2022 (bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en senioren, 2020-2022)

4.2.3 Alcoholpreventie jeugd, volwassenen en senioren Tweeëndertig procent van de 13-17 jarigen uit Zeist heeft ooit alcohol gedronken. Het percentage van de jongeren uit Zeist dat in de laatste vier weken alcohol heeft gedronken is sinds 2019 na een periode van daling lichtjes gestegen naar 30% (zie figuur 29). Het streefpercentage van 20% is daarmee helaas niet gehaald (zie bijlage 2). Laatste 4 weken alcohol gedronken | Zeist, % 62% 60% 58% 56% 54% 52% 50% 48% 46% 44% 42% 40% 38% 36% 34% 32% 30% 28% 26% 24% 22% 20% 18% 2007

Gemeente Zeist

2011

2015

2019

2021

Regio Utrecht, excl. gemeente Utrecht

Figuur 29 Percentage 13-17 jarigen dat in de laatste 4 weken alcohol heeft gedronken in de periode 2007-2021 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2007-2021)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 23

Het percentage jongeren wat binge drinkt (5 glazen alcohol of meer bij 1 gelegenheid drinken) in de laatste 4 weken is in de totale groep jongeren uit Zeist nagenoeg gelijk gebleven (van 15-18%), terwijl dit voor de groep drinkers licht is afgenomen (van 70 naar 62%). Zie figuur 30. De beoogde daling van bingedrinken onder de groep drinkers naar 35% in 2018 is helaas niet gehaald.

Percentage

Laatste 4 wkn 5 of meer glz alcohol bij 1 gelegenheid gedronken (binge drinken; 13-17 jarigen) 80 70 60 50 40 30 20 10 0

70

67

62

65

15

18

15

16

2019

2021

2019

2021

Zeist

Regio Utrecht

Totale groep

Van de drinkers

Figuur 30 Percentage 13-17 jarigen dat in de laatste 4 weken aan binge drinken heeft gedaan in de periode 2019-2021 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2019-2021)

In 2021 keurde ruim 41% van de ouders van wie de jongeren dronken het alcoholgebruik niet af. Het streefpercentage (30% in 2018, zie bijlage 2) is niet bereikt. Het lijkt zelfs iets toe te nemen. Ouders keuren alcoholgebruik (1 glas of meer) van drinkers niet af; 13-17 jarigen

Regio Utrecht totaal

Zeist

0

10

20

30

40

50

Percentage 2021

2019

Figuur 31 Percentage 13-17 jarigen die drinken en van wie de ouders het alcoholgebruik (1 glas of meer) niet afkeuren; periode 2019-2021 voor gemeente Zeist en Regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor jeugd Voortgezet onderwijs, 2019-2021)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 24

De Alcoholrichtlijn Gezondheidsraad 2015 adviseert volwassenen van 18 jaar en ouder om geen alcohol te drinken of in ieder geval niet meer dan één glas per dag. Dit advies richt zich op het voorkomen van chronische ziekten. Naast deze richtlijn zijn er ook definities van ‘overmatig alcoholgebruik’ [meer dan 14 glazen (vrouwen) of 21 glazen (mannen) alcohol per week] en ‘zwaar drinken’, [minstens één keer per week ten minste 4 glazen (vrouwen) of 6 glazen (mannen) alcohol op een dag]. 44% van de inwoners van 18 jaar en ouder uit Zeist drinkt niet meer dan één glas alcohol per dag en voldoet hiermee aan de huidige richtlijn. Uit figuren 32 en 33 blijkt dat het percentage overmatige drinkers onder volwassenen (18-64 jarigen) en 65-plussers in de gemeente Zeist gedaald is en dat het streefpercentage voor beide groepen daarmee behaald is (zie bijlage 2). Overmatige drinker (mannen: >14 glz per wk; Vrouwen: >7 glz per wk), 18-64 jr | Zeist 28%

24%

20%

16%

12%

8%

4%

0% 2016

2020

Gemeente Zeist

2022

Regio Utrecht totaal

Figuur 32 Percentage 18-64 jarigen dat overmatig drinkt (mannen: >14 glz per wk; vrouwen: >7 glz per wk) in periode 2016-2022 voor gemeente Zeist en regio Utrecht in 2020 en 2022 (bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en senioren, 2016-2022)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 25

Overmatige drinker (mannen: >14 glz per wk; Vrouwen: >7 glz per wk), 65+ | Zeist 28%

24%

20%

16%

12%

8%

4%

0%

2016

Gemeente Zeist

2020

2022

Regio Utrecht totaal

Figuur 33 Percentage 65-plussers dat overmatig drinkt (mannen: >14 glz per wk; vrouwen: >7 glz per wk) in periode 2016-2022 voor gemeente Zeist en regio Utrecht in 2020 en 2022 (bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en senioren, 2016-2022)

Cijfers over alcoholafhankelijkheid zijn niet beschikbaar voor de laatste metingen van de gezondheidsmonitor volwassenen en senioren. Wel is er informatie over zwaar drinken. Respectievelijk 10,3% van de 18-64 jarigen en 4,7% van de 65-plussers drinkt zwaar (zie figuur 34).

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 26

Zware drinker (binge drinken) 12

11,3

10,3

Percentage

10 8 6

7,9

6,9 4,7

4,7

5

4,6

4 2 0 2020

2022

2020

Zeist

2022

Regio Utrecht 18-64 jaar

65+

Figuur 34 Percentage 18-64 jarigen en 65-plussers dat zwaar drinkt (mannen: 6 of meer glz bij 1 gelegenheid; vrouwen: 4 of meer glz bij 1 gelegenheid) in periode 2020-2022 voor gemeente Zeist en regio Utrecht (bron: Gezondheidsmonitor volwassenen en senioren, 2020-2022)

4.3 Relatie armoede en gezondheid Er is een relatie tussen armoede en gezondheid. Er wordt wel gezegd dat Arm ziek maakt en ziek maakt arm. Door armoede en schulden kan men veel stress krijgen. Als deze stress langdurig aanhoudt, kunnen mensen er ziek van worden, zowel lichamelijk asl psychisch. Ook het denk- en doenvermogen wordt aangetast. Aanhoudende stress heeft een dubbel negatief effect op de gezondheid en is daarmee een belangrijke factor voor het ontstaan en in stand houden van gezondheidsachterstanden. Andersom kan door ongezondheid men geconfronteerd worden met hogere kosten of bijvoorbeeld met minder mogelijkheden om te werken en geld te verdienen. In figuur 35 wordt dat visueel weergegeven. Hierin ziet u dat volwassenen die moeite hebben om rond te komen minder vaak een gezond gewicht hebben, minder regie over het leven ervaren, minder vaak een goed ervaren gezondheid hebben, zich minder vaak psychisch gezond voelen, zich minder sociaal vitaal voelen en ook minder vaak tevreden zijn over hun woning.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 27

Relatie rondkomen en 6 domeinen van gezondheid, 19+ (regio)

Figuur 35 Relatie moeite met rondkomen en 6 domeinen van gezondheid voor 19-plussers (regio Utrecht, bron: Gezondheidsmonitor 2020)

Eenzelfde patroon zien we bij jongeren (13-17 jaar) die opgroeien in een gezin waar men moeite heeft met rondkomen (zie figuur 36). Relatie rondkomen en 6 domeinen van gezondheid, 13-17 jaar (regio)

Figuur 36 Relatie moeite met rondkomen thuis en 6 domeinen van gezondheid voor 13-17 jarigen (regio Utrecht; bron: jeugdmonitor 2019)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 28

Ook blijken 10-11 jarigen die opgroeien in een gezin waar ouders moeite hebben met rondkomen vaker geen zwemdiploma te hebben of lid te zijn van een sportclub (zie figuur 37). Relatie rondkomen en participatie, 10-11 jaar (regio)

Figuur 37 Relatie moeite met rondkomen thuis en participatie 10-11 jarigen (regio Utrecht)

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 29

5. Conclusie 5.1 Bestaanszekerheid  6,7 procent van huishoudens in Zeist heeft een laag inkomen. Dit percentage is tot aan 2020 langzaam gedaald. Ook het aantal huishoudens met een bijstandsuitkering is gedaald. De verwachting is dat met de huidige energiecrisis de financiële problemen weer toe zullen nemen en dat deze percentages weer zullen stijgen. Drie procent van de Zeister huishoudens heeft een langdurig laag inkomen en 7,3% van de kinderen in Zeist groeien op in een huishouden met een laag inkomen. Achttien procent van de volwassenen en 8,7% van de senioren heeft moeite met rondkomen. Bijna 6 procent van de 19-65 jarigen heeft risicovolle schulden.  Doordat er een daling was in percentage volwassenen met financiële problemen tot 2020 zien we ook een daling in andere statistieken terug zoals een daling in bijvoorbeeld huisuitzettingen.  De daling in problematiek zien we ook terug in een daling in het gebruik van ondersteunende diensten door huishoudens met financiële problemen zoals schuldhulpverlening en de Regionale Sociale Dienst in de periode tot 2020. Een vergelijkbare daling zien we ook terug in de aanvragen bij Stichting leerkansen. Echter vanaf 2020 nemen het aantal aanvragen weer toe. Die stijging zien we bijvoorbeeld ook al bij het aantal cliënten bij de Voedselbank begin 2023.

Toen werden echter allerlei ondersteunende regelingen van kracht, dus nam het aantal meldingen in het tweede kwartaal weer af.  Groepen die het vaakst financiële problemen hebben zijn de 18-34 jarigen en de laag en middelbaar opgeleiden. 5.2 Gezondheid  Ervaren gezondheid: Zowel onder jongeren als volwassenen en senioren uit Zeist zien we een daling in het percentage dat hun gezondheid als (zeer) goed ervaart. De beoogde status quo of verbetering in de ervaren gezondheid onder de doelgroepen jongeren als 18plussers is niet bereikt.  Bewegen en gezond gewicht: Jongeren uit Zeist zijn in de periode 2015 en 2021 niet meer gaan bewegen. 18-64 jarigen zijn niet meer gaan bewegen tussen 2016 en 2022 en daarmee is de beoogde verbetering in beweeggedrag bij deze groep niet bereikt, in tegenstelling tot de senioren voor wie wel de doelstelling op terrein van bewegen bereikt is. Het percentage jongeren uit Zeist dat iedere dag fruit eet is tussen 2015 en 2019 licht toegenomen en daarmee is het beoogde doel behaald.  Mentale weerbaarheid: In alle doelgroepen jongeren, jongvolwassenen, volwassenen en senioren zien we dat de mentale gezondheid in de afgelopen jaren verslechterd is. Hieraan liggen verschillende oorzaken aan ten grondslag waarvan de coronacrisis er een van is.

 Alcoholpreventie: Het alcoholgebruik onder jongeren van 13-17 jaar is na een periode van daling licht gestegen. Het streefpercentage van 20% dat in de laatste 4 weken alcohol gedronken heeft is daarmee niet behaald. Ook zien we dat het bingedrinken onder jongeren uit Zeist nog te hoog is en zien we dat nog een te hoog percentage van de ouders het alcoholgebruik van hun minderjarige tiener niet afkeurt. Volwassenen en senioren drinken zelf ook. 44% van de inwoners van 18 jaar en ouder uit Zeist voldoet aan de richtlijn om niet meer dan 1 glas alcohol per dag te drinken. Het overmatig drinken (mannen: >14 glz per week en vrouwen: > 7 glz per week) is onder volwassenen (18-64 jarigen) wel gedaald tot onder het streefpercentage. Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 30

5.3 Relatie Gezondheid en bestaanszekerheid Zowel jongeren als volwassenen en senioren hebben een slechtere gezondheidssituatie als zij in armoede leven of financiële problemen hebben in vergelijking met mensen die niet in armoede leven of financiële problemen hebben. Kinderen van wie de ouders moeite hebben met rondkomen hebben minder vaak een zwemdiploma en zijn ook minder vaak lid van een sportclub. Gezondheid en bestaanszekerheid zijn op elkaar van invloed.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 31

Bijlage 1: Maatregelen vanuit het Rijk t.a.v. de inflatieen energiecrisis   Stijging wettelijk minimumloon Per 1 januari is het wettelijk minimumloon met 10,15% gestegen. Daarmee komt het minimumloon per 1 januari 2023 uit op € 1.934,40 per maand. Afhankelijk van de werkweek (36-, 38-, of 40-uur) betekent dat een bruto uurloon van € 12,40, € 11,75 of € 11,16 per uur. De minimumjeugdlonen stijgen met hetzelfde percentage. Daarnaast is de arbeidskorting verhoogd en het belastingtarief verlaagd voor de eerste schijf.  Uitkeringen Alle aan het minimumloon gekoppelde uitkeringen stijgen mee. Het gaat onder andere om de Participatiewetuitkeringen (bijstand), IOW, IOAW, IOAZ, AOW, Anw, Wajong, WW, WIA, WAO, Ziektewet en Toeslagenwet. Hierdoor heeft de minimumloonsverhoging ook positieve gevolgen voor het inkomen van uitkeringsgerechtigden en AOW’ers. Voor de netto bijstandsuitkering betekent dat een stijging van € 148 per maand voor gehuwden/samenwonenden en € 104 per maand voor alleenstaanden. De aanvullende pensioenen worden gemiddeld genomen geïndexeerd met 2,5 procent.  Kostendelersnorm Jongeren die inwonen bij hun ouders of andere huisgenoten tellen vanaf 1 januari pas mee als kostendelende medebewoner als ze 27 jaar worden. Dat betekent dat het inwonen van jongeren tot 27 jaar geen invloed heeft op de bijstandsuitkering van de ouders.

Met de verhoging van de leeftijd van 21 naar 27 jaar kunnen financiële problemen in bijstandsgezinnen worden voorkomen of zelfs dakloosheid voor de jongere zelf.  Toeslagen  Het kindgebonden budget gaat in 2023 extra omhoog. Het kindgebonden budget voor het eerste en het tweede kind stijgt met € 36 per maand. Vanaf het derde kind gaat het omhoog met € 44 per kind per maand. Het extra bedrag voor alleenstaande ouders stijgt met €47 per maand. Ook de inkomensgrens voor het kindgebonden budget gaat omhoog.  De kinderbijslag gaat per kwartaal met € 21 tot € 30 omhoog afhankelijk van de leeftijd van het kind. De nieuwe bedragen worden (afhankelijk van de leeftijd van het kind): € 385,37, € 327,56 of € 269,76 per kind.  De huurtoeslag stijgt, omdat het deel van de huur dat huishoudens zelf moeten betalen, lager wordt. Ook gaat de maximale huurgrens omhoog naar € 808,06.  De zorgtoeslag gaat € 40 tot € 60 per maand omhoog, afhankelijk van het inkomen. Ook voor de zorgtoeslag geldt dat de inkomensgrens omhoog gaat. Hierdoor hebben meer inwoners recht op zorgtoeslag.  Energietoeslag In 2023 hebben huishoudens met een laag inkomen opnieuw recht op een energietoeslag van € 1.300. Naar verwachting kan deze uitgekeerd worden vanaf 1 juni 2023. De Energietoeslag 2022 kan tot en met 31 mei 2023 worden aangevraagd bij de RDWI.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 32

 Prijsplafond Vanaf 1 januari 2023 geldt een prijsplafond op energie voor alle huishoudens en kleinverbruikers. Voor gas wordt het maximale tarief €1,45 per kuub tot een verbruik van 1200 kuub per jaar. Voor elektriciteit wordt het tarief gemaximaliseerd tot €0,40 per KWh bij een maximum verbruik tot 2.900 KWh. Voor het energieverbruik boven het plafond betalen huishoudens en andere kleinverbruikers het tarief zoals opgenomen in het energiecontract.  Beslagvrije voet Huishoudens met schulden die te maken hebben met een langlopend beslag op hun inkomen, mogen vanaf 1 januari 2023 langer doen over het aanpassen van hun woonkosten aan hun lagere inkomen. De huidige periode van een half jaar wordt verruimd tot achttien maanden en kan daarna nog eenmaal worden verlengd met zes maanden. Hiertoe is besloten omdat het snel vinden van nieuwe, passende woonruimte niet realistisch is gezien de huidige schaarste op de woningmarkt.  Afsluitverbod Het Rijk heeft met energiemaatschappijen afgesproken dat tussen 1 oktober 2022 en 1 april 2023 in principe niemand wordt afgesloten van gas en elektriciteit. Voorwaarden hiervoor zijn dat energieleveranciers de uiterste inspanning doen om in contact te komen met de inwoner en coulante betalingsregelingen voorstellen. Er mag ook geen fraude in het spel zijn.

 Noodfonds Het kabinet werkt aan een noodfonds waarmee mensen worden geholpen die hun oplopende energierekening niet meer kunnen betalen. Het geld moet ervoor zorgen dat bij betrokkenen de energie niet wordt afgesloten.  Studentenregeling Vanaf 1 januari 2023 krijgen studenten substantieel meer middelen om de oplopende kosten, waaronder die voor energie, te kunnen betalen. Studentensteden zijn nog in gesprek met het Rijk over hoe dit ingericht kan worden. Het Rijk heeft al wel laten weten 35 miljoen uit te trekken voor studenten en dit te verdelen over de studentensteden. Vanaf het schooljaar 2023-2024 hebben studenten weer recht op een basisbeurs. Vanwege de hoge inflatie wordt het bedrag voor uitwonende studenten extra verhoogd. Zij krijgen er elke maand € 165 bij.  Aanpak geldzorgen, armoede en schulden 2022 – 2025 Naast de genomen en aangekondigde (nood) maatregelen verscheen er op 29 november 2022 de Kamerbrief1 van de minister van Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen waarin het implementatieplan2 van de Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden is gepresenteerd. Met deze meerjarige en structurele aanpak wil het kabinet de bestaans- en inkomenszekerheid beter borgen, inzetten op de preventie van geldzorgen, een overheid die werkt voor mensen en realiseren dat meer mensen sneller perspectief hebben op een financieel zorgeloze toekomst.

Als eerste stap is er een commissie sociaal minimum ingesteld die breder onderzoek gaat doen na wat de verschillende huishoudtypen nodig hebben om rond te kunnen komen en om mee te kunnen doen aan de maatschappij. Deze commissie zal voor 30 juni 2023 haar rapport opleveren. De verdere definitieve uitwerking van de plannen en de bijbehorende middelen worden op een later moment bekend gemaakt door het ministerie.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 33

Bijlage 2: Ambitie, doelen en wijze van monitoring voor speerpunten Gezondheidsnota 2017-2020 en nota preventie- en handhavingsplan 2014 – 2018 A. Ervaren gezondheid Ambitie: Inwoners voelen zich gezond en doen mee in de samenleving naar eigen kunnen Meetbare doelen:  In 2019 beoordeelt hetzelfde, of een groter, percentage van de Zeister jeugd als in 2015, de eigen gezondheid als zeer goed of goed (2015: 88%).  In 2020 beoordeelt hetzelfde, of een groter, percentage van de volwassenen als in 2017, de eigen gezondheid als zeer goed of goed.  In 2020 beoordeelt hetzelfde, of een groter, percentage van de senioren (65+) als in 2017, de eigen gezondheid als zeer goed of goed. Monitoring: De genoemde doelen en indicatoren die de GGDrU elke vier jaar monitort voor jeugd; en voor volwassenen en senioren. B. Bewegen en gezond gewicht Ambitie: Meer jeugdigen en senioren in Zeist hebben een gezond gewicht en bewegen voldoende. Meetbare doelen:  In 2019 voldoet 22% van de Zeister jeugd aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen (2015: 19%).  In 2019 eet hetzelfde, of een groter, percentage van de Zeister jeugd als in 2015, elke dag fruit (2015: 36%).  In 2020 voldoet hetzelfde, of een groter, percentage van de senioren als in 2017 aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen.

Monitoring: De genoemde doelen en indicatoren die de GGDrU elke vier jaar monitort voor jeugd; en voor volwassenen en senioren. C. Mentale weerbaarheid Ambitie: Meer inwoners voelen zich mentaal weerbaar. Meetbare doelen:  In 2019 heeft hetzelfde, of een groter, percentage van de Zeister jeugd als in 2015, geen emotionele problemen (2015: 89%).  In 2019 is hetzelfde, of een groter, percentage van de Zeister jeugd als in 2015, voldoende weerbaar (2015: 94%).  In 2020 heeft hetzelfde, of een groter, percentage van de senioren als in 2017 geen of een matig hoog risico op een angst- of depressiestoornis. Monitoring: De genoemde doelen en indicatoren die de GGDrU elke vier jaar monitort voor jeugd; en voor volwassenen en senioren.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 34

D. Alcoholpreventie volwassenen en senioren Doelstelling: Afname overmatig alcoholgebruik onder volwassenen en senioren (mannen >14 glz per week; vrouwen: >7 glz per wk) en afname van alcoholafhankelijkheid onder volwassenen en senioren. Meetbare doelen:  In 2020 is het percentage overmatige drinkende volwassenen gelijk gebleven op 18,5%.  In 2020 is het percentage overmatig drinkende senioren gedaald van 30,7% (2016) naar 21,2%.  In 2020 is het percentage volwassenen dat afhankelijk is van alcohol gedaald van 12,8% (2016) naar 9,4%.  In 2020 is het percentage senioren dat afhankelijk is van alcohol gedaald van 9,1% (2016) naar 7,2%. Monitoring: De genoemde doelen en indicatoren die de GGDrU elke vier jaar monitort voor volwassenen en senioren. E. Alcoholpreventie Doelstelling: Afname alcoholgebruik en de schadelijke gevolgen van alcoholgebruik onder de 18 jaar; en afname van dronkenschap. Meetbare doelen*:  In 2019 is het percentage jongeren tussen de 13-17 jaar dat de afgelopen maand alcohol heeft gedronken gedaald van: 38% (2012) naar 20% (2018).  In 2019 is het percentage jongeren tussen de 13 en 17 jaar dat doet aan bingedrinken gedaald van: 27% (2012) naar 15% (2018).  In 2019 is het percentage van de drinkende jongeren tussen de 13 en 17 jaar dat doet aan bingedrinken gedaald van: 71% (2012) naar 35% (2018).

 In 2019 is het percentage ouders van drinkende jongeren tussen de 13 en 17 jaar dat dit alcoholgebruik niet afkeurt, gedaald van: 42% (2012) naar 30% (2018). Monitoring: De genoemde doelen en indicatoren die de GGDrU elke vier jaar monitort voor jeugd en volwassenen en senioren. * Doelstellingen zijn overgenomen uit de nota Preventie- en handhavingsplan 2014-2018, Drank en horecawet.

Rapportage Kwantitatieve analyse t.b.v. evaluatie beleidskader, GGD regio Utrecht- Pagina 35

GGD regio Utrecht Postbus 51 3700 AB Zeist T 030 608 608 6 E info@ggdru.nl I www.ggdru.nl Uitgave © GGD regio Utrecht Augustus 2023

Titel document GGD regio Utrecht- Pagina 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14404371/1