24RV001 Reactie op raadsvragen PvA Implementatie Omgevingswet
Tekst van het document
Schriftelijke reactie op vragen raadsvoorstel Plan van aanpak Implementatie Omgevingswet 2024-2032 Datum: februari 2024
Vragen en toezeggingen vanuit de raad Ronde Tafel 1 februari 2024 Vraag: Hoe verhoudt de Omgevingsvisie zich tot het project ARU (Alternatief voor de Ring Utrecht)? Antwoord: Het ARU is een alternatief plan van een aantal regiogemeenten en de provincie Utrecht voor het oorspronkelijke plan voor de verbreding van de Ring Utrecht van Rijkswaterstaat uit 2019. De betrokken snelwegen liggen niet in de gemeente Zeist. In het ARU zitten een aantal maatregelen die het voor reizigers aantrekkelijker maken om te kiezen voor de fiets en OV i.p.v. de auto, geheel in lijn met het door de gemeenteraad vastgestelde IRP (2021) en het Mobiliteitsplan (2022). Deze voorgestelde maatregelen komen te zijner tijd mogelijk wel gedeeltelijk in de gemeente Zeist terecht. In het Omgevingsvisietraject houden wij rekening met alle regionale ontwikkelingen en de Zeister inbreng voor regionale trajecten. De ARU is hier een voorbeeld van. Als de voorgestelde maatregelen effecten hebben voor de gemeente Zeist, dan wordt de gemeenteraad betrokken en worden deze ontwikkelingen in de Omgevingsvisie (en vervolgens het Omgevingsplan) verwerkt. U bent eerder geïnformeerd via RIB 24.022. Zoals al in de nieuwsflits aangekondigd, wordt er binnenkort een bijeenkomst georganiseerd waarin de gemeenteraad technische vragen aan het projectteam ARU kan stellen.
Zodra de datum en locatie bekend zijn, wordt u hierover geïnformeerd.
Toezegging: het college komt schriftelijk terug op de aanbevelingen van de heer Visscher Nr. Samenvatting Antwoord Aanbevelingen 1 In het (deel)plan van aanpak Participatie Het Afwegings- en toetsingskader het huidige Afwegings- en 2024 is een goede basis om het Handvat Participatie toetsingskaderkader 2024 als grondslag voor inwoners en initiatiefnemers te ontwikkelen nemen voor het Handvat Participatie. en is mede met deze bedoeling opgesteld. 2 Idem in het deelplan van aanpak Bij de evaluatie van projecten verzamelen we Participatie vooraf beoordelingscriteria feedback van alle betrokken partijen over wat goed en normen opstellen voor een zo ging en wat beter kan. We stellen voor de evaluatie objectief mogelijk evaluatieproces van nog criteria op. concrete projecten. 3
Daarbij ook gebruikmaken van Bij de ontwikkeling van het nieuwe handvat maken evaluaties van bestaande projecten uit we gebruik van de evaluaties van uitgevoerde
4
5
het verleden en toepassing van projecten. Een rollenspel is een mogelijke vorm, rollenspelen over al of niet fictieve maar er zijn ook andere vormen mogelijk. projecten. In de 4 deelplannen als voorwaarde voor In deze fase is de samenleving nog niet actief participatie opnemen het tijdig, actief en betrokken, omdat het nu primair processtukken zijn objectief informeren van de bevolking die gaan over de kaderstelling door de raad. en het tweezijdig communiceren. Het is inderdaad belangrijk dat we de samenleving vervolgens goed meenemen in alle stappen. We geven vooraf duidelijkheid over de planning, wat we exact vragen en wat hier vervolgens mee wordt gedaan.
Het tijdelijke Afwegings- en toetsingskader 2024 ook gebruiken als evenwichtig participatiekader voor de ontwikkeling van de omgevingsvisie 2050, het Omgevingsplan 2032 en het Handvat Participatie voor inwoners en initiatiefnemers.
Voor de Omgevingsvisie Zeist 2050 wordt nog een apart participatie- en communicatieplan opgesteld, dat in 2025 aan de raad zal worden voorgelegd. Aangezien het initiatief voor deze ontwikkelingen bij de gemeente ligt, hanteren we hiervoor het door de gemeenteraad vastgestelde Handvat Participatie (2022) als participatiekader. Het tijdelijke afwegings- en toetsingskader is om te kunnen toetsen bij initiatieven waar de gemeente niet de initiatiefnemer is.
Schriftelijke vragen SP Vraag: De nieuwe omgevingsvisie zou een toekomstperspectief moeten bieden op de lange termijn, met 2050 als ankerpunt. Mijn vraag hierbij is of het college bij een ontwikkelingsperspectief op deze lange termijn ruimte ziet om in deze visie wel diverse scenario’s (bijvoorbeeld een hoog en een laag groeiscenario, en dat dan uitgesplitst op diverse gebieden, zoals woningbouw, economie, en de relatie daarin met regionale projecten zoals Van A tot Z) op te nemen, zoals eerder ook door (o.a.) Patrick Greeven bepleit. En wat de gemeente De Bilt dus al direct bij de eerste omgevingsvisie zou hebben gedaan. Antwoord: Ja, dit is inderdaad de bedoeling van het college. We stellen denkrichtingen/scenario’s op voor Zeist in 2050. We nemen hierbij alle onderwerpen mee die van belang zijn voor de fysieke leefomgeving, zoals gezondheid, wonen, economie, groen en duurzaamheid. Zie hiervoor ook het plan van aanpak Omgevingsvisie. We organiseren een inhoudelijke bijeenkomst voor de raad om input op te halen voor de verschillende denkrichtingen. Volgens de planning gebeurt dit eind 2024/begin 2025. We leggen de denkrichtingen, inclusief een participatie- en communicatieplan, ter besluitvorming voor aan de raad. Volgens de planning gebeurt dit in het tweede kwartaal van 2025. Hierna raadplegen we de Zeister samenleving uitgebreid en halen we ideeën, wensen en meningen op.
Voor de totaalplanning en toelichting op de stappen verwijzen we naar het plan van aanpak Omgevingsvisie Zeist 2050.
Vraag: Ook zou ik wel willen weten welke ruimte het college ziet om in de verder te ontwikkelen omgevingsvisie bij de te organiseren participatie in te zetten niet alleen op een participatieniveau van “raadplegen”, maar ook van “adviseren”. Zeker bij een visie die een blik op een lange termijn vooruitwerpt zou het raar zijn om het niveau van participatie te beperken tot alleen “raadplegen”. In relatie daarmee ook de vraag of een inventarisatie gemaakt kan worden aan wat het extra zou kosten aan tijd en inhuur van mensen als we zouden besluiten om in de nieuwe omgevingsvisie wel van alle wijken een wijkvisie op te nemen. Antwoord: We hebben gekozen voor het niveau raadplegen omdat dit participatieniveau het meest laagdrempelig is. We hopen hiermee veel deelnemers te bereiken, zodat we vanuit diverse perspectieven een breed scala aan ideeën en meningen op kunnen halen. We zullen steeds een terugkoppeling geven van wat we met deze inbreng doen en waarom. Het is dus meer dan eenrichtingsverkeer. Wij kunnen ons voorstellen dat er partners zijn die de gemeente over specifieke thema's zullen adviseren. Te denken valt aan het waterschap, die de gemeente goed kan adviseren over hun expertise: water. Het antwoord op de vraag over de wijkvisies hangt onder meer af van wat precies wordt verstaan onder een wijk.
Officieel kent de gemeente Zeist 5 wijken: Centrum, Zeist-Noord, Zeist-West, ZeistOost (waaronder Austerlitz) en Huis Ter Heide, Bosch en Duin en Den Dolder. Mogelijk is een lager schaalniveau (buurtniveau) gewenst voor het opstellen van een visie, omdat dit beter aansluit bij de leefwereld van de inwoners. De gemeente Zeist heeft ongeveer 30 buurten volgens het CBS. Een wijk- en of buurtvisie opstellen is maatwerk en de kosten kunnen daarom lastig geschat worden. Het hangt bijvoorbeeld af van de uitdagingen en ontwikkelkansen. Een grove schatting is dat het opstellen van een visie ongeveer 1 tot 2 jaar tijd in beslag neemt. Er worden in die periode kosten gemaakt voor het participatieproces, eventuele stedenbouwkundige uitwerkingen, onderzoeken en ambtelijke capaciteit. De kosten zijn afhankelijk van vele factoren en schatten we tussen de €30.000 tot €100.000 per buurt. Deze kosten staan nog los van de ambtelijke capaciteit. Het opstellen van visies voor alle wijken en/of buurten kost veel tijd. We kijken per wijk/buurt welke aanpak we hanteren, wat er al ligt en wat nog nodig is.
Schriftelijke vragen GroenLinks Nr. 1
Vraag (samenvatting) Zou mogelijk zijn een schematisch totaaloverzicht aan het raadsvoorstel toe te voegen waardoor meer helderheid ontstaat over de volgorde en samenhang tussen de diverse plannen en de in die plannen opgenomen onderdelen en deeltrajecten?
2
Kunt u meer inzicht geven hoe en met welke diepgang de kwantitatieve en kwalitatieve groeninventarisatie in dit jaar 2024 zal worden verricht en wanneer, op welke wijze en met welke diepgang de metingen gaan plaatsvinden, inclusief het vaststellen van nulmetingen, een en ander ook zodat monitoring en evaluatie van natuurwaarden en groenblauwe waarden door de tijd mogelijk is (zie aangenomen motie vanuit GL bij EZO)?
3
4
Hoe worden de verschillen tussen ecologische waarden bij de inventarisatie in beeld gebracht en wordt bij de inventarisatie ook in kaart gebracht welk qua natuurwaarde in belangrijke mate kan worden versterkt? In welke mate en omvang wordt bij deze inventarisatie naast het openbaar groen, ook het particulier groen meegenomen?
Antwoord Er is een tijdlijn opgenomen aan het eind van het integrale plan van aanpak. Dit is voor de jaren 2024 en 2025. Het is lastig om verder vooruit te kijken. Bij de jaarlijkse herijking/evaluatie, zullen we de planning en samenhang tussen de diverse onderdelen steeds terug laten komen. Algemene opmerking over deze vraag en de vragen die hierop volgen: het voorliggende plan van aanpak gaat over het proces, en nog niet over de inhoud van de groeninventarisatie. Het college wil daarom niet te diep op deze vragen ingaan. We vragen om uw geduld. In het kort kunnen we alvast aangeven dat er in Zeist al verschillende inventarisaties zijn uitgevoerd, zoals een inventarisatie van bermen. Daarnaast zijn er veel meetgegevens voorhanden via andere bronnen, zoals via de provincie Utrecht. Zoals in het plan van aanpak Omgevingsvisie Zeist 2050 staat vermeld, is de analyse en inventarisatiefase vermoedelijk in het vierde kwartaal 2024 gereed. Er wordt daarnaast gewerkt aan een update van de biodiversiteitsvisie en een bijbehorende uitvoeringsstrategie. Besluitvorming door de raad over de biodiversiteitsvisie 2.0 en de uitvoeringsstrategie is voorzien in het vierde kwartaal van 2024. In de biodiversiteitsvisie van de gemeente Zeist, zijn hierover potentiekaarten opgenomen.
Er wordt gewerkt aan een update van de biodiversiteitsvisie en uitvoeringsstrategie. Hierin is er meer aandacht voor particulier groen. Waar liggen kansen en hoe kunnen we als overheid stimuleren dat particulieren
5
6
7
8
De inrichting van een gelijkwaardige groencompensatie is bij de EZO per motie met algemene stemmen vastgesteld. Dat neemt het belang van andere aspecten en onderwerpen niet weg, maar bij een met algemene stemmen bij de EZO aangenomen motie past een prioritaire uitvoering van deze motie die mij uit de diverse plannen (van aanpak) bij dit raadsvoorstel Implementatie Omgevingswet nog niet of onvoldoende is gebleken. Kunt u (meer) inzicht geven wanneer - zo snel als zorgvuldig en met diepgang mogelijk - een systeem van gelijkwaardige groencompensatie zal zijn onderzocht en ingevoerd en bij elk (nieuw) ruimtelijk plan binnen gemeente Zeist daadwerkelijk worden toegepast Er kan mogelijk begrip voor bestaan dat ‘tijdens de verbouwing de winkel open blijft’ voorzover het handelt om plannen met geen (significant) effect op het groen, maar hoe wordt bij elk plan met wél significante effecten op het groen de minimaal gelijkwaardige groencompensatie dan nu al verzekerd en gerealiseerd en hoe wordt dit ook zodanig aan initiatiefnemers opgelegd dat dergelijke volwaardige groencompensatie is veilig gesteld? Wanneer en zolang zodanige volwaardige groencompensatie in plannen met significante effecten op het groen nog niet zou kunnen worden verzekerd, ontstaat dan geen spanningsveld of dergelijke ruimtelijke plannen met significante effecten op het groen dan op in ieder geval dat moment nog wel
doorgang zouden mogen vinden nu deze ingaan tegen inhoud, bedoeling en strekking van de bij de EZO met algemene stemmen aangenomen motie waarin de Raad heeft aangegeven dat ook minimaal gelijkwaardige groencompensatie dient plaats te vinden? Is beantwoording van al de bovenstaande vragen met betrekking tot verzekeren van minimaal gelijkwaardige groencompensatie graag ook mogelijk voor wat betreft het verzekeren van toetsing aan en borgen en versterken van natuurwaarden en groenblauwe waarden én van van deelgebied-overstijgende natuurwaarden en groenblauwe waarden?
aan de slag gaan om de biodiversiteit te vergroten? Ook dit zal in de uitwerking van de biodiversiteitsvisie worden opgenomen. Dit betekent niet dat het eind 2024 al aanwezig is, maar dat er wordt gepland en financiering wordt geregeld om te onderzoeken of een groencompensatiesysteem wenselijk en hoe deze werkbaar is voor Zeist.
Er zal op basis van het huidige beleid worden gehandeld.
Tot die tijd wordt gehandeld volgens het huidige beleid.
Hiervoor geldt hetzelfde: het gaat om de natuurwaarden op een plek. Dit kan groen zijn maar ook blauw als ook rood (bijvoorbeeld bij gebouwbewonende soorten)
9
In betreffende motie is ook verzocht om een stappenplan met tijdsaanduidingen bij het uitvoeren van de diverse verzoeken uit betreffende motie met daarbij een haalbare planning door de tijd. Hoe vind ik een en ander terug in deze procesplanningen (PvA) nu dat is wat in deze aangenomen motie tevens is gevraagd? Indien dit inderdaad niet duidelijk in deze procesplanningen is terug te vinden, kan dit dan graag alsnog worden toegevoegd? 10. Graag inhoudelijke reactie vanuit het College op de aangedragen knelpunten, issues, omissies en opmerkingen zoals deze tevoorschijn komen in de ingestuurde reacties van WG-NZW en SMZ eo 11. Graag inhoudelijke reactie vanuit het College op de aanbevelingen uit ingestuurde reactie van E. Visscher: is het opvolgen van (een deel van) deze aanbevelingen mogelijk en zo nee waarom zou opvolging daarvan onmogelijk of ongewenst zijn? 12 Graag inhoudelijke reactie vanuit het College op de aangedragen knelpunten, issues, vragen en opmerkingen in de ingestuurde reacties van Schaafsma cs en van Vereniging Lyceumkwartier, waarbij voor wat betreft de vragen die Schaafsma cs en Vereniging Lyceumkwartier aan raadsleden suggereren om te stellen nu hierbij beschouwd mogen/ moeten worden als aan het College te zijn gesteld.
Bij elk plan van aanpak is een stappenplan met een planning opgenomen.
Tijdens de Ronde Tafel op 1 februari 2024 heeft de wethouder hier namens het college uitgebreid op gereageerd. Tijdens de Ronde Tafel op 1 februari 2024 heeft de wethouder toegezegd hierop terug te komen. Zie bovenstaande beantwoording. Zie het antwoord bij 10.