23RV082# rv Vaststellen tarieven OZB 2024
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Vaststellen OZB tarieven 2024
Portefeuillehouder
Walter van Dijk
Ontvangst griffie
05 december 2023
Opsteller
Ronde Tafel
N.v.t.
Zaak/stuknummer
Diana Huls 23RV082#/272520
Debat
N.v.t.
Besluit college
05 december 2023
Raadsvergadering
12 december 2023
Maatschappelijk effect en doel van het voorstel Het doel van dit voorstel is het vaststellen van de OZB (onroerende-zaakbelasting) tarieven 2024. De kaders voor de berekening van de tarieven zijn vastgesteld bij de Begroting 2024. Voorstel 1. De belastingpercentages voor de onroerende-zaakbelasting 2024 als volgt vast te stellen: a. Eigenaren van woningen: 0,0634% b. Eigenaren van niet-woningen: 0,2284% c. Gebruikers van niet-woningen: 0,1796% 2. De verordening op de heffing en invordering onroerende-zaakbelastingen 2024 vast te stellen. 3. Begrotingswijziging 2024005 vast te stellen.
Besluit Raad 12 december 2023: Conform unaniem (met 30 stemmen voor) besloten
Basis
Inleiding Jaarlijks worden de OZB (onroerende-zaakbelasting) tarieven vastgesteld. De uitgangspunten waarop de tarieven 2024 worden berekend, zijn vastgesteld bij de Begroting 2024. Hieronder wordt een samenvatting en aansluiting gegeven van de opbrengst OZB 2024 ten opzichte van de opbrengst 2023.
Pagina 1 van 10
Samenvatting en aansluiting OZB opbrengst Woningen (x € 1.000) (eigenaren) 8.533 tarieven en opbrengst OZB 2023 9.661 tarieven en opbrengst OZB 2024 1.128 verschil tussen 2023 en 2024 Aansluiting van het verschil indexering obv kadernota: 7,7 % extra verhoging 3% besluitvorming RV begroting 2022 areaalmutaties 2023 (mutaties inclusief indexaties woningen / niet-woningen) afrondingsverschillen (tarief maar 4 decimalen mogelijk) Totaal aansluiting verschil
Niet-woning Niet-woning eigenaren gebruikers 3.245 2.170 3.586 2.398 341 228 financiële verwerking in begroting 2024 begrotingswijziging 2022001
Totaal OZB 13.948 15.645 1.697
begrotingswijziging 2024005 begrotingswijziging 2024005
174 -4 1.697
1.076 451
Voor de berekening van de tarieven zijn twee elementen benodigd: de (taakstellende) OZB opbrengst en de WOZ waarde. Voor 2024 is de te behalen OZB opbrengst als volgt tot stand gekomen voor ieder van de drie categorieën van de OZB. Besluitvorming over opbrengst OZB (x € 1.000) A opbrengst OZB 2023 B indexering obv kadernota: 7,7% C 3% verhoging RV begroting 2022 D areaalmutaties 2023 E afrondingsverschillen F opbrengst OZB 2024
Woningen (eigenaren) 8.533 661 276 196 -4 9.662
Niet-woning eigenaren 3.245 249 105 -13 0 3.586
Niet-woning gebruikers 2.170 166 70 -9 0 2.397
Totaal OZB 13.948 1.076 451 174 -4 15.645
A. De OZB-opbrengst is een structurele dekkingspost in de begroting. Er wordt daarom altijd gestart vanuit de vastgestelde opbrengst bij de vorige begroting. B. Bij de kadernota is besloten alle lasten en baten te indexeren met 7,7%, dus ook de OZBopbrengst. C. Bij de begroting 2022 is besloten om de OZB drie jaar lang (2022, 2023 en 2024) met 3% bovenop de inflatie te laten stijgen. D. De areaalmutaties 2023 zijn bepaald door verschil tussen de actuele waardebepaling WOZ 2023 ten opzichte van de geschatte waardepaling WOZ 2023 in het raadsvoorstel van 2023. E. Afrondingsverschil. F. De voorgaande elementen leiden tot de taakstellende OZB opbrengst 2024. Op basis van deze te behalen opbrengst worden de tarieven berekend. De waardebepaling voor de WOZ (wet Waardering Onroerende Zaken) is ondergebracht bij de gemeenschappelijke regeling BghU (Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht). Deze WOZ waarden zijn de basis waarop de OZB tarieven worden berekend. We hebben de WOZ-waarden van de gemeente Zeist ontvangen op 23 november 2023. Van het totaal aan Onroerende zaken is 81,1% woningen en 86,8% niet-woningen opnieuw gewaardeerd door de taxateurs van de BghU. Dit betekent dat de WOZ waarden voldoende nauwkeurig zijn om te gebruiken voor de berekening van de tarieven.
Pagina 2 van 10
Argumenten Het vaststellen van de publiekrechtelijke tarieven is een bevoegdheid van de Raad. De Verordening op de heffing en invordering onroerende-zaakbelastingen 2024 moet uiterlijk 31/12/2023 door de Raad zijn vastgesteld. Toelichtingen X
Financiën
X
Communicatie
Juridisch
Risico’s
Automatisering
Anders
Verdere proces VERDIEPING Inleiding De berekening van de OZB tarieven kent altijd dezelfde elementen: A. De (taakstellende) opbrengst OZB conform de door de raad vastgestelde begroting. B. De WOZ-waarde van de woningen en niet-woningen. Bij de niet-woningen is daarnaast de leegstand en de uitwerking van Motie De Pater (deze term wordt straks toegelicht) van belang voor de gebruikersheffing. Ook zijn er niet-woningen waar vanuit de wet geen eigenaren- en/of gebruikersheffing mag worden opgelegd (deze objecten zijn wettelijk vrijgesteld). Het OZB-tarief wordt berekend volgens de formule: opbrengst OZB gedeeld door WOZ-waarde = OZB tarief (A / B). Dit heeft de volgende consequenties: Als de te behalen OZB-opbrengst (A) stijgt, zal ook het tarief stijgen. In de begroting 2024 is de prijsindex van 7,7% voor 2024 van toepassing, die door de raad is vastgesteld. Daarnaast heeft de raad bij het vaststellen van de meerjarenbegroting 2022 besloten om drie jaren (2022, 2023 en 2024) de OZB met 3% boven de inflatie te laten stijgen. Als de WOZ-waarde (B) stijgt, zal het tarief dalen. De OZB-aanslag en daarmee de OZB-tarieven, worden voor het belastingjaar 2024 gebaseerd op een WOZ-waarde met een wettelijke peildatum van 1/1/2023. Dit betekent dat in de WOZ waarde de waardeontwikkeling tussen 1/1/2022 (peildatum OZB 2023) en 1/1/2023 zichtbaar zal worden.
Een pand (niet-woning) kan leeg staan, dan is er geen gebruikersheffing mogelijk, er is geen gebruiker. De gebruikersheffing opleggen aan een ander (bijvoorbeeld de eigenaar) is wettelijk verboden. Zoals gezegd speelt bij de gebruikersheffing ook de ontwikkeling van de leegstand en de effecten van motie De Pater mee.
Pagina 3 van 10
Motie De Pater is een landelijke maatregel die is ingegaan bij het opheffen van de gebruikersheffing woningen en heeft ook een beperkend effect op de mogelijkheid om een gebruikersheffing op te leggen. Wanneer een niet-woning (pand) voor een beperkt deel toch als woning wordt gebruikt, dan is dat deel vrijgesteld van gebruikersheffing. De zorginstellingen maken gebruik van deze regeling. Voor deze panden kunnen we dus maar voor een deel van de waarde een gebruikersheffing opleggen. Hierdoor lopen de waarde van “eigenaar” en “gebruiker” bij de niet-woningen uit elkaar. In Zeist zijn veel zorginstellingen, waardoor dit effect significant is. De heffing en inning van de publiekrechtelijke tarieven is uitbesteed aan de BghU. De BghU werkt voor de deelnemende gemeenten met een uniforme werkwijze, waardoor efficiencyvoordeel kan worden behaald. Voor de berekening van de OZB-tarieven gelden de volgende uitgangspunten: -
Tarieven moeten wettelijk voor 1 januari 2024 door de gemeenteraad worden vastgesteld.
-
Na het vaststellen worden de tarieven officieel bekend gemaakt (= gepubliceerd).
-
De OZB tarieven moeten uiterlijk 10 januari 2024 worden aangeleverd, conform afspraak met de BghU. Daarna volgt het proces van het voorbereiden van de aanslagen.
-
De WOZ-waarde die gebruikt wordt voor de waardebepaling van de basis berekening van de tarieven OZB 2024 kan in werkelijkheid nog wijzigen. Er vinden in zeer beperkte mate nog waarderingen en controles plaats, bijvoorbeeld bij nieuwe objecten. Daarnaast is het mogelijk dat er op basis van bezwaar een waarde wordt aangepast. Daarom zal er altijd een afwijking zijn tussen begrote en werkelijke WOZ-waarde en OZB-opbrengst.
-
Er zijn areaalmutaties bekend geworden die zich in 2023 hebben voorgedaan. Dit heeft geen consequenties voor de tariefberekening: die wordt uitgevoerd op basis van gelijkblijvend areaal (ook in alle voorgaande jaren is dit zo gebeurd). Een areaaluitbreiding (of krimp) leidt tot een stijging (of daling) van de OZB-opbrengst.
ARGUMENTATIE
Hieronder wordt per vast te stellen tarief ingegaan op de berekening ervan. 1a. Het belastingpercentage voor de onroerende-zaakbelasting 2024 voor de Eigenaren van woningen vast te stellen op 0,0634% Tabel tariefberekening woningen (eigenaren) Stapsgewijze berekening A B C D E E1 F G H
definitieve tarieven OZB 2023 waardeontwikkeling 1/1/2022 - 1/1/2023 tarieven OZB 2024 bij gelijke opbrengst stijging OZB (opbrengst) met 10,931% opbrengst conform begroting 2024 Correctie begroting 2024 ivm 3% Raad afrondingverschil areaalmutaties 2023 opbrengst OZB 2024 incl.areaalmutatie
Waarde (x € 1.000) 14.788.026 153.151 14.941.177 14.941.177
Tarief (%) 0,0577%
Opbrengst (x € 1.000) 8.533
0,0571% 0,0634%
309.101 15.250.278
0,0634% 0,0634%
8.533 9.465 9.459 10 -4 196 9.661
Pagina 4 van 10
De waarde van de woningen in de gemeente Zeist laat tussen de peildata 1/1/2022 en 1/1/2023 een stijging zien: gemiddeld 1,04% (B). Voor een deel wordt dit veroorzaakt door de meevaller van de werkelijke WOZ waarde per 1/1/2022 op basis van de afronding van het waarderingsproces vorig jaar: 1,00%. De overige 0,04% waardestijging is de stijging die wordt verwacht op basis van de huidige inschatting van de waarde per 1/1/2023. De tariefberekening baseert zich op de waardeontwikkeling van het totaal, de waardeontwikkeling zal per individuele woning verschillen. Vanwege de totale waardestijging zal het tarief dalen om dezelfde opbrengst te genereren (C). Er is besloten om de opbrengst te laten stijgen met de vastgestelde prijsindex in de begroting 2024 van 7,7% plus een extra stijging van 3% op basis van de besluitvorming bij de begroting 2022 (D). De opbrengst is vergeleken met de opbrengst die conform de begroting 2023 moet worden gerealiseerd (E). In de meerjarige begroting 2023 is geen rekening gehouden met 3% extra stijging over de areaal uitbreiding in de begroting 2023 en de indexatie van 2024. De begroting 2024 wordt hierop aangepast. (E1). Er is sprake van ninil afrondingsverschil (F). Inmiddels is bekend dat er in 2023 een areaaluitbreiding heeft plaatsgevonden.
Deze uitbreiding van het aantal woningen zorgt voor een extra OZB-opbrengst, bovenop de vastgestelde begroting (G). Hierdoor ontstaat een nieuw totaal aan begrote OZB opbrengst in 2024 en verdere jaren (H). Samenvatting Tarief woningen (eigenaren) Definitief tarieven OZB 2023 Definitieve tarieven OZB 2024
Waarde (x € 1.000) 14.788.026 15.250.278
Tarief (%) 0,0577% 0,0634%
Opbrengst (x € 1.000) 8.533 9.661
1b. Het belastingpercentage voor de onroerende-zaakbelasting 2024 voor de Eigenaren van nietwoningen vast te stellen op 0,2284% Tabel tariefberekening niet-woningen eigenaren Stapsgewijze berekening A B C D E E1 F G H
definitieve tarieven OZB 2023 waardeontwikkeling 1/1/2022 - 1/1/2023 tarieven OZB 2024 bij gelijke opbrengst stijging OZB (opbrengst) met 10,931% opbrengst conform begroting 2024 Correctie begroting 2024 ivm 3% Raad afrondingverschil areaalmutaties 2023 opbrengst OZB 2024 incl.areaalmutatie
Waarde (x € 1.000) 1.503.513 72.566 1.576.079 1.576.079
Tarief (%) 0,2158%
Opbrengst (x € 1.000) 3.245
0,2059% 0,2284%
-5.847 1.570.232
0,2284% 0,2284%
3.245 3.599 3.604 -5 0 -13 3.586
De waarde van de niet-woningen in de gemeente Zeist laat tussen de peildata 1/1/2022 en 1/1/2023 een stijging zien: gemiddeld 4,83% (B). Voor een deel wordt dit veroorzaakt door de meevaller van de werkelijke WOZ waarde per 1/1/2022 op basis van de afronding van het waarderingsproces vorig jaar:2,45%. De overige 1,76% waardestijging is de stijging die wordt verwacht op basis van de huidige inschatting van de waarde per 1/1/2023.
Pagina 5 van 10
Vanwege de stijging van de WOZ-waarde moet het tarief dalen om dezelfde opbrengst te generen (C). Er is besloten om de opbrengst te laten stijgen met de vastgestelde prijsindex in de begroting 2024 van 7,7% plus een extra stijging van 3% op basis van de besluitvorming bij de begroting 2022 (D). Vervolgens is de opbrengst vergeleken met de opbrengst die conform de begroting 2024 (na besluitvorming) moet worden gerealiseerd (E). In de meerjarige begroting 2023 is geen rekening gehouden met 3% extra stijging over de areaal uitbreiding in de begroting 2023 en de indexatie van 2024. De begroting 2024 wordt hierop aangepast. (E1). Er is sprake een klein afrondingsverschil (F), dat wordt veroorzaakt omdat het tarief niet nauwkeuriger dan 4 decimalen in het percentage mag worden vastgesteld. lnmiddels is bekend dat er in 2024 een negatieve bijstelling van het areaal heeft plaatsgevonden. Dit heeft te maken van omzetting van niet-woningen naar woningen. Deze negatieve bijstelling van het aantal niet-woningen zorgt voor een minder OZB-opbrengst, dan de vastgestelde begroting (G). Hierdoor ontstaat een nieuw totaal aan begrote OZB opbrengst in 2024 en verdere jaren (H). Samenvatting Tarief niet-woningen eigenaren definitieve tarieven OZB 2023 definitieve tarieven OZB 2024
Waarde (x € 1.000) 1.503.513 1.570.232
Tarief (%) 0,2158% 0,2284%
Opbrengst (x € 1.000) 3.245 3.586
1c. De belastingpercentages voor de onroerende-zaakbelasting 2024 voor de Gebruikers van nietwoningen vast te stellen op 0,1796% Tabel tariefberekening niet-woningen gebruikers Stapsgewijze berekening A B C D E E1 F G H
definitieve tarieven OZB 2023 waardeontwikkeling 1/1/2022 - 1/1/2023 tarieven OZB 2024 bij gelijke opbrengst stijging OZB (opbrengst) met 10,931% opbrengst conform begroting 2024 Correctie begroting 2024 ivm 3% Raad afrondingverschil areaalmutaties 2023 opbrengst OZB 2024 incl.areaalmutatie
Waarde (x € 1.000) 1.286.263 54.310 1.340.573 1.340.573
Tarief (%) 0,1687%
Opbrengst (x € 1.000) 2.170
0,1619% 0,1796%
-4.815 1.335.758
0,1796% 0,1796%
2.170 2.407 2.408 -1 0 -9 2.398
De waarde van de niet-woningen voor het gebruikersgedeelte laat tussen de peildata 1/1/2022 en 1/1/2023 een stijging zien van 4,22% (B). Enerzijds spelen hier dezelfde factoren als bij de waardeontwikkeling voor de eigenaren. Anderzijds speelt bij de gebruikersheffing de ontwikkeling van de bezettingsgraad. De bezettingsgraad wordt niet alleen bepaald door het klassieke begrip leegstand (er is geen gebruiker van het pand, het pand staat leeg), maar betreft ook de uitwerking van de zogenoemde motie De Pater (zie toelichting bij de inleiding van de verdieping). Daarnaast zijn er objecten die vanuit (andere) wettelijk gronden een vrijstelling hebben voor de gebruikersheffing. Hierover zijn de volgende gegevens bekend:
Pagina 6 van 10
Bezetting niet-woningen N O P Q R S T U V W
waarde 1/1/2022 (OZB 2023) geen gebruikersheffing 2023 waarvan leegstand waarvan motie De Pater waarvan wettelijk geen gebruikersheffing waarde 1/1/2023 (OZB 2024) geen gebruikersheffing 2024 waarvan leegstand waarvan motie De Pater waarvan wettelijk geen gebruikersheffing
Eigenaar (x € 1.000) 1.503.513
Gebruiker (x € 1.000) 1.286.263
1.570.232
1.335.758
Bezetting (%) 85,6% 14,4% 5,0% 7,2% 2,2% 85,1% 14,9% 6,4% 7,1% 1,4%
Vorig jaar was de bezettingsgraad 85,6% (N), wat betekent dat voor 14,4% van de waarde geen gebruikersheffing kon worden opgelegd (O). Hiervan werd 5,0% veroorzaakt door leegstand (P), 7,2% door de uitwerking van motie De Pater (Q) en geldt voor 2,3% een wettelijke vrijstelling voor (alleen) de gebruikersheffing (R). Voor 2024 wordt voorlopig gerekend met een bezettingsgraad van 85,1% (S), wat betekent dat in 2024 voor 14,9% van de waarde geen gebruikersheffing kan worden opgelegd (T). De BghU heeft hiervan een onderverdeling aangegeven: 6,4% is veroorzaakt door leegstand (U), het aandeel De Pater is 7,1% (V) en voor 1,4% geldt een wettelijke vrijstelling voor (alleen) de gebruikersheffing (W). De waarde van de niet-woningen (gebruikersdeel) stijgt, waardoor de tarieven dalen om dezelfde OZB-opbrengst te genereren (C). Er is besloten om de opbrengst te laten stijgen met de vastgestelde prijsindex in de begroting 2024 van 7,7% plus een extra stijging van 3% op basis van de besluitvorming bij de begroting 2022 (D). Vervolgens is de opbrengst vergeleken met de opbrengst die conform de begroting 2024 (moet worden gerealiseerd (E). In de meerjarige begroting 2023 is geen rekening gehouden met 3% extra stijging over de areaal uitbreiding en de indexatie van 2024. De begroting 2024 wordt hierop aangepast. (E1).
Er is sprake een klein afrondingsverschil (F), dat wordt veroorzaakt omdat het tarief niet nauwkeuriger dan 4 decimalen in het percentage mag worden vastgesteld. lnmiddels is bekend dat er in 2023 een neerwaartse bijstelling van het areaal heeft plaatsgevonden. Deze neerwaartse bijstelling van het aantal niet-woningen zorgt voor een minder OZB-opbrengst, dan de vastgestelde begroting (G). Hierdoor ontstaat een nieuw totaal aan begrote OZB opbrengst in 2024 en verdere jaren (H). Samenvatting Tarief niet-woningen gebruikers definitieve tarieven OZB 2023 definitieve tarieven OZB 2024
Waarde (x € 1.000) 1.286.263 1.335.758
Tarief (%) 0,1687% 0,1796%
Opbrengst (x € 1.000) 2.170 2.398
2. De verordening op de heffing en invordering van onroerende-zaakbelasting 2024 vast te stellen. De berekende tarieven en de overige regels verbonden aan de heffing en invordering van de OZB worden vastgelegd in een verordening. Deze verordening wordt door de raad vastgesteld en is bijgevoegd.
Pagina 7 van 10
De verordening is tekstueel getoetst en aangepast. Hierbij vormen de modelverordening van de VNG en de afspraken binnen de BghU de basis. De belastingjuristen van de BghU zijn betrokken bij deze toetsing om de juridische kwaliteit te waarborgen. Dit jaar waren er geen aanpassingen noodzakelijk in de tekst van de verordening. Dit betekent eveneens dat richting burgers en bedrijven in Zeist de werkwijze van inning en dergelijke gelijk blijft.
3. Begrotingswijziging 2024005 vast te stellen. Dit raadsvoorstel zorgt voor mutaties in de begrote OZB opbrengsten 2024 (en latere jaren). Enerzijds zijn dit de afrondingsverschillen, omdat de tarieven niet nauwkeuriger kunnen worden vastgesteld dan 4 cijfers achter de komma. Anderzijds is er bij de woningen sprake van een areaaluitbreiding, terwijl bij de niet-woningen sprake van een daling van het areaal. Per saldo zorgen de areaalmutaties voor een stijging van de OZB opbrengst. Daarmee zorgt dit raadsvoorstel voor een positief effect op het begrotingssaldo van de gemeente.
TOELICHTING Financiën Het uitrekenen van de OZB tarieven gebeurt op basis van de uitgangspunten van de Begroting 2024. Daarmee is het uitrekenen van de tarieven een budgettair neutrale activiteit. De opbrengst uit de begroting is kaderstellend voor de berekening: de tarieven worden zodanig berekend, dat deze opbrengst wordt gerealiseerd. Gedurende 2024 is er sprake van een areaaluitbreiding bij de woningen en een negatieve mutatie op het areaal bij de niet-woningen. Dit zorgt vanaf 2024 voor een hogere OZB-opbrengst. Dit heeft een (structureel) positief effect op de begroting van circa € 174.710. Dit leidt tot de volgende aansluiting tussen de OZB 2023 en de OZB 2024. Samenvatting en aansluiting OZB opbrengst Woningen (x € 1.000) (eigenaren) tarieven en opbrengst OZB 2023 8.533 tarieven en opbrengst OZB 2024 9.661 verschil tussen 2023 en 2024 1.128 Aansluiting van het verschil indexering obv kadernota: 7,7 % extra verhoging 3% besluitvorming RV begroting 2022 areaalmutaties 2023 (mutaties incl indexatie woningen / niet-woningen) afrondingsverschillen (tarief maar 4 decimalen mogelijk) Totaal aansluiting verschil
Niet-woning Niet-woning eigenaren gebruikers 3.245 2.170 3.586 2.398 341 228 financiële verwerking in begroting 2023 begrotingswijziging 2022001
Totaal OZB 13.948 15.645 1.697
begrotingswijziging 2024005 begrotingswijziging 2024005
174 -4 1.697
Om een beeld te krijgen hoe de OZB tarieven van de gemeente zich verhouden tegenover het landelijk gemiddelde, word verwezen naar de notitie “Stabiliteitscriteria bij de begroting 2024”.
Pagina 8 van 10
1.076 451
Juridisch Het vaststellen van de publiekrechtelijke tarieven is een bevoegdheid van de Raad. De Verordening op de heffing en invordering onroerende-zaakbelastingen 2024 moet uiterlijk 31/12/2023 door de Raad zijn vastgesteld. VERDERE PROCES Planning en uitvoering
BIJLAGEN
1. Verordening op de heffing en invordering onroerende-zaakbelastingen 2024 2. Begrotingswijziging 2024005, waarin de effecten van dit raadsvoorstel zijn verwerkt
Pagina 9 van 10
RAADSBESLUIT
Behoort bij raadsvoorstel Nr. 23RV082#
De raad van de gemeente Zeist; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 05 december 2023; BESLUIT: 1. De belastingpercentages voor de onroerende-zaakbelasting 2024 als volgt vast te stellen: a. Eigenaren van woningen: 0,0634% b. Eigenaren van niet-woningen: 0,2284% c. Gebruikers van niet-woningen: 0,1796% 2. De verordening op de heffing en invordering onroerende-zaakbelastingen 2024 vast te stellen. 3. Begrotingswijziging 2024005 vast te stellen.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 12 december 2023 De raad voornoemd,
mr. J. Janssen, griffier
drs. J.J.L.M. Janssen, voorzitter
1