21RV004 - Bijdrage wg NZWest
Tekst van het document
Couwenhoven 4612, 3703 EM Zeist. Telefoon 030-6958618; e-mail: werkgroep@natuurlijkzeist-west.nl
Inspreekreactie Erfgoedverordening 2021 Ronde Tafel 21 januari 2021
Geachte raadsleden en overige betrokkenen, “Wij zijn zo trots als een pauw op ons cultureel erfgoed”. Zo begint de het Ambitiedocument Cultureel Erfgoed van de gemeente Zeist. Zo voelt onze Werkgroep het ook. Zeist is in veel opzichten een bijzonder mooie gemeente. Het werkgebied van onze Werkgroep in en om Zeist-West omvat de Stichtse Lustwarende en het agrarische ontginningenlandschap uit de 12e eeuw. De landgoedstructuren van de Stichtse Lustwarande zijn alle beschermde monumenten, aangewezen door de gemeenteraad sinds 1987 en de mooiste structuren zijn later rijksmonument geworden. Op verschillende manieren probeert onze Werkgroep erfgoed te promoten en te beschermen. Bij voorbeeld in specials van onze Nieuwsbrieven en brochures. In Zeist-West zoals het rijksmonument De Brink, de Zeister Grift met zijn mooie sluisje en de Kouwenhovenselaan. Erfgoedbescherming is belangrijk, want het voorkomt ondoordacht handelen waardoor de cultuurhistorische eigenheid en identiteit verhoren kan gaan. Dat kan zijn door de overheid zelf als ruimtelijke planner en belangrijke eigenaar. Maar ook ondoordacht handelen door eigenaren of projectontwikkelaars. Desgevraagd kan ik voorbeelden noemen hoe de erfgoedbescherming ons heeft behoed voor ongelukken. Bij een monument is voor relevante veranderingen een vergunning nodig en advisering door experts.
Erfgoed geeft identiteit en daardoor kwaliteit aan gebieden en vertaalt zich daarom ook vaak in meerwaarde, in termen van hoge belevingswaarde en daardoor meestal ook in waardestijging van vastgoed. De voorliggende verordening moet goed borgen dat de monumentenbescherming juridisch effectief is. Wij zien helaas enkele punten die ons zorgen baren. Jammer dat verordening niet in de inspraak is gebracht zodat betrokkenen bij het erfgoed eventuele opmerkingen richting college hadden kunnen maken. Dat Meer (juridisch-)technische opmerkingen via de Ronde Tafel bij de gemeenteraad ingebracht moeten worden, verbaast ons elke keer weer. Dat is voor niemand bevredigend en lijkt niet efficiënt. Onze zorgen Register In de oude verordening was een beschermd monument een structuur of object dat als zodanig was aangewezen. Met het collegebesluit was dus klaar. Dus het vereiste was dat er
2 aanwijzingsbesluit was. De nu voorgestelde verordening omschrijft in artikel 1 een monument als “5) Gemeentelijk monument: monument of archeologisch monument dat is ingeschreven in het gemeentelijk erfgoedregister”.
Er moet dus een duidelijk register zijn. Anders is het geen juridisch beschermd monument en is er dus geen bescherming. Er is op het moment wel een monumentenlijst maar of dat dan het register als bedoeld in verordening is? Het zou kunnen, maar het is wel verstandig dit duidelijk op papier zetten. Als staat het er maar boven. Dus voordat in een bezwarenprocedure o.i.d. geconstateerd wordt dat het vereiste register ontbreekt. Dan vervalt de monumentenbescherming. Better safe than sorry. Dit moet duidelijk zijn voordat de nieuwe verordening van kracht wordt. Ambtshalve wijzigen van de aanwijzing van monumenten. Wat betekent dat? Voor het aanwijzen of intrekken van de aanwijzing van een monument is advies van de monumentencommissie vereist. Burgemeester en wethouders mogen daarnaast ‘ambtshalve’ wijzigen aanbrengen. Uit eigen beweging en niet op aanvraag wordt hier bedoeld. Dit wordt niet verder toegelicht. (Overigens heeft het rijk het in de Erfgoedwet ook zo voor zichzelf geregeld maar dat wil niet zeggen dat dat dan goed is). In een gisteren verkregen toelichting werd gesteld dat het bij ambtshalve wijziging om administratieve zaken gaat. Bijvoorbeeld om hernummering van huisnummers e.d. Er werd echter ook genoemd “aanpassen aan een verleende omgevingsvergunning”. Dat gaat inhoudelijk al een stuk verder. Dat kan discussie opleveren over wat je dan hoe aanpast.
Het is in elk geval gewenst om dit in de toelichting op de verordening duidelijke uit te leggen. Om discussie te vermijden willen wij voorstellen dat voorgenomen besluiten tot ambtshalve gedeeltelijk schrappen van een aanwijzing ook om advies aan de monumentencommissie worden voorgelegd (en ook worden bekend gemaakt, zie volgende onderdeel). In de toelichting op de verordening kan dan worden aangegeven dat het om een inhoudelijk relevante wijzigingen moet gaan en niet om aanpassingen in de aanwijzing van administratieve aard. Artikel 10 lid 2 luidt dan bijvoorbeeld als volgt: Artikel 10. Wijziging gemeentelijk erfgoedregister, vervallen aanwijzing monument 1. Burgemeester en wethouders kunnen ten aanzien van gemeentelijke en voorlopige gemeentelijke monumenten ambtshalve wijzigingen aanbrengen in het gemeentelijk erfgoedregister. 2. Als de wijziging ziet op het (gedeeltelijk) schrappen uit het register is hoofdstuk 2 van overeenkomstige toepassing, tenzij het monument of het archeologisch monument waarop de aanwijzing betrekking heeft als zodanig is tenietgegaan.
Bekendmaking aanwijzing en intrekking Monumenten zijn van algemeen belang. Velen voelen zich betrokken bij monumenten. Wij zijn apetrots op ons erfgoed. Dat de bekendmaking van intrekking van de aanwijzing alleen bekend gemaakt aan de eigenaren is te mager. Burgers en erfgoedverenigingen hebben zo geen kans om invloed uit te oefenen. Gegeven het belang van monumentenbescherming is dit niet goed. Bovendien, de aanvraag en het besluit om een monumentenvergunning moet op grond van de Wabo wel bekend gemaakt. Vreemd dat besluiten over aanwijzen of intrekken van een gemeentemonument niet bekend worden gemaakt. Deze hebben zelfs meer impact dan een monumentenvergunning. Het rijk volgt bij rijksmonumenten wel de voorbereidingsprocedure uit artikel 3.4 van de Awb dus met zienswijzen van belanghebbenden. Het voorgenomen besluit ligt dan ter inzage en er kunnen zienswijzen
3 worden ingediend. Inwoners van de gemeente kunnen wel over rijksmonumenten, maar nie over gemeentemonumenten inspreken. Voorstel: Artikel 8. Voorbereiding en Bbekendmaking aanwijzingsbesluit aan rechthebbenden en belanghebbenden en inschrijving 1. De aanwijzing wordt schriftelijk bekendgemaakt aan alle zakelijk gerechtigden op de onroerende zaak die vermeld staan in de openbare registers, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Kadasterwet. 2. Besluiten over de (gedeeltelijke) aanwijzing tot gemeentelijk monument of tot intrekking daarvan worden genomen met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Hierbij wordt aan eenieder gelegenheid geboden tot het indienen van zienswijzen. 32. Zodra een aanwijzing onherroepelijk is geworden wordt deze onverwijld opgenomen in het gemeentelijk erfgoedregister.
De gemeenteraad moet dit zelf regelen. Want de erfgoedverordening is een soort gemeentelijke Wabo voor monumenten. Op deze wijze kunnen naast rechthebbenden ook andere belanghebbenden kennis nemen van besluiten en er hun mening over geven. Als u geen zienswijzenprocedure wilt houden, kunt minimaal kiezen voor wel bekendmaken van besluiten zoals bij gewone omgevingsvergunningen. Dat doen via de besluitenlijst van het college zoals ik als oplossing hoorde is veel te minimaal. Welke burger of vereniging leest die nu elk week door? De overheid heeft een actieve openbaarmakingsplicht. Wij stellen voor artikel 8 dan als volgt aan te vullen: Artikel 8. Bekendmaking aanwijzingsbesluit aan rechthebbenden en belanghebbenden en inschrijving 1. De aanwijzing wordt schriftelijk bekendgemaakt aan alle zakelijk gerechtigden op de onroerende zaak die vermeld staan in de openbare registers, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Kadasterwet. 2. Van de ontvangst van aanvragen tot en van (voorgenomen) besluiten over de (gedeeltelijke) aanwijzing tot gemeentelijk monument of tot intrekking daarvan geven burgemeester en wethouders kennis in een of meer dag-, nieuws-, of huis-aan-huisbladen of op een andere geschikte wijze kennis. Volstaan kan worden met het vermelden van de zakelijke inhoud. 32.
Zodra een aanwijzing onherroepelijk is geworden wordt deze onverwijld opgenomen in het gemeentelijk erfgoedregister.
De tekst van lid 2 is ontleend aan de Algemene wet bestuursrecht.
Wij vinden het jammer dat wij deze zaken pas drie weken voor de voorgenomen raadsbehandeling kunnen inbrengen. Wij hopen dat u als gemeenteraad de verordening en de toelichting nog kunt en wilt aanpassen.
Namens de Werkgroep, E. Schuler 06-49876043