20231121 Bijdrage Carlo Fiscalini (NDZ)
Tekst van het document
Vragen en debatnotities betreffende het Rv “Bebouwde kom Wet natuurbescherming” Rv 23RV070 / 255944
Al in 2013 was bekend, dat de Omgevingswet er zou komen. En dat daartoe overgegaan moest worden van papieren kaarten naar digitale kaarten. Op dat moment bestond de kaart bebouwde kom al 22 jaar. Waarom is die kaart bij de voorbereidingen van de overgang naar de komende invoering van de Omgevingswet niet betrokken ? Het was in 2013 toch al wel bekend, dat deze 22 jaar oude kaart verre van actueel was ? Hoeveel bestemmingsplannen waren er toen al vastgesteld en uitgevoerd die vervolgens niet op deze kaart werden ingetekend ? Is er dus al die decennia, toch bijna 40 jaar (!), helemaal niet nagedacht over hoe deze kaart geactualiseerd moest worden en hoe deze ingebracht moest gaan worden in het digitale kaartensysteem ten behoeve van het DSO ? Hoe kan het, dat eerst nu, in 2023, zoals onder Argumentatie in het Rv wordt gesteld, “het vaststellen van een digitale kaart passend is bij de Ow” !! Dat was in 2013 toch al passend ? Is daaraan dan 10 jaar niets gedaan ?! Terecht wordt onder Argumentatie in het Rv gesproken van “de hoogste tijd voor actualisatie” en dat het “sowieso goed is om de kaart een keer bij te werken” ! Zulke woorden laten zich toch alleen maar opschrijven vanuit de erkenning van grove nalatigheid ? Is er dan in die 40 jaar op geen enkel moment de noodzaak geweest van bestudering van deze kaart in verband met de aanvraag van een vergunning ? Hoe kunnen
vergunningen zoals bouwvergunningen, verleend zijn op basis van een zo verouderde kaart ? Op welke wijze bijvoorbeeld is deze verouderde kaart van invloed geweest op de vergroting in 2011 van het bouwvlak voor Bethesda ? Waarom heeft de invoering van de Wet Natuurbescherming (Wnb) van 2017, die de tot dan geldende Boswet verving, niet kunnen of mogen leiden tot aanpassen van deze kaart ? Wat voor betekenis heeft de Wet natuurbescherming 2017 gehad, indien de onder zijn voorganger bestaande, sterk verouderde kaart niet aan de bepalingen c.q. werking van de Wnb aangepast werd ? Moeten we concluderen, dat ook de Boswet niet ten volle kon worden uitgevoerd en nageleefd, omdat de daarbij behorende kaart bebouwd/onbebouwd helemaal niet meer actueel was ? Welke gevolgen heeft die niet naleving gehad, voor de natuur, voor inwoners, voor projecten ? Is het niet onverstandig om nu, in grote haast, om daarmee nog net klaar te zijn voor de invoering van de Omgevingswet (Ow), deze Kaart bebouwde kom te wijzigen ? Is het niet juridisch onterecht, zelfs onlogisch, om nu nog net voor die invoering deze wijzigingen aan te brengen ? Gesteld wordt, dat op de geactualiseerde kaart enkele gebiedjes “in lijn met de Wnb buiten de bebouwde kom Wnb zijn gebracht”.
Waarom is dat niet meteen bij de invoering van deze wet, in 2017, gedaan ? Waarom moeten enkele grote gebieden, zoals beoogde bouwvlakken WA Hoeve, HtH West, Sortie 16 e.d., binnen de bebouwde kom Wnb gebracht worden nog voor inwerkingtreding van de Ow ?
Waarom is dat zo noodzakelijk ? Al eerder is aangegeven, dat het correcter zou zijn, ook juridisch, om ten aanzien van die gebieden eerst de bestemmingsplanprocedures tot een einde te voeren en de vergunningverleningen onherroepelijk te laten worden en pas dan de kaart op die nieuwe toestanden aan te passen. Waarom moet de omgekeerde route nu bewandeld ? Is het niet zo, dat nu besluiten tot wijzigen, als met dit Rv bedoeld, de rechtszekerheid voor diverse belanghebbenden aangetast wordt ? Ten deze verwijs ik naar de argumenten onder “Juridisch” in de inspraakreactie van de heer Egbert Visscher van 16 november jl.. Het nu vaststellen van deze conceptkaart kan tot allerlei procedures leiden. “Iedereen moet alle relevante, ruimtelijke gegevens digitaal kunnen vinden” vermeldt het Rv. Maar dat gold in 2013 e.v. toch ook al ? Waarom is in die 10 jaar met deze vaststelling kennelijk niets gedaan ? Waarop is de stelling gebaseerd, dat het niet nu aannemen van dit Rv leidt tot het opnieuw moeten doen van de nu gevolgde, tot dit Rv geleid hebbende proces ? Er moet toch sowieso nog in het kader van het opstellen en uitwerken van het Omgevingsplan het nodige gebeuren. Bij dat opstellen moet betrokken worden alles wat in en rond de Kaart bebouwde kom Wnb aan de orde was en nog zal komen.
Het is te kort door de bocht om te stellen, dat alleen maar “de term “bebouwde kom Wet natuurbescherming” vervangen wordt op 1 januari 2024 door de term “bebouwingscontour houtkap”. Want deze laatste term moet een beredeneerde plaats krijgen in het Omgevingsplan en dat zal als zodanig weer, in zijn geheel of op onderdelen, de procedure van een Rv, via RT en Debat, moeten doorlopen. Bovendien is dit niet de enige term, die in dit kader van naam verandert dan wel anders geparafraseerd moet. Het Omgevingsplan (Op) bestaat uit regels, die kunnen bestaan uit drie vaste onderdelen, t.w. de regel zelf, zijn werkingsgebied en, indien relevant, een waarde. Het werkingsgebied is door geometrische plaatsbepaling begrensd waardoor duidelijk is voor welke locatie de regel geldt. Iedere regel in een omgevingsdocument heeft een werkingsgebied, hetzij het ambtsgebied van het bevoegd gezag, hetzij een specifiek werkingsgebied . Wanneer een regel gaat over een activiteit, een omgevingswaarde of een omgevingsnorm (zoals de maximum bouwhoogte voor gebouwen) of een specifiek gebied aanwijst, kan dat gegeven als extra informatie aan regel en werkgebied worden toegevoegd (= annoteren). Bij het annoteren van een regel-werkingsgebied-combinatie met activiteiten moet het bevoegd gezag een waarde uit een vaste waardenlijst voor activiteiten kiezen. Daar zijn vaste lijsten voor.
Bij iedere waarde hoort een standaardsymbolisatie (kleur, arcering, transparantie, enz.). De keuze voor een bepaalde waarde leidt tot dezelfde weergave op de kaart. Deze waardenlijsten staan in de Stelselcatalogus Omgevingswet en gelden voor alle omgevingsdocumenten. Waar het zoals uit voorgaande, niet volledige, opsomming van zaken moge blijken, niet alleen gaat om het veranderen van de naam en toedeling van de bevoegdheid om kappen toe te staan, en zulks in het Op dus uitgebreid moet worden vermeld, ligt het voor de hand te stellen, dat van een opnieuw dezelfde procedure moeten doorlopen geen sprake is. Immers moeten diverse aspecten van en met betrekking tot de kaart sowieso opnieuw via Rv aan de samenleving en Raad in het kader van komen tot het Op worden voorgelegd. Kan het College het met deze stelling eens zijn ? De gemeente stelt in het Op regels over activiteiten indien Rijk en provincie die niet al hebben geregeld. Waarbij ook gelet moet worden op de instructieregels van het Bkl. Gemeenten zijn
verantwoordelijk voor de fysieke leefomgeving. Natuur is onderdeel daarvan. Gemeenten kunnen in het Op gebieden aanwijzen om de natuur te beschermen en kan daarvoor eigen regels geven in het Op. En zo komen in het Op regels tot bescherming van houtopstanden, via het Bal, i.e. buiten de bebouwde kom : bebouwingscontour kap, c.q. houtkap of boskap. Voor houtkap in het buitengebied hebben de regels in het Bal dus een exclusief karakter. In het Op wordt een bebouwingscontour houtkap aangewezen aansluitend aan stedelijk gebied, dus voor “buitengebied”. Waarom dus zouden we nu min of meer hals over kop dit Rv moeten besluiten waar diverse onderdelen daarvan, als ook de regels betreffende de Kaart, later toch nog moeten worden beslist in het kader van deze onderdelen van het Op ??
Conclusie : • • •
dit Rv is in meerdere opzichten onjuist, onvolledig, onvoldragen en niet nodig op dit moment, te weten het nu nog beslissen voordat de Ow wordt ingevoerd. Aan de zienswijzen is onvoldoende recht gedaan en NDZ kan daarom met de Nota van toelichting en zienswijzen niet instemmen. NDZ kan ook de geactualiseerde digitale kaart bij dit Rv om voornoemde redenen niet vaststellen.
NieuwDemocratischZeist
Carlo Fiscalini