CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

20210608 Beantwoording reaadsvragen SP over rv aanpassingen APV

Raad 8 juni 2021, gemeente ZeistBij agendapunt: Diverse aanpassingen APV (gewijzigd)1.224 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NB griffie: de antwoorden van het college van B&W is in een afwijkende kleur aangegeven.

Vragen over raadsvoorstel 21RV036: Wijzigingen APV 2021 De SP zou graag nadere vragen willen stellen over raadsvoorstel 21RV036 (agendapunt 6 bij raadsvergadering van 8 juni 2021). Over dit voorstel is geen Ronde Tafel noch debat geweest. De vragen zouden anders bij de Ronde Tafel en het debat zijn gesteld aan de portefeuillehouder. De vragen hebben betrekking op onderstaande twee wijzigingen van de APV, waarbij onderstaande artikelen aan de APV zouden worden toegevoegd. De volgorde van de betreffende twee wijzigingen is hier omgekeerd (ten opzichte van de rangschikking van deze artikelen in de bijlage) weergegeven, omdat (het in te voegen) artikel 2:28 lid 5 een noodzakelijke voorwaarde is voor / voorafgaat aan het kunnen toepassen van artikel 1:9 lid 2. V. Nadere regels aantal inrichtingen per categorie Aan artikel 2:28 (exploitatie openbare inrichting)wordt een lid toegevoegd luidende: 5. Het college kan nadere regels vaststellen voor het aantal openbare inrichtingen waarvoor per categorie exploitatievergunning kan worden verleend alsmede voor die inrichting(en) geldende nadere voorwaarden. I. Schaarse vergunningen Artikel 1:9 “Geldigheidsduur vergunning of ontheffing” komt te luiden als volgt: 1. De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning of ontheffing anders is bepaald of de aard van de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet.

2. De aard van de vergunning of ontheffing verzet zich in ieder geval tegen gelding voor onbepaalde tijd als het aantal vergunningen of ontheffingen is beperkt en het aantal mogelijke aanvragers het aantal beschikbare vergunningen of ontheffingen overtreft. Het college stelt voor om aan de begripsomschrijving van een openbare inrichting naast shishalounges en coffeeshops ook toe te voegen: afhaalpunten, fast- en foodbezorging, take away en maaltijdbezorging (RV21036, pg. 3, onder de toelichting bij wijziging IV). Daarnaast wordt voorgesteld het college de mogelijkheid te geven om nadere regels vast te stellen voor het aantal openbare inrichtingen waarvoor per categorie exploitatievergunning kan worden verleend (id., pg. 4, onder de toelichting bij wijziging V). Hierover heeft de SP de volgende vragen: 1. Krijgt het college straks de mogelijkheid om voor alle categorieën openbare inrichtingen, dus niet alleen shishasalons en coffeeshops, een beperkt aantal exploitatievergunningen af te geven? Reactie: Ja, in theorie zou dat kunnen.

NB griffie: de antwoorden van het college van B&W is in een afwijkende kleur aangegeven.

2. Wat voor implicaties heeft het (straks) beperken van exploitatievergunningen voor de in Zeist reeds bestaande openbare inrichtingen? Reactie: Met voorliggende wijzing, niks. Beoogt het college om, naast shishalounges en coffeeshops ook andere categorieeën van openbare inrichtingen (inclusief de nieuw toegevoegde) te reguleren middels het stellen van een maximum aan exploitatievergunningen? Reactie: Nee, het college ziet daar geen aanleiding toe. 3. Zo ja (bij laatste vraag bij 2): wat betekent dit voor nieuw te vestigen ondernemers die in Zeist een zaak willen openen die straks onder de regelgeving van een “openbare inrichting” valt? Wordt het nieuwe, startende ondernemers zo niet extra moeilijk gemaakt om in Zeist bijvoorbeeld een (afhaal)zaak te openen? NVT 4.

Zo ja (bij antwoord op laatste vraag bij 3): staat het doel van deze uitbreiding van de APV wel in verhouding tot de mogelijke gevolgen die dit kan hebben voor het ondernemersklimaat (van in het bijzonder de openbare inrichtingen)? In het bijzonder gaat het dan om de risico's van mogelijk grotere leegstand, of het bestendigen van de huidige situatie van leegstand, als ondernemers als gevolg van de extra regelgeving en beperking van vergunningen in de APV ontmoedigd worden om in Zeist een zaak te beginnen of bestaande ondernemers (in accumulatie op de bestaande crisis als gevolg van corona) mogelijk zelfs hun winkel zouden moeten sluiten? NVT 5. Wat betekent concreet “vergunning voor bepaalde tijd”? Over wat voor een periode moet dan gedacht worden? Kan een vergunning voor bepaalde tijd ook omgezet worden naar een vergunning voor onbepaalde tijd, en zo nee (als dat in gevolg van Europese regelgeving niet mogelijk is), welk beleid hanteert het college als de vergunning voor bepaalde tijd is verlopen? Wordt de vergunning dan weer opnieuw voor bepaalde tijd verlengd? Reactie: Concreet betekent het dat de vergunning een einddatum heeft. Een termijn gelegen tussen de 5 – 10 jaar is denkbaar. De looptijd moet het mogelijk maken om gepleegde investeringen terug te verdienen. Op het moment dat de vergunning eindigt, staat het een ieder vrij de vergunning (opnieuw) aan te vragen. 6.

Bij bevestigend antwoord op vraag 5: acht het college dit een wenselijke situatie? Is er geen sprake van een vorm van rechtsongelijkheid als de ene ondernemer (van de shishalounge of smartshop) straks alleen zijn zaak kan exploiteren met (onzekerheid over) verlenging van bestaande vergunning voor bepaalde tijd, waar dit voor de andere, langer gevestigde ondernemer gewoon een vergunning voor onbepaalde tijd is? Reactie: In het geval er sprake is van een schaarse vergunning, is het op basis van Dienstenrichtlijn niet toegestaan een vergunning voor onbepaalde tijd te verlenen. Juist door de schaarse vergunning van tijdelijk aard te laten zijn, geeft het andere ondernemers in dezelfde branche de mogelijk om op een later

NB griffie: de antwoorden van het college van B&W is in een afwijkende kleur aangegeven.

moment alsnog in aanmerking te komen voor de vergunning. 7. Kan het college nader motiveren waarom bij de komst van een shishalounge in Zeist grotere risico's op veiligheid en criminaliteit zouden zijn dan de risico's bij bestaande zaken die (straks) als “openbare inrichting” worden geclassificeerd? In de toelichting worden shishalounges en smart- en headshops zo ongeveer direct in verband gebracht met criminaliteit en verhoogde veiligheidsrisico's, op welk onderzoek(en) is dit gebaseerd, welke databases zijn gebruikt? Reactie: Wij baseren ons op de toelichting van de Modelverordening VNG. Deze is tot stand gekomen met input uit de praktijk bij de (G40) gemeenten. 8. [Doorgaand op vraag 7] Heeft er ook vergelijkend onderzoek plaatsgevonden, tussen de veiligheidsrisico's van coffeeshops en shishalounges, en zo ja, wat is hier uitgekomen? Reactie: Nee. Bij bevestigend antwoord: graag ook met referentie naar het betreffende onderzoek. 9.

Laat het feit dat in Zeist sinds 1997 een coffeeshop bestaat met nog steeds dezelfde eigenaar niet zien dat ondernemers in de sector van openbare inrichtingen die het college sterk wil beperken, ook heel goed in staat zijn zelf verantwoordelijkheid te nemen? Waarom zou de ondernemer die binnenkort een shishalounge wil beginnen in Zeist dan bestuursrechtelijk (en moreel) anders behandeld moeten worden, waarom niet (in beginsel) uitgaan van vertrouwen? Reactie: Een schaarse vergunning zegt niets over de ondernemer. Het geeft aan dat het college ervoor gekozen heeft het aantal ondernemingen in die specifieke branche te beperken. Die beperking brengt, juridisch, met zich mee dat het een vergunning betreft die voor bepaalde tijd MOET worden verleend. 10. [Doorgaand op vraag 9] Kan het college de vergunning voor onbepaalde tijd van zaken waarvan het aantal nu al aan een maximum is gebonden (zoals de coffeeshop) straks ook omzetten naar een vergunning voor bepaalde tijd, omdat er in de nieuwe situatie (bij in werking treden van de gewijzigde APV) dan sprake is van een “schaarse vergunning”? Zo ja, gaat het college van deze mogelijkheid dan ook gebruik maken onder het mom van “gelijke monniken, gelijke kappen”? Reactie: De Dienstenrichtlijn bepaald dat een beperking van het aantal zaken, tot gevolg heeft dat deze voor bepaalde tijd MOETEN worden verleend. David Tompot SP Zeist

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10240600/1