20210104 Raadsvragen ZB Motie giften aan bijstandsgerechtigden
Tekst van het document
FORMULIER (BEANTWOORDING) RAADSVRAGEN
Datum vraag Datum beantwoording Soort Vragensteller Onderwerp
: : : : :
4 januari 2021 Schriftelijk te beantwoorden vragen Hannie van Kippersluis (ZB) Motie giften aan bijstandsgerechtigden
Geacht college, Op 15 december 2020 is de motie - Giften tijdelijk toestaan in de Bijstand door de Raad aangenomen. In de media duiken nu alarmerende berichten op over een rigide toepassing van de regels. Mede naar aanleiding hiervan heeft ZeisterBelang zorgen over de uitvoering van genoemde motie. Een toelichting: Schenken riskant voor de bijstand: Wie een kind, vriend of kennis met een bijstandsuitkering financieel ondersteunde, kan problemen veroorzaken. De gemeente kan de uitkering intrekken of zelfs een boete opleggen. Onlangs was dit nog in het nieuws. Gemeenten hebben vaak strenge regels als het gaat om schenkingen aan bijstandsgerechtigden. Zo verrekenen Amsterdam en Rotterdam de schenking met de uitkering als gift meer is dan € 1200 per jaar, terwijl schenkingen tot € 2173 per jaar belastingvrij zijn. Komt de schenking van de ouders, dan is de jaarlijkse belastingvrijstelling zelfs € 5428. De Belastingdienst kijkt bij de maximum bedragen dus naar degene die schenkt. Als de ouders € 5428 schenken en een broer of zus geeft nog eens € 2173, dan is het totale bedrag belastingvrij. Optellen: De gemeente telt alle schenkingen bij elkaar op. Een voorbeeld: als de ouders € 1000 schenken en een broer of zus € 400, dan wordt daarmee het maximum bedrag van € 1200 overschreden. De gemeente kijkt ook naar schenkingen in natura.
Als de broer een fiets of iedere maand een voedselpakket geeft, telt de waarde van die schenkingen ook mee. Vermogen: Een bijstandsgerechtigde mag niet meer dan € 6120 aan vermogen hebben. Voor een echtpaar is dat het dubbele (€ 12240). Het is niet genoeg om jaarlijks onder de vermogensgrens te blijven. De aangegeven grenzen gelden voor de gehele periode van de bijstand. Stel, een alleenstaande heeft een vermogen van € 3000 vermogen en vraagt bijstand aan. Hij/zij maakt het bedrag in de loop van het jaar op. In het jaar daarop heeft hij/zij € 100 op de spaarrekening staan en krijgt hij een erfenis van € 6000. De gemeente telt het inmiddels verdwenen vermogen van € 3000 toch mee en stelt het vermogen daarmee vast op € 9000. Voordat hij/zij weer bijstand krijgt, moet hij eerst € 2880 aan vermogen (€9000 - € 6120) opmaken. Voor de regeling zoals in Zeist door de raad is geaccordeerd, is het dus sterk van belang hoe een gemeente hierin handelt en of dit al dan niet tegenstrijdig is met de wetgeving. Hoe we het ook wenden of keren, een bijstandsgerechtigde is bij een gift altijd de klos, als men geen weet heeft van de regelgeving binnen de desbetreffende gemeente op het gebied van bijstandsgerechtigden.
Binnen de wetgeving over de bijstandsgerechtigden zijn er eveneens “Beleidsregels Vrijlating Giften Participatiewet” opgesteld. Zie onderstaande informatie. Deze beleidsregels geven links en rechts wat ruimte voor giften. Echter de gemeente is in dit proces leidend. Beleidsregels Vrijlating Giften Participatiewet Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen Alle begrippen die in deze beleidsregels gebruikt worden en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht. In deze beleidsregels wordt verstaan onder: ±. Belanghebbende: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. ± Gift: een onverplichte betaling van geld uit vrijgevigheid door een natuurlijk persoon of door een instelling. ±. Gift in natura: schenking van goederen of een andere vorm niet zijnde geld; ±. De wet: De Participatiewet. Hoofdstuk 2: Artikel 2: Giften met een specifieke bestemming Giften met een specifieke bestemming, waarvoor belanghebbende - indien hij/zij de gift niet had ontvangen - aanspraak zou kunnen maken op bijzondere bijstand op grond van de wet of een maatwerkvoorziening op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning worden volledig buiten beschouwing gelaten. Belanghebbende dient desgevraagd aan te kunnen tonen dat de gift is besteed aan de in het eerste lid bedoelde bestemming.
Artikel 3: Eenmalige giften zonder specifieke bestemming Een eenmalige gift is een eenmaal per kalenderjaar ontvangen gift van een persoon of instelling. Giften die binnen het kalenderjaar eenmalig van verschillende personen of organisaties worden ontvangen, worden eveneens als eenmalige giften aangemerkt. Een eenmalige gift of een cumulatieve gift van verschillende eenmalige giften, wordt vrijgelaten voor zover het totaal aan giften op jaarbasis maximaal 60% van de van toepassing zijnde maandelijks bijstandsgerechtigde inclusief vakantietoeslag, afgerond naar boven tot een veelvoud van € 650 bedraagt. Bij overschrijding van het bedrag als bepaald op grond van het tweede lid, wordt het meerdere aangemerkt als verworven vermogen. Artikel 4: Periodieke giften zonder specifieke bestemming Periodieke giften die binnen het kalenderjaar twee of vaker van dezelfde persoon of instelling worden ontvangen. Periodieke giften worden vrijgelaten voor zover het totaal aan giften op jaarbasis maximaal 60% boven tot een veelvoud van € 50 bedraagt. Overschrijding van het bedrag als bepaald op grond van het tweede lid, wordt het meerdere aangemerkt als inkomen in de maand waarin de gift is ontvangen.
Artikel 5: Anticumulatie Van het totaal ontvangen giften als bedoeld onder artikel 3 en 4 wordt op jaarbasis maximaal 60% van de van toepassing zijnde maandelijkse bijstandsnorm inclusief vakantietoeslag, afgerond naar boven tot een veelvoud van € 50 buiten beschouwing gelaten. Bron: Geldgids/Consumentenbond/Ministerie Economische Zaken
ZeisterBelang ziet graag dat de motie zonder nare fiscale gevolgen voor de bijstandsgerechtigde wordt uitgevoerd. Kan de wethouder dit bevestigen? Met vriendelijke groet, Hannie van Kippersluis ZeisterBelang