06-23RV003 Bijlage 6, Notitie bodemonderzoek
Tekst van het document
Voorraad organische stof die over 1 jaar in de bemonsterde laag nog aanwezig zal zijn als er geen (effectieve) organische stof wordt aangevoerd. Totaal benodigde aanvoer van effectieve organische stof als gevolg van afbraak van de organische stof. Aanvoer via gewasresten (gemiddeld binnen opgegeven bouwplan of gewassen). Nog aan te vullen via bijv. dierlijke mest, groenbemesters en/of compost.
Gewas(rest)
Aanvoer effectieve organische stof
Sportvelden
200 ------200
Gemiddelde aanvoer/jaar
Om het organische stofgehalte met 0,1% te verhogen dient u een extra hoeveelheid effectieve organische stof aan te voeren van: 1350 kg per ha.
Figuur: Kwaliteit van de organische stof
Organische stof bestaat uit met name C, N, P, S. Wanneer de organische stof relatief veel N en of S bevat is dit aantrekkelijk voor bodemleven. Bodemleven vreet deze organische stof graag. Hierbij komt N en S vrij en het gehalte aan organische stof daalt licht (dynamische organische stof). Organische stof kan ook veel C bevatten. Dat is over het algemeen minder aantrekkelijk voor bodemleven. De organische stof wordt derhalve minder aangevreten door bodemleven; de organische stof is stabieler. Stabiele organische stof draagt onder andere bij aan de bewerkbaarheid van de bodem en aan de rulheid. Dynamische organische stof draagt bij aan met name het vrijkomen van N en S en is daarmee een bron van deze nutriënten voor het gewas. De kwaliteit van de organische stof is (geleidelijk) aan te passen door onder andere te letten op de eigenschappen van bodemverbeteraars als dierlijke mest, compost en gewasresten.
Pagina: 3 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784369/005254842, 17-12-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
HSV Phoenix L
Fysisch
De beoordeling van de potentiële structuur wordt gedaan op basis van de verhouding tussen calcium, magnesium en overige kationen aan het klei-humuscomplex. Uiteraard is de werkelijke structuur ook afhankelijk van weersomstandigheden en vochttoestand van de bodem tijdens berijden en bewerken en de zwaarte van machines.
Figuur: Structuurdriehoek
optimale structuur goede structuur matige structuur zeer matige structuur slechte structuur huidige situatie van dit perceel
Figuur: Textuurdriehoek
Naast klei (lutum), worden ook de silt- en zandfracties weergegeven. Klei is kleiner dan 2 micrometer (µm), siltdeeltjes zijn 2-50 µm en zanddeeltjes groter dan 50 µm. De onderlinge verdeling van bodemdeeltjes wordt onder andere gebruikt om het verslempingsrisico van een bodem in te schatten. Bij verslemping wordt de bodem dichtgesmeerd met kleinere deeltjes (klei en silt). Een heel eenzijdige verdeling (bijvoorbeeld hoofdzakelijk zand- of kleideeltjes) levert het minste risico van slemp op. Bij 10-20% klei is het risico op slemp het grootst.
De verkruimelbaarheid is goed te noemen. Echter is dit ook afhankelijk van de soort teelt. Gezien het resultaat is de kans op verslemping klein.
Pagina: 4 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784369/005254842, 17-12-2020
Rapport HSV Phoenix L
Fysisch
Korrelgrootte
Eenheid
Resultaat
Korrelgrootte
Eenheid
Resultaat
weergegeven in 0-2 µm de minerale delen 2-16 µm (granulair). 16-50 µm
%
2,1
250-355 µm
%
21,1
%
1,5
355-500 µm
%
11,8
%
3,6
500-1000 µm
%
7,7
50-63 µm
%
2,7
1000-2000 µm
%
0,5
63-125 µm
%
10,8
M50 Mediaan
µm
231
125-180 µm
%
18,1
D60/D10
ratio
4,0
180-250 µm
%
20,3
Figuur: Waterretentiecurve De hoeveelheid plant beschikbaar water in de bemonsterde laag is 17 mm, dit is wat u maximaal zou moeten beregenen. Alles wat u meer geeft spoelt af van het perceel of zakt naar diepere lagen. Als het vochtgehalte van het perceel daalt hebben gewassen moeite om voldoende water op te nemen, de grens ligt bij pF 3,3. Wanneer u het vochtgehalte kan bepalen, begin dan met beregenen als het vochtgehalte van dit perceel op 5,8 % vocht zit en geef dan 14 mm. Het actuele vochtgehalte kan bepaald worden door een vochtsensor of verzamel grond van een tiental plekken in het perceel. Meet het gewicht van de vochtige grond en het gewicht van de grond na 24 uur drogen, het verschil tussen de twee is een indicatie van het vochtgehalte van het perceel.
Contact & info Bemonsterde laag: Grondsoort: Monster genomen door: Contactpersoon monstername:
0 - 10 cm Zand Derden Thijmen Schouten: 0652002114
Na verzending van dit verslag wordt, indien de aard en de onderzoeksmethode van het monster dit toelaat, het monster nog twee weken bij Eurofins Agro voor u bewaard. Binnen deze tijd kunt u eventueel reclameren en/of aanvullend onderzoek aanvragen.
Pagina: 5 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784369/005254842, 17-12-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
HSV Phoenix L
Methode Analyse resultaten
Resultaat Eenheid Methode N-totale bodemvoorraad 1470 mg N/kg Em: NIRS (TSC®) S-plantbeschikbaar 4,6 mg S/kg Em: CCL3(PAE®) S-totale bodemvoorraad 310 mg S/kg Em: NIRS (TSC®) P-plantbeschikbaar 3,0 mg P/kg Em: CCL3(PAE®) P-bodemvoorraad 43 mg P2O5/100 g Em: NIRS (TSC®) K-plantbeschikbaar 75 mg K/kg Em: CCL3(PAE®) K-bodemvoorraad 2,0 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Ca-plantbeschikbaar 0,8 mmol Ca/l Em: NIRS (TSC®) Ca-bodemvoorraad 27 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Mg-plantbeschikbaar 54 mg Mg/kg Em: CCL3(PAE®) Mg-bodemvoorraad 6,5 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Na-plantbeschikbaar 8 mg Na/kg Em: CCL3(PAE®) Na-bodemvoorraad 0,4 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Zuurgraad (pH) 5,2 Em: NIRS (TSC®) C-organisch 1,8 % Em: NIRS (TSC®) Organische stof 3,4 % Em: NIRS (TSC®) C-anorganisch 0,04 % Em: NIRS (TSC®) Koolzure kalk 0,3 % Klei (<2 µm) 2 % Em: NIRS (TSC®) Silt (2-50 µm) 6 % Em: NIRS (TSC®) Zand (>50 µm) 88 % Em: NIRS (TSC®) Klei-humus (CEC) 37 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Microbiële biomassa 346 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Microbiële activiteit 55 mg N/kg Em: NIRS (TSC®) Schimmel biomassa 130 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Bacteriële biomassa 124 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Granulair GKL1: Gw NEN 5753 De op pagina 1 en 2 bij Resultaat vermelde waarden zijn berekend uit bovenstaande analyseresultaten. Q Em:
Methode geaccrediteerd door RvA Eigen methode, Gw: Gelijkwaardig aan, Cf: Conform
De resultaten zijn weergegeven in droge grond. Alle verrichtingen zijn binnen de gestelde houdbaarheidstermijn tussen monstername en analyse uitgevoerd. Het monster is geanalyseerd in het Eurofins Agro laboratorium in Wageningen, tenzij anders is vermeld. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op het in behandeling genomen materiaal op 01-12-2020
Pagina: 6 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784369/005254842, 17-12-2020
RvA Q Q Q Q
Q Q
Q Q
Q
Rapport
BemestingsWijzer Sportveld/golfterrein HSV Phoenix R
Eurofins Agro Postbus 170 NL - 6700 AD Wageningen T monstername: Thijmen Schouten: 0652002114 T klantenservice: 088 876 1010 E klantenservice.agro@eurofins.com I www.eurofins-agro.com
Uw klantnummer: 8659125 Sweco Nederland BV Ronald Muntjewerf De Molen 48 3994 DB HOUTEN
Onderzoek
Onderzoek-/ordernr: 784370/005254842
Phoenix veld 2
Datum monstername: 01-12-2020
Datum verslag: 17-12-2020
Inkoopopdracht: 202005839
Resultaat
Eenheid
Resultaat
Streeftraject
Chemisch
N-totale bodemvoorraad kg N/ha C/N-ratio N-leverend vermogen kg N/ha
1440 14 20
1540 - 2240 13 - 17 25 - 45
S-plantbeschikbaar kg S/ha S-totale bodemvoorraad kg S/ha C/S-ratio S-leverend vermogen kg S/ha
5 275 71 4
20 - 30 275 - 390 50 - 75 20 - 30
P-plantbeschikbaar P-bodemvoorraad
kg P/ha kg P/ha
4,4 330
2,1 - 2,8 240 - 330
K-plantbeschikbaar K-bodemvoorraad
kg K/ha kg K/ha
100 75
105 - 150 80 - 135
Ca-plantbeschikbaar Ca-bodemvoorraad
kg Ca/ha kg Ca/ha
10 600
100 - 235 520 - 780
Mg-plantbeschikbaar Mg-bodemvoorraad
kg Mg/ha kg Mg/ha
75 55
35 - 70 35 - 145
Na-plantbeschikbaar Na-bodemvoorraad
kg Na/ha kg Na/ha
10 10
laag
vrij laag
goed
vrij hoog hoog
laag
vrij laag
goed
zeer goed
Fysisch Zuurgraad (pH)
5,2
5,0 - 5,4
1,4 2,7 0,52
0,45 - 0,55 2,0 - 3,0
C-organisch Organische stof C/OS-ratio
% %
Koolzure kalk
%
0,2
Klei (<2 µm) Silt (2-50 µm) Zand (>50 µm)
% % %
1 8 88
Klei-humus (CEC) CEC-bezetting Ca-bezetting Mg-bezetting K-bezetting Na-bezetting H-bezetting Al-bezetting
mmol+/kg % % % % % % %
32 83 68 10 4,4 0,9 0,3 < 0,1
> 34 > 95 75 - 85 6,0 - 10 2,0 - 5,0 1,0 - 1,5 < 1,0 < 1,0
Eenheid
Resultaat
Streeftraject
rapportcijfer rapportcijfer
10,0 7,5
6,0 - 8,0 6,0 - 8,0
Verkruimelbaarheid Verslemping
Pagina: 1 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784370/005254842, 17-12-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
HSV Phoenix R
Resultaat
Eenheid
Resultaat
Vochthoudend vermogen mm
17
Microbiële biomassa mg C/kg Microbiële activiteit mg N/kg Schimmel/bacterie-ratio
391 41 1,1
Streeftraject
laag
vrij laag
goed
vrij hoog hoog
Biologisch 135 - 405 125 - 175 0,7 - 1,0
Essentiële nutriënten Elk gewas heeft voedingsstoffen nodig. De essentiële nutriënten waar een gewas het meest van nodig heeft, zijn stikstof (N), zwavel (S), fosfaat (P), kalium (K), calcium (Ca) en magnesium (Mg). De andere essentiële nutriënten zijn de sporenelementen ijzer (Fe), zink (Zn), mangaan (Mn), koper (Cu), borium (B), molybdeen (Mo) en chloor (Cl). Een gewas heeft van sporenelementen relatief weinig nodig, maar een tekort kan bij ieder gewas opbrengst- en of kwaliteitsverlies veroorzaken. Een aantal andere nutriënten (natrium, silicium, kobalt, selenium) kunnen ook van belang zijn voor onder andere opbrengst, kwaliteit, weerbaarheid, stevigheid, vruchtbaarheid, smakelijkheid en (dier)gezondheid. Elementen kunnen elkaar ook beconcurreren. Als bijvoorbeeld de Mg-toestand 'goed' is maar de Ktoestand 'hoog' is, kan er alsnog een Mg-tekort ontstaan. De adviesgiften houden derhalve ook rekening met deze interacties.
Advies in kg per ha per jaar
Gebruik
2021 Reparatiegift
Gewasgift
2022 Reparatiegift
Gewasgift
Stikstof (N)
Sportvelden
-
155
-
155
Sulfaat (SO3)
Sportvelden
-
55
-
55
Fosfaat (P2O5)
Sportvelden
0
10
0
10
Kali (K2O)
Sportvelden
-
25
-
25
Calcium (CaO)
Sportvelden
-
80
-
80
Magnesium (MgO)
Sportvelden
-
58
-
58
Kalk (nw)
Sportvelden
-
0
-
-
Effectieve org. stof
per jaar
490
-
490
-
Calcium (CaO)
eenmalig
150
-
-
-
Magnesium (MgO)
eenmalig
0
-
-
-
Bodemstructuur
Pagina: 2 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784370/005254842, 17-12-2020
Rapport HSV Phoenix R
Toelichting
De resultaten en/of het advies van dit bemestingsonderzoek kunt u t/m 2022 gebruiken. Laat het perceel daarna opnieuw bemonsteren. Dan krijgt u een betrouwbaar bemestingsadvies gebaseerd op de actuele bodemtoestand.
Stikstof: Het advies is gebaseerd op een gemiddelde bespelingsintensiteit van circa 240 uur per jaar. Bij een intensievere bespeling kan de N-gift met 10 tot 15% worden verhoogd. Bij een extensievere bespeling kan de N-gift met 20% worden verlaagd.
Fosfaat: Het fosfaatadvies is opgesplitst in een reparatie- en een gewasgift. De reparatiegift is bedoeld om de bodemtoestand op een hoger niveau te brengen. De gewasgift is gericht op de directe behoefte van het gewas. De gewasgift in de vorm van een direct wateroplosbare fosfaatmeststof geven. De P-buffering is 17 . Het streeftraject ligt tussen de 17 - 27 De P-buffering geeft aan of de P-bodemvoorraad in staat is de Pplantbeschikbaar op het huidige peil te houden. Als de Pbuffering laag is, dan zal de P-plantbeschikbaar tijdens het groeiseizoen niet op peil blijven en zal op termijn ook de Pbodemvoorraad terug gaan lopen.
Kali: Het K-getal is voor dit perceel 32
Calcium: . Het calciumadvies is - afhankelijk van de bodemtoestand - deels gewasgericht en deels bodemgericht. Het gewasgerichte CaO-bemestingsadvies (direct onder het kaliadvies) is voornamelijk bedoeld om de kwaliteit van gewassen te verbeteren. Het bodemgerichte advies is bedoeld om de bodemvoorraad van calcium op peil te brengen en zal daarnaast een positief effect hebben op de bodemstructuur (zie CEC-driehoek). Let op: mogelijk krijgt u ook een kalkgift geadviseerd. U hoeft niet meerdere keren calcium te geven; calcium uit stikstof-, fosfaaten kalkmeststoffen dient u hierop in mindering te brengen.
Magnesium: Het beste tijdstip om de bemesting uit te voeren is het voorjaar.
Bodemleven: De biologische bodemvruchtbaarheid wordt nu weergegeven via 3 kengetallen, te weten de microbiële biomassa, de microbiële activiteit en de schimmel/bacterie-ratio. Op basis van de huidige kennis wordt een waardering gegeven die afhankelijk is van de hoeveelheid organische stof. Er wordt nu nog geen advies gegeven. Via diverse onderzoeksprojecten zal er meer informatie beschikbaar komen.
Organische stof Figuur: Organische stofbalans 690
36690 200 2,5 %
490 2,7 % Organische stof
Jaarlijks afbraakpercentage van de totale voorraad organische stof (%): 1,8
Voorraad organische stof die over 1 jaar in de bemonsterde laag nog aanwezig zal zijn als er geen (effectieve) organische stof wordt aangevoerd. Totaal benodigde aanvoer van effectieve organische stof als gevolg van afbraak van de organische stof. Aanvoer via gewasresten (gemiddeld binnen opgegeven bouwplan of gewassen). Nog aan te vullen via bijv. dierlijke mest, groenbemesters en/of compost.
Gewas(rest)
Aanvoer effectieve organische stof
Sportvelden
200 ------200
Gemiddelde aanvoer/jaar
Om het organische stofgehalte met 0,1% te verhogen dient u een extra hoeveelheid effectieve organische stof aan te voeren van: 1385 kg per ha.
Figuur: Kwaliteit van de organische stof
Organische stof bestaat uit met name C, N, P, S. Wanneer de organische stof relatief veel N en of S bevat is dit aantrekkelijk voor bodemleven. Bodemleven vreet deze organische stof graag. Hierbij komt N en S vrij en het gehalte aan organische stof daalt licht (dynamische organische stof). Organische stof kan ook veel C bevatten. Dat is over het algemeen minder aantrekkelijk voor bodemleven. De organische stof wordt derhalve minder aangevreten door bodemleven; de organische stof is stabieler. Stabiele organische stof draagt onder andere bij aan de bewerkbaarheid van de bodem en aan de rulheid. Dynamische organische stof draagt bij aan met name het vrijkomen van N en S en is daarmee een bron van deze nutriënten voor het gewas. De kwaliteit van de organische stof is (geleidelijk) aan te passen door onder andere te letten op de eigenschappen van bodemverbeteraars als dierlijke mest, compost en gewasresten.
Pagina: 3 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784370/005254842, 17-12-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
HSV Phoenix R
Fysisch
De beoordeling van de potentiële structuur wordt gedaan op basis van de verhouding tussen calcium, magnesium en overige kationen aan het klei-humuscomplex. Uiteraard is de werkelijke structuur ook afhankelijk van weersomstandigheden en vochttoestand van de bodem tijdens berijden en bewerken en de zwaarte van machines.
Figuur: Structuurdriehoek
optimale structuur goede structuur matige structuur zeer matige structuur slechte structuur huidige situatie van dit perceel
Figuur: Textuurdriehoek
Naast klei (lutum), worden ook de silt- en zandfracties weergegeven. Klei is kleiner dan 2 micrometer (µm), siltdeeltjes zijn 2-50 µm en zanddeeltjes groter dan 50 µm. De onderlinge verdeling van bodemdeeltjes wordt onder andere gebruikt om het verslempingsrisico van een bodem in te schatten. Bij verslemping wordt de bodem dichtgesmeerd met kleinere deeltjes (klei en silt). Een heel eenzijdige verdeling (bijvoorbeeld hoofdzakelijk zand- of kleideeltjes) levert het minste risico van slemp op. Bij 10-20% klei is het risico op slemp het grootst.
De verkruimelbaarheid is goed te noemen. Echter is dit ook afhankelijk van de soort teelt. Gezien het resultaat is de kans op verslemping klein.
Pagina: 4 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784370/005254842, 17-12-2020
Rapport HSV Phoenix R
Fysisch
Korrelgrootte
Eenheid
Resultaat
Korrelgrootte
Eenheid
Resultaat
weergegeven in 0-2 µm de minerale delen 2-16 µm (granulair). 16-50 µm
%
1,3
250-355 µm
%
15,9
%
1,1
355-500 µm
%
6,6
%
2,4
500-1000 µm
%
2,6
50-63 µm
%
2,1
1000-2000 µm
%
0,2
63-125 µm
%
16,9
M50 Mediaan
µm
182
125-180 µm
%
28,0
D60/D10
ratio
2,8
180-250 µm
%
22,7
Figuur: Waterretentiecurve De hoeveelheid plant beschikbaar water in de bemonsterde laag is 17 mm, dit is wat u maximaal zou moeten beregenen. Alles wat u meer geeft spoelt af van het perceel of zakt naar diepere lagen. Als het vochtgehalte van het perceel daalt hebben gewassen moeite om voldoende water op te nemen, de grens ligt bij pF 3,3. Wanneer u het vochtgehalte kan bepalen, begin dan met beregenen als het vochtgehalte van dit perceel op 5,5 % vocht zit en geef dan 14 mm. Het actuele vochtgehalte kan bepaald worden door een vochtsensor of verzamel grond van een tiental plekken in het perceel. Meet het gewicht van de vochtige grond en het gewicht van de grond na 24 uur drogen, het verschil tussen de twee is een indicatie van het vochtgehalte van het perceel.
Contact & info Bemonsterde laag: Grondsoort: Monster genomen door: Contactpersoon monstername:
0 - 10 cm Zand Derden Thijmen Schouten: 0652002114
Na verzending van dit verslag wordt, indien de aard en de onderzoeksmethode van het monster dit toelaat, het monster nog twee weken bij Eurofins Agro voor u bewaard. Binnen deze tijd kunt u eventueel reclameren en/of aanvullend onderzoek aanvragen.
Pagina: 5 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784370/005254842, 17-12-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
HSV Phoenix R
Methode Analyse resultaten
Resultaat Eenheid Methode N-totale bodemvoorraad 1040 mg N/kg Em: NIRS (TSC®) S-plantbeschikbaar 3,4 mg S/kg Em: CCL3(PAE®) S-totale bodemvoorraad 200 mg S/kg Em: NIRS (TSC®) P-plantbeschikbaar 3,2 mg P/kg Em: CCL3(PAE®) P-bodemvoorraad 55 mg P2O5/100 g Em: NIRS (TSC®) K-plantbeschikbaar 74 mg K/kg Em: CCL3(PAE®) K-bodemvoorraad 1,4 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Ca-plantbeschikbaar 0,1 mmol Ca/l Em: NIRS (TSC®) Ca-bodemvoorraad 23 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Mg-plantbeschikbaar 55 mg Mg/kg Em: CCL3(PAE®) Mg-bodemvoorraad 3,3 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Na-plantbeschikbaar 6 mg Na/kg Em: CCL3(PAE®) Na-bodemvoorraad 0,3 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Zuurgraad (pH) 5,2 Em: NIRS (TSC®) C-organisch 1,4 % Em: NIRS (TSC®) Organische stof 2,7 % Em: NIRS (TSC®) C-anorganisch 0,03 % Em: NIRS (TSC®) Koolzure kalk 0,2 % Klei (<2 µm) 1 % Em: NIRS (TSC®) Silt (2-50 µm) 8 % Em: NIRS (TSC®) Zand (>50 µm) 88 % Em: NIRS (TSC®) Klei-humus (CEC) 32 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Microbiële biomassa 391 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Microbiële activiteit 41 mg N/kg Em: NIRS (TSC®) Schimmel biomassa 150 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Bacteriële biomassa 138 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Granulair GKL1: Gw NEN 5753 De op pagina 1 en 2 bij Resultaat vermelde waarden zijn berekend uit bovenstaande analyseresultaten. Q Em:
Methode geaccrediteerd door RvA Eigen methode, Gw: Gelijkwaardig aan, Cf: Conform
De resultaten zijn weergegeven in droge grond. Alle verrichtingen zijn binnen de gestelde houdbaarheidstermijn tussen monstername en analyse uitgevoerd. Het monster is geanalyseerd in het Eurofins Agro laboratorium in Wageningen, tenzij anders is vermeld. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op het in behandeling genomen materiaal op 01-12-2020
Pagina: 6 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784370/005254842, 17-12-2020
RvA Q Q Q Q
Q Q
Q Q
Q
Rapport
BemestingsWijzer Sportveld/golfterrein SV Zeist openbaar veld
Eurofins Agro Postbus 170 NL - 6700 AD Wageningen T monstername: Thijmen Schouten: 0652002114 T klantenservice: 088 876 1010 E klantenservice.agro@eurofins.com I www.eurofins-agro.com
Uw klantnummer: 8659125 Sweco Nederland BV Ronald Muntjewerf De Molen 48 3994 DB HOUTEN
Onderzoek
Onderzoek-/ordernr: 784367/005254842
SV Zeist / openbaar veld
Datum monstername: 01-12-2020
Datum verslag: 17-12-2020
Inkoopopdracht: 202005839
Resultaat
Eenheid
Resultaat
Streeftraject
Chemisch
N-totale bodemvoorraad kg N/ha C/N-ratio N-leverend vermogen kg N/ha
2180 14 30
1460 - 2130 13 - 17 25 - 45
S-plantbeschikbaar kg S/ha S-totale bodemvoorraad kg S/ha C/S-ratio S-leverend vermogen kg S/ha
7 290 105 2
20 - 30 265 - 370 50 - 75 20 - 30
P-plantbeschikbaar P-bodemvoorraad
kg P/ha kg P/ha
2,6 230
2,0 - 2,6 230 - 315
K-plantbeschikbaar K-bodemvoorraad
kg K/ha kg K/ha
45 65
100 - 140 70 - 120
Ca-plantbeschikbaar Ca-bodemvoorraad
kg Ca/ha kg Ca/ha
10 280
95 - 220 390 - 585
Mg-plantbeschikbaar Mg-bodemvoorraad
kg Mg/ha kg Mg/ha
30 105
35 - 65 30 - 130
Na-plantbeschikbaar Na-bodemvoorraad
kg Na/ha kg Na/ha
10 15
laag
vrij laag
goed
vrij hoog hoog
laag
vrij laag
goed
zeer goed
Fysisch Zuurgraad (pH)
4,3
5,0 - 5,4
2,3 4,2 0,55
0,45 - 0,55 2,0 - 3,0
C-organisch Organische stof C/OS-ratio
% %
Koolzure kalk
%
0,4
Klei (<2 µm) Silt (2-50 µm) Zand (>50 µm)
% % %
1 10 84
Klei-humus (CEC) CEC-bezetting Ca-bezetting Mg-bezetting K-bezetting Na-bezetting H-bezetting Al-bezetting
mmol+/kg % % % % % % %
24 80 45 27 5,4 2,1 2,5 12
> 39 > 95 75 - 85 6,0 - 10 2,0 - 5,0 1,0 - 1,5 < 1,0 < 1,0
Eenheid
Resultaat
Streeftraject
rapportcijfer rapportcijfer
10,0 7,8
6,0 - 8,0 6,0 - 8,0
Verkruimelbaarheid Verslemping
Pagina: 1 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784367/005254842, 17-12-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
SV Zeist openbaar veld
Resultaat
Eenheid
Resultaat
Vochthoudend vermogen mm
20
Microbiële biomassa mg C/kg Microbiële activiteit mg N/kg Schimmel/bacterie-ratio
325 66 0,9
Streeftraject
laag
vrij laag
goed
vrij hoog hoog
Biologisch 210 - 630 125 - 175 0,7 - 1,0
Essentiële nutriënten Elk gewas heeft voedingsstoffen nodig. De essentiële nutriënten waar een gewas het meest van nodig heeft, zijn stikstof (N), zwavel (S), fosfaat (P), kalium (K), calcium (Ca) en magnesium (Mg). De andere essentiële nutriënten zijn de sporenelementen ijzer (Fe), zink (Zn), mangaan (Mn), koper (Cu), borium (B), molybdeen (Mo) en chloor (Cl). Een gewas heeft van sporenelementen relatief weinig nodig, maar een tekort kan bij ieder gewas opbrengst- en of kwaliteitsverlies veroorzaken. Een aantal andere nutriënten (natrium, silicium, kobalt, selenium) kunnen ook van belang zijn voor onder andere opbrengst, kwaliteit, weerbaarheid, stevigheid, vruchtbaarheid, smakelijkheid en (dier)gezondheid. Elementen kunnen elkaar ook beconcurreren. Als bijvoorbeeld de Mg-toestand 'goed' is maar de Ktoestand 'hoog' is, kan er alsnog een Mg-tekort ontstaan. De adviesgiften houden derhalve ook rekening met deze interacties.
Advies in kg per ha per jaar
Gebruik
2021 Reparatiegift
Gewasgift
2022 Reparatiegift
Gewasgift
Stikstof (N)
Sportvelden
-
130
-
130
Sulfaat (SO3)
Sportvelden
-
60
-
60
Fosfaat (P2O5)
Sportvelden
20
60
20
60
Kali (K2O)
Sportvelden
-
85
-
85
Calcium (CaO)
Sportvelden
-
90
-
90
Magnesium (MgO)
Sportvelden
-
79
-
79
Kalk (nw)
Sportvelden
-
485
-
-
Effectieve org. stof
per jaar
735
-
735
-
Calcium (CaO)
eenmalig
310
-
-
-
Magnesium (MgO)
eenmalig
0
-
-
-
Bodemstructuur
Pagina: 2 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784367/005254842, 17-12-2020
Rapport SV Zeist openbaar veld
Toelichting
De resultaten en/of het advies van dit bemestingsonderzoek kunt u t/m 2022 gebruiken. Laat het perceel daarna opnieuw bemonsteren. Dan krijgt u een betrouwbaar bemestingsadvies gebaseerd op de actuele bodemtoestand.
Stikstof: Het advies is gebaseerd op een gemiddelde bespelingsintensiteit van circa 240 uur per jaar. Bij een intensievere bespeling kan de N-gift met 10 tot 15% worden verhoogd. Bij een extensievere bespeling kan de N-gift met 20% worden verlaagd.
Fosfaat: Het fosfaatadvies is opgesplitst in een reparatie- en een gewasgift. De reparatiegift is bedoeld om de bodemtoestand op een hoger niveau te brengen. De gewasgift is gericht op de directe behoefte van het gewas. De gewasgift in de vorm van een direct wateroplosbare fosfaatmeststof geven. De P-buffering is 20 . Het streeftraject ligt tussen de 17 - 27 De P-buffering geeft aan of de P-bodemvoorraad in staat is de Pplantbeschikbaar op het huidige peil te houden. Als de Pbuffering laag is, dan zal de P-plantbeschikbaar tijdens het groeiseizoen niet op peil blijven en zal op termijn ook de Pbodemvoorraad terug gaan lopen.
Kali: Het K-getal is voor dit perceel 13
Calcium: Het calciumadvies is - afhankelijk van de bodemtoestand - deels gewasgericht en deels bodemgericht. Het gewasgerichte CaO-bemestingsadvies (direct onder het kaliadvies) is voornamelijk bedoeld om de. kwaliteit van gewassen te verbeteren. Het bodemgerichte advies is bedoeld om de bodemvoorraad van calcium op peil te brengen en zal daarnaast een positief effect hebben op de bodemstructuur (zie CEC-driehoek). Let op: mogelijk krijgt u ook een kalkgift geadviseerd. U hoeft niet meerdere keren calcium te geven; calcium uit stikstof-, fosfaaten kalkmeststoffen dient u hierop in mindering te brengen.
Magnesium: Het beste tijdstip om de bemesting uit te voeren is het voorjaar.
Kalk: Het beste tijdstip van bekalken is in de rustperiode van het veld. Strooi niet meer dan 300 kg kalk (neutraliserende waarde) in één keer per ha per jaar.
Bodemleven: De biologische bodemvruchtbaarheid wordt nu weergegeven via 3 kengetallen, te weten de microbiële biomassa, de microbiële activiteit en de schimmel/bacterie-ratio. Op basis van de huidige kennis wordt een waardering gegeven die afhankelijk is van de hoeveelheid organische stof. Er wordt nu nog geen advies gegeven. Via diverse onderzoeksprojecten zal er meer informatie beschikbaar komen.
Organische stof Figuur: Organische stofbalans 935
54315 200 4,0 %
735 4,2 % Organische stof
Jaarlijks afbraakpercentage van de totale voorraad organische stof (%): 1,7
Voorraad organische stof die over 1 jaar in de bemonsterde laag nog aanwezig zal zijn als er geen (effectieve) organische stof wordt aangevoerd. Totaal benodigde aanvoer van effectieve organische stof als gevolg van afbraak van de organische stof. Aanvoer via gewasresten (gemiddeld binnen opgegeven bouwplan of gewassen). Nog aan te vullen via bijv. dierlijke mest, groenbemesters en/of compost.
Gewas(rest)
Aanvoer effectieve organische stof
Sportvelden
200 ------200
Gemiddelde aanvoer/jaar
Om het organische stofgehalte met 0,1% te verhogen dient u een extra hoeveelheid effectieve organische stof aan te voeren van: 1315 kg per ha.
Figuur: Kwaliteit van de organische stof
Organische stof bestaat uit met name C, N, P, S. Wanneer de organische stof relatief veel N en of S bevat is dit aantrekkelijk voor bodemleven. Bodemleven vreet deze organische stof graag. Hierbij komt N en S vrij en het gehalte aan organische stof daalt licht (dynamische organische stof). Organische stof kan ook veel C bevatten. Dat is over het algemeen minder aantrekkelijk voor bodemleven. De organische stof wordt derhalve minder aangevreten door bodemleven; de organische stof is stabieler. Stabiele organische stof draagt onder andere bij aan de bewerkbaarheid van de bodem en aan de rulheid. Dynamische organische stof draagt bij aan met name het vrijkomen van N en S en is daarmee een bron van deze nutriënten voor het gewas. De kwaliteit van de organische stof is (geleidelijk) aan te passen door onder andere te letten op de eigenschappen van bodemverbeteraars als dierlijke mest, compost en gewasresten. Pagina: 3 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784367/005254842, 17-12-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
SV Zeist openbaar veld
Fysisch
De beoordeling van de potentiële structuur wordt gedaan op basis van de verhouding tussen calcium, magnesium en overige kationen aan het klei-humuscomplex. Uiteraard is de werkelijke structuur ook afhankelijk van weersomstandigheden en vochttoestand van de bodem tijdens berijden en bewerken en de zwaarte van machines.
Figuur: Structuurdriehoek
optimale structuur goede structuur matige structuur zeer matige structuur slechte structuur huidige situatie van dit perceel
Figuur: Textuurdriehoek
Naast klei (lutum), worden ook de silt- en zandfracties weergegeven. Klei is kleiner dan 2 micrometer (µm), siltdeeltjes zijn 2-50 µm en zanddeeltjes groter dan 50 µm. De onderlinge verdeling van bodemdeeltjes wordt onder andere gebruikt om het verslempingsrisico van een bodem in te schatten. Bij verslemping wordt de bodem dichtgesmeerd met kleinere deeltjes (klei en silt). Een heel eenzijdige verdeling (bijvoorbeeld hoofdzakelijk zand- of kleideeltjes) levert het minste risico van slemp op. Bij 10-20% klei is het risico op slemp het grootst.
De verkruimelbaarheid is goed te noemen. Echter is dit ook afhankelijk van de soort teelt. Gezien het resultaat is de kans op verslemping klein.
Pagina: 4 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784367/005254842, 17-12-2020
Rapport SV Zeist openbaar veld
Fysisch
Korrelgrootte
Eenheid
Resultaat
Korrelgrootte
Eenheid
Resultaat
weergegeven in 0-2 µm de minerale delen 2-16 µm (granulair). 16-50 µm
%
1,8
250-355 µm
%
18,5
%
1,5
355-500 µm
%
11,4
%
3,9
500-1000 µm
%
8,8
50-63 µm
%
3,7
1000-2000 µm
%
0,6
63-125 µm
%
12,2
M50 Mediaan
µm
224
125-180 µm
%
18,9
D60/D10
ratio
4,1
180-250 µm
%
18,5
Figuur: Waterretentiecurve De hoeveelheid plant beschikbaar water in de bemonsterde laag is 20 mm, dit is wat u maximaal zou moeten beregenen. Alles wat u meer geeft spoelt af van het perceel of zakt naar diepere lagen. Als het vochtgehalte van het perceel daalt hebben gewassen moeite om voldoende water op te nemen, de grens ligt bij pF 3,3. Wanneer u het vochtgehalte kan bepalen, begin dan met beregenen als het vochtgehalte van dit perceel op 8,1 % vocht zit en geef dan 16 mm. Het actuele vochtgehalte kan bepaald worden door een vochtsensor of verzamel grond van een tiental plekken in het perceel. Meet het gewicht van de vochtige grond en het gewicht van de grond na 24 uur drogen, het verschil tussen de twee is een indicatie van het vochtgehalte van het perceel.
Contact & info Bemonsterde laag: Grondsoort: Monster genomen door: Contactpersoon monstername:
0 - 10 cm Zand Derden Thijmen Schouten: 0652002114
Na verzending van dit verslag wordt, indien de aard en de onderzoeksmethode van het monster dit toelaat, het monster nog twee weken bij Eurofins Agro voor u bewaard. Binnen deze tijd kunt u eventueel reclameren en/of aanvullend onderzoek aanvragen.
Pagina: 5 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784367/005254842, 17-12-2020
Dit rapport is vrijgegeven onder verantwoording van Drs.Ing. J. van Benthum, Business Unit Manager. Op al onze vormen van dienstverlening zijn onze Algemene Voorwaarden van toepassing. Op verzoek worden deze en/of de specificaties van de analysemethoden toegezonden. Eurofins Agro Testing Wageningen BV stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele schadelijke gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van door of namens ons verstrekte onderzoeksresultaten en/of adviezen. Eurofins Agro Testing Wageningen BV is ingeschreven in het RvA-register voor testlaboratoria zoals nader omschreven in de erkenning onder nr. L122 voor uitsluitend de monsternemings- en/of de analysemethoden.
SV Zeist openbaar veld
Methode Analyse resultaten
Resultaat Eenheid Methode N-totale bodemvoorraad 1660 mg N/kg Em: NIRS (TSC®) S-plantbeschikbaar 5,3 mg S/kg Em: CCL3(PAE®) S-totale bodemvoorraad 220 mg S/kg Em: NIRS (TSC®) P-plantbeschikbaar 2,0 mg P/kg Em: CCL3(PAE®) P-bodemvoorraad 40 mg P2O5/100 g Em: NIRS (TSC®) K-plantbeschikbaar 35 mg K/kg Em: CCL3(PAE®) K-bodemvoorraad 1,3 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Ca-plantbeschikbaar 0,1 mmol Ca/l Em: NIRS (TSC®) Ca-bodemvoorraad 14 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Mg-plantbeschikbaar 21 mg Mg/kg Em: CCL3(PAE®) Mg-bodemvoorraad 6,5 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Na-plantbeschikbaar 6 mg Na/kg Em: CCL3(PAE®) Na-bodemvoorraad 0,5 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Zuurgraad (pH) 4,3 Em: NIRS (TSC®) C-organisch 2,3 % Em: NIRS (TSC®) Organische stof 4,2 % Em: NIRS (TSC®) C-anorganisch 0,05 % Em: NIRS (TSC®) Koolzure kalk 0,4 % Klei (<2 µm) 1 % Em: NIRS (TSC®) Silt (2-50 µm) 10 % Em: NIRS (TSC®) Zand (>50 µm) 84 % Em: NIRS (TSC®) Klei-humus (CEC) 24 mmol+/kg Em: NIRS (TSC®) Microbiële biomassa 325 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Microbiële activiteit 66 mg N/kg Em: NIRS (TSC®) Schimmel biomassa 111 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Bacteriële biomassa 126 mg C/kg Em: NIRS (TSC®) Granulair GKL1: Gw NEN 5753 De op pagina 1 en 2 bij Resultaat vermelde waarden zijn berekend uit bovenstaande analyseresultaten. Q Em:
Methode geaccrediteerd door RvA Eigen methode, Gw: Gelijkwaardig aan, Cf: Conform
De resultaten zijn weergegeven in droge grond. Alle verrichtingen zijn binnen de gestelde houdbaarheidstermijn tussen monstername en analyse uitgevoerd. Het monster is geanalyseerd in het Eurofins Agro laboratorium in Wageningen, tenzij anders is vermeld. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op het in behandeling genomen materiaal op 01-12-2020
Pagina: 6 Totaal aantal pagina's: 6 Rapportidentificatie: 784367/005254842, 17-12-2020
RvA Q Q Q Q
Q Q
Q Q
Q