05-Bijdrage Baayen
Tekst van het document
Geachte Gemeenteraad, Deze Ronde Tafel over de Biodiversiteitsvisie van Gemeente Zeist is een bijzonder moment. In de afgelopen periode is nationaal en internationaal de aandacht voor biodiversiteit enorm gegroeid. Het snelle verlies aan biodiversiteit wereldwijd is een probleem dat inmiddels erkend wordt als even bedreigend als klimaatverandering. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) waarschuwde afgelopen week ook al dat ondanks de beloftes over betere milieubescherming en klimaatbeleid, Nederland nog altijd een veel te zware wissel op de natuur trekt. Het percentage natuur en bosgebieden behoort tot de laagste in Europa. De staat van die natuur en van de biodiversiteit behoort tot de slechtste van de EU. Wat goed dus dat Zeist de zorg voor biodiversiteit op de agenda zet met dit rapport. We zijn als Werkgroep Biodiversiteit Buitengebied Zeist e.o. blij met dit rapport, waarin een goede analyse wordt gegeven van de natuurtypes en soorten die onze gemeente rijk is. Complimenten. Wel valt ons op dat de ambitie en het vertrouwen op verbetering beperkt zijn. Op p. 59 wordt dit verklaard, want daar staat dat het gaat om de visie van afdeling Beheer en dat de kans op extra geld klein is. Dat lijkt ons onjuist.
Brussel stelt binnenkort de ambitieuze Europese Biodiversiteitsstrategie vast, waarin op alle landbouwgrond 10% landschapselementen moet komen zoals houtwallen en poelen. Het nieuwe Europese landbouwbeleid dat in Brussel deze week wordt uitonderhandeld bevat die verplichting ook. De Bossenstrategie van het kabinet maakt die ambitie concreet en stelt extra geld beschikbaar voor nieuw bos, houtwallen, grienden etc. Vooral provincie Utrecht staat volgens onze bronnen bij LNV aan de lat om meer natuur te realiseren op landbouwgebied, in het kader van het stikstofprobleem. Die kansen laat de Biodiversiteitsvisie nog liggen. Dat is zonde. Het accent ligt in de visie op bebouwd en semi-bebouwd gebied en op de bossen op de stuwwal. Over het agrarisch gebied merkt de visie op dat de provincie het Kromme Rijnlandschap bij Zeist heeft aangewezen als natuurparel, maar de visie stelt vervolgens dat het gebied niet veel natuurwaarden meer zou hebben door vermesting en verdroging als gevolg van een onnatuurlijk laag grondwaterpeil. Dat er weinig natuurwaarden meer zouden zijn is simpelweg onjuist. Het Kromme Rijngebied valt voor een flink deel onder de Ecologische Hoofdstructuur (nu NNN) en kent hoge natuur- en landschapswaarden:
De landgoederen van de Stichtse Lustwarande, zoals Oostbroek, Niënhof, Schoonoord, Blikkenburg en Wulperhorst, zijn gelegen op een gradiënt van de Utrechtse Heuvelrug naar het Kromme Rijngebied, met overgang van zand naar klei, met een rijkdom aan soorten; Er zijn oude rivierbeddingen van de Kromme Rijn en rivierbegeleidende bossen waaronder het unieke essen-iepenbos, essenhakhout, elzenbroek. Het essenhakhout heeft Europese bescherming die zelfs hoger is dan Natura 2000-gebieden vanwege de bijzondere soortenrijkdom. Essenhakhout komt alleen in Nederland voor, en wel alleen het Kromme Rijngebied waaronder bij Zeist. Letterlijk elke vierkante meter daarvan telt voor Brussel, aldus de directie Natuur van het ministerie van LNV; Vanaf de stuwwal is er belangrijke kwel die unieke flora en fauna voedt, zoals het moeras naast Blikkenburg maar in potentie in een groot deel van het gebied tot aan de A12. De nieuwe natuur bij de Bunsing laat inmiddels zien dat kievitten en kleine plevieren al weer broeden en zelfs de steltkluut is al waargenomen nu de natuurlijke situatie hersteld is; De weilanden kunnen bij natuurinclusieve landbouw weer vol komen te zitten met kievitten en plevieren;
De akkers die het gebied rijk was en bij Blikkenburg zijn hersteld zijn bijzonder soortenrijk en zijn zelfs een kraamkamer voor zeldzame akkeronkruiden voor elders in Nederland. Als er meer van zulke akkers komen is er weer ruimte voor patrijs en kwartel; Het oeverbos en de grienden langs de Kromme Rijn zijn belangrijk voor veel broedvogels, soorten zoals spotvogel, kleine karekiet, buizerd, kleine en grote bonte specht; In de Kromme Rijn zelf is de otter alweer gesignaleerd. Verder horen de das en de ijsvogel in het gebied thuis.
Zeist heeft qua biodiversiteit veel meer te bieden èn een grotere verantwoordelijkheid dan de bossen op de stuwwal en het groen in de bebouwde kom. Wat ons betreft schiet de visie met name voor deelgebied 13, helemaal aan het eind en ook nog eens het ongeluksgetal, nog wel tekort. Maar daar is wat aan te doen. U heeft als gemeente zelf bij provincie Utrecht in het kader van de POVI onlangs bepleit om de Kromme Rijncorridor aan te wijzen als Bijzonder Provinciaal Landschap. Onze werkgroep heeft samen met de KNVB het initiatief genomen om die corridor vanaf de Langbroeker Wetering bij Odijk tot aan Amelisweerd en Oostbroek die status te doen verlenen. Van verschillende gemeentes rond het gebied is daar belangstelling voor en een reeks landelijke en provinciale natuurorganisaties steunt het initiatief, zoals Natuurmonumenten en het Utrechts Landschap. Als Zeist aanhaakt liggen er grote kansen voor herstel van het bijzondere landschap, in samenhang met natuurherstel, meer biodiversiteit en waar gepast duurzame energieopwekking en extensieve recreatie. Er is budget voor bij de provincie en in Den Haag. Een win-win situatie, die Zeist zou moeten willen verzilveren. Belangrijke voorwaarde zal zijn om in het gebied over te schakelen op natuurinclusieve landbouw, met een hoger waterpeil en met meer ruimte om gebiedseigen kwelwater te behouden en een einde aan de ammoniakuitstoot.
Dat moet in de komende jaren toch al plaatsvinden. Het initiatief loopt, uw college is aangehaakt en wij gaan er ook graag met u over in gesprek. Een paar slotopmerkingen:
In figuur 2.10 op p. 27 merkt u het gras aan de overkant van de Slotvijver aan als Gazon A, met een ouderwets intensief maairegime. Onder de groep kastanjes staat echter al decennia de akkergeelster, een Rode Lijst-soort die u verplicht bent te beschermen. De populatie heeft te lijden onder het maairegime. Op de bewuste plek moet dat dus anders en het is een kleine moeite. Het ecoduct onder de A12 staat in de kaarten van de visie als nog te realiseren, maar het is er al. Het onderstreept de waarde van het Kromme Rijngebied, waarvoor inmiddels vier natuurcorridors onder grote wegen zijn aangelegd. Voor het exotenbeleid stelt de visie op p.62 alleen in actie te komen als anderen dat ook doen. De Europese Exotenverordening bindt gemeente Zeist echter om voor alle soorten op de Unielijst in actie te komen. Als Werkgroep Biodiversiteit Buitengebied Zeist e.o. zouden we het natuurlijk op prijs stellen te worden genoemd bij de groene organisaties op p. 61.
Als laatste geven we u graag mee dat hoger peilbeheer in de Kromme Rijncorridor en een ander hydrologisch en agrarisch beheer volgens onze berekeningen extra koolstof vastleggen. Evenveel zelfs als een moderne windturbine aan koolstofuitstoot bespaart. Laat die kans niet liggen en combineer biodiversiteitswinst met klimaatwinst. Dank u wel.