CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

03-23RV016 Bijlage 3 Gesprek college - inwoners ontwerp Omgevingsvisie

Raad 25 mei 2023, gemeente ZeistBij agendapunt: Vaststellen Eerste Zeister Omgevingsvisie2.606 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inwonergesprekken over de Eerste Zeister Omgevingsvisie met het college van B&W 10 februari 2022 Het college van B&W heeft tijdens de zienswijzeprocedure inwoners de ruimte gegeven om in gesprek te gaan over de Eerste Zeister Omgevingsvisie, ter verduidelijking en begrip van dit nieuwe instrument. Er zijn vijf gesprekken gevoerd. De gespreksverslagen, met anonimisering van de betreffende inwoners, staat hieronder toegelicht. 1. Inwoner uit Zeist: Mevrouw College van B&W: Wethouders dhr. M. Fluitman en dhr. W. Catsburg Ambtelijk aanwezig: Dhr. M. van Esch en mw. I. van Woudenberg De ambitie om Zeist groener en duurzamer te laten worden staan goed in de Eerste Zeister Omgevingsvisie. Mevrouw X is niet van plan om een formele zienswijze in te gaan dienen. Ze vraagt zich wel af wat mag het kosten? Gaan er keuzes gemaakt worden die ten koste gaan van de auto? Wethouder Fluitman geeft aan dat de Omgevingsvisie een toetsdocument is voor het beleid dat in de komende 10 jaar wordt vastgesteld. Nieuw vanuit de Omgevingswet is dat voorstellen nadrukklijk gedragen moeten worden door de omgeving. Mevrouw X vraagt zich af hoe je ervoor zorgt dat iedereen deze Omgevingsvisie gaat omarmen. Mevrouw X is in 2018 vanuit Utrecht verhuisd naar Zeist. Ze mist in de wijk een speelplaats waar arm en rijk elkaar kunnen ontmoeten. Het speeltuintje zag er heel slecht uit en er stonden geen bankjes.

De toenmalige speelbeheerder gaf destijds aan dat er pas in 2022 middelen beschikbaar zouden zijn voor nieuwe toestellen. De wijkmanager gaf aan dat er geen bankjes waren vanwege hangjeugd. Ook heeft ze contact met de gemeente opgezocht voor een bewonersinitiatief voor een stuk groen op het Vrijheidsplein, dit verliep ook moeizaam. Complimenten voor de Groene makelaar, Joost van Ettekoven, die betrokken is bij dit opgezette project. De gemeente ontvangt volgende week het nieuwe participatie plan voor het vrijheidsplein. 2 Inwoner uit Zeist: De heer namens werkgroep Biodiversiteit Zeist e.o. College van B&W: Wethouders dhr. M. Fluitman en dhr. W. Catsburg Ambtelijk aanwezig: Mw. I. Broekstra en dhr. J.P. Gulmans Wethouder Fluitman heet de heer welkom en geeft een korte toelichting op het doel van het overleg over de Eerste Zeister Omgevingsvisie (EZO). De heer X spreekt zijn waardering uit over de concept EZO. Het is een belangrijk product voor Zeist, waar veel mensen aan hebben meegewerkt. Hij stelt het bijzonder op prijs dat de bijdrage van de werkgroep is overgenomen in de EZO. Vanuit de werkgroep wordt gewerkt aan een landschapsvisie voor het Kromme Rijn gebied. Deze visie heeft betrekking op het gebied van Groenekan tot Odijk.

De ontwikkeling van de visie gebeurt in de context van een veranderende, steeds meer verstedelijkende omgeving, waarbij een huidige belangrijke functie van het gebied, namelijk landbouw, op termijn geen drager meer zal zijn in het gebied. De visie vordert goed en wordt via kaartmateriaal weergegeven. De provincie is een belangrijke gesprekspartner in dit traject, maar ook met andere gemeenten en stakeholders worden gesprekken gevoerd.

De vraag waar de heer X graag met de wethouders over van gedachten wil wisselen is wat de rol van de Zeister overheid kan zijn om zaken in gang te zetten voor het gebied. Welke ideeën bestaan daarover bij de politiek? Wethouder Fluitman geeft aan dat de basis vanuit Zeist daarvoor ligt in de EZO en vele andere Zeister beleidsstukken, maar ook in de POVI van de provincie. De gemeente kijkt en denkt mee vanuit de genoemde waarden in de EZO. Het is aan de initiatiefnemer om partners op te zoeken en daar verdere afspraken mee te maken. Wethouder Catsburg benoemt dat vanuit de overheid via 2 sporen betrokkenheid plaatsvindt bij deze landschapsontwikkeling. Enerzijds via de ontwikkelingen rond de reductie van stikstof en daarmee samenhangend de vermindering van veeteelt in het gebied. Anderzijds vanuit de regio gemeenten, waarbij in het kader van het Integraal Ruimtelijk Perspectief expliciet is aangeven ‘Groen Groeit Mee’. Groen is onlosmakelijk verbonden met stedelijke ontwikkelingen in de regio. De provincie heeft daarbij een belangrijke rol. De heer X geeft aan dat de ontwikkelingen in het gebied Midden Delfland als voorbeeld zou kunnen dienen voor het Kromme Rijn gebied. De provincie Zuid Holland heeft dit gebied benoemd tot Bijzonder Provinciaal Landschap. De overheid is daarbij een gezaghebbende partij die de uitvoering van ontwikkelingen kan stimuleren.

Maar voor het Krommer Rijn gebied vindt de provincie Utrecht deze status niet nodig. Wethouder Catsburg vraagt of er contact is met grondeigenaren in het Kromme Rijn gebied. Dat is zeker het geval. De werkgroep voert gesprekken met de gemeente Utrecht, Utrechts Landschap, boeren, Provincie en ook met LTO. Laatstgenoemde organisatie adviseert om eerst subsidiestromen te regelen, voorafgaand aan planontwikkeling. Ook vanuit de Rabobank is belangstelling getoond. Wethouder Fluitman merkt op dat de EZO voor de initiatiefnemer een belangrijk instrument is bij deze gesprekken, omdat hier waarden in vermeld staan waar gezamenlijk het gesprek over gevoerd kan worden. De heer X onderschrijft dat, maar vindt ook dat de EZO zich voornamelijk op intentieniveau uitspreekt en in die zin een zekere mate van vrijblijvendheid kent. Mevrouw Broekstra merkt op dat in de Propositie van Zeist de beoogde ontwikkelingen voor het Kromme Rijn gebied concreter zijn beschreven. En dat maakt ook het verschil tussen deze Omgevingsvisie en vigerend beleid wat meer details kent, en naar verwezen wordt in de visie. Wethouder Fluitman adviseert om betrokken gemeenten/partijen een brief te sturen die betrokken kunnen worden bij op te stellen coalitieakkoorden.

Op die manier wordt het vraagstuk concreet onder de aandacht van gemeenten gebracht en worden deze actief bij de ontwikkelingen voor het Kromme Rijn gebied betrokken. De heer X geeft aan dat ook na de verkiezingen contact zal blijven bestaan met gemeenten en betrokken partijen om plannen voor het Kromme Rijn gebied tot uitvoering te brengen. De wethouders bedanken de heer de Vos voor het gesprek en zijn komst namens de werkgroep en de heer de Vos spreekt zijn waardering voor dit gesprek.

3 Inwoner uit Zeist: De heer X College van B&W: Wethouders dhr. M. Fluitman en mw. L. Hoogstraten Ambtelijk aanwezig: Mw. J. Vermeulen en dhr. A. Steen De heer X stelt de vraag aan het college: wat kunnen we nu al doen aan het vormgeven van de participatieprocessen? Wethouder Fluitman geeft aan dat het Handvat Participatie Zeist ons de

mogelijkheid biedt om (vooraf) veel meer gestructureerd een participatieproces in te richten. Voor een initiatiefnemer betekent de Omgevingsvisie, dan wel Omgevingswet, dat hij of zij eerst met omwonenden/direct belanghebbenden in gesprek zal moeten. Vertrekpunt is de Omgevingsvisie. Welke waarden en maatschappelijke opgaven staan hierin, die van belang zijn voor het betreffende plan? Men zal het hele spectrum in beeld moeten brengen, in participatie met inwoners, aldus wethouder Fluitman. De heer X merkt op dat een indiener de participatie vaak heel anders ervaart dan de inwoners zelf. De beleving kan echt heel anders zijn. Wethouder Fluitman reageert met dat participatie betekent dat men van beiden kanten iets brengt. Samen komen tot iets moois. En met hulp van het Handvat Participatie Zeist zullen we initiatiefnemers veel nadrukkelijker wijzen op wat wij als gemeente verwachten en hoe de initiatiefnemer dit aanpakt en verwerkt. In hoeverre weet de gemiddelde inwoner hoe de hazen lopen? Dat hij of zij een stem mag hebben? Wethouder Fluitman geeft aan dat men zich doorgaans ergens in interesseert, als er iets gebeurt in de eigen straat. Wat wij moeten doen als gemeente, is goed kijken waar de plannen zijn, wat en wie behoort er tot de omgeving en hoort er iets van te vinden? We focussen ons nadrukkelijk op onze ontwikkeling in klantgerichtheid.

De inwoner weet wat goed voor ons is, en wij faciliteren. Dat is een verandering in onze bedrijfscultuur. De heer X vraagt zich hoe we met elkaar kunnen zorgen voor een meer integrale wijkvisie? Met meer oog voor onderlinge samenhang? Iedere individuele inwoner kan zijn of haar inbreng leveren in wat hij of zij wil. Het is onder andere aan een buurtvereniging om de gemene deler te zien in de buurt. Die verantwoordelijkheid leggen we bij de buurten zelf neer. Bijvoorbeeld in een wijkvisie, zodat de gemeente weet welke prioriteiten van belang zijn voor deze buurt om rekening mee te houden. Wat is de relatie tussen een wijkvisie en de Omgevingsvisie? De Omgevingsvisie is geen bundeling van wijkvisies. Het vertrekpunt is de waarden uit de Omgevingsvisie in combinatie met wensen en verlangens in de wijkvisies. Wethouder Hoogstraten geeft aan dat de actualisatieslag heel belangrijk is om te zorgen dat we met elkaar op dezelfde lijn blijven qua wensen en gemeenschappelijke opgave. Oproep vanuit de heer X is; doe wat je kunt om de participatie nu al vorm te gaan geven! En deze oproep staat ook mooi verwoord in de Omgevingsvisie. 4 Inwoners uit Zeist: Mevrouw X, de heer X, de heer X College van B&W: Wethouders dhr. M. Fluitman en dhr. W. Catsburg Ambtelijk aanwezig: Mw. J. Vermeulen Mevrouw X geeft aan dat zij vanuit belangstelling voor het buitengebied geïnteresseerd zijn in de visie.

Ze spreken graag over twee aspecten: 1. De betrokkenheid van inwoners. Hoe kan je de inbreng nou zo goed mogelijk verwerken? Hoe blijf je aangehaakt als je niet hoort bij een buurtvereniging? Wethouder Fluitman geeft aan dat participatie voor en met iedereen is. Voorbeelden zijn o.a. buurt- en belangenverenigingen. Maar ook direct belanghebbenden. Participeren met de omgeving is bijvoorbeeld met de buren, verenigingen en zo te laten zien hoe de initiatiefnemer de participatie heeft vormgegeven. Het is ook een wens, en zorg, van de raad om ervoor te zorgen dat vele mensen kunnen participeren.

We proberen om zo veel mogelijk mensen te bereiken, waaronder de verenigingen, maar men komt soms pas écht in beweging zodra het gaat om echt de directe leefomgeving. Hiervoor zetten we ook verschillende middelen voor in, van fysieke gesprekken tot online middelen. 2. De gebiedsvisie Driebergen Zeist. Hoe verhoudt die zich dit tot de Eerste Zeister Omgevingsvisie? En een aanverwante inhoudelijke vraag, als de raad een beslissing neemt over zoekgebieden voor grootschalige energieopwekking, wordt dit dan aangepast in de visie? Wethouder Fluitman geeft aan dat aparte beleidsstukken niet worden opgenomen in de visie zelf, maar blijven separaat geldig. Als er in de visie dingen staan, die achterhaald zijn, worden hier correcties op gepleegd. Als het niet meer klopt met het vigerend beleid, dan wordt het aangepast. Bestaand beleid, is bestaand beleid. Zodra de looptijd van beleid verloopt, zullen we nieuw beleid onder de Omgevingsvisie opnemen. Dit zorgt voor veel meer overzicht en samenhang, in plaats van dat er (zoals op dit moment) een Omgevingsvisie ligt met dáárnaast vigerende beleidsstukken. De heer X geeft als suggestie mee dat het logischer zou zijn om in de visie duidelijker te zijn in wat je hogere orde is, en daar vallen verschillende gebieden onder. Men mist misschien hiërarchie, of juist de overkoepelde terminologie.

Denk als voorbeeld aan een doel als: klimaatneutraal, en dat bereiken we door de volgende acties... En soms is het zo’n verzameling van waarden, dat je niet meer weet wat nu écht van belang is. Je wilt eigenlijk dat er keuzes gemaakt worden en dat helder is. Toch een soort hiërarchie aanbrengen op den duur. De heer Xvraagt of een bijzonder Provinciaal landschap nu ook onderdeel is van de Omgevingsvisie? Wethouder Catsburg geeft aan dat dit echt een provinciaal ‘ding’ is. Hebben wij als gemeente geen invloed op. Wel probeer je het aanvullend op elkaar te laten zijn. Feit is; je hebt elkaar nodig. Veelal zul je het gesprek met elkaar moeten voeren over datgene waar we het over eens zijn. Maar er blijven ook spannende dingen over. Denk aan stationsgebied Driebergen – Zeist. Kunnen en mogen we er bouwen? Wat betekent het voor de natuur? Hoe kijkt de Provincie ernaar? En een ecologisch foodprint van een bedrijf, zou dat een belangrijke randvoorwaarde kunnen worden? In een eerder stadium ga je hierover in gesprek. De heer X haalt de leegstand problematiek aan. In hoeverre kan de gemeente een rol spelen om dit effectiever terug te dringen? Wethouder Fluitman geeft aan dat we het gesprek aan kunnen gaan met winkeliers. Zoals aan het marktplein. Op het Emmaplein is het veel lastiger, om te kijken wie nu eigenlijk de eigenaar is.

Soms is dat een eigenaar van buitenlandse afkomst die niet goed vindbaar is. Wat we wel doen, is dat we het makkelijker maken om een woonbestemming te krijgen. Dus ontmoeting en gesprek, en verleiden. 5 Inwoner uit Zeist: De heer X College van B&W: Wethouders dhr. M. Fluitman en dhr. Jansen Ambtelijk aanwezig: Mw. I. Broekstra en dhr. J.P. Gulmans Na welkom door wethouder Fluitman dank de heer X het college voor de lange reactietermijn. Hij geeft aan geschrokken te zijn van de mogelijke impact van de Eerste Zeister Omgevingsvisie. En dat roept vragen op. Er komen concreet vier vragen aan de orde in het gesprek. dank uit aan het col Wat wordt bedoeld met een recreatieve wandelroute over de landgoederen? Hoe gaat dat er concreet uitzien? Waarom zouden we dit willen? In principe gaat het om beter beleefbaar maken: dus route markeren/bewegwijzeren, doelgroepen informeren. Het ligt niet voor de hand dat er een nieuwe padenstructuur wordt aangelegd. De heer X licht toe dat hij bezig is met het bij elkaar brengen van (fiets)routes op het Platform Zeist op de Fiets.

Hij is verbaasd over het voornemen tot de woonkern bij Driebergen-Zeist. Eerst was het een kantorenlocatie, nu woningbouw? Waarom is het opgenomen in de Eerste Zeister Omgevingsvisie? Vraag naar woningen is heel hoog, het aantal inwoners in Zeist en in Nederland groeit nog steeds. Er zijn vooral meer eenpersoons huishoudens. Er is geen sprake van ambitie, maar van een vraag. We kiezen voor binnenstedelijk en rond knooppunten bouwen, met als doel het voorkomen van (auto)mobiliteit. Dit is dan ook een logische plek. Aantallen zijn onderwerp van zoektocht, net als de verdeling wonen/werken. In de Eerste Zeister Omgevingsvisie vinden we grond voor maatschappelijke toetsing aan waarden. Die zijn leidend. NB: het gesprek vindt plaats aan de hand van een kaartje van het stationsgebied en een aantal veronderstellingen, zoals de bebouwingdichtheid. Tevens gaat het gesprek over het ontbreken van voorzieningen op die plek en waar de vraag naar voorzieningen gaat landen (en welke mobiliteit dat met zich meebrengt). Deze vragen en opmerkingen en het kaartje zijn ook uitgebreid verwoord in de formele zienswijze van de Werkgroep Natuurlijk Zeist West, pagina 3. Ambities, getoetst aan waarden, leveren dilemma’s op. Hoe weeg je die dan ten opzichte van elkaar? Daar zegt de visie niets over.

Welke doelen wil je bereiken met de waarden? Waarden zijn niet alleen groen, maar ook wonen, werken of andere functies zijn voor inwoners uit Zeist waardenvol. In programma’s brengen we al die waarden bij elkaar. Soms kunnen waarden samen een plek krijgen, soms niet. De afweging van de van toepassing zijnde waarden gebeurt in planvorming en krijgt uiteindelijk zijn beslag in bestuurlijke en politieke besluitvorming. Er zijn geen duidelijke doelen gesteld, dus zijn er geen kaders en kan er heel veel. De Structuurvisie had die kaders wel. Waarom is dit zo? De Omgevingsvisie is inderdaad niet kaderstellend, maar richtinggevend. Het zet ook richting voor (nieuwe) regels, zoals het instrument Omgevingsplan wat in een volgend stadium samen met inwoners wordt opgesteld. Een makkelijke vergelijking voor dit instrument zijn de nu geldende bestemmingsplannen. En die plannen gelden nog steeds na de invoering van de Omgevingswet. Deze regels zijn niet ineens weg. Datgene wat we van waarde vinden en in de visie staat, daar wordt een vertaalslag van gemaakt in regelgeving. Er kan inderdaad heel veel, maar vooral op een andere manier. Zoals dat toetsing op waarden plaats vindt wanneer er een initiatief komt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12490719/1