CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

02-24RV035-Bijlage 2 Factsheet Jeugd en Wmo april 24

Raad 9 juli 2024, gemeente ZeistBij agendapunt: Jaarrekening 20234.781 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

April 2024

Factsheet Jeugd en WMO

FACTSHEET JEUGD EN WMO APRIL 2024

1 OVERKOEPELENDE DOELEN EN VISIE Waar doen we het voor?

2 Resultaatindicatoren

3

Hoe meten we resultaten en waar zien we aan of de resultaten zijn bereikt?

Prestatie-indicatoren Wat zijn de meetbare eenheden van deze activiteiten? Welke meetinstrumenten gebruiken we?

Resutaatgebieden Op welke onderdelen willen we welke resultaten halen?

Prestaties

4

5

Werkzame factoren: Waar zit onze invloed? Welke activiteiten dragen bij aan het resultaat

Denkkader sturing sociaal domein

RESULTAATGEBIEDEN 1. Inwoners doen volwaardig mee aan de samenleving en ervaren hierbij regie, zeggenschap en gelijke kansen. 2. In Zeist hebben we een hoge kwaliteit van leven: veerkrachtige inwoners en een sterke sociale basis waar inwoners laagdrempelig een beroep op kunnen doen. 3. Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan dichtbij huis beschikbaar. 4. Balans tussen inzet sociale basis, basiszorg en aanvullende zorg binnen de budgettair kaders

INZICHT IN EFFECTEN De gemeente Zeist creëert meer inzicht in de effecten van (geboden) hulp in het sociaal domein. Hiervoor is inzicht nodig in doelen, resultaten, kosten en opbrengsten. Aan de hand van het denkkader hiernaast wordt u door middel van cijfers en bijbehorende duiding meegenomen langs vier resultaatgebieden. In het najaar van 2023 ontving u de vorige versie van de factsheet met informatie over jeugdhulp en WMO op basis van deze vier resultaatgebieden. Ieder resultaatgebied gaat in op een specifiek onderdeel van de jeugdhulp of de WMO. De resultaatgebieden zijn uitgewerkt in resultaatindicatoren. De cijfers bij deze indicatoren leest u terug in de verschillende tabellen en figuren. Met deze versie van de factsheet is er weer een stap gemaakt in het presenteren van nieuwe kwalitatieve gegevens en het verbeteren van de inrichting en verwerking van eigen cijfers en de bijbehorende systemen.

BRONDATA De gegevens in deze factsheet komen uit verschillende bronnen. Een deel komt uit openbare bronnen, zoals de GGD monitor. Daarnaast putten we data uit ZorgNed, aangevuld met gegevens uit de financiële resultaten van 2023, waarvan de gegevens door Zeist zelf worden beheerd, ververst en geanalyseerd. Ook worden er gegevens gepresenteerd afkomstig uit het cliëntervaringsonderzoek dat uitgevoerd is in 2024. De actualiteit van de cijfers die uit openbare bronnen komen is afhankelijk van de specifieke bron. De meest recente cijfers van de GGD stammen uit 2022. De gegevens uit ZorgNed zijn ontsloten in maart 2024 en bevatten gegevens over het gehele jaar 2023. In deze factsheet komen vooral kwantitatieve gegevens naar voren. Bij toekomstige factsheets wordt toegewerkt naar een balans tussen kwalitatieve en kwantitatieve gegevens.

2

Resultaatgebied 1:

Inwoners doen volwaardig mee aan de samenleving en ervaren hierbij regie, zeggenschap en gelijke kansen

(zeer) Goed ervaren gezondheid, 18+ 100%

78%

81%

75%

79%

74%

2020 Utrecht

2022

16% van de inwoners (18+) in Zeist heeft geen contact met de buren

80%

60% 40% 20% 0% 2016

2018 Zeist

(zeer) Ernstig eenzaam, 18+ 40%

EENZAAMHEID 30%

In Zeist zien we dat ernstige eenzaamheid onder volwassenen toeneemt. Dit komt onder andere door de dubbele vergrijzing, na effecten van corona én financiële zorgen. Op deze landelijke trend spelen we in door actief in te zetten op een coalitie van eenzaamheid waarin 30 maatschappelijke partners deelnemen, een lokale mediacampagne die eenzaamheid bespreekbaar maakt én tal van laagdrempelige activiteiten voor verschillende doelgroepen. Echter zien we ook dat 16% van de inwoners in Zeist geen contact heeft met de buren. Het versterken van de sociale basis en met name de eerste kring, heeft dan ook onze prioriteit. Dit doen we onder andere via het faciliteren en stimuleren van inwoners initiatieven, het wijkgerichte werken en het subsidiekader sociale basis. Tot slot zien we dat ernstige eenzaamheid het meest voorkomt onder de 75+ers. Daarom schijven we per kwartaal alle mensen aan die 75, 80, 85 en 90 zijn geworden én alle 75+ers die nieuw in de gemeente Zeist zijn voor een huisbezoek door een vrijwilliger, met opvolging van een welzijnswerker. Op dit moment maakt 12% gebruik van het aanbod, waarbij we streven naar een respons van 20%. De meest gegeven reden voor het weigeren van een huisbezoek is echter een hele fijne, namelijk “ik heb een druk sociaal leven, dus (nog) niet nodig”.

20% 13% 10%

10%

10% 8% 0% 2016

2018 Zeist

2020 Utrecht

2022

12% van de benaderde 75+ers maakt gebruik van aanbod van huisbezoek door vrijwilligers

Op deze pagina zijn grafieken zichtbaar uit de GGD monitor volwassenen en senioren 2022. Gegevens 75+ huisbezoeken zijn eigen gegevens Zeist en gaan over 2023

3

Resultaatgebied 2:

In Zeist hebben we een hoge kwaliteit van leven: veerkrachtige inwoners en een sterke sociale basis waar inwoners laagdrempelig een beroep op kunnen doen

AANSLUITING SOCIALE BASIS EN WELZIJN OP RECEPT In 2023 zijn we gestart met welzijn op recept. Het idee erachter is dat medische professionals in plaats van een traditioneel pilletje voor te schrijven, door kunnen verwijzen naar een welzijnscoach. In Zeist pakken we het breder aan en zetten we niet alleen in op medische professionals, maar de gehele eerste lijn. Zo zien we dat RSD, GGZ, het sociaal team, en het welzijnswerk gebruik maken van welzijn op recept. Op deze manier stimuleren we de inzet van de sociale basis wanneer het kan. Daarnaast zijn we bezig met een pilot om welzijn op recept nu ook onder de aandacht te brengen bij het CJG. Wat betreft unieke casussen zien we een enorme stijging in het tweede half jaar van 2023. Dit komt o.a. door de aandacht die er vanuit de projectorganisatie aan wordt besteed. Doel voor 2024 is om deze stijging verder door te zetten tot minimaal 200 unieke casussen. Tot slot zien we dat de meeste casussen vanuit Noord worden aangemeld. Van Noord weten we o.a. dat de wijk meer ernstig eenzamen heeft, inwoners in Noord 10 jaar minder lang leven dan bijvoorbeeld Zeist-Oost en de psychische gezondheid lager wordt beoordeeld dan gemiddeld. Deze wijk vraagt dan ook extra om onze aandacht.

Aansluiting sociale basis en consulenten CJG/ST ik mis niets in het aanbod

Ik heb geen/onvoldoende inzicht in het aanbod

Ja, het volgende ontbreekt in het aanbod

AANSLUITING SOCIALE BASIS EN CJG/ST In een recent afgenomen enquête onder de consulenten CJG/ST en maatschappelijk werk zien we dat het overgrote gedeelte geen of onvoldoende inzicht heeft in het aanbod van de sociale basis. Dit pakken we komende jaren actief aan door implementatie en doorontwikkeling sociale kaart, verbeterplan samenwerking sociale basis-sociaal domein en welzijn op recept. Daarnaast zien we ook dat een groot deel aangeeft dat er bepaalde dingen missen in het aanbod. Met het nieuwe subsidiekader sociale basis, zullen we meer inhoudelijk gaan sturen op het aanbod. De gegevens over Welzijn op Recept komen uit periodieke rapportages van Meander Omnium. De gegevens over aansluiting sociale basis komen uit de enquête sociale basis onder consulenten in najaar 2023.

4

Resultaatgebied 3: WMO

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

WMO: UNIEKE CLIËNTEN MET EEN ACTIEVE BESCHIKKING In deze grafiek zijn de cliënten met een WMO-pas voor de regiotaxi toegevoegd. Daardoor is het aantal cliënten meer dan in de voorgaande factsheets. De groei van het aantal cliënten met een WMO-voorziening zet verder door. Dit is in lijn met de vergrijzing en het zelfstandig blijven wonen.

WMO: AANTAL CLIËNTEN PER WIJK In de verdeling van het aantal cliënten over de wijken van Zeist is te zien dat de toename van het aantal cliënten zich vooral voordoet in de wijken Centrum, Noord en West. Hier speelt naast de inzet van huishoudelijke hulp ook relatief vaak complexe problematiek, waardoor hulp en ondersteuning nodig is bij het zelfstandig wonen en leven. De categorie ‘overig’ neemt steeds verder af omdat er beter geregistreerd wordt op postcodegebied.

WMO: VERDELING NAAR LEEFTIJDSCATEGORIE De meeste cliënten die een Wmo-voorziening gebruiken, zijn 65 jaar of ouder. Vaak gaat het dan om huishoudelijke hulp, dagbesteding, een vervoersvoorziening zoals een pas voor de regiotaxi of een scootmobiel, of een woningaanpassing zoals een traplift. Deze voorzieningen maken het mogelijk om langer zelfstandig te blijven wonen. In de leeftijdscategorie van 18 t/m 64 jaar wordt vooral ambulante begeleiding ingezet. Bijvoorbeeld bij mensen met een licht verstandelijke beperking, of mensen met psychische problemen die ondersteuning nodig hebben bij het zelfstandig wonen. In de categorie tot 18 jaar gaat het om voorzieningen zoals rolstoelen, driewielfietsen of woningaanpassingen voor kinderen met een beperking. De verdeling over de leeftijdscategorieën past bij de samenstelling van de bevolking van Zeist. Deze gegevens zijn afkomstig uit ZorgNed en gaan over geïndiceerde zorg. 5

Resultaatgebied 3: WMO

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar huis beschikbaar

WMO: AANTAL CLIËNTEN PER PRODUCTCATEGORIE De toename van het aantal inwoners dat een beroep doet op huishoudelijke hulp zet in dezelfde lijn door als in voorgaande jaren. Dit hangt sterk samen met het aantal ouderen in Zeist en de wens om zo lang mogelijk thuis te blijven wonen. Huishoudelijke hulp is een laagdrempelige voorziening die dat mogelijk maakt en wordt vaak voor een langere periode ingezet. Bij de ambulante begeleiding groeit het aantal cliënten iets minder hard. Begeleiding wordt vaak ingezet bij inwoners met GGZ problematiek of bij inwoners met dementie. In de werkwijze van het sociaal team wordt steeds meer de nadruk gelegd op de inzet van de sociale basis. Welzijn op recept wordt bijvoorbeeld vaker als passende oplossing gezien. Er is ingezet op afstemming met huisartsen en praktijkondersteuners en op de samenwerking met partners zoals de RSD en woningcorporaties. Dit is allemaal gericht op het afschalen van zorg. We zien dit terug in het gebruik van begeleiding: begeleiding specialistisch neemt iets af en de begeleiding basis neemt toe. Dit is een minder intensieve vorm van begeleiding. Eén derde van de nieuwe instroom op begeleiding basis betreft afschaling vanuit specialistisch.

Begeleiding

2021

2022

2023

Basis (% van totaal)

26%

30%

35%

Specialistisch (% van totaal)

74%

70%

65%

WMO: REGIOTAXI We zien een lichte groei in het aantal uitgegeven WMO-regiotaxi-passen ten opzichte van voorgaande jaren (“Vervoersdiensten” in bovenstaande grafiek). De toename van het aantal inwoners dat een pas heeft aangevraagd hangt samen met het stijgend aantal ouderen dat minder mobiel wordt, maar wel kan blijven deelnemen aan het sociaal maatschappelijk leven. We weten ook dat maar een deel van de pashouders daadwerkelijk actief gebruik maakt van de regiotaxi. Daarbij ontstaat de vraag of de pashouders in Zeist de regiotaxi minder aanvragen, andere mogelijkheden voor vervoer hebben gevonden of minder deelnemen aan het sociaal leven. Later dit jaar komt er een analyse naar het aantal gebruikers en hun inzet van de regiotaxi.

Bij de aantallen in de categorieën rollen, vervoer en wonen gaat het om nieuwe beschikkingen in dat jaar. Het gaat om rolstoelen (rollen), scootmobielen , driewielfietsen en andere vervoersvoorzieningen (vervoer) en diverse soorten woningaanpassingen, waaronder trapliften, drempelhulpen en elektrische deuropeners, maar ook grotere woningaanpassingen (wonen). De nieuwe toekenningen binnen deze categorieën laten over een heel jaar een redelijk stabiel beeld zien. Ook is te zien dat door extra inzet in het Sociaal Team meer aanvragen zijn opgepakt eind 2022 en begin 2023. In de categorie 'wonen' zien we ook het effect van vergrijzing en langer thuis wonen; het aantal grote woningaanpassingen neemt toe. Deze gegevens zijn afkomstig uit ZorgNed en gaan over geïndiceerde zorg. 6

Resultaatgebied 3: WMO

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

WMO: UITGAVEN PER PRODUCT Hoewel het aantal cliënten dat huishoudelijk hulp krijgt, toeneemt, zijn de uitgaven in 2023 niet verder gestegen. Dit heeft vooral te maken met verandering van resultaatfinanciering (een vast bedrag per cliënt) naar financiering van werkelijk geleverde uren in 2023. De kostenstijging bij begeleiding is in lijn met de groei van het aantal cliënten in combinatie met de indexering van het tarief.

WMO: UITGAVEN VOOR WONEN, ROLLEN EN VERVOER (WRV) De uitgaven voor de woningaanpassingen, rolstoelen en vervoersvoorzieningen zijn toegenomen, in lijn met de groei van het aantal verstrekte voorzieningen. Met name bij de woningaanpassingen is sprake van groei van de uitgaven, als gevolg van enkele dure woningaanpassingen. Ook bij de vervoermiddelen (zoals scootmobielen en driewielfietsen) zijn de uitgaven behoorlijk gestegen. Hier speelt ook de aanzienlijke indexering op basis van de CPI. Deze was voor 2023 veel hoger dan in voorgaande jaren, vanwege de oplopende inflatie.

WMO: ZORGDUUR BEËINDIGDE VOORZIENINGEN Zowel bij ambulante begeleiding als bij dagbesteding is de zorgduur voor de meeste cliënten niet langer dan een jaar. Daarna kunnen zij verder zonder ondersteuning of met ondersteuning vanuit voorliggende voorzieningen. Bij een beperkt aantal cliënten is voor langere tijd ondersteuning nodig, vaak gericht op het stabiel houden van de situatie.

Deze gegevens zijn afkomstig uit ZorgNed en gaan over geïndiceerde zorg. Uitgaven WRV aangevuld vanuit de financiële administratie 7

Resultaatgebied 3: Cliëntervaringsonderzoek WMO Algemeen

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

Welk rapportcijfer geeft u de ondersteuning?

WMO: ERVARING MET SOCIAAL TEAM Meer dan de helft van de mensen die ondersteuning vanuit de Wmo hebben gehad, heeft contact gehad met het Sociaal Team. Van de mensen die individuele begeleiding kregen vanuit de Wmo had 76% contact met het Sociaal Team. Het gesprek dat zij hadden met een medewerker van het Sociaal Team wordt (zeer) positief beoordeeld. Er wordt naar het verhaal van de cliënt geluisterd (97%) en mensen durven hun mening te geven tijdens het gesprek (94%).

Hulp bij het huishouden 2023: 7,6

Hulpmiddelen 2023: 7,8

Welk rapportcijfer geeft u het contact met het Sociaal Team? 2023: 7,9

Dagbesteding in een groep 2023: 8,2

Ik wist waar ik moest zijn met mijn hulpvraag 2023 4% 6% 2022

11%

6% 9%

46%

7%

32%

53%

26%

Ik werd snel geholpen door het Sociaal Team 2023

8%

2022

4%

47% 52%

40% 34%

Door het gesprek ben ik een stap dichter bij een antwoord op mijn hulpvraag 2023

7%

51%

39%

2022

7%

53%

36%

WMO: ERVARING MET ONDERSTEUNING Bijna 80% van de respondenten, ontvangt huishoudelijke ondersteuning. Hiervan is 82% het er mee eens dat zij de ondersteuning snel kregen. Ondanks de personeelstekorten waarmee zorgaanbieders te maken hebben, lukt het om de ondersteuning redelijk snel in te zetten. Over de toewijzing van cliënten hebben we werkafspraken gemaakt, waardoor we beter zicht hebben op de capaciteit van de verschillende zorgaanbieders en gerichter kunnen toewijzen. Tegelijkertijd zorgen deze werkafspraken ervoor dat aanbieders gerichter personeel kunnen werven. Alle vormen van ondersteuning sluiten goed aan bij wat cliënten nodig hebben en helpt ze verder. De verschillende vormen van ondersteuning scoren een ruime voldoende.

Deze gegevens zijn afkomstig uit cliëntervaringsonderzoeken uitgevoerd in opdracht van Zeist begin 2023 en 2024. Deze zijn uitgevoerd onder inwoners met geïndiceerde zorg. 8

Resultaatgebied 3: Cliëntervaringsonderzoek WMO Begeleiding

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

Welk rapportcijfer geeft u de begeleiding? 2023: 8,0

De begeleiding sluit goed aan bij wat ik nodig heb

10%

41%

48%

Door de begeleiding kan ik me beter zelf redden

12%

51%

33%

Door de begeleiding kan ik beter omgaan met de situatie

13%

53%

31%

Door de begeleiding vraag ik vaker hulp aan mensen om me heen

15%

27%

39%

16%

WMO: CLIËNTERVARINGSONDERZOEK BEGELEIDING Om meer zicht te krijgen op het effect van de individuele begeleiding, is een aparte vragenlijst gestuurd naar cliënten die individuele begeleiding kregen in 2023. Deze groep respondenten heeft vaker contact met het Sociaal Team (76%) dan de respondenten die andere vormen van ondersteuning krijgen (55%). Over het algemeen zijn respondenten erg tevreden over de begeleider. De begeleiding zelf wordt ook goed gewaardeerd en heeft een positieve invloed op de cliënten. Ondanks dat in 2023 meer is ingezet op afschaling van gespecialiseerde begeleiding naar reguliere begeleiding (minder intensieve vorm van begeleiding), sluit de begeleiding goed aan op wat mensen nodig hebben en helpt het ze verder. “Gesprekken samen dingen doen, agenda goed bijhouden/ motiveren. Helpen mij de drempel te verlagen om te bellen, moeilijke dingen stapsgewijs doornemen en plannen”

Deze gegevens zijn afkomstig uit cliëntervaringsonderzoeken uitgevoerd in opdracht van Zeist begin 2023 en 2024. In 2024 is er een aanvullend cliëntervaringsonderzoek voor begeleiding gedaan. Hierdoor zijn de resultaten grotendeels niet te vergelijken met vorig jaar.. 9

Resultaatgebied 3: Jeugd

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

JEUGD: AANTAL UNIEKE CLIËNTEN MET EEN ACTIEVE BESCHIKKING Het aantal jeugdigen in jeugdhulp schommelt de afgelopen drie jaar tussen de 1700 en de 1800. Na een stabilisatie vanaf Q2 2022 zien we vanaf Q2 2023 een lichte daling. Er is daarin wel sprake van een lichte verschuiving van verblijfshulp naar ambulante hulp, mede door de inzet van vaste medewerkers vanuit de verblijfsaanbieders die de medewerkers van het CJG ondersteunen in het arrangeren van passende hulp, bij voorkeur ambulante hulp als dat kan.

JEUGD: AANTAL CLIËNTEN PER WIJK De sterke daling van ‘overig’ heeft te maken met de steeds vollediger wordende registratie. Inmiddels is bij elke jeugdige na te gaan in welke wijk deze woont. In drie wijken is een licht dalende trend te zien (Noord, West, Centrum) en in twee wijken een lichte stijging (Zeist Den Dolder, Zeist Huis ter Heide, Zeist Bosch en Duin en Zeist Oost). Het CJG stuurt op een vermindering van de specialistische jeugdhulp door een betere preventie, verwijzing naar de sociale basis en door zelf in toenemende mate lichte passende hulp kan bieden.

JEUGD: AANTALLEN CLIËNTEN PER VERWIJZER Het aantal verwijzingen van huisartsen is iets afgenomen en van het CJG iets toegenomen. Dit kan verklaard worden met de koppeling van vaste CJGmedewerkers aan huisartsenpraktijken en de afspraak met huisartsen dat ze vaker naar het CJG verwijzen. Deze beweging wordt iets geremd door de toegenomen wachttijden bij het CJG in de 2 e helft van 2023. Ook is er inzet vanuit het project Jeugd4Zeist. Het doel is dat huisartspraktijken, het CJG Zeist, de JGZ en welzijnsorganisaties in de sociale basis nauw samen werken aan een integrale domein overstijgende aanpak op jeugd.

Deze gegevens zijn afkomstig uit ZorgNed en gaan over geïndiceerde zorg. 10

Resultaatgebied 3: Jeugd

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

JEUGD: AANTAL CLIËNTEN PER PRODUCTCATEGORIE Het aantal jeugdigen in jeugdhulp in 2023 is 2057 en dat is lager dan de som van de aantallen hiernaast, omdat sommige jeugdigen meer dan één van de jeugdhulpsoorten hebben ontvangen. Er zijn lichte verschuivingen in de aantallen jeugdigen per product. Er is sprake van een lichte toename van het aantal jeugdigen met ambulante jeugdhulp. Dat betreft vooral groepshulp en begeleiding. Verder is er een afname te zien van het aantal jeugdige in verblijfszorg. En dat komt waarschijnlijk door het beleid van de afgelopen jaren om verblijfszorg zoveel mogelijk te vervangen door (intensief) ambulante hulp. De afname is vooral te zien in de meest gespecialiseerde verblijfsvoorzieningen: driemilieuszorg, JeugdzorgPlus en klinische GGZ. Dit intensieve aanbod is er voor de meest kwetsbare kinderen en hun gezinnen en noemen we “zeer intensief residentieel”. De afname ten opzichte van 2022 is 42%. Ook is er in de cijfers van 2023 een stabilisatie te zien in de verhouding van het aantal jeugdigen in gezinsvormen (pleeggezinnen en gezinshuizen) en het aantal in residentiele verblijfsvoorzieningen. Die verhouding is 73%-27%. De inspanningen van de gemeente en jeugdhulpaanbieders blijven gericht op verblijfsaanbod zoveel mogelijk in de vorm van pleeggezinnen en gezinshuizen.

JEUGD: AANTALLEN CLIËNTEN PER LEEFTIJDSCATEGORIE De jongeren die vanaf 18 jaar jeugdhulp ontvangen, krijgen dit vanuit de zogeheten ‘verlengde jeugdhulp’. In 2023 waren dat er 218. De 41 18-plussers in verlengde verblijfszorg krijgen dit meestal in een pleeggezin of een gezinshuis. Bij een klein aantal van deze jongeren is er sprake van doorstroomstagnatie; ze kunnen nog niet uitstromen naar een passende vervolgplek, terwijl ze daar wel aan toe zijn.

Deze gegevens zijn afkomstig uit ZorgNed, voor verblijfszorg aangevuld met periodieke rapportages Verblijfsvierkant en YEPH. Alle gegevens betreffen geïndiceerde zorg. 11

Resultaatgebied 3: Jeugd

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

JEUGD: TOTALE UITGAVEN JEUGDHULP De kosten voor ambulante hulp zijn fors gestegen, deels door een indexering per 2023 van 5,3% en deels doordat meer trajecten intensiever werden door meer uren hulp per week, meerdere producten per jeugdige of een langere duur van trajecten. De kosten van Veiligheid (jeugdbescherming en jeugdreclassering) daalden doordat er sinds 2023 het aantal jeugdigen in jeugdbescherming vermindert. Deels heeft dit te maken met het meer (preventief) oppakken van casussen met veiligheidsissues door het CJG.

JEUGD: TOTALE UITGAVEN BINNEN AMBULANT De kostenstijgingen van de verschillende ambulante productcategorieën zijn deels te verklaren uit indexatie per 2023 (alle producten), deels uit intensivering van trajecten (begeleiding en behandeling) en deels vanuit toename van het aantal jeugdigen (met name begeleiding en groepshulp). Binnen ambulante hulp zijn de kosten per cliënt gestegen van € 6.336 in 2022 naar € 6.937 in 2023 (toename van +9,5%). Verder zijn in 2023 in totaal 34 eenmalige contracten opgesteld, veelal in urgente situaties waarbij bij de gecontracteerde niet op korte termijn hulp beschikbaar was. De jeugdhulp vanuit eenmalig gecontracteerde aanbieders is duurder.

JEUGD: TOTALE UITGAVEN BINNEN VERBLIJF Verblijfshulp vindt op drie verschillende manieren plaats: vanuit afspraken met vijf vaste aanbieders (zogeheten Verblijfsvierkant), vanuit eenmalig gecontracteerde aanbieders (vaak als specifieke verblijfszorg niet beschikbaar is in de regio ZOU) en intensieve verblijfszorg (essentiële functies door het samenwerkingsverband YEPH). De toename van kosten in het Verblijfsvierkant komt door een verschuiving van het aantal jongeren van “zeer intensief residentieel” én eenmalig gecontracteerde verblijfszorg naar het Verblijfsvierkant.

Deze gegevens zijn afkomstig uit ZorgNed, voor verblijfszorg aangevuld met periodieke rapportages Verblijfsvierkant en YEPH. Alle gegevens betreffen geïndiceerde zorg. 12

Resultaatgebied 3: Cliëntervaringsonderzoek Jeugd Toegang/Centrum Jeugd en Gezin

Wat voor cijfer geeft u het contact dat u met het CJG heeft gehad? 2023: 7,6

JEUGD: CLIËNTERVARINGSONDERZOEK CJG In het eerste kwartaal van 2024 is er een cliëntervaringsonderzoek uitgevoerd over de hulp van het CJG, de huisartsen en de jeugdhulpaanbieders. In totaal hebben 84 respondenten aan het onderzoek meegedaan. De opzet van het onderzoek was dezelfde als die in 2023. Er is naar diverse aspecten van de hulp gekeken. De uitkomsten over 2023 verschillen nauwelijks met die over 2022.

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

JEUGD: PERSOONLIJK PLAN De meerderheid (64%) vindt dat het persoonlijk plan dat met het CJG is gemaakt om met de hulpvraag aan de slag te gaan goed is (was in 2023 46%) en 22% van de respondenten geeft aan dat er geen persoonlijk plan is gemaakt (was in 2023 49%). Er werden dus aanzienlijk meer plannen gemaakt dan in 2022. Eigen kracht 44% van de respondenten vindt dat het CJG met hen heeft gekeken wat zij zelf konden toen om de hulpvraag op te lossen (2023: 45%). De inzet van het CJG blijkt hiermee dus voor een substantieel deel van de gezinnen gericht op normalisatie, eigen kracht en ook inzet van voorzieningen in de sociale basis. In deze beweging is de komende jaren nog veel te bereiken. Ik werd snel geholpen door het CJG 2023

De tevredenheid blijft hoog, zowel wat betreft de resultaten van de ondersteuning als de manier van ondersteunen (snel helpen, luisteren, breed kijken). Toch zijn cijfers iets lager geworden. Dit heeft mogelijk te maken met de toenemende wachttijd bij het CJG in 2023. Ook was er in 2023 meer inzet van het CJG in een preventief justitieel kader en een gedwongen kader. Het is bekend dat de tevredenheid van cliënten bij een dergelijke inzet lager is dan bij cliënten in een geheel vrijwillig kader.

24% heeft met het CJG gekeken naar welke laagdrempelige activiteiten (vooral sport) kunnen helpen met de hulpvraag (2023: 31%)

11%

16%

2022 5% 9%

4%

9%

49% 53%

16% 24%

De medewerker luisterde naar ons verhaal 2023

5% 9%

2022

6% 7%

2023

6%

2022

10%

57%

27%

67%

19%

De medewerker had aandacht voor de sociale contacten van mijn kind 11%

9%

7%

66% 71%

6% 5% 7%

Door het gesprek zijn we een stap dichter bij een antwoord op de hulpvraag van mij/mijn kind gekomen 2023 5% 11% 5%

59%

18%

2022

69%

12% 4%

10% 4%

Deze gegevens zijn afkomstig uit cliëntervaringsonderzoeken uitgevoerd in opdracht van Zeist begin 2023 en 2024. Deze zijn uitgevoerd onder inwoners met geïndiceerde zorg.

13

Resultaatgebied 3: Cliëntervaringsonderzoek Jeugd Aanbieders jeugdhulp

Voor inwoners is kwalitatief goede en doelmatige zorg, tijdig en waar kan, dichtbij huis beschikbaar

Wat voor cijfer zou u de hulp of ondersteuning die uw kind krijgt geven?

2023 5% 9% 2022

6%

14%

17%

Door de hulp gaat het thuis beter 55% 69%

17% 8%

JEUGD: ERVARING MET INGEZETTE ONDERSTEUNING Ondanks de landelijke zorgen over de wachttijden in de jeugdhulp, vindt meer dan twee derde van de cliënten dat hun kind snel geholpen was. De verwijzers en de aanbieders in de regio ZOU werken met de Beschikbaarheidswijzer, een gebruikersvriendelijk interactief platform, dat zorgt voor inzicht in wachttijden voor jeugdhulp. Hierdoor is er een betere afstemming tussen de hulpvraag en het beschikbaar aanbod van jeugdhulp mogelijk is. Dit biedt grote voordelen voor de hulpzoekende zelf en alle betrokken partijen. Driekwart van de respondenten geeft aan dat de jeugdhulp goed aansluit bij wat het kind nodig heeft en dat is een lichte stijging tgen opzichte van 2022 (73%).

Door de hulp kan mijn kind zich beter redden 2023

10%

15%

61%

11% Mijn kind werd snel geholpen door de jeugdhulpaanbieder

2022 5%

15%

63%

16%

2023

10%

7%

2022

7%

9%

8%

56%

13%

6%

Door de hulp zit mijn kind beter in zijn/haar vel 2023 5%

20%

56%

17%

2022

20%

56%

15%

8%

JEUGD: ERVARING MET INGEZETTE ONDERSTEUNING De resultaten van de hulp van jeugdhulpaanbieders worden over het algemeen (zeer) positief beoordeeld op alle 11 aspecten waaronder: het gaat het thuis beter, mijn kind kan zich beter redden, ik heb een beter beeld van wat er speelt bij mijn kind, mijn kind zit beter in zijn/haar vel en mijn kind heeft meer contact met anderen. In deze tabel hierboven geven we drie type resultaten weer en die vergelijken we met de beoordelingen m.b.t. 2022. De meeste beoordelingen op de 11 resultaten zijn echter iets minder goed dan in 2022. We hebben daar geen verklaring voor. De ambulante hulp is namelijk intensiever geworden (meer uren per week, meer specialisme, langer durend) en dan zouden meer resultaten te verwachten zijn.

2023

6% 6% 7%

2022

6% 8%

48%

29%

De ondersteuning helpt mij/mijn kind verder 54% 14% 58%

4%

13%

18%

8%

De ondersteuning sluit goed aan bij wat mijn kind nodig heeft 2023 5% 5% 5% 2022 5% 7%

10%

51%

24% 52%

11% 21%

6%

Samen met de consulent/begeleider evalueren we de ontwikkeling van mijn kind (of er stappen zijn gezet) 2023 2022

10% 4% 7%

48%

16%

15%

niet gemeten over 2022

Deze gegevens zijn afkomstig uit cliëntervaringsonderzoeken uitgevoerd in opdracht van Zeist begin 2023 en 2024. Deze zijn uitgevoerd onder inwoners met geïndiceerde zorg.

14

Resultaatgebied 4:

Balans tussen inzet sociale basis, basiszorg en aanvullende zorg binnen de budgettaire kaders

AANTAL INWONERS

REALISATIECIJFERS 2023

AANVULLENDE ZORG

BASISZORG

INWONERS EN FINANCIËN

€ 36.400.000

SOCIALE BASIS € 9.600.000 € 5.100.000

TOELICHTING INWONERS EN FINANCIËN In de linker driehoek is te zien dat de meeste inwoners eigen oplossingen vinden of gebruik maken van informele vormen van ondersteuning (ongeveer 80%). Inwoners in de basiszorg (ongeveer 11%) maken gebruik van CJG, Sociaal Team of algemene voorzieningen vanuit de sociale basis. Dit zijn lichte vormen van ondersteuning. De aanvullende zorg geldt voor inwoners met een specialistische of meervoudige ondersteuningsvraag (9%). In de rechterdriehoek is te zien dat de budgetverdeling bijna het omgekeerde beeld laten zien. Zo’n 71% van de kosten is voor de aanvullende zorg, 19% voor de basiszorg en 10% voor de sociale basis. In de komende jaren kan gevolgd worden of de gewenste verschuiving naar lichte vormen van ondersteuning gerealiseerd wordt.

Percentage inwoners met aanvullende zorg is afkomstig uit ZorgNed gecombineerd met CBS. Percentage inwoners in basiszorg is gebaseerd op landelijke schatting vanuit de Rijksoverheid. Financiële realisatiecijfers zijn gebaseerd op financiële administratie. 15

DE VOLGENDE FACTSHEET Met deze versie van de factsheet zijn er weer belangrijke stappen gezet naar meer informatie gedreven sturen in de gemeente Zeist. Tegelijkertijd zijn we ambitieus in de ontwikkeling richting de volgende factsheet die in het najaar van 2024 verschijnt. Bij toekomstige factsheets wordt verder toegewerkt naar een balans tussen kwalitatieve en kwantitatieve gegevens. In de volgende factsheet verdiepen we verder op het gebied van (verbinding met) sociale basis en de werkzaamheden van het Centrum Jeugd & Gezin en Sociaal Team.

April 2024 Factsheet Jeugd en WMO

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14206875/1