CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

01a-24RV006 Bijlage 1a. Nadere toelichting beleidskeuzes SHP Onderwijs 2024

Raad 23 januari 2024, gemeente ZeistBij agendapunt: Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs 20241.467 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samenvatting beleidskeuzes Strategisch Huisvestingsplan Onderwijs 2024 In het coalitieakkoord is afgesproken dat het Strategisch Huisvestingsplan (SHP) voor onderwijshuisvesting herijkt wordt. Het Strategisch Huisvestingsplan is een plan waarin de ambities van de gemeente en de schoolbesturen vastgelegd wordt. Het benoemt de te hanteren beleidsuitgangspunten voor onderwijshuisvesting. Door middel van een enquête is het SHP 2018 geëvalueerd en zijn met de schoolbesturen themasessies georganiseerd over welke eisen gesteld worden aan schoolgebouwen op het gebied van ‘toelating en ruimte’, ‘duurzaamheid en gezondheid’ en financiën. Dit heeft geleid tot de volgende voorstellen (a. tot en met f.) om het beleid ten aanzien van onderwijshuisvesting aan te passen. a. Inclusief onderwijs en IKC’s Voor dit thema is aangesloten bij de door de raad vastgestelde ’Agenda Jeugd & Onderwijs’. In de Agenda zijn de inhoudelijke doelen omschreven voor het bieden van passend en inclusief onderwijs en vorming van Integrale Kindcentra (IKC). Om de doorgaande ontwikkellijn voor kinderen verder te stimuleren is de gemeente voorstander van het vormen van IKC’s in samenwerking met aanbieders van opvang of voorschoolse educatie en andere (kind)functies.

Bij passend en inclusief onderwijs kan gedacht worden aan het bieden van ruimte aan taalklassen voor nieuwkomers, maar ook aan extra zorg aan reguliere leerlingen of specifieke doelgroepen zoals onderwijs aan hoogbegaafden of leerlingen met meervoudige ondersteuning die anders op het speciaal onderwijs aangewezen zouden zijn. Voordat een school in aanmerking komt voor extra ruimte voor passend en inclusief onderwijs wordt eerst bepaald of er binnen de verwijsafstand geschikte of geschikt te maken ruimte aanwezig is. Hiermee kan gestuurd worden om eerst leegstand te benutten en pas groter te bouwen of uit te breiden als deze mogelijkheden er niet zijn. Tegenover de extra ruimte staan geen extra (huur)inkomsten. Het vormen van integrale kindcentra (IKC’s) is een samenwerking van school en andere kind gerelateerde functies. De samenwerking hoeft niet per se onder één dak. Het gaat primair om de samenwerking. Bij de bouw van een school wordt bepaald of behoefte bestaat ook andere partners in het schoolgebouw onder te brengen. Tegenover de investering van de gemeente van de extra m² staat wel een kostendekkende / marktconforme / langdurige huur, waarmee de lasten van de investering gedekt zijn. Dit beleid is een bevestiging van het beleid dat al in het vorige SHP (2018) opgenomen. b.

Maatwerk renovatie of vervangende nieuwbouw In het vorige SHP (2018) was de volgende passage opgenomen: “In het SHP is een oplossing gevonden voor de bekostiging van renovatie. Het uitgangspunt is dat een schoolgebouw na 40 jaar een upgrade krijgt. Onderhoud en aanpassing (rekening schoolbestuur) wordt gecombineerd met het verbeteren van het schoolgebouw. De gemeente draagt 30% van de nieuwbouwnorm bij om het gebouw weer zo veel mogelijk up to date te maken. Hiermee wordt het gebouw geacht weer 25 jaar als volwaardig schoolgebouw dienst te kunnen doen. Na 65 jaar van het oorspronkelijke bouwjaar komt een schoolgebouw in aanmerking voor vervangende nieuwbouw. De kosten zijn dan volledig voor de gemeente. Ook als na 65 jaar (nogmaals) voor een renovatie wordt gekozen zijn de kosten (van aanpassing én onderhoud) voor rekening van de gemeente. De regeling is niet ‘in beton gegoten’. Het is ‘renovatie na 40 jaar, tenzij ...’ en ook ‘vervangende nieuwbouw na 65 jaar, tenzij …’. Dan kunnen ook afspraken gemaakt worden de kosten anders te verdelen, welke afspraken recht doen aan de verantwoordelijkheid van schoolbesturen en gemeente, zonder dat kosten van de ene naar de andere partij verlegd worden. Zeker bij schoolgebouwen die uit verschillende bouwjaren bestaan, kan maatwerk nodig zijn.” In de praktijk van de afgelopen jaren is dit maatwerk verschillende keren toegepast.

Steeds wordt bepaald of het gewenste resultaat bereikt wordt.

De afweging tussen renovatie of vervangende nieuwbouw zal ook beïnvloed worden naarmate het jaar 2050 (klimaatneutraal) naderbij komt. Het doel klimaatneutraal te zijn, kan ertoe leiden om toch al over te gaan tot vervangende nieuwbouw in plaats van een renovatie, omdat anders dit doel in het gedrang komt. In de verordening was het bieden van maatwerk niet expliciet opgenomen. Het voorstel is om dat nu wel te doen. c. Kwaliteitskader onderwijsvoorzieningen funderend onderwijs 2023 In het SHP 2018 werd rekening gehouden met hogere kwaliteitseisen. Ten opzichte van 2018 zijn de (wettelijke) eisen nog verder verhoogd. BENG (bijna energie neutrale gebouwen) is inmiddels in het Bouwbesluit opgenomen, alsmede de eisen aan de hoeveelheid ventilatie, niet in de laatste plaats door ‘corona’. Om invulling te geven aan het gemeentelijke beleid duurzaam en energieneutraal te bouwen wordt voorgesteld aan te sluiten bij de eisen uit het landelijke ‘Kwaliteitskader onderwijsvoorzieningen funderend onderwijs’.

De kwaliteitseisen betreffen de volgende aspecten: - Beleving (architectonische criteria: uitstraling, zichtlijnen, routing, sfeer en inrichting) - Functionele criteria (toegankelijkheid instructie/praktijkruimte, ontmoetingsruimte directie- en nevenruimten) - Techniek (Programma Frisse Scholen: licht, lucht, geluid, temperatuur) - Exploitatie (energie, milieu en flexibiliteit, onderhoud en hygiëne, data en connectiviteit) Er is / wordt niet voor gekozen per kwaliteitsaspect een keuze te maken. Het voorstel is om het landelijke kwaliteitskader als eenduidig en samenhangend geheel als uitgangspunt te hanteren en het Kwaliteitskader expliciet als uitgangspunt in de verordening op te nemen. Hiermee wordt op alle aspecten toekomstbestendig gebouwd. Voor het kwaliteitskader verwijzen wij naar bijlage 8 en voor de uitsplitsing van de hogere eisen en kosten ten opzichte van het Bouwbesluit naar bijlage 8a (primair onderwijs) en bijlage 8b (voortgezet onderwijs). d. Normvergoeding en indexering De hogere kwaliteitseisen hebben financiële consequenties. Voorgesteld wordt voor de financiële normering aan te sluiten bij de financiële paragraaf in het Kwaliteitskader. Het Kwaliteitskader gebruikt voor de bepaling van de bouwkosten de specifieke bouwkosten voor onderwijsgebouwen, zoals opgesteld door de BDB. Het prijsniveau sluit beter aan bij de prijzen in de markt dan de VNG-norm.

Niet alleen de gemeente zet een stap een door uit te gaan van een hogere kwaliteit en een daarbij passende hogere normvergoeding te hanteren. Onderdeel van de afspraken in het herijkte SHP 2024 is dat de schoolbesturen ook bijdragen in de kosten van vervangende nieuwbouw vanwege het voordeel in exploitatie (besparing energie en onderhoud). De bijdrage is € 154,95,- per m² (prijspeil 2024). Ook is de BDB index specifieker en actueler dan de VNG-index. Voor de normering en de indexering is het voorstel aan te sluiten bij BDB-index in plaats van de VNG index en de BDB-index als systematiek in de verordening op te nemen. m²-prijs 2023 referentieschool VNG BDB index 2023 --> 2024 Primair onderwijs € 2.847,00 € 3.568,00 Voortgezet onderwijs € 2.367,00 € 3.111,00 Bijdrage schoolbestuur € -150,00

% 25% 31%

2024 VNG BDB +12,72% +3,3% € 3.209,14 € 3.685,74 € 2.668,08 € 3.213,66 € -154,95

% 15% 20%

e. Locatie-gebonden kosten en netcongestie In Zeist wordt gebouwd in een bebouwde omgeving. Bij bouwplannen worden we geconfronteerd met specifieke gemeentelijke eisen vanwege bestemmingsplannen, het behoud van bomen, cultuurhistorische waarde, parkeereisen, monumenten, extra projectmanagement, etc. Te denken valt onder andere aan de scholen die liggen in de Stichtse Lustwarande. Dit is de zone langs de Utrechtseweg en Driebergseweg, die zich kenmerkt door veel groen met monumenten en monumentale structuren. Om bouwplannen ‘passend’ te maken zijn meerkosten soms onontkoombaar.

Ook speelt voor sommige bouwplannen, dat extra (tijdelijke) maatregelen nodig zijn vanwege de netcongestie (het ‘vol’ raken van het elektriciteitsnetwerk). Een voorbeeld is een energie opslagsysteem te installeren om een gebouw aangesloten te krijgen op het elektriciteitsnet. In de verordening nemen we een toeslag op van 10% van de bouwkosten om, daar waar van toepassing, dergelijke meerkosten bij bijzondere omstandigheden voor vergoeding in aanmerking te laten komen. f. Nieuwe gymnastieklokalen bouwen volgens KVLO-norm De norm voor de oppervlakte van de oefenvloer voor een gymnastieklokaal is minimaal 21 x 12 m = 252 m² met een minimale vrije hoogte van 5 m. De Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) adviseert een minimale afmeting van 22 x 14 x 5,5 meter (l x b x h). Deze afmeting speelt in op de vernieuwde lesmethoden die in de loop der tijd binnen het bewegingsonderwijs hun intrede hebben gemaakt. Zo biedt een dergelijke capaciteit de mogelijkheid dat alle leerlingen gelijktijdig kunnen werken en er in vakken verschillende lesactiviteiten kunnen worden aangeboden. Tevens biedt een accommodatie van deze afmeting mogelijkheden voor het beoefenen van badminton, volleybal, tafeltennis en verschillende andere zaalsporten. Daar waar de fysieke ruimte dat toelaat, wordt voorgesteld de grotere maat te bouwen.

Dit komt het onderwijs en sportgebruik buiten schooltijden ten goede. Schoolbesturen dragen bij nieuwbouw bij. Ook zijn schoolbesturen verantwoordelijk voor onderhoud en aanpassingen van de bestaande gebouwen. Niet altijd hebben schoolbesturen voldoende middelen in kas om de investeringen te doen. De verordening Borg- en garantstellingen van Zeist voorziet niet in leningen van schoolbesturen. Als een schoolbestuur geld bij een bank leent, vereist de bank wel een gemeentegarantie. Om dit wel mogelijk te maken moet de verordening Borg- en garantstellingen aangepast worden. Hiervoor zal een apart voorstel aan de raad worden voorgelegd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13551151/1