01-24RV005# Bijlage 1 Financiele toeliching
Tekst van het document
Bijlage 1 bij Raadsvoorstel 24RV005 In deze bijlage lichten we toe hoe de parkeeropbrengsten en kosten zich tot elkaar verhouden, hoe groot het verschil tussen begrote en werkelijke opbrengsten is en wordt, welk bedrag we nodig hebben voor de kwaliteitsimpuls zoals beschreven in de Parkeerbeleidsnota, en tenslotte hoe we het gat tussen begroting en werkelijkheid grotendeels oplossen met de nieuwe parkeertarieven. Voor alle bedragen geldt: x € 1.000. Begroting parkeren Begrote opbrengsten parkeren Begrote kosten parkeren Saldo (+ is positief saldo)
2024 3.730 3.224 506
2025 3.730 3.240 490
2026 3.730 3.287 443
2027 3.730 3.264 465
In onze begroting liggen de begrote opbrengsten hoger dan de begrote kosten. Per saldo maken we in de begroting winst op parkeren. Als we inzoomen op de kosten, dan zien we dat de begrote kosten en de werkelijke kosten gelijk zijn (bijzonderheden en bekende fluctuaties in bv. onderhoudsplannen uitgezonderd). Inzoomen: Kosten parkeren Begroot Verwachte werkelijke kosten Verschil begroting en realiteit
2024 3.224 3.224 0
2025 3.240 3.240 0
2026 3.287 3.287 0
2027 3.264 3.264 0
Als we inzoomen op de opbrengsten, dan zien we een verschil tussen de begrote opbrengsten en de werkelijke (verwachte) opbrengsten: Inzoomen: Opbrengsten parkeren Begroot Verwachte werkelijke opbrengsten Verschil begroting en realiteit
2024 3.730 2.886 -844
2025 3.730 2.886 -844
2026 3.730 2.886 -844
2027 3.730 2.886 -844
Opbouw verschil begrote en werkelijke opbrengsten Structureel minder (auto)bezoekers dan begroot in onze begroting Verhogen begrote opbrengsten per 2024 vanwege indexatie bezoekers centrum Verhogen begrote opbrengsten per 2024 vanwege IAC voorstel Op te lossen verschil tussen begrote opbrengsten en werkelijke opbrengsten
2024 450 207 187 844
2025 450 207 187 844
2026 450 207 187 844
2027 450 207 187 844
De belangrijkste oorzaak van het verschil tussen begrote parkeeropbrengsten en werkelijke parkeeropbrengsten, is dat er structureel minder (auto)bezoekers naar ons centrum komen. Hierover hebben we vaker gerapporteerd in bestuursrapportages en jaarrekeningen (€ 450.000). We hebben nog niet eerder de stap genomen om onze begroting structureel aan de voorkant te verlagen naar de werkelijke bezoekersaantallen en bijbehorende parkeeropbrengsten. Het verschil tussen begrote parkeeropbrengsten en werkelijke parkeeropbrengsten stijgt per 1-1-2024 van € 450.000 naar € 844.000. Dit heeft te maken met het verhogen van de begrote parkeeropbrengsten per 1-1-2024 vanwege indexatie van onze begroting met 7,7% en vanwege het overgenomen IAC voorstel om parkeertarieven te verhogen. Op zich zouden deze 2 verhogingen niet tot een tekort hoeven te leiden als we ook de parkeertarieven met hetzelfde % zouden verhogen. Maar dit hebben we bewust niet gedaan bij de begroting 2024, om te voorkomen dat de parkeertarieven voor bezoekers van het centrum in korte tijd 2x wijzigen, namelijk per 1 januari (o.b.v. Begroting 2024) en vervolgens per 1 april (o.b.v. nieuwe Parkeerbeleidsnota). We stellen u voor om het tekort veroorzaakt door structureel minder (auto)bezoekers te dekken uit het begrotingssaldo (€ 450.000). Dit tekort bestaat al vele jaren en staat los van de nieuwe Parkeerbeleidsnota.
Met de maatregelen in de nieuwe parkeerbeleidsnota willen we de inhoudelijke ambities en speerpunten uit het Mobiliteitsplan realiseren. Vanuit de bestaande parkeertarieven en gelet op de vastgestelde ambities en speerpunten, zijn we tot nieuwe parkeertarieven gekomen. Daarbij hebben we ook gekeken naar de parkeertarieven in andere gemeenten in onze regio (benchmark, zie bijlage parkeerbeleidsnota deel A). Met de parkeertarieven in de concept Parkeerbeleidsnota verwachten we ongeveer € 600.000 meer parkeeropbrengsten te realiseren dan met de huidige parkeertarieven. Dit is een berekende inschatting. We weten uiteraard niet welk effect de nieuwe tarieven precies hebben op het aantal autobezoekers en de locaties
waar ze gaan parkeren. We schatten in dat de nieuwe tarieven zeker niet afschrikken, omdat de verhoging beperkt is en er juist een aantrekkelijk maximaal dagtarief in de 4 parkeergarages komt. We hebben een benchmark gedaan met omliggende gemeenten en onze nieuwe parkeertarieven zijn nog steeds aantrekkelijk te noemen. Parkeerregulering heeft uiteraard ook een kostenkant. Met de huidige begrote kosten kunnen we het bestaande beleid uitvoeren. Maar uit het participatieproces kwam duidelijk naar voren dat we op bepaalde onderdelen een stap extra moeten doen. De uitstraling van onze parkeerterreinen en garages is de belangrijkste. Maar ook extra handhaving en meer aandacht voor fietsparkeren zijn ook vaker genoemd. De kwaliteitsimpuls kan worden onderscheiden in incidenteel budget en structureel budget: Structurele kosten maatregelen nieuwe Parkeerbeleidsnota Parkeerbeleving terreinen: vaker en beter schoonmaken RMN / commercieel Fietsparkeren Onderzoek uitbreiding regulering Extra handhaving (uitbreiding tijden betaald parkeren, weesfietsen, laden lossen) Meedoen aan app voor gebruikers GPK Gewenste investeringen nieuwe Parkeerbeleidsnota STRUCTUREEL
2024 60 50 30 50 10 200
2025 60 50 30 50 10 200
2026 60 50 30 50 10 200
2027 60 50 30 50 10 200
Incidentele kosten maatregelen nieuwe Parkeerbeleidsnota Parkeerbeleving garages: coating vloeren 3 garages Parkeerbeleving garages: aanpassen inrit garage 1e Hogeweg Gewenste investeringen nieuwe Parkeerbeleidsnota INCIDENTEEL
2024 140 250 390
2025 140 0 140
2026 140 0 140
2027 0 0 0
Bovenstaande onderdelen zijn niet opgenomen in de kadernota 2024 en vormen een extra vraag voor dekking van deze lasten. Voor het incidentele deel kan de dekking worden gevonden in de Algemene reserve. De hele samenleving van Zeist heeft baat bij deze kwaliteitsimpuls. Door aantrekkelijkere parkeergarages voorkomen we onnodig zoekverkeer, staan er minder auto’s op straat en het draagt bovendien positief bij aan het beeld dat bezoekers van ons centrum krijgen. Met het dekken van de incidentele kosten uit de Algemene reserve daalt deze reserve onder de grens van de signaalwaarde uit de vastgestelde stabiliteitscriteria. Mogelijk zijn er bijsturingsopties nodig. Het structurele deel kan worden opgelost door de voorgestelde nieuwe parkeertarieven. Het uiteindelijke financiële effect van de Parkeerbeleidsnota komt overeen met het structurele tekort uit het verleden (€ 450.000). De overige effecten van het nieuwe beleid worden opgevangen door de meeropbrengsten van de nieuwe parkeertarieven. Samengevat is het effect van de parkeerbeleidsnota op de begroting als volgt: Effect op begrotingssaldo Structureel minder (auto)bezoekers dan begroot in onze begroting (nadeel) Verhogen begrote opbrengsten per 2024 indexatie bezoekers centrum (nadeel) Verhogen begrote opbrengsten per 2024 vanwege IAC voorstel (nadeel) Gewenste investeringen nieuwe Parkeerbeleidsnota structureel (nadeel)
Effect van de nieuwe parkeertarieven op begrotingssaldo (voordeel) Saldo = verrekenen ten laste van het begrotingssaldo (nadeel)
2024 450 207 187 200 1.044
2025 450 207 187 200 1.044
2026 450 207 187 200 1.044
2027 450 207 187 200 1.044
438 606
600 444
600 444
600 444
Als we bovenstaande doorvoeren en verwerken in onze begroting, dan komen de begrote parkeeropbrengsten en parkeerkosten dicht bij elkaar te liggen, zijn ze realistisch en voldoen we aan ons eigen uitgangspunt dat de kosten van parkeerregulering gedekt worden door de opbrengsten van parkeerregulering. Begroting parkeren na vaststelling Parkeerbeleidsnota Begrote opbrengsten parkeren Begrote kosten parkeren Saldo (+ is positief saldo)
2024 3.324 3.424 -100
2025 3.486 3.440 46
2026 3.486 3.487 -1
2027 3.486 3.464 22