CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

01-23RV013 Bijlage 1 Lange termijn Bomenbeheerplan Zeist 2016-2041

Raad 18 april 2023, gemeente ZeistBij agendapunt: Evaluatie Lange termijn Bomenbeheerplan34.379 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Lange Termijn Bomenbeheerplan ZEIST 2016 - 2041

Adviesgroep bomenvervanging, mei 2016

1

Colofon Lange Termijn Bomenbeheerplan ZEIST 2016 – 2041 Adviesgroep Bomenvervanging Marijke Koster Anna Adrichem Patrick Greeven Erik Notenboom Ernest Schuler Hans Harmsen Jan van ’t Klooster Anton van Weelderen Dana Bezdickova Jos van Beek Team Beheer Openbare Ruimte, in samenwerking met afdeling Strategie & bestuur Bestuurlijk opdrachtgever: Johan Varkevisser Ambtelijk opdrachtgever: Florien Westermann Projectleiding: Inge Broekstra & Rob Videler Projectondersteuning: Ottolien Noortman Gemeente Zeist, mei 2016 corsanummer 16int00693

2

Voorwoord Voor u ligt het Lange Termijn Bomenbeheerplan 2016 – 2041. Dit bomenbeheerplan is, in opdracht van de raad, in de periode 2014 – 2016 interactief opgesteld door de adviesgroep Bomenvervanging. Hieraan ging een lang (beleids)traject vooraf, te beginnen met het opstellen van het groenstructuurplan Groen (voor) Zeist in 2010 – 2011. Gevolgd door het opstellen van de kaders voor bomenvervanging, in 2013, zoals verwoord in het rapport Bomen: (kleur)rijke dragers voor het groen in Zeist. Deze beide plannen zijn overigens ook op basis van een interactief proces tot stand gekomen. Het opstellen van een Lange Termijn Bomenbeheerplan was een mooie opdracht, die aanzienlijk complexer bleek dan we in eerste instantie dachten, met name aan de automatiseringskant. Hoewel we in details niet volledig hebben kunnen voldoen aan de opdracht, zijn we van mening dat we een stevig fundament hebben neergelegd voor een toekomstbestendige en kwalitatief hoogwaardige aanpak van de hoofdstructuur van het gemeentelijke groen en het bomenbeheer in Zeist. Zeventig jaar bleek een te lange horizon om in detail door te rekenen, maar de opgezette systematiek is tot in lengte van jaren bruikbaar om de kwaliteit van de Zeister boomstructuur te kunnen blijven garanderen. In het groen van Zeist speelt de historie een belangrijke rol, naast vele andere waarden.

De geschiedenis is daarom een grote inspiratiebron geweest en die geschiedenis leert ons, dat kwaliteit gebaseerd op het verleden zéker ook garanties biedt voor de toekomst. En tot 2041 zijn de gegevens dusdanig doorgerekend, dat we met een grote mate van waarschijnlijkheid kunnen zeggen dat we de strategische keuzes – zoals beschreven in dit rapport – goed op orde hebben, net als de basis voor de financiering én de uitvoering. Voor de details van de opdracht waaraan we niet hebben kunnen voldoen, geldt dat deze zeker een rol gaan spelen in de uitwerking naar uitvoeringsplannen. Dit Lange Termijn Bomenbeheerplan is simpelweg te abstract om zinvolle uitspraken te kunnen doen over met name de zogenaamde slimme maatregelen (één van de uitgangspunten voor scenario Q uit het rapport Bomen: (kleur)rijke dragers voor het groen in Zeist) of in detail allerlei aspecten mee te kunnen nemen die met bomenbeheer samenhangen. Wij zijn van mening, dat met dit Lange Termijn Bomenbeheerplan er een goede basis ligt om – na vaststelling door college en raad – de gemeente vrij te stellen van het aanvragen van kapvergunningen voor maatregelen die voortkomen uit dit beheerplan, zoals opgenomen in de Bomenverordening die in 2016 is vastgesteld. Uitwerking in beheerplannen voor 5 tot 10 jaar geven daar meer in detail invulling aan, maar dit plan vormt hier het raamwerk voor.

Wij zijn met dit plan in staat om de inwoners van Zeist duidelijk te maken welke toekomstige kwaliteit we waar voor het gemeentelijke bomenbestand nastreven en hoe die is opgebouwd. Dat geldt zeker voor het grotere raamwerk. Voor de bomen op het niveau van afzonderlijke buurten, parken, pleinen en plantsoenen is – bij voorkeur in overleg met bewoners – nog een nadere invulling van het beheer nodig. Hoe dan ook: zowel inhoudelijk, als voor wat betreft financiële zekerheid, kan Zeist ons inziens de komende jaren vooruit. Wij zijn trots op hetgeen we hier hebben neergezet. Het is een unicum in de vakwereld van het bomenbeheer en bovendien – best ongebruikelijk in die wereld – interactief tot stand gekomen. Wij kijken met voldoening terug op het uitvoeren van deze opdracht en danken de gemeenteraad van Zeist voor het in ons gestelde vertrouwen.

Adviesgroep Bomenvervanging, Zeist, mei 2016

1

1

de Adviesgroep bestaat uit deskundigen uit de gemeentelijke organisatie en de samenleving en uit vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties. Dit bomenbeheerplan is onder regie van de gemeente Zeist in grote onderlinge collegialiteit tot stand gekomen.

3

4

Hoofdstukindeling Voorwoord Inhoudsopgave Samenvatting 1. Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Schets van de uitdaging 1.3 Aanpak richting een oplossingsrichting bestuurlijk tot nog toe 1.4 Aanpak richting een oplossingsrichting procesmatig tot nog toe 1.5 Waarom een bomenbeheerplan? 1.6 Vertrekpunt voor Lange Termijn Bomenbeheerplan 1.7 Toekomstbestendige aanpak van boombeheer 1.8 Interactief proces van tot stand komen Lange Termijn Bomenbeheerplan 1.9 Uitwerking 1.10 Leeswijzer

12 12 12 13 14 14 14 14 14 15 15

2. Bomenbeheer in zijn bredere context 16 16 2.1 Visie en kaders 2.2 Korte schets uitdaging bomenbeheer gemeente Zeist 16 Boombeheer tot nog toe 16 Financiële situatie bomenbeheer tot nog toe 18 Levenscycluskosten in relatie tot bestaande situatie 19 2.3 Algemene uitgangspunten ten aanzien van de keuzes toekomstige boomstructuur 19 2.4 Meer aspecten bomenvervanging: bomenbeheerbeslisboom 20 Stoplichtcodering boombeheer 20 2.5 Uit- en doorwerking en communicatie 20 3. Plansystematiek: verschillen in karakteristieke boomstructuren met bijbehorende beheertypen 3.1 Analysefase: indeling in karakteristieke boomstructuren met inspiratiebeelden Welke karakteristieke boomstructuren hebben we onderscheiden? 3.2 Keuzefase: indeling in beheertypen en puzzelstukken als basis voor het bomenbeheerplan Koppeling met groenbeheersysteem Algemeen uitgangspunt: meest dominante stijlkenmerk is leidend

22 22 22 24 27 27

4. Uitwerking karakteristieke boomstructuren plus de beheertypen en –beheerstrategieën 30 4.1 Landschappelijke boomstructuur 30 4.2 Middeleeuwse boomstructuur 39 4.3 Formele boomstructuur 47 4.4 Engelse Landschapsstijl boomstructuur 59 5

4.5 Zeister profiel boomstructuur 4.6 Parken, pleinen en plantsoenen boomstructuur 4.7 Buurtgroen boomstructuur

67 73 79

5. Rekenfase: financiële doorrekening 5.1 Overzicht beheerstrategieën 5.2 Rekenmodellen Werken met kwaliteitsgegevens in de rekenmodellen Kostenopbouw in de rekenmodellen Vermijdbare en onvermijdelijke kosten 5.3 Totale investering 5.4 Slimme maatregelen

87 87 88 88 89 89 91 93

6.

94 94 94 94 96

Enkele terzijdes bij het lange termijn bomenbeheerplan 6.1 Nadere uitwerking en communicatie 6.2 Bomenbeheer en integraal beheer openbare ruimte 6.3 Evaluatie opdracht uitwerking Scenario Q in Lange Termijn Bomenbeheerplan 6.4 Bomenverordening en bomenbeheerplan

Bijlage met kernschema’s lange termijn bomenbeheer Koppeling structuurkenmerken groenstructuurplan en karakteristieke boomstructuur Realiteitswaarde restlevensduur bomen Levenscycluskosten van een boom Uitwerking karakteristiek boomstructuur in (sub)beheertypen

6

Samenvatting Inleiding In dit rapport vindt u een beschrijving van de keuzes die in een interactief proces zijn gemaakt voor het lange termijn bomenbeheer (tot 2041 met een doorkijk tot 70 jaar, te weten de gemiddelde levensduur van een boom in Zeist). In het kader van verwachtingsmanagement ten aanzien van de inhoud van dit stuk: aangezien het om keuzes gaat voor circa 1000 stukken laan in de gemeente Zeist, onderverdeeld in ongeveer 45 categorieën, kunnen we de gemaakte keuzes niet uitputtend voor het voetlicht brengen. We beschrijven in dit rapport de gedachtenlijn en in tabellen en grafieken werken we dat uit. Alle daadwerkelijke keuzes zijn verwerkt in het bomenbeheersysteem Greenpoint. Dit rapport is “slechts” de hard copy weergave van de hoofdlijnen van die keuzes.

Achtergrond Bomen in Zeist zijn de dragers van de Zeister groenstructuur. Ze zijn al eeuwenlang het kapitaal van het Zeister imago. Een prachtige erfenis uit een rijk verleden. Daarnaast zijn bomen van belang voor het welbevinden van mensen en de drager van veel dierenleven (natuur). Bovendien zijn bomen van belang voor de reductie van fijn stof, als zuurstofleverancier, voor het vastleggen van CO2, voor hittereductie en andere fysiologische processen. Tot nog toe was dit een erfenis waar we tamelijk zorgeloos van konden genieten. Als er wat bomen dood gingen, vervingen we ze. Maar in de nabije toekomst vergt deze erfenis grote(re) investeringen om haar op peil te houden. Binnen 20 jaar zal de helft van het bomenbestand het einde van zijn levensduur bereikt hebben. Ad hoc vervangen – zoals nu op basis van de Bomenverordening 2005 noodzakelijk was – leidt op termijn niet tot de gewenste kwaliteit van de boomstructuur. Om die investeringen te sturen, voor wat betreft kwaliteit en benodigde budgetten, is dit Lange Termijn Bomenbeheerplan gemaakt. De raad heeft hier in oktober 2013 om gevraagd: maak een Lange Termijn Bomenbeheerplan op basis van scenario Q 2 uit het rapport van de Adviesgroep Bomenvervanging uit 2013 : het behoud van het groene karakter van Zeist.

Analysefase: welke karakteristieke boomstructuren hebben we in Zeist? De boomstructuur van Zeist hebben we uiteengerafeld in de samenstellende delen. Die zijn gebaseerd op hun landschappelijke en historische oorsprong. Kwaliteiten uit het verleden bieden – zeker in Zeist – inspiratie voor de toekomst. Het Groenstructuurplan Groen (voor) Zeist is daarvoor het kader. Dan komen we tot het volgende lijstje (zie ook grafiek op de volgende pagina):  landschappelijke boomstructuur  middeleeuwse boomstructuur  formele boomstructuur  Engelse Landschapsstijl boomstructuur  Zeister profiel boomstructuur  parken, pleinen en plantsoenen boomstructuur  buurtgroen boomstructuur

Kwaliteit en opbouw van de boomstructuur De boomstructuur van Zeist is enorm gedifferentieerd. Elk onderdeel heeft zijn eigen kwaliteit en zijn functie in het totaal. Het bepalen van die functie, de kwaliteit die en het eindbeeld dat daarbij hoort en de aanpak die nodig is om dit te bereiken: dat is de basis van dit Lange Termijn Bomenbeheerplan. 2

Bomen: (kleur)rijke dragers van het groen in Zeist, Adviesgroep Bomenvervanging, 2013

7

Onderverdeling Boomstructuur 2928

286 5008

Landschappelijke structuur Formele laan Middeleeuwse weg Engelse Landschapsstijllaan

8237 6938

Zeister Profiel Buurtgroen

Parken, pleinen en plantsoenen Onbekend

574 3543

3928

grafiek met de verdeling van het aantal bomen over de verschillende karakteristieke boomstructuren (zie volgende pagina)

Keuzefase: indeling in beheertypen en puzzelstukken als basis voor het boombeheerplan Voor elke karakteristieke boomstructuur zijn inspiratiebeelden geformuleerd. Waar denken we aan bij het gewenste eindbeeld voor die boomstructuren? Daarbij gaan we uit van behoud en herstel van de karakteristieke boomstructuren. Bovendien is per karakteristieke boomstructuur een nadere onderverdeling gemaakt: het maakt nogal wat uit of er veel of weinig ruimte is in het profiel, of het om zand of klei gaat, hoeveel rijen bomen er staan en of het wegvak door een woonwijk of een meer landelijke omgeving loopt. Dit leidt tot een onderverdeling in circa 45 (sub)beheertypen.

karakteristieke boomstructuur

beheertype type LS1, zandgrond

landschappelijke structuur

type LS2, kleigrond

middeleeuwse structuur

type M0, geen ruimte, geen bomen type M1, geen ruimte, 1 rij bomen type M2, weinig ruimte M2a = centrum M2b = woon/stedelijk gebied type M3, ruim profiel type M4, wegen door het bos/verkeer type M5, overige wegen

8

subbeheertype LS1a = minder ruimte LS1b = meer ruimte LS2a = minder ruimte LS2b = meer ruimte

formele structuur

Engelse Landschapsstijl structuur

Zeister profiel boomstructuur

parken, pleinen en plantsoenen boomstructuur

buurtgroen boomstructuur

type F0, geen ruimte, geen bomen type F1, 1 rij, weinig ruimte F1a = meer stedelijk F1b = meer landelijk type F2, 2 rijen, weinig ruimte F2a = meer stedelijk F2b = meer landelijk type F3, 2 rijen, ruimte F3a = meer stedelijk F3b = meer landelijk type F4, 3 of meer rijen, ruimte F4a = meer stedelijk F4b = meer landelijk type F5, 6 rijen type EL0, geen ruimte, geen bomen type EL1, 1 rij EL1a = weinig ruimte EL1b = meer ruimte type EL2, 2 rijen EL2a = weinig ruimte EL2b = meer ruimte type Z1, 1 rij type Z2, 2 rijen Z2a = smalle grasstrook Z2b = brede grasstrook type Z3, omgekeerd profiel type Pls, aanleg landschappelijk type Pm, aanleg middeleeuws type Pf, aanleg formeel type Pel, aanleg Engelse landschapsstijl type Pbp, gemeentelijke buitenplaats type Pt, aanleg tuindorpsstijl type Pz, aanleg in Zeister profiel type Pov, overige aanleg type B0, geen ruimte, geen bomen type B1, 1 rij bomen B1 = in verharding B1z = in grasstrook type B2, 2 rijen bomen B2 = in verharding B2z = in grasstrook

Uitwerkingsfase: per karakteristieke boomstructuur en beheertype Van alle (circa) 1000 stukken boomstructuur in Zeist hebben we bekeken tot welk (sub)beheertype ze behoren. Deze zijn in verzamellijsten gezet. Voor elk van de groepen hebben we een voorbeeldstraat gekozen, die we representatief achten voor dat beheertype. Voor die voorbeeldstraat (we noemen die “het puzzelstuk”) hebben we het gewenste eindbeeld bepaald, op basis van het beleid (zie het Groenstructuurplan Groen (voor) Zeist) en op basis van inspiratiebeelden, die we hebben opgesteld voor elke karakteristieke boomstructuur. De uitwerking van dit puzzelstuk is de input voor de berekeningen: de fasering en de kosten van hoe tot het eindbeeld te komen.

Rekenfase: financiële doorrekening en fasering Elk (sub)beheertype kent zijn eigen eindbeeld en zijn eigen aanpak. Er zijn plantafstanden vastgesteld 2 (aantal bomen per 100 meter of aantal bomen per 10.000 m openbaar gebied), er is bepaald of vervanging moeiteloos kan of dat extra inspanningen nodig zijn (stoplichtcodering: groen = probleemloos, oranje = extra inspanningen/kosten vereist, rood = vervanging onder de huidige omstandigheden niet mogelijk), er is bepaald of de boomstructuur in de toekomst gelijkjarig of ongelijkjarig moet zijn. Dit soort

9

keuzes komt allemaal voort uit de karakteristieken van de boomstructuur en de onderscheiden beheertypen. Op basis van de kwaliteitsgegevens (restlevensduur) van het huidige bomenbestand uit het bomenbeheersysteem Greenpoint (die elke drie jaar worden gemonitord op basis van een Visual Tree Assessment), en rekenmodellen waarin alle gewenste kenmerken in zijn verwerkt, weten we wat de kosten zullen zijn om het groene karakter van Zeist duurzaam in stand te houden en wanneer welk stuk boomstructuur door de ondergrens zakt. Het bomenbeheersysteem Greenpoint biedt tot 2041 betrouwbare kwaliteitsgegevens, die berekeningen met een behoorlijke mate van waarschijnlijkheid mogelijk maken.

grafiek met totale kosten rooien en planten

Voor de verschillende soorten berekeningen verwijzen we u graag naar het rapport. Eén belangrijk aspect willen we hier wel noemen. Bij boomstructuren, waar we streven naar een gelijkjarig eindbeeld, gaan we over tot kappen en vervangen wanneer 50% van de boomstructuur is verdwenen. De resterende 50% wordt dan dus in één keer gekapt, waarna de totale boomstructuur ook in één keer opnieuw wordt ingeplant. Dit is anders dan tot nog toe – onder de Bomenverordening 2005 – gebruikelijk.

Gevolgen buiten Het beeld buiten gaat hoe dan ook veranderen: daar hebben we niet direct een Lange Termijn Bomenbeheerplan voor nodig. Bomen gaan dood doordat ze aan het einde van hun levensduur komen en worden niet altijd (meteen) vervangen. En bij vervanging zijn de bomen natuurlijk klein in verhouding tot de bomen die gekapt moesten worden. Dat is niet anders: we investeren in kwaliteit voor de generaties na ons. En om die kwaliteit te bewaren, daarvoor is dit Lange Termijn Bomenbeheerplan het instrument.

10

Uitwerking en communicatie Voor buurten en voor parken, pleinen en plantsoenen zijn maatwerkuitwerkingen nodig. De ene buurt is de andere niet en dat geldt nog sterker voor de parken. Bij die maatwerkuitwerkingen willen we (ook) een interactieve aanpak. Dit Lange Termijn Bomenbeheerplan is daarvoor het kader. Om te komen tot een pakket beheermaatregelen dat kan worden aanbesteed aan de markt, is ook uitwerking nodig, voor periodes van ongeveer 5 jaar. Deze deeltijduitwerkingen zijn uitermate geschikt om gericht aan inwoners te communiceren over wat er in de straten gaat gebeuren. Dit vraagt voortdurende aandacht.

Soms zijn maar een paar bomen van grote invloed op het beeld: niet alleen de zuileiken, maar ook de bomen op de achtergrond in de omgeving van de Oude Kerk.

11

1. Inleiding Inleiding Zeist is prachtig, met al haar lanen, bomen, parken en landgoederen. Een erfenis uit het rijke, groene verleden van onze gemeente. Tot nog toe vooral een erfenis, waar we tamelijk zorgeloos van konden genieten. Maar ook erfenissen vragen onderhoud en hebben niet het eeuwige leven. Om die reden is in 2013 gestart met een interactief proces om te bepalen hoe we kunnen zorgen dat ook toekomstige generaties kunnen blijven genieten van de groene erfenis van Zeist. Dit rapport is het (papieren) verslag van de vervolgkeuzes die de werkgroep bomenvervanging in opdracht van de raad heeft gemaakt voor de toekomst van de boomstructuur van Zeist. Het stuk is te lezen als een tekstuele samenvatting van wat in het bomenbeheersysteem Greenpoint is aangegeven. Die invoer is leidend. De keuzes van de Adviesgroep Bomenbeheer zijn namelijk ingevoerd in het geautomatiseerde bomensysteem, omdat dit de tool is waarmee het bomenbeheer in de praktijk wordt vormgegeven en uitgevoerd. Deze tool is echter voor raad en bewoners moeilijk toegankelijk. Daarom vindt u hier een “papieren” vertaling van keuzes, achtergronden en de gegevens waarmee gerekend is.

1.1 Aanleiding De aanleiding om met het hele bomenproces te starten was de inventarisatie van het totale Zeister bomenbestand in 2010, bedoeld als basis voor onderhoudsbestekken voor het boomonderhoud. In die inventarisatie werd ook de toekomstige levensverwachting meegenomen: de rest-levensduur zeg maar. Na invoer in een geautomatiseerd beheersysteem konden we deze (en andere) gegevens bewerken tot grafieken en kaarten. Het beeld dat daaruit naar voren kwam, was dat we in de gemeente de komende decennia (in ongeveer 20 jaar) zonder ingrijpen de helft van ons bomenbestand zouden kwijtraken! Omdat we in het groenstructuurplan Groen (voor) Zeist hadden ingeschat dat bomen in Zeist voor zo’n 3 80 % de kwaliteit van de groenstructuur bepalen , was dat een verontrustend gegeven. Aanleiding dus om aan de bel te trekken: om te beginnen in het groenstructuurplan Groen (voor) Zeist, vastgesteld in het najaar van 2011. Dit leidde, al tijdens de vaststelling van Groen (voor) Zeist, ertoe dat de gemeenteraad eigener beweging heeft gevraagd om de instelling van een Bomenfonds. Begin 2016 is hier inmiddels circa € 1,1 miljoen in gestort.

1.2 Schets van de uitdaging

Zeist heeft circa 35.000 straat-, laan- en parkbomen. Een groot deel daarvan dateert uit de jaren ‘30, ‘40 en ‘50 van de twintigste eeuw, toen in Zeist grote uitbreidingen plaatsvonden, zoals Kersbergen en Griffensteijn, de Dichtersbuurt, het Patijnpark, Valckenbosch, Hoge Dennen en andere wijken. De laanbomen in deze buurten zijn dus zo’n 70 tot 80 jaar oud. Sinds die tijd zijn de groeiomstandigheden van bomen in de openbare ruimte aanzienlijk verslechterd. Steeds meer verharding (gelijk opgaand met het toenemend autogebruik, inclusief de behoefte aan parkeerruimte), steeds meer ondergrondse infrastructuur, minder water, lucht en voedingsstoffen in de bodem en de gevolgen van de klimaatverandering, zorgen voor slechtere leefomstandigheden voor bomen. Dat drukt de levensduur. Daarnaast heeft Zeist relatief veel oude parken: een erfenis uit het buitenplaatsverleden. De groeiomstandigheden voor bomen in de parken zijn goed, maar het merendeel van dergelijke parken e dateert uit de tweede helft van de 19 eeuw. De bomen zijn over het algemeen veel ouder dan 100 en soms zelfs 150 jaar. In de jaren 1970 en verder is het aantal bomen in Zeist enorm toegenomen met de bouw van Zeist-West. Circa een kwart van het Zeister bomenbestand staat in Zeist-West. De gekozen boomsoorten en de groeiplaatsomstandigheden van deze bomen (veelal in verharding en zonder plantgatverbetering in de 3

Zeist heeft vergeleken met andere gemeenten niet heel veel “vlakgroen”: buurtveldjes, plantsoenen, parkjes en dergelijke. Maar wel heel veel bomen.

12

klei gepoot) zorgden op voorhand al voor een slecht toekomstperspectief, waardoor ook in die – relatief jonge – wijk de restlevensduur van bomen (zeer) beperkt is. Al met al wijzen de kwaliteitsgegevens van de bomen uit, dat binnen nu en 2030 meer dan 50 % van de bomen aan vervanging toe is. Met een budget van € 75.000,- per jaar (2013) voor het aanplanten van nieuwe bomen (kostprijs aanplant € 350,-), leidt dat tot een onontkoombare ontgroening van Zeist. Maatschappelijk en politiek ligt dat gevoelig: Zeist hecht zeer aan haar groene karakter. Er ligt dus financieel, maar óók wat betreft de daadwerkelijke aanpak buiten, een uitdaging.

1.3 Aanpak richting een oplossingsrichting; bestuurlijk tot nog toe Op verzoek van de raad is de Bomenverordening uit 2005 geëvalueerd en is eind 2012 een voorstel gedaan om tot een nieuwe opzet ervan te komen. Eén van de uitgangspunten daarbij is, dat bij maatregelen aan gemeentelijke bomen op basis van een goedgekeurd bomenbeheerplan, de gemeente 4 geen kapvergunning meer hoeft aan te vragen. Reden voor de raad, om te willen weten hoe de gemeente Zeist in grote lijnen wilde handelen ten aanzien van haar eigen bomenbezit, alvorens de inwoners allerlei ge- en verboden op te leggen. Daarom is begin 2013 de stand van zaken voor wat betreft de bomenvervanging geschetst en toegelicht in de raad. Al enigszins voorbereid (door Groen (voor) Zeist), vond de raad dat er zo snel mogelijk gewerkt zou moeten worden aan hoe deze uitdaging te tackelen. Zij had het lef om de samenleving daar een stem in te geven. Zeist huldigt namelijk het standpunt dat, als de inwoners van Zeist geconfronteerd worden met een probleem, ze ook deel moeten uitmaken van het zoeken naar de oplossing. Het ambtelijk voorgestelde financiële kader van € 75.000,-- per jaar werd daarbij door de raad losgelaten.

In plaats daarvan heeft de raad gevraagd om met scenario’s voor de bomenvervanging te komen (benodigde budgetten in relatie tot de dan te realiseren kwaliteit van de boomstructuur buiten), op basis waarvan zij in staat zouden zijn de discussie te voeren over welke budgetten zij als raad in de toekomst beschikbaar zouden willen stellen.

1.4 Aanpak richting een oplossingsrichting; procesmatig tot nog toe

Met een open oproep zijn organisaties en inwoners benaderd om mee te denken over de scenario’s. Dat leverde 10 zeer gemotiveerde en deskundige mensen op, waarmee in 6 avonden de uitdaging is aangegaan om te komen tot scenario’s. Zij hebben zelf de keuze gemaakt voor welke scenario’s (op basis van de omvang van beschikbaar te stellen budgetten per jaar) zij een uitwerking wilden maken. De ondergrens (€ 75.000,-- per jaar) en de bovengrens (een budget van € 1.2 miljoen per jaar, voldoende voor volledige vervanging) stond vast. De procesbegeleiders hebben gezorgd voor de werkvormen om 5 deze scenario’s goed te kunnen vullen en uitwerken. Dit proces is buitengewoon goed verlopen. De groep heeft uiteindelijk zélf het rapport geschreven, waarin ze alle scenario’s en hun voorkeursscenario hebben uitgewerkt: BOMEN: (kleur)rijke dragers van het groen in Zeist. In oktober 2013 heeft de raad dit rapport vastgesteld en de groep gevraagd om het voorkeursscenario uit te werken in een Lange Termijn Bomenbeheerplan (circa 70 jaar), op basis waarvan de raad wil kijken in welke omvang, wanneer en hoe ze de middelen beschikbaar zouden willen stellen in de vorm van een structurele financiële voorziening. Het voorkeursscenario (scenario Q) omvat het behoud van het groene karakter van Zeist, met de inzet van slimme maatregelen om de kosten te beperken.

4

Deze maatregel is voorgesteld, om in de toekomst efficiënt te kunnen werken bij het bomenvervangingsvraagstuk. Wanneer elke laanvervanging meerdere jaren aan doorlooptijd en procedures kost, zoals bij de herinrichting 1e deel Verlengde Slotlaan, maar ook bij de Gezichtslaan, dan doet dat een onevenredig grote aanslag op gemeentelijke capaciteit, financiën en middelen. Dat is niet meer haalbaar bij de opgave waar we voor staan. 5 Het proces is vanuit het Platform Middelgrote Gemeenten als good practice opgenomen om de nabijheid en bestuurskracht van middelgroot te illustreren in de richting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Zie de volgende link voor de presentatie die daarover gemaakt is: http://www.middelgrotegemeenten.nl/Good+Practices/268543.aspx?t=De+kracht+van+het+interactieve+traject+%27vervanging+ge meentelijke+bomen%27

13

1.5 Waarom een bomenbeheerplan? De uitdaging kennen, betekent ook de verantwoordelijkheid nemen om tot een oplossing te komen. Dat is met het proces BOMEN: (kleur)rijke dragers van het groen in Zeist in algemene zin gebeurd. Er ligt daarmee een goede analyse van de uitdaging, een verkenning van de oplossingsrichtingen en een aantal belangrijke uitgangspunten, waaronder het door de raad gekozen vervangingsscenario. Niet concreet genoeg om investeringsberekeningen uit te kunnen destilleren en om buiten in de praktijk mee te kunnen sturen. Terwijl het moment om te moeten gaan investeren en om buiten daadwerkelijk keuzes te moeten gaan maken, steeds dichterbij komt. Reden dus om – zoals ook gevraagd door de raad – het voorkeursscenario van de groep meer in detail uit te werken. Daarbij is gekozen voor een termijn van 70 jaar, de gemiddelde levensduur van een boom. Zo hopen we in onze keuzes ook te kunnen meenemen, dat we de “vervangingspiek” die ons nu verrast, in de toekomst kunnen voorkomen. Ons doel is te komen tot een gelijkmatige en planmatige spreiding van de bomenvervanging, zodat de impact qua kosten, qua verstoring van het straatbeeld en qua ecologische verstoring in de toekomst beperkt blijft. Vandaar een Lange Termijn Bomenbeheerplan Zeist.

Natuurlijk zien wij ook wel in dat het niet waarschijnlijk is dat men over 70 jaar nog altijd zal terugvallen op de nu gemaakte keuzes. Wel biedt het 70-jaren perspectief, richting en sturing aan de keuzes de we voor de nu komende periode (moeten) gaan maken. Tot 2041 is het op basis van de kwaliteitsgegevens van de bomen mogelijk om tamelijk concreet te kunnen zijn met een grote mate van waarschijnlijkheid dat de berekeningen en de plaatsbepalingen zullen kloppen. Over de jaren erna kunnen we wel in het algemeen iets zeggen, maar het is lastig om over die periode accurate berekeningen te maken. We zijn als Adviesgroep wel van mening, dat de hier aangereikte systematiek om het bomenvraagstuk kwalitatief goed in te vullen, tot in lengte van jaren een basis biedt voor de groene kwaliteit waar Zeist – terecht – trots op is. In die zin is het zeker gelukt om tot een zeventig-jaren-aanpak te komen.

1.6 Vertrekpunt voor het Lange Termijn Bomenbeheerplan We gaan uit van kwaliteit voor de toekomst. Die hebben we gebaseerd op kwaliteiten uit het verleden. Wat we nu in Zeist zien, komt daar namelijk uit voort. Soms is van het oorspronkelijke beeld niet veel meer terug te zien, als gevolg van het verbreden van straten, het aanleggen van meer parkeerplaatsen en dergelijke. We hebben ons de vraag gesteld, wat van die historisch bepaalde kwaliteiten leidraad kan zijn als er in de toekomst ingrepen nodig zijn in de boomstructuur: omdat er een weg gereconstrueerd wordt, er een nieuw riool komt of omdat de bomen aan vervanging toe zijn. Met deze aanpak kunnen we zowel het aanzicht van de straten als de gezondheid van bomen een stevige impuls geven. Daarbij nemen we impliciet mee dat bomen van groot belang zijn voor het welbevinden van mensen en bijdragen aan het reguleren van allerlei fysiologische aspecten. Denk aan het vastleggen van CO2, het produceren van zuurstof, het reduceren van hittestress, het afvangen van fijn stof en dergelijke.

1.7 Toekomstbestendige aanpak van bomenbeheer Een eerste vereiste bij een toekomstbestendige aanpak, is dat je weet waar je naar toe werkt. Zo kun je keuzes maken, die voor de lange termijn leiden tot de kwaliteit die je nastreeft. Door te weten aan welke knoppen je kunt draaien en wanneer het daarvoor het beste moment is, kun je effectief en efficiënt je middelen aanwenden. Het proces om tot dit Lange Termijn Bomenbeheerplan te komen, heeft ons het inzicht gegeven dat daarvoor nodig is. Het is onvermijdelijk dat er de komende decennia ingrepen in de lanen, straten en parken gaan plaatsvinden, die behoorlijk ingrijpend zullen zijn. Met of zonder bomenbeheerplan gaat het straatbeeld fors veranderen door bomensterfte. Mét bomenbeheerplan kunnen we de inwoners van Zeist het perspectief schetsen van de toekomstige kwaliteit, die we nastreven. Niet alleen afbraak, maar ook opbouw. Met het bomenbeheerplan zijn we bovendien in staat het belang en de samenstelling én opbouw van de boomstructuur in te brengen bij ruimtelijke projecten of herstructureringen in de openbare ruimte. Daarmee krijgen bomen een steviger stem en duidelijker plek in dit soort processen.

14

En niet in de laatste plaats: het is nu duidelijk wat de financiële opgave is en hoe de fasering van de benodigde investeringen zal zijn. Deze kennis maakt, dat we kunnen werken aan een oplossing om de nodige budgetten beschikbaar te krijgen om de boomstructuur voor de toekomst duurzaam en kwalitatief goed in stand te houden. Financiële zekerheid én flexibiliteit in de budgetten is van belang om ook voor de toekomst de inwoners continuïteit te kunnen bieden als het gaat om het groene karakter van hun woonomgeving.

1.8 Interactief proces van tot stand komen Lange Termijn Bomenbeheerplan Met de Adviesgroep Bomenvervanging is in het voorjaar van 2014 gestart met de opdracht van de raad: uitwerking van scenario Q. Er hebben zich – door omstandigheden – wat wijzigingen voorgedaan in de samenstelling van de groep, maar wat gebleven is: het ongelooflijke enthousiasme en de gedrevenheid waarmee de groep zich aan deze klus heeft gezet. De materie bleek taai en veel complexer en gelaagder dan op voorhand ingeschat. Ook de automatiseringskant vroeg nog veel extra inspanningen om “klaar” te zijn voor de vraagstelling die voorlag. Twee jaar (met een pauze van drie en van tien maanden) zijn we twee- of driewekelijks bezig geweest om de opgave te fileren en strategieën te bepalen en door te rekenen. Onvermoeibaar tot het einde zijn alle details doorgenomen en van een weging voorzien. Over de manier waarop de aanpak inhoudelijk heeft plaatsgevonden en de werk- en denkstappen die zijn gezet, is desgewenst een powerpointpresentatie beschikbaar. Hoe dan ook: het resultaat van dit mooie proces heeft u in uw handen. De opbouw van het beheersysteem met de uitkomsten van het proces, geeft ons een prachtig sturingselement om met behoud van het goede uit het verleden, het bomenbeheer in Zeist toekomstbestendig ter hand te nemen.

1.9 Uitwerking Dit Lange Termijn Bomenbeheerplan Zeist vormt de basis voor uitwerking in uitvoeringsplannen voor een periode van 5 jaar, met een doorkijk naar een periode van 10-20 jaar. Deze zijn geschikt als onderlegger voor onderhoudsbestekken en aanbesteding. In dit stadium is het ook goed mogelijk om bewoners te betrekken. Gezien de complexiteit van het onderwerp, en het abstracte schaalniveau, was dat in deze fase nog niet goed uitvoerbaar.

1.10 Leeswijzer Met dit rapport wordt inzichtelijk gemaakt waaruit het groene karakter van Zeist bestaat, als we het hebben over de gemeentelijke bomen. In dit inleidend hoofdstuk vindt u meer over de aanleiding, de uitdaging, aanpak voor wat betreft het proces en inhoud, en dergelijke. Daarnaast wordt in hoofdstuk 2 eerst de algemene context voor het Lange Termijn Bomenbeheerplan geschetst: de visie en kaders, de uitdagingen waar we voor staan, algemene uitgangspunten voor keuzes voor de boomstructuren, maar ook allerlei aspecten die van belang zijn voor bomenbeheer. En niet te vergeten: hoe gaan we uitwerken en hoe gaan we om met communicatie? In hoofdstuk 3 verklaren we de plansystematiek: de analyse van de kwaliteiten van het gemeentelijk bomenbestand (analysefase), bepaalde keuzes gemaakt (keuzefase). Beiden worden beschreven in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 vindt een nadere uitwerking van die keuzes plaats. Op grond van de onderscheiden karakteristieke boomstructuren vindt u een toelichting op de verschillende beheertypen (behorende bij iedere subcategorie), waarmee wij de unieke kwaliteiten tot uiting willen brengen . Tenslotte gaat hoofdstuk 5 in op een financiële doorrekening van de gemaakte keuzen (rekenfase). In hoofdstuk 6 sluiten we af met een aantal eindconclusies.

15

2. Bomenbeheer in zijn bredere context Inleiding In dit hoofdstuk gaan we inhoudelijk dieper in op de achtergronden van het bomenbeheer in Zeist en de keuzes, die er bij komen kijken. De grondslag daarvoor wordt gevormd door de eerder vastgestelde 6 visies. De materie is complex en kent vele componenten. Hieronder proberen we de belangrijkste aspecten overzichtelijk op een rij te zetten. Het gaat in dit hoofdstuk zowel over het belang van bomenbeheer, hoe we tot nog toe de zaken rondom bomenbeheer geregeld hadden en welke aspecten van belang zijn voor het uitzetten van de lijnen voor de toekomst van de boomstructuur in Zeist.

2.1 Inhoudelijk startpunt voor de uitwerking: visie en kaders Zonder bomen geen Zeister groenstructuur! Bomen zijn een kapitaalintensief onderdeel van het Zeister groen. Maar ze vormen ook het kapitaal van Zeist: ze zijn ook een buitengewoon duurzaam en 7 imagobepalend onderdeel van de Zeister groenstructuur. En dat is al eeuwenlang het geval. Bomen in Zeist geven uitdrukking aan de ontstaansgeschiedenis van Zeist, bepalen de identiteit van de gemeente, creëren sfeer en leefbaarheid in wijken, dragen bij aan het welbevinden van mensen en zijn de dragers van veel dierenleven (natuur). Maar ze zijn ook van belang voor de reductie van fijnstof, als zuurstofleverancier, voor het vastleggen van CO2, voor hittereductie en andere fysiologische processen. Bomen zijn dus – letterlijk – van levensbelang! Dat blijkt ook uit de betrokkenheid van de samenleving op dit onderwerp. Bij kap en vervanging lopen de emoties in de buurt vaak hoog op: zowel bij voorstanders als tegenstanders van bomenkap dan wel bomenvervanging. We willen daarom – ook richting de samenleving – inzichtelijk maken wélke keuzes we wáárom maken. Kwaliteit is voor ons het leidend principe. Kwaliteit gaat daarbij boven kwantiteit. Het gaat ons om kwaliteit van het beeld en van de (cultuurhistorische en/of ecologische) structuur. Dit principe geldt zowel voor de totale boomstructuur, als voor (de bomen in) de buurten.

Daarbij maakten we gebruik van bij onze werkgroep aanwezige ecologische en historische kennis en informatie, zonder daarvoor uitputtend onderzoek te doen. Wanneer nodig, zochten we zaken op. Bovenstaande gegevens zijn bepalend voor de keuzes en mogelijkheden bij het aanpakken van het vraagstuk bomenvervanging en eerder – en meer uitgebreid – verwoord in BOMEN: (kleur)rijke dragers van het groen in Zeist, adviesrapport van de Adviesgroep Bomen(vervanging) uit 2013 én in Groen (voor) Zeist, Groenstructuurplan, 2011. Beide zijn door de raad vastgesteld.

2.2 Korte schets uitdaging bomenbeheer in Zeist Bomenbeheer tot nog toe Bomenbeheer vindt sinds 2007 plaats op basis van driejarige onderhoudsbestekken, maar sinds 2010 worden de gegevens gehaald uit het groen- en bomenbeheersysteem Greenpoint. Dit systeem wordt – voor wat betreft de bomen – gevuld en gevoed aan de hand van driejaarlijkse monitoring van de toestand

6 7

Groen (voor) Zeist, 2011 en Bomen: (kleur)rijke dragers van het groen in Zeist, 2013 Groen (voor) Zeist, pagina 212 en verder

16

8

van de bomen: de VTA-analyse. Daaruit komt een kwaliteitstoekenning voort en een pakket noodzakelijke onderhoudsmaatregelen. Dit pakket onderhoudsmaatregelen wordt in de vorm van een onderhoudsbestek op de markt gebracht, voor drie jaar aanbesteed, uitgevoerd, door de gemeente gecontroleerd en als zodanig ook verwerkt in het bomenbeheersysteem. Dat laatste geldt zowel voor de gegevens uit de VTA, als voor de te nemen en de uitgevoerde onderhoudsmaatregelen. Zo is er per boom een “rapport” beschikbaar van alle relevante gegevens: plantjaar, soort, kwaliteit, uitgevoerde onderhoudsmaatregelen, en dergelijke. Daarmee voldoet de gemeente Zeist aan haar verplichting om aan te tonen dat zij haar verantwoordelijkheid voor de veiligheid van bomen in de openbare ruimte neemt. Bovendien kunnen we zo planmatig en efficiënt beheren, zodat de levensduur van de bomen toeneemt en we onze budgetten effectief aanwenden.

Toekomstverwachting bomen in boomstructuur 8%

1% 2% 14% slecht (0 - 2 jaar) matig (2 - 5 jaar) redelijk (5 - 10 jaar)

goed (10 - 25 jaar) zeer goed (> 25 jaar)

75%

Op basis van de VTA wordt voor alle bomen de kwaliteit en – daarmee – de restlevensduur van de bomen bepaald. Zie hiervoor bovenstaande grafiek en onderstaand staatje. De verdeling van elke categorie bomen over de gemeente is ook eenvoudig in kaartvorm zichtbaar te maken in Greenpoint.

kwaliteitsomschrijving slecht matig redelijk goed zeer goed 8

restlevensduur 0 – 2 jaar 2 – 5 jaar 5 – 10 jaar 10 – 25 jaar >25 jaar

Visual Tree Assessment: een visuele inspectie van de bomen, met als doel eventuele gevaarzetting voor de omgeving rondom de boom tijdig te kunnen signaleren en weg te nemen, aan de hand van een vastgelegd protocol.

17

Voor dode of gevaarlijke bomen werd – tot nog toe, op basis van de Bomenverordening 2005 – een kapvergunning aangevraagd. Deze vallen vrijwel altijd in de categorie “slecht”, maar door stormschade of anderszins soms ook in andere kwaliteitscategorieën. Op basis van de tot 2016 vigerende Bomenverordening uit 2005 was de gemeente Zeist verplicht om bij kap tot herplant over te gaan. Die strategie leidt uiteindelijk niet tot een kwalitatief goed eindbeeld, omdat vervanging hap-snap gaat en er geen weloverwogen keuze achter zit. De essentiële vraag: welk eindbeeld willen we uiteindelijk in die laan bereiken? blijft namelijk achterwege.

Financiële situatie bomenbeheer tot nog toe Tot nog toe waren de budgetten voor bomenbeheer in evenwicht met de noodzakelijke uitgaven. De jaarlijkse uitval en vervanging was door de kwaliteit van het bomenbestand tot nog toe binnen het beschikbare budget op te lossen. Dat is onder andere bereikt door aanbestedingsvoordelen (zoals voor drie jaar aanbesteden, wat tot scherpere offertes en inschrijvingen heeft geleid). Het totale bomenbudget bedraagt € 427.000,-- (prijspeil 2016):

in de werkbegroting onderhoud, rooien en controle groenstructuurplanbudget vervangingsbudget Water geven en ziektebestrijding totaal

omvang budget € 296.000,-€ 25.000,-€ 75.000.-€ 31.000,-€ 427.000,--

De Adviesgroep bomenvervanging pleitte in 2013 voor een meer duurzame wijze van budgetteren. Het is niet praktisch om te rekenen met verschillende budgetten voor verschillende werkzaamheden rondom bomen. Veel jonge bomen, betekent veel water geven en weinig rooien. Maar jonge bomen worden ouder en dan verschuift dat weer. Daarmee biedt deze wijze van budgetteren onvoldoende flexibiliteit en een schijnzekerheid die niet aansluit bij de (toekomstige) realiteit. De Adviesgroep heeft dan ook voorgesteld om te rekenen met de kosten voor de totale levenscyclus van een boom. Die is in Zeist gemiddeld 70 jaar. Als je een boom plant of in beheer hebt, dan weet je immers dat er aan die boom voor lange tijd financiële consequenties verbonden zijn. Die kosten zijn op voorhand bekend. De gehele levensduurcyclus van een boom kost gemiddeld € 1.375,-- (prijspeil 2016). De jaarlijkse kosten voor een boom bedragen dan € 19,64. De totale levenscycluskosten per boom zijn als 9 volgt opgebouwd.

levenscycluskosten per boom plantkosten incl. water geven onderhoudskosten 70 jaar rooikosten totaal

voor 70 jaar € 350 ( 25 %) €400 (30 %) € 625 (45 %) € 1.375

Met € 427.00,-- zou je op basis van het levenscyclusbedrag van € 1.375,00 in theorie dus ruim 21.400 bomen tot in lengte van jaren in stand kunnen houden. Dat is 61 % van het totale aantal gemeentelijke 10 bomen.

9

deze kosten zijn gebaseerd op gemiddelden op basis van ervaringscijfers uit projecten en bestekken en geverifieerd in de markt lees: straat-, laan- en parkbomen. In bosranden en beplantingsstroken heeft de gemeente Zeist daarnaast nog eens 40.000 bomen in beheer. Deze worden op basis van een ander bestek anders beheerd, uit een ander budget gefinancierd en vallen niet binnen dit Lange Termijn Bomenbeheerplan. 10

18

Levenscycluskosten in relatie tot bestaande situatie Máár: de kwaliteit en dus de restlevensduur van het bomenbestand in Zeist is dusdanig, dat de uitgaven voor het bomenbeheer de komende jaren een forse piek zullen vertonen. Zoals al aangegeven is het rooien van een boom het duurste onderdeel van de levenscycluskosten: € 625,- ofwel 45% van € 1375,-. Omdat 17 % van de bomen op dit moment (2016) in de categorie slecht, matig, redelijk valt (respectievelijk 2, 5, 10 jaar restlevensduur) en 75 % in de categorie goed (restlevensduur tussen de 10 en 25 jaar), lopen de kosten voor rooien (en vervangen) de komende 25 jaar hoog op. De rooikosten zijn onvermijdelijke kosten. Om redenen van veiligheid zullen dode bomen hoe dan ook gerooid moeten worden.

grafiek 1: de jaarlijkse rooikosten tot en met 2041 op basis van natuurlijk verloop. In deze grafiek zijn overigens nog niet de gevolgen van de keuzes voor bomenbeheer verwerkt. Die leiden tot een andere verdeling van de kosten over de jaren. Over het totaal van alle jaren zal er geen verschil zijn. Verderop in het rapport (hoofdstuk 5) komen we daar meer in detail op terug.

2.3 Algemene uitgangspunten ten aanzien van keuzes voor de toekomstige boomstructuur We kiezen voor kwaliteit van de boomstructuur en een toekomstbestendige aanpak van het bomenbeheer. De kwaliteit van de boomstructuur wordt vooral bepaald door de groene omgeving en (groene) historie van Zeist, zoals ook beschreven in Groen (voor) Zeist. Dat stuurt onze keuzes voor de toekomst. Is de karakteristiek van een boomstructuur landschappelijk (LS), middeleeuws (M), formeel (F), Engelse landschapsstijl (EL), Zeister profiel (ZP) of is er sprake van park, plein of plantsoen (P) of van een buurtbomenstructuur (B)? Dat is het meest bepalend voor de strategie in de toekomst. In het volgende hoofdstuk werken we dat inhoudelijk uit. Natuurlijk hebben we ook te maken met wat technisch of fysiek mogelijk is. Ruimte is daarbij als factor het meest bepalend. Geen ruimte is helaas ook geen bomen. Dit drukken we uit met een cijfer (variërend van 19

0: geen ruimte, tot 5: ruimte voor 6 rijen bomen). Om het nog ingewikkelder te maken: niet alle boomstructuren staan in rijen, dus soms betekent het cijfer iets anders. Dit is uiteraard terug te vinden bij de beschrijving van de betreffende karakteristiek. Tenslotte kennen we ook een factor toe aan de uitstraling of de ondergrond. Denk aan meer stedelijk/minder ruimte of meer landelijk/meer ruimte. Ook dit is uiteraard van invloed op het toekomstig gewenste en/of haalbare eindbeeld. In de volgende hoofdstukken werken we dit inhoudelijk uit.

Stoplichtcodering bomenbeheer Op veel plekken is vervanging van bomen in de toekomst gelukkig goed mogelijk. Op andere plekken, vooral wanneer de bomen in verharding staan, zijn bij aanplant extra maatregelen nodig om een boom goede toekomstmogelijkheden te geven. Op andere plekken is het vrijwel onmogelijk om bomen te vervangen: althans, niet zonder ingrijpende aanpassingen in de omgeving. Denk aan wijzigingen in het verkeersprofiel. Dit hebben we verwerkt in een zogenaamde stoplichtcodering: groen betekent dat er ruimte genoeg is om een goede plantplaats te maken, oranje vraagt een extra inspanning om een goede plantplaats te maken en rood (red alert) betekent dat in de huidige situatie het maken van een goede plantplaats niet mogelijk is. Deze codering is verwerkt in de kosten voor aanplant. Rood is daarbij wel meegerekend in de vervangingsbudgetten, maar kan feitelijk niet worden uitgevoerd, totdat in de toekomst mogelijk het profiel wordt aangepakt, bijvoorbeeld in het kader van een verkeerskundige reconstructie of bij het vervangen van een riolering.

2.4 Meer aspecten bomenvervanging: bomenbeheerbeslisboom Aan bomenbeheer zitten vele aspecten, die soms niet eens zozeer met bomen te maken hebben. Denk aan de – al genoemde – aanwezigheid van ruimte, kabels en leidingen, wet- en regelgeving. Dit bepaalt de (on)mogelijkheden. Om dit in beeld te brengen, is een “mindmap” gemaakt waarin we zoveel mogelijk aspecten die samenhangen met keuzes ten aanzien van bomen hebben samengebracht. Dit is vrij in het begin van het proces gebeurd. Later is ons gebleken, dat de aspecten die in de “bomenbeheerbeslisboom” zijn opgenomen, zich voor de lange termijn lastig laten verwerken, omdat ze toch te gedetailleerde informatie vereisen of te gedetailleerde input leveren. De bomenbeheerbeslisboom zal vooral bruikbaar blijken in de vertaling van dit Lange Termijn Bomenbeheerplan naar uitvoeringsplannen. Zie voor de beslisboom pagina 21.

2.5 Uit- en doorwerking plus communicatie Dit is een Lange Termijn Bomenbeheerplan met een tamelijk hoog abstractieniveau. Het geeft voor heel Zeist de ontwikkeling van de boomstructuur op hoofdlijnen aan: en dan met name van de hoofdgroenstructuren. Door de technische en abstracte benadering is het Lange Termijn Bomenbeheerplan weinig geschikt om – zonder tussenkomst van iemand van groenbeheer – aan bewoners duidelijk te maken wat ze kunnen verwachten. Met enige moeite kun je weliswaar voor 1000 stukken straat vinden wat de toekomst gaat brengen, maar het laat zich lastig concreet voorstellen hoe het er dan uit gaat zien. Ook wanneer ingrepen aan de orde zijn, is dat alleen in het groenbeheersysteem Greenpoint terug te vinden. Communicatie over de aanpak kan dus in algemene zin plaatsvinden over de uitgangspunten, de aanpak en de gewenste kwaliteit van de boomstructuur. Door het hoge abstractieniveau en de lange termijn is het Lange Termijn Bomenbeheerplan ook niet zonder meer geschikt als basis voor uitvoeringsbestekken. Uitwerking voor bijvoorbeeld 5 jaar, met een doorkijk naar 10 jaar, is dan ook nodig. Dat is dan ook het moment om concreter te overleggen met de bewoners en te communiceren over de uitvoering. Daarbij kan de “beslisboom” zeer behulpzaam zijn, om het keuzeproces te geleiden.

20

21

3. Plansystematiek: verschillen in boomstructuren met inspiratiebeelden 3.1 Analysefase: Indeling in karakteristieken van boomstructuren met inspiratiebeelden De boomstructuur van Zeist omvat anno 2016 ongeveer 35.000 bomen. Daarbij gaat het niet om zomaar een verzameling bomen, maar een karaktervolle toevoeging aan Zeist als geheel, of aan een buurt of een plek: door hun uitstraling of hun historische context en hun ecologische waarde. Dat karakter, dat zo belangrijk is voor de identiteit en uitstraling van de gemeente als totaal of voor de buurt, willen we voor de 11 toekomst veilig stellen. Het vertrekpunt vanuit de kadernota bomenvervanging is: het behouden van de kwaliteit van het groene karakter. De opgave die de groep zichzelf gegeven heeft: met hoeveel bomen kun je dat dan nog goed in stand houden? Daarbij gaan we uit van het gewenste eindbeeld van onderdelen van de boomstructuur binnen het totaal van de hele Zeister boomstructuur en ook, waar het mogelijk is, tot een (bepaalde) kostenbesparing kan komen. De vraag die daar dan aan vooraf gaat, is: waaruit bestaat die kwaliteit van dat groene karakter en waaruit is die kwaliteit opgebouwd? Voor het 12 beantwoorden van die vraag was het Groenstructuurplan uiteraard het vertrekpunt. Op basis van Groen (voor) Zeist, zijn we gekomen tot een indeling in 7 karakteristieke boomstructuren.

Welke karakteristieke boomstructuren hebben we onderscheiden? In het Groenstructuurplan werken we met de structuurkenmerken S1 tot en met S5. Structuurkenmerken zijn de eigenschappen van het groen, die je buiten – voor je ogen – in beeld tot uitdrukking gebracht ziet. Het gaat om structuren (samenhangen), patronen en beelden van het groen. De structuurkenmerken zijn – naar hun invloed op het totaal van de Zeister groenstructuur – in het Groenstructuurplan in volgorde van belangrijkheid gezet: vandaar de nummering S1 tot en met S5. In onderstaande tabel zijn de structuurkenmerken uit het Groenstructuurplan gelinkt aan de karakteristieke boomstructuren die we hebben onderscheiden voor het Lange Termijn Bomenbeheerplan. Zo zijn we uiteindelijk tot in totaal 7 karakteristieke boomstructuren gekomen.

S1 S2

structuurkenmerk groenstructuur landschappelijke structuur cultuurhistorisch raamwerk

S3

netwerk van lanen en wegen als dragers van

11 12

karakteristieke boomstructuur landschappelijk formeel Engelse landschapsstijl * gemeentelijke buitenplaats middeleeuws

Bomen, de kleurrijke dragers van de groenstructuur van Zeist (vastgesteld oktober 2013) Groen (voor) Zeist (vastgesteld september 2011)

22

formeel (apart uitgewerkt onder S2) landschappelijk (apart uitgewerkt onder S1) Zeister profiel parken, pleinen en plantsoenen buurtgroen

de groenstructuur

S4 S5

parken en plantsoenen de collage van groene karakters van de buurten van Zeist

*landschapsstijl is door de groep als categorie toegevoegd t.o.v. het Groenstructuurplan

Zoals uit de tabel blijkt, is er op basis van de structuurkenmerken S1, S2 en S3 sprake van een dubbeling/overlap (voor formeel en voor landschappelijk). Dat komt door het grote belang van de structuurkenmerken S1 en S2 voor Zeist en de mate waarin ze voorkomen, de reden om ze in het Groenstructuurplan apart te benoemen. De categorie Engelse landschapsstijl is het in het Groenstructuurplan niet apart benoemd, maar bij analyse van de boomstructuur bleek deze categorie in Zeist dusdanig groot en onderscheidend in zijn verschijningsvorm, dat er een aparte categorie van gemaakt is. De karakteristieke boomstructuren landschappelijk, formeel, landschapsstijl, middeleeuws, et cetera, zijn in kaart gezet. Alles (ook de niet in kaart vervatte categorieën) zijn verwerkt in het groenbeheersysteem en daar in te zien.

Onderverdeling Boomstructuur

2928 9%

286 1%

5008 16% Landschappelijke structuur

Formele laan Middeleeuwse weg

8237 26%

Engelse Landschapsstijllaan

6938 22%

Zeister Profiel Buurtgroen Parken, pleinen en plantsoenen Onbekend

574 2%

3543 11%

3928 13%

In bovenstaand figuur is de verdeling van aantallen bomen over de verschillende karakteristieke boomstructuren te zien.

Buurtgroen is de grootste categorie, gevolgd door formele lanen en landschappelijke structuur. Middeleeuwse weg, Engelse landschapsstijl en gemeentelijke buitenplaats zijn qua aantallen ongeveer even groot en bedragen elk ongeveer 10% van het totale bomenbestand.

23

In het Groenstructuurplan is beschreven wat de achtergrond is van de structuurkenmerken en waarom we gekozen hebben voor deze indeling, plus wat het beleid is voor de afzonderlijke 13 structuurkenmerken. Daarmee hebben we al een stevige richtlijn in handen voor de keuzes die we willen maken voor de verschillende karakteristieke boomstructuren: die komen immers voort uit de structuurkenmerken.

In totaal is er dus een zevental karakteristieke boomstructuren onderscheiden. Voor elk van de zeven onderscheiden boomstructuren zijn inspiratiebeelden gemaakt met kenmerkende aspecten. Denk aan uiteindelijke soortenkeuze, wel of geen gelijkjarigheid en dergelijke. Een formele laan heeft gelijkjarige boombeplanting op regelmatige plantafstand, terwijl bij landschappelijke beplanting ongelijkjarigheid, diversiteit in soorten en “overal en nergens” bomen zorgen voor de gewenste uitstraling.

3.2 Keuzefase: indeling in “beheertypen” en puzzelstukken als basis voor het bomenbeheerplan

Per karakteristieke boomstructuur zijn onderverdelingen gemaakt van lanen en wegen, die als ‘groep’ bepaalde kenmerken gemeen hebben. Dit leidt tot lijsten met straatnamen met overeenkomende kenmerken. Denk aan ruimte in het profiel, aantal rijen laanbeplanting, wel of geen verkeersfunctie, in het landelijk gebied, in het centrum of woongebied. Dat zijn factoren die van invloed zijn op de gewenste uitstraling en de toekomstmogelijkheden voor de betreffende boomstructuur. Zo zijn dus uiteindelijk afzonderlijk te onderscheiden “beheertypen” ontstaan. Daarmee zijn we – bijna letterlijk – gaan puzzelen. Voor elk van die onderverdelingen – dus per afzonderlijk onderscheiden “beheertype” – zijn één of twee voorbeelden geanalyseerd: wat is het beeld nu, hoeveel bomen staan er, wat is de plantafstand, welke soorten zijn er gebruikt? En wat wordt – uitgaande van het inspiratiebeeld voor die onderscheiden karakteristieke boomstructuur – het eindbeeld bij vervanging, welke plantafstanden en soorten kiezen we en tot hoeveel bomen leidt dat? Deze uitgewerkte voorbeelden zijn de puzzelstukken waarmee we het bomenbeheerplan verder vullen. Deze puzzelstukken zijn representatief voor de oplossing voor de lijst met lanen/wegen, waar ze bij horen. Hieronder hebben we dit schematisch weergegeven voor de onderscheiden boomstructuren.

geformuleerde inspiratiebeelden per karakteristiek boomstructuur

onderverdeling in “beheertypen” op basis van overeenkomende kenmerken

uitgewerkte voorbeeldpuzzelstukken

LS1a = minder ruimte

Populierenlaan

LS1b = veel ruimte

Dijnselburgerlaan

LS2a = minder ruimte

Oude Schipsloot

LS2b = veel ruimte

Griftlaan

type LS1, zandgrond Landschappelijke structuur type LS2, kleigrond

13

in samenvatting: pagina 87 en 88 van Groen (voor) Zeist, meer uitgebreid pagina 95 en verder

24

Middeleeuwse wegen

e

type M0: geen ruimte, geen bomen

1 Dorpsstraat

type M1: geen ruimte, 1 rij bomen

Chopinlaan

M2a = centrum

Voorheuvel

M2b = woon/stedelijk gebied

Bergweg

type M2: weinig ruimte

M3: ruim profiel

Schaerweijdelaan

M4: wegen door bos, verkeer

Hoog Kanje

M5:overige wegen

Tiendweg

type F0, geen ruimte, geen bomen

Hartesteeg *

F1a = meer stedelijk

Weeshuislaan

F1b = meer landelijk

Karpervijver

F2a = meer stedelijk

Slotlaan

F2b = meer landelijk

Waterigeweg *

F3a = meer stedelijk

Lindenlaan *

F3b = meer landelijk

Laan v Beek en Royen *

F4a = meer stedelijk

Verlengde Slotlaan

F4b = meer landelijk

Nassau Odijklaan

type F1: 1 rij, weinig ruimte

type F2: 2 rijen, weinig ruimte Formele lanen type F3: 2 rijen, ruimte

type F4: 3 of meer rijen, ruimte

type F5, 6 rijen

1e deel Koelaan *

25

type EL0, geen ruimte, geen bomen

Vijverlaan

EL1a = weinig ruimte

Erasmuslaan

EL1b =ruimte

Jan Steenlaan

EL2a =weinig ruimte

Lyceumlaan

EL2b = ruimte

Fransen vd Puttelaan

type EL1, in bosgebied Engelse landschapsstijl type EL2, in stedelijk gebied

type Z1 = 1-zijdig

Zeister profiel

Parken, pleinen en plantsoenen

Sanatoriumlaan Z2a = smalle grasstrook

Berkenlaan

Z2b = brede grasstrook

Tussen de Dennen

type Z2, 2 zijdig

type Z3, omgekeerd profiel

Johan van Oldenbarneveltlaan

type Pls, aanleg landschappelijke structuur

natuurpark De Brink

type Pm, aanleg middeleeuws

Voorheuvel (bij de Punt)

type Pf, aanleg formeel

Schoolweg

type Pbp, gemeentelijke buitenplaats

Slotpark

type Pel, aanleg Engelse Landschapsstijl

Blookerpark

type Pt, aanleg tuindorpstijl

Griffensteijnseplein

type Pz, aanleg zeister profiel

Dr. D. Bosplein

type Pov, overige aanleg

Waterwinpark

type B0, geen bomen

Gijsbrecht v Amstellaan

B1 = buurtgroen

Tolhuislaan

B1z = met Zeister profiel

Burg. Van Holthelaan

type B1, 1 rij bomen Buurtgroen

26

De buurtbeschrijving van de boomstructuur is hier leidend. In dit schema staan weliswaar voorbeeldstraten, maar de lijst is onuitputtelijk. Het zijn dus meer voorbeelden dan puzzelstukken

B2 = buurtgroen

Gramserweg

B2z = met Zeister profiel

Constantijn Huijgenslaan

Bopp = buurtgroen

Couwenhoven

Boppz = met Zeister profiel

Dr. A. Kuyperlaan

type B2, 2 rijen bomen

type Bopp, verspreide bomen

Met dit schema hebben we in feite de inhoudsopgave voor het Lange Termijn Bomenbeheerplan klaar en gaat het nog “slechts” om de goede puzzelstukken (voorbeeldwegen) te koppelen aan de goede lijsten van lanen. Dit doen we voor elk van de onderscheiden karakteristieke boomstructuren in het volgende hoofdstuk. In het vervolg van dit rapport zijn dan ook per onderscheiden karakteristieke boomstructuur de inspiratiebeelden, de onderverdeling, inclusief per groep (beheertype) de lijsten met straatnamen, de definities en de voorbeeldpuzzelstukken weergegeven. Daarmee schetsen we het beeld voor de keuzes voor alle lanen/wegbeplantingen in Zeist. Op pagina 28 vindt u een kaart, waarop de ligging van alle karakteristieke boomstructuren te vinden is.

Koppeling met groenbeheersysteem In het groenbeheersysteem Greenpoint van Greenpoint Advies zijn alle keuzes voor de toekomst administratief verwerkt. Per weg- of groenvak (circa 1000 stuks) is terug te vinden wat voor de toekomst de bedoeling is. Ook is van elk wegvak de kwaliteit van de daar aanwezige bomen bekend. Deze wordt elke drie jaar gemonitord. Op basis daarvan kan worden ingeschat wanneer een laan aan vervanging toe is. Afhankelijk van de vervangingsstrategie (vooral de wens tot gelijkjarigheid – of niet – is van invloed), is dan te bepalen wat de benodigde budgetten voor een bepaalde periode zijn. Naarmate het om een kortere vooruitblik gaat, is dat – uiteraard –nauwkeuriger te voorspellen. Maar bomen met een redelijke kwaliteit hebben een levensverwachting van nog minstens vijf tot tien jaar. Met een goede kwaliteit is er zelfs sprake van een verwachte restlevensduur van nog minstens tien tot 25 jaar. Dat is een heel ruime marge, die het lastig maakt om (te) adequaat te begroten. Met elke nieuwe driejaarlijkse monitoring zullen we dus opnieuw moeten rekenen en kunnen we specifieker worden.

Algemeen uitgangspunt: meest dominante stijlkenmerk is leidend Over het algemeen is de oorsprong en/of het structuurkenmerk van de laan of weg leidend voor de karakteristieke boomstructuur waar die laan of weg is ondergebracht. Daarmee is de toekomstige beheerkeuze bepaald. Vaak is de oorsprong ook nog goed zichtbaar. Máár: er zijn enkele uitzonderingen. Een voorbeeld daarvan is de Driebergseweg/Utrechtseweg. Dit is e van oorsprong een onderdeel van de middeleeuwse heerbaan van Utrecht naar Keulen. Maar in de 19 eeuw is de weg “geremodelleerd” naar een integraal onderdeel van de Stichtse Lustwarande. Dit laatste stijlkenmerk is zo dominant, herkenbaar en onlosmakelijk onderdeel van de omgeving, dat dit stijlkenmerk – ondanks de andere oorsprong – leidend blijft voor toekomstige beheerkeuzen.

27

kaart met verdeling karakteristieke boomstructuren over Zeist

28

Ook kan het nog zijn dat er argumenten zijn, om rekening te houden met de huidige of gewenste ecologische waarden van een laan. Dat kan invloed hebben op boomsoortenkeuze, plantafstanden, het 14 toestaan van ondergroei en dergelijke. Dit soort afwegingen en verschuivingen speelt in meer gevallen. Dit wordt – wanneer het aan de orde is – aangegeven en toegelicht.

voorbeeld kaartbeeld karakteristieke boomstructuren in bomenbeheersysteem Greenpoint 14

zie voor nadere info ook 'Groen (voor) Zeist’, in het bijzonder de tekst over de EHZ en ook de: 'Beheersvisie ecologisch groen (Van den Bijtel)', 'Beschermde en bedreigde soorten Zeist (Bureau Waardenburg, 2014)' en tenslotte 'Natuurlijk op weg in Zeist (Bureau Waardenburg, 2015)'.

29

4. Uitwerking karakteristieke boomstructuren Voor elk van de onderscheiden karakteristieke boomstructuren en bijbehorende beheertypen heeft een nadere uitwerking plaatsgevonden. Deze uitwerkingen worden in de dit hoofdstuk geschetst en toegelicht. Het gaat om een beschrijving, over het beleid voor die karakteristieke boomstructuur, er wordt een inspiratiebeeld geschetst en uitgelegd wat dat inspiratiebeeld betekent voor het toekomstig beheer. Ingevouwen in dit rapport vindt u kaarten, waarop de ligging van de boomstructuren terug te vinden is.

4.1 Landschappelijke boomstructuur Landschappelijke boomstructuur in Zeist Landschappelijke boomstructuur is een lastig te omschrijven fenomeen en tegelijk is het de belangrijkste kwaliteit van de Zeister groenstructuur. De kwaliteit namelijk, dat het oorspronkelijke landschap waarin de gemeente is gelegen, ook doorgloeit in het groen binnen de bebouwde kom. Zodat je in Den Dolder weet dat je je op de Utrechtse Heuvelrug bevindt en in Zeist-West in het Kromme Rijngebied. “Weten” waar je bent is een belangrijke factor om mensen zich comfortabel te laten voelen, zelfs als ze zich niet bewust 15 zijn van wat ze nu eigenlijk waarnemen. Zeist en het landschap waarin het is ontstaan, zijn niet los van elkaar te zien. De ondergrond en het landschap hebben de ontwikkeling van Zeist in belangrijke mate gestuurd en vormen nog steeds de (groene en plaatselijk blauwe) ruggengraat voor het stedelijk gebied. Het is daarmee een belangrijke 16 karakteristiek waar we zuinig op willen zijn. De ecologische of natuurwaarde van dergelijke structuren is vaak – veel – groter dan van strak vormgegeven monocultuur boomstructuren. Tegelijk gaat het bij landschappelijke boomstructuur vaak niet om alleen bomen, maar juist om het samenspel tussen boom-, struik- en kruidlaag. Dit is niet te scheiden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12463634/1