CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

01-22RV061 Geconsolideerde legesverordening 2023 (gewijzigd)

Raad 15 december 2022, gemeente ZeistBij agendapunt: Geconsolideerde legesverordening 202312.795 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw of aanlegactiviteiten

2.5.3.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1 of 2.3.2 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

2.5.3.2

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

2.5.4

Teruggaaf als gevolg van buiten verdere behandeling stellen aanvraag omgevingsvergunning voor bouw- of aanlegactiviteiten Als een aanvraag om omgevingsvergunning met de activiteit bouwen of aanleggen buiten verdere behandeling wordt gesteld op grond van artikel 4:5 van de Awb, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges bedoeld in de onderdelen 2.3.1 en 2.3.2. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

2.5.5

Teruggaaf als gevolg van gebleken vergunningsvrije activiteit.

10%

10%

50%

Als bij de behandeling van een aanvraag om omgevingsvergunning blijkt dat de activiteit vergunningsvrij kan worden uitgevoerd, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges bedoeld in de hoofdstuk 2.2 en 2.3. De teruggaaf bedraagt: 2.5.6

Teruggaaf in geval sprake is van bouwactiviteiten tot bevordering van de duurzaamheid

2.5.6.1

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning uitsluitend voor de plaatsing van zonnepanelen, op een monument of op een gebouw in een monumentale structuur of in een van rijkswege aangewezen beschermd dorpsgezicht, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

2.5.6.2

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor aanpassingen van een monument of van een gebouw in een monumentale structuur of in een van rijkswege aangewezen beschermd dorpsgezicht ten behoeve van de duurzaamheid, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2. De teruggaaf bedraagt:

50%

50%

50%

van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges, als kan worden aangetoond dat de investering leidt tot een verbetering van de GPR-gebouwscore met tenminste 1,0 punt. 2.5.6.3

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor de bouw van een of meer zelfstandige zonnepanelen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

50%

2.5.6.4.1

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het isoleren van woningen en andere gebouwen, aan de buitenkant van een bestaande gevel, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2

50%

De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges, als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. De totale isolatiewaarde van de gevel ná isolatie heeft een waarde a. De totale isolatiewaarde van de gevel ná isolatie heeft een waarde van Rc=4,5 m2K/W of hoger. b. De totale isolatiewaarde van de gevel in de oude situatie had een waarde van Rc=1,3 m2K/W of lager. c.

De totale bebouwde oppervlakte wordt niet meer dan 10% vergroot. 2.5.6.4.2

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het isoleren van woningen en andere gebouwen, aan de buitenkant van een bestaand dak, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2

50%

De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges, als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. De totale isolatiewaarde van het dak ná isolatie heeft een waarde van Rc=6,0 m2K/W of hoger. b. De totale isolatiewaarde van het dak in de oude situatie had een waarde van Rc=1,3 m2K/W of lager. c. De totale bebouwde oppervlakte wordt niet meer dan 10% vergroot. 2.5.6.4.3

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het isoleren van woningen en andere gebouwen waarbij het gebouw tegelijkertijd wordt vergroot, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2 De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges, als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. Voor het dak geldt, dat het rechtens verkregen niveau niet hoger ligt dan de isolatiewaarde van Rc=3,5 m2K/W en de totale isolatiewaarde van het dak na realisatie een waarde heeft van Rc=6,0 m2K/W of hoger, b. Voor de gevel geldt, dat het rechtens verkregen niveau niet hoger ligt dan de isolatiewaarde van Rc=3,5 m2K/W en de totale isolatiewaarde van de gevel na realisatie een waarde heeft van Rc=4,5 m2K/W of hoger. c. Voor de vloer geldt, dat het rechtens verkregen niveau niet hoger ligt dan de isolatiewaarde van Rc=2,5 m2K/W en de totale isolatiewaarde van de vloer na realisatie een waarde heeft van Rc=3,5 m2K/W of hoger.

50%

2.5.6.5

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor nieuwbouw van woningen en andere gebouwen waarvoor niet van het bestemmingsplan hoeft te worden afgeweken, waarbij een duurzamer gebouw wordt gerealiseerd dan op basis van het bouwbesluit verplicht is, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2

100%

De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges, die vanwege de hogere bouwkosten meer in rekening gebracht worden dan wanneer slechts conform de eisen van het bouwbesluit zou zijn gebouwd, als kan worden aangetoond dat de extra

investering leidt tot verbetering van de op basis van het Bouwbesluit verplichte duurzaamheid.

2.5.6.6

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor nieuwbouw van woningen, waarvoor van het bestemmingsplan moet worden afgeweken, en de betreffende woningen als nul-op-de-meter-woningen worden gerealiseerd, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2. De teruggaaf bedraagt:

15%

van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges, als kan worden aangetoond dat de extra investering er toe leidt dat de woning ‘nul op de meter’ wordt. 2.5.6.7

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor nieuwbouw van utiliteitsbouw, waarvoor van het bestemmingsplan moet worden afgeweken, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, zoals bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van titel 2. De teruggaaf bedraagt:

100%

van de op grond van die hoofdstukken voor de betreffende activiteit verschuldigde leges, die vanwege de hogere bouwkosten meer in rekening gebracht worden dan wanneer slechts conform de eisen van het bouwbesluit zou zijn gebouwd, als kan worden aangetoond dat met die extra investeringen een EPC van maximaal 0,0 en een GPR score van minimaal 8,0 wordt behaald. 2.5.7

Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 100,- wordt niet teruggegeven.

2.5.8

In afwijking van de voorgaande artikelen van dit hoofdstuk wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de artikelen 2.3.1.2, 2.3.2.2, 2.3.16 en 2.3.17.

Hoofdstuk 6

Intrekking omgevingsvergunning (gereserveerd)

Hoofdstuk 7

Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

2.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project: een bedrag naar tarief en berekend volgens de onder artikel 2.3.1 en 2.3.2 genoemde methode, met dien verstande dat het bedrag nooit minder bedraagt dan

2.7.2

Er vindt geen teruggave plaats als de totale bouw- of aanlegkosten lager zijn dan bij de indiening van de oorspronkelijke verleende omgevingsvergunning zijn berekend.

2.7.3

Er vindt geen teruggave plaats als de afwijking zodanig is, dat naar omstandigheden beoordeeld, sprake is van een nieuw bouw- of aanlegplan.

€ 365,60

Hoofdstuk 8

Bestemmingsplanherziening en wijzigingsplan

2.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening (inclusief verplichte of noodzakelijke publicatie)

€ 37.500,00

2.8.2.1

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het toepassen van een wijzigings- of een uitwerkingsbevoegdheid ex artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening, voor de bouw van meer dan 5 woningen en/of de bouw van overige gebouwen met een bebouwd oppervlak groter dan 800m2 of de daarbij behorende onbebouwde oppervlakte van meer dan 4.000 m2, bedraagt het tarief (inclusief verplichte of noodzakelijke publicatie):

€ 27.500,00

2.8.2.2

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het toepassen van een wijzigings- of uitwerkingsbevoegdheid ex artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening, voor alle overige gevallen, bedraagt het tarief (inclusief verplichte of noodzakelijke publicatie):

€ 6.800,00

2.8.3

De onder 2.8.1 tot en met 2.8.3 vermelde bedragen worden verhoogd met externe advieskosten op basis van een vooraf opgestelde offerte. Indien een offerte als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt de aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de offerte aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

2.8.4

Daar waar medewerking wordt verleend aan een besluit als bedoeld in de subonderdelen 2.8.1, 2.8.2.1, 2.8.2.2 en 2.8.3. Verzekerd is dat kostenverhaal plaatsvindt via afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie/overeenkomst) wordt om een dubbele aanslag te voorkomen op verzoek vrijstelling of, indien van toepassing, teruggaaf verleend voor de leges bedoeld onder bedoelde rubrieken.

Hoofdstuk 9

Sloopmelding (vervallen)

Hoofdstuk 10

In deze titel niet benoemde beschikking

2.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking

€ 243,70

Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Paragraaf 3.1 Horeca 3.1.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet 3.1.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet 3.1.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet 3.1.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot geopend houden van cafés en dergelijke inrichtingen tot na het algemene sluitingsuur, voor elk volgend uur, geldig voor: 3.1.4.1 een dag: 3.1.4.2 een maand: 3.1.4.3 twee maanden: 3.1.4.4 drie maanden: 3.1.4.5 onbepaalde tijd: Exploiteren van een horecabedrijf 3.1.5 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een exploitatievergunning ingevolge de Apv voor het exploiteren van een Openbare inrichting (artikel 2.28 van de Apv)

Tarief 2023 €

474,85 42,55

42,55

42,55 48,30 81,95 118,90 198,10

316,55

Paragraaf 3.2 Organiseren evenementen of markten 3.2.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25 van de Apv (evenementenvergunning)

42,55

Paragraaf 3.3 Prostitutiebedrijven 3.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: 3.3.1 een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3.4 van de Apv

1.697,10

Paragraaf 3.4 Splitsingsvergunning woonruimte 3.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een splitsingsvergunning als bedoeld in artikel 22 van de Huisvestingswet 2014

500,25

Paragraaf 3.5 Leefmilieuverordening De gemeente Zeist kent geen leefmilieuverordening Paragraaf 3.6 Winkeltijdenwet (vervallen) Paragraaf 3.7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking 3.7 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of tot het nemen van een andere beschikking

Behorende bij raadsbesluit van 15 december 2022

De griffier

42,55

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12181893/1