CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

01-22RV029# Kadernota 2023

Raad 30 juni 2022, gemeente ZeistBij agendapunt: Vaststellen van de Kadernota 20237.369 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

GEMEENTE ZEIST

Kadernota 2023

Inhoudsopgave 1. Leeswijzer ............................................................................................................................... 2 2. Inleiding .................................................................................................................................. 3 3. Financieel Beeld...................................................................................................................... 4 3.1 Meerjarenperspectief .......................................................................................................... 4 3.1.1 Beschikbare middelen ................................................................................................... 4 3.1.2 Bestuursrapportage I 2022............................................................................................ 4 3.1.3. Actualisatie IAC/Heroverwegingen .............................................................................. 5 3.1.4 Herijking gemeentefonds .............................................................................................. 5 3.2 Financiële doorkijk Begroting 2023 ...................................................................................... 6 3.2.1 Ontwikkelingen Gemeentefonds / effecten maartbrief. ..............................................

6 3.2.2 ‘Wensenlijst’ .................................................................................................................. 7 3.2.3 ‘Knelpunten’ .................................................................................................................. 7 3.3 Uitgangspunten Begroting 2023 ........................................................................................ 15 A. Prijsindex .......................................................................................................................... 15 B. Loonindex ......................................................................................................................... 16 C. Overhead .......................................................................................................................... 16 D. Rekenrente....................................................................................................................... 16 E. Tariefontwikkeling ............................................................................................................ 17 F. Rioolrecht ......................................................................................................................... 17 G. Afvalstoffenheffing .......................................................................................................... 17 H.

Markttarieven .................................................................................................................. 18 3.4 Cashflow ............................................................................................................................. 19

1 Kadernota 2023

1. Leeswijzer De opbouw van dit document is als volgt:

Kadernota 2023 1. Leeswijzer

2. Inleiding

3. Financieel beeld 2023-2026

3.1 Meerjarenperspectief

3.2 Doorkijk begroting 2023

3.3 Uitgangspunten Begroting 2023

3.4 Cashflow

Na deze inleiding en leeswijzer krijgt u in hoofdstuk 3 inzicht in het financiële beeld voor de jaren 2023 tot en met 2026. Dit meerjarenperspectief gebouwd uit diverse onderdelen, waarmee de beschikbare middelen, een berekening van ons financiële vertrekpunt van deze Kadernota, het begin is. Dit wordt gevolgd door structurele effecten van de 1e bestuursrapportage 2022 en een actualisatie van de heroverwegingen (Begroting 2021) en IAC-voorstellen (Kadernota 2022 & Begroting 2022). Tot slot volgt een bijstelling op de stelpost herijking gemeentefonds uit de Begroting 2022. Additioneel dit jaar geven we in deze kadernota informerend, in onderdeel 3.2, een doorkijk naar de Begroting 2023 waarin onder andere aandacht wordt besteed aan het regeerakkoord, met de daarbij horende financiële gevolgen voor de gemeenten. Ook is in dit onderdeel ruimte voor een opsomming van bij de raad reeds bekende items die op deze wijze als input voor de afweging bij de Begroting 2023 dienen. Er is bewust gekozen om dit jaar geen nieuw beleid toe te laten om daarmee de Begroting 2023 als integraal afwegingsmoment aan te wijzen. Het financiële beeld van de toekomst is deels afhankelijk van diverse uitgangspunten, onder andere van de prijsindex en de markttarieven. Met deze uitgangspunten gaan wij rekenen in de begroting 2023 en daarom moeten deze door de raad vastgesteld worden.

In paragraaf 3.3 worden deze uitgangspunten behandeld. Tot slot wordt in onderdeel 3.4 aandacht besteed aan de Cashflow. De cashflow is een belangrijk onderdeel als het gaat om de financiële gezondheid. Wanneer de cashflow negatief gaat lopen, zal de gemeente vreemd vermogen aan moeten trekken, wat tot een toename van de rentekosten leidt. In hoofdstuk informeren wij u over de stand van het financieringssaldo en over het verwachte toekomstige beeld.

2 Kadernota 2023

2. Inleiding Voor u ligt de Kadernota 2023 van de gemeente Zeist. Het is een Kadernota die precies samenvalt met de wisseling van een collegeperiode. We hebben bewust gekozen voor een beleidsarme Kadernota. Dit geeft de mogelijkheid om bij de begroting voldoende afwegingen te maken. Belangrijk is dat we met deze Kadernota de financieel-technische uitgangpunten willen vastleggen. Daarover wordt uw besluit gevraagd. Daarnaast willen we een zo compleet mogelijke doorkijk geven op het meerjarenperspectief voor onze gemeente. Daarom gaan we nu een stap verder dan gebruikelijk in de Kadernota. We informeren u ook over de effecten van landelijk beleid voor onze financiën, zonder dat op dit moment al een besluit daarover noodzakelijk is. In de gemeente Zeist hebben we de afgelopen jaren ingezet op het aanpakken van de financiële uitdagingen. Voorbeelden hiervan zijn de verschillende fases van Heroverwegingen en de voorstellen van de Inwoner Advies Commissie die er voor gezorgd hebben dat het vetrekpunt van deze Kadernota een solide en positief beeld geeft. Tegelijk is dit een Kadernota met een dubbel verhaal. Enerzijds presenteren wij u een meerjarenperspectief welke nadelig in de eerste jaren start, maar met een opbouw naar een positief saldo eindigt.

Dit komt door tegenvallende structurele effecten uit de 1e Bestuursrapportage 2022 die voor een deel weer worden opgevangen door een voordeel rondom de herijking van het gemeentefonds. Daartegenover staat een financiële doorkijk, welke wij informerend met u delen, als gevolg van het regeerakkoord van Rutte IV. De ruime financiële effecten van dit regeerakkoord leiden er toe dat in de eerste jaren een mooi positief saldo gepresenteerd kan worden, waarna we in 2026 in het inmiddels zogeheten ‘ravijnjaar’ terecht komen en ook wij een gigantische stap achteruit moeten doen. Naast dat dit regeerakkoord een hoop financiële consequenties meebrengt voor gemeenten, brengt het tegelijkertijd een veel onzekerheid mee over het structurele perspectief. Het zal duidelijk zijn dat we in ons mengen in de landelijke discussie hierover. In de komende mei-(of juni)circulaire verwachten wij hier meer duidelijkheid over te hebben en hoe dit zich verder zal ontwikkelen. In dit informerende deel van de kadernota geven wij u ook inzicht in knelpunten en wensen die er vanuit de bestaande situatie zijn. In combinatie met het nieuwe coalitieakkoord is dit de basis voor het vervolggesprek en besluitvorming bij de Begroting 2023. De Kadernota, en in het specifiek de doorkijk, is daarmee vooral informerend van aard en ondersteunt het gesprek over het financieel perspectief van de gemeente.

Bij de Begroting 2023 worden uiteindelijk daadwerkelijk keuzes gemaakt.

3 Kadernota 2023

3. Financieel Beeld 3.1 Meerjarenperspectief Onderstaande tabel geeft inzicht in het financiële beeld van de aankomende 4 jaar. Dit perspectief stelt ons in staat om alle ontwikkelingen te verzamelen en de financiële impact hiervan scherp te krijgen. We zijn hier zo volledig mogelijk geweest om een goed beeld te geven. In deze Kadernota is er geen nieuw beleid wat ter besluitvorming wordt voorgelegd. Onderdeel (Bedragen x € 1.000) 3.1.1 Beschikbare middelen 3.1.2 Bestuursrapportage I 2022 3.1.3 Actualisatie Heroverwegingen/IAC 3.1.4 Herijking Gemeentefonds Saldo na Kadernota 2023

2023 € 1.704 € -2.294 € -431 € 486 € -536

2024 € 1.742 € -2.245 € € 484 € -19

2025 € 1.954 € -2.237 € € 481 € 198

2026 € 1.813 € -2.267 € € 1.455 € 1.001

In de komende paragrafen behandelen we alle onderdelen van het meerjarenperspectief zoals hierboven weergegeven.

3.1.1 Beschikbare middelen Alle vier de jaren laten en positief saldo aan beschikbare middelen zien, variërend van € 1,7 mln. tot € 1,9 mln. In deze saldo’s zijn de uitgangspunten van het raadsvoorstel van de Begroting 2022 verwerkt. Hier onder vallen ook de verwerking van de stelpost algemene middelen (jeugdhulp) en de stelpost herijking gemeentefonds. Deze laatste zal in onderdeel 3.1.4 verder behandeld worden. Onderdeel (Bedragen x € 1.000) Begrotingssaldo primitief Begrotingsmutaties 2022 Saldo begroting na besluitvorming Septembercirculaire 2021 Decembercirculaire 2021 OZB Tarieven 2022 Beschikbare middelen

2023 € -249 € 328 € 79 € 1.893 € -288 € 20 € 1.704

2024 € -807 € 1.057 € 250 € 1.889 € -417 € 20 € 1.742

2025 € 562 € -316 € 246 € 2.148 € -462 € 20 € 1.954

2026 € 1.326 € -1.613 € -287 € 2.559 € -479 € 20 € 1.813

3.1.2 Bestuursrapportage I 2022 In de aangeboden Bestuursrapportage zitten effecten die impact hebben op de jaren 2023 tot en met 2026. Deze zijn in onderstaande tabel weergegeven. Alle aanmeldingen in de 1e bestuursrapportage I 2022 zijn getoetst aan de 3 O’s van de gemeentefinanciën (Onvoorzien/Onoplosbaar, Onuitstelbaar en Onontkoombaar). Onderdeel (Bedragen x € 1.000) Structurele meldingen berap I 2022 Incidentele meldingen berap I 2022 Bestuursrapportage I 2022

2023 € -2.294 € € -2.294

2024 € -2.245 € € -2.245

2025 € -2.237 € € -2.237

2026 € -2.267 € € -2.267

4 Kadernota 2023

3.1.3. Actualisatie IAC/Heroverwegingen Als onderdeel van de 1e bestuursrapportage 2022 zijn alle lopende IAC-voorstellen en Heroverwegingen voorzien van een actualisatie. Hieruit zijn bij enkele items een financiële aanmelding opgenomen welke in de 1e bestuursrapportage 2022 zijn verwerkt. Al deze aanmeldingen betreffen incidentele vertragingen welke alleen in 2023 een totaaleffect van € 431.000 hebben. Hiermee is er geen structureel effect.

3.1.4 Herijking gemeentefonds Bij de begroting 2022 is besloten tot het instellen van een stelpost ter dekking van het te verwachtten effect voor de herijking van het gemeentefonds. Bij deze stelpost is er uitgegaan van de toen bekende gegevens waarbij vanaf 2023 een ingroeimodel van € 15,- per inwoner is gehanteerd, oplopend tot een maximum van € 60,- per inwoner vanaf 2026. Inmiddels staat de datum en wijze van invoering vast waarbij er momenteel uit wordt gegaan van een maximaal effect van € 37,5 per inwoner vanaf 2026. Dit leidt tot de onderstaande financiële effecten: Onderdeel (Bedragen x € 1.000) Herijking gemeentefonds (BG 2022) Herijking gemeentefonds (KN 2023) Aanmelding Kadernota 2023

€ € €

2023 -974 -488 486

2024 € -1.947 € -1.463 € 484

2025 € -2.921 € -2.439 € 481

2026 € -3.894 € -2.439 € 1.455

5 Kadernota 2023

3.2 Financiële doorkijk Begroting 2023 Naast de in het meerjarenperspectief meegenomen ontwikkelingen delen wij via deze Kadernota ook een aanvullende financiële doorkijk richting de Begroting 2023. Dit bestaat uit de ontwikkelingen uit het gemeentefonds enerzijds, en de ‘wensenlijst’ en ‘knelpunten’ anderzijds. Deze laatste zijn items die in een eerder stadium al bij de raad langs zijn gekomen, en in sommige gevallen inmiddels van een update zijn voorzien. Zowel de ontwikkelingen in het gemeentefonds, de ‘wensenlijst’ en de ‘knelpunten’ zijn informerend van aard, waar bij de Begroting 2023 pas een besluit over zal worden genomen. Tezamen leidt dit tot de volgende doorkijk. Onderdeel (Bedragen x € 1.000) Saldo na Kadernota 2023 Effecten maartbrief (meicirculaire) Wensenlijst Knelpunten Potentieel saldo

2023 € -536 € 2.300 € -470 € -444 € 851

2024 € -19 € 2.736 € -420 € -430 € 1.867

2025 € 198 € 1.186 € -420 € -419 € 546

2026 € 1.001 € -5.769 € -420 € -418 € -5.606

Dit saldo geeft de eerste jaren nog ruimte voor investeringen en ambities. Het jaar 2026 is echter, vooral als gevolg van de maartbrief, een heel ander verhaal. Hoe dit precies uit zal pakken zal in de aanloop naar de begroting 2023 moeten blijken. Het is in ieder geval een forse winstwaarschuwing richting de toekomt waarbij er, mocht dit inderdaad zo tot uiting komen, aanvullende maatregelen richting 2026 nodig zullen zijn. Tot die tijd is voorzichtigheid het voornaamste advies.

3.2.1 Ontwikkelingen Gemeentefonds / effecten maartbrief. Op 6 april jl. is door de Minister van BZK naar de Colleges van B & W in Nederland de zgn. “maartbrief” gestuurd. Deze brief geeft een eerste beeld van de gevolgen voor individuele gemeenten van de belangrijkste maatregelen uit het coalitieakkoord die betrekking hebben op het gemeentefonds. Deze brief heeft niet de status van een circulaire en is dus informatief. Belangrijkste onderdelen uit de maartbrief zijn: het accres, de opschalingskorting en de herijking van het gemeentefonds. Over de extra middelen jeugdhulp wordt niets gemeld, hoewel daar wel afspraken over zijn gemaakt in het coalitieakkoord. Van de genoemde punten hebben we een globale berekening kunnen maken. De herijking gemeentefonds is eerder toegelicht in paragraaf 3.1.4. Het accres voor 2022 tot en met 2025, dat is opgenomen in het coalitieakkoord, is volgens de gebruikelijke systematiek berekend. Voor 2026 en verder is het accres niet berekend, het akkoord loopt immers tot en met 2025. Bij de Voorjaarsnota van het Rijk zal, zoals gebruikelijk, een actualisatie van het accres plaatsvinden. Vervolgens worden de gemeenten hierover geïnformeerd in de meicirculaire 2022. De opschalingskorting is bevroren tot en met 2025. Vanaf 2026 is de opschalingskorting weer volledig opgenomen.

Dit zorgt, samen met het accres, voor een groot negatief effect op het begrotingsjaar 2026. Landelijk wordt in de media wel gesproken over het “ravijnjaar”. De fondsbeheerders geven aan dat met de VNG is afgesproken een traject voor het opstellen van een contourennota in te richten. Met deze nota wordt beoogd wel duidelijkheid te geven over 2026 en volgende jaren, zodat de uitwerking van een toekomstbestendige en stabiele financieringssystematiek kan worden ingevuld. De eerste resultaten worden verwacht in juni 2022. Dat wordt kort dag voor de begroting 2023. Toch is die informatie hard nodig aangezien het jaar 2026 voor de begroting 2023 de laatste jaarschijf is, waarop de provinciaal toezichthouder toetst of een begroting structureel en reëel in evenwicht wordt gebracht. Voor de extra middelen van het Rijk voor de jeugdhulp is in onze begroting 2022 75% opgenomen van het bedrag dat is geadviseerd door de onderzoekscommissie. In het coalitieakkoord is een lager bedrag opgenomen. Dit heeft landelijk al tot veel discussie geleid. In de maartbrief hierover dus geen informatie. Wij hebben het, vooralsnog, budgetneutraal verwerkt.

6 Kadernota 2023

3.2.2 ‘Wensenlijst’ Bij de Kadernota 2022 en daaropvolgend de Begroting 2022 zijn diverse items in de categorie ‘nieuw beleid’ gepresenteerd en vervolgens als gevolg van een dekkingsvoorstel zijn deze destijds bevroren. Dit heeft geleid tot een wensenlijst en betrof de volgende items: Wensenlijst o.b.v. P&C 2021 (Kadernota 2022 / Begroting 2022) - (Bedragen x € 1.000)

Huis van democratie en dienstverlening Binnensport: verbetering en verduurzaming Masterplan Binnensport Parkeerexploitatie resetten en 'op nul zetten' Meten is weten: verzamelen verkeers… Plaatsen landpalen elektrische auto's Economie Financieel Robuust Uitvoering propositie en onderzoekrichtingen Subtotaal "Wensenlijst"

2023 -60 -185 PM -30 -45 -100 -50 PM -470

€ € € € € € € €

2024 -10 -185 PM -30 -45 -100 -50 PM -420

€ € € € € € € €

€ €

€ € € € €

2025 -10 -185 PM PM -30 -45 -100 -50 PM -420

€ €

€ € € € €

2026 -10 -185 PM PM -30 -45 -100 -50 PM -420

In deze lijst ontbreken een aantal items ten opzichte van de documenten uit 2021. Hieronder staan deze opgesomd met daarbij een korte toelichting: -

Uitvoeren klimaatadaptie – onderdeel van gemeentelijk rioolplan Uitvoeren beheervisie biodiversiteit – Opgevangen in reguliere budgetten duurzaamheid Continuering subsidie SamenOplopen – Reeds in de begroting verwerkt Continuering doorbraak – zie onderdeel 3.2.3 Continuering samenwerking huisartsen – zie onderdeel 3.2.3 Continuering wijkmanager huisartsen – zie onderdeel 3.2.3 Mobiliteitsvisie – zie onderdeel 3.2.3

3.2.3 ‘Knelpunten’ Tot slot zijn er een aantal ‘knelpunten’ geformuleerd. Dit zijn items waarin de raad een keuze heeft en daarmee niet toegelaten tot de 1e Bestuursrapportage. Dit zijn echter wel ontwikkelingen die onze kant op komen en in een eerder stadium al reeds met de raad zijn gecommuniceerd. Ook deze items zijn informerend van aard en daarmee input voor de integrale afweging van de Begroting 2023. De items zijn in onderstaande tabel weergeven en worden daarna verder toegelicht. Onderdeel (Bedragen x € 1.000) 1. Evaluatie SFI/VIS openbare ruimte 2. Continuiering uitvoering Taalaanpak Zeist 2020-2024

3. Doorbraakbudget 4. Netwerkmanager huisartsen 5. Samenwerking huisartsen 6. Mobiliteitsplan I 6a. Mobiliteitsplan II 6b. Mobiliteitsplan III 7. Prijsstijgingen openbare ruimte 8. Formatie-uitbreding Griffie Totaal 'Knelpunten'

2023 -50 -60 -100 -3 -85 -50 PM € -96 € -444 € € € € € € € €

2024 -60 -100 -39 -85 -50 PM € -96 € -430 € € € € € € € €

2025 PM € € € -60 € -100 € -78 € -85 € PM € -96 € -419

2026 PM € € € -60 € -100 € -77 € -85 € PM € -96 € -418

7 Kadernota 2023

1. Evaluatie SFI/VIS openbare ruimte Inhoudelijke toelichting: In 2016 is uw raad akkoord gegaan met het invoeren van een nieuw financieel systeem, SFI-VIS genaamd. Het doel van dit systeem was het verbeteren van de strategische sturing op vervangingsinvesteringen en daarbij vroegtijdig kunnen inspelen op nieuwe financiële ontwikkelingen. Het maatschappelijk effect berustte op een verbetering van de dialoog met de burger over de ruimtelijke invulling. In 2016 is reeds afgesproken om na vijf jaar een evaluatie van het stelsel en de financiële systematiek uit te voeren om waar nodig tot bijstellingen te komen. Aan deze evaluatie wordt op dit moment gewerkt.

Het doel van de evaluatie is in de kern antwoord geven op de volgende vragen: - In hoeverre werkt de opzet van het systeem zoals opgezet in 2016? Zijn er verbeter- en of knelpunten? - In hoeverre is het systeem een onderdeel geworden van het werkproces van de organisatie en van de mensen? En hoe gaat dat? Zijn er verbeter- of knelpunten? - In hoeverre zijn de aannames, spelregels en afspraken die gemaakt zijn bij de opzet werkbaar en ‘goed’? Zijn er verbeter- of knelpunten? En welke consequenties moet je hier aan verbinden - In hoeverre zitten we financieel op koers? Zijn er verbeter- en of knelpunten? Uit de eerste financiële conclusies van de evaluatie blijkt dat het investeringsniveau sneller stijgt dan de financiële ingroei. Dat betekent dat op de langere termijn er onvoldoende middelen beschikbaar zijn om de kapitaallasten te dekken. Op de korte en middellange termijn is de reserve nog voldoende gevuld. De belangrijkste oorzaak hiervan is dat met de vaststelling van het nieuwe vGRP afgelopen jaar er een belangrijke geldschieter grotendeels is weggevallen. De riolering is Zeist is ‘te goed’, waardoor er voorlopig weinig geïnvesteerd hoeft te worden in het vervangen hiervan. Het ‘werk met werk maken’ door het vervangen van riolering en wegen is hiermee sterk verminderd waardoor het vervangen van de wegen volledig gefinancierd moet worden uit SFI VIS en mogelijke subsidies.

In de Raadsinformatiebrief die u heeft ontvangen over de evaluatie van SFI-VIS wordt u hier verder over geïnformeerd. We verwachten in kwartaal 3 van 2022 u de evaluatie te kunnen aanbieden. Maatschappelijk effect: De SFI/VIS systematiek is ontwikkeld ten behoeve van een verbetering van de dialoog met de burger over de ruimtelijke invulling. Financiële toelichting: Op de korte en middellange termijn is de reserve SFI/VIS openbare ruimte voldoende om de kapitaallasten van de investeringen op te kunnen vangen. Risico’s bij niet honoreren: Voor de lange termijn moeten de kapitaallasten van investeringen in de openbare ruimte kunnen worden opgevangen binnen de exploitatie. We moeten de ontwikkeling steeds bijstellen om dit te kunnen bewaken.

Totaal

2023 0

2024 0

2025 PM

2026 PM

8 Kadernota 2023

2. Continuering uitvoering Taalaanpak Zeist 2020-2024 Inhoudelijke toelichting: De gemeenteraad heeft in 2020 de Taalaanpak Zeist 2020-2024 vastgesteld. De continuering van de taalaanpak vormt voor het uitvoeringsjaar 2023 een knelpunt. Bij de vaststelling van de taalaanpak zijn voor de 2e helft van de uitvoeringsperiode nog geen benodigde middelen begroot, zodat nieuwe raad en college voor het vervolg met de aanpak eigen afwegingen kunnen maken. In de planning is opgenomen dat de Taalaanpak in 2022 (deze zomer) geëvalueerd wordt. Voorstel is om voor 2023 een zelfde bedrag te begroten als voor de uitvoeringsjaren 2021 en 2022 zodat de taalaanpak kan worden voortgezet. Maatschappelijk effect: Zeist wil dat iedereen kan meedoen in de samenleving. In het Hoofdlijnenakkoord noemen wij laaggeletterdheid als belemmering voor meedoen. Hiernaast leeft het thema onder de inwoners: in de Maaltijd noemen ook zij het belang van taal. Dit brede draagvlak geeft aanleiding om ons meer in te zetten tegen taalachterstanden. Met de uitvoering van de taalaanpak zorgen we dat meer inwoners met een taalachterstand onbelemmerd kunnen meedoen in de maatschappij. We zien taal als sleutel tot meedoen in de samenleving. Door (preventieve) inzet op taalachterstanden dragen we bij aan de zelfstandigheid van inwoners en kan dit op lange termijn kosten besparen.

Financiële toelichting: Voorstel is om voor 2023 een zelfde bedrag te begroten als voor de uitvoeringsjaren 2021 en 2022 zodat de taalaanpak kan worden voortgezet. Risico’s bij niet honoreren: De doelen van de Taalaanpak worden niet behaald (1000 inwoners die passend taalaanbod hebben afgerond)

Totaal

2023 -50

2024 0

2025 0

2026 0

3. Continuering doorbraakbudget Inhoudelijke toelichting: Doorbraak staat voor het leveren van echt - en zo nodig onorthodox - maatwerk voor mensen die zich gesteld zien complexe voor problemen op meer leefgebieden (inkomen, wonen gezondheid etc). Doordat er meer problemen tegelijkertijd zijn moet er in de oplossing met meer wetten en regels rekening worden gehouden en kan het vinden van de beste oplossing hierdoor onmogelijk gemaakt worden. Met het toepassen van de doorbraakmethodiek wordt de oplossing wel weer mogelijk. Het doorbraakbudget maakt binnen de werkwijze het financieren van echt maatwerk mogelijk. De gemeente Zeist heeft vanaf 2017 een doorbraakbudget. Maatschappelijk effect: Mensen die zonder uitzicht op beter in de knel zitten, kunnen dankzij doorbraak weer werken aan hun plan voor de toekomst. De instanties betalen ook minder geld voor deze optimale oplossingen. Financiële toelichting: De doorbraak-hulp uit het verleden, levert besparingen op termijn op. Dit maakt mogelijk dat er nieuwe doorbraak-hulp kan worden gefinancierd.

Totaal

2023 0

2024 0

2025 0

2026 0

9 Kadernota 2023

4. Continuering netwerkmanager huisartsen Inhoudelijke toelichting: Het huidige beleid kan niet gecontinueerd worden doordat we vanaf 2023 jaarlijks geen dekking meer hebben voor de netwerkmanager huisartsen. Dit betekent concreet dat er geen trekker meer zal zijn op de gezamenlijke ontwikkeltrajecten vanuit gemeente Zeist en dat de voortgang in gevaar zal komen. Het voorkomen van zwaardere zorg kan alleen bereikt worden als de samenwerking tussen het gemeentelijk sociaal domein en het medisch domein versterkt wordt en blijft. Sinds 2020 werken huisartsen, apothekers, fysiotherapeuten en de gemeente Zeist nauw samen om de samenwerking binnen de eerstelijnszorg en met de sociale basis te versterken. Er zijn ontwikkeltrajecten gestart op de thema's Jeugd, GGZ, ouderen en digitale toegankelijkheid. De netwerkmanager van de gemeente is de spin in het web in de aansturing van deze ontwikkelopgaves en brengt verbinding tot stand waar deze nog niet was. De inzet van de netwerkmanager is daarmee een cruciale pijler in de aanpak. De aanvraag betreft een voortzetting van bestaand beleid dat vanaf 2020 loopt. Maatschappelijk effect: Inwoners krijgen sneller toegang tot de juiste hulp en zorg omdat de partners uit het sociaal domein en medisch veld beter samenwerken (netwerkzorg). Er wordt minder naar dure tweedelijnsvoorzieningen doorverwezen.

Financiële toelichting: De kosten voor de inzet van de gemeentelijk netwerkmanager zijn 60K per jaar. Vanaf 2023 is dit niet opgenomen in de begroting. Risico’s bij niet honoreren: De samenwerking tussen sociaal domein en medisch veld in Zeist verloopt via dit ontwikkeltraject, waarbinnen de netwerkmanager cruciaal is. Ook de zorgverzekeraar zet hier vol op in. Er is in de samenwerking met de zorgverzekeraar geen alternatief. De samenwerking tussen de beide velden vervalt zonder deze aanpak terug naar ad hoc.

Totaal

2023 -60

2024 -60

2025 -60

2026 -60

10 Kadernota 2023

5. Continuering samenwerking huisartsen Inhoudelijke toelichting: Het voorkomen van zwaardere zorg kan alleen bereikt worden als de samenwerking tussen het gemeentelijk sociaal domein en het medisch domein versterkt wordt en blijft. Huisartsen en ons CJG en ST werken sinds de decentralisaties nauw samen als partners in de eerstelijnszorg van Zeist. Onderdeel van de werkwijze is dat onze teams en de huisartsen 'een kort lijntje' met elkaar hebben. Er kan gespard worden over casuïstiek en de huisarts kan casussen naar onze teams verwijzen als dit passender is. Het faciliteren van dit 'korte lijntje' en snel schakelen vergt extra inzet van onze teams in uren beschikbaar voor de huisartsen, op de praktijken zelf, of telefonisch als dit nodig is. De samenwerking met de huisartsen, in deze vorm, is gestart met een pilot in 2018. Maatschappelijk effect: Inwoners krijgen sneller toegang tot de juiste hulp en zorg omdat huisartsen en ons CJG en ST in nauwe samenwerking snel tot de meest passende oplossing komen (netwerkzorg). Financiële toelichting: Het huidige beleid kan niet worden gecontinueerd vanaf 2023 doordat er vanaf 2023 jaarlijks 1 ton minder voor is begroot. Dit betekent concreet dat het CJG en ST in formatie zal moeten krimpen en minder tijd zal hebben voor het samenwerken met huisartsen rond één gezin, één plan.

Gezien de hoge caseload bij het CJG als ST, en de belangrijke taak van beide teams in de uitvoering van de Wmo en Jeugdwet, is een inkrimping van de formatie onwenselijk. Risico’s bij niet honoreren: De caseload/werkdruk is binnen de hele eerste lijn erg groot. Zonder extra middelen is er minder tijd om te komen tot goede inhoudelijke afstemming. Hierdoor zal er vaker naar dure tweelijnszorg verwezen worden. De huisartsen zijn verantwoordelijk voor een groot deel van de doorverwijzingen. Het is van groot belang dat hierover afstemming plaatsvindt tussen gemeenten en huisartsen.

Totaal

2023 -100

2024 -100

2025 -100

2026 -100

6. Mobiliteitsplan I Inhoudelijke toelichting: Bij het vaststellen van het Mobiliteitsplan (21RV069) heeft uw raad ingestemd met ons voorstel om de benodigde middelen voor 2023-2027 op te nemen in de Kadernota 2023, zodat dit onderdeel uitmaakt van een integrale afweging. De investeringen op het gebied van mobiliteit worden waar mogelijk gekoppeld met vervangingswerkzaamheden en zodoende aan SFI/VIS. Ook worden de verschillende subsidiemogelijkheden maximaal benut. De benodigde investeringskredieten leiden uiteindelijk tot extra kapitaallasten van maximaal € 78.000 (zie onderstaande tabel gebaseerd op financiële paragraaf van 21RV069). We stellen voor om deze benodigde middelen voor kapitaallasten middels de kadernota 2023 al toe te voegen aan de budgetten van SFI/VIS. In de Meerjarenplanning Openbare Ruimte komt expliciet terug welke investeringen in mobiliteit we komend jaar gaan uitvoeren. Maatschappelijk effect: Met de uitvoering van het mobiliteitsplan houden wij de vijf kernen leefbaar, veilig en bereikbaar. Financiële toelichting: Betreft de kapitaallasten uit bovengenoemde investeringen. Dit budget dient te worden toegevoegd aan de reserve SFI/VIs ter dekking van de extra kapitaallasten. Risico’s bij niet honoreren: Vastgesteld beleid ter verbetering van verkeersveiligheid kan niet worden uitgevoerd.

Totaal

2023 -3

2024 -39

2025 -78

2026 -77

11 Kadernota 2023

6a.

Mobiliteitsplan II

Inhoudelijke toelichting: Bij het vaststellen van het Mobiliteitsplan (21RV069) heeft uw raad ingestemd met ons voorstel om de benodigde middelen voor 2023-2027 op te nemen in de Kadernota 2023, zodat dit onderdeel uitmaakt van een integrale afweging. In 2021 hebben we 4 drempels en 4 plateaus aangelegd. Bij het ambitieniveau van het in februari 2022 vastgestelde Mobiliteitsplan horen 8 drempels en 8 plateaus per jaar. Het aanleggen van een drempel kost ongeveer € 5.000 en de aanleg van een plateau € 19.000. Dit vergt extra budget. Hiernaast vragen we extra budget voor de realisatie van o.a. borden, schetsontwerpen, pilots smart mobility, markering, verplaatsen/verwijderen van laadpalen. De verhoging van het exploitatiebudget voor deze maatregelen bedraagt structureel € 85.000 Maatschappelijk effect: Met de uitvoering van het mobiliteitsplan houden wij de vijf kernen leefbaar, veilig en bereikbaar. Financiële toelichting: Zie bovenstaande onderbouwing. Het huidige budget bedraagt € 190.000. Het benodigde budget bedraagt € 275.000. Risico’s bij niet honoreren: Vastgesteld beleid ter verbetering van verkeersveiligheid kan niet worden uitgevoerd. 2023 -85

Totaal 6b.

2024 -85

2025 -85

2026 -85

Mobiliteitsplan III

Inhoudelijke toelichting: Organisatie “Ongehinderd” heeft in 2021 onze 4 parkeergarages en 7 overdekte parkeerterreinen in het centrum beoordeeld op toegankelijkheid. Op basis van hun bevindingen willen we diverse verbeteringen doorvoeren. Dit hebben we ook als maatregel benoemd in het vastgestelde Mobiliteitsplan (21RV069) bij speerpunt 19. De verbeteringen voor de 4 parkeergarages waren al financieel meegenomen in het door uw raad in 2021 vastgestelde Meerjarenonderhoudsplan. Daarom vragen we via deze kadernota alleen de incidentele middelen voor de verbeteringen in de 7 overdekte parkeerterreinen (2 x € 50.000). Met deze middelen investeren we ook in de gezamenlijke ontwikkeling van een mindervaliden parkeerplaatsen-app, zoals ook beschreven bij speerpunt 19 van het Mobiliteitsplan. Maatschappelijk effect: Met de uitvoering van het mobiliteitsplan houden wij de vijf kernen leefbaar, veilig en bereikbaar. Financiële toelichting: Zie bovenstaande toelichting. Risico’s bij niet honoreren: Verbeteren van toegankelijkheid voor de parkeergelegenheden kan niet worden uitgevoerd.

Totaal

2023 -50

2024 -50

2025 0

2026 0

12 Kadernota 2023

7. Prijsstijgingen (Gemeente breed) Inhoudelijke toelichting: Als gevolg van de huidige economie, met de torenhoge inflatie, is het te verwachten dat wij hier als gemeente Zeist ook effecten van gaan zien. Dit zullen enerzijds hogere materiaalkosten zijn voor diverse projecten en werkzaamheden in de openbare ruimte, maar zal ook zijn weerslag hebben verschillende aanbestedingen. Zo is het bijvoorbeeld ook te verwachten dat een nieuwe aanbesteding voor onze energiecontracten fors hoger zal zijn, maar zelfs ook die voor WMO Hulpmiddelen zal waarschijnlijk hoger uitvallen. Maatschappelijk effect: De hoge inflatie raakt onze inwoners die in hun koopkracht worden aangetast. Ook de gemeente zelf zal hier de effecten van ondervinden. In sommige gevallen kan, zonder bijstelling, er minder gedaan worden dan voorheen wat een burger in de openbare ruimte zou kunnen merken. Financiële toelichting: Jaarlijks indexen wij onze budgetten conform de CPB gegevens (Zie onderdeel 3.3.A van deze Kadernota). Deze wordt gevolg van een bij de Begroting 2021 nog eenmaal in 2023 gekort met 1 procent. Het is te verwachten dat op diverse punten in deze begroting de voorgenomen indexatie niet afdoende zal zijn om de prijsstijgingen op te kunnen vangen. Risico’s bij niet honoreren: Wanneer er geen bijstelling in de begroting 2023 zal worden gedaan zal dit effect hebben op de kwaliteit en de kwantiteit.

Sommige onderdelen zullen mogelijk helemaal geen doorgaan meer kunnen vinden.

Totaal

2023 PM

2024 PM

2025 PM

2026 PM

13 Kadernota 2023

8. Formatie-uitbreiding Griffie Inhoudelijke toelichting: Op 22 februari 2022 heeft de Werkgeverscommissie Griffie Zeist de Raad geadviseerd om de formatie van Griffie uit te bereiden. In het genoemd advies concludeert de werkgeverscommissie, dat de gemeenteraad van Zeist, met de ambities die zij heeft een griffie nodig heeft die naast de ‘basis’ de raad kan ondersteunen als ‘Informatiekamer’ en ‘Regiokamer’. De opzet van die rollen kan alleen gebeuren als de formatie structureel wordt uitgebreid met tenminste 1 fte op het niveau van raadsadviseur, schaal 11. Maatschappelijk effect: De griffie zal veel meer en actief als ogen en oren van de raad functioneren. Waar en wie in de samenleving moeten bij processen van de raad betrokken worden; waar ontstaan bij de uitvoering van beleid of bij participatie knelpunten die aandacht nodig hebben; welke onderwerpen vragen om aandacht van de raad, waar kunnen inwoners en groepen/initiatieven zich op richten als ze met de raad willen communiceren? We noemen dat “De Inwonerskamer”. Met deze kamer ontstaat een stevige verbinding tussen Raad en Samenleving in twee richtingen, en draagt ze bij aan een goede relatie tussen politiek, raad en samenleving. De democratische controle van de raad op gemeenschappelijke regelingen zal toenemen door uitbreiding van de ondersteuning.

Over het geheel zal de volksvertegenwoordiging beter zijn rol kunnen vervullen dankzij een uitbreiding van de ondersteuning. Financiële toelichting: Het betreft een formatie-uitbreiding van 1 fte op het niveau van raadsadviseur (schaal 11) Risico’s bij niet honoreren: Het werk van de gemeenteraad is afgelopen jaren steeds complexer geworden. De omvang van de ondersteuning heeft daarmee geen gelijke tred gehouden. Alleen al de ordening van de informatie van de raad maakt uitbreiding noodzakelijk. Als dit niet gebeurt bestaat het risico dat de raad zijn volks vertegenwoordigende, controlerende en kaderstellende rol op termijn niet meer goed zal kunnen invullen. Daarmee komt het functioneren van de lokale democratie onder druk te staan.

Totaal

2023 96

2024 96

2025 96

2026 96

14 Kadernota 2023

3.3 Uitgangspunten Begroting 2023 Het financiële beeld van de toekomst is deels afhankelijk van diverse uitgangspunten. Met deze uitgangspunten gaan wij rekenen in de begroting 2023 en daarom moeten deze door de raad vastgesteld worden. In deze paragraaf staat beschreven welke uitgangspunten we hebben gehanteerd en worden deze toegelicht: A. Prijsindex B. Loonindex C. Overhead D. Rekenrente E. Tariefontwikkeling F. Rioolrecht G. Afvalstoffenheffing H. Markttarieven

A. Prijsindex Toepassen van een prijsindex van 3,70% in de begroting 2023 op de opbrengstenkant en een aangepaste indexering op de kostenkant van 2,70% op basis van besluitvorming (heroverweging) bij de begroting 2021 We zijn gewoon de prijsindex te bepalen op grond van de CPB gegevens en het dakpannensysteem. We zien geen reden hier voor de begroting 2023 van af te wijken. Op grond van de CPB gegevens en het dakpannensysteem komt de prijsindex 2023 uit op 3,7%. De berekening is opgenomen in onderstaande tabel. Ontwikkeling prijsindex CPB / septembercirculaire 2020: deze prijsindex zit nu in de begroting CPB / septembercirculaire 2021: deze prijsindex zou het moeten zijn volgens recente cijfers CPB Correctie bij begroting 2023

2019

2020

2021

2022

3,00%

1,70%

1,50%

1,40%

3,00% 0,00%

2,30% 0,60%

2,30% 0,80%

1,80% 0,40%

2023

1,90%

Voorstel index begroting 2023

3,70%

Aangepaste index kosten 2023 (heroverweging)

2,70%

Met de Raad is afgesproken de prijsindex via het zogenoemde dakpannensysteem te berekenen. Dit betekent dat niet alleen vooruit, maar ook terug wordt gekeken. Wanneer de inflatie in voorgaande jaren zich anders heeft ontwikkeld dan begroot, dan wordt dit in het komende begrotingsjaar weer hersteld. De voorgestelde prijsindex van 3,7% betreft dus de correcties voor de jaren 2019-2022 bij elkaar opgeteld (1,80%) plus de index voor 2023 van 1,9%. We kijken terug totdat het Rijk de prijsindex in enig jaar definitief heeft verklaard. Vaak geschiedt dit in het 3e jaar na afloop van een jaar. De prijsindex 2018 is in 2021 definitief verklaard, wijzigt dus niet meer en hoeft niet meer mee te worden genomen voor de correctie. Aangepaste index kostenkant van de begroting Bij de heroverwegingen bij de begroting 2021 is besloten tot een generieke besparing op indexering van de kostenkant van de begroting 2022 en idem in 2023 (financieel technische voorstellen / voorstel 6: Indexering materiële kosten => efficiency). Hierbij wordt voorgesteld om de eerste 1% prijsindex niet toe te passen op de kostenbudgetten in 2022 (structureel) en nogmaals bij de begroting 2023. De efficiencywinst die hierdoor behaald wordt, is reeds ingeboekt als taakstelling. Via het vaststellen van de bovenstaande aangepaste indexering van de kosten in de begroting 2023 wordt de tweede stap uitgevoerd.

De prijsindex is niet van toepassing op bepaalde kostensoorten: kapitaallasten liggen vast op basis van de historische kosten, voor de loonkosten geldt een aparte index, en zo zijn er nog enkele (financieel technische) uitzonderingen. Dit verandert niet onder deze maatregel. De maatregel houdt ook in dat de opbrengsten waar van toepassing wel worden verhoogd met 3,7%. Ook hier zullen financieel technische uitzonderingen zijn. Zo is de opbrengst gemeentefonds afhankelijk

15 Kadernota 2023

van de circulaires en zijn de 100% kostendekkende tarieven afhankelijk van de kosten. Als de kosten met 2,7% stijgen, zullen de tarieven niet met een hoger percentage kunnen stijgen, omdat dan de 100% kostendekkendheid wordt overschreden. Indexering kosten toegang Sociaal domein Met de zorgaanbieders en de werkgevers van de toegang hebben wij overeenkomsten afgesloten. In deze overeenkomsten is opgenomen dat wij indexeren op basis van de Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling (OVA). De belangrijkste reden waarom deze wijze van indexering is opgenomen in de overeenkomsten is dat de gemeenten reële tarieven dienen te bieden, zowel voor de jeugdhulp, als voor de Wmo. De OVA wordt berekend op basis van cijfers die het Centraal Planbureau publiceert in het Centraal Economisch Plan. Voor 2023 is het percentage nu nog niet bekend. Bij het opstellen van de begroting 2023 zal dit percentage wel worden gehanteerd. Dit kan zorgen voor een hogere of lagere indexering op deze onderdelen van de begroting.

B. Loonindex Toepassen van een loonindex van 3,30% in de begroting 2023, conform de te verwachten loonstijgingen zoals opgenomen in de CPB-Kerngegevenstabel-raming-CEP-2021-maart-2021, onderdeel Prijs overheidsconsumptie / beloning werknemers Vanaf 2019 wordt de loonindex berekend op basis van het CEP-kerngegeven “Prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers”, zoals het CPB dat eind maart publiceert. De berekeningssystematiek gebeurt op basis van de dakpannensystematiek, zoals afgesproken met de Raad. Dit betekent dat niet alleen vooruit, maar ook terug wordt gekeken. Wanneer de loonindex in voorgaande jaren zich anders heeft ontwikkeld dan begroot, dan wordt dit in het komende begrotingsjaar weer hersteld. De voorgestelde loonindex van 3,3% betreft dus de correcties voor de jaren 2020-2022 bij elkaar opgeteld (0%), plus de index voor 2023 van 3,30%. Ontwikkeling loonindex Prijs overheidsconsumptie / beloning werknemers maart 2021 Correctie bij begroting 2022 Index begroting 2022 1e Berap 2022 aangepast Prijs overheidsconsumptie / beloning werknemers maart 2022 Correctie bij begroting 2023 voorgaande jaren Voorstel loonindex begroting 2023

2020 3,50% 0,90%

1,60% -1,90%

2021 2,00% -0,80%

0,90% -1,10%

2022 1,20% 0,00% 0,60% 4,80% 3,00%

2023

3,30% 3,30%

C. Overhead In het kader van een robuust gemeentelijk financieel beleid worden de lasten van de overhead op een éénduidige, transparante en met een vast percentage doorbelast in de tariefberekening externe tarieven en de grondexploitaties. De sleutel voor het berekenen van het percentage is “Directe salariskosten” en het percentage wordt jaarlijks geactualiseerd bij het opstellen van de programmabegroting. De financiële uitwerking volgt bij het opstellen van de begroting 2023. Dit kan gevolgen hebben voor de hoogte van de tarieven.

D. Rekenrente In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is bepaald dat niet mag worden gewerkt met een vooraf gekozen rekenrente, maar dat de berekende omslagrente moet worden gehanteerd. Deze omslagrente wordt berekend door de werkelijk betaalde (minus ontvangen) rente op onze leningen toe te rekenen aan de taakvelden, door het rentebedrag te delen door de boekwaarde van de vaste activa. Alleen als voor investeringen specifieke leningen zijn aangetrokken (partiële financiering), mag de rente van deze financiering ook worden gebruikt voor de berekening van de rentelasten van deze investering. In Zeist werken we niet met partiële financiering. De omslagrente wordt in deze systematiek bij de begroting 2023 opnieuw berekend.

16 Kadernota 2023

E. Tariefontwikkeling Op basis van de hierboven voorgestelde prijsindex van 3,70% zullen ook de gemeentelijke tarieven in beginsel met 3,70% worden aangepast. Dit geldt voor de volgende tarieven: -

Toeristenbelasting Precariobelasting Leges (indien niet wettelijk bepaald en indien niet 100% kostendekkend) Parkeerbelasting Privaatrechtelijke tarieven OZB

De hoogte van de reclamebelasting voor 2023 wordt bepaald in samenspraak met de Stichting Centrummanagement. Vooralsnog wordt hier geen bijzondere tariefontwikkeling verwacht. Een aantal gemeentelijke tarieven wordt berekend vanuit het (wettelijk verplichte) uitgangspunt 100% kostendekkendheid. Bij het opstellen van de Begroting 2023 zullen deze tarieven opnieuw worden berekend op basis van de actuele kostenontwikkeling. Deze kosten kunnen zich anders ontwikkelen dan de geprognosticeerde 3,70%. Bijvoorbeeld kapitaallasten en loonkosten worden in de gemeentelijke begroting zo exact mogelijk berekend. En voor de tarieven van de afvalstoffenheffing is de kostenontwikkeling bij de RMN bepalend (100% kostendekkendheid). Daarnaast spelen de hierboven vermelde wijzingen omtrent de rekenrente hierin ook een rol. Op het moment van opstellen van deze kaderbrief zijn niet alle gegevens bekend om hier een goede doorrekening van te kunnen maken. De volgende tarieven worden herrekend bij de begroting 2023 en kunnen dus afwijken van de index van 3,70%: - Rioolrecht - Afvalstoffenheffing - Markttarieven - Legestarieven met 100% kostendekkendheid Omgevingsleges Op dit moment onderzoeken we de meerjarige ontwikkeling (trend) van de legesinkomsten en de betekenis hiervan voor komende jaren, zoals minder grote bouwaanvragen, meer in de goedkoopste categorie.

Daarnaast heeft de invoering van de omgevingswet invloed op de berekeningen van de tarieven en de kosten omtrent de Omgevingsleges. De omgevingswet zal door de aard van de wet en het feit dat de activiteiten waarvoor je leges mag heffen veranderen impact hebben op de hoogte van de leges. Onlangs is pas een nieuw werkmodel legesverordening door de VNG vrij gegeven. Tot nu toe was er nog steeds veel onduidelijk rondom de omgevingswetimplicaties. Bij de begrotingsbehandeling van 2023 en verder zullen we de verwachte legesinkomsten voor de komende jaren nader specificeren.

F. Rioolrecht In december 2021 is een nieuw verbreed Gemeentelijk Riool Plan vastgesteld. Hierin is vastgesteld dat het tarief 2023 wordt verlaagd met 10% ten opzichte van 2022 (exclusief inflatie). Meerjarig is besloten het rioolheffingstarief te stabiliseren (exclusief inflatie). De inflatie (indexering) wordt met deze kadernota vastgesteld op 3,7%. Per saldo betekent dit dat het tarief 2023 zal dalen met 6,3%. Het uitgangspunt van het vGRP in Zeist is 100% kostendekkendheid. Dit wordt bereikt door middel van verrekening met de egalisatievoorziening riolering.

G. Afvalstoffenheffing De kosten van inzameling en verwerking van huishoudelijk afval worden in Zeist in rekening gebracht via een afvalstoffenheffing, waarbij het tarief afhangt van de omvang van het huishouden. De opbrengst van de afvalstoffenheffing behoort niet tot de algemene middelen, maar moet worden gebruikt om de kosten te dekken van de afvalinzameling en -verwerking. Het uitgangspunt hierbij is dat de tarieven voor 100% kostendekkend zijn. De kosten van afvalinzameling blijven stijgen. De RMN berekent deze kosten door aan gemeenten. Op dit moment is de concept begroting 2023 van RMN nog in behandeling en heeft nog geen verkenning plaatsgevonden voor het tarief afvalstoffenheffing 2023. In de begroting 2023 zal inzichtelijk worden wat de exacte tariefstijging zal worden.

17 Kadernota 2023

H. Markttarieven Uitgangspunt voor het markttarief is, dat het kostendekkend moet zijn.Ten tijde van het vaststellen van de Begroting 2023 loopt er nog steeds een onderzoek naar de verzelfstandiging van de markt. Lopende dit onderzoek en in afwachting van de resultaten is ervoor gekozen om het tarief van de markt met de prijsindex van 3,70 % te verhogen. De kosten voor de elektriciteit en promotie zijn niet geïndexeerd. De keuze voor de 100% kostendekkendheid wordt pas gemaakt na de uitkomst van het onderzoek. Door de coronacrisis is er een vertraging ontstaan in de afstemming met de marktondernemers wat betreft de eventuele verzelfstandiging van de markt. Na overeenstemming met deze ondernemers zal er een bestuurlijk traject volgen. De huidige verwachting is dat deze werkzaamheden niet zijn afgerond voor de Begroting 2023. Voorgesteld wordt om vooralsnog alleen de prijsindex voor 2023 toe te passen.

18 Kadernota 2023

3.4 Cashflow Zoals gebruikelijk wordt u bij de Kadernota / Bestuursrapportage ook geïnformeerd over de cashflow. Daarbij wordt ingegaan op het verwachte financieringssaldo in de komende periode. Financieringssaldo Het financieringssaldo geeft aan of de vaste financieringsmiddelen (de som van het eigen vermogen en het lang vreemd vermogen) al dan niet toereikend zijn om de investeringen (in vaste activa) te financieren. Een negatief saldo betekent dat de investeringen deels betaald moeten worden door het aantrekken van (kasgeld)leningen. Zie ook hieronder onder “Kasgeldlimiet”. Dit financieringssaldo is dus een heel ander saldo dan het begrotingssaldo, dat het verschil tussen de jaarlijkse lasten (inclusief de rente en afschrijving op investeringen) en de jaarlijkse baten aangeeft. In de prognose van de Kadernota 2022 was sprake van een verwacht positief financieringssaldo van € 1,5 mln. per eind 2021, terwijl dat saldo naar verwachting vanaf 2022 negatief zou worden. De onderstaande tabel met de geactualiseerde prognose geeft aan dat in werkelijkheid per eind 2021 nog sprake was van een positief financieringssaldo van € 10,9 mln. Het hogere liquiditeitssaldo per eind 2021 ten opzichte van de verwachting in de Kadernota 2021, is vooral veroorzaakt door het na-ijlen van een aantal grote uitgaven in 2021.

Echter al op 4 januari 2022 was het financieringssaldo gedaald naar € 5,7 mln. En op 17 januari is een kasgeldlening van € 5 miljoen afgesloten om te voorkomen dat het saldo bij de bank onder nul zou uitkomen. Gelet op de renteontwikkeling is vervolgens per 16 maart jl. een langlopende lening van € 10 mln. afgesloten voor een rente van 1,02%. Op basis van de geactualiseerde cijfers zal het financieringssaldo naar verwachting in 2022 positief blijven. Uitgaande van de thans bekende investeringen en daarvoor nu verwachte uitgavenplanning, ontstaat er in 2023 een beperkt negatief financieringssaldo (zie onderstaande tabel). Het negatieve saldo loopt vervolgens in 2024 en 2025 verder op. De reden hiervan wordt vooral gevormd door de nu in de planning meegenomen investering van € 20,5 mln. Voor de aanpassing van het gebouw en de sporthal bij De Breul. Volgens de huidige planning zal deze investering vanaf het 4 e kwartaal 2022 worden uitgevoerd. Het mag duidelijk zijn dat als er in de uitvoering vertraging ontstaat, het financieringstekort minder snel stijgt dan geschetst. Van het financieringstekort mag tot een bedrag van € 14,5 mln. gefinancierd worden met kort geld (kasgeldleningen). Dit is financieel ook het meest aantrekkelijk.

Gaat het saldo hier bovenuit komen en gaat de liquiditeitsbehoefte inderdaad langer duren, dan moet worden overgegaan tot consolidatie, dat wil zeggen het aantrekken van een langlopende lening. Het is afhankelijk van de werkelijk ontstane financiering situatie op dat moment of ook inderdaad tot deze actie moet worden overgegaan. Financieringspositie x € 1.000 Kadernota

2021 10.944

2022 1.633

2023 -7.301

2024 -13.152

2025 -16.014

De financieringspositie 2021 betreft hier de werkelijke stand, de overige standen zijn ramingen. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido) als norm gesteld voor het maximumbedrag waarmee de gemeente haar activiteiten met kortlopend geld (< 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is voor onze gemeente ongeveer € 14,6 miljoen. Renterisiconorm De renterisiconorm geeft het kader aan voor de spreiding van looptijden in de (langlopende) leningenportefeuille. De norm houdt in dat het bedrag dat nodig is voor de verplichte aflossingen en de renteherzieningen in een jaar niet meer mag bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. De renterisiconorm is op basis van de begroting 2022 ongeveer € 36,1 miljoen. Renteherzieningen komen overigens in onze leningenportefeuille niet voor. Vanuit de huidige leningenportefeuille bedraagt de aflossing in 2022 slechts € 2,8 miljoen. De ruimte onder de renterisiconorm komt daarmee uit op € 33,3 miljoen. Ook met inachtneming van de in maart 2022 afgesloten nieuwe langlopende lening, blijft het bedrag aan aflossingen in de komende jaren ruim onder de renterisiconorm.

19 Kadernota 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11544031/1