CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

00-22RV037 rv Nota Bodembeheer

Raad 8 november 2022, gemeente ZeistBij agendapunt: Nota Bodembeheer2.614 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Nota bodembeheer werkgebied ODRU

Portefeuillehouder

W. Catsburg

Ronde Tafel

29 september 2022

Opsteller

Debat

20 oktober 2022

Zaak/stuknummer

M. Beek 457269

Raadsvergadering

08 november 2022

Raadsvoorstel

22RV037

Maatschappelijk effect en doel van het voorstel Duidelijke regels voor iedereen binnen het werkgebied van de Omgevingsdienst die te maken krijgt met grondverzet. Dit stimuleert veilig en verantwoord hergebruik van grond in de regio, tegen minder kosten en met beter naleefgedrag van de regels. Voorstel 1. De “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” met de bijbehorende bodemkwaliteitskaarten voor PFAS en standaardstoffen en de bodemfunctiekaart vast te stellen; 2. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten met een uitvoerend karakter zoals opgenomen in hoofdstuk 11 van de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” aan het college te delegeren. Het betreft de volgende onderwerpen: ▪ Wijzigen bodemfunctiekaart; ▪ Verlengen geldigheid bodemkwaliteitskaarten; ▪ Accepteren bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten; ▪ Uitbreiden “bodembeheergebied ODRU” met het grondgebied van een buur- of regiogemeente. 3. De bestaande “Nota bodembeheer regio Zuidoost Utrecht” uit 2011 in te trekken op de dag van inwerkingtreding van de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU”.

Besluit Raad 08 november 2022:

Basis Voor u ligt de ‘Nota Bodembeheer werkgebied ODRU’ met bijbehorende bodemkwaliteitskaarten en de bodemfunctieklassenkaart. De nota en kaarten zijn tot stand gekomen in nauwe samenwerking tussen de Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) en alle aangesloten gemeenten. U wordt gevraagd deze vast te stellen vóór 1 januari 2023 (vóórdat de Omgevingswet in werking treedt). Zo wordt dit beleid automatisch onderdeel van Omgevingsplannen. De oude nota bodembeheer die in 2012 door de gemeenteraad is vastgesteld, is met de voorliggende “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” geactualiseerd en aangepast aan de laatste inzichten, bijvoorbeeld in risico’s voor lood bij jonge kinderen. Aanleiding voor het opstellen van een nieuwe nota bodembeheer is het verlopen van de geldigheidstermijn van de huidige bodemkwaliteitskaart en de wens van de gemeente om de hergebruiksmogelijkheden van gebiedseigen grond te vergroten op een

Pagina 1 van 7

duurzame en milieuverantwoorde wijze. Uitgangspunt van het beleid is: “streng waar het moet en soepel waar het kan”. Doordat voor sommige toepassingen lokale regels gaan gelden in plaats van landelijke, kan beter worden aangesloten op de maatschappelijke opgaven en ambities van de gemeente op het gebied van bouwen, duurzaamheid en circulaire economie. De Nota bevat eenduidige regels voor iedereen die binnen het werkgebied van de ODRU met grondverzet te maken heeft. Eenduidige regels in alle gemeenten leiden tot beter naleefgedrag.

Inleiding Bij graafwerkzaamheden en bij het baggeren van watergangen komt grond en/of baggerspecie vrij. De vrijkomende grond en baggerspecie willen we om verschillende redenen zoveel mogelijk op een doelmatige en milieuverantwoorde wijze hergebruiken. De regels voor het toepassen van grond en baggerspecie zijn vastgelegd in het (landelijke) Besluit bodemkwaliteit en de bijbehorende Regeling bodemkwaliteit. Dit wordt het generieke kader genoemd. Het besluit biedt gemeenten echter beleidsruimte om voor sommige toepassingen lokale regels vast te stellen, die de landelijke regels voor die toepassingen vervangen. Dit wordt het gebiedsspecifieke kader genoemd. Het besluit bepaalt dat, als daarvoor wordt gekozen, gebiedsspecifiek beleid door de gemeenteraad moet worden vastgesteld. Voor sommige toepassingen gelden in het voorliggende beleid gebiedsspecifieke regels en zogeheten lokale maximale waarden, die de generieke maximale waarden voor die toepassingen vervangen. Als het beleid voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet (verwacht wordt 1-1-2023) vastgesteld is door uw raad, belandt het beleid, via overgangsrecht, automatisch in het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Dit heeft als grote voordeel dat de gemeente tot 1-1-2030 de tijd heeft om de beleidsregels uit te werken in het Omgevingsplan en te integreren in de overige beleidsregels t.a.v. bodem.

De vernieuwde en geactualiseerde bodemkwaliteitskaarten voor PFAS en de standaardstoffen en de bodemfunctiekaart horen bij de voorliggende nota en zijn de beleids- en uitvoeringstools voor een duurzaam bodembeheer.

Argumenten 1.1 In de Nota wordt het beleid ten aanzien van grondverzet vastgelegd 1.2 Deze regionaal opgestelde Nota leidt tot eenduidige regels 1.3 De Nota stimuleert op veilige milieuverantwoorde wijze hergebruik van grond 1.4 De terinzagelegging van de nota heeft niet geleid tot een gewijzigd inzicht. 1.5 De vaststelling is een bevoegdheid raad 1.6 Door vaststelling vóór inwerkingtreding Omgevingswet maken we gebruik van overgangsrecht. 2.1 Delegeren van bevoegdheden bij beperkte aanpassingen van de nota of bij de nota behorende kaarten Toelichtingen X

Financiën

X

Communicatie

Juridisch X

Duurzaamheid

X

Risico’s Anders

Verdere proces

Pagina 2 van 7

VERDIEPING Inleiding ARGUMENTATIE 1.. In de Nota wordt het beleid ten aanzien van grondverzet vastgelegd In de Nota Bodembeheer staan regels omtrent het toepassen en tijdelijk opslaan van grond en baggerspecie. Het beleid heeft niet als doel om actief de bodemkwaliteit te verbeteren op plaatsen waar deze niet voldoet aan de gewenste bodemkwaliteit gelet op de functie. Het is geen saneringsbeleid. Grond die toegepast wordt, moet echter wel minimaal voldoen aan de toepassingseis die hoort bij een bepaalde bodemfunctie. De “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” bouwt voort op de principes uit de vorige nota bodembeheer waarmee beoogd wordt tijd en geld te besparen bij het uitvoeren van werkzaamheden op of in de bodem en het bodembeheer duurzaam uit te kunnen uitvoeren. Met het vaststellen van de nota wordt het kader voor het grondverzet en hergebruik van grond binnen de gemeente Zeist beleidsmatig verankerd. Na vaststelling van dit beleid in de gemeenteraden van de overige ODRU-gemeenten is er sprake van eenduidige regels (zie ook volgende argument) voor het toepassen en hergebruiken van grond en baggerspecie binnen het hele werkgebied van de ODRU. 1.2 Deze regionaal opgestelde Nota leidt tot eenduidige regels Het beleid is gezamenlijk opgesteld met de andere ODRU-gemeenten.

Hierdoor is sprake van een regionaal beleid, met eenduidige regels voor het grondverzet in het hele werkgebied van de ODRU. Dit maakt het uitwisselen van grond en baggerspecie op een eenvoudige en kostenefficiënte wijze mogelijk. Omdat er na vaststelling sprake is van eenduidige regels voor de hele regio, wordt verwacht dat dit zal leiden tot meer spontaan naleefgedrag van de regels door de spelers in het veld en minder fouten in de uitvoering. 1.3 De Nota stimuleert op veilige milieuverantwoorde wijze hergebruik van grond In de nota staat welke mogelijkheden er zijn voor het toepassen en hergebruiken van grond en baggerspecie. De nota geeft regels voor iedereen die bij het voorbereiden van projecten, het beheer of onderhoud van de openbare ruimte of bij andere graafwerkzaamheden in de bodem betrokken is. Met de nieuwe nota kan grond makkelijker en duurzamer worden hergebruikt, binnen de hele regio. Daardoor hoeft er bijvoorbeeld minder zand uit zandwinputten te worden gewonnen en is er minder transport van grond over grotere afstanden. Dat komt de luchtkwaliteit en de verkeersveiligheid ten goede. Bovendien willen we dat de kwaliteit van de bodem aansluit bij het gewenste bodemgebruik. Voor de meeste toepassingen is in dit beleid daarom de functie leidend gemaakt bij de eis die geldt voor het toepassen van grond en baggerspecie.

Dat vergroot de mogelijkheden om grond en baggerspecie her te gebruiken en zorgt er tevens voor dat de meest kwetsbare bodemfuncties, zoals kinderspeelplaatsen, (moes)tuinen en natuurgebied, beschermd blijven. Doordat voor sommige toepassingen lokale regels in het beleid zijn opgenomen in plaats van landelijke, kan beter worden aangesloten op de maatschappelijke opgaven en ambities van de gemeente op het gebied van bouwen, duurzaamheid en circulaire economie. Grond is in Nederland de grootste circulaire materialenstroom die voor hergebruik in aanmerking komt. Omdat de mogelijkheden voor het toepassen van klasse Industrie-grond, waar dit milieuhygiënisch verantwoord is, in het voorliggende beleid aanzienlijk verruimd zijn t.o.v. het vorige beleid, wordt met vaststelling van dit beleid tevens een belangrijke bijdrage geleverd aan de maatschappelijke opgave om uiteindelijk te komen tot een circulaire economie. Doordat het beleid ook betrekking heeft op nieuwe stoffen, zoals PFAS, en rekening houdt met de nieuwe inzichten over blootstellingsrisico’s van lood bij jonge kinderen, is het grond- en baggerstromenbeleid ook klaar voor de toekomst. Sommige regels zijn strenger geworden ten opzichte van het vorige beleid, bijvoorbeeld die voor het gebruiken van grond op kinderspeelplaatsen en tuinen.

Andere regels zijn juist soepeler dan de landelijk geldende regels, bijvoorbeeld voor het uitwisselen van grond tussen wegbermen. Het Pagina 3 van 7

principe ‘streng waar het moet, soepel waar het kan’ was uitgangspunt. Ten opzichte van de vorige nota heeft de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” de volgende wijzigingen ondergaan (alleen de belangrijkste beleidsthema’s zijn in het overzicht opgenomen): Beleidsthema Maximum toegestane hoeveelheid bodemvreemd materiaal in toe te passen grond differentiëren naar bodemgebruik Toepassen van uitsluitend schone grond op plaatsen waar kinderen spelen Verscherpte lood-eis bij toepassen van grond in tuinen Toepassen van klasse Industrie-grond op bedrijfs-en industrieterreinen Uitwisselen van grond tussen (spoor)wegbermen Uitwisselen van grond tussen (voormalige) boomgaardpercelen in het buitengebied Lokale regels voor de tijdelijke opslag van grond en baggerspecie voorafgaande aan de toepassing Lokale toetsingswaarden voor hergebruiken van gebiedseigen grond binnen dezelfde zone zonder bodemkwaliteitskaart Toepassing en hergebruik PFAS-houdende grond Delegeren van bevoegdheden tot nemen van besluiten met een uitvoerend karakter aan het college Bij de meeste toepassingen de functie leidend maken voor het bepalen van de geldende toepassingseis Praktische regels voor het grondverzet bij aanleg en onderhoud van kabels en leidingen

Voortzetting huidige beleid

Aanpassing beleid

Nieuw beleid

✓ ✓ ✓ ✓ ✓ ✓ ✓ ✓ ✓ ✓ ✓ ✓

1.4 De terinzagelegging van de nota heeft niet geleid tot een gewijzigd inzicht. In december 2021 stelde het college de ontwerp Nota Bodembeheer vast. Daarna heeft de Nota met bijbehorende kaarten (conform afdeling 3.4 Awb) gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Dit is via de Nieuwsbode en het Gemeenteblad kenbaar gemaakt. Er zijn in Zeist geen zienswijzen ontvangen. De Nota wordt nu ongewijzigd aan de gemeenteraad voorgelegd. 1.5 De vaststelling is een bevoegdheid raad Het vaststellen van gebiedsspecifiek grondstromenbeleid is een bevoegdheid van de gemeenteraad (Besluit bodemkwaliteit, art. 44, lid 1 en Gemeentewet, art. 147). Daarom wordt de Nota met bijbehorende kaarten nu aan de gemeenteraad voorgelegd. 1.6 Door vaststelling vóór inwerkingtreding Omgevingswet maken we gebruik van overgangsrecht. Door de Nota vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet vast te stellen, kan gebruik worden gemaakt van het overgangsrecht. Zo komen de regels van het in de nota beschreven gebiedsspecifieke grondstromenbeleid (deel 1 van de nota) na vaststelling door de raad, automatisch, in het tijdelijke deel van het Omgevingsplan terecht.

2.1 Delegeren van bevoegdheden bij beperkte aanpassingen van de nota of bij de nota behorende kaarten Het gebiedsspecifieke grondstromenbeleid en eventuele toekomstige wijzigingen op dit beleid moeten, conform artikel 44 van het Besluit bodemkwaliteit, worden vastgesteld door de gemeenteraad. Om praktische redenen worden besluiten met een uitvoerend karakter gedelegeerd aan het college van burgemeester en wethouders. Het betreft besluiten voor: Pagina 4 van 7

▪ ▪ ▪ ▪

Wijzigen van de bodemfunctiekaart; Het tijdelijk verlengen van de geldigheid van de bodemkwaliteitskaarten, op voorwaarde dat de wijzigingen geen invloed hebben op het in de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” beschreven gebiedsspecifieke beleid; Het onder voorwaarden accepteren van bodemkwaliteitskaarten van gemeenten die gelegen zijn buiten het bodembeheergebied waar het beleid voor opgesteld is (bodembeheergebied ODRU); Uitbreiding bodembeheergebied ODRU met het grondgebied van buur- of regiogemeenten die buiten het “bodembeheergebied ODRU” gelegen zijn.

Toelichting: Bij de inwerkintreding van de Omgevingswet blijven de bodemfunctiekaart en de bodemkwaliteitskaarten voor PFAS en de standaardstoffen geldig, via overgangsrecht. De kaarten worden maximaal 5 jaar na de bestuurlijke vaststelling geëvalueerd. Op basis van deze evaluatie wordt vastgesteld of aanpassingen van (één van) de kaarten noodzakelijk is. Uw Raad delegeert de bestuurlijke vaststelling van de aanpassingen van de kaarten aan het college van burgemeester en wethouders, onder voorwaarde dat de wijzigingen geen invloed hebben op het in deze nota geformuleerde gebiedsspecifieke beleid. Het eigen bodembeheergebied wordt met deze nota uitgebreid tot alle gemeenten in het werkgebied van de ODRU. Dit wordt het “bodembeheergebied ODRU” genoemd. De gemeente Zeist kan besluiten het bodembeheergebied nog verder uit te breiden, bijvoorbeeld met het grondgebied van buurgemeenten, waardoor toepassingen van grond uit die gemeenten mogelijk wordt onder dezelfde voorwaarden als die voor de eigen gemeente gelden. Daarmee worden de afzetmogelijkheden van grond in de regio nog verder vergroot. Uw Raad delegeert de bestuurlijke vaststelling van uitbreidingen van het “bodembeheergebied ODRU” aan het college van burgemeester en wethouders.

TOELICHTING

Financiën Dit voorstel heeft voor de gemeente geen nadelige financiële gevolgen. De ODRU behandelt ingediende meldingen voor het toepassen van grond en baggerspecie. De kosten die hieraan verbonden zijn, zijn opgenomen in het UVP. Initiatiefnemers die met grondverzet te maken hebben kunnen door de nu voorgestelde beleidsregels kosten besparen. Dit zijn: Onderzoekskosten bij het toepassen van grond en baggerspecie; Transport- en verwerkingskosten van vrijkomende grond; Aanschafkosten voor toe te passen primaire bouwstoffen (met name zand).

Communicatie Na vaststelling van het vernieuwde en geactualiseerde gemeentelijke grond- en baggerstromenbeleid start de ODRU een communicatietraject. De interne en externe doelgroepen worden dan actief door de ODRU benaderd en voorgelicht over het gebruik van de bodemkwaliteitskaarten. Tevens stelt de ODRU een populaire versie van de nota in begrijpelijke taal op en zullen de schema’s en matrixen die nodig zijn voor de dagelijkse praktijk van het grondverzet voor een ieder beschikbaar zijn. De kaarten die bij deze nota bodembeheer horen zijn ook raadpleegbaar op het Geoportaal van de ODRU (www.odru.nl).

Duurzaamheid Het gebiedsspecifieke beleid gaat uit van de gebiedseigen kenmerken en eigenschappen van de bodem. Door dit als uitgangspunt te nemen voor het grondverzet, ontstaat maximale ruimte voor hergebruik van grond en worden tegelijk kwetsbare functies beschermd. Het beleid gaat uit van het stand-still principe op het schaalniveau van het “bodembeheergebied ODRU”. Dit houdt in dat de bodemkwaliteit binnen dit gebied per saldo niet verslechtert en waar mogelijk verbetert. Pagina 5 van 7

Risico’s De bodemfunctiekaart, de bodemkwaliteitskaart en deze nota bodembeheer zijn met grote zorgvuldigheid opgesteld. De bodemkwaliteitskaart is een wettelijk bewijsmiddel voor het toepassen van grond (mits aan de bijbehorende voorwaarden wordt voldaan), maar biedt geen harde garanties voor de kwaliteit van een partij grond. De kaart doet alleen een uitspraak over de te verwachte bodemkwaliteit van de betreffende bodemkwaliteitszone. De kwaliteit van de grond in individuele partij kan daarvan afwijken. Als twijfel bestaat over de kwaliteit van de grond, adviseert de ODRU alsnog een onderzoek te laten uitvoeren. De eindverantwoordelijkheid voor toepassing van grond blijft bij de initiatiefnemer en de eigenaar van de grond.

VERDERE PROCES Planning en uitvoering Na vaststelling van de nota wordt deze met de bijbehorende bodemkwaliteitskaarten voor PFAS en standaardstoffen en de bodemfunctiekaart met bijbehorende kaarten bekend gemaakt op Overheid.nl. De publicatie van de door uw Raad vastgestelde “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” wordt kenbaar gemaakt aan belanghebbenden en betrokkenen. Ook wordt de nota gepubliceerd op de website van de Omgevingsdienst , zodat eenieder die gebruik wil maken van de bodemkwaliteitskaarten daar ook gebruik van kan maken. Evaluatie De nota wordt vastgesteld voor een periode van maximaal 10 jaar. Aan het einde van deze periode wordt de nota geëvalueerd.

BIJLAGEN -

Nota bodembeheer werkgebied ODRU (ODRU, 23 mei 2022)

Pagina 6 van 7

RAADSBESLUIT

Behoort bij raadsvoorstel Nr. 22RV037

De raad van de gemeente Zeist; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 30 augustus 2022; BESLUIT: 1. De “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” met de bijbehorende bodemkwaliteitskaarten voor PFAS en standaardstoffen en de bodemfunctiekaart vast te stellen. 2. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten met een uitvoerend karakter zoals opgenomen in hoofdstuk 11 van de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU” aan het college te delegeren. Het betreft de volgende onderwerpen: ▪ Wijzigen bodemfunctiekaart; ▪ Verlengen geldigheid bodemkwaliteitskaarten; ▪ Accepteren bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten; ▪ Uitbreiden “bodembeheergebied ODRU” met het grondgebied van een buur- of regiogemeente. 3. De bestaande “Nota bodembeheer regio Zuidoost Utrecht” uit 2011 in te trekken op de dag van inwerkingtreding van de “Nota bodembeheer werkgebied ODRU”.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 08 november 2022. De raad voornoemd,

mr. J. Janssen, griffier

drs. J.J.L.M. Janssen, voorzitter

1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11881148/1