CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

00-21RV042 rv Concept zienswijze IRP

Raad 8 juli 2021, gemeente ZeistBij agendapunt: Concept-zienswijze IRP4.982 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Concept Integraal Ruimtelijk Perspectief

Portefeuillehouder Opsteller Zaak/stuknummer Raadsvoorstel

S. Jansen J.P. Gulmans 408882 21RV042

Ronde Tafel Debat Raadsvergadering

03 juni 2021 30 juni 2021 08 juli 2021

Maatschappelijk effect en doel van het voorstel Met de zienswijze geven we onze reactie op het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) van de regio. Dat geeft Zeist de mogelijkheid om het IRP op onderdelen die Zeist belangrijk vindt nog aan te vullen, alvorens het definitieve IRP ter besluitvorming aan de raden van de samenwerkende U16 gemeenten wordt voorgelegd (najaar 2020-2021). Daarmee dragen we bij aan een IRP waarin onze Zeister ontwikkelwaarden en ambities ook in regionaal perspectief gerealiseerd kunnen komen. Voorstel Instemmen met de concept zienswijze op het concept Integraal Ruimtelijk Perspectief.

Besluit Raad 08 juli 2021

Basis Inleiding De U16 gemeenten werken samen aan het Ruimtelijk Economische Programma (REP) voor de regio. Dit traject is in 2018 gestart (fase 1) en er wordt in 4 fasen toegewerkt naar het REP (fase 4). Nadat de Contour REP (fase 2) vorig jaar door de raden van de U16 gemeenten is vastgesteld, is via de Verstedelijksstrategie REP U16 toegewerkt naar het concept Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP, fase 3). Het concept IRP is in april 2021 door het college met RIB 21.078 aan u aangeboden voor het geven een zienswijze. Met het geven van een zienswijze wordt u in de gelegenheid gesteld om nog van belang zijnde punten mee te geven aan het opgaveteam REP, voorafgaand aan de besluitvorming over het definitieve IRP (najaar 2021). In dit voorstel wordt aan u gevraagd om de concept zienswijze op het concept IRP vast te stellen. Deze zienswijze vormt samen met de zienswijzen van de raden van de samenwerkende U16 gemeenten de basis voor het definitief IRP. In het najaar van 2021 volgt de definitieve besluitvorming. Ook dan bent u nogmaals in de gelegenheid om vanuit uw rol en positie aanscherpingen te doen en bij te dragen aan een stevige basis voor besluitvorming in het najaar.

Argumenten Pagina 1 van 11

1 2 3 4 5 6

Het IRP is een ruimtelijke en uitvoeringsgerichte vertaling van de ambities uit de REK die door alle gemeenten is omarmd tot 2040. Met deze zienswijze is de raad in de positie om nogmaals richting te geven aan de inhoud van het IRP en komen U16 raden in najaar tot voortvarende besluitvorming. Met dit IRP staan de regiogemeenten voor elkaars opgaven. Met het IRP is de regio een sterke en betrouwbare gesprekspartner voor de andere overheden en stakeholders. Met dit IRP spreken we als regio met elkaar af dat de gemeentelijke omgevingsvisies passen binnen dit integrale perspectief voor de regio en andersom. Het IRP is een goede basis om te sturen op de realisatie van de gedeelde regionale doelen.

Toelichtingen

x

Financiën

Juridisch

Risico’s

Communicatie

Automatisering

Anders

Verdere proces De zienswijzen van de U16 raden en input vanuit het participatieproces worden in de zomermaanden verwerkt tot het definitieve IRP. Ook wordt het IRP verder geconcetiseerd en wordt de aanpak voor de vervogfase nader uitgewerkt, inclusief de daarvoor benodigde financiering. Het IRP wordt in september 2021 opgeleverd en ter besluitvorming aangeboden aan de U16 colleges en raden. Het verzoek aan u is om de besluitvorming van het IRP nog voor het jaareinde af te ronden in verband met de aankomende gemeenteraadsverkiezingen.

VERDIEPING Inleiding Leeswijzer Aan het begin van deze Inleiding wordt opgemerkt dat een flink aantal bijlagen(9 in totaal) onderdeel uitmaakt van dit voorstel. De bijlagen 1 (concept zienswijze), 3 (concept IRP) en 9 (aandachtspunten raad zienswijze IRP) hebben direct een inhoudelijke relatie met het voorstel. De overige bijlagen zijn ter informatie toegevoegd.

Introductie De U16 gemeenten werken samen aan het Ruimtelijk Economische Programma (REP) voor de regio. Dit traject is in 2018 gestart en er wordt in 4 fasen toegewerkt naar het REP: -

Fase 1: Stip op de horizon tot 2040 (2018 - 2019) Fase 2: Een ruimtelijke contour (2019 – 2020) Fase 3: Een verstedelijkingsstrategie en integraal ruimtelijk perspectief (2020 - 2021) Fase 4: Een integraal ruimtelijk programma en uitvoeringsstrategie (2021 - 2022)

Nadat de Contour REP vorig jaar door de raden van de U16 gemeenten is vastgesteld, is via de Verstedelijksstrategie REP U16 toegewerkt naar het concept IRP (bijlage 3). Het IRP is door ons in april 2021 met RIB 21.078 aan u aangeboden voor het geven een zienswijze. Met het geven van een

Pagina 2 van 11

zienswijze wordt u in de gelegenheid gesteld om nog van belang zijnde punten mee te geven aan het opgaveteam REP, voorafgaand aan de besluitvorming over het definitieve IRP. In dit voorstel wordt aan u gevraagd om in te stemmen met de concept zienswijze (bijlage 1) op het concept IRP. Deze zienswijze vormt samen met de zienswijzen van de raden van de samenwerkende U16 gemeenten de basis voor het definitief IRP. In het najaar van 2021 volgt de definitieve besluitvorming. Ook dan bent u nogmaals in de gelegenheid om vanuit uw rol en positie aanscherpingen te doen en bij te dragen aan een stevige basis voor besluitvorming in het najaar. De aanleiding voor een IRP De Regio Utrecht onderscheidt zich als ontmoetingsplaats voor gezond, stedelijk leven. De regio staat voor grote opgaven op het gebied van wonen, werken, mobiliteit, energie en landschap. Voor Groen en Landschap gaat het in totaal om het toevoegen van ruim 4.000 ha natuur- en recreatiegebied inclusief het toevoegen van ruim 400 kilometer aan recreatieve en ecologische verbindingen. De totale woningbehoefte tot 2040 is ca. 104.000 tot 125.000 volgens de prognoses die samen met de Provincie zijn opgesteld. De groei van de regio en met name stad Utrecht vertaalt zich naar een groei van ten minste 80.000 arbeidsplaatsen tot 2040. 70.000 zullen landen in de stad Utrecht.

Voor Energie willen we in de U16 in uitwerking van de landelijke doelstelling en in relatie tot onze eigen ambities tenminste 1,8 TWh duurzame opwek realiseren in 2030 (landelijk 35TWh). De opgave voor mobiliteit is groot en er wordt ingezet op een schaalsprong van met name het regionale OV systeem als drager voor de verstedelijking in de regio. Om deze opgaven op een gezonde, duurzame manier te accommoderen én op een wijze dat de regio zich verder versterkt en onderscheidt, moeten weloverwogen, integrale ruimtelijke keuzes worden gemaakt. In het IRP worden die integrale ruimtelijke keuzes gemaakt. Toelichting op het IRP Inhoud Het IRP is een gezamenlijk toekomstperspectief, met als doel om nu en in de toekomst de groei van de regio op een gezonde en duurzame wijze op te vangen. Het IRP kent vier hoofddoelstellingen: 1. Een gezamenlijk toekomstperspectief hoe de regio er tot 2040 uit kan komen te zien; 2. Een integrale afweging tussen de verschillende opgaven op basis van de bouwstenen van de pijlers wonen, economie, mobiliteit, groen en landschap en energie; 3. Keuzes maken over de ruimtelijke ontwikkelingsrichting tot 2040; 4. Het fundament en belangrijke schakel richting de uitvoering (fase 4). De opgaven die hier boven bij ‘De aanleiding voor een IRP’ zijn toegelicht, bieden de inhoudelijke richting voor onze regio.

Er worden in het IRP keuzes gemaakt over de ruimtelijke ontwikkelingsrichting tot 2040 in de volle breedte: wonen, werken, bereikbaarheid, energie en groen. Daarnaast worden keuzes gemaakt over bandbreedtes en randvoorwaarden en de ontwikkeling van majeure locaties en projecten. Met deze keuzes maakt de regio een integrale afweging van alle ambities en opgaven, door een ruimtelijke vertaling en verbeelding en door het benoemen van kansen voor de uitvoering in projecten en programma’s. Daarnaast zijn er zachte keuzes voor nadere uitwerking in de volgende fase, het programmeren (fase 4). Status Het IRP is een gezamenlijk toekomstperspectief en heeft geen formele status. Dit betekent dat het geen wettelijke juridische status heeft (zoals een gemeentelijk of een provinciaal omgevingsplan). De publiekrechtelijke verankering er van zit in officiële stukken, zoals omgevingsvisies en omgevingsplannen. Het IRP geeft, na vaststelling in de gemeenteraden, verdere richting aan ruimtelijke plannen die door de gemeenten zelf moeten worden opgepakt. Daarbij heeft u het laatste

Pagina 3 van 11

woord. Tegelijk is het IRP de regionale inbreng aan de NOVI, de POVI en de MIRT afspraken met het rijk. Het IRP in relatie tot andere visies Het IRP staat niet op zichzelf. In dezelfde periode waarin met het REP proces het IRP is gemaakt, zijn ook op andere tafels belangrijke kaders en visies tot stand gekomen. Vanuit het rijk de NOVI, vanuit de provincie de POVI, in U Ned verband het MIRT onderzoek en visie Utrecht Nabij en meerdere lokale ruimtelijke strategieën en omgevingsvisies. Het IRP is in dit kader een visie die allereerst tot stand komt vanuit lokale input en draagvlak in de regio en daarbij de verschillende opgaven en bijdragen integraal afweegt. Het IRP is daarmee het cement tussen de bouwstenen van gemeenten en geeft tegelijk ook de regionale inbreng aan de NOVI, de POVI en de MIRT afspraken met het rijk. Het IRP heeft op hoofdlijnen dezelfde uitgangspunten maar kent ook enkele accentverschillen met bijvoorbeeld de POVI of Utrecht Nabij. De U16 ziet dit als input voor en een constructieve bijdrage aan het gesprek over de ruimtelijke kaders vanuit rijk en provincie. Vanuit een intensieve coöperatie is er een belangrijke en rijke strategische stap gezet in de regio, waarbij er sprake is van één gedeelde visie op de metropoolregio Utrecht vanuit rijk, provincie, regiogemeenten en waterschappen, die vertaald zijn in drie regionale plannen: POVI, IRP en Utrecht Nabij.

Hierbij heeft elke overheid eigen rollen; accommoderen, bewaken en uitvoeren. Deze rollen zijn vaak ook nog wisselend; op thema’s, schaal en in verschillende gebieden. De totstandkoming van het IRP Het IRP is de uitkomst van een gezamenlijk proces van de 16 gemeenten, met inbreng van lokaal beleid en ambities. De U16 gemeenten hebben met elkaar al een aantal stappen gezet in de afgelopen jaren om tot het IRP te komen. Denk hierbij aan de Ruimtelijk Economische Koers (REK) uit 2017 (18RV001), de gezamenlijke uitgangspuntennotitie en eerste beoordelingskader vorig jaar en de vaststelling van de Contour REP met het aangescherpt Beoordelingskader (20RV042). In dit kader zijn gezamenlijke ontwikkelwaarden beschreven hoe de regio zich wil ontwikkelen. In de bijlagen 5 en 6 treft u een overzicht aan van de beantwoording en verwerking van de moties en amendementen op de Contour REP (bijlage 5) en Beoordelingskader (bijlage 6) van de U16 gemeenten. Vanaf het najaar van 2020 (fase 3) is in de U16 de stap gemaakt van de REP Contour via de verstedelijkingsstrategie REP U16 naar het IRP. De verstedelijkingsstrategie is namens de regio de input geweest voor het ontwikkelperspectief Utrecht Nabij, waaraan rijk en regio zich hebben gecommitteerd als verstedelijkingsrichting voor de lange termijn en is de basis voor het IRP.

De inhoud van het regionaal perspectief wordt daarmee gezien en omarmd op alle schaalniveaus. En is een belangrijke basis voor samenwerking en uitvoering met andere overheidslagen en stakeholders. Het IRP is via een consultatieronde langs de U16 colleges voorgelegd aan de raden voor het indienen van een zienswijze (zie bijlage 4 voor een overzicht van consultatiereacties van de U16 gemeenten). In Zeist hebben wij u met RIB 21.078 hierover geïnformeerd. Op basis van de zienswijzen van de U16 raden wordt de definitieve versie van het IRP opgesteld en in het najaar van 2021 aan de raden ter vaststelling voorgelegd. Het IRP is het eindresultaat van fase 3. Een toelichting op de participatie rond het IRP treft u aan bij het kopje ‘Participatie’. De uitvoering van het IRP De gemeenten nemen zelf initiatief voor de uitvoering van IRP. Ontwikkelrichtingen worden per project opgepakt. De raad stelt daarbij de kaders vast op inhoud en participatie. Gemeenten bepalen zelf het eigen tempo van de ontwikkeling. Afhankelijk van de omvang en reikwijdte van de projecten, sluiten gemeenten allianties met partners die nodig zijn om de projecten te kunnen uitvoeren. De regio vervult daarbij een coördinerende rol en zorgt, waar nodig, voor een procesmatige en/of inhoudelijke afstemming tussen projecten.

Pagina 4 van 11

Betekenis van het IRP voor Zeist Het IRP is om verschillende redenen van belang voor Zeist: 

Vanuit de Propositie van Zeist (bijlage 2) hebben wij ontwikkelkansen en onderzoeksrichtingen ingebracht in het ontwerpproces van het IRP. Deze zijn opgenomen in het IRP. Met deze kansen en onderzoeksrichtingen werken we aan onze Zeister ambities en die van de regio. Zeist kan het IRP gebruiken om lokale ambities te realiseren met steun van de provincie en het rijk (bijvoorbeeld het HOV, de ontwikkeling van stationsgebied Driebergen-Zeist en Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug). Het IRP is het vertrekpunt voor regionale programmeringsafspraken tussen de regio en de provincie op het gebied van wonen en werken. Dat hoeven we niet als individuele gemeente te doen, maar doen we nu gezamenlijk met de regio. Dat versterkt de onderhandelingspositie van U16 gemeenten met de provincie. Uiteraard blijft de gemeente zelf verantwoordelijk voor haar inbreng in de regionale programmeringsopgave.

Zienswijze IRP De Zeister zienswijze op het IRP is gebaseerd op de Propositie van Zeist en bouwt voort op onze eerdere reactie op het ontwerp IRP, waar wij u met RIB 21.054 over geïnformeerd hebben. De zienswijze kan als volgt worden samengevat: -

-

-

-

We spreken onze waardering uit over het proces van de totstandkoming van het IRP, in het bijzonder de ruimte die individuele gemeenten hebben gehad om vanuit eigen identiteit, ambities en kansen bij te dragen aan oplossingen voor gezamenlijke maatschappelijke opgaven. Dat heeft geresulteerd in een evenwichtig ontwikkelperspectief, waar alle partijen voordeel bij hebben. Het schept vertrouwen in de samenwerking in de vervolgfase, het programmeren en uitwerking van het IRP. We benadrukken dat het IRP voor alle inwoners moet bijdragen aan het goede leven voor inwoners in Zeist. We vragen er aandacht voor dat de uitvoering van de groen-blauwe agenda goed wordt geborgd nu de financiering van de uitvoering van de agenda niet duidelijk is. Ten aanzien van de HOV-verbinding merken we op dat in het IRP als vervoersmodaliteit een tram(lijn) wordt genoemd. Graag zien wij dat de tram in deze context wordt vervangen door een door Zeist in overleg met de regio nader te bepalen duurzame vervoersmodaliteit voor de HOV-verbinding. Voor het voorkeurstraject van de HOV-verbinding spreken wij niet de voorkeur uit langs de A28, maar een tracé via de Universiteitsweg, Utrechtseweg en de Dreef.

Ten aanzien van de fietsverbinding Zeist-USP merken we op dat het voor Zeist van belang is dat de (bestaande) fiets verbinding met het USP veilige, comfortabel en duurzaam is, waarbij rekening wordt gehouden met het belang van de natuurwaarden. Via de zienswijze vragen wij de regio om de provincie, als initiatiefnemer van het traject van een fietsverbinding tussen Zeist en het USP, spoedig een besluit te laten nemen over de fietsverbinding tussen Zeist en het USP. We vragen aandacht voor het benadrukken van het belang van een fijnmazig OV-netwerk die steden, dorpen en OV-kernen met elkaar verbindt. Het IRP noemt een bandbreedte van aantal mogelijk te ontwikkelen woningen in Zeist-Noord, te weten 0-5.000 woningen. Wij zien het aantal te ontwikkelen woningen niet als een taakstelling maar benaderen deze nadrukkelijk als maatschappelijke opgave voor Zeist. Vanuit Zeist geven we op een eigen manier en vanuit Zeister ontwikkelwaarden invulling aan deze maatschappelijke opgave, waarbij het aantal te realiseren woningen belangrijk is maar niet centraal staat. Bij nieuw te ontwikkelen locaties, zoals stationsgebied Driebergen-Zeist gaan we uit van een gedifferentieerd woonmilieu. Pagina 5 van 11

-

Wij zien graag dat natuurinclusief bouwen aandacht krijgt in het IRP. Wij zien graag dat het IRP aangeeft hoe de overgang naar duurzame en circulaire bedrijvigheid daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Wij vragen in de governance van de uitvoering van het IRP meer aandacht voor participatie met inwoners. We constateren dat onze Zeister ambities binnen het IRP gerealiseerd kunnen worden. We hebben met dit IRP alle ruimte om op eigen wijze met onze samenleving in ons eigen tempo verder uitwerking te geven aan de opgaven. Samenwerking met de regio biedt Zeist kansen om meer te realiseren voor onze inwoners en ondernemers dan wanneer we dit alleen doen.

Afronding fase 3 IRP De zienswijzen van de U16 raden en input vanuit het participatieproces worden in de komende zomermaanden door het opgaveteam REP verwerkt tot het definitieve IRP. Ook wordt het IRP verder geconcetiseerd (zie kanttekening 1) en wordt de aanpak voor de vervolgfase nader uitgewerkt, inclusief de daarvoor benodigde financiering. Het IRP wordt in september 2021 opgeleverd en ter besluitvorming aangeboden aan colleges en raden. Het verzoek aan u is om de besluitvorming van het IRP nog voor het jaareinde af te ronden in verband met de aankomende gemeenteraadsverkiezingen. ARGUMENTATIE 1. Het IRP is een ruimtelijke en uitvoeringsgerichte vertaling van de ambities uit de REK die door alle gemeenten is omarmd tot 2040.

Het IRP is het gezamenlijk toekomstperspectief van de regio, met als doel om nu en in de toekomst de groei van de regio op een gezonde en duurzame wijze op te vangen. Het richt de samenwerking en uitvoering in het ruimtelijk domein voor de komende jaren. Het doel van het IRP is enerzijds het concretiseren van de ambities van de REK in een integrale lange termijnvisie waarop de gemeenten elkaar kunnen vasthouden en anderzijds dat deze visie tot realisatie wordt gebracht: het moet leiden tot uitvoerbare plannen en projecten die in totaal bijdragen aan de visie. Het perspectief kijkt naar hoe de regio er in 2040 uit kan zien en hoe dat voor iedereen een aantrekkelijk perspectief kan zijn. Het is opgebouwd vanuit lokaal beleid. En het integraal denken over de regio vereist keuzes. Niet alles kan zomaar, want de optelsom van de wensen is op veel plekken groter dan de ruimte die we hebben. Dat betekent dat we slim moeten omgaan met die ruimte. Dat kan alleen samen. Het IRP geeft dan ook de ruimtelijke vertaling en verbeelding aan de ontwikkelrichting van de regio zoals opgesteld in de REK, inclusief bandbreedtes, randvoorwaarden en kansen voor realisatie. Over veel onderwerpen is overeenstemming, andere onderwerpen vragen erom de dialoog voort te zetten.

Daarom maakt dit IRP keuzes, worden een aantal gezamenlijke vraagstukken benoemd en geeft de regio opdrachten aan zichzelf voor de volgende fase. De ruimtelijke ontwikkelingen zijn in zekere zin organisch als gevolg van voortschrijdend inzicht. Het perspectief is daarmee adaptief, wat betekent dat het niet in steen gehouwen is. Het wordt concreter ingevuld, aangescherpt en indien daar aanleiding toe is kan er afgeweken worden. Wat daarbij wel van belang is, is dat een andere invulling lokaal kan leiden tot effecten in andere gemeenten of op regionaal niveau.

Pagina 6 van 11

2. Met deze zienswijze is de raad in de positie om nogmaals richting te geven aan de inhoud van het IRP en komen U16 raden in najaar tot voortvarende besluitvorming. Met de concept zienswijze (bijlage 1) geven we als gemeente onze reactie op het IRP. Het behandelen van het IRP in de raad geeft u de mogelijkheid om het IRP op onderdelen die u belangrijk vindt, nog aan te vullen alvorens het definitieve IRP ter besluitvorming aan de U16 raden wordt voorgelegd (najaar 2020-2021). U kunt zelf opmerkingen meegeven over het IRP of de zienswijze amenderen. Hierdoor ontstaan enerzijds aanscherpingen op het perspectief en een duidelijker beeld over het politiek draagvlak voorafgaande aan het vaststellen van een gezamenlijk toekomstperspectief voor de U10. De zienswijzen van de U16 raden vormen de basis voor het definitief IRP. De gemeenteraden worden in het najaar van 2021 gevraagd met deze visie in te stemmen (consent). Hiermee bent u de komende maanden nogmaals in de gelegenheid om vanuit uw rol en positie bij te dragen aan een stevige basis voor besluitvorming in het najaar. 3. Met dit IRP staan de regiogemeenten voor elkaars opgaven. Gelet op het intensieve en zorgvuldige proces dat de 16 gemeenten met elkaar hebben doorlopen, heeft de regio met dit IRP een gedragen basis voor de regio. Wat in het IRP staat is de uitkomst van een gezamenlijk proces met de 16 gemeenten.

De regio vindt dit de beste manier om een plek te geven aan de regionale opgaven, voor het eigen grondgebied van de gemeente en voor de regio als geheel. Alle gemeenten staan voor de opgaven van alle gemeenten. Er is dus met het vaststellen van het IRP geen sprake van onderhandeling of meningsverschil tussen gemeenten, wel is sprake van uitwerking door de gemeenten in gebiedsuitwerkingen en projecten. Dit betekent ook het borgen van de integraliteit en samenhang van het IRP in de vervolgfase van het programmeren. 4. Met het IRP is de regio een sterke en betrouwbare gesprekspartner voor de andere overheden en stakeholders. De gemeenten versterken de samenwerking en onze positie richting andere partijen met dit IRP. Dat doet de regio door een stevig signaal af te geven dat de 16 gemeenten schouder aan schouder staan in de ambitie, de afwegingen en de aanpak om de regio (door) te ontwikkelen tot de ontmoetingsplek van gezond leven in een stedelijke regio voor iedereen. Dit IRP helpt om vanuit eigen ambities mee te sturen op de ambities en keuzes die provincie en Rijk moeten maken op de vijf genoemde thema’s. Voor de uitvoering van het IRP is samenwerking met andere bestuurslagen en stakeholders nodig. Het IRP vormt de basis voor het gesprek met deze andere lagen en belangenhouders.

Dit gaat bijvoorbeeld om investeringen voor landschap, water en mobiliteit vanuit Rijk of over het bereiken van overeenstemming over uitbreidingslocaties voor wonen en bedrijvigheid met de provincie. Gemeenten houden elkaar vast en treden met één gezicht op naar deze andere stakeholders. Omdat gemeenten voor elkaars opgaven staan kunnen zij eenduidig en sterker optreden naar andere bestuurslagen, zoals het Rijk en de Provincie. Daarbij is het belangrijk om consistent en eensgezind het IRP als basis te gebruiken voor het regionale verhaal. De U16 kan naar andere lagen (Provincie, Rijk en Europa) scherp en breed optreden namens de 16 gemeenten, waarbij gemeenten optreden vanuit de geest van gezamenlijkheid en zelf sturen op de ontwikkelrichting van de regio en de wijze waarop aan de opgaven invulling wordt gegeven.

Pagina 7 van 11

5. Met dit IRP spreken we als regio met elkaar af dat de gemeentelijke omgevingsvisies passen binnen dit integrale perspectief voor de regio en andersom. De rol van de U16 is er een van het horizontaal organiseren (tussen gemeenten) en niet verticaal (het opleggen van zaken). Het IRP heeft op zichzelf geen wettelijke juridische status (zoals een gemeentelijk of een provinciaal omgevingsplan). De uiteindelijke planologische verantwoordelijkheid ligt bij de gemeenten in de omgevingsvisies en omgevingsplannen. Het IRP vormt wel de gezamenlijke ontwikkelrichting van de 16 samenwerkende gemeenten, tot stand gekomen op basis van lokaal beleid en ambities en met regionale keuzes en integrale afwegingen. Het IRP is daarmee op haar beurt weer een belangrijke bouwsteen voor de gemeentelijke omgevingsvisies, maar ook voor onderhandelingen met provincie, rijk en andere stakeholders. Wanneer de raden van de U16 gemeenten het IRP vaststellen ontstaat er lokaal commitment op de integrale regionale opgave. Daarmee spreekt de U16 met elkaar af dat de gemeentelijke omgevingsvisies en beleid en programma’s zullen passen binnen dit integrale perspectief voor de regio en andersom. 6. Het IRP is een goede basis om te sturen op de realisatie van de gedeelde regionale doelen.

Het IRP een belangrijke schakel richting de uitvoering en biedt de basis voor de toekomst en brengt samenhang en volgorde in de lopende trajecten, gemaakte afspraken en transities. Het is de komende tijd zaak om elkaar als gemeenten in de regio vast te houden in dit proces. Samen komen U16 gemeenten verder dan alleen. Alleen samen kan de regio de ingezette koers realiseren en slagvaardig aan de slag in verschillende allianties. In de volgende fase maken de U16 gemeenten afspraken over de invulling en uitwerking van het ruimtelijk programma. KANTTEKENINGEN 1. Op een aantal punten vraagt het IRP om concretisering, zoals de uitwerking van de RES, opwek van duurzame energie, de zoeklocaties naar regionale bedrijventerreinen, de omgang en investeringen in de mobiliteitsmaatregelen en de concrete programmering van vitaliteit waarbij ook integrale afwegingen een rol spelen. Het perspectief is adaptief, wat betekent dat het niet in beton is gegoten en nog concreter wordt ingevuld en aangescherpt. In de vervolgfase, het programmeren worden deze onderdelen geconcretiseerd, integraal afgewogen en vertaald in een adaptief ontwikkelpad. 2. Het IRP is nog niet op alle punten op een gelijkwaardige manier beoordeeld. De beoordeling van het concept IRP laat in zijn algemeenheid een positief beeld zien en vraagt op onderdelen om nadere uitwerking en concretisering (zie bijlage 7).

Het is echter niet haalbaar op alle onderdelen uit het kader positief te scoren. Dit omdat het om de totaalscore gaat, omdat bepaalde opgaven nog niet ingevuld zijn (bijvoorbeeld energie) en omdat bepaalde aspecten nader uitgewerkt moeten worden in de volgende fase, waarin concrete uitwerkingen op programma, gebieds- of projectniveau plaatsvinden. Daar komt nog beter in beeld waar opgaven mogelijk botsen en welke slimme oplossingen daarvoor in beeld zijn. De onderdelen die op dit moment neutraal of negatief beoordeeld zijn vormen aandachtspunten, die worden opgepakt in fase 4. Daar vindt ook beoordeling plaats en worden nieuwe ontwikkelingen en afwegingen onderdeel van het perspectief middels een adaptief ontwikkelpad.

Pagina 8 van 11

3. Aan het IRP is nog geen realisatiestrategie gekoppeld. Op onderdelen, zoals de groen- en mobiliteitsopgave en de woningbouwopgave, is nog onvoldoende zicht op financiering. Terwijl de opgaven onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Regionaal en in deelgebieden wordt daar aan gewerkt in de vervolgfase. 4. Participatie heeft gedeeltelijk plaatsgevonden en dat kan de indruk wekken dat de inwoners van de U16 gemeenten weinig betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van het IRP. Het IRP is onder meer gebaseerd op lokaal beleid van de U16 gemeenten, waar eerder participatie over heeft plaatsgevonden. Daarnaast maakt de participatie met inwoners onderdeel uit van de lokale omgevingsvisies, die grotendeels nog moeten worden opgestart en waarbij de onderdelen uit het IRP gekoppeld worden aan de concrete lokale vraagstukken. Voor Zeist geldt dat de inbreng aan het ontwerpproces van het IRP gebaseerd is op de Propositie van Zeist. Daarover heeft lokale participatie plaatsgevonden. Bij de uitwerking van de Propositie vindt participatie plaats op basis van maatwerk (zie ook bij het kopje Participatie voor een verdere toelichting). In een bijeenkomst met regionale stakeholders is aangegeven dat er behoefte is om mee te willen denken met en werken aan de vervolgstap: de realisatie en de uitvoering van het IRP (zie bijlage 8). In de vervolgfase van het IRP wordt dit verder vormgegeven.

PARTICIPATIE Bij de participatie rond het IRP moet onderscheid gemaakt worden in een regionaal traject en lokaal traject. Vanuit het regionaal traject heeft het opgaveteam REP gesprekken geïnitieerd met regionale stakeholders over het IRP (zie bijlage 8) en is een tour langs de gemeenteraden georganiseerd. Hierbij zijn gemeenteraden die behoren tot een van de vijf deelgebieden gezamenlijk uitgenodigd om met elkaar in gesprek te gaan over het IRP en in het bijzonder over ‘hun’ deelgebied. Voor de raad van Zeist heeft deze bijeenkomst op 21 april 2021 plaatsgevonden, over het deelgebied Noordoostflank. Voor het lokale traject zijn de gemeenten zelf verantwoordelijk voor het betrekken van raad en samenleving bij het IRP. Participatie met de samenleving over het IRP vindt getrapt plaats, met als vertrekpunt de Propositie van Zeist. Bij de totstandkoming van de Propositie van Zeist in 2019 en 2020 zijn samenleving en raad betrokken geweest. Diverse ontwikkelkansen en onderzoeksrichtingen uit de Propositie zijn ingebracht in het ontwerpproces van het IRP. In een werkbijeenkomst met u en het college, dat plaatsvond in april 2021, is gesproken over een zienswijze op het IRP. U heeft vervolgens nog schriftelijk aandachtspunten aan ons meegegeven voor de zienswijze (zie bijlage 9). De concept zienswijze wordt met dit voorstel ter instemming aan u voorgelegd.

In dit besluitvormingstraject is het voor de samenleving mogelijk om via de ronde tafel bij u in te spreken. Voor de uitvoering van de Propositie van Zeist is een notitie “Procesdocument uitvoering Propositie” opgesteld en door ons vastgesteld (CV0404293). De notitie is van belang bij de verdere uitwerking en programmering van het IRP omdat deze beschrijft hoe de uitvoering van de Propositie gaat plaatsvinden. Participatie is daarbij maatwerk.

Pagina 9 van 11

TOELICHTING Financiën De zienswijze op het concept IRP heeft geen financiële consequenties.

Duurzaamheid Met de zienswijze wordt bijgedragen aan een duurzame en inclusieve samenleving in Zeist en in de regio

VERDERE PROCES Planning en uitvoering De zienswijzen van de U16 raden en input vanuit het participatieproces van de gemeenten worden in de komende zomermaanden door het opgaveteam REP verwerkt tot het definitieve IRP. Ook wordt het IRP verder geconcetiseerd en wordt de aanpak voor de vervogfase nader uitgewerkt, inclusief de daarvoor benodigde financiering. Het IRP wordt in september 2021 opgeleverd en ter besluitvorming aangeboden aan colleges en raden. Het verzoek aan u is om de besluitvorming van het IRP nog voor het jaareinde af te ronden in verband met de aankomende gemeenteraadsverkiezingen. Schematisch ziet dit er als volgt uit: 3 juni 2021 : Ronde tafel en debat concept zienswijze IRP 8 juli 2021 : Besluitvorming raad Juli-sep t 2021 : Verwerken zienswijzen raden door opgaveteam REP tot definitief IRP Sept-dec 2021 : Besluitvorming IRP door raden van de U16 gemeenten

Evaluatie Evaluatie vindt plaats door middel van de gefaseerde besluitvorming. BIJLAGEN -

Bijlage 1: Concept zienswijze Bijlage 2: Propositie van Zeist Bijlage 3: Concept IRP Bijlage 4: Overzicht reacties IRP informele consultatieronde colleges Bijlage 5: Overzicht beantwoording en verwerking van de moties-amendementen-reacties op de Contour Bijlage 6: Overzicht beantwoording en verwerking van de moties-amendementen-reacties op het Beoordelingskader Bijlage 7: Beoordeling concept IRP aangepast Beoordelingskader Bijlage 8: Stand van zaken en vooruitblik- Participatie IRP Bijlage 9: Aandachtspunten raad zienswijze IRP

Pagina 10 van 11

RAADSBESLUIT

Behoort bij raadsvoorstel Nr. 21RV042

De raad van de gemeente Zeist; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 25 mei 2021: BESLUIT: Inte stemmen met de concept zienswijze op het concept Integraal Ruimtelijk Perspectief.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 08 juii 2021. De raad voornoemd,

mr. J. Janssen, griffier

drs. J.J.L.M. Janssen, voorzitter

1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10281201/1