CConstaterende datZeewolde
Koppel je AI →
Document · PDF

20231012.10f Nota Sociaal Domein_toekomstverkenning

Oordeelsvormende avond 12 oktober 2023, gemeente ZeewoldeBij agendapunt: Conceptraadsvoorstel nota Sociaal Domein10.944 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Samen

doen wat nodig is

Toekomstverkenning Hoe ziet het dagelijks leven er in 2028 uit van een kwetsbaar persoon in de regio Ermelo | Harderwijk | Zeewolde, en wat betekent dat voor het sociaal domein van deze gemeenten

Strategische adviseur Sociaal Domein Virginia Schouten Hans Kraaijenhof 1 maart 2023

Onderzoeker Meerinzicht Roel Verhagen Nellie Manders

Inhoud 1.

Waarom een toekomstverkenning?

3

1.1

3

Afbakening: wat verstaan we onder het sociaal domein?

Trend 1 Stijgende kosten in het sociaal domein

3

Trend 2 Betaalbaarheid van het sociaal domein raakt in het geding

5

1.2

Het lukt een groep mensen steeds minder om mee te doen in de samenleving

2. De omgeving verkennen, een analyse van trends en ontwikkelingen in een veranderende wereld 2.1 2.2

5

6

Demografische ontwikkelingen in Nederland

6

Trend 3 Dubbele vergrijzing

6

Economische ontwikkelingen

7

Trend 4 Financiele problemen als gevolg van inflatie en energiecrisis

7

Trend 5 Personeelsgebrek

8

2.3

Trend 6 Tekort aan betaalbare huur- en koopwoningen

9

Sociaal-culturele ontwikkelingen

10

Trend 7 Toename van sociale en emotionele eenzaamheid

10

Trend 8 Verbubbeling door social media

10

Trend 9 Kansongelijkheid als gevolg van bestaansONzekerheid

10

Trend 10 Toename GGZ-problematiek

12

Trend 11 Toename aantal en complexiteit hulpvragen

12

2.4

Technologisch

14

2.5

Ecologisch

14

2.6

Politiek, juridische ontwikkelingen

14

Wat zijn de dominante krachten

15

3.1

Waarom deze ordening?

15

3.2

Impact-onzekerheid matrix

15

3.3

Uitleg dominante krachten

16

4.

Uitwerking van twee scenario’s

17

5.

Wat zijn de gevolgen voor de gemeenten EHZ

18

Bijlagen

19

Bijlage I

Demografische ontwikkelingen

20

Bijlage II

Sociaal-economische status

24

Bijlage III

Gezondheid

27

Bijlage IV

GGZ Regiobeeld Ermelo, Harderwijk en Zeewolde

30

Bijlage V

Aantal unieke clienten en kosten maatwerk

33

3.

Bronnen

2

34

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

1. Waarom een toekomstverkenning? Hoe ziet het dagelijks leven er in 2028 uit van een kwetsbaar persoon in de regio Ermelo, Harderwijk en Zeewolde? En wat betekent dit voor het sociaal domein van deze gemeenten? Deze vragen staat centraal in deze toekomstverkenning, die we willen gebruiken voor dat wat we in 2028 willen hebben bereikt. Deze verkenning vormt de basis voor de nota Sociaal Domein van de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Het beleid van morgen moet rekeninghouden met de toekomst. Maar omdat we de toekomst niet kennen, kunnen we die alleen verkennen. Met deze toekomstverkenning willen we pro-actief sturen op het sociaal domein, om toekomstige ontwikkelingen richting 2028 het hoofd te bieden. Dit past in de lijn van een toekomstbestendig sociaal domein. De toekomstverkenning biedt breed zicht op verschillende aspecten, zoals demografische gegevens, economisch inzicht en sociale context. Relevante data hebben we in deze verkenning geanalyseerd. We schetsen in deze verkenning twee tegenovergestelde scenario’s voor inwoners in onze gemeenten die zich in een kwetsbare positie bevinden. We noemen een inwoner kwetsbaar wanneer sprake is van ‘een opeenstapeling van lichamelijke, geestelijke of sociale problemen die een negatieve invloed hebben op het functioneren’. Kwetsbaarheid leidt sneller tot gezondheidsproblemen en beperkingen.

Kwetsbare inwoners zijn inwoners naar wie de meeste zorg en ondersteuning uitgaat. Als gemeente zijn verantwoordelijk voor onze kwetsbare inwoners. Als we niks doen, kan het negatieve scenario, zoals geschetst is in hoofdstuk 4, werkelijkheid worden. Deze scenario’s kunnen ons helpen tijdig de bakens te verzetten. Ze geven de Nota Sociaal Domein richting over waar we onze schaarse middelen en personele capaciteit in de toekomst op moeten inzetten. Daarom vragen wij ons af:

Hoe ziet het dagelijks leven er in 2028 uit van een kwetsbaar persoon, in de regio Ermelo | Harderwijk | Zeewolde en wat betekent dat voor het sociaal domein van deze gemeenten?

Dit dagelijks leven hebben we bekeken vanuit een aantal perspectieven: • vanuit het perspectief van iemand die zich in een kwetsbare positie bevindt; • vanuit een professionele zorgorganisatie en; • vanuit de gemeente.

1.1

Afbakening: wat verstaan we onder het sociaal domein?

Als eerste maken we de definitie van het sociaal domein concreet. Met het sociaal domein bedoelen we alles wat niet het fysieke domein is en verstaan we alle inspanningen die de gemeente verricht rond werk, participatie en zelfredzaamheid, zorg en jeugd. Dit omvat voornamelijk de belangrijkste wetten: Jeugdwet, Wmo, Participatiewet, Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Wet publieke gezondheid (Wpg) en flankerende beleidsterreinen zoals onderwijs, sport, cultuur, musea, bibliotheek, sociale wijkteams. Eerste inzichten – trends Trend 1 Stijgende kosten in het sociaal domein De kosten in het sociaal domein stijgen onder meer doordat het aantal cliënten dat gebruikmaakt van voorzieningen toeneemt (volume) en doordat de complexiteit van de zorgvraag leidt tot de inzet van duurdere zorgvormen. We constateren dat de kosten per voorziening per cliënt stijgen (zie pagina xx). Ook tarieven van aanbieders zullen stijgen, als gevolg van arbeidsmarkten economische ontwikkelingen.

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

3

Aan de hand van de gemeentelijke jaarrekening en jaarverslagen van Meerinzicht en de aangifte IV3 maken we deze trend in onderstaand schema inzichtelijk. In de jaarrekening van Meerinzicht (hier als voorbeeld 2018 en 2021) zien we welk deel van het budget naar het maatwerkdeel van het sociaal domein gaat en om hoeveel inwoners het gaat. We hebben de taakvelden genomen vanaf 4.3 onderwijsbeleid, 5.0 sport en cultuur (zonder 5.7 Openbaar Groen), 6.0 Sociaal domein en 7.1 Volksgezondheid. Onderwijshuisvesting is niet meegenomen, maar overig maatschappelijk vastgoed binnen de taakvelden sport en cultuur wel. Aan verdere verfijning - dus sociaal domein zonder maatschappelijk vastgoed - wordt gewerkt.

Tabel 1 Jaarrekeningen en jaarverslagen Bron: Iv3 en Meerinzicht Op basis van de jaarrekeningen zien we de uitgaven in het sociaal domein vanaf 2018 (zie tabel 1, sub a) jaarlijks stijgen. Wat opvalt is dat de kosten bij Ermelo en Harderwijk sneller zijn gestegen dan in Zeewolde. Wat betreft het maatwerkdeel (tabel 1, sub b) zijn de kosten van Harderwijk procentueel en absoluut enorm toegenomen. We zien dit beeld ook terug in het feit dat het percentage inwoners met een maatwerkvoorziening (tabel 1, sub c) met 1% van het inwoneraantal is gestegen. De stijging is te verklaren doordat niet alleen het aantal cliënten toeneemt, maar vooral ook de kosten per voorziening per cliënt (zie pagina xx). Het aantal jeugdigen tot 18 jaar dat een beroep doet op de jeugdhulp stijgt vanaf 2016. Kreeg twintig jaar geleden 1 op de 27 kinderen jeugdhulp, nu is dat 1 op 8 (Nederlands Jeugdinstituut, Van Yperen, Van de Maat, & Prakken, 2019). Dat is in de drie gemeenten niet anders. Het percentage jeugdigen gerelateerd aan het aantal inwoners tot 18 jaar dat gebruikmaakt van Jeugdhulp stijgt de afgelopen jaren het meest in Harderwijk (+ 2,8%). Ook in Zeewolde is een stijging te zien (+ 1,8) (tabel 1, sub d). De jeugdhulpcijfers van de drie gemeenten lopen parallel met de jaarlijks landelijk stijgende cijfers van Jeugdhulp.

Het aantal inwoners dat gebruikmaakt van Wmo-ondersteuning (tabel 1, sub e) blijft door de loop van de jaren redelijk gelijk. Het aantal uitkeringen van de gemeenten (tabel 1, sub f) laat geen uitschieters zien. Er is veel kritiek op de Participatiewet (SCP, Van Echtelt, et al., 2019). Enerzijds door de verminderde baankans voor mensen met een beperking, anderzijds door de verplichtingen die de Participatiewet de bijstandsgerechtigden oplegt. Bovendien loont werken nauwelijks door de ‘marginale druk’: dat wat iemand netto overhoudt van de brutoloonstijging. In bijlage IV is een specificatie opgenomen van het aantal cliënten, het aantal verstrekkingen, de totale lasten en de gemiddelde lasten per cliënt. Als deze trendlijn doorzet, zullen de uitgaven aan ondersteuning in het sociaal domein de komende jaren mogelijk stijgen. Aan de hand van de demografische gegevens verwachten we dat meer inwoners een aanspraak zullen doen op het voorzieningenniveau (zie paragraaf 2.1). De kosten van de voorzieningen stijgen als gevolg van eerdergenoemde arbeidsmarkten economische ontwikkelingen. Het Rijk heeft tot op heden substantieel niet meer rijksmiddelen aan gemeenten verstrekt. Hierdoor zullen gemeenten meer eigen middelen toevoegen aan de gemeentebegroting voor het sociaal domein. Het is verstandig als gemeenten scenario’s voorbereiden voor het ravijnjaar 2026.

4

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

Deze ontwikkeling heeft gevolgen voor de inwoners van Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Trend 2 Betaalbaarheid van het sociaal domein raakt in het geding De uitgaven in het sociaal domein stijgen. Als er geen ombuiging plaatsvindt (NDSD, 2020) betekent dit een verdubbeling van de kosten in 2040. De Rijksmiddelen en het accres gemeentefonds lijken niet toereikend bij de voorspelde groei van de uitgaven voor ondersteuning (Macroveranderingen en invloed op budget sociaal domein, 2020). Dat betekent dat gemeenten meer geld vanuit het accres moeten toedelen aan Jeugd en Wmo. De veranderingen van acht jaar decentraal beleid gaan moeizaam, terwijl de kosten van het maatwerk (de beschikkingen die Meerinzicht afgeeft) in vier jaar tijd bij Zeewolde 18% en bij Ermelo en Harderwijk ruim 30% zijn gestegen (zie tabel 1, sub b).

1.2

Het lukt een groep mensen steeds minder om mee te doen in de samenleving

In de SCP-rapportage ‘Sociaal domein op koers?’ (SCP, Kromhout, Van Echtelt, & Feijten, 2020) wordt vastgesteld dat de participatie van mensen met een (arbeids)beperking nog steeds achterloopt en dat de samenleving niet zorgzamer lijkt te zijn geworden. Bijna 10.000 inwoners (bijlage IV) doen een beroep op ondersteuning vanuit EHZ. Het gaat om kinderen die jeugdhulp nodig hebben, mensen zonder betaald werk en mensen met een fysieke of psychische beperking of verslavingsproblematiek. We zien een stijging van het aantal inwoners dat Wmo-begeleiding nodig heeft én jonger is dan 65 jaar (zie tabel 2). Dat sterkt ons vermoeden dat het een steeds groter wordende groep steeds minder goed lukt om zonder ondersteuning te functioneren. Maar de reden kan ook zijn dat onze norm om een maatwerkvoorziening te krijgen te laag is, of dat inwoners minder een beroep kunnen doen op hun omgeving.

Binnen EHZ zien we inwoners die jeugdhulp én Wmo-begeleiding ontvangen en volwassenen met Wmo-begeleiding en/of een bijstandsuitkering. Er is dan sprake van gestapelde zorg. Bij een deel van de mensen die ondersteuning van de gemeente nodig heeft, is mogelijk sprake van een psychische beperking.

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

5

2. De omgeving verkennen, een analyse van trends en ontwikkelingen in een veranderende wereld Om vanuit verschillende invalshoeken te onderzoeken welke macrokrachten de leefwereld van kwetsbare mensen ingrijpend kunnen veranderen en gevolgen hebben voor de gemeenten, maken we gebruik van het DESTEP1-model.

2.1

Demografische ontwikkelingen in Nederland

De bevolking groeit tot 2028 in Nederland naar verwachting naar 18,4 miljoen inwoners. Dit heeft te maken met een stijgende levensduur en toenemende migratiestromen. In 2040 is een kwart van de bevolking 65 jaar en ouder. De demografische ontwikkelingen hebben op meerdere manieren invloed op het sociaal domein. Namelijk met betrekking tot stijgende kosten, een beroep op voorzieningen, het verstrekken van uitkeringen, arbeidsmarktontwikkelingen en huisvestingsvraagstukken. Bijlage I bevat een nadere uitleg van de demografische ontwikkelingen. Trend 3 Dubbele vergrijzing De komende jaren verandert de regionale bevolkingssamenstelling, en daarmee ook de samenstelling van de huishoudens in Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Er is sprake van een dubbele vergrijzing: het aantal ouderen neemt fors toe én ze worden ook veel ouder. Als gevolg daarvan wordt een toename verwacht van het aantal ouderen met geheugenstoornissen zoals dementie, ziektebeelden als Parkinson, Multiple Sclerose en depressie. Ook eenzaamheid van ouderen neemt toe. Tegelijkertijd is er sprake van ontgroening: de afname van het aantal jongeren. Ook het aantal inwoners van middelbare leeftijd neemt af. Het potentieel van arbeid – in zorg, vrijwilligerswerk en mantelzorg – wordt daardoor kleiner. De vergrijzing en ontgroening gebeuren niet in alle drie de gemeenten gelijk.

De verschillen per gemeente worden in onderstaand schema uitgelicht. Hoe verandert de bevolkingssamenstelling (leeftijden, kinderen, huishoudsamenstellingen, emigratie/immigratie) de komende 6 jaar en verder? Onderwerp

Verwachte verandering

Inwoneraantal

Toename van het aantal inwoners met meer dan 10%

Huishoudens

Meer (jonge) gezinnen

x

Toename van het aantal eenpersoonshuishoudens

x

Toename van het aantal eenouderhuishoudens

x

Ouderen

Ermelo

x x

x

Afname van het aantal eenouderhuishoudens

x

Aantal huishoudens stijgt, met name paren zonder kinderen onder ouderen (>65) en in de leeftijdsgroep 25-45.

x

Daling van het aantal ‘jonge’ alleenstaanden en meer samenwoners.

x

Groter beroep op het zorgdomein door toename ouderen en oudere ouderen.

x

Toename van de vraag naar zorg door stijging aantal eenpersoonshuishoudens, met name onder ‘jongere ouderen’. Relatief meer ouderen hebben nog een partner.

Jongeren

Harderwijk Zeewolde

x x

x

Sterkere toename van ouderen met partner dan alleenstaande ouderen.

x

Sterke toename van het aantal inwoners met dementie, het meeste in Zeewolde.

x

Toename van het aantal jonge kinderen (<5 jaar) en jongeren (vanaf 15 jaar).

x

Afname van het aantal jeugdigen. Migratieachtergrond

1

x

Een groter aandeel mensen met een migratieachtergrond. Er is niet altijd aansluiting tussen het zorgaanbod en de behoefte van (een deel) van deze mensen.

x x

Demografisch, Economisch, Sociaal-cultureel, Technisch, Ecologisch, Politiek

6

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

2.2

Economische ontwikkelingen

Trend 4 Financiele problemen als gevolg van inflatie en energiecrisis De inflatie stijgt. Het CBS becijfert voor 2022 een inflatie van 14,5% en voor 2023 3,8%. Dit als gevolg van de energiecrisis (CBS, 2022). Door oplopende inflatie wordt geld minder waard. Dit heeft grote financiële gevolgen voor mensen met een minimuminkomen bij gelijkblijvende inkomsten. Eens een minima, altijd een minima? Het aandeel huishoudens dat langer dan vier jaar van een laag inkomen heeft en moet rondkomen van een inkomen tot 120% van het sociaal minimum is in de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde gestegen in de jaren 2014 tot 2020. Huishoudens die relatief kort (tussen één en vier jaar) een laag inkomen hebben, lukt het veelal beter weer een hoger inkomen te genereren. Met name deze groep wordt kleiner (Meerinzicht, 2022). Dit lijkt een bevestiging dat het voor huishoudens die langdurig een zeer laag inkomen hebben, moeilijk(er) is hun financiële positie te verbeteren.

Tabel 3 De stijging van het aandeel minimahuishoudens in vier jaar (bron: Meerinzicht)

De conjunctuur Landelijk zijn het aantal faillisementen, het consumentenvertrouwen en de werkloosheidcijfers uitzonderlijk laag ten opzichte van voorgaande jaren. Daarentegen is de consumptie uitzonderlijk hoog, maar dat kan het gevolg zijn van de hoge prijzen en niet van verhoogde aantallen (CBS, 2022c). Schaarste Grondstoffenschaarste (industrie, bouw, elektronica), hoge energie- en voedselprijzen (transformatie agrarische sector in Nederland) en een gebrek aan arbeidskrachten leiden tot een haperende economie. Werkgevers kunnen geen orders aannemen en schrijven niet in bij aanbestedingen (Arbeidsmarkt, 2022). Daarmee hebben de arbeidsmarktontwikkelingen grote invloed op het sociaal domein. De verhoging van de cao’s, als gevolg van de inflatie, zorgen voor hogere salarissen van het personeel en daarmee voor hogere tarieven van aanbieders.

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

7

Trend 5 Personeelsgebrek Schaarste in financiële middelen en capaciteit noodzaakt gemeenten om prioriteiten te stellen en beleidskeuzes te maken. Het personeelsgebrek is een rechtstreeks gevolg van de demografische ontwikkelingen. De personeelstekorten leiden in vele branches tot maatregelen: het openbaar vervoer rijdt minder, kinderen hebben geen juf voor de klas, winkels zijn minder dagen open. Een zorginfarct is een feit en leidt tot wachtlijsten en wachttijden. De krapte op de arbeidsmarkt doet zich voor bij zowel de publieke als de private sector en wordt gezien als voorlopig blijvend. Omdat, vanwege de ontgroening, er minder instroom is in het onderwijs, leidt dat tot een tekort aan (technisch) vakmanschap en overheidsgerelateerde beroepen: verplegers, docenten, politie. Zie hier tevens de relatie met ‘wonen’, trend 6. Kwetsbare hulpvragers voelen de gevolgen het meest. Zij hebben te maken met wachtlijsten voor ondersteuning bij jeugdhulp en Wmo. De inzet van arbeidsmigranten leidt nog niet tot het gewenste resultaat, namelijk dat het huidige personeelsgebrek in de zorg wordt opgelost (Ministerie van Justitie en Veiligheid, 2022). Lokale arbeidsmarkt De arbeidsmarkt in de EHZ-gemeenten bestaat met name uit MKB-bedrijven. De grote werkgevers zijn voor een belangrijk deel (semi-)publieke instanties (gemeenten, St Jansdal, onderwijs, zorg).

De kans op massaontslagen is daarmee klein. De totale uitstroom uit de lokale bijstand daalt jaarlijks. Van de uitstroom die plaatsvindt, is de uitstroom ‘naar werk’ lager dan landelijk. Dit is een indicatie dat de doelgroep heel moeilijk bemiddelbaar is. Dit is in 2022 al gesignaleerd in de Trendrapportage van Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Een groeiende tweedeling in de arbeidsmarkt Met de afname van de kwantiteit van werkzoekenden in de bijstand, neemt ook de kwaliteit af. Deze werkzoekenden kunnen niet meer voldoen aan de verwachtingen van de samenleving. Dit versterkt al bestaande psychische problematiek. De huidige werkzoekenden hebben daardoor vaker begeleiding nodig als gevolg van psychische problematiek. Dit leidt tot hoge begeleidingskosten voor werkgevers en minder toegevoegde waarde in combinatie met hogere cao zonder hogere arbeidsproductiviteit (van Eijndhoven, 2022). Hierdoor wordt het voor werkgevers onaantrekkelijk deze werknemers in vaste dienst te nemen. Werkgevers worden onvoldoende ondersteund in het begeleiden van kwetsbare werknemers. De Nederlandse wet- en regelgeving (WAB, transitievergoeding, ontslagbescherming) is er de oorzaak van dat werkgevers in Nederland flexibele arbeidscontracten aan deze doelgroep aanbieden (Commissie Regulering van Werk, 2020). In Q3 2022 waren er 2,7 miljoen werknemers met een flexibel arbeidscontract (CBS, 2022b).

8

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

Werkgevers bieden hoger opgeleiden vaste contracten aan om ze langer vast te houden. Een andere doelgroep zijn de kwetsbare werkenden. Zij lopen aan tegen onzekerheid op de arbeidsmarkt, doordat zij niet in aanmerking komen voor vaste contracten. Werkgevers bieden hun, vanwege de financiële risico’s van aanpalende wetgeving, alleen flexcontracten aan, terwijl juist deze groep vaak wat minder flexibel is. Er ontstaat een tweedeling in de arbeidsmarkt van lager opgeleiden die vaker tijdelijke banen hebben en daardoor structureel financiële onzekerheid geraken. De onzekerheid werkt breed door in werk, inkomen, woning, scholing. En dus in hoe het leven verloopt (Commissie Regulering van Werk, 2020). Een leven lang leren, flexibel zijn én voor je ouders zorgen Werken betekent de komende jaren vooral een leven lang leren. De jongeren van nu zullen in hun arbeidzame leven verschillende beroepen uitoefenen. Aan de ene kant zullen zij hun kennis en ervaring verrijken. Aan de andere kant: juist door de flexibiliteit die nodig is voor ‘een leven lang leren’, is dit voor veel praktisch opgeleide mensen lastiger. Immers, zij zijn cognitief minder in staat om te leren. Vanwege de vergrijzing moeten mensen naast hun werk ook zorgen en leren zien te combineren om flexibel te blijven op de arbeidsmarkt. Dit werkt mogelijke psychische overbelasting in de hand.

Trend 6 Tekort aan betaalbare huur- en koopwoningen Het gebrek aan woningen gecombineerd met lage rente drijft de prijs van koopwoningen op. Mensen stromen niet meer door naar geschikte woningen en veel ouderen blijven in hun eengezinswoning. Het overgrote deel van de zorgvragers in de toekomst zal in een bestaande woning wonen die niet per se aangepast of toegankelijk is. Dit heeft gevolgen voor het bieden van zorg. De demografische ontwikkelingen leiden tot meer eenpersoonshuishoudens. De schaarste aan betaalbare huurwoningen heeft gevolgen voor werknemers die geen huisvesting meer in de buurt kunnen krijgen van het werk. Met name bij laagopgeleide werknemers waarbij mobiliteit een kostenpost is, is werken nauwelijks lonend en neemt de bereidheid af om te reizen voor hun werk. Het gebrek aan doorstroming op de woningmarkt heeft, zeker waar het gaat om sociale huurwoningen, gevolgen voor de uitstroom vanuit: • het ziekenhuis naar revalidatiecentrum en weer terug naar huis; • een intramurale instelling naar beschermd of begeleid wonen; • de crisisopvang. Ook jongeren ervaren een gebrek aan geschikte en betaalbare jongerenhuisvesting. (Movisie, 2018). Voor ouderen wordt het steeds moeilijker om te verhuizen van een eengezinswoning naar een kleinere ouderenwoning (Perrée, 2022).

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

9

2.3

Sociaal-culturele ontwikkelingen

Het Nederlandse schoolsysteem sluit onvoldoende of niet aan bij de behoeften van kwetsbare leerlingen. ‘Het huidige onderwijssysteem is echt failliet’, kopt de Radboud Universiteit (Bransen, 2019). Bransen stelt dat er geen sprake meer is van een fase van leren en een fase van leven, zoals het huidige onderwijssysteem nu is ingericht. Leren en leven doe je tegelijkertijd, je hele leven lang. Het leerstofjaarklassensysteem is ingericht op de gemiddelde leerling. De verschillen tussen de leerlingen zijn te groot om nog werkbaar te zijn, wil je echt passend onderwijs voor elke leerling aanbieden (Karels, 2019). In het rapport ‘Evaluatie passend onderwijs’ kan niet worden vastgesteld of de geboden hulp op maat is (Kohnstamm Instituut, Ledoux, & Waslander, 2020). Ondanks passend onderwijs vermindert het aantal ‘thuiszitters’ niet (Evaluatie Passend Onderwijs, 2021). De SER concludeert in zijn rapport in 2019 dat 2,5 miljoen mensen moeite hebben met taal, rekenen en digitale vaardigheden (Sociaal Economische Raad, 2019). Ongeveer 31% van de laaggeletterden heeft een licht verstandelijke beperking – LVB (Reichrath, 2018). Laaggeletterdheid wordt gezien als oorzaak van schulden, slechte gezondheid of armoede (Hogendorp, 2016).

Trend 7 Toename van sociale en emotionele eenzaamheid We leven minder in vaste groepen (zoals sportverenigingen, het kerkelijk leven) maar meer in netwerken die voor dat moment van belang zijn. Daarbij spelen sociale media een versterkende rol (Beugelsdijk, 2021). Terwijl de connectiviteit tussen mensen daardoor lijkt toe te nemen, lijkt er ook sprake te zijn van afname van meer diepgaand contact en relaties. Sociale netwerken worden onder invloed van social media minder divers en de afstand tussen mensen uit verschillende netwerken wordt groter. Trend 8 Verbubbeling door social media Volgens de studie van Van Lindenberg ‘Individualisering in Nederland en West-Europa’ (Van Lindenberg, 2008) neemt individualisering sterk toe, onder invloed van toenemende welvaart, mobiliteit, opleidingsniveau en technologie. Caren Frentz kan in haar studie de correlatie tussen individualisering en afnemende sociale cohesie moeilijk aantonen. Wel geeft ze aan dat de trend van de-institutionalisering nog steeds de meest zichtbare is. Zij stelt dat individualisering onderdeel is van een moderniseringsproces, kortom, bij de veranderende wereld hoort (Nederlands Instituut voor Fysieke Veiligheid & Frentz, 2008). De individualisering wordt daarmee toegeschreven aan de toenemende welvaart.

Als gevolg van de de-institutionalisering treffen hoger en lager opgeleiden elkaar steeds minder, ook niet in andere sociale verbanden (Boersma, 2015). Door het groeien van tegenstellingen in de samenleving ontstaan andere sociale verbanden zoals zogenaamde bubbels’ van mensen die gescheiden van elkaar leven. Dit zijn websites waarbij mensen gelijkgestemden ontmoeten. De mensen die deze ‘bubbels’ vormen, hebben een vergelijkbare levenskwaliteit en maatschappelijke positie, en delen eenzelfde wereldbeeld en de belangen die daaruit voortvloeien (De Jong, 2020; NIPV, 2022). Individualisering in combinatie met de algoritmen van social media ‘bubbles’ kunnen zorgen voor vergaande polarisatie binnen de inwoners van onze gemeenten. Trend 9 Kansongelijkheid als gevolg van bestaansONzekerheid De pijnlijke realiteit van zelfredzaamheid is dat inwoners minder meedoen in de samenleving. Door de economische ongelijkheid en de tweedeling op de arbeidsmarkt lukt het mensen steeds minder om ‘mee te doen’ in de maatschappij. Dit werd voor het eerst duidelijk in het WRR-rapport ‘Weten is nog geen doen’ (WRR, 2017). In dit rapport staat dat naast het ‘denkvermogen’ van mensen het ‘doenvermogen’ minstens zo belangrijk is om te kunnen voldoen aan de hoge eisen van de zogenaamde participatiesamenleving.

De overheid verwacht van inwoners dat ze zelfredzaam zijn op het gebied van gezondheid, persoonlijke financiën en de arbeidsmarkt.

‘Het huidige onderwijssysteem is echt failliet’

10

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

De realiteit van zelfredzaamheid wordt uiteengezet in de SCP-rapportage ‘Sociaal Domein op koers?’ (SCP, Kromhout, Van Echtelt, & Feijten, 2020). In een complexe en veeleisende samenleving waarin mensen zelf de regie over hun leven moeten voeren, zullen sommigen beter kunnen meekomen dan anderen. Mensen met een goede fysieke en mentale veerkracht, een goed adaptief leervermogen en veel sociaal, cultureel en economisch kapitaal zullen beter kunnen inspelen op de veranderende samenleving (Van den Broek et al., 2016). Dit is ook het onderscheid tussen de mogelijkheid om wel of niet mee te kunnen komen in de snel veranderende wereld (SCP, De toekomst tegemoet). Het SCP constateert dat armoede niet alleen een kwestie is van financieel niet kunnen rondkomen, maar dat armoede ook leidt tot gezondheidsproblemen en/of sociaal isolement (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, 2022). Deze kloof is lokaal ook zichtbaar geworden tijdens de interviews voor de Impactanalyse (Meerinzicht, 2021). Daaruit bleek dat er inwoners zijn die niet weten waar ze kunnen aankloppen voor hulp. Denk aan alleenstaande ouderen zonder netwerk, mensen met psychische problematiek en mensen met een beperking. Ook is er een groep die pas om hulp vraagt als het probleem te ver gevorderd is en een drempel ervaart om hulp te vragen, met name mensen met psychiatrische problematiek.

In Ermelo, Harderwijk en Zeewolde zijn er inwoners, vaak de meest kwetsbaren, die hun problemen niet als zodanig ervaren, deze niet signaleren, moeilijk een hulpvraag stellen en/of negatieve ervaringen met of verwachtingen van hulpverlening hebben. In een open brief van 16 februari 2023 roepen de artsenfederatie KNMG en ruim zeventig zorgorganisaties, zoals ziekenhuizen en GGD’s, de regering om de bestaanszekerheid te verbeteren, omdat dit volgens hen een belangrijke sleutel tot de oplossing is. (Zorgbestuurders, hoogleraren en prominenten aan kabinet: “Alles op alles om te voorkomen dat mensen ziek worden door armoede”, 2023)

Terugkeer van de zogenaamde Vogelaarwijken Door het huidige huisvestingsbeleid (onder meer door extramuralisatie van zorg) blijft de instroom van kwetsbare mensen (laag inkomen, psychische problematiek, licht verstandelijke beperking, statushouders) groeien in corporatiewoningen. Steeds meer mensen met sociaal-maatschappelijke problemen wonen samen in dezelfde wijk en het aantal kwetsbare personen in de wijk neemt toe. De zorg en ondersteuning voor deze mensen schiet tekort door gebrek aan geld en personeel (Aedes, 2020). Door de concentratie van lage huur lijkt in Ermelo-West en een aantal wijken in Harderwijk (Stadsdennen, Frankrijk, Stromenwaard, Tinnegieter/Tweelingstad) een concentratie te zijn van woonproblemen en ontstaan kwetsbare ‘buurtjes’. In de buurten Tinnegieter, Drift, De Wittenhagen-Zuid en Hanzewaard in Harderwijk is sprake van lage sociale economisch status (SES), beoordeeld op welvaart-, opleiding- en arbeidsverleden. Ook in Stadsdennen en Stromenwaard is de SES relatief laag.

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

11

In het kader van het onderzoek Microbuurten (Verhagen, 2022) benoemden betrokkenen in het wijkwerk dat er knelpunten in een wijk ontstaan als er meer ‘vragers’ (kwetsbare inwoners die ondersteuning nodig hebben) dan ‘dragers’ (inwoners die bijdragen of kunnen bijdragen in zelforganisatie en onderlinge ondersteuning) zijn. In Ermelo zijn niet per se buurten met een lage ‘SES’. Onderzoekers van Platform 31 (2020) benoemen in hun onderzoek ‘Wijk in zicht’ dat overheden hoge verwachtingen koesterden van het initiatief van bewoners, ingegeven door door termen als ‘participatiesamenleving’ en ‘eigen kracht’, maar dat dit in de praktijk niet realistisch is. Zelforganisatie gaat niet vanzelf, maar vergt veel tijd, energie en betrokkenheid van diezelfde overheid. De invloed van het geloof en het belang van de kerk is groot voor veel inwoners van Ermelo en Harderwijk. Vanuit de diaconale zorg worden regelmatig kwetsbare gemeenteleden en niet-leden ondersteund. Trend 10 Toename GGZ-problematiek Kwetsbare inwoners hebben een verhoogd risico op GGZ-problematiek. Als gevolg van extramuralisering van de GGZ door het overheidsbeleid is het aantal personen met psychische problematiek de afgelopen jaren toegenomen (Trimbos, 2022). Er is een sterke stijging van GGZ-problematiek tussen de jaren 2019 - 2022, met name in de leeftijdsgroep tot 35 jaar.

36% van de inwoners tot 35 jaar had in de periode 2019 - 2022 enige psychische aandoening ten opzichte van 22% in 2007 - 2009. Van de werklozen en arbeidsongeschikten had in 2019 - 2022 bijna de helft (48%) enige psychische aandoening (bron: Trimbosinstituut, Utrecht, 2022). De specifieke cijfers GGZ voor Ermelo, Harderwijk en Zeewolde staan in bijlage IV. Het aantal overlastregistraties door personen met onbegrepen gedrag stijgt de laatste jaren landelijk en lokaal. Overlast gevende LVB’ers, en mensen met psychische of verslavingsproblematiek vergen een andere benadering, een andere aanpak. Daar waar eerder repressie een middel was om overlast tegen te gaan, lijkt zorg een meer passende interventie.

Tabel 3 Incidenten met verwarde personen, bron: dataportaal Politie, waarstaatjegemeente.nl

Trend 11 Toename aantal en complexiteit hulpvragen Voor inwoners wordt het steeds normaler om hulp te vragen. Mensen gaan daarbij uit van het aanbod dat er is (Positief denken, Elke Geraerts, 2022). Hulp krijgen hoort in toenemende mate ‘gewoon’ bij het leven. Inwoners gedragen zich steeds meer als zorgconsument (NRC, 2022). Ze vragen om professionele hulp en maatwerkvoorzieningen, terwijl het zorginfarct juist vraagt om minder zorg leveren en vooral om zinnige zorg (VWS, 2021). In Zeewolde is een beroep op een eigen netwerk vaak minder mogelijk en zijn er minder algemene voorzieningen waarop inwoners een beroep kunnen doen.

12

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

Gezondheid Ermelo kent een hoog aandeel van inwoners die hun gezondheid als goed of zeer goed ervaren. Dat is opvallend, gezien de aanwezigheid van meer gezondheidsproblematiek in Ermelo. Zo kent Ermelo een hoog aandeel inwoners dat minimaal één chronische aandoening heeft. Een relatief laag aandeel van de inwoners voelt zich matig tot ernstig eenzaam en de correlatie tussen gezondheid en welbevinden en eenzaamheid is aangetoond (WRR, 2021).

Toekomstverkenning gezondheid Aandeel inwoners dat gezondheid als goed of zeer goed ervaart

Het aantal inwoners in Harderwijk dat zijn of haar gezondheid als goed of zeer goed ervaart, neemt af. Op onderdelen op het gebied van ervaren gezondheid ‘scoort’ Harderwijk vrij gemiddeld. Het RIVM verwacht dat er in Harderwijk de komende periode een grotere afname plaatsvindt dan gemiddeld in Nederland van de ervaren gezondheid. In Zeewolde ervaren inwoners goede gezondheid en een hoge mate van eigen regie. Er lijkt in Zeewolde de komende periode nog relatief weinig gezondheidsproblematiek te zijn, in vergelijking met vergelijkingsgebieden. In 2030 zijn in Zeewolde nog relatief weinig inwoners met een chronische aandoening. Wel is te zien dat de prevalentie van bepaalde gezondheidsproblemen, zoals dementie, deze periode sterker zal toenemen dan gemiddeld in Nederland. Dit zal ook op de langere termijn sterker toenemen.

Toekomstverkenning gezondheid Aandeel inwoners met overgewicht (BMI boven 25)

Overgewicht In alledrie de gemeenten heeft in 2030 meer dan de helft van de inwoners overgewicht: een BMI hoger dan 25. In Harderwijk en Zeewolde blijft dit wel lager dan gemiddeld in Nederland.

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

13

2.4 Technologisch

Doordat de overheid en media nog onvoldoende begrip hebben van technieken en tactieken, zal ‘infodemie’ (overvloedige hoeveelheid informatie over een bepaald onderwerp die vaak niet helemaal waar is) nog rijkelijk vloeien (Financieel Dagblad & Kanis, 2021). De invloed van social media op deze makkelijk beïnvloedbare doelgroep is groot, door de bubble waar de algoritmen ze intrekt (Zondagmetlubach, 2020). Robotica als opmaat naar artificial intelligence De bediening van de techniek wordt steeds ingewikkelder voor laaggeschoolde mensen. En door robotisering is er steeds minder laaggeschoold nodig, waardoor de arbeidskansen van laaggeschoolde kwetsbare inwoners afneemt. De komst van robotica kan werk lichter en makkelijker maken. Cobots zijn collaboratieve robots die repetitieve en inspannende taken uitvoeren en samenwerken met een mens. De zorg/begeleiding wordt steeds meer overgenomen door robots en artificial intelligence (AI). Dit doordat sensoren, kwalitatieve data en zelflerende algoritmen de zelfstandigheid van mensen met een beperking vergroten en begeleiders ontzorgen. De paradox is dat AI kwetsbare mensen kan helpen in hun zelfstandigheid, maar dat er risico’s zijn op ongelijkheid, ongelijke behandeling en inbreuk op vrijheid van mensen en vaak juist de kwetsbare groepen.

Dit door het trekken van de verkeerde conclusies op basis van toenemende data en analyses (NIPV, 2022).

2.5 Ecologisch

Energielasten zijn een groot deel van de woonlasten. Onderzoeken naar ‘duurzaam gedrag’ wijst uit dat opleidingsniveau, leeftijd en religie effect hebben op dit gedrag. Afkomst en sociaal-economische status bepalen of iemand de financiële keuze heeft om duurzaam te leven (One World, 2019). Duurzaamheidsmaatregelen – zoals subsidies aanvragen en technologische innovaties, isoleren, elektrische auto’s of van-het- gas-af – zijn daardoor voor veel niet-kwetsbare inwoners al beperkt toegankelijk. Kwetsbare inwoners die bezig zijn met maandelijks financieel overleven hebben daardoor geen ruimte om klimaatmaatregelen te nemen. Om gezond te leven is kunnen, willen en mogen nodig. Dat wil zeggen dat de inwoner competenties moet hebben om kennis te hebben over voeding, voedseletiketten en reclames te kunnen interpreteren en weerstand te kunnen bieden aan verleidingen. Een kwetsbaar gezin met kinderen kiest vaker voor ongezond eten, simpelweg omdat dat goedkoper is en de kinderen niet zeuren over het eten. Er wordt geen eten weggegooid en de kinderen gaan niet met honger naar bed (Gezond leven, 2022).

2.6 Politiek, juridische ontwikkelingen

Door de vele partijen is het lokale politieke landschap versnipperd. Dat zegt iets over wantrouwen richting de landelijke politiek en de afstand tot de landelijke politiek. Maar het zegt ook iets over de kracht van lokale partijen, hun vermogen om de afgelopen jaren redelijk succesvol mee te besturen en over de vooral lokale thema’s waarop de kiezers hun stem hebben gebaseerd (Trouw, 2022). Dat kan een positieve ontwikkeling zijn voor de lokale kwetsbare inwoners, omdat lokale partijen meer oog hebben voor de lokale situatie en daarmee de afstand tussen de politiek en de inwoners afneemt.

14

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

3. Wat zijn de dominante krachten 3.1

Waarom deze ordening?

3.2

Impact-onzekerheid matrix

Kwetsbare mensen hebben slechts drie wensen: 1. ze willen werk hebben dat bij ze past; 2. ze willen net zo zijn als iemand die niet kwetsbaar is; 3. ze willen net zo behandeld worden als iemand die niet kwetsbaar is. Op basis van de onderzochte trends en ontwikkelingen hebben we gekeken welke van de trends de meeste impact hebben op het leven van een kwetsbare inwoner en welke trends het meest onzeker zijn. En ook al maakt de financiële positie van de gemeente of het gebrek aan capaciteit kwetsbare inwoners niets uit, hij of zij ondervindt er wel de gevolgen van. De kernonzekerheden zijn de factoren waarop we nauwelijks of geen invloed hebben en die tegelijkertijd bepalend zijn voor het dagelijks leven van een kwetsbare inwoner in 2028.

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

15

3.3

Uitleg dominante krachten

De kosten in het sociaal domein stijgen (T1). Dat komt doordat het aantal cliënten dat gebruikmaakt van voorzieningen toeneemt en doordat de complexiteit van de zorgvraag leidt tot de inzet van duurdere zorgvormen. De Rijksmiddelen en het accres gemeentefonds lijken niet toereikend bij de voorspelde groei van de uitgaven voor ondersteuning. Dat betekent dat gemeenten meer geld vanuit het accres moeten toedelen aan Jeugd en Wmo (T2). Tegelijkertijd laten de demografische gegevens zien dat er sprake is van dubbele vergrijzing. Met ‘dubbele vergrijzing’ wordt bedoeld dat het aantal ouderen fors toeneemt én ze ook veel ouder worden. Ook het aantal inwoners van middelbare leeftijd neemt af. Het potentieel van arbeid, in zorg, vrijwilligerswerk en mantelzorg wordt kleiner (T3). Het gevolg is personeelsgebrek (T5). Het personeelsgebrek wordt het meest gevoeld door kwetsbare hulpvragers die te maken hebben met wachtlijsten voor ondersteuning voor Jeugdhulp, Wmo en GGZ. De inflatie is hoog (T4) en bij gelijkblijvende inkomsten hebben de energiecrisis en de grondstoffenschaarste grote financiele gevolgen voor mensen met een minimuminkomen. De schaarste aan betaalbare huurwoningen heeft gevolgen voor werknemers die geen huisvesting meer kunnen krijgen in de buurt van het werk.

Ook heeft het gevolgen voor de doorstroming vanuit intramuraal naar thuis, zoals dat het geval is bij de doordecentralisatie van Beschermd Wonen (T6). Er lijkt een toename te zijn van emotionele en sociale eenzaamheid, als gevolg van een afname van meer diepgaand contact en verbinding (T7). Hoger en lager opgeleiden ontmoeten elkaar niet meer, ook niet in andere verbanden. Door het groeien van tegenstellingen ontstaan ‘bubbels’ van mensen die gescheiden van elkaar leven (T8). Deze complexe en veeleisende samenleving vraagt om competenties om zelf de regie over het leven te voeren. Denk aan goede fysieke en mentale veerkracht, een goed adaptief leervermogen en veel sociaal, cultureel en economisch kapitaal. Dit is ook het onderscheid tussen de mogelijkheid om wel of niet mee te kunnen komen in de snel veranderende wereld en voedt de kansongelijkheid en bestaansonzekerheid (T9). De toenemende armoede leidt ook tot gezondheidsproblemen en/of sociaal isolement. Daarbij hebben kwetsbare inwoners een verhoogd risico op het vertonen van onbegrepen gedrag (T10). Het aantal personen met psychische problematiek is de afgelopen jaren toegenomen. Dit is een gevolg van extramuralisering van de GGZ door het overheidsbeleid is. Het is voor inwoners steeds normaler om hulp te vragen. Dit leidt tot een toename van het aantal en meer complexe hulpvragen (T11).

Niet alle trends en ontwikkelingen zijn onzeker, maar ze bijna allemaal hebben een hoge impact op het leven van kwetsbare inwoners. Als het ons als gemeente lukt om één of meer trends te beinvloeden, kan dat positieve invloed hebben op de andere onzekerheden. De mate van onzekerheid of het aantal GGZ-cliënten in het Sociaal Domein blijft toenemen. En mate van onzekerheid over bestaansonzekerheid heeft voor de EHZ-gemeenten gevolgen: • Een lage mate van bestaanszekerheid én een hoge mate van GGZ-problematiek binnen sociaal domein betekent dat er niet of nauwelijks perspectief is voor kwetsbare inwoners; • Een hoge mate van bestaanszekerheid én een lage mate van GGZ-problematiek binnen het sociaal domein betekent dat er veel perspectief is en kwetsbare inwoners meer kunnen meedoen. Voor deze toekomstverkenning werken we scenario A en D uit.

‘Als het ons als gemeente lukt om één of meer trends te beinvloeden, kan dat positieve invloed hebben op de andere onzekerheden.’

16

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

4. Uitwerking van twee scenario’s Hoe ziet het dagelijks leven er in 2028 uit van een kwetsbare inwoner, in de regio Ermelo, Harderwijk en Zeewolde? En wat betekent het voor het sociaal domein van deze gemeenten als scenario A waarheid wordt, waarin er niet of nauwelijks perspectief is voor kwetsbare inwoners, door een lage mate van bestaanszekerheid én een hoge mate van GGZ-problematiek binnen het sociaal domein:

Scenario A 14 september 2028 Geen perspectief Ik ben Frank, 43 jaar. Ik ben net wakker, maar ik voel geen reden om op te staan. Eigenlijk moeten onze drie kinderen naar de school, maar ik kan ze niet brengen. Ze blijven deze week maar thuis. Ik voel me zo’n slechte vader en mijn lijf doet zeer. Het voedselpakket van de voedselbank is al op en we moeten nog drie dagen voordat we een nieuw pakket kunnen halen. De kleine woning waar we nu zitten met onze drie kinderen is nauwelijks verwarmd. We zitten constant in de kou en mijn reumatische klachten verergeren. Bij Carolien, onze oudste dochter van 6, is astma geconstateerd, na lang wachten op een arts. Haar benauwdheid wordt steeds erger door het vocht in huis. Dat vocht kwam toen we ons huis haden dichtgeplakt met isolatie. We willen graag naar een andere woning, want dit is geen doen. Maar de digitale app ‘huizenzoeker’ vraagt inschrijfgeld en van de buren heb ik gehoord dat ze nooit meer iets gehoord hebben. De constante stress over de geldzorgen, mijn reuma en zorgen over de kinderen maakte mijn vrouw stil en teruggetrokken. Soms schreeuwt ze naar mij of de kinderen en daarna gaat ze huilen. Ik weet niet wat er met haar is. De arts van Carolien heeft jeugdzorg gebeld, omdat zij vindt dat de kinderen een achterstand hebben. Jeugdzorg zegt dat Carolien in aanmerking komt voor een traject, maar de wachtlijst is 2 jaar.

We vallen van het ene probleem in het andere. Mijn ouders wonen niet in de buurt, zij kunnen ons niet helpen. Gelukkig heeft een mevrouw van de kerk financiële hulp geboden om de achterstallige huur en de apotheek te betalen, want de medicijnen voor mijn reuma worden niet meer vergoed door de zorgverzekering. Het is zo uitzichtloos allemaal.

Scenario D

Hoe ziet het dagelijks leven er in 2028 uit van een kwetsbare inwoner, in de regio Ermelo, Harderwijk en Zeewolde? En wat betekent dat voor het sociaal domein van deze gemeenten als scenario D waarheid wordt, waardoor er veel perspectief is en kwetsbare inwoners meer mee kunnen doen door een hoge mate van bestaanszekerheid én een lage mate van GGZproblematiek binnen het sociaal domein. 14 september 2028 Veel perspectief en meedoen Ik ben Frank, 43 jaar. Ik maak onze drie kinderen wakker zodat ze straks naar school kunnen. Mijn vrouw brengt ze zo weg met de grote fiets die ze heeft gekregen van het wijkteam. Ze is er zo gelukkig mee, want nu is ze onafhankelijk. Als ik mijn medicijnen tegen de pijn heb genomen, kan ik naar mijn werk. Daar leer ik MIG-lassen, het eerste certificaat heb ik al binnen. Vorige week heb ik de scharnieren van de koelceldeur van de voedselbank gerepareerd, ze waren zo blij. Er waren gelijk meer mensen die vroegen of ik ook wat bij hen thuis kon doen. De kleine woning waar we zitten, is een paar jaar geleden geisoleerd door een expert die gelijk de ventilatie op orde heeft gebracht. Dus het is gelukkig niet meer zo koud. De astma van Carolien werd zoveel minder dat ze kon stoppen met haar pufjes. We hebben het niet breed, maar er is voldoende geld om alle vaste lasten te betalen. Mijn vrouw is gevraagd als vrijwilliger bij het theater.

Ze straalt helemaal als ik zie hoe ze daar bezig is. Vanmiddag ga ik met de kinderen naar een voorstelling voor digitale experts. Zó slim, die kinderen van tegenwoordig. Carolien regelt nu al heel veel voor ons. De juf op school helpt haar hoe ze dat kan aanpakken. Sinds Carolien en haar broertjes weer sporten, is de kleur in hun gezichtjes teruggekomen. Heel af en toe gaan mijn vrouw en ik samen naar een toneelvoorstelling. Onze oude buurvrouw past dan op; zo lief. Ik ben echt trots op hoe we het met ons gezin doen!

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

17

5. Wat zijn de gevolgen voor de gemeenten EHZ De trends en ontwikkelingen geven richting aan hoe het dagelijks leven er in 2028 uitziet van een kwetsbare inwoner, in de regio Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Vanuit de scenario’s weten we wat het zou kunnen betekenen voor deze gemeenten. Bestaansonzekerheid en armoede worden in één adem genoemd. Het raakt de verschillende leefgebieden: sociaal-economische zekerheid, sociale inclusie, sociale cohesie en sociaal empowerment. Het gebrek hieraan heeft grote impact op de mentale gesteldheid van inwoners. Geen bestaanszekerheid betekent geen perspectief. Iemand zonder perspectief heeft het gevoel er niet toe te doen, heeft een laag gevoel van eigenwaarde en heeft nauwelijks veerkracht om uit die situatie te komen. Mensen zonder perspectief raken in een neerwaarste spiraal. Dit heeft consequenties voor: • Kansrijk Opgroeien. Door het niet kunnen doorbreken van intergenerationele armoede, het risico op sociaal emotionele en fysieke achterstanden. Kinderen kunnen niet meedoen met het normale sociale leven. Ook het kind staat naast de maatschappij; • Op weg naar samenredzaamheid. Minder makkelijk hulp kunnen vragen doordat mensen geen netwerken in de buurt hebben en geen hulp durven of willen aanvaarden; • (On)betaald werk. Het ontbreken van zingeving en het nodig-zijn, ertoe doen. • Zelfstandig thuis.

Zonder bestaanszekerheid is de kans op ‘zelfstandig’ thuis wonen nauwelijks mogelijk. • De Toegang. Door een groter beroep op ondersteuning door een stapeling van zorg. Nota Sociaal Domein In de Nota Sociaal Domein wordt een koers uitgezet om de gevolgen van de trends en ontwikkelingen voor onze kwetsbare inwoners tijdig bij te sturen. De nota richt zich op een duurzame strategische visie van het sociaal domein. Ze beschrijft de weg naar 2028 en welke doelen we willen behalen.

18

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

Bijlagen

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

19

Bijlage I

Demografische ontwikkelingen

Ermelo

Verwachting 1: groter beroep op het zorgdomein door toename ouderen en oudere ouderen In Ermelo is er al een relatief grote groep oudere inwoners, met name tot 75 jaar oud. Ook de leeftijdsgroep daarboven is, in verhouding met landelijke cijfers, bovengemiddeld groot in Ermelo (Figuur 1). De bevolkingstoename vindt vooral plaats in de groep boven 75 jaar oud; de komende 10 jaar zal het aantal inwoners boven de 85 bijna verdubbelen (van zo’n 800 tot ruim 1400 inwoners). De bevolking tussen de 65 en 75 oud zal de komende 10 jaar nog licht stijgen. Het is te verwachten dat door toename van de groep ouderen een (groter) beroep op zorg en ondersteuning zal worden gedaan; niet alleen in het gemeentelijke domein (Wmo), maar ook en wellicht nog meer in het zorgdomein (Zvw, Wlz). Uit eerdere analyses blijkt dat de instroom in Wmo met name plaatsvindt voordat inwoners 85 jaar oud worden. Het is dan ook te verwachten dat een deel van de inwoners die straks de groep ‘oudere ouderen’ vormen al bekend is bij de gemeente. En dat naast een toename in het aantal cliënten vooral rekening moet worden gehouden met een toenemende zorgvraag van huidige Wmo-gebruikers. Verwachting 2: meer (jonge) gezinnen in Ermelo In Ermelo is een lager aandeel 25-45 jarigen te zien, gelijktijdig met een lager aandeel inwoners onder de 10 jaar.

In combinatie met een groter aandeel inwoners boven de 45 jaar en inwoners in de leeftijdsgroep 15-25 jaar, kan dit erop duiden dat er de afgelopen periode een afname van jonge gezinnen is in Ermelo. In tegenstelling tot CBS-prognoses uit 2018, lijkt het erop dat er de komende 10 jaar een toename zal zijn van het aantal inwoners in de leeftijdsgroep 25 en 45 en een toename van het aantal paren (gehuwd of ongehuwd) met kinderen. We zien dan ook een geprognoticeerde toename van het aantal kinderen onder de 5 (terwijl het aantal jeugdigen tussen 4 en 15 jaar zal afnemen). In de leeftijdsgroep boven 50 is er een afname van aantal inwoners en het aantal huishoudens met kinderen. Op de langere termijn (2040) wordt de afname in de leeftijdsgroep 50-70 sterker.

Figuur 1 Bevolkingspiramide Ermelo (bron: CBS)

Verwachting 3: Toename van het aantal (en aandeel) eenpersoonshuishoudens en in beperkte mate ook van het aantal eenouderhuishoudens Volgens prognoses van ABF - opgesteld in 2022 - stijgt het totaal aantal particuliere huishoudens van 11.276 op 1 januari 2021 naar zo’n 12.000 in de komende 8 jaar. Het aandeel eenpersoonshuishoudens stijgt in deze periode van 34% tot 37% van het totaal aantal huishoudens. In absolute aantallen is er een stijging van 3835 tot ruim 4400 in 2030. Terwijl het aantal alleenstaande onder de 35 afneemt, neemt dit toe boven die leeftijd. Het aantal eenouderhuishoudens kent een lichte stijging, die stijging komt voort uit de de huishoudens waarin de ouder 55 jaar of ouder is. De stijging betreft daarom waarschijnlijk geen ouders met jonge kinderen.

20

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

Verwachting 4: Relatief meer ouderen hebben nog een partner Hoewel ook het aantal alleenstaanden in de groep vanaf 75 jaar toeneemt, neemt het aantal 75-plussers dat een paar vormt sterker toe. Het aantal alleenstaanden in deze leeftijdsgroep neemt de komende 8 jaar met 23% toe (en tot 2040 met 45%), terwijl het aantal paren (zonder kinderen) toeneemt met 39% (tot 2040 56%).

Harderwijk

Verwachting 1: Toename van het aantal inwoners met meer dan 10% De bevolkingsopbouw in Harderwijk (zie figuur 2) is gelijkmatiger dan in Ermelo en Zeewolde. De bevolkingsopbouw lijkt op de landelijke bevolkingsopbouw en blijft deze waarschijnlijk ook benaderen de aankomende periode. De verwachtingen voor de komende periode zullen dan ook vergelijkbaar zijn met landelijke verwachtingen. Wel kent Harderwijk een sterkere toename van het aantal inwoners volgens prognoses van ABF uit 2022; van 48.857 op 1 januari 2022 naar circa 54.500 in 2030. In de meeste leeftijdsgroepen is dan ook een toename in aantal inwoners te verwachten. Uitzonderingen zijn de leeftijdsgroep 5 tot 15 jaar, 50-54 (beide vermindering) en 20 tot 30 jaar (stabilisatie of zeer beperkte toename). Verwachting 2: Het beroep op het zorgdomein onder ouderen wordt groter Uit prognoses van het CBS uit 2018 (zie Trendrapportage Harderwijk 2020) en van ABF uit 2022 blijkt dat het aantal ouderen de komende jaren toeneemt. De groep 75 tot 85 jaar oud stijgt het hardst en neemt de komende 8 jaar toe met de helft (50%). De groep boven de 85 jaar oud neemt toe met 27%. Daarmee komt een toenemend aantal inwoners op een leeftijd dat ondersteuning vanuit de Wmo of zorg vanuit Zvw en Wlz nodig is.

Deze toename is zal deze periode nog niet zo groot zijn als in Ermelo te verwachten is, maar Ermelo zal de ‘piek’ eerder hebben bereikt dan Harderwijk. Met name na 2030 neemt de groep ‘oudere ouderen’ in Harderwijk sterk toe (zie onderstaande figuur).

Figuur 2 Bevolkingspiramide Harderwijk (Bron: CBS)

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

21

Verwachting 3: Toename aantal jonge kinderen (<5 jaar) en jongeren (vanaf 15 jaar) In absolute aantallen neemt de komende periode met name het aantal kinderen onder de 5 en jongeren van 15 tot 20 jaar oud toe. De leeftijdsgroepen daartussen en daarboven blijven stabiel. Echter, door de toename van het aantal inwoners worden jeugdigen de komende jaren toch een kleiner aandeel van de Harderwijkse bevolking. Verwachting 4: Toename vraag naar zorg door stijging aantal eenpersoonshuishoudens, met name onder ‘jongere ouderen’ In de Trendrapportage Harderwijk 2020 komt naar voren dat de komende 15 jaar de groei in het aantal huishoudens afneemt en het aandeel eenpersoonshuishoudens toeneemt. GGD verwacht een toename van eenpersoonshuishoudens en kleiner wordende huishoudens, dat er minder mantelzorgers zijn en dat de vraag naar zorg toeneemt.2 De ABF-prognoses uit 2022 bevestigen het beeld van de toename van eenpersoonshuishoudens. Met name in de leeftijdsgroep 55 tot 74 stijgt dit aantal aanzienlijk (33% in 2030 t.o.v. 2022), terwijl in dezelfde periode het aantal paren (zonder kinderen) in die leeftijdsgroep gelijk blijft. In de leeftijdsgroep daarboven (75+) kennen beide huishoudsamenstellingen een sterke toename. Dus ondanks dat een toenemend aantal ouderen een partner heeft, is er een groter aantal 75-plussers die geen beroep kunnen doen op een partner (in 2030 ruim 1550 t.o.v.

970 in 2021). Overigens daalt het aantal alleenstaanden onder de inwoners jonger dan 35. Verwachting 5: Toename eenouderhuishoudens Het aantal eenouderhuishoudens neemt - evenals aantal alleenstaanden, zie hierboven - sterker toe dan het totaal aantal huishoudens. Dit komt door een toename van het aantal eenouderhuishoudens van wie de ouder 35 jaar of ouder is. In de leeftijdsgroep onder de 35 jaar is sprake van een stabiel blijvend aantal eenouderhuishoudens. Sowieso is het aandeel eenouderhuishoudens in die leeftijdsgroep beperkt (in 2021: 153 huishoudens, 5% van het aantal huishoudens in die leeftijdsgroep). Verwachting 6: meer jonge gezinnen in Harderwijk In de leeftijdsgroep 25 tot 45 is een toename van paren met kinderen (van 2840 op 1 januari 2021 naar 3300 in 2030). Verhoudingsgewijs houdt deze toename ongeveer gelijke tred met de toename van het totaal aantal huishoudens in Harderwijk. Verwachting 7: Harderwijk kent een groter aandeel mensen met een migratieachtergrond dan andere gemeenten op de Noord-Veluwe; er is niet altijd aansluiting tussen het zorgaanbod en de behoefte van (een deel) van deze mensen In Harderwijk wonen meer mensen met een migratieachtergrond. 13% van de inwoners had op 1 januari 2022 een niet-Westerse migratieachtergrond (in Ermelo en Zeewolde was dit 6%).

Door respondenten in de Impactanalyse werd geconstateerd dat deze inwoners niet altijd goed worden bereikt vanuit het sociaal domein. Tierolf e.a. constateerden in 2017 dat kinderen met een migratieachtergrond ondervertegenwoordigd zijn in lichte vormen van jeugdhulp, maar oververtegenwoordigd in zware vormen van jeugdhulp. Hamdi e.a. (2017) hebben in een onderzoek in Den Haag geconstateerd dat er een mismatch is tussen behoeften van zorgvragers met een migratieachtergrond en de mogelijkheden van het zorgaanbod.

Zeewolde

Verwachting 1: groter beroep op voorzieningen door sterke toename aantal ouderen In de Trendrapportage Zeewolde 2020 wordt op basis van de CBS-leeftijdsprognoses uit 2018 aangegeven dat er een omslag komt van een jonge bevolking naar vergrijzing. Uit ABF-prognoses uit 2022 blijkt dat van een verdubbeling geen sprake meer is. Maar de relatief grote groep inwoners tussen 45 en 64 jaar wordt ouder en zorgt alsnog voor een sterke toename van het aantal ouderen. Het gaat bij deze toename niet alleen om ‘jongere

2

https://www.kvnog.nl/onderwerpen-harderwijk/bevolking-harderwijk/huishoudens

22

Nota Sociaal Domein 2024 - 2029 Ermelo, Harderwijk en Zeewolde Toekomstverkenning

ouderen’; de komende 10 jaar neemt ook het aantal 80-plussers al met ongeveer de helft toe. De instroom in ‘Hulp bij het huishouden’ vindt vooral plaats voordat mensen 85 jaar oud zijn.3 Dit betekent dat de eerste instroom van deze groep al in de aankomende beleidsperiode is te verwachten. Daarbij ontvangen in Zeewolde relatief meer ouderen Wmo-voorzieningen dan gemiddeld in Nederland. Verwachting 2: Afname aantal jeugdigen De in de Trendrapportage Zeewolde 2020 genoemde ontgroening is volgens de ABF-prognoses sterker dan verwacht. Tot 2030 neemt het aantal inwoners in de leeftijd van 5 tot 25 af. Alleen in de heel jonge leeftijd is een toename te verwachten, waardoor na 2030 vanaf 5 jaar oud weer een toename is te verwachten. Dit sluit aan bij de hierboven opgenomen bevolkingspiramide. Het aandeel van de jongste leeftijden (<9 jaar) gaat richting het landelijk gemiddelde van gemeenten; de leeftijdsgroepen daarboven (tot 25) zijn in Zeewolde op dit moment nog bovengemiddeld vertegenwoordigd. Verwachting 3: aantal huishoudens stijgt, met name paren zonder kinderen onder ouderen (>65) en in de leeftijdsgroep 25-45 Op 1 januari 2021 waren in Zeewolde 9720 particuliere huishoudens. In 2030 zijn dat er volgens prognoses van ABF bijna 10.300. Met de toename van het aantal ouderen, neemt het aantal ouderen dat samenwoont met een partner toe.

Ook in de groep 25 tot 45 is er een sterke toename van het aantal paren zonder kinderen. Verwachting 4: Sterkere toename van ouderen met partner dan alleenstaande ouderen Met de toename van het aantal ouderen, zullen onder deze groep alle huishoudvormen toenemen. Maar in vervolg op de voorgaande verwachting, kan worden verwacht dat de toename van de het aantal ouderen dat onderdeel is van een (gehuwd of ongehuwd) paar, sterker is dan de toename van het aantal alleenstaande ouderen. Verwachting 5. Daling van het aantal ‘jonge’ alleenstaanden en meer samenwoners. In de leeftijdsgroep van 15 tot 35 daalt het aantal alleenstaanden met bijna de helft (46%), terwijl het aantal inwoners niet daalt. Daarentegen neemt in deze leeftijdsgroep, met name in de groep 25-34, het aantal samenwoners (met of zonder kinderen) toe: 43% (en 50% als alleen de samenwoners zonder kinderen worden geteld). Al met al kan worden geconstateerd dat de toename van het aandeel eenpersoonshuishoudens, zoals verwacht op basis van de CBS-prognoses uit 2018, niét wordt bevestigd door de ABF-prognoses uit 2022. Verwachting 6: dalend aantal eenouderhuishoudens. Het aandeel eenouderhuishoudens is de afgelopen periode gestegen, maar minder dan gemiddeld in Flevoland en minder dan bevolkingspyramide

Specifieke doelgroepen

Verwachting 1: Sterke toename van het aantal inwoners met dementie, het meeste in Zeewolde Als voorbeeld van consequenties voor toenemende zorgvraag, visualiteert bijgevoegde figuur wat de toename voor ouderen (o.a.) betekent voor het aantal inwoners met dementie in alledrie de gemeenten. Ermelo heeft een relatief hoog aandeel ouderen en een hoger aandeel inwoners met dementie in vergelijking met de andere twee gemeenten. De toename van inwoners met dementie zal hier relatief het laagst zijn. In absolute aantallen is de toename het grootst in Harderwijk, met een toename van circa de helft de komende periode. Zeewolde heeft in vergelijking met de andere gemeenten weinig inwoners met dementie, maar er komt de komende periode een toename aan zorgvragende ouderen aan. Het aandeel dementie stijgt dan ook het meest in Zeewolde. Dit zal ‘slechts’ het begin zijn, aangezien de grootste toename aan ouderen in Zeewolde na deze periode zal zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zeewolde&id=8ddde794-6058-490a-a8cb-ca46270cddb0