Transcript - 7 maart 2023
Tekst van het document
De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Hermsen, D66. De heer Hermsen: Ja, de voorzitter geeft een … Of voorzitter, dank u wel. De wethouder geeft een voorbeeld. Dat is fijn. Maar dan eigenlijk onderstreept het wat het in de Rekenkamerrapport staat, het wordt namelijk wat moeilijker. En dan refereer ik ook graag aan de opmerking van de heer El Gebaly, namelijk het feit dat je dan bestraft wordt op het moment dat iets niet rendabel is. En nou ja, om überhaupt al zeg maar uit te zoeken
of iets rendabel is of niet, dan kun je van alles en nog wat tweaken, kosten maken et cetera, maar dan weet ik in ieder geval wel wat er gebeurt, is dat er niet meer geïnvesteerd wordt onder deze hoeveelheid. De voorzitter: En uw vraag is of de wethouder het daarmee eens is. De heer Hermsen: Nou ja, of de wethouder ziet dat als hij zelf aangeeft dat het een complexe regeling is, dat dit nog complexer gemaakt wordt. En in hoeverre dan de juridische haalbaarheid hierin ook getoetst is. Want dat was nog een vraag die ik had. De voorzitter: Wethouder, gaat u door. De heer Hendriks: Ja, de juridische haalbaarheid is getoetst. En anders hadden we het ook niet voorgesteld. Dat wordt gewoon standaard getoetst of iets kan of niet. En dit gaat namelijk over die projecten die nog niet in procedure zijn en waar wij als college of als gemeente in elk geval voor het afwijken van een bestemmingsplan of anderszins betrokken zijn bij een ontwikkeling, en dan kunnen wij onze eigen voorwaarden daaraan stellen. En een voorwaarde hierbij is dertig procent sociaal, vijftig procent midden, twintig procent duur. En als dat niet rendabel te krijgen is, een bijdrage in een compensatiefonds. Zodat wij inderdaad onze maatschappelijke doelen, namelijk een evenwichtige woningbouw, woningvoorraad, kunnen hanteren. We hebben als gemeente gewoon mogelijkheden om daarop te sturen.
De heer Hermsen: Voorzitter, dus als ik het goed begrijp vindt de wethouder dat niet complex? Deze regeling is niet complex? Dat is eigenlijk wat de wethouder dus nu aangeeft. Want dat was mijn vraag eigenlijk. Is het complex of niet? De heer Hendriks: De vraag die de heer Hermsen stelde was is dit juridisch getoetst en uitvoerbaar, daarop heb ik geantwoord ja. Daarmee zeg ik niet dat het niet complex is, want het is gewoon een ingewikkelde berekening. Maar dat is bewust om hem ook objectief te krijgen, want anders krijg je een soort afweging dat wij als college of ik als wethouder of jullie als gemeenteraad moeten beoordelen of iets wel of niet een uitzondering kan zijn op die dertig, vijftig, twintig, terwijl we juist dat objectief willen maken. We willen gewoon niet dat dat een soort vrije afwegingsruimte is en een soort gunnen we het iemand wel of niet, of vinden we ergens iets mooi of niet? Daar moeten we niet op toetsen, we moeten toetsen op objectieve criteria. Dus bijvoorbeeld zoals in dit geval, als het niet rendabel te krijgen is of de corporatie wil het niet in beheer nemen, dan moeten we op een andere manier die maatschappelijke doelen kunnen hanteren. Nou, met een compensatiefonds zodat een andere ontwikkelaar dat wel kan. En dat maakt hem niet minder complex, want het is een complexe regeling, maar maakt het helaas wel noodzakelijk.
Juist omdat we grip willen krijgen op iets, in dit geval woningbouw, is complex. Als we het helemaal loslaten is het simpeler, dat zeker. Maar dan krijgen we waarschijnlijk heel wat minder sociale woningen. Ja, en de heer Hermsen maar de heer El Gebaly ook had het over het afstraffen eigenlijk ten opzichte van het willen bevorderen van sociale woningbouw. En daar zet ik toch iets tegenover, want dat fonds sociale woningbouw kunnen wij nu als gemeente gebruiken voor bepaalde ontwikkelingen. En we voegen hier een mogelijkheid aan toe dat ook een ontwikkelaar een aanvraag kan doen om dat fonds te gebruiken om ergens bijvoorbeeld meer dan dertig procent sociaal te bouwen. En dan compenseren wij dat tot maximaal de grondprijs, waardoor een ontwikkelaar die meer sociale woningbouw doet dan dat eigenlijk hij moet doen, daar ook een financiële tegemoetkoming in krijgt. Dus juist om die bevordering te krijgen. Kijk, GroenLinks stelt ook de vraag van rijksbeleid volgen, moet dat nou het doel op zich zijn? Nee, dat is niet een doel op zich, we zijn er helaas wel aan gehouden. En waar we nadrukkelijk dat rijksbeleid volgen is wat minister De Jonge aangeeft, eigenlijk die norm dat twee derde betaalbaar moet zijn. Nou, om die reden hebben wij die vijftig procent bijvoorbeeld geknipt zodat we daaraan voldoen. Dat is een van de voorbeelden dat we gewoon willen meebewegen met het rijksbeleid.
In het vorige onderzoek over die, het Rekenkameronderzoek, kregen we een compliment van de onderzoekers dat we goed aangehaakt zijn op regionale en landelijke doelen en dat blijven we gewoon
doen. Voorzitter, Jong Zandvoort had de vraag van Zandvoort niet volbouwen … O, sorry. Ik zie een interruptie. De voorzitter: Interruptie GroenLinks, de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, ik verneem dat de wethouder naar een andere partij gaat. Wij hebben namelijk nog twee openstaande vragen. Namelijk eentje over het risico en kanttekeningen en eentje over het aantal woningen waarvoor de compensatieregeling geldt, en daar zou ik graag antwoord op willen hebben. De heer Hendriks: Ja voorzitter, dat ging volgens mij over die ondergrens van, of die bovengrens van twintig. En de heer El Gebaly heeft de stelling dat bij alle projecten onder de twintig het mogelijk moet zijn om dertig procent sociaal te bouwen. Als dat zo is, dan komt geen enkel project in aanmerking voor compensatie. Want als het rendabel is, mag er niet gecompenseerd worden en blijft de norm gewoon dertig procent sociaal, vijftig procent midden, twintig procent overig. En pas als een ontwikkelaar aan kan tonen dat die niet rendabel is, dan kan er gecompenseerd worden, en … De voorzitter: GroenLinks, de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Dank u wel, voorzitter.
Voorzitter, de portefeuillehouder haalde net de gemeente Gooise Meren aan, en de gemeente Gooise Meren is het niet de maximaal twintig, maar daar gaan ze uit van minimaal twee woningen waarbij de compensatieregeling niet geldt, maar na die tweede woning, dus vanaf de derde woning is de compensatieregeling wel van kracht. En dat doen ze juist om het betaalbaar te houden. En is dat dan niet een beter voorbeeld als we kijken naar best practices in Nederland? U haalt het net zelf ook aan, volgens mij was het best practices, via u, voorzitter. Is dit dan niet iets om bij aan te sluiten in plaats van dat wij nu weer een grens van twintig woningen gaan kiezen zonder dat we daar eigenlijk de onderbouwing voor hebben, terwijl hier in Nederland gewoon, en niet in de minste gemeenten, Naarden, Bussum, Muiden, gebeurt? Dus kunnen we daar niet beter op aanhangen dan uw twintig woningen, om het concreet te maken. De voorzitter: Wethouder. De heer Hendriks: Voorzitter, in Gooise Meren hebben ze een ondergrens van twee woningen, wij hebben hier een ondergrens van nul. We hebben geen ondergrens. En wij hebben een grens van twintig woningen tot waar er gecompenseerd kan worden. Dus ook voor die woningen blijft de norm dertig, vijftig, twintig en tot twintig woningen kan er gecompenseerd worden als het niet rendabel is.
Daar blijft voor mij onze norm overeind en die vind ik zelfs iets strakker dan hoe Gooise Meren hem heeft ingevuld. Bij ons is de norm dat bij elk project, hoe klein ook, is de norm dertig, vijftig, twintig. Tot twintig woningen kun je compenseren als dat niet rendabel is. En dat niet rendabele moet objectief worden aangetoond en getoetst door de corporatie. Dus ik vind hem een slagje steviger, maar wellicht denken we daar anders over en hopelijk heb ik er misschien anders toegelicht. De voorzitter: U heeft een interruptie van PVV, de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Ja, dank u wel voorzitter, ik mis nog even iets. Wij vroegen ons iets af ten aanzien van de woonvergunning die ik me kon herinneren van 45 jaar geleden. Nou lijkt het me wel redelijk om deze wethouder te vergeven dat hij daar geen herinnering aan heeft. Maar wij willen toch wel daar wat duidelijkheid over hebben. Wanneer is die regeling verdwenen, met welke argumenten zit die in de ijskast of in de kliko en zouden we daar nog wat mee kunnen? Een vriendelijk verzoek om daar dan schriftelijk nog op te reageren, dat dat vanuit uw geheugen niet gaat dat vergeef ik u graag.
De heer Hendriks: Ik ben blij dat de heer Van Tiggelen mij vergeeft, inderdaad heb ik dat niet zo in mijn geheugen zitten maar ik kom daar schriftelijk bij hem op terug. Of naar de raad terug als technische vraag. Ja voorzitter, dan de vraag van Jong Zandvoort of we Zandvoort niet helemaal volbouwen. Of toch nog terug naar … De voorzitter: U was bezig met de beantwoording van GroenLinks en ik ga toch even kijken, want er wordt toch wel wat geïnterrumpeerd. Ik verzoek u eventuele vragen die openstaan in ieder geval dan even aan het einde snel een rondje, en dat u even het verhaal afmaakt, want ik ga ook kijken namelijk richting de klok. Want anders, we hebben nog aardig wat punten te gaan. De heer Hendriks: Ja, want ik had inderdaad nog een vraag van GroenLinks openstaan of die het gebruik van die compensatieregeling een risico is dat projecten … Even kijken, dat moet ik even denken hoe hij hem ook alweer formuleerde. Dat … Het korte antwoord was: nee, dat risico zie ik niet. En de toelichting weet ik helaas niet meer. Dat ging over De voorzitter: Voor de snelheid, kunt u hem even helpen? De heer El Gebaly: Jazeker, voorzitter. Nou, het gaat erom, de risico’s en kanttekeningen gaan nu ‘…’ op rijksbeleid en op nog een andere risico en kanttekening die even uit mijn hoofd schiet.
Maar we hebben net de presentatie van de Rekenkamer gezien en daarin werd duidelijk de fysieke ruimte als risico en kanttekening gezien. Juist door die fysieke ruimte in deze compensatieregeling is de kans kleiner dat in die beperkte fysieke ruimte huurwoningen, sociale huurwoningen kunnen worden gebouwd of sociaal kan worden gebouwd. En ziet u dat niet als een risico en kanttekening? Dus mensen liever afkopen, de ruimte weg is, en dus dat risico heeft op onze realisatie van die dertig procent. De heer Hendriks: Nou, ik zei net al: dat risico zie ik niet. Maar nu, dank aan deze herinnering. Dat zie ik niet omdat ik juist die compensatie als een kans zie om op projecten wel voortgang te boeken, in elk geval rendabeler te krijgen. En ik zie het risico ook niet dat een ontwikkelaar kan kiezen om te compenseren, zoals ik net toelichtte. Het is, de optie om te compenseren geldt alleen als objectief is komen vast te staan dat een bepaald project niet rendabel te krijgen is. Hadden we dan die mogelijkheid voor compensatie niet gehad, was het project gewoon niet doorgaan, had het stilgelegen. Door deze compensatie trekken we hem wel los, en sterker nog, zorgen we ervoor dat er een bijdrage in een fonds zit zodat een ander project meer sociale woningen kan bouwen. Dus in mijn beleving zorgt dit er juist voor dat het risico wat de heer El Gebaly noemt wordt opgelost.
Of althans, wordt beperkt, zo moet ik hem formuleren. Dan ga ik toch door naar het niet volbouwen van Zandvoort. Er wordt op dit moment gewerkt aan een verdichtingsstudie, donderdag hebben we het daar ook over, die staat als een van die projecten ook genoemd in die raadsinformatiebrief. Die verdichtingsstudie komt te zijner tijd ook naar u als raad toe, zodat we ook inderdaad die afweging kunnen maken. Want we hebben gewoon een dilemma met elkaar te bespreken hier. We willen graag heel veel meer woningen bouwen, maar tegelijkertijd, die woningen moeten wel ergens worden geplaatst. Dus of we gaan ergens de hoogte in of we bouwen pleinen vol of we bouwen groen vol of we zoeken de randen van Zandvoort op, maar ergens knellen de ambities die we hebben met elkaar. Maar de verdichtingsstudie is volgens mij een mooie gelegenheid om die met elkaar te bespreken. ZEE stelt een vraag over het eisen van een energielabel. Voor mij is dat gewoon voor mij in dit geval rijksbeleid dat nieuwbouwwoningen gewoon moeten voldoen aan bepaalde eisen. Ja, volgens het CDA is de ambitie haalbaar, dat deel ik. En ik zie, volgens mij heeft het CDA geen vraag gestaan of ik heb verkeerd geschreven, maar … De heer Mettes: Nee, wij vinden het een goed stuk. Dat heb ik laten merken. De heer Hendriks: Dank. En ik hoop dat ik de vragen zo beantwoord heb.
Tussendoor is er al geïnterrumpeerd dus ik hoop dat ik er inderdaad ben, en anders dan ben ik graag bereid voor vervolgvragen.
De voorzitter: We gaan naar de tweede termijn van de commissie. Wie wenst er het woord in het tweede termijn? GroenLinks, de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja, Voorzitter. Ik zou het omwille van de tijd graag willen beperken in ruimte, of in tijd. Er zijn een aantal dingen gepasseerd in de commissie, en wat ons ook hierop weer opvalt is dat we hebben het zo vaak over wonen en toch lijken we maar steeds muizenstapjes te maken op dit project. En ik denk dat ook het hier erg goed voor is dat wij als gemeenteraad nou eens goed bedenken wat onze eigen kaders hierin zijn. Wat willen we nou precies, wat willen we bereiken en hoe kunnen we dat zo snel mogelijk bereiken? Want ja, we hebben nu weer een compensatieregeling en straks zijn de huizenprijzen weer wat lager en dan gaan we weer iets heel anders doen. We zijn nogal heel erg aan het sturen achter een auto aan die maar steeds een andere weg inslaat. We zijn in achtervolging, met andere woorden. En ik denk dat wij juist moeten proberen als gemeente, hoe moeilijk het ook is omdat we ook gebonden zijn aan rijksbeleid, om ervoor te zorgen dat wij juist voor die andere komen te rijden en zelf aan zet zijn. En ja, daarvoor moeten we soms afwijken van het rijksbeleid, denk ik.
En ja, dan moeten we soms gewoon wat strenge regels hanteren in Zandvoort, want we zijn nou eenmaal beperkt in fysieke ruimte en een unieke gemeente qua ligging. Dicht bij een grote stad, midden in de natuur. En daarmee moeten we dus gaan schakelen en kijken naar hoe kunnen we nou zoveel mogelijk realiseren? En dan vind ik het ook apart dat ik weer allerlei projecten, mijnheer Hermsen haalde het net ook aan, voorzitter, weer omhoog hoor poppen waarvan ik nog helemaal niks weet. En dan vraag ik me ook af in hoeverre de raad hier een gelijk speelveld heeft als het gaat om dit soort projecten. Dus mochten er ontwikkelingen zijn rondom Dirk van den Broek zou ik via u, voorzitter, willen vragen aan de portefeuillehouder of die die voorstellen, die mogelijkheden met deze raad via een raadsinformatiebrief zou willen delen, zodat in ieder geval dat speelveld hier in de raad ook weer gelijkgetrokken is, mocht het zo zijn. Dan heeft de VVD in eerste termijn natuurlijk ook benoemd wat zij zien als mogelijke regeling en dat er eigenlijk een extra sociale huurwoning vrijkomt wanneer er iemand doorschuift. Daaraan koppel ik eigenlijk dat de VVD dus schijnbaar vindt dat het aantal sociale huurwoningen wat we nu hebben genoeg is. Mevrouw Nederlof: Nee, de VVD sluit zich aan bij … De voorzitter: Mevrouw Nederlof, VVD. Mevrouw Nederlof: Sorry. Excuus. Dank, voorzitter.
Nee, de VVD sluit zich wel degelijk aan bij het feit dat er 30% sociale huurwoningen in Zandvoort moeten zijn. De voorzitter: GroenLinks, de heer El Gebaly. Gaat u verder. De heer El Gebaly: Oké. Dat is dan fijn om te horen want dat is dan een andere punt, althans voor mij, dan als ik het zo beluister, voorzitter, een ander punt dan dat ik in de eerste termijn heb vernomen. En dan de Partij van de Arbeid deed nog een suggestie voor 35, 35, 20, 10, als ik het goed begrijp. Daarbij geldt nog steeds dat er meer dure huurwoningen worden bijgebouwd. We moeten ons dus niet fixeren op het feit dat we die samenstelling gaan maken, gemiddeld gezien in Zandvoort. Nee, dit is op de nieuwe projecten die we gaan realiseren, en dat betekent dat er nog steeds tien procent meer nieuwe, dure huurwoningen bijkomen. Het is alleen minder dan de 35, 35, 20 zoals mevrouw Koper zegt. Dus het is ook een utopie te denken dat wij hiermee ervoor zorgen, voorzitter, dat er één Zandvoorts plaatje komt te ontstaan waarin dit de afmeting is. Nee, op de nieuw te realiseren projecten is dit dan het nieuwe plaatje. En dat betekent nog steeds dat er duurdere woningen bij worden gebouwd, maar betekent dat we ons meer focussen op betaalbare woningen. En ik denk dat wat dat betreft het voorstel van de Partij van de Arbeid iets is waar is waar GroenLinks achter zou kunnen staan.
En daarmee rond ik graag af, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. OPZ, de heer Bouberg Wilson.
De heer Bouberg Wilson: Voorzitter, dank u wel. We hebben in de eerdere termijn gevraagd om een toezegging. Ik heb nog eventjes gekeken in de tussentijd hoe dat erbij staat in de borging, dat er van die maatregelen gebruik wordt gemaakt, en daar is heel duidelijk bij aangegeven dat daar, dat die onafhankelijke toets ook hoort een verklaring van de woningcorporatie waarin wordt gesteld dat dan sociale woningbouw niet door de corporatie kan worden afgenomen. Nou, en dan is er denk ik toch wel voldoende borging voor het feit dat we niet nog eens als raad er achteraan moeten met nog een toets. Dus bedankt voor de toelichting ook. De voorzitter: Dank u wel. Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ja, dank u wel voorzitter. Allereerst moet ik natuurlijk mijn excuses aanbieden aan de wethouder dat ik hem niet gecomplimenteerd heb met het toepassen van de WiMRA-gegevens. Dat had ik meteen moeten zeggen. Maar ik was dus echt niet duidelijk, want het gaat mij vooral om de huurprijzen. Ik vind 808 euro de bovengrens voor sociale huur die gebouwd moet worden, dat vind ik absoluut belachelijk. En het is echt niet te betalen voor de mensen met de inkomens die daarbij horen. Dus dat is het statement wat ik heb willen vragen. Maar u heeft gelijk, u heeft dat keurig gedaan. Mijn complimenten.
Dan gaat de discussie nu vooral, en daar maak ik me toch echt zorgen over, wat is rendabel? En dan hebben we het toch weer over geld terwijl ik zo heel graag vanavond in de commissie de discussie had willen beginnen van hoe kunnen we nou voor die paar honderd plekken die we misschien nog vinden, de een is optimistischer dan de ander en we wachten ook in spanning af op de studie die u gaat maken. En ik geef u vast mee mij dat de Partij van de Arbeid niet in het groen wil bouwen maar wel heel graag een goede klap met een woontoren in Zuid of zo wil doen. Want we kunnen, als we gedifferentieerd willen bouwen, niet nog verder gaan met hoogbouw in Noord. Maar dat is wel waar we voor staan. We hebben misschien nog een paar honderd plekken. Laten we die dan vooral gaan bouwen, en daarom was mijn oproep ook 35, 35, 20, 10. Laten we die gebruiken voor die woningzoekenden die dat zo hard nodig hebben. Vooral ook omdat we daar invloed op uit kunnen oefenen. We kunnen zorgen dat daar doorstroming plaatsvindt, we kunnen ons volkshuisvestingsbeleid erop ‘…’. Dat is mijn voorstel. Ik ben erg blij met die bevestiging dat er gedifferentieerd gebouwd wordt dus, want dat gaf ik de vorige keer ook aan bij Kenamju. In al die wijken en buurten zijn er eengezinswoningen die vrij kunnen komen als senioren kunnen doorstromen naar een appartement in de buurt waar lichte zorg plaatsvindt.
Dat is een win-winsituatie voor onze Zandvoorters. En dan tot slot, even kijken, de escape die ik gezegd heb en waar de wethouder op reageerde. Ja, daar sta ik nog steeds achter, want de wethouder gaf het zelf ook aan. Wat er in Gooise Meren gebeurde, en wellicht is er nu een betere regeling, het is goed dat er geleerd wordt van de fouten van een ander, dat is altijd goed. Maar het is wel zo dat het ook daar gebruikt is om er creatief mee om te gaan. En dan blijf ik zeggen: ik vind twee woningen genoeg, drie woningen genoeg, en verder moet u gewoon niet in de grens van twintig komen. Want daarmee lopen we echt het risico dat er negentien woningen worden getekend en dat de sociale huurders weer het nakijken hebben. Dank u wel. Wij gaan dus niet … Misschien komen we nog met een voorstel terug in de commissie. Of in de raad, dit is de commissie. Ja, ik ben erbij hoor. De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja voorzitter, dank u wel. Ja, omwille van de tijd dan gewoon maar een vraag of dat schriftelijk beantwoord kan worden, want dat gaat hierover. Een project is financieel onrendabel wanneer er sprake is van minder dan 4 procent rendement op het totale project. Of de wethouder een rekenvoorbeeld heeft en een toetsingskader waarop dat dan gebaseerd is. Want dat komt nergens in het stuk terug. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.
Dan heb ik alle partijen gehad, of … ZEE, de heer Sukel.
De heer Sukel: Dank u wel, voorzitter. Toch nog een vraagje aan de wethouder. U spreekt met energielabel over rijksbeleid. Voordeel van een computer is dat je dan even gewoon kan googelen, ik vind het niet zo snel. En ik zou graag bewijs daarvan willen zien, en anders is het, blijft het misschien een vraag om het als toch, alsnog in de regels op te nemen. Dank u wel. De voorzitter: We gaan voor tweede termijn naar het college. Wethouder Hendriks. De heer Hendriks: Ja, dank. De vraag van GroenLinks was om te delen welke, en hij noemde als voorbeeld GroenLinks maar, of Dirk van den Broek, maar hij noemde volgens mij breder of wij kunnen delen welke ontwikkelingen er zijn. Die vraag vind ik wat ingewikkeld, want er zijn best wel veel individuen, eigenaren die met vrij brede en rijpe vragen komen met wat er te ontwikkelen is, vooroverleggen, aanvragen bij de omgevingsdienst over verdichting of opbouwen of over splitsingen of over wat grotere ontwikkelingen. Het is denk ik geen doen om daar een lijst van te maken die geschikt is om met de raad te delen. Anders dan bij concrete situaties die we gaan melden als het groot genoeg is om een project van te maken, nemen we hem op in die lijsten die u kent. Kwartaalrapportages en dat soort zaken en P&C-documenten, zoals we dat steeds beter doen.
Bij projecten waar u als raad aan zet bent omdat er een verklaring van geen bedenkingen nodig is, wordt u ook geïnformeerd op binnenkomst van de aanvraag. Maar voor dat stadium zit er een heel scala aan initiatieven en ontwikkelingen die in diverse stadia zijn van hoe concreet het aan het worden is. Dus dat lijkt me geen doen, wij brengen bij u voorstellen die rijp zijn voor besluitvorming. De voorzitter: Interruptie, de heer El Gebaly, GroenLinks. De heer El Gebaly: Korte interruptie, voorzitter. Concrete interruptie. Ik hoor hier de Dirk van den Broek net in de commissie vallen, ik hoorde in de media ook al de Dirk van den Broek vallen. Dan wil ik toespitsen op dat traject, dat ding, en wil ik de wethouder vragen om daar dan duidelijkheid over te verschaffen. Dan niet geheim of op welke wijze dan ook aan deze raad. Want ik wil nu gewoon als commissie- en raadslid weten hoe dat binnen dat project zit, want ik hoor het nu drie keer worden geroepen ik ben nu weleens benieuwd naar wat er dan daar speelt. De voorzitter: Wethouder Hendriks. De heer Hendriks: Daar kom ik dan schriftelijk op terug. Ja voorzitter, de Partij van de Arbeid ging nog even door op de escape en het creatief kunnen rekenen, en noemde als voorbeeld van straks worden ergens negentien woningen ingetekend.
Juist daarom hebben we in die vrij complexe regeling ook een perceelgrootte opgenomen, dus ook volgens mij 37 vierkante meter rekenen wij als iets hè, dus we rekenen ook met hoeveel er op een perceel bebouwd zou kunnen worden. En juist niet met aantallen, maar met een theoretisch mogelijk aantal. Dus iemand kan niet op een kavel waar 21 woningen passen, kan die niet toerekenen naar 19 woningen omdat we rekenen gewoon met vierkante meters. Dus wij rekenen mee met wat er qua ruimte is. Ongetwijfeld zijn er ontwikkelaars die nog slimmer en creatiever zijn dan wat wij tot nu toe zijn geweest. Het voorbeeld wat zij nu noemt hebben we afgevangen, maar ongetwijfeld is er een slimme ontwikkelaar die iets bedenkt waar we nog geen rekening mee hebben gehouden, en daarom hebben we ook gezegd, onder andere daarom, dat we na drie initiatieven ook gaan evalueren van nou, werkt dit nou zoals bedoeld en moeten er nog aanscherpingen plaatsvinden? Dat zullen we continu blijven monitoren. Maar op dit moment verwacht ik dat we hem zo objectief en dichtgetimmerd mogelijk hebben. D66, de vraag waar die vier procent op gebaseerd is en hoe we die kunnen onderbouwen kom ik ook graag als technische vraag schriftelijk op terug. En ZEE vroeg nog even door op nieuwbouw en normen.
Ik weet niet of daar een concreet energielabel wordt geëist, maar ik weet in elk geval dat de bouw, het bouwbesluit ook steeds verder aangescherpt wordt en volgens mij was het onlangs bijna energieneutraal. En volgens mij moet een woning inmiddels gewoon zo goed als energieneutraal zijn. Dat wil zeggen warmtepomp, zonnepanelen, isolatie, enzovoorts. Dus dat is gewoon echt geregeld in het bouwbesluit.
De voorzitter: Dank u wel, dan zijn we hiermee aan het einde gekomen van de beraadslagingen van dit agendapunt. Het was al aangegeven dat het een hamerstuk, sorry, een bespreek stuk zou zijn. Ik vergis me even. Ik kijk even naar de tijd. We hebben nog een aantal agendapunten te gaan. We gaan wat mij betreft wel door, maar ik verzoek u uw bijdragen iets compacter te houden en iets meer to the point te komen, ook gelet op de tijd, en zover mogelijk in één termijn. En dit tijdstip vraagt voor sommigen ook voor een korte stop, al dan niet sanitair. Dus wij schorsen voor vijf minuten. Mevrouw Koper: Voorzitter. Ik wil reageren op het feit dat u vraagt om één termijn. Ik begrijp dat we … Ja, zover mogelijk in één termijn. Ja. De voorzitter: Maar ik was geschorst, we kunnen, laten we zo meteen even vervolgen, sanitaire stop. Ik heropen de vergadering en mevrouw Koper heeft een punt van orde. Mevrouw Koper: Dank u wel. Ja, ik begrijp dat we onder druk staan als avonden lang duren, we hebben ook een hele zware vergadering. Maar ik zou het echt afbreuk vinden doen aan de kwaliteit als we ons gaan beperken, want dit zijn wel de onderwerpen waar Zandvoorters wat aan hebben. Ik zou als voorstel van orde kunnen doen dat de RIB die Partij van de Arbeid heeft geagendeerd voor vanavond, dat we die meenemen naar donderdag. Dan verkorten we de avond. Dat zou ik als voorstel willen doen.
Maar verder ben ik wel van mening dat we het niet alleen moeten beperken tot een gesprek met de wethouder, maar dat we de tweede termijn ook nodig hebben om te komen tot debat met elkaar. Dank u wel. De voorzitter: Punt van orde brengen breng ik in stemming. Wie is er voor het doorschuiven van punt tien naar de agenda van donderdag? Dat is de meerderheid. Dan gaat agendapunt tien vanavond van de agenda af, gaat die naar donderdagavond. BESTUUR EN MIDDELEN 10. Wijzigingsverordening Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) – Strandpaviljoens De voorzitter: Dan zijn we aangekomen bij agendapunt, nieuw agendapunt tien. En dat is de wijzigingsverordening Algemene Plaatselijke Verordening strandpaviljoens. In de huurovereenkomst tussen de gemeente Zandvoort en de exploitanten van de strandpaviljoens zijn in de algemene regels diverse verplichtingen opgenomen. Op deze regels die privaatrechtelijk zijn kan niet bestuursrechtelijk gehandhaafd worden tegen de strandpaviljoenhouders door de gemeente Zandvoort. Om hier wel op te kunnen handhaven, dienen een aantal van deze regels in de APV te worden opgenomen. We gaan over tot de eerste termijn van de commissie. CDA, de heer Mettes. De heer Mettes: Kort en krachtig. Wij staan achter deze wijzigingen. Voor ons is het een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer De Graaf. De heer De Graaf: Dank u, voorzitter.
Voor D66 is het ook een hamerstuk. De voorzitter: PVV, de heer Van den Oever. De heer Van den Oever: Ja, ook een hamerstuk voor ons, voorzitter. De voorzitter: VVD, de heer Drommel. De heer Drommel: Ja, voor ons ook een hamerstuk. Maar we denken een klein foutje te hebben gezien bij artikel 5.43, maar dat, ja, koppelen we wel even terug aan de portefeuillehouder.
De voorzitter: Dank u wel. ZEE. Mevrouw Schrijnemaekers. Mevrouw Schrijnemaekers: Dank u wel, voorzitter. Voor ZEE ook een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ja, ik heb het gevonden, de bijdrage van mijn collega. Een goeie wijziging om zo op de juiste manier te kunnen handhaven bij de … Daar zitten we toch, hè? Bij de overlast. Ten aanzien van de aanvulling over het vuurwerkverbod op het strand. Er staat binnenkort, en komt dat voor het hoogseizoen, is de vraag? Dank u wel mijnheer, collega van het CDA Mettes, het komt nog, dat had ik gelezen, maar mijn vraag is: komt het voor het hoogseizoen? De voorzitter: Dank u wel. OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Dank u wel, voorzitter. We hebben één opmerking, dat heeft betrekking op de opruimplicht. Daar is ons voorstel om niet een tijdstip te noemen, uiterlijk 00 uur, maar om een termijn te noemen. Anders zou je namelijk kort na dat tijdstip het meubilair weer kunnen uitzetten of claimen dat je dit hebt gedaan. En dat lijkt ons niet zo slim. En daarom bijvoorbeeld het voorstel: de opruimplicht geldt vanaf uiterlijk 2400 uur tot aanvang exploitatie volgende dag, of iets van gelijke strekking. En voor de rest is dat wat ons betreft, als dat wordt ingewilligd, een hamerstuk. De voorzitter: GroenLinks, de heer El Gebaly.
De heer El Gebaly: Ja, dank u wel voorzitter. Goed punt van Ouderen Partij. Wat dat betreft ook de steun van ons. Ik vrees misschien wel dat het misschien wel een amendement moet worden, dan weet u dat alvast. Wij voegen weer wat nieuwe regels toe, we verscherpen een aantal regels. Wat dat betreft prima en op die regels ook bijna geen kritiek. Wat ons wel opvalt is dat er bij de risico’s en kanttekeningen over de handhavingscapaciteit wordt gesproken en dat is een beetje het probleem wat wij hebben met het toevoegen van wederom regels aan de APV, want uiteindelijk moet het wel handhaafbaar zijn. We kunnen wel regels verzinnen, maar als we die regels niet handhaven dan hebben we wel regels maar doen we daar vervolgens niks mee. Dus aan de portefeuillehouder de vraag of daar misschien nog iets bij moet en wat wij daarvoor zouden kunnen betekenen als gemeenteraad. En tot slot vragen we ons ook de nut en noodzaak van sommige regels af. Zo wordt er gesproken over het licht, en dan is de reden daarvoor de scheepvaart. En wij vragen ons af of dat dan niet zo’n regel is die we dan gaan handhaven waarvan wij eigenlijk niet helemaal het nut en de noodzaak op dit moment van inzien. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Jong Zandvoort, mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson: Dank u wel, voorzitter. Voor ons is het ook een hamerstuk en we willen een kleine, ja, suggestie doen.
De APV is op dit moment uit 2017 met allemaal extra stukjes, wat het slecht leesbaar maakt. Of we niet een keer de hele APV met de stukjes erin opnieuw kunnen vaststellen zodat het weer overzichtelijk wordt. Dank jullie wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is naast me aangeschoven portefeuillehouder de heer Moolenburgh. Aan u het woord. De heer Moolenburgh: Maar nu doet hij het wel. Dank u wel, voorzitter. Even ingaand op wat de heer El Gebaly zegt, het is niet zozeer dat wij regels toevoegen, we hevelen een aantal bepalingen over. De reden dat we dat doen is dat ze stonden in de huurcontracten, die huurcontracten die kun je alleen privaatrechtelijk naleving verlangen. Betekent dat je moet gaan waarschuwen, dat je eindeloos bezig bent voordat je daar een
keertje effect op hebt. Door het in de APV op te nemen kunnen we directer handhaven. Ja, dat betekent dat we inderdaad aan onze handhavers vragen om dat in hun set van bepalingen, verboden en geboden op het strand mee te nemen. Ik ga ervan uit dat dat met de huidige capaciteit kan. Het zit met name bijvoorbeeld bij ons op die bepaling over dat binnenhalen van die bedjes. Daar hebben we het afgelopen seizoen gemerkt dat er een paar pachters zijn die de neiging hebben hun bedjes ‘s nachts buiten te laten staan. Nou, dan is het heel lastig als je dat eerst met brieven moet doen. Maar goed, in feite is dat dus, ja, een beperkt aantal sets die we overhevelen. Ik ga ervan uit dat dat met de bestaande capaciteit kan. Zoals u weet heeft handhaving tegenwoordig ook de beschikking over een strandauto sinds vorige seizoen, en dat scheelt in ieder geval ook al enorm in de inzet. We hebben echt heel nadrukkelijk gekeken: welke regels staan er in die pachtovereenkomsten en welke kunnen we meenemen? Die van die scheepvaart hebben we daar ook in meegenomen. Er is ooit een grondslag geweest om dat te doen. Dat heeft natuurlijk niet te maken met het feit dat je af en toe een lichtje brandt, maar echt om excessen, als het gaat om hele felle lichten die vanaf de strandtenten komen. En ja, ik geef toe, als ik nu uit mijn raam kijk, zie ik ook een soort lichtorgel op zee.
Dus wat dat betreft is het weleens goed om misschien nog in het kader van een soort weer eens een deregulering te kijken van welke zijn nou wel en niet echt nog van toepassing. Ik ben het eens met de suggestie van de heer Bouberg Wilson, dus we gaan even kijken hoe we dat in het vat kunnen steken in de richting van de behandeling in de raad, dat het goed is om daar ook een termijn in op te nemen. Niet dat ik verwacht dat mensen meteen om vijf over twaalf de bedden weer uitzetten, maar het is in ieder geval wel een toevoeging waarvan ik denk: dat zou in ieder geval verhelderend en verduidelijkend zijn. In de richting van Jong Zandvoort, wij komen in ieder geval in september weer met de jaarlijkse update van de APV en ik neem daar in ieder geval ook zeker de suggestie mee om alles tegen het licht te houden van staat alles daar nog logisch in? En even met betrekking tot de vraag over het vuurwerkverbod. Het is nu nog zo dat met een melding acht minuten bij paviljoens vuurwerk mag afgestoken worden 's avonds. Nou, de APV bevat een grondslag om dat in ieder geval, om daar een streep doorheen te halen. En wij zijn van plan om dat als college dat besluit voor de zomer te nemen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond. Wenst iemand het woord in tweede termijn? Dat is niet het geval.
En dan gaat het voorlopig als bespreekstuk door naar de raad, want het zal waarschijnlijk geamendeerd moeten worden. Voorzitter, wethouder. Burgemeester, portefeuillehouder. Nou heb ik bijna alles gehad. De heer Moolenburgh: Bijna goed. Ja, met uw welnemen zouden wij ook een gewijzigd voorstel naar de raad kunnen sturen en het gewoon op kunnen nemen. De voorzitter: Prima, ik kijk rond. Dat is akkoord, dus dan komt een gewijzigd voorstel, dan kan het hamerstuk door. 11. Zienswijze Termijnagenda MRA De voorzitter: Dan zijn we gekomen bij agendapunt twaalf, zienswijze termijnagenda MRA. De MRA-agenda is een afgeleide van het jaarplan. Het betreft een informatief document dat dit jaar voor het eerst wordt verstrekt. De commissie wordt verzocht advies te geven aan de Raad over het voorstel van het college in paragraaf twee. En naast mij zit nog steeds de burgemeester, portefeuillehouder, de heer Moolenburgh. Nou, nou heb ik het helemaal goed gezegd toch? We gaan de commissie langs. Als eerste D66, wie mag ik het woord geven? De heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja voorzitter, op zichzelf … Dank u wel, voorzitter. Op zichzelf prima termijn en ook de suggesties die gedaan worden voor agendapunt twee. Maar nogmaals, graag aandacht voor het laden in de regio.
Los dan van het feit dat de tarieven natuurlijk niet transparant zijn is de palen die nu geplaatst worden, worden geleverd tegen het hoogste tarief zo'n beetje. En dat moet denk ik in een duurzame gemeente
Zandvoort, die duurzaamheid enorm hoog in het vaandel heeft staan, toch goedkoper kunnen. Morgen over parkeren daar meer over, maar als daar nog echt aandacht voor is … Ik heb het ook al aangegeven hoor, als extra input, maar ik had nog niet vernomen van diverse personen of ze dat ook daadwerkelijk gaan meenemen, maar dat was eventjes de suggestie. De voorzitter: Dank u wel. OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Ja voorzitter, een paar opmerkingen. Wij lazen dat er in ieder geval getwijfeld wordt aan de wijze waarop zaken aan de orde komen en of daar niet misschien iets anders zou moeten gebeuren. En daarom heb ik een vraag aan onze vertegenwoordigers. Waaraan wordt aan getwijfeld in het kader van de termijnagenda hoe die verder zou moeten worden behandeld, en of wensen en opvattingen daarbij dan past. Dat was de vraag. Begrijp niet helemaal goed waarom dat voorkomt, misschien kan men daar iets over zeggen. Dan heb ik, hebben wij gekeken naar die termijnagenda, en wat je dan ziet is dat het allemaal zaken zijn die gaan over meningsvorming, informatieverstrekking, input. En als het het vaststellen betreft, dan heeft dat te maken met de algemene vergadering dan wel met het bestuur.
En toen dacht ik: nou, hoe hebben we dat dan ook alweer met elkaar afgesproken tijdens de governance van deze hele club? En toen hebben we met elkaar afgesproken dat er zaken zijn die gewoon door bestuurlijke besluiten moeten worden voorgelegd aan de raden en Staten, en die moeten daar dan dat gaan bekrachtigen. En ik zie dus in die agenda helemaal niets staan van een moment waarop raden of Staten gevraagd wordt besluiten te nemen. Ik heb daarover vragen gesteld, en vervolgens kreeg ik in de beantwoording precies terug de aanleiding waarom we de vragen stelden, namelijk: u bent toch in de gelegenheid om wensen en bedenkingen aan te geven en u bent toch in de gelegenheid om van informatieverstrekking kennis te nemen. Ja, daar ging het nou net niet om. We hebben met elkaar afgesproken democratische legitimatie, u neemt besluiten, en we doen dat niet. En de vraag is even, ik weet niet hoe anderen hier daarover denken, wat ze daarvan vinden, of dat of dat iets wat ik zeg, nou ja, oké, als we het op deze manier doen met wensen en bedenking, is het ook wel goed. Maar ja, ik ging even uit van de uitgangspunten en die liggen naar mijn smaak ietsje anders. Maar ik wil dat graag toetsen aan anderen, en anders moeten we daar misschien iets mee als u het daarmee eens bent. En ik ben ook heel erg nieuwsgierig naar de mening van de portefeuillehouder op dit punt. Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter: Dank u wel. ZEE. De heer Sukel. De heer Sukel: Dank u wel, voorzitter. Nou, ik kan me goed aansluiten bij de woorden van heer Bouberg Wilson. Verder mis ik in de planning de PPLG, Provinciaal Programma Landelijk Gebied. Zeker voor Zandvoort zeer relevant, gezien de grote hoeveelheid natuur om ons heen. Ik denk dat het absoluut een punt zou moeten zijn wat op de agenda staat. Ruimtelijke puzzels staan er wel op, maar voor zover ik begrijp is PPLG toch echt een ander onderdeel. Gaat het over water, gaat over bodem, gaat over natuur, stikstof en dat soort discussies. En verder, dat is weer zo’n vormdingetje, daar ben ik af en toe misschien een beetje zeurderig over. Op de agenda staat het stuk als definitief terwijl als je het stuk zelf opent dan staat er in grote letters concept doorheen, dus ik wil graag voor dat soort dingen even duidelijkheid. Wat mij betreft, zoals ik begrijp is een conceptstuk dus. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. VVD. De heer Drommel. De heer Drommel: Ja, dank u wel voorzitter. Wij kunnen ons goed vinden in de voorgestelde zienswijze en we zijn in ieder geval ook wel blij dat we nu de zienswijze kunnen geven voordat het wordt behandeld, dus daar zijn we in ieder geval positief over. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel. PVV. De heer Van den Oever. De heer Van den Oever: Ja, voorzitter. Even kijken, hoor. De vragen van OPZ die zien we als heel goed. En hoe wij over MRA denken is inmiddels bekend. De voorzitter: Dank u wel. Jong Zandvoort. De heer Driehuizen. De heer Driehuizen: Ja, bedankt voorzitter. Nou, deze termijnagenda is eigenlijk een soort hulpmiddel om inzicht te krijgen wat er het komende jaar in MRA-verband allemaal gaat spelen en hoe dat deze gemeente raakt. Dus wij zagen het eigenlijk als een soort van planning en agendering voor aankomend jaar. En daar hadden we eigenlijk ook geen vragen over, dus wat ons betreft is ook een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. CDA. De heer Mettes. De heer Mettes: Ja, aansluitend. Volgens mij gaat het om een betere informatiepositie en het kan inderdaad verbeteren. Dus wij zijn hiervoor en voor ons is het een hamerstuk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij zijn ook akkoord met de zienswijze en de verbetering van de informatiepositie is belangrijk. En ik wil wel van de gelegenheid even gebruikmaken om onze MRAvertegenwoordigers hier ook bij te betrekken. Dank voor jullie, voor uw input en de manier waarop het gaat, want dat brengt ons ook beter in positie. En voor dit stuk hebben wij verder geen opmerkingen. De voorzitter: Dank u wel.
GroenLinks, de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, dank u wel. Wat dat betreft zijn we blij dat dit stuk toch op deze manier naar de raad is gekomen en wellicht beantwoord ik daar ook al een vraag mee van de Ouderen Partij. Het bestuur heeft voorgesteld van de MRA om dit op een andere manier naar de raden toe te brengen, of de vraag eigenlijk neergelegd bij de MRA-raadstafel, willen we dit wel op deze manier naar de raad brengen? Wij hebben als raadstafel juist geconcludeerd dat het wel fijn zou zijn als wij juist nu al op dit tussenjaar, zoals ze dat zelf noemen, al wat input kunnen leveren omdat we straks op een termijnagenda vanaf het jaar 2024 daar veel beter op kunnen gaan sturen en dat dat dan ook eigenlijk een soort van verbeterd document is. Dus dit is een mooie testfase, en juist denk ik de op -en aanmerkingen die het college voorstelt via het raadsbesluit dat wij hier kunnen nemen via de zienswijze die we kunnen terugsturen, denk ik dat dat daar heel erg mooi op aansluit wat dat betreft. Wel vindt GroenLinks dat de termijnagenda zoals die nu er visueel uitziet nog echt een verbeterslag kan maken. Het is vooral een breidel van vakjargon, wordt ook al aangehaald in het stuk.
En wat wij zouden willen zien is dat we ook kunnen zien wanneer iets uit het termijnen gaat lopen, en zeker met de digitale mogelijkheden die er nu zijn zouden we dat een mooie vertaalslag vinden om dat ook mee te nemen richting de MRA. Een kleurensysteem zou dan hier wel mooi zijn. Tot slot nog een toevoeging wat betreft de actualisatie. Wij zouden graag zien dat het in december, voorjaar en najaar zou plaatsvinden, rondom eigen de gebruikelijke momenten waarin ook raadsstukken van onszelf, althans onze eigen P&Ccyclus, ook wordt geactualiseerd, zodat we daar mooi bij in pas blijven lopen. En tot slot had de heer Hermsen nog een opmerking wat betreft de laadpalen. Ik wil graag zo meteen of later deze week met u nog even van gedachten wisselen over de manier waarop wij dat eventueel zouden kunnen, ja, aan tafel zouden kunnen brengen bij de MRA-raadstafel. Dus dat wil ik u meegeven als geste. Dank u wel. De voorzitter: U heeft een interruptie van ZEE, de heer Sukel.
De heer Sukel: Er bestaat iets als de MRAE. Dus volgens mij hoort dat op die tafel vooral. En ik begrijp dat er ook al zaken zijn ingediend vanuit Zandvoort, maar dat weet ik niet helemaal zeker. Onder andere de TinQlocatie als superchargerplek voor dat soort zaken. Kunnen we het later over hebben. Dank u wel. De heer El Gebaly: Dank u wel, alleen gaat de MRA-raadstafel denk ik net ergens anders over en is het meer waar de portefeuillehouders mee in overleg zijn. Wij zijn meer over de processen bezig wat dat betreft. De voorzitter: Dank u wel, dan geef ik nu graag het woord aan de portefeuillehouder, de heer Moolenburgh. De heer Bouberg Wilson: Ik ben nog iets in mijn inbreng vergeten, mag ik die meenemen richting portefeuillehouder nog, alstublieft? De voorzitter: Als het kort is. Als het kort kan. De heer Bouberg Wilson: Ja, dat kan. In punt G, daar sprake van een verzoek om voor een zorgvuldige beoordeling van de uitgaven van het aanjaagbudget. Als ik het goed begrijp, is dat een verzoek aan het bestuur om zijn eigen voordracht zorgvuldig te beoordelen. En ik denk dat het verstandiger zou zijn als wij het bestuur zouden vragen om een zorgvuldige onderbouwing van hun voorstel, want dan kunnen wij het beoordelen. En ik denk eerlijk gezegd dat het wel handig zou zijn als we in die gelegenheid worden gesteld. Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter: Dan is nu het woord aan de portefeuillehouder, de heer Moolenburgh. De heer Moolenburgh: Dank u wel, voorzitter. Laat ik even starten met de opmerking dat als ik kijk naar de progressie die de afgelopen tijd gemaakt is als het gaat om het in positie brengen van u als raad en alle raden en achterbannen van de betrokken partners binnen de MRA, dat er echt grote stappen gezet zijn. En ik ben dan ook ongelooflijk blij met de betrokkenheid vanuit u als raad bij de raadstafel, omdat ik ook merk dat daarmee de directe link met, nou, ik zou maar zeggen u als directe vertegenwoordigende achterban, ook een stuk sterker geworden is. We hebben vanmiddag ook het portefeuillehouderoverleg gehad met alle Kennemerlandse gemeentes waarbij wij onze inbrengen afstemmen met elkaar. Ik kan u vertellen dat wij als Zandvoort daar wel de meest vertegenwoordigde gemeente waren als college, in aantal, maar ook in het hoge woord, kan ik u zeggen. Maar in ieder geval, we merken wel wat dat betreft dat het ongelooflijk belangrijk is op al die woorden tegelijkertijd te schakelen. Even naar de opmerking van de heer Bouberg Wilson met betrekking tot die governance in relatie tot hoe we met elkaar werken.
En dan ga ik even terug naar 28 september 2021, want toen hebben wij hier in deze raad als hamerstuk, en dat is in de commissie uitgebreid besproken, dat was nog onder mevrouw Verheij als portefeuillehouder, de spelregels vastgesteld met betrekking hoe wij omgaan met alle zaken die binnen de MRA spelen en ook hoe wij tot de verschillende producten komen die binnen de MRA worden opgeleverd. En alle besluiten die er op dit moment genomen worden, en alles wat er binnen de MRA speelt en alle besluitvormingsprocessen zoals we die nemen, vallen binnen die samenwerkingsovereenkomsten. Ik geef u als voorbeeld ook richting de nieuwe MRA-agenda, dus de grote agenda die vanaf ‘24 zal gaan gelden en dus de komende periode zou moeten worden opgesteld, ook daar gaan we aan werken, en dat is nou typisch zo'n product waarvan in de spelregels is afgesproken: dat komt voor wensen en bedenkingen naar de raden, dan gaat het weer terug, dan komt het nog een keer terug en dan bevelen wij u aan om dat vast te laten stellen in uw raad. Dus dat zullen wij ook doen, dat zeg ik u bij dezen toe, dat voor zo'n ongelooflijk belangrijk product als dat, dat wij dat hier zullen vaststellen. Het is een hele harde aanbeveling die in de spelregels is opgenomen.
Nogmaals, ik zie grote progressie als het gaat om de legitimatie van hoe er binnen de MRA gewerkt wordt en tegelijkertijd de complexiteit van met 36 partners samenwerken is enorm. En ja, brengt ook met zich mee dat je ook af en toe het vertrouwen moet hebben dat de vertegenwoordigers die namens ons als gemeente, of dat nou van u als, vanuit u als raad is of vanuit het college in mijn geval, ook echt de inbreng van Zandvoort volop mee zullen nemen in alle besluiten die er
genomen worden. Het punt van, er werd net al even gewisseld, kom ik even bij opmerking van de heer Hermsen over de laadpalen. Dat is typisch ook een onderwerp wat binnen de mobiliteitstafel thuishoort, het platform thuishoort, dus de portefeuillehouder daarin vertegenwoordigd zal dat in ieder geval in zijn oren knopen en meenemen. Maar goed om nog even te wisselen wat uw bevindingen zijn om ook op inhoud daar nog wat voeding van te kunnen krijgen. Dat punt van de PPLG neem ik eventjes mee, mijnheer Sukel, ik moet even kijken op wat voor aansluiting, of we dat nog ergens als opmerking mee kunnen nemen. En dan met betrekking tot het aanjaagbudget, daar hebben we natuurlijk al heel veel over gewisseld in eerste instantie, en nou ja, die boodschap is een heel helder dat ook dat aanjaagbudget van een stevige onderbouwing moet worden voorzien en dat zal vanuit het bestuur ook gebeuren. Volgens mij heb ik alle vragen beantwoord, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk de commissie rond, is er iemand van u die het woord wenst in tweede termijn? Dat is niet het geval. En dan kijk ik even vanuit mijn blik even naar de PVV. Want ik ga ervan uit, gelet op uw standpunt, dat u tegen wenst te stemmen. Of wilt u een hamerstuk ervan maken met stemverklaring? Hamerstuk met stemverklaring, dank u wel. 12.
Benoeming nieuw lid Raad van Toezicht Stopoz De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt dertien. En dat is benoeming nieuw lid Raad van Toezicht van Stopoz, en Stopoz staat voor Stichting Openbaar Primair Onderwijs Zuid-Kennemerland. De gemeenteraad is bevoegd om een besluit te nemen met betrekking tot het benoemen van de leden van de Raad van Toezicht van Stopoz. De raad wordt gevraagd akkoord te gaan met de benoeming van de heer R. Brand als lid van de Raad van Toezicht profiel onderwijs. Is er iemand vanuit de commissie die het woord wenst over dit onderwerp? CDA, de heer Bol. De heer Bol: Ja, dank voorzitter. Ja, verder inhoudelijk weinig op aan te merken, maar wel één vraag. Deze brief is al, nou ja, begin december is die verstuurd naar de gemeente. En de benoeming is per 1 maart. Maar wij geven natuurlijk als raad pas eind maart een klap hierop. En ik vraag me af waarom dit zo, nou ja, nu pas op de agenda staat. De voorzitter: Verder iemand in eerste termijn? Dat is niet het geval, dan is naast mij hier aangeschoven wethouder Carree, en aan u het woord. De heer Carree: Ja, dank u. De brief is van 8 december. De termijn is, dan wordt hij ambtelijk behandeld, dan komt die in mijn staf, dan ga ik er wat van vinden en dan wordt die voorgelegd aan de agendacommissie.
Dus daar zit gewoon een aantal weken tussenin met mogelijk nog een reces wat ertussen zit, gezien de feestdagen. Dus ja, dat is de termijn waar wij altijd tegenaan lopen. Dus van mij mag het ook af en toe wat sneller. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar de tweede termijn. CDA, de heer Bol. De heer Bol: Ja sorry, laatste … Duidelijk verhaal. Maar betekent dat dan, voor mijn beeld, dat de benoeming gewoon één maand opschuift, of … De voorzitter: Beantwoording in tweede termijn, wethouder Carree. De heer Carree: Goede vraag. Kan ik inhoudelijk geen antwoord op … Ik verwacht dat de benoeming gewoon tijdelijk plaatsvindt in afwachting van alle gemeenteraden die plaats moeten vinden. En ik weet dat wij een van de eerste gemeenten zijn die hem behandelen. Dus ik … O, oké, een van de eersten.
De voorzitter: Dank u wel. Daarmee sluiten we de beraadslagingen. En dan gaat dit stuk niet als hamerstuk door naar de raad, aangezien het gaat om een stemming over personen, dan kan het niet als hamerstuk. Ik kan u wel meegeven dat u het bij acclamatie kunt vaststellen. SAMENLEVING 13. Opinienota Sociale Basis 2024 en verder De voorzitter: Daarmee gaan we over naar agendapunt veertien en dat is de opinienota sociale basis 2024 en verder. De sociale basis omvat alle ondersteuning aan en activiteiten voor inwoners die dat in hun eigen leefomgeving nodig hebben en actief willen zijn. Het college vraagt de commissie om haar opinie te geven over de denkrichting die wordt geschetst voor het doel en de organisatie van de subsidieafspraken met partners in de sociale basis vanaf 2024. Dan gaan we naar de eerste termijn van de commissie. ZEE, mevrouw Schrijnemaekers. Mevrouw Schrijnemaekers: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben het uitgebreid gelezen. Staan mooie doelstellingen in, echter niet concreet genoeg voor ons, zoals ook door adviescommissie sociaal domein werd aangegeven. Daarnaast zien wij dat er 1700 mensen gebruik hebben gemaakt van het aanbod, maar wij hebben geen enkel zicht op hoe groot de doelgroep is, dus wij kunnen, hebben geen idee of we het hier hebben over het topje van de ijsberg of de complete doelgroep.
En daarom hebben wij ook als punt: wij zien dat er ontzettend veel partners en organisaties onderdeel zijn van dit sociaal plan, en daar zijn we heel blij mee, maar tegelijkertijd maakt dit het voor de inwoners ook minder overzichtelijk. Wie biedt wat, waar, wanneer? En als je dan kijkt naar hoeveel mensen er gebruik hebben gemaakt van het aanbod denken wij dat hier echt nog een grote slag te winnen valt en dat er veel meer mensen zijn die hier gebruik van zouden kunnen maken. Wij krijgen regelmatig ook te horen van inwoners dat zij niet of onvoldoende bekend zijn met wat er allemaal is. En wij zouden graag ook zien dat daar nog meer op ingezet wordt, om het meer kenbaar te maken bij de inwoners waar ze wat kunnen halen. En de vraag aan de wethouder is ook hoe hij dat voor zich ziet en welke plannen hij daarvoor heeft. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. CDA, de heer Bol. De heer Bol: Ja, dank voorzitter. Heldere vraag inderdaad van ZEE. Nou ja, in eerste instantie ook dank aan de wethouder voor deze opinienota met daarin de denkrichting. Ja, en het is goed om te zien dat de partijen elkaar steeds beter weten te vinden om die samenwerking steeds verder aan te gaan. Ik heb zelf afgelopen zomer een ochtend meegelopen met Juttersgeluk en ik heb toen ook echt met eigen ogen kunnen zien dat de organisaties elkaar ook opzoeken en dat die schotten ook echt verdwijnen.
De thematafels die, nou ja, die dragen daarbij zeker bij. Tegelijkertijd ook goed om te lezen dat er oog is voor de kleine organisaties, om te voorkomen dat de kleine organisaties niet op een gegeven moment verzuipen natuurlijk in de hoeveelheid overleggen. Verder lees ik in het stuk ook terug over het opstellen van een huisvestingsplan. Wordt hier bijvoorbeeld ook huisvesting voor jongerenwerk in opgenomen en kan de wethouder een indicatie geven wanneer dit plan naar de raad komt? Verder zou ik ter overweging aan de wethouder willen meegeven om de twee scoutingverenigingen niet meer mee te nemen in de sociale basis maar juist over te hevelen naar de sportverenigingen om daar meer de samenwerking op te zoeken. En ons laatste punt zou ik willen vragen, want we hebben hier te maken met een grote hoeveelheid organisaties, om zodra deze plannen definitief zijn ook een raadsinformatiebijeenkomst te organiseren waarbij organisaties, nou ja, zichzelf kunnen voorstellen, zodat ze nog beter een gezicht krijgen. En dat we het ook eens met elkaar kunnen hebben over hun rol, hun werk en ook de actuele thema's die er spelen. Verder geen opmerkingen, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. GroenLinks, de heer El Gebaly.
De heer El Gebaly: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde net een zin typen dat ik het verzoek van het CDA steun voor een raadsinformatieavond, dat lijkt me een goed idee. En heel erg vruchtbaar om dat ook hier te organiseren weer voor ons als commissie- en raadsleden. Het stuk zelf dan, dank daarvoor ook. Er ligt een aanpak waar wij positief naar kijken. De inwoners van Zandvoort worden juist in hun kracht gezet zonder dat de klachten van mensen worden weggewimpeld en genegeerd. Dus die worden ook daarmee mooi meegenomen. Het is goed om te zien dat we als gemeente focussen op meerdere vlakken, want gezondheid is natuurlijk ook een heel groot en breed begrip. En het is ook fijn dat organisaties goed samenwerken en nog beter gaan samenwerken en expertise daarin delen, omdat dat alleen maar versterkend kan werken. Het college wil weer langdurige subsidies aangaan, ook iets wat wij je als positief zien, want je kan daardoor mensen ook langduriger blijven steunen en dat is iets heel moois. Bij het stuk wordt ook ingezet op innovatie en daar hebben wij een beetje moeite met de interpretatie van het stuk, want innovatie en langdurige overeenkomsten kan elkaar natuurlijk ook bijten als je wil inspelen op nieuwe initiatieven.
Dus de vraag aan de wethouder is hierin ook: hoe kunnen we ervoor zorgen dat die nieuwe initiatieven, of hoe zorgen we ervoor dat die nieuwe initiatieven ook mogelijk blijven en zijn, nieuwe organisaties zich kunnen aansluiten in Zandvoort zonder dat dat ten koste gaat van de lijnen zoals we die hebben ingezet in het stuk? Is het misschien een en-en of is het een of-of in deze is dan de vraag. Ook willen wij het college bedanken voor het overnemen van het advies van de Adviesraad. Het is goed dat zo'n adviesorgaan ook serieus wordt genomen en dat wij dat advies dus ook overnemen. En we zijn dus benieuwd naar de antwoorden. En tot slot wil ik de wethouder nog van harte feliciteren met zijn verjaardag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij pleiten ervoor om de aanbeveling van de Adviesraad Sociaal Domein over te nemen. Dat zijn vijf punten. Per doelgroep aangeven welke aantallen burgers het gaat, hoeveel ervan worden bereikt en hoewel daarvan baat hebben bij een ondernomen actie en welk aantal niet. Het voorstel om bij toelaten van nieuwe initiatieven als primair criterium op te nemen dat de activiteiten gericht zijn op preventie. Dit conform het IJsland project.
Dat het aantal gebruikers dat gebruikmaakt van het aanbod van de subsidiepaden dus weinig zegt over de mate waarin de burgers daarbij baat hebben, en dat dit gegeven, de effectiviteit dus, primair bepalend moet zijn bij het toekennen van een vervolgsubsidie. Het voorstel om voor het beoordelen van resultaten van de subsidiepartners, de effectiviteit van die partners, een onafhankelijke controlecommissie in te stellen en dit oordeel te betrekken bij het toekennen van een vervolgsubsidie. En ten laatste het voorstel als het niet mogelijk is om het resultaat ter inzet van een subsidie ‘…’ op de genoemde thema's te meten, de subsidie op basis van een ander wel meetbaar criterium toe te kennen en als zodanig in de opinienota op te nemen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank u wel, voorzitter. Ja, de sociale basis. Het laagdrempelig aanbod waar iedereen gebruik van kan maken. Toegankelijk en vraaggestuurd. Nou, het was een flinke omwenteling in 2019, dat werken met die thematafels om die samenwerking te bevorderen.
We vroegen ons ook af hè, wordt het niet een vergadercircuit? En gaat het ook lukken om al die kleine partijtjes hun eigen aanbod overeind te houden? En lukt het vooral om dat Zandvoort netwerk te versterken? En komen dan toch die nieuwe initiatieven waar mijnheer El Gebaly het ook over had tot stand? Nou, zo hebben we ook nu naar dat stuk gekeken van de denkrichting en wij onderschrijven voor een groot deel de denkrichting die hier voor ons ligt. Want eigenlijk vinden wij dat het goed gaat. Ondanks de coronatijd die een flinke invloed had natuurlijk, of misschien wel dankzij. Want juist in coronatijd bleek maar weer eens waar het Zandvoorts model, de korte lijntjes goed in was. Wij zijn best trots op wat er elke dag uit de kast gehaald wordt voor iedereen die het nodig heeft. Want dat kan natuurlijk iedereen zijn in Zandvoort. Leeftijd, inkomen, gezondheid, allemaal terreinen waar iemand van de ene op de andere dag kwetsbaar in kan worden. Dat probleem van het vergadercircuit vinden we wel iets waar we waakzaam in moeten blijven. Het gaat goed en mag beter, en dat geldt eigenlijk ook voor die
controle op de uitvoering. Want de vraag is dan wel: wat willen we weten? De aanbevelingen van de Adviesraad zijn waardevol, zoals altijd, en het is goed als deze worden overgenomen. Want hoeveel mensen we bereiken is eigenlijk op zich niet belangrijk, maar wel in relatie tot hoeveel mensen behoren tot de doelgroep? En hoeveel daarvan bereiken we? Ja, dat is natuurlijk een hele lastige. Maar goed, bereiken we iedereen, is dan de vraag. En hoeveel mensen betrekken we erbij bijvoorbeeld als vrijwilliger, vind ik de andere kant die ik ook interessant vind, want zonder al die belangrijke vrijwilligers lukt het niet, maar tegelijkertijd is dat voor hun ook een onderdeel, dat vrijwilliger zijn, van zinvol bezig zijn. Dus dat is een beetje overlopend communicerend vat, zoiets cryptisch. Dat van die vrijwilligers zal ook lastiger worden. Dat zie je bij alle verenigingen en dergelijke. Dus ik vroeg me af of daar ook een denkrichting verder nog in is. En cijfers alleen zeggen het niet hè, effect meet je ook in verhalen van de gebruikers. Maar die leveren wel een heel mooi cijfer aan, 8,4. En dat is ook wel iets om trots op te zijn. We zijn dus ook positief over die samenwerking. Het werken van de thematafels levert duidelijk een beter netwerk op, dat is al eerder gezegd.