Transcript - 7 maart 2023
Tekst van het document
Wat we daarnaast wel als college hebben gedaan, dat is wel nieuw deze periode en daarom waarschijnlijk ook niet in dit onderzoek meegenomen, is de manier van organiseren bij ons politiek wat hebben veranderd. Voorheen waren de projecten versnipperd onder diverse portefeuillehouders. We hebben er deze periode echt voor gekozen om een, ja het is nu wat ongemakkelijk, omdat hij inmiddels weg is, maar een specifieke projectwethouder die ook de samenhang begrijpt en de versnellingen aan wist te brengen of althans daarmee bezig is en juist een wethouder die daar volledig op gefocust is, is denk ik ook een toegevoegde waarde. Monitoring is nog een punt wat vaak aan de orde kwam, onder andere het CDA vroeg daarnaar bij een van de aanbevelingen. In de reactie van het college zeggen wel al dat we die aanbeveling graag overnemen en ook inderdaad in de P&C-documenten daar aandacht aan willen besteden. Daarnaast zijn we begonnen met elk kwartaal een raadsinformatiebrief sturen met nou bijvoorbeeld die concrete projecten van waar staan we nu, wat is er afgelopen kwartaal gebeurd, wat is er volgende kwartaal op de planning. Donderdag staat hij op de planning en ik geloof april krijgt u de volgende alweer, dus inderdaad om u als raad nadrukkelijker te informeren. Even kijken. De fractie van Jong Zandvoort vroeg nog naar de monitor plancapaciteit.
In dit onderzoek werd verwezen naar eentje uit 2018 en kan dat niet actueler. Ja daar is inmiddels een actuelere. U kunt ook naar www.plancapaciteit.nl. Dat is een site vanuit de provincie Noord-Holland en daar kunt u ook de meest actuele stand van zaken zien en onze huidige plancapaciteit en een deel van die plancapaciteit is wat hardere plancapaciteit en een deel is wat zachter omdat hij wat verder in de tijd ligt en wat onzekerder is. Ja daar ging het ook nog even over de reden van vertraging. GroenLinks vroeg daarnaar. Wij verwezen in onze reactie naar bijvoorbeeld bouwkosten, de complexiteit van projecten en GroenLinks stelde eigenlijk de vraag van ja ligt het niet gewoon meer in het
uitstellen zelf. En volgens mij zit hier niemand in deze raadzaal, zowel politiek als bestuurlijk als ambtelijk die als doel heeft vertraging en vertraging ontstaat altijd door iets, bijvoorbeeld omdat een project, nou de onderzoeker haalde het net al aan, we hebben hier heel veel inbreidingslocaties. Kijk, een weiland volbouwen is misschien iets makkelijker dan in een bestaand gebied verdichten, dus dat brengt altijd wat meer complexiteit met zich mee. Omwonenden, stikstof is bij ons altijd ingewikkeld, de timing in het jaar is ingewikkeld, de belangen zijn groot. Dus het zijn allemaal, alle projecten die we hier hebben zijn heel complex en daardoor ontstaan vertragingen. Die ontstaan niet doordat hier iemand is die denkt goh weet je wat ik vandaag eens ga doen, ik ga zorgen voor vertraging. Dat is niemands doel en we hebben allemaal hetzelfde doel, namelijk meer woningen bouwen en zeker voor de juiste doelgroepen. Volgens mij, voorzitter, heb ik zo de vragen die aan mij zijn gesteld beantwoord, maar als dat niet zo is hoor ik dat natuurlijk graag. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik, tweede termijn ligt in de commissie waarbij er ook richting de commissie een aantal vragen werden gesteld, suggesties ook werden gedaan, onder andere door D66 en ZEE. Ik ga deze keer rechtsom. GroenLinks, de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Rechtsom en dan bij links beginnen vind ik mooi.
Mooie zin. Dank u wel, voorzitter. Ja allereerst dank voor de antwoorden van de wethouder, maar ook van de onderzoeker. Nee, ik denk niet dat er een ambtenaar is, voorzitter, die hier alles probeert tegen te houden. Nee, ik denk niet dat er een raad is die hier alles probeert tegen te houden en nee, ook geen wethouder of portefeuillehouder die dat doet. Maar als ik kijk naar het aantal plannen en de hoeveelheid verschillen daarin per raadsperiode dan ligt daar misschien wel meer de vinger op de zere plek en dan kunnen we dat wel politiek gezien aan onszelf als raad verwijten, dat wij niet standvastig zijn in het behouden en het behalen van plannen die wij ooit hebben bedacht, want dan zouden die bouwkosten minder zijn geweest, dan zou er misschien wellicht meer stikstofruimte zijn geweest en ga zo maar door. Dus ik denk dat daar, dat ik dat meer bedoelde en daar meer de zere plek ligt en dat dat ook misschien, voorzitter, meer een spiegel is die wij ons als raad moeten voorhouden, dat wij wat continuer zijn, moeten zijn en moeten blijven in het behouden en het vasthouden aan een bepaalde koers die we hebben ingezet. En dan deed de behandeling van de vragen of de antwoorden daarvan in de eerste termijn mij nog meer ergens aan denken en dat is iets wat ik al langer mis en dat is een integraliteit tussen onze projecten.
Hoe zorgen we nou eigenlijk ondanks al die complexiteit, want ik onderschrijf, voorzitter, wat de wethouder daarin zegt, hoe kunnen we nou ervoor zorgen dat die Zandvoortse kleur, Zandvoortse uitstraling daarin gewaarborgd blijft en niet dat we straks een hele mooie moderne toren hebben in Zandvoort Noord en een mooi oudbouw richting de Watertoren? Hoe kunnen nou ervoor zorgen dat dat ondanks dat het hun eigentijdse karakters kan hebben bij Zandvoort en bij ons past? En misschien is dat ook wel iets wat wij als raad, waar wij over moeten nadenken, omdat we dan ook wat meer de kaders hebben om vervolgens daar aan de hand daarvan te sturen op beleid, dus dat wilde ik eigenlijk nog bijdragen in de tweede termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Dank u wel voorzitter. Ik wil even ingaan op een opmerking van de heer Sukel die hij maakte inzake de verwoording in het raadsstuk.
Hij vroeg zich af hoe kon het nou dat we de aanbevelingen van de Rekenkamer worden verzocht over te nemen, terwijl we tegelijkertijd weten dat het college belangrijke punten daar toch wat bedenkingen bij heeft bij die opmerkingen en dat zit hem, ik had precies hetzelfde, dus ik begrijp heel goed de opmerking, alleen wij stelden vast dat dat raadsstuk is niet van het college, maar is van de Rekenkamer en dat de Rekenkamer van zichzelf zegt wilt u de aanbevelingen overnemen, dat is goed te begrijpen, maar ik denk dat op moment dat je de inbreng van het college hebt gelezen en dat daarnaast legt,
ja dan zul je toch op bepaalde punten iets moeten afdingen. Dat betekent dan ook dat wij wat betreft het raadsvoorstel wel instemmen met de door de Rekenkamer gedane aanbevelingen, maar dat dan voor zover overgenomen en niet weerlegd door hetgeen wat het college heeft opgemerkt en dat zou dan dus ook betekenen dat het raadsvoorstel in ons idee geamendeerd zal moeten worden. Dan zijn er twee aanbevelingen die wij in ieder geval even willen checken hoe het college daarin zit. En dat is namelijk hoe kunnen we nu nagaan op welke wijze de gemeenteraad bij noodzakelijk afwijken van beleidskaders ten behoeve van de voortgang van projecten, sneller integrale keuzes kunnen maken? Sneller, omdat we namelijk die zaak willen bespoedigen en integraal, hetgeen wat ook de heer El Gebaly zei in zijn tweede termijn, want dat is namelijk natuurlijk ook wat we graag willen doen, dat we integraliteit honoreren. Dan, we hebben het ook gehad over de versnellingsmogelijkheden en we hebben het ook gehad over de ambtelijke capaciteit die wisselend is en ik heb in mijn eerste termijn opgemerkt dat de provincie aanbiedt om een flexibele schil daarvoor ter beschikking te stellen in een andere capaciteit en het lijkt me verstandig om het college te vragen dat te onderzoeken en de resultaten ervan terug te rapporteren aan de raad. Dat is hetgeen wat ik in tweede termijn wilde opmerken.
Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Jong Zandvoort, de heer Driehuizen. De heer Driehuizen: Bedankt voor de beantwoording van onze vragen. Ik heb het document gelijk even geopend over de plancapaciteit. Er staan veel cijfers in, dus ik ga dat nog wel even checken. Ik denk dat het inderdaad verstandig is om daar het gesprek nog een keer over te voeren en hoe je dat inderdaad in het eigen beleid zou kunnen toepassen, want dit betreft het bedrijf, het beleid van de provincie en de MRA. Er werd ons gevraagd naar onze mening over het voorstel van D66. Ik ben even kwijt wat dat ook alweer exact was. Misschien dat u het straks nog een keer kunt herhalen. En wij hebben voor de rest ook geen vraag meer. Dat was hem. De voorzitter: Mijnheer Hermsen, D66. Zou u nog even kort willen aangeven waar u een reactie op zou willen van de commissie? De heer Hermsen: Ja dank u wel voorzitter. Het gaat met name om de het feit dat wij als aanbevelingen als raad aan de raad geven en de vraag is of dat niet gewoon wat stringenter kan. Dat was een beetje de vraag, dus eigenlijk amenderen en dan de opdracht geven daadwerkelijk ook wat hier staat, waar een opdracht in zit dat aan het college te geven en niet aan de raad zelf.
Het is natuurlijk goed dat we het aan de raad zelf geven, maar ik denk dat het meer, wat meer daadkracht geeft op moment dat wij die opdracht ook daadwerkelijk geven aan het college en niet aan de raad. De voorzitter: Dank u wel voor deze toelichting nogmaals. De heer Driehuizen. De heer Driehuizen: Ja wij zijn het daarmee eens. Wij ondersteunen dat. De voorzitter: Dank u wel. PVV, de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Dank u wel voorzitter. Ook onze dank aan de wethouder voor de antwoorden. Wij hebben niets toe te voegen aan hetgeen we al eerder gezegd hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. ZEE, de heer Sukel. De heer Sukel: Geen verdere toevoegingen. Een amendement is wat ons betreft natuurlijk akkoord dan.
De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja dank u wel. Ja ik heb gevraagd om het te amenderen. De vraag is een beetje hoe we het gaan amenderen en wat we daar dan in gaan zitten, maar ik wil daar best wel in gezamenlijkheid even naar kijken wat een goed idee is om over te nemen. Daarin ga ik overigens niet mee met wat de heer Bouberg of de heer Wilson zegt, Bouberg Wilson van OPZ met betrekking tot wat het college daarvan vindt, want ik vind dat een rapport wat komt van de Rekenkamer dat we die aanbevelingen ter harte moeten nemen en dat we gewoon als raad in positie gezet moeten worden. Dat moeten we zelf doen, dus dan moeten we het amenderen en dan is een beetje de vraag of het uitvoerbaar is of niet en ook de stelligheid die ook genoemd wordt, ook in de brief van de Rekenkamer, van het college daarin. We moeten voorkomen zeg maar dat het wat meer, dat het geen gebakken lucht is, maar ook daadwerkelijk gebeurt. Dat is eigenlijk een beetje wat ik wil aangeven. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Bouberg Wilson, OPZ. De heer Bouberg Wilson: Waar wij elkaar kunnen vinden zijn we daar gaarne toe bereid en ik heb niet de indruk willen wekken dat wij stelselmatig tegen de conclusies van de Rekenkamer zijn.
Ik heb alleen willen zeggen dat voor zover die zijn weerlegd door het college en daar kun je over van mening verschillen natuurlijk dat we die dan niet overnemen, maar op moment dat we even met elkaar praten en vaststellen wat nu wel en niet adequaat is weerlegt dan komen we daar denk ik gezamenlijk wel uit en het zou mooi zijn. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Voor zover ik weet heb ik dat niet gezegd, dus ik heb niet gezegd dat OPZ tegen de conclusies van de Rekenkamer waren, maar met name zeg maar of we het eerst nog koppelen aan hetgeen wat het college zou willen en dat vinden wij niet een goed plan. Dat is dan de samenvatting wat ik heb gemaakt. De heer Bouberg Wilson: Ik wil voorkomen dat we hier … De voorzitter: De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Al te lang gaan redetwisten, maar ik meende toch heel duidelijk gehoord te hebben dat u het niet eens was met de conclusie die door mij werd verwoord in tweede termijn. De voorzitter: Tot slot de heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja dat heb ik inderdaad gezegd en dat ging met name over de reactie van het college, dus dat heb ik ook nader toegelicht. Dus ik hoop dat die, dat kwetsen, dat dat de weg is. Ja? De voorzitter: Volgens mij zijn we … De heer Hermsen: Ik was al klaar, dus. De voorzitter: Oké dank u wel. De heer Hermsen: U kunt naar de volgende.
De voorzitter: PvdA, mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Dank u wel voorzitter, dank voor de beantwoording. Ik wil toch ook even reageren op wat collega van GroenLinks zei. Ik vind dat heel mooi verwoord. Hoe je zelf eigenlijk als raad ook moet kijken van waar kunnen wij onze invloed pakken, ondanks dat niemand voor vertraging zorgt, denk ik toch goed om waar we het meeste invloed hebben, namelijk onszelf, om daar mee naar de toekomst te kijken. En verder kan ik mij zeker vinden in het voorstel om het stuk concreet te maken zoals D66 aangeeft om met concretere punten verder te gaan. Voor zover de tweede termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. VVD, mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Ja wij sluiten ons ook bij de laatste spreekster aan en we hopen echt op spoedig bouwen, dat in ieder geval. En verder geen aanvullende vraag. De voorzitter: Dank u wel. Tot slot CDA, de heer Mettes. De heer Mettes: Ja dank u wel voorzitter. Ja die cijfers die moeten inderdaad beter bekeken worden. Simpel, honderd woningen in Noord die worden niet vermeld op dit moment, die zijn wel vorig jaar gebouwd bijvoorbeeld en zo zit er nog wel wat meer in de pijplijn en is er ook meer gebeurd, maar dat dan terzijde. Ik ben van mening dat een voorbeeld, het gaat hier om de aanbevelingen, onder punt drie, dat de raad de flankerende beleidskaders op orde moet brengen.
Wat is op orde brengen? U bent er even op ingegaan in uw antwoord, maar dat is mij veel te stellig. Dat kan dorpspartij CDA zich dus absoluut niet in vinden en dat betekent dat ik de opmerkingen die gemaakt zijn door de heer Bouberg Wilson wel degelijk steun. Het gaat natuurlijk om hier aanbevelingen, neem je die over of neem je ze niet over en ter harte nemen, ja het gaat niet om ter harte nemen, het gaat erom kunt u zich vinden in die aanbevelingen en dat kan ik in ieder geval niet als het gaat om punt drie en ten aanzien van hoe ga je er verder mee om, nou daar vind ik terechte opmerkingen over gemaakt door de heer van ZEE. Ja procesmatig op dit moment gaat het raadsstuk hierover en betekent het dus dat ik met de heer Bouberg Wilson, dan bied ik dat zeker aan, in overleg wil, omdat ik een aantal punten absoluut niet kan steunen. En procedureel om het college dus antwoorden van het college erbij te doen, dat is natuurlijk een andere verantwoordelijkheid hoe het college hier verder mee omgaat. Dus de huidige aanbevelingen zullen wij niet overnemen. Het is ook nooit een hamerstuk dan. De voorzitter: Dank u wel. Tweede termijn. Ik heb even links gekeken. Voor de rest geen vragen richting onderzoekers nog om te beantwoorden. Richting portefeuillehouder volgens mij nog één. Is aan u het woord. De heer Hendriks: Ja voorzitter, volgens mij aan mij de vraag vanuit de Ouderen Partij.
Een tweetal, namelijk bij afwijken van beleid hoe, als ik hem even mag samenvatten, hoe brengen we de raad dan in positie? Het is niet onze bedoeling om af te wijken van beleid en van kaders, dus in principe blijven wij als college gewoon binnen de kaders die u als raad heeft opgesteld. Per kwartaal in elk geval rapporteren we over de stand van zaken bij projecten, dus ik neem aan dat het daar ook aan de orde komt als ergens iets niet haalbaar is. En uiteraard brengen we u zo snel mogelijk in positie als er sprake is van kaders die wringen of waarbij u keuzes moet maken. Dan had de heer Bouberg Wilson het over die flexibele schil van de provincie. Die kennen wij. Ik weet ook dat we daar gebruik van hebben gemaakt met een aantal zaken. Ik heb er niet een concrete rapportage of zo van, maar ik kan misschien het makkelijkst toezeggen dat ik de heer Bouberg Wilson een keer bijpraat over wat we daarmee hebben gedaan, want ik weet zelf ook niet meer dan dat we er ooit gebruikt van hebben gemaakt, dus het instrument is bekend en wordt gebruikt.
De voorzitter: Dank u wel. Dan sluit ik hiermee de … Hele korte interruptie. Mijnheer El Gebaly, GroenLinks. De heer El Gebaly: Ja voorzitter dank u wel. Ik hoorde de portefeuillehouder net zeggen dat ie de heer Bouberg Wilson toezegt om met een overzicht te komen. Kunt u ook aangeven wanneer wethouder, portefeuillehouder, wanneer die die toezegging zou kunnen gestalte doen, want ik denk dat dat handig is voor het proces om dat snel te doen. De voorzitter: En ik ga er dan ook meteen vanuit als ik dan meteen mag aanvullen dat het richting de hele gehele raad en commissie gaat en niet alleen richting de heer Bouberg Wilson. De heer Hendriks: Dat hangt er even vanaf wat de concrete vraag is. Kijk voor mij, de heer Bouberg Wilson vroeg kennen we dat instrument en gebruiken we dat. Daarop was mijn antwoord ja dat gebruiken we. En mocht hij nog verdere vragen hebben, praat ik hem graag een keer bij. Als blijkbaar een wens van uiteraard de raad is dat we daar wat breder op communiceren hoe we dat met die flexibele schil van de provincie hebben gebruikt, dan wil ik dat graag toezeggen dat ik daar schriftelijk op terugkom. De voorzitter: Dank u wel.
Daarmee sluit ik de beraadslagingen en dan constateer ik dat het een bespreekstuk is, dat er een amendement in voorbereiding zal zijn, in ieder geval heeft aangeven heb ik gehoord D66 en ZEE, waarbij andere partijen zich mogelijk kunnen aansluiten om het te verfijnen. Dan sluit ik dit agendapunt en dan schorsen we even heel kort dat de Rekenkamer en de onderzoeker weg kunnen gaan, kunnen vertrekken. Nee, kunnen vertrekken en dan, ik schors voor twee seconden. Ik heropen de vergadering en ik kijk nu al uit naar het transcript van de laatste twee minuten, want dat wordt een leuk stukje tekst. 9.
Actualisatie Nota spelregels en vaststellen compensatieregeling De voorzitter: We zijn aangekomen bij agendapunt negen, actualisatie Nota spelregels en vastleggen en vaststellen compensatieregeling. Naast mij is aangeschoven wethouder Hendriks. In 2020 is de Nota spelregels en instrumenten voor realisatie sociale huur en betaalbare huur en koop door de gemeenteraad vastgesteld. Uitgangspunt was om grip op de woningmarkt te vergroten door het stellen van spelregels en het inzetten van instrumenten voor realisatie van het gewenste woningbouwprogramma in sociale huur en middensegment. Op een aantal punten is er aanleiding om de spelregels aan te scherpen en daarnaast een aantal nieuwe spelregels toe te voegen. Voordat ik de commissie het woord ga geven, kijk ik naar de tribune. Daar zijn geen insprekers. Ik denk dat ik hem voor vanavond dat ik die zin ook over kan slaan. En dan ga ik naar de commissie. Als eerste wil graag het woord geven aan VVD. Mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Dank u voorzitter. De VVD die onderschrijft uiteraard de noodzaak om tot een actualisatie te komen voor nieuwbouwprojecten. Het is wel wat schrikken als je leest welke maatvoering wordt gehanteerd en ook de prijzen.
Vijftig vierkante meter voor sociale huurwoningen en zestig voor een betaalbare koopwoning is best klein in onze ogen, maar ik denk dat er niks anders op zit gezien de prijsvoering die genoemd wordt. Ten aanzien van de compensatieregeling voor kleinere projecten hebben we wel wat vraagtekens. Ten eerste de hoogte van de compensatieregeling. Het is gemakkelijker, voor mij was het gemakkelijk om dit te vertalen naar concrete voorbeelden en toevallig speelt nu een situatie bij Kenamju zoals we dat vorige maand hebben besproken, waar een aanvraag is gedaan voor de bouw van vijf woningen, elk 122 vierkante meter. Ik heb het heel grof berekend, ben uitgegaan van een gemiddelde prijs in Zandvoort per vierkante meter maal die 122 vierkante meter en dan kom je op bij nieuwbouw ongeveer op 587.000 euro per woning. Een enorm bedrag, maar de gemiddelde woning van deze grootte in Park Duinwijk die zal zo'n beetje tussen de 550 en de 6 ton liggen, dus vermoedelijk klopt mijn berekening wel ongeveer, maar als gevolg van
de rekenmethode zoals genoemd in de compensatie zal daar dus ongeveer nog 75.000 per woning bovenop komen. Bouwers die zullen dat niet uit eigen zak betalen en doorberekenen en waar wij ons nou vooral erg zorgen over maken is dat dat de doorstroom gaat belemmeren. Kopers van dit soort woningen zijn geen starters, maar vaak tweeverdieners die bijvoorbeeld als gevolg van gezinsuitbreiding en meer financiële middelen uit de starterswoning zijn gegroeid, die de meerwaarde uit de starterswoning vaak aangevuld met spaargeld in een volgende woning willen stoppen. Ja als gevolg van de hoge kosten kunnen ze dat waarschijnlijk die doorstroom niet maken en dan komt er ook weer geen woning vrij. De voorzitter: Mevrouw Nederlof, u heeft een interruptie van de Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Nederlof: Ja. Mevrouw Koper: Ja ik reageer op doorstroming in de dure sector. Mevrouw Nederlof denkt dat de dure sector gaat zorgen voor doorstroming, maar bent u bekend met het feit dat op een woning van de dure sector heel Nederland en wellicht ook een stukje buitenland kan zich dat verwerven? Dus dat dat niet zorgt voor doorstroming? Mevrouw Nederlof: Nee, maar daar kom ik zo meteen op terug, want daar heb ik nog wel een voorstel voor. Ja. De kopers zijn inderdaad geen starters … De voorzitter: Mevrouw Koper, Partij van de Arbeid, interruptie. Mevrouw Koper: Even de vraag.
Dat zorgt dus niet voor doorstroming. Mevrouw Nederlof: Nee naar mijn, naar onze mening zorgt het wel voor doorstroom, maar daar kom ik zo even op terug. Het is namelijk niet zo dat de, je kan daar ook bepaalde voorwaarden aan stellen, dat wat ik aan wil geven is dat die doorstroom wordt belemmerd. We hebben gekeken naar bijvoorbeeld, nou ja goed, ik zal daar verder even bij wegblijven, maar in ieder geval wonen er veel gezinnen in die woningen boven zo rond een vijf, tussen de vijf en de zes ton. Tevens wordt in regel tien van de bijlage was wordt, dat is de bijlage van de actualisatie, wordt het voorstel gedaan om betaalbare woningen toe te wijzen aan huishoudens die uit een, die een sociale huurwoning in de gemeente achterlaten. Dat is echt een uitstekende regel waar wij voor zijn, want dat bevordert de doorstroom. Echter volgens, vervolgens is in dit geval eventueel ook nog de compensatieregeling van toepassing als er geen sociale woningbouw kan worden gerealiseerd door de bouwer. Is de wethouder met ons eens dat er in dit geval dubbelop is? Immers, er komt een sociale huurwoning vrij en bovendien moet er worden afgedragen in verband met de compensatieregel. Bovendien is de vraag of er in dit geval wel middelduur gebouwd kan worden. Immers, de bouwer zal ook hier van de kosten weer doorberekenen aan de kopers.
Kortom, wij zijn bezorgd of de compensatieregeling zoals deze wordt voorgesteld belemmerend zou kunnen zijn op de doorstroom, omdat de woningen allemaal duurder gaan worden. De compensatie wordt altijd betaald door de koper. We willen doorstroom bevorderen en geven we nu niet onbedoeld een boete aan deze doorstromers? Wat onze vraag is van op welke wijze is de hoogte vastgesteld … De voorzitter: Mevrouw Nederlof, u heeft een inscriptie van Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ja u raakt me toch echt diep in het hart als het hier gaat om sociale woningbouw, dus ik reageer hier weer op. Op het moment dat er geen sociale woningbouw gebouwd wordt, nog afgezien van of we het eens worden over een compensatieregeling, dan ontbreekt daar dus bij de nieuwbouw een sociale
woningbouw. Het feit dat iemand doorstroomt naar middenduur en een sociaal woningbouwhuis achterlaat, ja dat is nu ook aan de orde, dus het saldo is min één, omdat er geen sociale woningbouw wordt gebouwd. Bent u dat met mij eens? Mevrouw Nederlof: Dat ben ik met u eens. De voorzitter: Mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Dat ben ik met u eens. Ja. Mevrouw Koper: Dan klopt die bedenking. Mevrouw Nederlof: Ja ik denk toch wel degelijk … De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Nederlof: Dat er sprake is van doorstroom als we, als mensen, want anders blijven ze in die sociale woningbouw zitten toch? Bent u dat met me eens? Mevrouw Koper: Ik ben het met u eens dat het vorige onderwerp voort met de geit en nieuwbouw, zorgen dat dat klaar komt, dat dat voor doorstroming kan zorgen. Daar kunnen we elkaar vinden. Mevrouw Nederlof: Klopt. Nou dank u wel. De voorzitter: Ik stel voor dat u doorgaat met uw betoog en eventuele punten voor debat dat u met elkaar dat doet in de tweede termijn, zodat we dan de eerste ronde kunnen richten richting college en de tweede ronde het gesprek met elkaar kunnen voeren. Gaat u verder. Mevrouw Nederlof: Dank u wel voorzitter.
De vraag aan de wethouder is met betrekking tot de hoogte van de bedragen, op welke wijze is de hoogte vastgesteld en wat is onderbouwing ervan? En vraag twee is, zou het ook mogelijk zijn om de regeling anders in te steken, zodat doorstroom beter wordt bevorderd, bijvoorbeeld gecompenseerd kunnen worden door een sociale huurwoning in Zandvoort achter te laten door een doorstromer die een koophuis koopt? In dit geval komt namelijk ook echt een sociale huurwoning vrij in Zandvoort. Dat was mijn betoog. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mag u de microfoon … ja dank u wel. Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ja dank u wel. Partij van de Arbeid is voorstander van een sterke regie van de gemeente, want de woningbouw en verdeling aan de markt overlaten dat werkt niet, dan gaat het om winst voor eigenaren en dat levert geen winst op voor onze woningzoekenden.
Sinds 2020 zijn die duidelijke doelen en afspraken er, want de overtuiging leefde breed in de vorige raad dat er meer moest gebeuren om onze inwoners te huisvesten en het Partij van de Arbeidamendement om de verdeling dertig, veertig, dertig te hanteren en een fonds voor sociale woningbouw in te richten, kreeg brede steun van de raad, dus dat was een goeie stap voorwaarts en inmiddels is, ik zeg niet dat dat door Zandvoort komt hoor, maar inmiddels is ook het kabinet ervan overtuigd dat lage en middeninkomens het niet redden zonder steun. Want er is weer een minister van Volkshuisvesting. Nou goed. De vorige periode was goed te merken wat deze spelregels opleverden en welke duidelijkheid dat vooral geeft aan ontwikkelaars. Op het Watertorenplein bijvoorbeeld. Een mooi voorbeeld is en blijft toch ook die Duinwachter, want hoewel de spelregels pas vastgesteld werden
na de start van het project, is er destijds goed geluisterd naar de dringende oproep van de raad om te kijken op welke wijze dit substantiële project een bijdrage kon leveren aan onze huisvestingsdoelen en dat is mede te danken aan de inzet van het college. Kortom, meer regie werkt, dus wij zijn voor deze spelregels en dat er nu een actualisatie aan de orde is, is natuurlijk uitstekend. Er komt meer aandacht voor middeninkomens en dan vooral voor het betaalbare segment. En vergeeft u mij de opmerking dat ik dergelijke prijzen niet betaalbaar vind, want sociale woningbouw tot achthonderd euro, dat heeft natuurlijk niets te maken met betaalbaarheid. Maar goed, dat is een zijpad. In een tijd waarin steeds minder mensen goed kunnen rondkomen en de prijzen van de huizen nog steeds torenhoog zijn, dat ben ik eens met mevrouw Nederlof, komt maar een kleine groep zelf aan een woning. Maar goed, ook dertig procent sociale woningbouw is minimaal en veertig procent zou beter aansluiten bij de samenstelling van de inwoners van ons dorp. Ook dure huizen zijn er echt genoeg. En wat ons betreft zou het voorstel moeten luiden om die twintig procent naar beneden bij te stellen naar tien procent, zodat er meer ruimte is voor middeninkomens en ook meer ruimte is voor sociale woningbouw.
Graag hoor ik of er in deze raad nog steun is voor het voorstel om bijvoorbeeld 35, 55, 10 ervan te maken en volgens ons is dat ook nodig gezien de schaarste ruimte die er nog is om te bouwen. We hadden het net in het vorige agendapunt over plancapaciteit. Partij van de Arbeid heeft een technische vraag gesteld over plancapaciteit en die staat ook bij dit agendapunt. Nou ja dat is om en nabij maximaal achthonderd woningen. Er zijn nu plannen tot 630, dus de schaarse ruimte die er dan overblijft, ja die kan natuurlijk maar één keer goed benut worden en Zandvoort volbouwen, ik denk dat we dat allemaal eens zijn, dat is onwenselijk, want we hebben open plekken nodig om kinderen te laten spelen, om wateroverlast op te vangen, om te wandelen, te fietsen, dus niet elk postzegelplekje moet worden volgebouwd, want dan gaat het ten koste van de leefbaarheid. Dus wij moeten volgens Partij van de Arbeid zou je moeten bouwen altijd een bijdrage leveren aan onze doelen en dat zijn niet de dure woningen. Het staat in het huidige beleid vrij van ontwikkelaars om onder de tien woningen af te wijken van die huidige dertig, veertig, dertig, maar ondertussen hebben we de ervaring wat er dan gebeurt, mevrouw Nederlof had het ook al over Kenamju.
Het is niet verrassend dat ontwikkelaars kiezen voor maximale winst, terwijl daar op die plek ook iets anders had kunnen gebeuren, maar het staat ze vrij om dat te doen als het beleid zo is en daarom is het goed als we het beleid veranderen en dat we kijken naar niet naar het financieel rendement van de grondeigenaren, maar naar het maatschappelijk rendement voor Zandvoort en daar moet meer regie op komen. Maar in dat licht bezien ben ik helemaal geen voorstander van dat verhogen van die norm van tien naar twintig en de mogelijkheid om sociale woningbouw af te kopen met een compensatieregeling, want dan voorspel ik u wat er gaat gebeuren. Dan worden er, het voorbeeld van mevrouw Nederlof, de huizen alleen maar duurder van en dure huizen, dat is zonder vergunning, dat staat open voor heel Nederland. Ik zei het net al en dat zorgt dus helemaal niet voor dat Zandvoorters daar terechtkomen. En geld in een fonds zonder plek om dat alsnog te bouwen, dat vinden wij een wassen neus. Dus voorzitter, beleid moet kansen vergroten voor de midden en lage inkomens. Dit voorstel geeft volgens ons ruimte voor een escape die er niet moet komen. Wij zien in plaats van compensatie liever een actiever beleid, waardoor met elk ontwikkelaar aan tafel gegaan wordt, want we hebben gezien dat dat werkt.
Er moet gekeken worden hoe we die huizen lage en middeninkomens gehaald worden en dan niet op elk kaveltje een eigen project, maar juist in samenhang en ik wil juist voorstellen om die verdeling dus niet los te laten. En dan heb ik nog een vraag. Tot slot lijkt het erop dat er een flinke switch komt van gemengd bouwen naar enkelvoudig, dus op elk kaveltje niet die gemeenschappelijke. Dat betekent dat het voor projectontwikkelaars nog lastig worden. Maar ik vind het ook niet goed voor de diversiteit in de wijken, want voor versterking van de wijken is het nodig dat bijvoorbeeld zorgwoningen, ouderenwoningen en sociale huurwoningen in alle buurten voorkomen en andersom ook. Je moet in Noord niet verder uitbreiden met sociale woningbouw. Om de wijk te versterken, moet je dat volgens mij gedifferentieerd doen, want anders ontstaat er sociale scheiding en volgens mij is dat ook niet in overeenstemming met het rijksbeleid. Dus klopt het dat hiervan afgeweken worden, is mijn vraag aan de
wethouder en waarom is het? En dan wil ik heel graag afsluiten met een compliment als het gaat om de spelregel over levensloopbestendig. Ik was overigens van mening dat dat al beleid was, maar door het toe te voegen, krijgt het meer nadruk en dat vind ik een uitstekende zaak. En dan mag ik iets technisch meegeven. In de tabel staat een fout als het gaat om de getallen. Sociale huur begint bij 808, maar het kan zijn dat daar een foutje zit in het gebruik van grote als of kleine als. Maar of ik heb het verkeerd gelezen. Maar als u daarnaar wil kijken, heel graag. De voorzitter: Dank u wel. PVV, de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Ja dank u wel voorzitter. Aanscherping en actualisatie. Ja we willen van alles en het moet haalbaar zijn en betaalbaar, ook voor de projectontwikkelaar. En net als mevrouw Nederlof en VVD zijn wij een van de partijen die zien heil in doorstroming en ja doorstroming vanuit elders dat werkt natuurlijk niet. Ik kan mij herinneren 45 jaar geleden toen ik hier kwam wonen toen moest ik een woonvergunning aanvragen. En die kreeg ik omdat ik een economische binding had, mijn werkgevers zat hier, zit ie nou nog trouwens, oude werkgever van mevrouw Nederlof ook trouwens.
Bestaat dat überhaupt nog, woonvergunningen of is ie ergens in de loop der jaren afgeschaft of is ie weer her in te voeren? Kun je gewoon eisen stellen aan iemand die hier komt wonen? Daar zou je dan zaken mee kunnen sturen. Als je zaken wil sturen, nou dan zou dat een van de mogelijkheden zijn. Die compensatieregeling in een potje gooien waarvan je nog niet weet wat je ermee gaat doen, maar elders dertig, vijftig, twintig haalbaar maken, ja dat haalbaar maken daar zijn we niet al te optimistisch over, want de kosten van bouwmaterialen, met name hout en staal en dan ook nog de eisen die daaraan worden gesteld, het moet BENG gebouwd worden, bijna energieneutraal gebouwd, dat werkt ook kostenverhogend en als je van die twintig procent tien gaat maken zoals mevrouw Koper voorstelt, ja ga je dan nog wel een projectontwikkelaar vinden die er heil in ziet? Daar hebben we een beetje twijfels bij. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Ja voorzitter, dank u wel. Ja we hebben kennisgenomen van de discussie. Eerlijk gezegd hadden wij niet zo gek veel op te merken ten aanzien van deze Nota en ik ben nog wel even nieuwsgierig naar de opmerking die ter zake de financiële compensatie is gemaakt.
Want ik heb daarbij opgeschreven dat het een toezegging uit juni 2022 is en ik ben erg nieuwsgierig waar in welk verband die toezegging is gemaakt, voor een beter begrip, want ik ben wel gevoelig voor het argument dat je met de bewerkte ruimte die we in Zandvoort hebben wel een pot gevuld met geld kunt hebben, maar als je geen plek hebt om te bouwen ja dan schiet je daar niet al te gek veel mee op en raak je wel een plek kwijt of een woning kwijt en ja dat lijkt me wel redelijk. Aangezien het eerst termijn, ik bedoeld het is voor richting het college iets te vragen. Wij zien een voornemen om of een voorstel om het college bij kleine afwijking de bevoegdheid te geven om een maatwerkbesluit te kunnen nemen. Nou op zich is dat wel prima, alleen ik heb daar in het geheugen een getal van twintig bij en dat vind ik in de Zandvoortse context toch nog wel een aardig aantal. En dus zou ik eigenlijk een toezegging wilde vragen aan het college om bij gebruikmaking van die bevoegdheid de raad te horen voorafgaand aan het gebruikmaken van die bevoegdheid, dus gehoord de raad zou daarmee kunnen instemmen. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja voorzitter, dank u wel. Wij hebben diezelfde vraag met betrekking tot de toezegging, dus dank ook voor het vragen. Ook het groter en kleiner teken wat in alle stukken verkeerd staat.
Want dat is dan het technische gedeelte en dan nu eigenlijk met betrekking tot de compensatieregeling gewoon even een
vraag in het algemeen. Er wordt gerefereerd naar de woningbouw of de woningbouwcoöperatie. Welke is dat? Is dat Pré in dit geval of is dat een andere woningbouwcoöperatie, want dat wordt wel zeg maar in de stukken genoemd en in hoeverre is een woningbouwcoöperatie en als het dan Pré Wonen is, op de hoogte van het feit dat zij dit moeten gaan beoordelen? Is daar capaciteit voor, weten ze dit, hoe gaan ze die plannen dan beoordelen en bij welke maatstaven van welke kaders doen ze dat dan? Want dat is een beetje de vraag, want als je gewoon sec kijkt naar wil iemand wel of niet sociale woningbouw of wanneer is het dan niet rendabel. Het is altijd rendabel. Als je wilt betalen dan is het rendabel. Als een gemeente zegt ik wil pertinent dat er sociale woningbouw komt, dan is het rendabel. Dat maakt niet uit voor welke hoeveelheid plannen dat is of het nou voor 10 woningen gaat, 20 woningen 30, 100, 150, al zou het de aanleiding zijn om 100 procent sociale woningbouwer neer te zetten, ja dan moet je er ook rekening mee houden dat dat gewoon een bepaald kostenplaatje heeft. Dus daarom vraag ik me gewoon even af of dit gewoon haalbaar is die compensatieregeling. En weet de woningbouwcoöperatie dan dat zij dit soort plannen moeten gaat beoordelen? Maar dat even terzijde.
Losstaand van het feit dat we vinden dat die dertig-veertig-dertigregeling op zichzelf prima was, snap ik dat je de uitbesteding wil doen, dat je zegt van nou prima we nemen rijksbeleid aan en passen het op die wijze aan, op zichzelf ook geen probleem. Alleen ja die compensatieregeling daar kunnen we gewoon niet mee uit de voeten. We vinden nog steeds dat een, als er iemand is die grond bezit en daar woningen wil plaatsen of het nou vijf of tien woningen zijn, dat zij gewoon de mogelijkheid moeten krijgen om dat te kunnen doen zonder enig opgehouden, want het heeft gewoon te maken met een bepaalde invulling van hoe jij met je grond omgaat en door dit op deze wijze te doen en dus een compensatieregeling in het leven te roepen, waarvan we nou ja afvragen of het juridisch haalbaar is en ook het heel veel vertraging gaat opleveren, ben ik bang, er zullen toch ook allerlei termijnen aan voldaan moeten worden om de beoordeling mee te nemen in dit proces, gaat het ook ten laste van simpelweg marktwerking en investeringen in grond.
Dus ik ben bang dat het niet gaat halen en ik denk dat op basis hiervan als het gaat om die compensatieregeling, we dit stuk gewoon niet goed genoeg vinden op dit moment, dus graag nog beantwoording hierop, maar ik betwijfel een beetje of dat voor ons dan doorslaggevend zal zijn om het een goed stuk te laten zijn of in ieder geval een goedkeuring aan te geven, dus voor ons is het in ieder geval een bespreekstuk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. GroenLinks, de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Dank u wel voorzitter. Voorzitter, GroenLinks is geen voorstander van deze compensatieregeling. Wij denken dat de gemeente altijd in gesprek moet gaan met de ontwikkelaar zelf van een plan om te kijken wat wel of niet haalbaar is. Kijk, voor hele kleine projecten, vijf woningen is bij ons dan de grens maximaal, is het soms niet echt mogelijk om aan die verdeling te voldoen, dat begrijpen wij ook, maar voor projecten groter dan die vijf is er wel een mogelijkheid en elke huurwoning, al is het maar één in die meer dan vijf woningen die sociaal is, is er eentje die mooi is meegenomen. Het voorstel gaat nu uit van twintig woningen als minimaal en dat vinden wij echt veel en veels te veel eigenlijk. Die twintig woningen, dat is iets waar wij absoluut niet achter kunnen staan.
De gestelde compensatieregeling, voorzitter, is in onze ogen niet wat wij willen en het gaat niet om meer geld in een kas, zoals al een paar voorgangers van mij hebben gezegd, maar het gaat om het realiseren van die woningruimte. Net bij het rapport van de Rekenkamer stond een hele mooie zin eigenlijk en die spitste het toe op de schaarsheid van de ruimte in Zandvoort, dat wij binnen die fysieke onmogelijkheid van de locatie waarop ons dorp is gevestigd, moeten zorgen dat we die fysieke mogelijkheid zoveel mogelijk, zo goed mogelijk kunnen inzetten voor juist die woningbouwopgave en dan staat dit stuk er eigenlijk haaks op en het stuk gaat ook uit van een negatieve benadering. Het is niet wij willen compensatiegeld. Nee, het is wij hebben een fonds sociale woningbouw. Gebruik dat nou eens alstublieft. Zeker ook voor die kleine projecten. Ook die kleinere projecten kunnen
namelijk gebruikmaken van die, van het fonds sociale woningbouw. En dat vind ik zo moeilijk aan deze compensatieregeling. Het straft in plaats van dat het bevordert en wat we nou met z’n allen willen is eigenlijk zorgen dat het bevordert dat er meer sociale huurwoningen worden gebouwd. Want daarvoor is die strafmaatregel uiteindelijk ook genomen, want het kost geld voor de ontwikkelaar. Je hebt dus niets aan het geld, maar je hebt wel wat aan huizen. En als wij als gemeente een actieve, proactieve, open houding en constructief willen zijn richting ontwikkelaars die dit wel willen doen, dan zien wij genoeg mogelijkheden. Kijk bijvoorbeeld naar het project zoals de Partij van de Arbeid al aanhaalde net, de Duinwachter namelijk. Daar is het wel mogelijk en dat is ook een project wat eigenlijk buiten de dertig, veertig, dertig van die tijd viel. Door in gesprek te gaan is daar een mooie en naar beide partijen tevreden oplossing uitgekomen waar ook nog een keertje de maatschappelijke taak van de gemeente in is meegenomen.
Dus dat is juist een mooi voorbeeld zoals wij denken dat een fonds sociale woningbouw zou kunnen en moeten werken, wat de insteek zou moeten zijn van dit college en wat we dan helemaal misschien wel teleurstellend vinden om het woord maar eens te gebruiken, voorzitter, is dat bij de risico's en kanttekeningen een aantal dingen worden opgenoemd, zoals rijksbeleid wat zou kunnen veranderen, maar er geen risico en kanttekening staat beschreven die juist toespitst op het feit dat de compensatieregeling er wel eens voor zou kunnen zorgen dat die fysieke ruimte nog beperkter gaat worden voor de gemeente waarin wij sociale huurwoningen kunnen bebouwen. En dan denk ik bij mezelf van is er dan wel een weloverwogen afweging gemaakt rondom die risico en kanttekening? Ik ben ook heel erg benieuwd naar het antwoord van de wethouder daarop. Dus waarom is dit niet meegenomen? En tot slot dan het rijksbeleid, want dat steekt mij toch enigszins. Zandvoort is zoals we allemaal weten een aparte gemeente op een positieve manier en Zandvoort vraagt geen rijksoplossingen, maar Zandvoortse oplossingen en wij weten niet of het aansluiten bij rijksoplossingen dan voor Zandvoort ook wel een goede zaak is. Een klein voorbeeldje daarvan, voorzitter. Zandvoort kent heel veel eenpersoonshuishoudens.
Als we bij het rijksbeleid zouden aan gaan sluiten en Zandvoort gaan volzetten met gezinswoningen waar weer meer vraag naar is in het land zelf dan schiet de Zandvoorter daar niks mee op, maar de mensen van buiten Zandvoort wel, dus wij zouden hier graag willen pleiten voor een Zandvoortse oplossing voor Zandvoort te vragen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Jong Zandvoort. Mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson: Dank u wel voorzitter. We hebben vanavond al een boel van mensen gehoord waar wij zelf misschien in die zin niet op die manier over nagedacht hebben, dus we zijn blij met iedereens inbreng. Wij vinden het goed dat de percentages aangepast worden. En het laatste waar ik nog op wil aanhaken is dat mevrouw Koper van de PvdA ook een goed punt had dat we Zandvoort niet willen volbouwen in de zin van elk groen pleintje weg moeten hebben. We vinden het inderdaad belangrijk dat de wijk ook leefbaar blijft, dus we willen samen met iedereen kijken dat er inderdaad gebouwd wordt, want dat is hard nodig en de manier waarop dat is het volgende. Maar we zijn blij dat er het percentage in ieder geval verhoogd wordt naar dertig, vijftig, twintig in plaats van de oude dertig, veertig, dertig. Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. ZEE, de heer Sukel. De heer Sukel: Dank u wel voorzitter. Genoeg gezegd over compensatiemaatregelen, dus daar gaan we het niet over hebben.
Het sluit ook wel erg aan bij het rapport van de Rekenkamer natuurlijk op een aantal dingen. Interessante vraag blijft of we de ambities waar kunnen maken en het is natuurlijk ook als je eigenlijk even door je oogharen kijkt ook wel een spannende, want als we een ambitie hebben naar 750 woningen hebben we het over 110, 115 woningen die we kunnen toewijzen aan Zandvoorters als regelgeving per juli 50 procent naar eigen inwoners ingaat. Dus het is ook weer niet iets waar we ons heel rijk in moeten rekenen. Als
winstwaarschuwing eigenlijk misschien wel naar onszelf toe. En ik misschien een gekke vraag, misschien hoort ie hier niet thuis. We hebben het over spelregels. In de prestatieafspraken die straks nog aan bod komen hebben we het, staan allerlei zaken rondom duurzaamheid en energielabels. Dat hebben we niet over duurdere woningen afgesproken. Ik weet niet of, tenzij het wel al ergens vastligt en ik dat gewoon niet weet gezien de onervarenheid, maar anders zou ik ook als regel willen opnemen dat we gewoon vaststellen dat er een energielabel A alle woningen wordt gehangen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. CDA, de heer Mettes. De heer Mettes: Ja dank u voorzitter. Het gaat hier over spelregels, maar in feite gaat het ook over het aantal te bouwen woningen en dan refereer ik net aan mijn voorganger daarover. Er wordt ons gevraagd om hier dus in te stemmen met het ambitieniveau naar 750 woningen in 2030 als ik het goed heb. Nou ja ik heb eens gekeken naar wat de huidige aantallen zijn en dan kom je toch met heel veel locaties die ik zou kunnen noemen aan een dikke 600, maar is wat meer en dan zou het dus nog om 130 extra plekken gaan. Nou snel noemend, raadhuis, manege Rückert, verdichtingsonderzoek Tolweg en Unicum, Dirk van den Broek.
Denk ik dus dat het wel haalbaar is en namens het CDA kijken we daar dus ook positief in en wij denken dus dat datgene wat u van ons vraagt absoluut het ambitieniveau moet zijn. Dat is wat ons betreft zelfs … Want we staan al op een dikke 696, dus dat moet lukken. Het probleem en daar hebben we het over gehad, ook bij de Rekenkamer al, is natuurlijk hoe krijgen we dat binnen redelijke tijd gerealiseerd? Die locaties die zijn er. Daar zien wij geen enkel probleem in als dorpspartij. Dus ja daar gaan we mee akkoord dat eerste punt. Het tweede punt wat u vraagt dat gaat over de wijziging als het gaat om sociale woningbouw. En er is al even genoemd dat er een rijksregie op zit als een van de factoren waar dit van uit te vinden is. Het is natuurlijk ook zo en dat is zeker een appel naar coalitiepartijen, het staat natuurlijk ook in het coalitieakkoord. We kunnen daar lang of kort over praten, maar daar staat dus inderdaad om te gaan zoeken naar meer plekken waar ik het net over had, maar ook om meer aandacht te geven voor inwoners met een modaal inkomen en die willen graag huren waar er behoefte aan is en dat blijkt ook uit diverse onderzoeken van de laatste jaren in het lage en middensegment. En als het gaat om de dorpspartij zeggen wij prima, dat vinden wij hierin terug.
Het is een stijging van het aantal woningen voor juist die categorie waar zoveel behoefte aan is, dus ook dat kan onze instemming verdragen. Wat lastiger is en dat is vanavond bij diverse partijen aan de orde geweest, ik snapte ook niet veel van die compensatieregeling. Ik vond hem nogal ingewikkeld en dat kan dus aan mij liggen. Dat is heel goed mogelijk. Dat is natuurlijk ook zo, maar ik hoorde toch ook wel van andere partijen van ja hoe denk je dat te gaan uitvoeren, is dat een haalbare zaak? Dus ik ben ook heel benieuwd hoe de wethouder op vragen van collega's vanavond daarop reageert. Dat is voor ons nog niet helemaal duidelijk. Ja en het verzoek van de Partij van de Arbeid en ik denk ook een beetje dat het het verzoek is van GroenLinks om met die cijfers nog wat te veranderen en met name wat meer te leggen bij de sociale woningen, dat spreekt mij natuurlijk aan, maar die middencategorie is ook belangrijk en ik vind dat die op dit moment het nodig heeft en goed voorzien wordt door deze wijziging die nu voorgesteld wordt. Dus ik wil het op dit moment hierbij laten in de eerste termijn, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de eerste termijn van het college. Het woord is aan wethouder Hendriks. Oh sorry. Een interruptie van de heer Hermsen, D66. De heer Hermsen: Ja, dank u wel voorzitter. Het was even een vraag nog aan het CDA.
Even ter gewoon interessevraag. U noemde onder andere de locatie van Dirk van den Broek. Is dat gewoon een suggestie die u geeft of wilt u wat, anders wil ik nog wel investeren als dat kan.
De heer Mettes: Nee hoor dat is geen suggestie. Het is mij bekend dat Dirk van den Broek daar een wens over heeft om daar te gaan bouwen, daar woningen te gaan bouwen en het pand ook te veranderen. Daar komt, dat is mij bekend. De heer Hermsen: Oké dan … De heer Mettes: En het bestaat al veel langer. Het is een hele oude wens al. De heer Hermsen: Oké, oké. De voorzitter: Wethouder Hendriks, aan u het woord. De heer Hendriks: Ja dank u wel. Ik ga gewoon een voor een de partijen langs met de vragen die ik heb opgeschreven. De VVD om daarmee te beginnen. Ik heb de rekensom niet gemaakt zoals mevrouw Nederlof die heeft gemaakt voor een concreet project als Kenamju. Er zit wel een concreet rekenvoorbeeld bij, dus ik neem aan dat zij goed gerekend heeft en de vraag die daar een beetje achter lag was, belemmert dat niet de doorstroming dus als je op zo'n project zit en je maakt, je legt een eis op om meer sociale woningen te bouwen, zorgt dat niet dat die overige categorieën een prijsopdrijving hebben. Ik geloof niet dat dat per se een heel prijsopdrijvend effect heeft, omdat die woningmarkt en de prijzen die worden niet alleen in Zandvoort bepaald en door ons eisenpakket, maar die worden bepaald door een bredere marktwerking, ook regionaal, want een woning die hier te koop staat zal qua prijs niet heel sterk afwijken van een vergelijkbare woning in andere gemeentes hier in de buurt.
Wat wel zal gebeuren is dat de winstmarges van ontwikkelaars misschien onder druk komen staan. En om heel eerlijk te zijn is dat niet een, ons woningbeleid heeft niet als doel dat projectontwikkelaars winst maken, maar heeft als doel dat er woningen gebouwd worden in de categorieën die wij willen, dus het zal ongetwijfeld gebeuren dat de winstmarges afnemen. Dat is een ingecalculeerd effect. Ja en is die regel tien, dus die vorm voor als je een sociale woning achterlaat niet dubbelop met compensatie. Eigenlijk volg ik daar de lijn die mevrouw Koper aangaf. Als gewoon die dertig procent sociaal was gebouwd dat het, die compenseer je. Dus als er ergens drie woningen gebouwd worden, een makkelijk voorbeeld, is onze norm één daarvan is sociaal. Als dat niet rendabel te krijgen is mag je die afkopen of mag je die compenseren. Dat betekent dat er dus een sociale woning minder gebouwd wordt dan eigenlijk de norm is en die heb je vervolgens te compenseren. Dat is denk ik niet dubbelop, want het resultaat daarvan is nog steeds dat er bij een nieuwbouwproject een derde sociaal wordt gebouwd. Ja en hoe is de hoogte van dat bedrag opgebouwd. Dat hebben we geprobeerd toe te lichten. Dat is ook door een planeconoom doorgerekend. Als mevrouw Nederlof dat wil, kan ik nog een nadere onderbouwing als technische vraag doen toekomen hoe dat bedrag precies is opgebouwd en berekend.
Doel is natuurlijk dat het niet te aantrekkelijk is om van die compensatie gebruik te maken, maar dat het wel degelijk een druk blijft van regel nou, de norm is dertig procent sociaal, vijftig procent midden, twintig procent duur. Daar willen we op sturen en als dat ergens niet lukt omdat het niet rendabel is, dan kun je dat compenseren, maar ook met een doel dat als wij gecompenseerd worden dat we ook daadwerkelijk daar iets mee kunnen doen, dus daar is dat bedrag op gebaseerd. De voorzitter: U heeft een interruptie van ZEE, de heer Sukel. De heer Sukel: Dank u wel voorzitter. Misschien een aanvullende, het is niet zozeer een interruptie, maar misschien een aanvullende vraag die kan helpen. Zijn wij nou uniek in deze compensatieregeling in de regio of niet en zijn er dan al ervaringen mee? Want dat kan misschien de discussie in de besluitvorming helpen. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel. Wethouder, vervolgt u. De heer Hendriks: Dank u wel. Nou we zijn niet uniek. In de regio denk ik trouwens misschien wel dat wij de eerste zijn, maar daar hou ik hem even het midden. Ik weet wel dat er andere gemeenten zijn in Nederland die dit hebben, bijvoorbeeld een gemeente als Gooise Meren werkt al een tijdje met een compensatieregeling. We hebben ervaringen daarmee ook meegenomen in hoe dit precies is opgebouwd, maar ik weet even niet meer precies welke ervaring we waartoe voor hebben gebruikt, maar we hebben gekeken naar gemeentes die ook met compensatieregelingen werken, maar je ziet dat dat op een andere manier overal wordt toegepast. Bijvoorbeeld wij hebben hem, de heer Mettes haalde aan een vrij ingewikkelde regeling om hem zo objectief mogelijk te krijgen waar ook rekening houdend met perceelgroottes en dat soort dingen. Andere gemeentes werken bijvoorbeeld met aantallen. Maar daar zag je bijvoorbeeld gebeuren dat er creatief kan worden toegerekend naar een bepaalde uitkomst en doordat wij hem vrij objectief maken met perceelgroottes, bijvoorbeeld dat is iets wat we hebben geleerd van een andere gemeente. Ja de Partij van de Arbeid over de bedragen en technisch laat ik nog even kijken of die tekentjes goed staan hoor, maar dat houdt u nog tegoed. Die betaalbare grens zegt mevrouw Koper vind ik niet betaalbaar.
Ik vind het zelf ook hoge bedragen. Maar ik dacht nou juist dat we die bedragen in dit stuk goed hadden gedaan, dat ik de vorige keer kwamen we met de opkoopbescherming. Toen hadden we als college een bepaald bedrag voorgesteld en toen zei mevrouw Koper nee we moeten kijken naar wat het WiMRA als grenzen aangeeft, dus dat hadden we juist heel goed gedaan, juist precies om mevrouw Koper ter wille te zijn en nou is ze nog niet tevreden met de bedragen. Dat vind ik toch jammer, want we hebben juist precies gevolgd hoe mevrouw Koper tot nu toe altijd naar prijzen kijkt. Zij doet de suggestie om van 30 naar 35 sociaal te gaan. Ik deel die suggestie niet. Ik vind dat … oh sorry. De voorzitter: Interruptie Partij van de Arbeid. Mevrouw Koper: Ja nu wil ik even, want ik hoorde het collega's ook zeggen. De suggestie is 35 sociaal, 35 goedkoop en betaalbaar en dan om die huur maakte ik die opmerking betaalbaarheid en dan 20, 10. Die wil ik even meegeven. De voorzitter: Wethouder Hendriks. De heer Hendriks: Ja die suggestie neem ik niet over, namelijk de norm die we hebben en die ook als ik een beetje door mijn oogharen kijk naar wat het landelijke beleid wordt, is dat elke gemeente ongeveer dertig procent sociaal zou moeten hebben, dat is minimaal.
Wij hebben als Zandvoort dertig procent sociaal, dus onze bedoeling is dat er bij alle nieuwbouwprojecten ook dertig procent is, zodat we op peil blijven, juist om wat ze aangeeft, evenwichtige samengestelde wijken te houden. Als we dertig procent bij blijven bouwen blijft dertig procent van onze woningen sociaal en zorgen we dus voor een evenwichtige samenstelling. Als we die dure woningen terugbrengen van twintig naar tien, dan zou dat naar mijn idee kunnen zorgen dat meer projecten gewoon niet uit de kosten komen, want die dure woningen dienen eigenlijk om de rest te betalen. En ik hoewel ik net aangaf in mijn antwoord naar de VVD dat winstmaximalisatie van ontwikkelaars geen doel op zich is, is het wel een voorwaarde om die woningen te kunnen bouwen, dus een project moet wel uit kunnen komen en daar zijn juist die tien, die twintig procent dure woningen nodig voor, los van het feit dat ook voor doorstroming een evenwichtige samenstelling naar ons idee die dertig, vijftig, twintig een goede en evenwichtige verdeling is. Ja zij ziet die compensatieregeling en daar hebben meerdere partijen vragen over gesteld, als een soort escape. Zo is die niet bedoeld. Het is niet bedoeld dat een ontwikkelaar kan zeggen van nou ik bouw geen sociaal, ik compenseer wel.
Het doel is, de norm is en blijft dertig procent sociaal, vijftig midden, twintig duur of twintig overig en als dat niet kan, niet rendabel te maken is en we hebben in dit stuk en daarom is die compensatieregeling wat ingewikkeld, vrij objectief vast te stellen en door de coöperatie te
laten toetsen dat iets niet rendabel is, dan is er een optie om te compenseren zodat wij met het compensatiefonds, het fonds sociale woningbouw wat mevrouw Koper terecht als een succes ziet, waardoor je daarmee andere projecten wel los kunt trekken, maar juist die compensatie is niet een escape. Dat is als het anders niet, als het echt niet rendabel is en dat objectief te maken is, dan kun je ook compenseren. Ja en zij vraagt naar blijft gedifferentieerd bouwen de norm. Dat heb ik net volgens mij geprobeerd toe te leggen door die dertig, vijftig, dertig. Dertig, vijftig, twintig, excuus, blijft inderdaad gedifferentieerd bouwen over heel Zandvoort blijft onze bedoeling. Ja de PVV heb ik eigenlijk één opmerking opgeschreven waarvan ik dacht daar moet ik nog op reageren en dat is die compensatie, dat fonds sociale woningbouw als een potje zonder doel heb ik opgeschreven. Nou dat is het nadrukkelijk niet. De bedoeling is dat we met dat fonds sociale woningbouwprojecten elders los kunnen trekken. En zelfs zoals hier ook staat ontwikkelaars de mogelijkheid geven om ook dat fonds te gebruiken als zij dan ergens bijvoorbeeld meer dan dertig procent sociaal bouwen, zodat je het juist kunt gebruiken om projecten vlot te trekken.
Ja, de Ouderen Partij moet ik eigenlijk een vervolgvraag stellen, want mijnheer Bouberg Wilson vroeg om een toezegging of hoe we om gaan met afwijkingen van het college. En dan is even mijn vraag welke hij precies bedoelt, want die heb ik zo niet scherp. Kan dat op deze manier of moet ik dat in de tweede termijn dan … Ik lok een interruptie uit, voorzitter. De voorzitter: Dat klopt. Maar het ging erom volgens mij het aantal van twintig, dat het verzoek is om dat dus niet aan het college te laten maar dat er een zienswijze gevraagd wordt aan de raad. De heer Bouberg Wilson: Ja voorzitter, bevestigend. De heer Hendriks: Ja voorzitter, ik heb net geprobeerd toe te lichten ook dat dit gaat om projecten waar die compensatie van toepassing is en dat juist heel objectief gemaakt is wanneer een project mag compenseren, namelijk als het niet rendabel is, de corporatie het niet over wil nemen, enzovoort, enzovoort. Als er aan die objectieve criteria voldaan is dan kan er gecompenseerd worden. Dat is niet een soort vrije afweging van het college, dat is echt die objectieve onderbouwing die hierbij zit. Dus een zienswijze van de raad voegt daar volgens mij niks aan toe want het is een objectieve toets. Ja, D66 had nog de vraag over welke coöperatie. Nou, dat is natuurlijk gewoon Pré Wonen, als dat niet duidelijk in het stuk staat dan bij dezen hopelijk verduidelijkt.
We werken hier met één corporatie en dat is Pré. En om zijn zorgen weg te nemen, de coöperatie kent dit stuk, dit voorgenomen stuk. Dit hebben we ook met hen doorgenomen of zij dit haalbaar zien. Sterker nog, zij zien dit als een hele, als een versterking van hun positie, en zij juichen deze ontwikkeling eigenlijk toe. Maar nadrukkelijk ook de positie die de corporatie in dit stuk meer dan in de oude versie krijgt. Ja, volgens D66 is de compensatieregeling niet nodig. Nou, die mening deel ik niet. Juist omdat een project soms gewoon niet rendabel te krijgen is volgens allerlei normen dat ergens iets niet kan, dan is het heel goed als er wel degelijk gecompenseerd kan worden zodat we elders wel die sociale woningen kunnen bouwen. Want het is nou eenmaal niet zo dat elk project rendabel te krijgen is, want een project heeft gewoon, als je honderd procent sociaal zou bouwen zou het niet rendabel zijn, want … Tenzij je een gratis stuk grond krijgt of hele makkelijke ontwikkeling, waar we het in het vorige agendapunt met het Rekenkameronderzoek hier gehad, hoe ingewikkeld eigenlijk ontwikkelingen binnen Zandvoort zijn omdat alles eigenlijk inbreiding is. Gestegen bouwkosten, enzovoorts, enzovoorts, dus ontwikkeling is niet altijd rendabel te krijgen. In de gevallen dat die objectief gezien niet rendabel is, kan er afgezien worden van die dertig procent sociaal. Even kijken.