Transcript 19 september 2023
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE ZANDVOORT d.d. 19 september 2023
1.
Opening, mededelingen en loting De voorzitter: Beste mensen, het is klokslag acht uur en ik open de raadsvergadering van de gemeente Zandvoort van 19 september 2023. Met in de eerste plaats een hartelijke felicitatie aan de heer Endstra vanwege zijn verjaardag is. De traktatie die u net heeft ontvangen is namens hem. Dank daarvoor in ieder geval en eet smakelijk. Een tweede mededeling is dat ik bij deze kan melden dat vandaag in het kader van Prinsjesdag er ook de start was van het project Jeugd en Politiek. Raadsleden en ook één wethouder koffertjes hebben uitgedeeld op scholen. Een aantal van u zijn daarbij betrokken geweest. Dank daarvoor. Het was in ieder geval ook naar ik begrepen heb van de wethouder die ik net gesproken heb, weer een fijne bijeenkomst met de scholieren. Vervolgens keek ik net even naar de datum en kan ik u mededelen dat ik blij verrast was dat precies vier jaar geleden op deze plek ik beëdigd werd, als uw burgemeester dus. Dat vond ik ook wel een aardige. Ik zag 19 september, wat was er ook alweer mee? Maar goed in ieder geval hartelijk welkom. Wij hebben een bericht van verhindering van de heer Kramer. Dat brengt mij automatisch bij de vraag of iemand een mededeling heeft over belangen of betrokkenheid? Dat is niet het geval. Zijn er voor het overige nog mededelingen uit uw raad? Dat is ook niet het geval. Dan gaan wij over naar de loting.
Voor de mensen thuis, de loting dat betreft de vraag wanneer er een hoofdelijke stemming is zodat er dus per raadslid gestemd gaat worden bij wie dan die stemming aan zal vangen. Wij trekken zoals te doen gebruikelijk een nummertje. Dat is in dit geval nummer zeventien. Dat correspondeert op de lijst van raadsleden in alfabetische volgorde met de heer Van Tiggelen. Dus op het moment dat wij een hoofdelijke stemming doen, dan vangt hij aan bij de heer van Tiggelen. Daarmee heb ik de opening, mededelingen en loting gehad.
2.
Vaststellen agenda De voorzitter: Komen wij bij het vaststellen van de agenda. Voor de kijkers thuis, wellicht dat het u op zal vallen dat wij weinig agendapunten bespreken vanavond. Misschien goed om daar even een korte uitleg bij te geven. Voorafgaand aan raadsvergaderingen vinden er altijd commissievergaderingen plaats. In de regel is dat er één, soms twee. Daar vindt het voorbereidende werk voor de gemeenteraad plaats. Daar worden de verschillende onderwerpen besproken die al dan niet richting de gemeenteraad gaan. Mocht in de commissie een onderwerp afdoende besproken zijn, dan wordt er aan het einde geconcludeerd dit is een hamerstuk en dan hoeft er uiteindelijk in deze raad alleen nog maar over gestemd te worden. De onderwerpen waarvan men zegt daar mag nog wat nader over met elkaar gesproken worden, die worden wel als bespreekstuk toegevoegd. De afgelopen commissievergadering is de conclusie geweest dat er heel veel punten hamerstukken waren en slechts één punt tot bespreekstuk is gemaakt. Dus het is niet zo dat er niks te bespreken is in onze gemeenteraad, maar dat is allemaal in het voorbereidende werk in de commissies gedaan. Dat misschien even ter verklaring vanwege het feit dat er vanavond niet heel veel bespreekstukken op de raad staan. Dat voorafgaand aan het vaststellen van de agenda.
Heeft iemand nog bij het vaststellen van de agenda een punt? Dat is niet het geval. Dan kunnen we daar ook een klap op geven.
3.
Benoeming lid adviescommissie raad De voorzitter: Dan komen we bij punt drie. Dat is het benoemen van een lid van de adviescommissie van uw gemeenteraad. De adviescommissie van de gemeenteraad adviseert u als raad naar het gaat om bestemmingsplannen. Dat is een fenomeen wat niet in heel veel gemeenten bestaat. Daar zijn wij tamelijk
uniek in. Maar goed desalniettemin wel een voor ons zeer belangrijk adviesorgaan. Aan de raad wordt voorgesteld om mevrouw Van de Nes-Buiter per 1 oktober 2023 te benoemen als lid van de adviescommissie van de raad. Ik vraag u en kijk rond of wij per acclamatie kunnen instemmen met deze benoeming. Dat is mooi. Hartelijk dank daarvoor. Dan is daar mevrouw Van de Nes-Buiter per 1 oktober 2023 benoemd als lid van de raadscommissie voor de raad. Helaas vanavond is zij niet aanwezig in verband met ziekte. Maar we weten dat ze meekijkt en vanaf deze plek wensen we haar natuurlijk van harte beterschap en een zeer hartelijke felicitatie met deze benoeming. Dus hartelijk welkom in ons midden en dank u wel als u kijkt voor datgene wat u voor ons gaat betekenen. HAMERSTUKKEN De voorzitter: Dan komen we zoals gezegd bij een lijst met hamerstukken. Dat is per hamerstuk noem ik op wat het is en dan sluiten wij dat af met een hamerslag. 4.
Wijziging Algemene Plaatselijke Verordening – Omgevingswet De voorzitter: De Wijzigingsverordening Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Zandvoort in het kader van de Omgevingswet 2023. Die stellen we bij hamerslag vast.
5.
Wegsleepverordening De voorzitter: De Wegsleepverordening gemeente Zandvoort 2023, ook die stellen wij bij hamerslag vast.
6.
Verkoop Tollensstraat 2 (voormalige dienstwoning begraafplaats) De voorzitter: De verkoop Tollensstraat 2, de voormalige dienstwoning van de begraafplaats om precies te zijn, die stellen wij ook bij hamerslag vast.
7.
Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Participatiebedrijf Zuid-Kennemerland (Spaarne Werkt) De voorzitter: Ten slotte, de Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Participatiebedrijf Zuid-Kennemerland oftewel Spaarne Werkt. Ook die stellen wij bij hamerslag vast.
BESPREEKSTUKKEN 8.
Gemeentelijk Rioleringsplan Zandvoort 2023-2027 De voorzitter: Dat brengt ons bij het bespreekstuk van vanavond dat is het Gemeentelijk Rioleringsplan Zandvoort 2023-2027. De raad wordt voorgesteld het Gemeentelijk Rioleringsplan 2023-2027 vast te stellen voor die periode te kiezen voor een stijging van de rioolheffing, conform het gematigde scenario. Dit is ook in de commissie besproken en de fractie van de Partij van de Arbeid heeft toen verzocht om dit toch ter bespreking vanavond te agenderen. Dus ik geef graag het woord aan mevrouw Koper. Voor de goede orde de portefeuillehouder is de heer Hendriks. Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank u wel voorzitter. Ik dacht misschien is het aardig als ik wacht dat de heer Hendriks zit. Goed. Dank u wel. Voor de Partij van de Arbeid is dit raadsstuk geen hamerstuk dat hadden we in de commissie al aangegeven. Want even voor de goede orde, de plannen in het Gemeentelijk Rioleringsplan daar kunnen we ons in vinden. Maar het gaat ons om punt twee van het besluit. Dat is om vooruitlopend op de definitieve kosten bij de kosteninschatting nu deze te dekken met een jaarlijks vaste verhoging van de
rioolheffing van 17,50 per jaar. Dat is in vier jaar tijd is dat zeventig euro en 35 procent. Collega Broer heeft in de commissie daar zijn zorgen al over geuit. Vandaag Prinsjesdag heeft de regering voorstellen gedaan om te zorgen dat het aantal mensen dat leeft onder de armoedegrens niet de één miljoen gaat passeren. De groep mensen die de eindjes niet aan elkaar kunnen knopen die wordt snel groter. De dagelijkse keuzes die we moeten maken, wel of niet boodschappen. Iedereen kent wel in zijn buurt de verhalen. Het zijn niet altijd de mensen met de laagste inkomens. Want het gaat ook om groeiende groep mensen met een middeninkomen. Dat zijn ook mensen die niet in aanmerking komen voor toeslagen of kwijtschelding. Dus Partij van de Arbeid is van mening dat de gemeente Zandvoort een uiterste inspanning zou moeten doen om de lasten voor deze groepen niet te laten stijgen. Volgens mij hebben wij bij de Voorjaarsnota ook gezegd tegen elkaar daar moeten we bij de begroting eens in een breder verband goed naar kijken. Wij hadden dan graag gezien een ander dekkingsvoorstel. Zoals bijvoorbeeld de voorziening wat ophogen, deel van het overschot van het afgelopen jaar de zes miljoen, 5,2 naar de reserve. Zou wat ons betreft daar goed bespreekbaar zijn. In ieder geval vinden wij het niet verantwoord om in deze moeilijke tijd dat te verhogen.
Dus eigenlijk zou ik het aan mijn collega's willen voorleggen een dringend beroep om het advies uit de commissie nog voor wat betreft deel twee van het besluit te heroverwegen. Het college mee te geven om te kijken naar andere scenario's en de alternatieve dekking zoals ik net al gezegd heb. Dan terug te komen bij de begroting. Dus ik hoor graag van de collega's hoe zij daar over denken. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Koper. Ik ga het rijtje af. Ik begin bij Jong Zandvoort mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Dank u wel voorzitter. Voor ons was het een hamerstuk. Wat mevrouw Koper zegt over de lastenverhoging. We hebben natuurlijk al veel regelingen binnen de gemeente. Ik denk dat dat qua kwijtschelding misschien ook wat breder gezien kan worden. Maar ik denk ook dat als de riolering wordt vervangen, dat we daar ook goed moeten kijken hoe we dat betalen. Dat kan natuurlijk niet alleen maar uit het gemeentelijk potje. Ik denk dat wij daar zullen bij houden. De voorzitter: Interruptie van mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Mag ik een vraag ter verduidelijking stellen aan collega Paap? De voorzitter: Natuurlijk. Mevrouw Koper: Mijn bedoeling is juist om die voorziening op te hogen. Of dat nu gaat via een extra heffing voor alle inkomens of dat we dat doen uit de reserve die we de vorige keer hadden.
Dus dat gaat ook juist om mensen die niet in aanmerking zullen komen voor kwijtschelding, het gaat om de principiële kwestie dat de vaste lasten niet verhoogd worden. Deelt u dat met me? De voorzitter: Mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Ja dat deel ik zeker dat we goed moeten kijken naar de lastenverhoging. Dat het college daar wellicht naar zou kunnen kijken wat daarin mogelijk is. Maar dat hoor ik dan graag van de wethouder hoe die daarin staat. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga naar het CDA. Wie kan ik het woord geven? De heer Stephan, of niet? De heer Stephan: Ik begrijp u maakt een rondje. De voorzitter: Ik ga even de fracties af en als u niks te melden heeft ook goed. De heer Stephan: Op zich nee alle inbreng heb ik al gedeeld in de commissie. Daar op dit moment niks op toe te voegen.
De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even verder, OPZ. De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Voorzitter, ik begrijp heel goed de zorgen die mevrouw Koper hier uit. Ik denk dat die zorgen breed worden gedeeld door meerdere fracties. U wees daar ook op. Maar ik denk dat we er verstandig aan doen om dit niet alleen te koppelen aan dit voorstel wat nu voorligt ten aanzien van de tariefstelling voor het GRP. Maar dat we dat in breder verband doen en dat we dat met elkaar bespreken bij de programmabegroting. Die we binnen niet al lange tijd zullen gaan bespreken. Dan kunnen we dat ook meteen koppelen aan wat de regering denk ik in dit verband van plan is te doen. Want het wordt breed gedragen dat het bestaanszekerheid dat we die dat noemen we zo, sinds de heer Omtzigt dat heeft benoemd. Dat die onze aandacht krijgt op dat moment. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Interruptie van mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Te verduidelijking dank u wel blij dat u het ook deelt. Bent u het dan met me eens, laat ik het zo vragen, dat we dat dan vooruitschuiven naar de begroting? Want op dit moment staat er gewoon een voorstel dat binnen vier jaar, heeft niet alleen meerpersoonshoudens, maar ook een éénpersoonshoudens zeventig euro extra aan zijn broek. Dat kunnen we beter in een breed verband zien zoals u dat al aangeeft. Dat ben ik met u eens. De voorzitter: De heer Bouberg Wilson.
De heer Bouberg Wilson: Goed als we het daar over eens zijn. Wij hebben dit als een hamerstuk benoemd, dat is niet voor niets. We moeten de financiële consequenties met elkaar bespreken. Maar ik wou aan het voorstel op zich niets veranderen totdat we die financiële consequenties kunnen overzien en bespreken. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Ik ga naar de VVD. Wie kan ik het woord geven? De heer Drommel. De heer Drommel: Dank u wel voorzitter. In de commissie hebben wij al aangegeven dat het voor ons betreft een hamerstuk is. Er worden natuurlijk meerdere scenario's voorgelegd hoe we moeten omgaan met de kosten en investeringen die we moeten doen. Voor ons lijkt in ieder geval het gematigde scenario, waarin we niet de kosten voor ons uitschuiven en ook niet onnodig hoge kosten doorberekenen aan onze inwoners, het beste scenario. Dus het blijft voor ons een hamerstuk. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even naar de PVV, iemand daar? De heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Voorzitter natuurlijk is ook bij de PVV lastenverzwaring een doorn in het oog. Ogen zijn een gevoelig lichaamsdeel hebben heb ik laatst aan den lijve kunnen ondervinden. We hebben allemaal trouw gezworen aan de grondwet, ook artikel twintig. Dan gaat het inderdaad over bestaanszekerheid en de verantwoordelijkheid van de overheid daarin.
Alleen de kosten die je als gemeente maakt, die zul je toch echt ergens vandaan moet halen. Linksom of rechtsom is het toch de burger die dat zal moeten ophoesten. Als je dan de bestaanszekerheid van mensen wil stimuleren, dan weten wij nog wel wat grotere bedragen die we zouden kunnen schrappen. Maar dat staat hier niet op de rol. Kunnen wij een amendement tegemoet zien van de PvdA aangaande dit voorstel? Of roep ik nu wat geks? De voorzitter: Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank u wel. Nee u roept zeker niks geks. Mocht het zo zijn dat we hier met elkaar besluiten, of dat er draagvlak is voor besluitpunt twee, tweede deel van het besluit. Dat heb ik al aangevraagd, wil ik dat mondeling gewoon toelichten. Dat is geen enkel probleem. Dan komen we daar verder bij de begroting terug.
Ik wil wel iets zeggen over dat we de kosten door moeten berekenen. Zover is duidelijk uit het stuk dat er een aantal scenario's gaan die eigenlijk ook pas in 2040, dus ver voor ons uit, nog verder iets zeggen over de kosten. Dus de vraag is wil je nu binnen een paar jaar de kosten met 35 procent hebben verhoogd? Of wil je in een breed verband zorgen dat je de lasten zo laag mogelijk houdt. Bent u dat met me eens? De voorzitter: De heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Lastig zo laag mogelijk daar zijn we het mee eens. Want wij ergeren ons al jarenlang aan de spilzucht en geldhonger van de centrale overheid. Maar dat kunnen we hier in Zandvoort zelf moeilijk oplossen, denk ik. De voorzitter: Ik ga verder. De heer El Gebaly van GroenLinks. De heer El Gebaly: Voorzitter, wat dat betreft gaat GroenLinks deze keer wel een beetje terugkomen op het hamerstuk zijn. Want eigenlijk vindt GroenLinks dat de Partij van de Arbeid hier wel een liquide punt heeft. Als we kijken naar het kostenplaatje ook naar de omliggende gemeentes, dan valt bijvoorbeeld ook op dat Haarlem bijna vijftig euro goedkoper is dan Zandvoort. En ja Haarlem heeft meer inwoners dat snap ik ook. Dus de som der delen is daar wat anders.
Maar ook als je bijvoorbeeld naar een gemeente als Waterland kijkt, waarin het aantal inwoners bijna gelijk is maar de hoeveelheid kilometers en grootte daarvan veel groter is en ook die gemeente zit best wel wat onder Zandvoort. Dan denkt GroenLinks Zandvoort dat wij, zeker in het licht van wat mevrouw Koper hier net ook heeft verteld, dat wij ook goed moeten nadenken of we wel die zeventig euro kunnen vragen in dit geval aan onze inwoners. Die zeventig euro dat klinkt misschien voor sommigen als heel weinig, maar voor heel veel mensen is dat misschien één keer per maand wel boodschappen doen. Of andere uitgaves die best wel aantikken. Dan is die zeventig euro, als dat die zeventig euro is die je overhoudt, is het best wel veel. Dan zou ik toch liever eerst met elkaar bij de begroting kijken naar wat wij kunnen doen richting de lasten op dit gebied. Wellicht ook in groter, breder perspectief, zoals de heer Bouberg Wilson net zegt, naar het lastenplaatjes voor de Zandvoorter. Want ik wil er een beetje voor waken en regeren is wat dat betreft een beetje vooruitzien. Dat we ook gemeentelijk de lasten te veel laten oplopen zodat onze inwoners, die ook misschien nu al de middenklasse zijn, dat die ook in de problemen komen, in geldnood komen vanwege ook een lastenverhoging van de gemeente.
Dat is niet alleen die zeventig euro van de gemeente, maar eigenlijk de opeenstapeling van kosten die er worden gemaakt landelijk gezien maar ook lokaal gezien. Dus eigenlijk wil ik het voorstel van beide steunen. Dus de heer Bouberg Wilson kijken bij de begroting wat kunnen doen aan lastenverlichting. Het voorstel van mevrouw Koper om misschien wel in het licht daarvan tot het moment van de begroting die er aanstaande is. Wellicht dan hier nog niet echt zo'n harde keuze in te maken. Ik ben ook benieuwd wat de portefeuillehouder daarop kan antwoorden of daar mogelijkheid in zit. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hermsen D66. Interruptie van de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Ik begrijp heel goed wat de heer El Gebaly heeft gezegd. Je zou ook geneigd zijn om dat heel plausibel te vinden. Alleen als je kijkt naar de reden waarom wij nu deze verhoging op de begroting hebben staan en je analyseert dat goed, dan betekent dat dat het van alles te maken heeft met het niet doen van uitgaven die we in het verleden wel hadden voorgenomen, maar die hebben we uitgesteld. Dus met andere woorden we zijn nu bezig met een inhaalslag. Het lijkt me niet verstandig op het moment dat je ziet waarom we die zaken nu op de op de agenda hebben staan. Die maken dat die kosten zo zijn als ze zijn. Om dat weer opnieuw voor je uit te schuiven.
Het punt is namelijk dat we proberen hier in Zandvoort met zijn eigen problematiek, met name voor het dorpscentrum mensen te vrijwaren van natte voeten. Of we er helemaal in slagen dat is de vraag. Maar we moeten in ieder geval daar flink wat maatregelen voor nemen. Misschien meer dan andere gemeenten. Dat kan ik niet beoordelen. Alleen als je gewoon kijkt naar de uitgaven die op de rol staan en de dringendheid daarvan, dan ben ik bang dat je aan die kant niet zo gek veel kunt vinden. Dus zal het er inderdaad om gaan hoe verdelen we de lasten op een wijze die meer recht doet
aan de inkomenspositie van mensen die het niet breed hebben. Dan zijn we weer aan de bespreking toe zoals voorgesteld denk ik. Dank u voorzitter. De voorzitter: Dit was een interruptie op de heer El Gebaly. Maar ik zie nu ook een vinger van mevrouw Koper. Dus ik geef u ook even de gelegenheid en dan ga ik weer terug naar de heer El Gebaly. Mevrouw Koper: Ik wilde eigenlijk ingaan op datgene wat de heer Bouberg Wilson zegt, als het gaat om het uitstellen van datgene wat er moet gebeuren. Er zijn drie scenario's in het stuk. Die scenario's gaan over de financiering van datgene wat er in het plan staat. Zoals ik gezegd heb er lijkt geen twijfel over dat we de plannen die er zo zijn voorgenomen dat we die moeten doen. Dus het gaat niet om uit te stellen, het gaat om de dekking van de kosten. Dat even ter toelichting dat we niet de suggestie wekken dat we het centrum met natte voeten achterlaten. Want dat mag niet de bedoeling zijn. De voorzitter: Dank u wel. De heer El Gebaly was u klaar met uw betoog? De heer El Gebaly: Ik zou nog graag willen antwoorden op de heer Bouberg Wilson, daarna ben ik klaar met mijn betoog. Ik ben het met u eens. We moeten niet nog meer uitstellen want dat is ook precies zoals mevrouw Koper misschien ook zegt niet het punt. Ik denk ook niet dat het uw punt is dat u denkt dat wij het gaan of willen uitstellen.
Alleen eigenlijk raakt u daar ook heel erg goed de kern in. Want we hebben het voor ons uitgeschoven, we hebben het niet meteen gedaan en het is nu een grote kostenpost. Die kostenpost komt eigenlijk voor een heel groot deel van de Zandvoorters ook op het verkeerde moment. Daar zit meer mijn zorgen. Kijk dat we het moeten doen dat snappen we allemaal. Maar volgens mij hebben we ook nog best wel wat reserves. Kunnen we misschien nog wel heel eventjes iets meer uit een reserve halen en daarna op termijn wanneer het financieel weer wat beter gaat voor de in ieder geval de middeninkomens en de lage inkomens, dan wellicht wel een verhoging toepassen. Maar op dit moment vind ik het in het licht daarvan, interessant om die discussie bij de begroting te voeren. Dan hier misschien heel eventjes vandaag een pas op de plaats te maken om te kijken naar hoe we dat financieel kunnen dekken. Al is het maar van tijdelijke aard. Want het probleem is nu gewoon dat we zitten nu met een torenhoge inflatie, we zitten met hele hoge energieprijzen. Als wij dan ook nog eens, het is gewoon nodig om het riool te vervangen helemaal met u eens. Dan is dat ook wel weer een schepje erbovenop. Dus wellicht kunnen we daarnaar kijken. De voorzitter: Interruptie van mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Dank u wel.
Wat ik een beetje hoor in het verhaal is nu komt het eigenlijk niet goed uit om te verhogen. Dit is niet het juiste moment. Maar hoor ik dan we moeten eigenlijk de optie zo lang mogelijk gelijk blijven en daarna pas stijgen? Dat is wat ernaar vertaal, maar misschien heb ik dat verkeerd begrepen. De voorzitter: De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Mevrouw Göransson dat zou één van de opties kunnen zijn. Alleen moeten we dan kijken of we die stijging dan in één klap natuurlijk maken of dat we dat stapsgewijs gaan doen. Alleen wat ik nu gewoon voorzie, is dat op dit moment de situatie zo dun is wat dat betreft qua wat er ook maar gebeurt in de wereld. Het is meteen te voelen in de portemonnee bij onze inwoners. Dat het misschien wellicht nu niet het goede moment is om nu die investering bij onze inwoners terug te gaan vragen. Dat op termijn, ik weet ook niet wat er op termijn gaat gebeuren natuurlijk. Maar we weten in ieder geval dat het nu niet een goed moment is. Dus ik zou meer opteren voor misschien nu niet en dan later kijken wanneer de financiële water wat kalmer is om dan te kijken. Dan dat we dat nu in één klap gaan doen. De voorzitter: Interruptie van de heer Drommel.
De heer Drommel: Dank u wel voorzitter. Ik vraag me af of de heer El Gebaly het niet ermee eens is dat we niet moeten kijken wanneer we geld hebben om dat uit te geven, maar wanneer de investeringen nodig zijn. Om bijvoorbeeld ervoor te zorgen dat we droge voeten houden en een afdoende rioolstelsel hebben. De voorzitter: De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Dat is dus precies wat ik zei. Ik ben het helemaal met de heer Bouberg Wilson eens dat we die investering nu moeten doen, want we moeten nu die droge voeten hebben. Tot zover logisch. Alleen ik ben het niet eens op dit moment met hoe we die investering doorberekenen aan onze inwoners. Daarin denk ik wellicht in opties die ook misschien in het stuk staan. Maar je zou ook kunnen kijken of je niet vanuit de reserve wellicht iets kan betekenen om in ieder geval die klap niet meteen nu bij de inwoners neer te leggen. De voorzitter: De heer Drommel. De heer Drommel: Is de heer El Gebaly dan niet met me eens dat als het nu regent, dat je nu een paraplu nodig hebt en niet morgen? De voorzitter: De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Voorzitter, ik zei net ook al dat wij dit willen, zo snel mogelijk die investering doen. Alleen de investering kun je nu wel doen, maar hoeft nog niet te betekenen dat je meteen door gaat berekenen aan onze inwoners. Want die inwoners hebben misschien ook wel die paraplu nodig die u net schetst.
Ik wil nu die investering doen, maar ik wil hem nu niet doorbreken aan de inwoners. Dat is het verhaal. Dus ik ben voor de investering, maar niet voor het bonnetje bij de burger. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga naar de heer Hermsen van D66. De heer Hermsen: Voorzitter dank u wel. Ik dacht altijd het wordt een snelle avond, we zijn wel snel klaar maar het regent interrupties. Maar dat is op zichzelf prima om er nog eens een keer over na te denken. Eigenlijk is het voorstel wat gedaan wordt het meest logische voorstel. 17,5 euro per jaar dat is op zichzelf niet zo bijster veel. Ook gezien de hoeveelheid kosten, kostenstijgingen van materialen, et cetera die meespelen. Is het op zichzelf het veiligste manier, de veiligste optie zeg maar om hier voor te kiezen. Dus wat aan gaat blijven we dan wel staan bij het hamerstuk. Desalniettemin, is natuurlijk het kostenaspect zeg maar voor de burger en zeker voor de lage inkomens. Niet voor degenen die zeg maar tegemoetkoming krijgen of iets anders, of kwijtschelding ontvangen. Maar gewoon lage midden en natuurlijk altijd best wel een knauw. Maar ik vind ook dat het heel lastig is om vast te stellen wat we eventueel zouden moeten doen op het moment dat we nu nog niet de complete begroting zeg maar voor onze ogen hebben. Ik denk dat op het moment dat we de begroting hebben, dat we er al wat meer over kunnen vertellen.
Kijken, kijken wat er mogelijk is, kijken om eventueel een fonds aan te vullen. Dan wel te kijken of de kostendekkendheid nog zeg maar in de loop van de termijn past. Ik wil dan toch een aantal partijen dan hier eraan herinneren dat er ook een periode is geweest dat we minder hebben betaald. Ik denk dat we dat aspect ook gewoon mee moeten nemen. Dat we altijd uitgaan van die honderd procent kostendekkendheid. Op het moment dat het goed ging hebben we natuurlijk geld terug gehad. Op het moment dat het nu wat minder goed gaat moeten we misschien wat meer betalen. Dat betekent dat in de regel we als Zandvoort alsnog één van de gemeenten zijn met de laagste lasten. Voor riool is het dan heel vervelend zeg maar. We hebben natuurlijk afvalstoffenheffing natuurlijk ook een stijging gehad van tien procent bijna. Maar per saldo zeg maar zijn we nog steeds één van de laagste. Het is de afweging die je kan maken. Wat ons betreft blijft het voor nu in ieder geval zo staan zoals het is. We kunnen daarna altijd nog kijken of we wat moeten bijstellen. Maar daarvoor heb ik dan wel een compleet zich op de begroting nodig om te kijken zeg maar wat er dan zou kunnen. Dus wat ons betreft blijft hij gewoon zo staan zoals hij is. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel mijnheer Hermsen. Ten slotte eerste termijn raad ga ik naar de heer Gerrits van ZEE. De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. Voor ZEE is armoede natuurlijk ook één van onze speerpunten. Groot hoofdstuk in ons partijprogramma. Maar het bestrijden van armoede, bestaanszekerheid. Dat is het begin. Het liefst willen wij dat mensen kunnen floreren, dat ze echt kunnen leven zeg maar. Dit is eigenlijk een verdunning van een ambitie die veel groter is. Ik vind de punten die mevrouw Koper aanhaalt heel sterk. Zeker na wat we vandaag inderdaad hebben gehoord tijdens de Troonrede. Maar, in de politiek gaat het natuurlijk altijd over prioritering van middelen. Wanneer doe je wat? In welk potje stop je wat? Ik denk dat het heel goed is om daar eens breed naar te kijken. Dus die oproep ondersteun ik helemaal. Maar ik ben het ook eens met een aantal andere raadsleden dat het voor nu toch het beste is om op deze manier de kosten te dekken voor de riolering. Ik hoop dat we het later structureler en ook dat we de inwoners veel meer dan die 17,50 per jaar kunnen gaan teruggeven op een andere manier. Zowel de lage als de middeninkomens. Dus ik hoop dat we daar nog keer met elkaar over kunnen zitten. Dank u wel. Dat was mijn inbreng dus hamerstuk nog steeds. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Gerrits. Dan kijk ik naar de portefeuillehouder de heer Hendriks.
De heer Hendriks: Dank. Laat ik beginnen, mevrouw Koper die haalde een aantal en meer van u hebben dat gedaan, zorgen aan over kunnen inwoners het nog wel betalen. Ik snap, de echt, mensen met echt laag inkomen die hebben ook bij de rioolheffing gewoon recht op kwijtschelding. Maar de groep daarboven is elke stijging natuurlijk één te veel. Dus ik vind het heel terecht dat we hier met elkaar kijken naar hoe hou je die lasten laag en hoe hou je dat betaalbaar voor mensen? Dat is denk ik heel terecht. Ben blij dat u niet de noodzaak van de investeringen die we voorstellen ter discussie stelt. We lopen achter, we moeten echt een tandje bij zetten om het riool op orde te krijgen, maar ook gewoon om droge voeten te houden bij een stevige regenbui. Dus ik ben blij dat in elk geval het eerste punt van het besluit niet ter discussie staat. We moeten investeringen, doen we moeten aan de slag. Het tweede besluitpunt wat we voorstelden is eigenlijk te kiezen binnen die drie scenario's voor het gematigde scenario. Dus van tevoren, we hebben een aantal investeringen die we gaan doen. Dat is zeg maar besluitpunt één. Dat moet vervolgens betaald worden. De rioolheffing is een gesloten systeem, dus mensen betalen rioolheffing en die is honderd procent kostendekkend. Dat moet je op een manier dus met elkaar verrekenen en dat leidt tot een tariefstijging.
Op welke manier doe je dat vervolgens? Daar hebben we drie scenario's op papier gezet. Waarbij het college voorstelt dat het gematigde scenario het meest logisch is om voor te kiezen. Het andere scenario is een snelle stijging en het andere scenario is plat gezegd is de stijging vooruitschuiven. Wat je ziet, als je de discussie gaat voeren over moeten we die stijging van het tarief niet op een later moment doen? Dan beweeg je in feite richting dat scenario één, dus richting dat tarief gelijk houden. Misschien niet helemaal tot 2027-2028, maar als we de suggestie van mevrouw Kopen volgen dan gaan we langer het tarief gelijk houden. Dat betekent dat ook de rest van die effecten doorschuift naar dat scenario één. Dus je ziet dat die reserve, waar je dat inderdaad een tijdje uit kunt betalen, lager gaat. Dat die rond 2028-29 op nul zit als je dat op die manier doet. Dat daarna dat tarief heel hard omhoog moet. Want nog steeds moeten wij investeringen gaan doen. Die moeten we betalen. Dus dan moet die reserve weer hoog genoeg zijn om die investeringen te kunnen dekken. Dus je ziet dat bij dat scenario één tarief gelijk houden als u naar pagina negen van het raadstuk gaat. Dan stijgt uiteindelijk die tarief ook langer door. Dus die moet uiteindelijk hoger worden dan bij dat gematigde scenario of bij die snelle stijging.
Dus het totaal van dit voorstel zou leiden tot een aanzienlijk lagere serve. Dat is nog wel te overzien, maar is ook als gevolg daarvan tot een hogere stijging. Ik zie een interruptie voorzitter. Mevrouw Koper: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank u wel voorzitter. Mag ik de wethouder vragen om dan ook even toe te lichten waarom er in het stuk staat dat nog niet alle kosten inzichtelijk zijn daarin? Dus dat het ook nog wel eens een hele
andere kant op zou kunnen. Dus dat we eigenlijk nu suggereren dat we met harde cijfers aan het rekenen zijn, maar dat die kosten ook nog niet helemaal duidelijk zijn in de toekomst. Klopt dat? De voorzitter: De wethouder. De heer Hendriks: Dat klopt. Dit is ook een scenario en daarom staat ook die 17,50 bijvoorbeeld niet genoemd in het besluit. We kiezen voor een gematigd scenario. Als de investeringen zo gaan doen als dat we ze nu doen en alles gaat exact volgens planning de komende veertig jaar, dan hebben we met deze tarieven te maken. We weten allemaal dat veertig jaar vooruit plannen dat kan niemand, laat staan wij niet. U ziet het ook in het vorige gemeente rioleringsplan dat van een aantal jaar geleden als u dat terughaalt. Hadden we ook een stijging verwacht, maar toen bleven de investeringen achter. Waardoor die stijging ook achterwege is gebleven. Dus mocht alle investeringen zo doorgaan als nu gepland is dit de verwachte tarieven. In de praktijk verwacht ik dat de ene investering misschien naar voren wordt gehaald, de ander misschien uitstelt. In de komende veertig jaar gaat heel wat gebeuren. Dus dit zal wijzigen. Maar, het scenario wat u vaststelt als gedragslijn, is dat we kiezen voor dat gematigde scenario. Dus mocht het tarief stijgen, kiezen wij dat scenario. Dus dat is de manier waarop we sturen.
Wat exact die tarieven worden, dat kiest u elk jaar bij de begroting. U stelt elk jaar bij de begroting de rioolheffing vast bij de belastingverordeningen en bij de begroting het bedrag. Daar voert u dus ook elk jaar die discussie. Wat is nu exact die tariefstijging? Het uitgangspunt daarbij tot nu toe is dat die tarieven honderd procent kostendekkend zijn. Dus zodat het riooltarief honderd procent kostendekkend is, krijgen we deze scenario's. Als u die rioolheffing nu te hoog vindt, dan zou ik u adviseren om bij de begroting daar het gesprek met elkaar over te voeren. Om te zeggen vinden we honderd procent kostendekkendheid nog wel het logische uitgangspunt? Of willen we toe naar 95 procent kostendekkendheid of negentig procent kostendekkendheid? Dan drukt u het tarief, maar dan blijft de investering nog steeds hier staan. Dat lijkt mij denk ik de zuivere manier om dat gesprek te voeren en niet aan de hand van de reserve. Want als u aan de reserve sleutelt, dan ziet u wat er bij scenario één gebeurt. Dat die reserve op een gegeven moment leeg is en dat de tarief harder door moet stijgen. Dus mijn advies zou zijn om bij de begroting terug te komen op hoe hoog vind je nu dat die kostendekkendheid moet zijn? Dan is ook en dat is denk ik wat de heer Hermsen aangeeft, dan kun je dat ook in samenhang met elkaar zien.
Dus misschien negentig procent kostendekkendheid dat kost een bepaald bedrag. In de begroting kunt u afwegen of u dat de moeite waard vindt. Of dat u andere prioriteiten stelt, of bepaalde prioriteiten uitstelt. Of een andere belasting wil verhogen. Dat is allemaal uw afweging bij de begroting. Maar mijn advies zou zijn om die discussie daar te voeren omdat hij daar voor mij thuishoort. We hebben het hier over het plan, de investeringen. Mochten die investeringen leiden tot een stijging van de heffing, om dan te kiezen voor het gematigde scenario. Dus mijn advies zou zijn om dit stuk zo vaststellen als nu. De discussie die u volgens mij wilt voeren over de totale lasten om die bij de begroting te voeren. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond. Ik moet even want mevrouw Koper is even uit mijn zicht. Maar ik zie uw hand ergens in de verte. Ik wil u ook het woord geven voor de tweede termijn van de raad. Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank u wel voorzitter. Er is heel veel gewisseld. Ik ben in ieder geval blij met de steun voor de zorg die er is. Er is brede steun in de raad. Dus dat is ook heel fijn. Sorry collega mag ik u vragen … maar dat is dan ook heel fijn voor de discussie straks in de begroting. Daar ben ik blij mee.
Ik kauw heel even op de suggestie van de wethouder en staat u mij toe dat ik daar een paar minuten op kauw? Dan loop ik even heen en weer met een paar collega's dan kom ik terug en dan weet ik dat. Is dat goed? Een schorsing dus. De voorzitter: Verzoekt u een schorsing? Dan is mijn vraag hoe lang heeft u nodig? Mevrouw Koper: Vijf minuten.
De voorzitter: Vijf minuten schoren. Mevrouw Koper: En ik ken de consequenties. De voorzitter: Ik schors de vergadering voor vijf minuten. Ik heropen de vergadering. Welkom terug en keurig binnen de vijf minuten schorsing bent u weer terug in de zaal. Mevrouw koper had om een schorsing verzocht. Ik geef haar het woord. Mevrouw Koper: Dank u wel voorzitter. Ik leer snel van dit soort technische zaken. Dank voor de uitgebreide toelichting van de wethouder. Hij geeft daarbij aan dat hij heel graag de investeringen overeind wil houden. Daar heb ik geen seconde aan getwijfeld dat dat noodzakelijk is. De vraag alleen is wie gaat hem wanneer betalen? U bracht mij een beetje in verwarring met het voorstel laten we die kostendekkendheid dan bij de begroting bekijken. Dan zou ik die graag willen pareren. Want dan zou ik willen voorstellen dat het college daar een voorstel voor doet bij de begroting. Om te kijken op welke wijze we kunnen zorgen dat die lasten niet omhoog gaan. Want wat ik nu zie is 17,50. In zes jaar zijn de kosten van tweehonderd naar driehonderd. Dan doen we het niet goed. Want we weten allemaal dat de inflatie er is, er is van alles, maar er is een steeds grotere groep die dat niet gaat betalen. Dus ik wil best een stuk met u oplopen. Ik was geneigd om tegen te stemmen, maar ik ben voor deze belangrijke investering. Dus ik zou het willen omdraaien.
Als het college dan bij de begroting terugkomt met scenario's als het gaat om hoe kunnen we de tarieven voor de bevolking zo laag mogelijk houden door te kijken naar de kostendekkendheid. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even verder rond of nog iemand anders in tweede termijn het woord wil. De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Voorzitter dat is ook een beetje voor mij waar we bleven hangen. Als ik dit ook hoor want ik steun het voorstel van mevrouw Koper wat dat betreft. We bleven hangen op dat eigenlijk nu ook niet helemaal het momentum is natuurlijk om nu aan deze tarieven te gaan sleutelen omdat we gewoonweg ook niet weten überhaupt of dit de tarieven zijn waar wij mee gaan rekenen. Daarom ben ik wel benieuwd naar die scenario's. Juist om te kijken ook in het bredere plaatje van de begroting wat er mogelijk is. Daarin kunnen wij alsnog altijd dan die keuze maken naar mogelijkheden. Alleen we hebben nu ook niet een heel goed inzicht in wat een 95 procent, wat een negentig procent dekkingsgraad wat dat betreft betekent. Dus ik ben benieuwd of het college die scenario’s ons kan aanleveren richting de behandeling van de begroting in de raad. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog verder. De heer Drommel. De heer Drommel: Dank u wel voorzitter. We hebben het natuurlijk gehad over de kostendekkendheid. Uiteraard moet de riolering volledig betaald worden.
We kunnen ons ook nog goed heugen dat we tijdens de vorige begrotingsbehandeling de toeristenbelasting hadden verhoogd. Waarvan men ook altijd zegt de toeristen die produceren ook afval wat opgehaald moet worden. Die trekken ook de wc door. Misschien dat daar ook eens naar gekeken kan worden en dat we dat geld dan ook echt daar daadwerkelijk voor aanwenden. Zodat de inwoner van Zandvoort iets minder belast hoeft te worden. Dus wellicht dat het interessant is om zoiets ook mee te nemen. De voorzitter: Ik kijk nog even verder rond. Mevrouw Göransson OPZ. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Hij doet het nu weer wel. Dank u wel voorzitter. Als we gaan praten over de tarieven, moeten we dat in breder verband gaan bekijken. Het gaat om de OZB, het gaat om de afvalstoffenheffing, het gaat om riool, het gaat om andere vormen van inkomsten van forensen, toeristenbelasting en dergelijke. Dan kan je niet voor één tarief een percentage op loslaten. Kijk eens naar de
scenario's als het gaat om 90, 95 of 100 procent. Dat moet je collectief bekijken. Die afweging kunnen we nu niet maken. Daarvoor hebben we de begroting nodig, we hebben het totaalpakket. Dan kunnen we ook gaan kijken of we op die manier in totaliteit wat de lasten voor de inwoners zijn opgebouwd uit de diverse tarieven die we met elkaar hebben. Ik denk dat we ons bij de commissiebehandeling dan eens moeten gaan bekijken wat vinden wij aanvaardbaar? Wat kunnen wij doen om de armoe te bestrijden? Daar hebben we het hier ook vaak over gehad in bredere zin ook als het gaat om energie. Ik denk dat dat het moment is, maar om dan ook het totaalpakket te bekijken en dan eens te gaan kijken wat vinden we aanvaardbaar in stijging? Hoe kunnen wij dan op een gegeven ogenblik met tarieven gaan spelen? Dus mijn voorstel zou zijn om het in brede zin als raad te bekijken bij de begroting en niet één onderdeel eruit te pikken. De voorzitter: Ik zag een interruptie van de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Dank u wel mevrouw Göransson. Ik ben het eigenlijk roerig met u eens dat we naar het brede plaatje moeten kijken. Maar steunt u dan ook de oproep om dan in een breder plaatje het college misschien wel om scenario’s te vragen zodat wij tijdens de begrotingsbehandeling daar ook al rekening mee kunnen houden dat wij daar beter zicht op hebben? De voorzitter: Mevrouw Göransson.
Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Het is lastig want we weten nog niet wat er in de begroting staat. Dus mijn voorstel zal zijn laten we eerst kijken naar de begroting die komt. Dan kunnen we ook kijken in wat voor een percentage het omhoog gaat. Misschien blijft het gelijk. Dat is voor ons nu ook nog gissen. Dan hebben we voorafgaand hebben we technische vragen. Als we dan zien dat er een behoorlijke stijging in zit, dan zouden we als technische vraag kunnen zetten kunt u ons een scenario aanleveren dat we bijvoorbeeld naar een nullijn gaan of naar tweeënhalf procent. Ik verzin maar even. Dus dat zou mijn voorstel zijn. De voorzitter: Mevrouw Koper interruptie. Mevrouw Koper: Dank aan collega Göransson. Maar bent u dan ook niet met me eens dat we dan eigenlijk terug zijn op het begin van mijn betoog? Dat je dus niet nu dat tarief moet vaststellen, maar dat je die investeringen moet doen. Dat je dus weer in een breder perspectief moet terugkomen bij de begroting. Dat was ook mijn voorstel. We laten besluitpunt twee vervallen. De voorzitter: Mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Nee, dat ben ik niet met u eens. Want we nemen namelijk een uitgangspunt stellen we hier vast. Het tarief wordt jaarlijks bepaald en het tarief is ook afhankelijk van de investering die we doen. Dus dat tarief kan ook namelijk per jaar verschillen.
Dus daarom ben ik het niet met u eens en ben ik het wel mee eens om in algemene zin te kiezen voor een gematigd scenario. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even verder rond ik. Ik zie een weifelend handje van de heer Gerrits. Nee oké prima. Dan ga ik … wilt u wel of niet? Oké nee prima. Dan krijgt u nu het woord, de heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel. Ik wilde nog even kort reageren vanuit ZEE. Zoals ik net al aangaf het gaat hier gewoon om een stukje prioritering. Welke middelen geven we waaraan uit? Waaraan niet? Want er is geld, het ding is alleen waar willen we het in stoppen? Wat zijn de afwegingen? Het is ook schuiven. Als je in het één meer investeert, heb je voor het andere meer. Allemaal heel logisch. Ik denk zeker als het dus aankomt op een stukje bestaanszekerheid, maar ook gewoon mensen dus die kans geeft om daar ook uit te komen. Niet alleen maar die bestaanszekerheid hebben, maar te floreren, te leven zoals ik net al aangaf. Ik denk dat in dat licht een breder debat heel belangrijk is. Dat is wat ik eerder ook al zei. Dus ik ben heel blij dat meerdere collega
raadsleden dat ook voelen. Ik denk dat een deel daarbij heel belangrijk is om toch ook te letten op hoe wat voor besluiten maken wij zelf als gemeente? Zijn die efficiënt? Op het moment dat wij dat bredere debat voeren, dat we ook gaan kijken naar niet alleen naar hoe verlagen wij de kosten zoveel mogelijk? Maar hoe geven wij mensen de handvaten? Dat moet nog breder zijn in onze ogen. Om echt weer naar een stabiel bestaan te komen financieel, een vermogend bestaan zeg maar. Natuurlijk komt daar ook een stukje lastenverlaging bij. Maar dat is in onze ogen nog veel breder. Dus ik hoop ook dat we daar dan op dat moment over gaan hebben ondanks dat het natuurlijk een financieel stuk is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even rond. Ik zie niemand meer. Er is één concrete vraag nog in de richting van de portefeuillehouder gesteld met betrekking tot scenario's in de richting van de begroting. Ik geef nog voor het laatste woord de heer Hendriks. De heer Hendriks: Dank voorzitter. Uw uitgangspunt tot nu toe is honderd procent kostendekkendheid. Dus op basis daarvan werken wij als college. Het zou raar zijn als wij niet werken op basis van de uitgangspunten die u heeft vastgesteld. Dus wij zullen altijd blijven redeneren vanuit die honderd procent kostendekkendheid.
Uiteraard en dan geef ik denk ik mevrouw Göransson gelijk, is het aan u bij de begroting om dat soort cijfers ter discussie te stellen. Vindt u bij deze heffing honderd procent kostendekkendheid nog wel redelijk? Of bij die niet? Welke informatie heeft u daarbij nodig? Dan is het voor mij de taak van het college om bij die begrotingsbehandeling de berekeningen aan te geven die u nodig heeft om te kiezen in welke mate u bepaalde kostendekkendheid wilt. Als het college die berekeningen niet goed genoeg in de begroting heeft zitten, dan stelt daar een technische vraag over en leveren wij een andere berekening aan. Volgens mij kunt u dan namelijk ook echt op basis van de informatie die u nodig heeft de discussie voeren. Maar het is bij de begroting natuurlijk mogelijk om gewoon aan de hand van berekening en scenario's aan te geven wat zou 95 procent zijn, wat zou negentig procent zijn? Hoe kun je die stijging dempen? Dat zijn gewoon financiële berekeningen die wij aan kunnen leveren als u dat wilt. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij over tot stemming over dit onderwerp. Er zijn geen moties of amendementen dus we gaan uitsluitend stemmen over het onderwerp als zodanig. Wie is er voor dit voorstel? Dat zijn de fracties van Jong Zandvoort, OPZ, PVV, ZEE, D66, GroenLinks, VVD en CDA. Wie is tegen? Dat is de Partij van de Arbeid.
Dat betekent dat het voorstel met zestien voor, vijftien excuus er ontbreekt één iemand. Vijftien voor en één tegen is aangenomen. Ik zie de hand van mevrouw Koper, ik neem aan voor een stemverklaring. Mevrouw Koper aan u is het woord. Mevrouw Koper: Ja. Duidelijk is dat ik voor de investering ben, dat lijdt geen twijfel. Ik zag alleen een lager tarief van de drie scenario's zag ik een andere tariefstelling en dat deel van het raadstuk deel ik niet. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Koper. 9.
Ingekomen post De voorzitter: Dan zijn wij aangekomen bij punt negen de ingekomen post. Ik zie een hand van mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Dank u wel voorzitter. Wij hebben een opmerking over de ingekomen post. Een aantal staan voor aannemen voor kennisgeving. We vinden het wel belangrijk dat in ieder geval iedereen die een brief stuurt een antwoord krijgt. Bijvoorbeeld op de tweede pagina is letterlijk de titel een vraag. Dus graag dat alle mails en brieven wel daadwerkelijk beantwoord worden. De voorzitter: Daar heeft u volledig gelijk in. Ik kijk maar mevrouw Koper.
Mevrouw Koper: Ik wil collega Göransson ondersteunen want ik had dezelfde opmerking klaarstaan voor de ingekomen post. Er is een stuk en nu kijk ik even naar mijn … dat is nummer 81. Het verzoek is om het college dat ter afdoening doen, dus niet meer ter kennisname. Maar om ook ons in kennis te stellen van het antwoord daarvan. We hebben dit in het begin van het jaar heeft onder meer Jong Zandvoort daar ook vragen over gesteld. Er staan nog een aantal vragen open. Ik zou graag willen dat het college daarnaar kijkt. De voorzitter: Dat nemen we mee. Kunt u verder instemmen met de afdoening? Dat is het geval. 10. Sluiting De voorzitter: Dan is het thans, ik kijk op de klok, 20 uur 49. Dank ik u voor uw inbreng en sluit ik deze vergadering.