CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript - 12 september 2024

Raadscommissie 12 september 2024, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Transcript14.282 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

1 alinea's met “sluiting”: 70

Dus, dat blijft krap. Daar helpt dit niet aan. Dus nou, daar wil ik het even bij laten, maar een sportpas of iets dergelijks, daar zijn wij zeker niet tegen. De voorzitter: Dan ga ik over naar de fractie van ZEE, de heer Gerrits. De heer Gerrits: Ja, dank u wel voorzitter en ook heel terecht wat verschillende collega's hebben ingebracht. Zeker ook het pleidooi van de heer Hermsen die ook terecht stelde van landelijke toeslagen hebben uiteindelijk het grootste effect op bijvoorbeeld door de wethouder bevestigd werd. Dus ook landelijke regelgeving. En ik vond ook het pleidooi van mevrouw Nederlof wel terecht. Maar, voor wat ik weet zit in de ZandvoortPas wel al een stukje sport opgenomen als ik het niet verkeerd begrijp. Dus, volgens mij is dat niet …

Misschien dat we het nog kunnen uitbreiden, maar volgens mij gebeurt dat al wel. Maar, wat wij heel interessant zouden vinden, daar zouden we eigenlijk wel een stukje reflectie van ‘…’ van de wethouder, we weten dat het niet zijn portefeuille is, dus als het nu niet beantwoord kan worden dan zou ik ook graag met de wethouder Bluijs willen zitten hierover. Maar, idealiter, ondanks dat we weten dat het natuurlijk niet kan vanuit de gemeente zouden we de kostendelersnorm ook willen aanpassen zodat jongeren die werken niet langer negatief worden van invloed zijn op de uitkering van hun ouders. Want, dat is heel vaak een reden voor jongen om niet te gaan werken. Die biedt jongeren namelijk de kans om werkervaring op te doen, een sterker cv op te bouwen en hun toekomstperspectief te verbeteren. Bovendien kunnen ze hierdoor economisch zelfstandig worden, dragen ze ook bij aan de economie, wat op lange termijn ook gunstig is voor de economie van Nederland. We vragen daarom de wethouder om te onderzoeken, of nou ik zou het in ieder geval willen bespreken dan, of er een structurele vorm van bijzondere bijstand mogelijk is voor deze groep vanuit de gemeente. Dit zou namelijk een belangrijke steun kunnen zijn voor gezinnen die getroffen worden door kostendelersnorm zonder dat jongeren worden ontmoedigd om te werken.

Uiteraard blijven ook landelijke signalen over de noodzaak van een aanpassing van deze regelgeving altijd welkom, want dat is natuurlijk helemaal ideaal. De voorzitter: U heeft het interruptie van de heer Berg van OPZ. De heer Berg: Ja, volgens mij is de kosten delende norm afgelopen januari verhoogd tot mensen tot zevenentwintig jaar dat ze niet meer worden meegeteld inkomen bij de … Dus, volgens mij is het nu al niet meer van toepassing. De voorzitter: De heer Gerrits. De heer Berg: Daarmee bekend? De heer Gerrits: Daar ben ik mee bekend, dat klopt. Maar, je ziet ook tegenwoordig steeds langer dat mensen nog thuis wonen, ook door de woningcrisis nu, dus het gaat echt om een hele kleine groep mensen en dat is juist de reden waarom ik zeg nou ja, volgens mij moeten we dat best kunnen doen als gemeente. Dus op die die manier, op die fiets. Dat was hem. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Gerrits. Dan ga ik over naar de fractie van de D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja, voorzitter, dank u wel. Ja, ik vind het wel leuk wat ZEE hier aangeeft met betrekking tot die kostendelersnorm ‘…’ wel eerder aangegeven. Het is niet alleen jongeren boven de zevenentwintig jaar, maar het zijn natuurlijk ook mantelzorgers, mensen die hun ouders helpen en tegelijkertijd wonen waar dat allemaal invloed op heeft. Dat zijn allemaal zaken die je mee kan nemen.

Dat zijn, nogmaals, dat zijn de radars waar je mee kan draaien. Dat maakt het altijd interessant van hoe je dat beleid dan insteekt. Wat ik probeerde aan te geven, maar dat wordt misschien dan verkeerd geïnterpreteerd, is dat werken zeg maar niet loont in die zin dat op het moment dat je net boven die grens zit dat het inderdaad gewoon heel lastig is om rond te komen en daarmee de vergelijking te maken als je dus daaronder zit, dat het dus nog vele malen erger is. Dat was eigenlijk de insteek die ik wilde meegeven. Dus, werken loont tot op zekere hoogte en dat maakt het ook wel lastig. Het beleid is natuurlijk ook een keuze die je kan maken. Voor de twee … In de twee situaties waar wel sprake is van armoedeval met de verhoging van honderdtwintig naar honderddertig procent zou je ook nog gebruik kunnen maken van een eigen regeling. Dat is een regeling waar je vrij bent om daar insteek van, of te kunnen gebruiken zeg maar. Het is bijvoorbeeld ook iets als een gemiste toeslag, want op het moment dat je boven een bepaald inkomensnorm krijgt, dan komt het inderdaad voor dat je sommige toeslagen mist en dan zou je dus als gemeente dat kunnen compenseren. Dat is echt een beleidsuitvoering, maar dat is een mogelijkheid. Dus, die mogelijkheid is er. Nogmaals, binnen het vlak, want er is heel veel mogelijk kan je dus inderdaad gewoon heel makkelijk schakelen.

Maar, dat is natuurlijk ook een keuze die je als raad mee kan

geven, maar het is natuurlijk ook de verwachting zeg maar die je vanuit het college en vanuit het beleid hebt van hoe kijk je daar dan naar? Nou ja, en dat is ook dus de bereidheid, daarom geef ik het ook mee, wethouder geeft ook terecht aan, als in het coalitieprogramma staat, coalitieakkoord het is natuurlijk geen programma, aan het coalitieakkoord staat honderdtwintig procent is de grens ja, kan me best voorstellen dat je daaraan vasthoudt. Kan ook zijn dat je zegt nou ja goed, wij durven dit besluit te nemen door echt een sociale gemeente te zijn. Dan ga je naar honderddertig procent en dan kun je gaan finetunen. Kun je ook zeggen van de eerste auto tot een bepaalde waarde nemen wij standaard gewoon niet mee, omdat we vinden dat mensen gewoon een auto moeten kunnen rijden. Een onderscheid maken is dat dan een Bentley of iets anders dat is de keuze zeg maar die je kan maken binnen dat terrein. Zo zijn er wel meer van dat soort mogelijkheden, maar dat vraagt gewoon een bepaalde beleidsvrijheid, maar ook iets wat gewoon moet gegeven worden door deze raad. Als het beleid is inderdaad honderdtwintig procent is honderdtwintig procent, het is staand beleid en dat blijft ook zo en wij vinden dat het goed is, dat is een keuze. Die keuzevrijheid hebben wij als raad. We kunnen dat gewoon aangeven.

Daarom zijn we ook elke keer aan het op hameren van wat zijn dan de mogelijkheden om het nog aantrekkelijker te maken? Nou, dat zijn wel van een aantal zaken, maar dan ga ik op een beleidsstoel zitten waar ik niet op wil zitten. Daar heb ik met mijn werk al genoeg mee te maken, omdat ik dit soort casuïstiek dan controleer, maar dit zijn wel de mogelijkheden die je hebt. Dat is ook iets, die oplossing hoor ik tot nu toe niet, dus ik zou eigenlijk ook de mogelijkheid willen geven zeg maar van wat kunnen we daar nou aan doen? En welke vormen zouden we nog kunnen doen dat er eigenlijk een stuk komt vanuit het college van we hebben nu inzichtelijk wat dat betekent om van honderdtwintig naar honderddertig procent te gaan, maar welke mogelijkheden hebben we daar nog meer in die beleidsvrijheid? Waar zullen we nou kunnen tunen zodat we zorgen dat die mensen die twee situaties ook niet in die armoedeval komen, zodat we een bewuste keuze kunnen maken van wat we dan besluiten. Oftewel, gaan we van die honderdtwintig naar honderddertig procent gaan en ook wat dat betekent zeg maar op langetermijnplanning. Op het moment dat bijvoorbeeld minimumloon nog verder stijgt. Maar, het gaat ons in essentie ook gewoon, en nou ja de VVD geeft het ook wel weer terecht aan, dat in bijvoorbeeld in Nieuw Noord behoorlijk gedeelte van de kinderen gewoon onder die armoedegrens leeft.

Jat we hebben natuurlijk ook brood op scholen, allerlei zaken waarvan we dachten van nou dat is een goed idee. Waar een aantal scholen aangeven nou dat hebben we in principe niet nodig kan ik me ook voorstellen en er zijn ook een aantal scholen die het al standaard doen. Nou, dat zijn allemaal zaken waar wij in kunnen faciliteren of waar we als besluit kunnen nemen om het alsnog uit te voeren dat we daar bijvoorbeeld subsidie voor beschikbaar stellen. Zo zijn er dus allemaal van dat soort kleine dingetjes die je kan doen om te zorgen dat ieder kind in Zandvoort in ieder geval een gelijke kans heeft. Nou, dat het in Nederland niet gebeurt dat is al schrijnend genoeg, maar als we zo, dat wil ik toch wel meegeven, zo financieel zo goed voorstaan als een gemeente in Zandvoort, en toch zo een hechte gemeenschap zijn, waarom doen we dan net niet even dat stapje extra? Dat is een vraag aan de commissie op dit moment. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik over naar de fractie van OPZ. De heer Berg: Ja, dank u wel.

De wethouder die gaf aan in zijn betoog dat hij zich vandaag vrij heeft moeten maken om dit stuk eigen te maken, maar gelukkig weet hij vast op de vraag van mevrouw Nederlof het juiste antwoord over de sportpas, want ik heb het snel proberen te zoeken en ik kwam er niet uit, maar volgens mij is het nu dat wij in de ZandvoortPas met honderdtwintig procent het ondersteunen en dus zou het een … Interruptie. De voorzitter: U heeft een interruptie, de heer Broer. De heer Broer: Ja, dank u wel voorzitter. Ik was ook aan het zoeken geslagen. Er staat in de Inkomenseffect Rapportage op pagina vierentwintig: Jeugdfonds Sport en Cultuur maximaal driehonderdvijftig euro per jaar voor sport of vijfhonderd voor cultuur voor kinderen van vier tot en met zeventien jaar. Ik denk dat dat het

stuk is. Dus daar zit je sportbijdrage kom je al in en inderdaad ZandvoortPas maximaal 100 euro per jaar voor sport voor volwassenen achttien plus. Dus, het zit in beide, dus vandaar. De voorzitter: De heer Berg. De heer Berg: Ja, ik vind het dus mooi dat we dat op die manier als maatwerk leveren. Ja, en of het bij die honderdtwintig of honderddertig procent dat je bij honderddertig procent wel maatwerk gaat leveren dat kan je volgens mij ook bij honderdtwintig procent kan je al maatwerk gaan leveren. Iemand die in die honderdtwintig procent norm zit en toch een autootje kan rijden en zijn kinderen naar school buiten Zandvoort brengt, omdat ze speciaal onderwijs hebben en die krijgt een hele hoge rekening om en die kan hij eigenlijk niet betalen, dan denk ik dat je maatwerk moet gaan leveren op het moment dat je zegt van vader, op het moment dat jouw auto niet meer rijdt, dan moet de gemeente het leerlingenvervoer regelen wat vele malen duurder is en wachttijden is en meer zorgen voor zo een gezin brengt. Dus, wat dat betreft denk ik dat dat soort oplossingen in maatwerk dat je daar ook in kan gaan zoeken en gaan sturen. Dus, wij blijven bij honderdtwintig procent met maatwerk en we ondersteunen wel dat dat je kan kijken naar gezinnen die boven de honderdtwintig zijn of wat je misschien in sport extra kan doen. Dus, onze reactie. Dank je wel.

De voorzitter: Dank u wel mijnheer Berg. Dan ga ik over naar de fractie van de PVV, de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Ja voorzitter, dank u wel. Even iets rechtzetten wat ik verzuimd heb te melden in de eerste termijn door mijn rommelige handschriften en lichte visuele beperking ten aanzien van die doorrekening. Het bedrag dat daarmee gemoeid is gezien in het licht van de positieve effecten daarvan is iets wat onze steun kan krijgen. Nog even een korte opmerking over die armoedeval. Een van de oorzaken van die armoedeval is gewoon de kosten van woon-werkverkeer, want als je geen baan hebt dan heb je die kosten niet. En ja, die zijn nogal hoog, maar ja, wij gaan hier niet over de prijzen aan de pomp en over de prijzen die de NS en zo hanteert. Dus, dat kunnen we helaas hier niet oplossen. En schuldhulpverlening is een verhaal apart en ik ken een casus van een gezin die had een problematische schuld, een bedrag X, en het hele traject om de mensen te helpen ging veel meer kosten dan bedrag X. Zelfs een veelvoud daarvan. Dan zou je natuurlijk kunnen zeggen van nou weet je wat, we kiezen voor de goedkoopste oplossing. We lossen die schuld in een keer af en nemen het over. Maar, als je zulke dingen gaat doen, dan gaat het gedrag van de mensen wel veranderen, denk ik. Dus dat is dan weer een Catch-22 verhaal, want dat blijft een lastige.

Een ding is wat ik me afvraag is wat gaan we straks doen als we te maken krijgen met het terugkeren van strenge winters? Dan gieren die kosten natuurlijk uit de pan voor die mensen. Dat is misschien iets voor de toekomst. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van Tiggelen. Dan ga ik over naar de factie van GroenLinks, de heer Keuning. De heer Keuning: Ja, dank voorzitter. D66 heeft net een erg mooi betoog gehouden. Een sociale gemeente zijn is gewoon erg belangrijk en dat stapje extra dat kunnen we volgens mij ook gewoon doen, want we hebben hier het geld voor en laten we dat dan ook gewoon doen. We kunnen zoveel mensen en kinderen helpen door gewoon het ene stapje extra te zetten. En als we dan op de honderddertig zitten, kunnen we altijd nog kijken waar we als gemeente nog meer aan kunnen doen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Keuning. Ga ik over naar de fractie van Jong Zandvoort, mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Ja, dank u wel voorzitter. Ik vind het blijft een lastig onderwerp. Ik werk met veel mensen die in de armoede zitten en dit doet ook veel met hun IQ, want dit blijkt uit onderzoek dat het toch een aantal punten qua IQ scheelt of je in stress zit om geld, dus in armoede of dat je dat niet hebt. Ik heb even snel uitgerekend met de Participatiewet inkomen, of nee, met de honderddertig en de honderdtwintig procent op

basis van de Participatiewet. Op 130 procent zit je op 1931 euro en 80 cent netto, 120 procent is dat 1783 euro en 20 cent netto. Als we dan kijken naar het minimumloon en je werkt 32 uur, dan verdien je 1861 euro netto in de maand. Dan val je dus buiten die honderdtwintig procent al en dat is minimumloon en dan werk je dus wel en dan snap ik gewoon niet eigenlijk waarom we deze discussie eigenlijk aan het voeren zijn waarom we niet naar die honderddertig procent gaan. Omdat, werken … Ja, dat we zeggen ja, maar je moet wel werken. Ja, dat snap ik, maar als iemand dus tweeëndertig uur werkt op basis van minimumloon, moeten we hem dan ook nog straffen door niet deze, ja, extra's die we hebben vanuit de gemeente niet te gunnen? Ja, ik snap dat gewoon niet zo goed. Ik zie wat het met mensen doet, het zijn niet eens mensen met kinderen, het zijn ook gewoon andere volwassenen, het doet gewoon heel veel met mensen. Mensen stellen uit om kinderen te krijgen omdat ze in de stress zit van ik kan het niet betalen. Dus, daardoor hebben we ook dat er minder kinderen worden geboren en dan heb je dus wel mensen met kinderen en je ziet wat dat met kinderen doet en het is gewoon schrijnend. Daarom vind ik het erg lastig dat wij hier zo moeilijk aan kunnen doen om wat is het, twee, nog geen tweehonderd euro netto extra. Ja, ik vind daar wat van.

Dus, ik hoop eigenlijk wel dat er in het beleid goed wordt gesproken met de instanties die hier goed verstand van hebben en die dus ook die honderddertig procent zullen aanbevelen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Paap. Ga ik tot slot over naar de Partij van de Arbeid. De heer Broer. De heer Broer: Dank u wel voorzitter. Dank u wel mevrouw Paap. Ik vind het een hele mooie inbreng, hele mooie berekening. Ik sta er volledig achter dat die honderddertig procent dat we daar gewoon voor moeten gaan. Weet je, dan help je gewoon die laatste paar mensen ook. Mijnheer Hermsen van D66 wat die precies aangaf, eventueel kun je daar ook nog maatwerk op leveren in geval dat de mensen er net weer tussen gaan vallen tussen wal en schip. Ja, laten we die mensen helpen. Ook uit onderzoek is gebleken dat mensen die in armoede zijn opgegroeid, kinderen die in armoede zijn opgegroeid vaak ook weer zelf vervallen in armoede. Dus, als we hun ouders helpen hen ook indirect gaan helpen, komen zij daaruit, gaan zij ook die problemen niet krijgen de toekomst. Dat is zoals ik eerder aangeven in eerste termijn, het is een investering ook in die kinderen. Laten we die kinderen en die gezinnen helpen waar mogelijk en inderdaad als gemeente, we zijn een rijke gemeente in dat opzicht. Laten we een sociaal hart hebben en dat ook tonen naar onze bewoners. Daar wil ik het bij laten.

De voorzitter: Dank u wel mijnheer Broer. Dan ga ik voor een tweede termijn naar de portefeuillehouder. De heer Carree, aan u het woord. De heer Carree: Ja voorzitter, volgens mij zijn er geen concrete vragen aan mij gesteld, maar ik wil wel een aantal dingen verduidelijken. Er werd de vraag gesteld door de VVD over de sportpas. Dat zie ik als het Jeugdfonds Sport en Cultuur. Nou, daar werd al antwoord opgegeven. Dat valt in een ZandvoortPas. D66 gaf wat aan over gemiste toeslagen. U moet mij niet helemaal achter de komma vragen als vervangend portefeuillehouder, maar als gemeente doen we al iets met gemiste toeslagen. Dus, daar wordt al naar gekeken en daar wordt al een stuk, als we dat maatwerk willen noemen, wordt daar al maatwerk in geleverd. En u zo horende praten, want het is niet mijn portefeuille, maar het raakt wel een deel van mijn reguliere portefeuille. Dat is jeugd, onderwijs, sport. Dus, vanuit daar weet ik er wel het een en ander wat van wat raakt. Ik hoor hier maatwerk en individueel maatwerk is ontzettend lastig. Dat gaat ook iets vragen van de ambtelijke organisatie. Maar, volgens mij wat wij in Zandvoort al doen is, noem ik maar even, generiek maatwerk. Ik heb hier een aantal dingen gehoord, maar als ik naar mijn eigen portefeuille kijk, de bezemklas zwemmen is generiek maatwerk.

Als we het hebben over buitenschoolse activiteiten die in kader van het Zandvoorts preventiemodel aangeboden worden, dat is generiek maatwerk. Daar daarmee zorgen we ook dat ouders en kinderen niet voor bepaalde kosten komen te staan waar u als raad geld voor ter beschikking stelt. Even gewoon een weetje, want ik hoor ook een paar keer een voorbeeld dat er een auto aangehaald wordt. In Zandvoort wordt een auto berekend tot vijfendertighonderd euro. Daaronder wordt hij niet meegerekend, dus ook daarin werken wij met generiek maatwerk. En OPZ gaf ook een voorbeeld over een gezin die misschien

een autoprobleem heeft. Daar hebben we ook de bijzondere bijstand voor. Als er kosten zijn die even door de gemeente vergoed moeten worden dan hebben we daar een loket voor en kan de bijzondere bijstand aangevraagd worden. Ook in de verordening die u zelf volgens mij anderhalf jaar geleden heeft vastgesteld over leerlingenvervoer zitten die opties, die maatwerk opties zitten daarin en kunnen er, en niet in Zandvoort nog, maar in de regio nu, voorbeelden, E-bikes ter beschikking gesteld worden voor ouders, kinderen en dat soort dingen. Dus, volgens mij leveren we al heel veel generiek maatwerk waarvan wij misschien niet heel snel doorhebben, ik in ieder geval niet totdat u erover begon, dat dat generiek maatwerk is. Ja, en ik hoor toch weer de discussie, honderdtwintig, honderddertig procent. Duw ik hem toch weer terug. Daar gaat u als raad over. De voorzitter: Dank u wel portefeuillehouder. Ik heb nog twee soort van vragen wel gehoord aan de kant van de commissie. Een ging over de kostendelersnorm van ZEE. Daar was wel een interruptiedebat over, maar volgens mij bleef die vraag wel staan van de heer Gerrits en de andere vraag was van mijnheer Hermsen. Dat had betrekking tot welke mogelijkheden de gemeente nog meer had en of, eigenlijk was het meer een verzoek of het college daarnaar zou willen kijken.

Portefeuillehouder, zou u die twee vragen nog proberen te kunnen beantwoorden? De heer Carree: Ja, kostendelersnorm die dacht ik dat die al beantwoord was in ieder geval qua leeftijd. Het lastige is, ik word zeer professioneel ambtelijk ondersteund op dit moment, alleen kostendelersnorm valt onder een andere afdeling. Dat is werk inkomen, maar ik hoorde de heer Gerrits al zeggen dat hij graag bij de heer Bluijs even langsging. Dus, ik denk dat u dat voorstel zeker moet doen. Van de D66 heb ik niet specifiek op geantwoord, want er komt geactualiseerd beleid in januari ‘25 naar u toe en ik verwacht dat alles wat in de evaluatie zit wat met partners besproken wordt en wat hier ook nu op tafel komt daarin op tafel zou komen en een afweging gemaakt zou worden wat er door de desbetreffende portefeuillehouder in januari 2025 naar u toe zou komen. En de portefeuillehouder kennende zal die echt alle mogelijkheden bekijken en op tafel leggen ambtelijk om te kijken aan welke knoppen we kunnen draaien en zal er een voorstel, nogmaals, in januari naar u toekomen. De voorzitter: Dank u wel portefeuillehouder. Dit agendapunt was er bespreking, dus hierbij ronden we dit agendapunt af. 9. Sluiting De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt negen, de sluiting. Ik dank u voor uw aanwezigheid. Sommigen van u drie avonden op rij. Ik sluit je bij de vergadering.

Het is op dit moment tien voor half tien. Een fijne avond.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14542843/1