Raadsvoorstel Zienswijze ontwerpbegroting 2027 GR ODIJmond
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp Zienswijze ontwerpbegroting 2027 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond Nummer 2026/209979 Portefeuillehouder Kloet, J. de Programma/beleidsveld 4.3 aantrekkelijke leefomgeving Afdeling VTH Auteur Buskop, R. Telefoonnummer 06-39290040 Email rbuskop@haarlem.nl Kernboodschap De Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst IJmond (ODIJ) zet zich dagelijks in voor het in stand houden van een veilige en duurzame fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Dat doet ODIJ voor 14 regiogemeenten waaronder de gemeente Zandvoort en de provincie Noord-Holland. In 2024 heeft het Algemeen Bestuur (AB) van de ODIJ geconcludeerd dat de organisatie (financieel) versterkt moet worden om de dienstverlening aan de inwoners en de bedrijven in de gemeenten en de provincie op peil te kunnen houden. En om te kunnen voldoen aan de strengere landelijke eisen voor omgevingsdiensten die per 1 april 2026 gaan gelden. Met het programma ‘Basis op orde’ heeft de ODIJ samen met de deelnemende partijen intensief gewerkt aan het op orde brengen van de basis. De eerder aangeboden Kadernota 2027 - waarin de uitgangspunten van een nieuwe financieringsstructuur zijn opgenomen – vormt daarin een belangrijke mijlpaal. Op 8 april 2026 heeft het Dagelijks Bestuur (DB) de ontwerpbegroting 2027 en de jaarstukken besproken.
De ontwerpbegroting is gebaseerd op de Kadernota 2027, waarop door de gemeenteraad van Zandvoort haar wensen en bedenkingen kenbaar heeft gemaakt. Ook de ontwerpbegroting 2027 – waarin de uitwerking van de nieuwe financieringsstructuur is verwerkt - markeert een belangrijk moment voor de ODIJ. Met de begroting wordt een belangrijke stap gezet in het toekomstbestendig maken van de organisatie. De jaarrekening 2025 heeft een goedkeurende verklaring van de accountant. ODIJ sluit het boekjaar af met een negatief resultaat van € 7.305. Voordat het DB de ontwerpbegroting 2027 op 1 juli 2026 ter vaststelling aanbiedt aan het Algemeen Bestuur (AB) van de ODIJ worden de gemeenteraden en Provinciale Staten in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze op de ontwerpbegroting kenbaar te maken. Behandelvoorstel voor commissie
De commissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college en over de wijze van agendering van het raadsvoorstel in de raadsvergadering. Kenmerk: 2026/209979
1/9
Relevante eerdere besluiten
Besluit college d.d. 26 mei 2026
-
Collegebesluit 27 januari 2026 ‘Onderzoeksrapport harmonisatie taken vergunningen, toezicht en handhaving (VTH)’ (Principebesluit college taakharmonisatie). - Raadsbesluit 17 februari 2026 ‘Kadernota 2027 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond’ (Raadsbesluit zienswijze Kadernota 2027 GR ODIJ) - Raadsbesluit d.d. 17 februari 2026 ‘Zienswijze op de voorgenomen 9e wijziging van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond’ (Zienswijze op wijziging GR ODIJ) - Collegebesluit d.d. 21 april 2026 ‘Uitvoeringsprogramma 2026 Omgevingsdienst IJmond’(Uitvoeringsprogramma 2026 Omgevingsdienst) Het college van burgemeester en wethouders besluit: 1. Het voorstel aan de raad vast te stellen. Het college van burgemeester en wethouders besluit voorts: 2. Kennis te nemen van de jaarrekening 2025 van ODIJ. de secretaris,
Ontwerp-besluit raad d.d. ……….
de burgemeester,
De raad der gemeente Zandvoort, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1. Als zienswijze over de ontwerpbegroting 2027 naar voren te brengen bij het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond (GR ODIJ) dat: a. de gemeente Zandvoort niet kan instemmen met de vaststelling van de voorliggende ontwerpbegroting 2027. Dit vanwege de in hoofdstuk 9 Meerjarenraming geformuleerde uitspraken over desintegratiekosten, frictiekosten en overname personeel. In het kader van de implementatie van het door de gemeente Zandvoort genomen principebesluit tot harmonisatie van de bouwgerelateerde taken zijn er nog geen afspraken over kosten en overname personeel tussen de gemeente en de ODIJ gemaakt. Afspraken over eventuele kosten kunnen alleen op basis van de huidige dienstverleningsovereenkomst tussen Zandvoort en de ODIJ worden gemaakt. b. in de ontwerpbegroting beter en navolgbaar toegelicht moet worden hoe bij de taakharmonisatie (scenario 2) de hoogte en de afbouw van de genoemde frictiekosten zich verhoudt tot de individuele bijdragen van de deelnemers en het ten opzichte van
Kenmerk: 2026/209979
2/9
scenario 1 gelijk blijven van de totale GR-bijdragen van de deelnemers. de griffier,
de voorzitter,
Aanleiding De Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond (ODIJ) zet zich in opdracht van 14 regiogemeenten en de provincie Noord-Holland dagelijks in voor het in stand houden van een veilige en duurzame fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Voor de aan de GR deelnemende partijen wordt een diversiteit aan wettelijke taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving en milieuadvisering uitgevoerd. In het kader van de in de 2024 gestarte doorontwikkeling van de ODIJ tot een financieel robuuste en toekomstbestendige omgevingsdienst is een nieuw financieringsmodel opgesteld. Op basis daarvan zijn de vanaf 2027 geldende nieuwe bijgestelde financiële bijdragen van de deelnemende partijen bepaald waarmee de scheefgroei tussen de opdracht en de daarvoor beschikbaar gestelde middelen wordt hersteld. De gevraagde reacties aan de deelnemende partijen op deze nieuwe bijdragen zijn verwerkt in de Kadernota 2027, die vervolgens voor wensen en bedenkingen begin 2026 aan de gemeenteraden en Provinciale Staten is voorgelegd. De gemeenteraad van Zandvoort heeft haar wensen en bedenkingen aan het Dagelijks Bestuur (DB) kenbaar gemaakt. Op basis van de Kadernota 2027 is door de ODIJ de ontwerpbegroting 2027 opgesteld die nu voor een zienswijze aan de gemeenteraad wordt voorgelegd.
Zienswijze ontwerpbegroting 2027 De ontwerpbegroting 2027 is op 17 april 2026 aan de gemeenteraden en de Provinciale Staten toegestuurd (bijlage a). De gemeenteraden en de Provinciale Staten worden in de gelegenheid gesteld na het aanbieden van de ontwerpbegroting hun zienswijze over de ontwerpbegroting kenbaar te maken. De ontwerpbegroting wordt op 1 juli 2026 door het Algemeen Bestuur (AB) van de ODIJ vastgesteld en uiterlijk 15 juli 2026 ingediend bij Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland. 1. Beoogd resultaat Conform de Wet Gemeenschappelijke Regeling heeft de gemeenteraad de gelegenheid om hun zienswijze op de ontwerpbegroting 2027 kenbaar te maken aan het DB van de ODIJ. Wanneer de raad een positieve zienswijze afgeeft, wordt de aan Zandvoort gevraagde financiële bijdrage voor 2027 definitief in de begroting van de ODIJ opgenomen. Met de ontwerpbegroting 2027 herstelt de ODIJ een structureel begrotingstekort van € 1,7 miljoen onder meer door een betere balans tussen incidentele en structurele middelen en herstelt de
Kenmerk: 2026/209979
3/9
ODIJ de ontstane scheefgroei tussen de deelnemers. Hiermee wordt het programma Toekomstbestendige Omgevingsdienst IJmond afgerond. 2. Onderbouwing voorstel De ontwerpbegroting 2027 met de nieuwe financieringsstructuur draagt bij aan een evenwichtige en stevige basis voor de (regionale) samenwerking tussen de omgevingsdiensten en de deelnemende gemeenten. 3.1 Kadernota 2027 Omgevingsdienst IJmond Het voorlopige financieel effect van de financiële herijking heeft geleid tot aanpassingen in de uren voor Zandvoort. De bijdrage 2025 van € 1,305 miljoen is in de kadernota 2027 verhoogd naar € 1,681 miljoen. In de begroting 2027 van ODIJ is de bijdrage van Zandvoort met ruim € 376.000 verhoogd. Naar aanleiding van de kadernota heeft de raad van de gemeente Zandvoort de ODIJ gevraagd de financiële impact van het principebesluit om de bouwtaken (vergunningverlening, toezicht en handhaving) op een nader te bepalen datum – doch op zijn vroegst per 1 januari 2027 - te harmoniseren met de ambtelijke organisatie van de gemeente Haarlem tot uitdrukking te brengen in de kadernota. De ODIJ heeft de gevolgen in de meerjarenraming nu deels zichtbaar gemaakt, waarbij de (door het college benoemde meest passende) datum van 1 januari 2028 als uitgangspunt wordt gehanteerd.
3.2 Begroting 3.2.1 De ODIJ herstelt in de begroting de balans tussen de bijdragen van de deelnemers en de uitvoering van de opdracht. Met de ontwerpbegroting 2027 zet de ODIJ een belangrijke stap in het toekomstbestendig maken van de organisatie. Op basis van de door het AB op 9 juni 2025 vastgestelde uitgangspunten is het nieuwe financieringsmodel doorgevoerd. Daarmee is de disbalans tussen de opdracht en de beschikbare middelen hersteld. Ook is er een betere balans tussen de incidentele en structurele middelen. Door de inzet van extra structurele middelen stijgt het omzetvolume van de ODIJ met ongeveer 20% (€ 2,6 miljoen). Hiervan is € 1,7 miljoen bestemd voor de dekking van bestaande vaste kosten waarmee ook het meerjarige begrotingstekort wordt opgelost. De omzetstijging draagt daarnaast bij aan de benodigde versterking van de organisatie. Dit vertaalt zich onder andere in een beperkte groei van de formatie (circa 7,2 fte) en investeringen in opleiding, innovatie en bedrijfsvoering.
Kenmerk: 2026/209979
4/9
3.2.2 De GR-bijdrage van gemeente Zandvoort past binnen de programmabegroting 2027 In 2027 moet Zandvoort totaal € 1,681 miljoen betalen voor de dienstverlening van de ODIJ. Dat is inclusief de verhoging van de financiële bijdrage vanaf 2025 van totaal € 376.000 zoals al in de kadernota 2027 van de ODIJ is opgenomen. Het totaalbedrag is als volgt opgebouwd: GR bijdrage Zandvoort (X1000) 2026 Verplichte milieutaken 0,192 Facultatief bouwtaken (niet verplicht) 0,826 Overig/projecten (niet verplicht)* 0,447 Totaal 1,465 Begrote bijdragen 1,468 Stemrecht 2,07% *waaronder geluidsmetingen circuit in 2027
2027 0,547 1,111 0,023 1,681 1,745 9,63%
De Formule 1 is in 2026 voor het laatst in Zandvoort daarmee eindigt per 2027 de projectfinanciering. Wel blijft ODIJ de geluidsmetingen rondom het circuit doen. De financiële inzichten op basis van de Kadernota 2027 van de ODIJ zijn verwerkt in de Voorjaarsnota 2026. Daarmee past de nieuwe bijdrage aan de ODIJ voor 2027 binnen de budgetten zoals opgenomen in de Programmabegroting 2027. (De bijdrage op basis van de ontwerpbegroting van de ODIJ is iets lager dan verwacht. Dit wordt bijgesteld bij de Voorjaarsnota 2027.) 3.2.3 De ODIJ heeft ingezet op kostenefficiency. Bij het opstellen van de begroting is door de ODIJ aandacht besteed aan het verzoek van de deelnemende partijen om kostenefficiency te realiseren. Op basis van een eerste analyse was het beeld dat de organisatie 17 tot 21 formatieplaatsen nodig had om de kwaliteit en continuïteit in de uitvoering te waarborgen. Zoals ook al in de kadernota tot uitdrukking is gebracht, is door bestuurlijke keuzes het aantal formatieplaatsen teruggebracht tot 7,27 fte. Deze extra formatie is minimaal nodig om de ODIJ toekomstbestendig te maken en de opdracht goed te kunnen blijven uitvoeren.
In de begroting 2027 wordt voor zover mogelijk rekening gehouden met externe factoren zoals arbeidsmarktkrapte, stijgende kosten als gevolg van inflatie en de financiële positie van de deelnemende gemeenten, die mogelijk in de toekomst verwachten op de eigen uitgaven te moeten bijsturen. 3.2.4 Het energiebesparingsakkoord wordt voor de periode 2027-2030 verlengd. Provincie Noord Holland stelt opnieuw extra middelen beschikbaar en bereidt een nieuw akkoord voor op het Energiebesparingsakkoord Bedrijven 2022-2026 (EBA). Gemeenten willen de huidige cofinanciering voor periode 2027-2030 voortzetten en hiervoor structurele middelen beschikbaar stellen. De ODIJ heeft dit nog niet in de begroting verwerkt, omdat de subsidie en de cofinanciering op het moment van de kadernota nog niet bekend was.
Kenmerk: 2026/209979
5/9
3.3 Jaarrekening 2025 De ODIJ sluit het boekjaar 2025 af met een negatief resultaat van € 7.305. Het negatieve resultaat wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door hogere accountantskosten en advieskosten die verband hebben met de doorontwikkeling van de ODIJ. Omdat de ODIJ over 2025 een negatief resultaat kent, maar gedurende 2025 al een bedrag ad. € 1.004.067 heeft toegevoegd aan de nieuwe bestemmingsreserve ‘vrijval projectgelden’ heeft het AB op 13 mei 2026 ingestemd met het voorstel om op de toevoeging een onttrekking te doen van € 7.305. De nieuwe bestemmingsreserve is uitsluitend bedoeld om eventuele verliezen op de projecten op te kunnen vangen, zodat dit niet ten laste komt van alle deelnemers (pag. 45). De accountant heeft een goedkeurende controleverklaring voor getrouwheid verstrekt (bijlage 4). Er zijn geen aanwijzingen van fraude en of niet naleven van wet- en regelgeving. Omdat het risico bestaat dat de huidige onderhoudsvoorziening van € 229.000,-- niet toereikend is om aan de onderhoudsverplichting te kunnen voldoen, moet het investeringsplan in 2026 worden geactualiseerd (pag.19). Welk effect dat heeft op de (meerjaren)begroting moet in 2026 duidelijk worden. 3.4 Uitvoering 3.4.1.
ODIJ is afgelopen twee jaar getransformeerd naar een organisatie die steeds meer grip op de bedrijfsvoering krijgt De jaren 2025 en 2026 zijn aangemerkt als transitieperiode waarin de inzichten verder worden uitgewerkt en de toekomst van ODIJ wordt bepaald. De organisatie komt steeds meer in controle mede dankzij de interventies op de organisatie en de bedrijfsvoering: achterstanden in bedrijfsbezoeken worden ingelopen en de ODIJ werkt aan het verbeteren van de planning en control cyclus en meer grip op de nieuwe organisatiestructuur. De inhaalslag geeft handvatten voor het in het beleidskader genoemde risicogerichte toezicht, draagt bij aan de actualisatie van vergunningen en de actualisatie van het bedrijfsbestand en het zet de trend die ODIJ in 2025 voortzet.
3.4.2. De activiteiten van de ODIJ passen bij de ambities van de Uitvoeringsen Handhavingsstrategie 2024-2027 en het uitvoeringsprogramma 2027. De ontwerpbegroting bestaat uit twee delen; een opsomming van de inhoudelijk thema’s die een belangrijke rol gaan spelen in 2027 en de verdere versterking van de uitvoeringsorganisatie. Inhoudelijk richt de ODIJ zich op de verdere implementatie en optimalisatie van de Omgevingswet, de versterking van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) en het inspelen op nieuwe maatschappelijke thema’s. Tegelijkertijd wordt ingezet op datagedreven werken, innovatie en samenwerking met partners onder andere via landelijke trajecten en regionale samenwerkingsagenda’s. Jaarlijks beschrijft de ODIJ in een uitvoeringsprogramma de taken, de projecten en de programma’s die de dienst uitvoert op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving, en milieuadvisering. Daarbij wordt ook beschreven welke prioritering in de uitvoering van taken is aangebracht. Zo heeft het college op 21 april 2026 het Uitvoeringsprogramma 2026 (UVP) van de Kenmerk: 2026/209979
6/9
ODIJ vastgesteld. Op basis van de voor 2027 beschikbare middelen wordt eind 2026/begin 2027 het UVP voor 2027 opgesteld. Met een vastgesteld UVP beschikt de gemeente over een sturingsdocument op basis waarvan tussentijds kan worden bijgestuurd op de uitvoering van de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving en milieuadvisering. 3. Risico’s en kanttekeningen 4.1 Risico’s 4.1.1. In de ontwerpbegroting worden nu al (financiële) uitgangspunten bij de harmonisatie van de bouwgerelateerde taken genoemd. In reactie op de gevraagde zienswijze op de 9e wijziging van de Gemeenschappelijke regeling van de ODIJ is door de gemeenteraad benoemd dat de inhoud van de huidige dienstverleningsovereenkomst (DVO) leidend blijft. En dat dit betekent dat de afspraken en verplichtingen zoals vastgelegd in de bestaande overeenkomst van kracht zijn totdat een formele beëindiging of wijziging plaatsvindt. In reactie daarop heeft de ODIJ in de ‘Nota van zienswijzen en reactie’ - die op 13 mei 2026 door het AB is vastgesteld – aangegeven dat het bij de gevraagde zienswijze gaat om de gemeenschappelijke regeling zelf waarin collectieve afspraken zijn opgenomen die in 2026 worden vertaald naar een DVO per gemeente en provincie. De ODIJ geeft daarbij ook aan dat bij de verdere uitwerking van de DVO Zandvoort rekening wordt gehouden met de ontwikkeling van de taakharmonisatie.
Daarbij merkt de ODIJ in de nota wel op: “Of en in hoeverre dit tot maatwerk leidt, wordt – ook in collectief verband – bestuurlijk besproken en waar mogelijk gezamenlijk vastgelegd. Deze zienswijze(n) leidt daarom niet tot een aanpassing van de GR.” Met deze reactie laat de ODIJ in het midden of de lopende DVO – waarin geen artikel is opgenomen over desintegratiekosten - leidend blijft. Om die reden wordt geadviseerd een zienswijze in te dienen waarin tot uitdrukking wordt gebracht dat voor eventuele financiële afspraken over desintegratiekosten en frictiekosten het huidige DVO als basis geldt. 4.1.2. ODIJ heeft nog grote financiële en organisatorische uitdagingen Bij de uitvoering spelen ontwikkelingen zoals arbeidsmarktkrapte en onzekerheden over toekomstige landelijke robuustheidsscenario’s een rol. Deze risico’s worden (deels) beheerst door in te zetten op goed werkgeverschap, structurele opleiding en ontwikkeling van medewerkers. 4.2 Kanttekeningen 4.2.1 ODIJ indexeert de begroting met 2,5%. Voor de samenstelling van de jaarlijkse begroting wordt uitgegaan van de in de laatst vastgestelde begroting opgenomen ramingen en wijzigingen en wordt tevens rekening gehouden met de laatst bekende cao-afspraken zoals deze gelden voor de gemeentelijke overheid, het prijsindexcijfer voor de overheidsconsumptie en inclusief autonome ontwikkelingen.
In de begroting van de ODIJ wordt op voorhand uitgegaan van een indexatie van 2,5% voor de komende jaren. Het uitgangspunt van gemeente Haarlem is dat er geen sprake kan zijn van een stapeling van indexatie en dat voor de komende jaren(vooralsnog) wordt uitgegaan van constante tarieven, totdat conform de afspraken de nieuwe index door de gemeenteraad wordt geaccordeerd. Kenmerk: 2026/209979
7/9
4.2.2 Definitief besluit taakharmonisatie bouwtaken gemeente Zandvoort Zoals in de ontwerpbegroting door de ODIJ wordt beschreven (zie hoofdstuk 9) is een belangrijk punt voor het bepalen van de richting in de meerjarenraming de uitwerking van het principebesluit van de gemeente Zandvoort om de bouwgerelateerde taken op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving onder te brengen in de Haarlemse ambtelijke organisatie. Als meest passende datum is daarvoor 1 januari 2028 benoemd. Wanneer het definitieve besluit door Zandvoort wordt genomen, heeft dat meerjarige (financiële) consequenties voor de ODIJ en de deelnemende partijen. 4.2.3. De ODIJ gaat uit van desintegratiekosten en van frictiekosten bij een harmonisatie Volgens de ODIJ betekent een besluit tot harmonisatie dat er sprake is € 731.712 aan desintegratiekosten die betrekking hebben op de overhead en die voor een periode van drie jaar over de deelnemers wordt verdeeld. (In de ontwerpbegroting spreekt de ODIJ abusievelijk over frictiekosten*). Vanuit de ODIJ is al aangegeven dat bij een harmonisatie - en daarmee een ontvlechting van de taken - een projectleider moet worden ingezet, waarvan de kosten ten laste van Zandvoort worden gebracht.
De verwachting is dat – met het oog op de planning van zowel de gemeentelijke begroting als de begroting van ODIJ voor 2028 – uiterlijk in de 1e helft 2027 duidelijkheid zal zijn over de definitieve datum van de harmonisatie en de hoogte van eventuele desintegratiekosten en/of frictiekosten. In de ontwerpbegroting dient nog wel beter en navolgbaar toegelicht worden hoe bij de taakharmonisatie (scenario 2) de hoogte en de afbouw van de genoemde frictiekosten zich verhoudt tot de individuele bijdragen van de deelnemers en het ten opzichte van scenario 1 gelijk blijven van de totale GR-bijdragen van de deelnemers. Om die reden wordt voorgesteld om dit ook zo in de zienswijze tot uitdrukking te brengen. *Frictiekosten zijn de incidentele kosten die direct samenhangen met de beëindiging van een DVO (bijvoorbeeld de kosten van de inzet van een projectleider voor de ontvlechting van taken). Desintegratiekosten zijn alle doorbelaste kosten in verband met de ontstane overcapaciteit als gevolg van de beëindiging van een DVO. 4.2.4. De ODIJ gaat uit van overname van personeel bij een harmonisatie Omdat de bouwgerelateerde taken binnen de ambtelijke organisatie van Haarlem worden belegd, is er niet zozeer sprake van een eventuele overname van personeel door Zandvoort. Bij een eventuele overname treden de betreffende medewerkers in dienst bij de gemeente Haarlem.
Dat betekent dat Haarlem formeel moet instemmen met een overname en indiensttreding.
Kenmerk: 2026/209979
8/9
4. Consequenties en uitvoering 5.1 Financiën Gemeente Zandvoort heeft de budgettaire consequenties voor het jaar 2027 opgenomen in de Voorjaarsnota 2026. In het geval van overeengekomen desintegratie- en/of frictiekosten zal bij de Voorjaarsnota 2027 een bijraming moeten plaatsvinden. 5.2 Communicatie Het besluit van de gemeenteraad wordt schriftelijk aan het DB van de ODIJ kenbaar gemaakt. 5.3 Juridisch Ingevolge artikel 35 van de Wet Gemeenschappelijke regelingen stuurt de GR ODIJ de ontwerpbegroting 12 weken voordat deze wordt vastgesteld door het algemeen bestuur aan de deelnemende gemeenten en provincie. De deelnemers worden in de gelegenheid gesteld een zienswijze naar voren te brengen. In artikel 28 van de GR ODIJ is overeenkomstig de Wet gemeenschappelijke regeling bepaald dat het algemeen bestuur van de GR de jaarrekening vaststelt. 5.4 Planning De zienswijze van de raad over de ontwerpbegroting 2027 wordt zo spoedig mogelijk aan het DB van de ODIJ kenbaar gemaakt. Het AB stelt de begroting 2027 op 1 juli 2026 definitief vast en stuurt deze met de zienswijzen van de raden aan Gedeputeerde Staten van de provincie NoordHolland. 6. Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief ontwerpbegroting 2027 inclusief wensen en bedenkingen Kadernota 2027 2. Ontwerpbegroting 2027 3. Gewaarmerkte jaarstukken OD IJmond 2025 4. Accountantsverslag jaarrekening 2025 OD IJmond 5.
Controleverklaring jaarrekening OD IJmond 2025 6. Publieksjaarverslag OD IJmond 2025 in woord en beeld 7. Bestuursrapportages jan-dec 2025 8. Rapportage Uitvoeringskader 2025
Kenmerk: 2026/209979
9/9