Raadsvoorstel Zienswijze Kadernota 2027 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp Zienswijze Kadernota 2027 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap
2026/23028 Kloet, J. de 5.1. Milieu VTH Buskop, R. 06-39290040 rbuskop@haarlem.nl De Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst IJmond (ODIJ) zet zich dagelijks in voor het in stand houden van een veilige en duurzame fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Dat doet ODIJ voor 14 regiogemeenten waaronder de gemeente Haarlem en de provincie Noord-Holland. In 2024 heeft het bestuur van ODIJ geconcludeerd dat de organisatie van ODIJ versterkt moet worden om de dienstverlening aan de inwoners en de bedrijven in de gemeenten en de provincie op peil te houden. En om te kunnen voldoen aan de strengere landelijke eisen voor omgevingsdiensten die per april 2026 gaan gelden. Met het programma ‘Basis op orde’ wordt tot 1 januari 2027 daaraan gewerkt. In het kader van de versterking van de organisatie is ODIJ gestart met een traject van doorontwikkeling tot een financieel robuuste en toekomstbestendige omgevingsdienst. De Kadernota 2027 is het product van het op orde krijgen van de financiële basis en draagt daarmee bij aan de doorontwikkeling van de ODIJ.
Behandelvoorstel voor commissie Besluit college d.d. 20 januari 2026
Door de Kadernota 2027 en een wijzing van de GR gelijktijdig aan te bieden, wil ODIJ de raden en staten in staat stellen om een zienswijze in te dienen op het wijzigingsvoorstel GR en wensen of bedenkingen kenbaar te maken ten aanzien van de kadernota. Daarmee wil ODIJ samen met de huidige raad een proces van twee jaar afronden. De commissie wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college en over de wijze van agendering van het raadsvoorstel in de raadsvergadering. Het college van burgemeester en wethouders besluit: 1. Kennis te nemen van de Kadernota 2027 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond (GR ODIJ). 2. De raad in de gelegenheid te stellen om wensen en bedenkingen op Kadernota 2027 van de GR ODIJ te geven. de secretaris,
Kenmerk: 2026/23028
de burgemeester,
1/6
Ontwerp-besluit raad
De raad der gemeente Zandvoort, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders, Besluit: 1. als zienswijze naar voren te brengen bij het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond (GR ODIJ) dat de raad de volgende wensen of bedenkingen heeft bij de Kadernota 2027 van de GR ODIJ: a. In de Kadernota 2027 dient tot uitdrukking te worden gebracht wat de (financiële) impact is van het door het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort genomen principebesluit om de bouwgerelateerde taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving op een nader te bepalen datum – doch op zijn vroegst per 1 januari 2027 - te harmoniseren in de ambtelijke organisatie van Haarlem. de griffier,
de voorzitter,
1. Aanleiding De Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst IJmond (GR ODIJ) zet zich in opdracht van 14 regiogemeenten en de provincie Noord-Holland dagelijks in voor het in stand houden van een veilige en duurzame fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Voor de aan de GR deelnemende partijen wordt een diversiteit aan wettelijke taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving, en milieuadvisering uitgevoerd. In 2024 heeft het Algemeen Bestuur (AB) van de GR ODIJ geconcludeerd dat de organisatie van ODIJ versterkt moet worden om de dienstverlening aan de inwoners en de bedrijven in de gemeenten en de provincie op peil te houden. En om te kunnen voldoen aan de strengere landelijke eisen voor omgevingsdiensten die per april 2026 gaan gelden. In het kader van de versterking van de organisatie is ODIJ gestart met een traject van doorontwikkeling tot een financieel robuuste en toekomstbestendige omgevingsdienst, waarbij er drie ontwikkellijnen zijn vastgesteld: 1. het op orde brengen van de financiële basis, 2. een actualisatie van de GR, 3. het inventariseren van toekomstscenario’s van ODIJ. Financiële analyse In het kader van de ontwikkellijn van het op orde brengen van de financiële basis is door de ODIJ eerder in 2025 een analyse gemaakt van de huidige en de toekomstige benodigde financiële Kenmerk: 2026/23028
2/6
middelen. In het najaar 2025 zijn de gemeenten gevraagd een formele reactie te geven op de berekende nieuwe bijdrage, zodat deze in de Kadernota 2027 kan worden verwerkt. De bijstelling voor de gemeente Zandvoort betekent een stijging van de bijdrage met € 376.116 (29% stijging). Het college heeft in haar reactie aangegeven dat voor Zandvoort een bijdrage in de Kadernota 2027 ODIJ kan worden opgenomen die aansluit op die van de andere deelnemers (Landsmeer en Heemskerk). Een formeel akkoord op de hoogte van de nieuwe bijdrage is door het college nog niet gegeven. Gevraagde wensen of bedenkingen Het AB van de ODIJ heeft op 17 december 2025 besloten de kadernota - via de colleges van de gemeenten en Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland - aan te willen laten bieden aan de raden en Provinciale Staten met het verzoek hun wensen en bedenkingen ten aanzien van de kadernota kenbaar te maken. De Wet gemeenschappelijke regelingen noch de gemeenschappelijke regeling van de ODII zelf bieden daartoe de gelegenheid. Om die reden is ervoor gekozen dit besluit van het college -waarbij kennis is genomen van de door het AB van ODIJ vastgestelde Kadernota 2027 – in het kader van de actieve informatievoorziening aan de raad toe te sturen. Gelijktijdig met het aanbieden van de kadernota wordt ook het product van de 2e ontwikkellijn (actualisatie van de GR) aangeboden.
Met een separaat voorstel wordt het college voorgesteld de wijziging van de GR voor een zienswijze aan de gemeenteraad voor te leggen. 2. Beoogd resultaat De Kadernota 2027 is een product van het op orde krijgen van de financiële basis en draagt daarmee bij aan de doorontwikkeling tot een toekomstbestendige omgevingsdienst voor de regio. Met het nu al voorleggen van de kadernota - en daarmee de financiële uitgangspunten voor de ontwerpbegroting 2027 – wil het AB een proces van twee jaar met de huidige gemeenteraden afronden. 3. Onderbouwing voorstel In het nieuwe financieringsmodel dat aan de kadernota ten grondslag ligt, is de balans aangebracht tussen de opdracht aan ODIJ vanuit iedere deelnemende partij en de hoogte van de financiële bijdrage. Op basis daarvan zijn de vanaf 2027 geldende nieuwe, bijgestelde financiële bijdragen van de deelnemende partijen bepaald. Voor het nieuwe financieringsmodel zijn objectieve criteria vastgesteld. De belangrijke uitgangspunten zijn de volgende. 1. Het gebruik van één integraal uurtarief voor alle deelnemers Er wordt een en hetzelfde uurtarief (inclusief overhead) gehanteerd voor zowel de verplichte en facultatieve taken. Vanuit ODIJ wordt aangegeven dat het hanteren van één uurtarief voor de bedrijfsvoering van ODIJ en voor het toerekenen van de overhead het meest werkbaar is. 2.
Desintegratiekosten bij wijzigen opdracht Een ander uitgangspunt is dat bij het aanpassen van een opdracht vanuit een deelnemende partij aan ODIJ voor de uitvoering van taken zal worden beoordeeld of er sprake is van desintegratiekosten Kenmerk: 2026/23028
3/6
en/of er aanleiding is om de overhead aan te passen. De afspraken daarover worden vastgelegd in de aangepaste GR die middels een separaat voorstel aan het college en de gemeenteraad wordt voorgelegd. 3. Wijze van afrekenen ODIJ gaat jaarlijks met de deelnemers afrekenen op basis van gerealiseerde uren en kosten. Dat betekent concreet dat iedere deelnemer betaalt voor wat aan dienstverlening daadwerkelijk wordt geleverd. Door middel van tussentijdse rapportages over de bestede uren houden ODIJ en de deelnemers samen grip op de dienstverlening. Een evaluatieperiode van 2 jaar De eerste uitvoeringsjaren van de nieuwe financieringssystematiek worden gebruikt om een gezamenlijk beeld op te bouwen van de werking van de systematiek. In de kadernota wordt beschreven dat de grondslagen voor het uurtarief na 2 jaar (1e kwartaal 2029) worden geëvalueerd. De uitkomsten van de evaluatie kunnen dan zonodig in de begroting van 2030 worden verwerkt. Overhead De overhead van ODIJ is aangepast op de groei van de formatie in de afgelopen jaren. In de loop der jaren is het personeelsbestand gegroeid van zo’n 90 medewerkers naar 155 medewerkers. Om die reden is de ‘span of control’ van het management aangepast. 4.
Risico’s en kanttekeningen 4.1 Risico’s Financieel effect harmonisatie bouwgerelateerde taken Het college heeft het principebesluit genomen de bouwgerelateerde taken op een nader te bepalen datum – doch op zijn vroegst per 1 januari 2027 - te harmoniseren in de ambtelijke organisatie van Haarlem. Het moment van de daadwerkelijke harmonisatie bepaalt ook het moment van het financiële effect op het te hanteren uurtarief, de hoogte van de bijdragen van de deelnemende partijen en daarmee op de begroting van het jaar waarin de harmonisatie plaatsvindt. In de kadernota wordt geen aandacht besteed aan de effecten van een harmonisatie. Daarentegen wordt in de brief van het Dagelijks Bestuur (DB) d.d. 12 januari 2026 – waarin een reactie wordt gegeven op het genomen principebesluit – wel nadrukkelijk ingegaan op de financiële impact van de harmonisatie op ODIJ. En daarmee op het scenario van het zelfstandig kunnen blijven. Het DB geeft in de brief aan “een eerste aanzet te geven” voor een beschrijving van de (financiële) impact van de harmonisatie van de bouwgerelateerde taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving.
4.2 Kanttekeningen Intensief proces binnen een onzekere toekomst Het proces van doorontwikkeling is een intensief proces, des te meer omdat voortdurend tussentijds commitment nodig is van alle deelnemende partijen aan de GR op de stappen die gezet moeten Kenmerk: 2026/23028
4/6
worden om tot een robuuste en toekomstbestendige organisatie te komen. Dat is een uitdagende en ingewikkelde opgave, mede omdat de doorontwikkeling is omkleed met een aantal ontwikkelingen waarvan ook voor ODIJ de uitkomsten en de impact daarvan op de eigen organisatie niet duidelijk zijn: - Parallel aan het inventariseren van de toekomstscenario’s door ODIJ zelf is vanuit de provincie Noord-Holland en de vier provinciale omgevingsdiensten op bestuurlijk niveau een verkennend onderzoek gedaan naar een samenwerking tussen de vier omgevingsdiensten in de provincie. De periode tot en met maart 2026 wordt door het bestuur van ODIJ gebruikt om de uitkomsten van dit onderzoek nader te duiden. - Op 1 april 2026 dienen alle omgevingsdiensten te voldoen aan een aantal robuustheidscriteria vanuit het Rijk, waaronder het kunnen voldoen aan bepaalde kwaliteitscriteria en een omzetcriterium van zo’n € 16,5 miljoen. - Een harmonisatie van de taken op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving (VTH) binnen de gezamenlijke ambtelijke organisatie van Haarlem en Zandvoort heeft impact op het scenario van het zelfstandig blijven van de ODIJ. In de brief van het DB wordt dit ook zo nadrukkelijk benoemd. Het AB van ODIJ is zich van deze onzekerheden bewust en heeft daarbij nadrukkelijk als lijn gekozen dat ongeacht de toekomst van de ODIJ de basis op orde moet worden gebracht.
Ook om zo nodig bij een fusie of federatieve samenwerking met andere omgevingsdiensten de ODIJ een ‘aantrekkelijke’ partner te laten zijn. Een integraal uurtarief Het werken met één integraal uurtarief betekent dat bij het terughalen van facultatieve taken met een noemenswaardige omvang door een deelnemende partij het uurtarief stijgt vanwege de bestaande overhead. Bij een toevoeging van taken wordt – met het oog op het financieel robuust zijn/worden – beoordeeld of het uurtarief neerwaarts kan worden aangepast. Robuustheidscriterium omzet Voor wat betreft het robuustheidscriterium van de vereiste omzet geldt dat deze gebaseerd zijn op de te behalen baten voor de verplichte basistaken en de zogenoemde milieugerelateerde plustaken. Dit zijn taken met een structureel karakter. In reactie op de door ODIJ aangeboden jaarstukken 2024 en de begroting 2026 geeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties eind oktober 2025 aan dat het onduidelijk blijft hoe ODIJ werkt aan het terugdringen van de hoge incidentele baten. Het ministerie geeft aan te verwachten dat in de begroting 2027 daar meer duidelijkheid over wordt gegeven. In de begroting 2026 is 59% van de baten afkomstig uit de baten voor de diverse DVO’s. In de meerjarenbegroting 2026-2028 daalt dit percentage naar 54% in 2028. 5. Consequenties en uitvoering 5.1 Financiën Verhoogde financiële bijdrage
Kenmerk: 2026/23028
5/6
In de kadernota wordt aangegeven dat het voorlopige te verwachten financieel effect van de herijking voor Zandvoort een structurele kostenstijging van 29% (€ 376.116) is. Bij de kaderbrief worden deze financiële consequenties structureel verwerkt als autonome ontwikkeling. De gewogen indexatie van 3,9% is gebaseerd op CPB cijfers De ODIJ komt tot een gewogen percentage van 3,9% als uitgangspunt voor de begroting 2027. Voor de personeelskosten maakt ODIJ gebruik van de ramingen van het Centraal Planbureau (CPB). Deze staan in de 'Aanvullende kerngegevens Actualisatie MLT juli 2025'. Het percentage van 3,9% sluit mogelijk niet aan bij uitgangspunten die de gemeente de begroting 2027 hanteert. Bij het maken van de definitieve begroting houdt ODIJ wel rekening met de meest recente ramingen of met de dan geldende CAO-afspraken. De indexatie is onderdeel van de ontwerpbegroting 2027. 5.2 Communicatie Het Dagelijks Bestuur van ODIJ wordt schriftelijk geïnformeerd over het kennisnemen van de kadernota en over een eventuele reactie vanuit de raad op de kadernota. 5.3 Participatie Niet van toepassing. 5.4 Juridisch Volgens de Wet gemeenschappelijke regelingen en de GR ODIJ bestaat er geen mogelijkheid om de deelnemende partijen aan de ODIJ een zienswijze of ‘wensen of bedenkingen’ op de kadernota te laten indienen.
In het AB is besloten om de gemeenteraden in de gelegenheid te stellen eventuele wensen of bedenkingen kenbaar te maken. Een college is daartoe formeel niet verplicht. 5.5 Planning De planning is dat - na verwerking van alle reacties van de deelnemende partijen op de kadernota - in april 2026 de ontwerpbegroting 2027 in de besluitvormingsroute wordt gebracht richting de deelnemende partijen. 6. Bijlagen Bijlage 1: Kadernota 2027 Omgevingsdienst IJmond Bijlage 2: Bijlage Kadernota – Herijking van de financiering ODIJmond
Kenmerk: 2026/23028
6/6