CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegebesluiten 19 november - 16 december 2024

Raadscommissie 7 januari 2025, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Overzichten9.796 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Collegebesluiten tussen 19 november en 16 december 2024 Document

Collegebesluit Behouden cultuurhistorische graven en vrijgeven graven ter heruitgifte

Titel

Collegebesluit Behouden cultuurhistorische graven en vrijgeven graven ter heruitgifte

Besluit B&W

19-11-2024

Document

Collegebesluit Opzegging Holland Casinofonds

Titel

Collegebesluit Opzegging Holland Casinofonds

Besluit B&W

19-11-2024

Document

Collegebesluit Voornemen uit te treden uit GBKZ en toe te treden tot Cocensus

Titel

Collegebesluit Voornemen uit te treden uit GBKZ en toe te treden tot Cocensus (26-11-2024)

Besluit B&W

26-11-2024

Document

Collegebesluit Tennishal Zandvoort

Titel

Collegebesluit Tennishal Zandvoort

Besluit B&W

26-11-2024

Document

Collegebesluit Aandeelhoudersvergadering 28 november 2024 ROM InWest (Regio) BV

Titel

Collegebesluit Aandeelhoudersvergadering 28 november 2024 ROM InWest (Regio) BV

Besluit B&W

26-11-2024

Document

Collegebesluit Verlengen opdracht Deloitte 2025-2027 gemeente Zandvoort

Titel

Collegebesluit Verlengen opdracht Deloitte 2025-2027 gemeente Zandvoort

Besluit B&W

03-12-2024

Document

Collegebesluit Aanwijzen twee locaties als ontmoetingsvoorziening voor jongeren

Titel

Collegebesluit Aanwijzen twee locaties als ontmoetingsvoorziening voor jongeren

Besluit B&W

03-12-2024

Gekoppeld evenement

Collegebesluit Aanwijzen twee locaties als ontmoetingsvoorziening voor jongeren (Raadscommissie 07-01-2025 20:00)

Collegebesluit

Onderwerp Behouden cultuurhistorische graven en vrijgeven graven ter heruitgifte Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap

Behandelvoorstel voor commissie Relevante eerdere besluiten

Besluit College d.d. 19 november 2024

2024/2025646 Henriks, M. 5.3 Overige beheerstaken BE Meer, I.D. van der 023-5114497 ivandermeer@haarlem.nl In de beheersverordening algemene begraafplaats Noorderduin Zandvoort 2017 is bepaald dat de begraafplaatscommissie adviseert aan het college over graven en gedenktekens die cultuurhistorische waarde voor Zandvoort hebben en derhalve behouden moeten blijven. In de bijlage een overzicht van de graven waarvan afstand is gedaan. Het college heeft de bevoegdheid om hierover nu een besluit te nemen. Dit voorstel betreft de graven waarvan afstand is gedaan door rechthebbende, vrij te geven voor heruitgifte. De begraafplaatscommissie heeft onderzoek gedaan naar graven die cultuurhistorische waarde hebben en adviseert deze niet te verwijderen. Het college stuurt dit besluit in het kader van actieve informatieplicht naar de gemeenteraad. -

Besluit college B&W 14-11-2023 reg.nr. 2023/1891170 over vaststelling afstandslijst - Beheersverordening algemene begraafplaats Noorderduin Zandvoort 2017 vastgesteld door gemeenteraad op 20-12-2016 Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. De vier graven met de nummers OB 117, OB 189, OC 038 en OE 95, grijs gearceerd opgenomen in bijlage 1 “lijst graven ruimen en heruitgifte 2023” te behouden vanwege hun karakteristieke grafsteen. 2. De overige vijftien graven opgenomen in bijlage 1 “lijst graven ruimen en heruitgifte 2023” vrij te geven voor heruitgifte. de secretaris,

de burgemeester,

1/3

1. Inleiding In de beheersverordening algemene begraafplaats Noorderduin Zandvoort 2017 is bepaald dat de begraafplaatscommissie adviseert aan het college over graven en gedenktekens die cultuurhistorische waarde voor Zandvoort hebben en derhalve behouden moeten blijven. In de bijlage een overzicht van de graven waarvan afstand is gedaan. Het college heeft de bevoegdheid om hierover nu een besluit te nemen. Dit voorstel betreft de graven waarvan afstand is gedaan door rechthebbende, vrij te geven voor heruitgifte. De begraafplaatscommissie heeft onderzoek gedaan naar graven die cultuurhistorische waarde hebben en adviseert deze niet te verwijderen. 2. Besluitpunten college 1. De 4 gedenktekens, grijs gearceerd opgenomen in bijlage 1 “lijst graven ruimen en heruitgifte 2022” te behouden. 2. De overige graven en gedenktekens opgenomen in bijlage 1 “lijst graven ruimen en heruitgifte 2023” vrij te geven voor heruitgifte. 3. Beoogd resultaat Het behouden van graven en gedenktekens die voor de Zandvoortse gemeenschap een cultuurhistorische waarde vertegenwoordigen. Van de graven die verwijderd worden wordt voor bewoners en bezoekers visueel zichtbaar welke graven wel of niet vrij zijn. 3. Argumenten 1. Dit besluit past in het bestaand beleid. In de verordening begraafplaats Noorderduin is dit beleid en de rol van de begraafplaatscommissie hierin vastgelegd.

2.Dit besluit levert een bijdrage aan de cultuurhistorie van Zandvoort. Met het besluit om deze graven en gedenktekens te behouden levert de begraafplaatscommissie een bijdrage aan de cultuurhistorie van Zandvoort van inwoners die van betekenis zijn geweest voor Zandvoort. De gedenksteen van graf OB 117 beschikt over een fraaie (giet)ijzeren omheining en een bijzondere ingehakte varen. Graf OB 189 beschikt over een klassieke afbeelding van een varen met bijpassende rode belettering. Graf OC 038 heeft een variant op een klassieke varen afbeelding met een klassieke belettering. Tot slot is graf OE 95 een kindergraf met een voor die tijd kenmerkende klassieke steen. 3. dit besluit draagt bij aan hergebruik en duurzaamheid. De grafstenen die verwijderd worden, worden gebruikt voor het maken van een afscheidingsmuur met een natuurlijke uitstraling op de begraafplaats. Hierin kan zich kleine flora en fauna ontwikkelen wat de biodiversiteit ten goede zal komen.

2/3

4. Onderhoudskosten. De kosten worden uit bestaand budget gedekt. 5. Risico’s en kanttekeningen Geen 6. Uitvoering 1. De begraafplaatscommissie wordt geïnformeerd over het genomen besluit van B&W. 2. De te behouden graven worden opgenomen in de lijst “Cultuur historische graven begraafplaats Noorderduin Zandvoort”. 3. De andere graven en grafbedekkingen worden verwijderd. 7. Bijlagen Bijlage: Lijst graven ruimen en heruitgifte 2023

3/3

Collegebesluit

Onderwerp Opzegging Holland Casinofonds Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap

2024/2020143 Carree, L. 4.2. Economie, Toerisme en cultuur ECDW I, Keur ikeur@haarlem.nl In oktober 2024 heeft Holland Casino bekend gemaakt dat zij hun vestiging in Zandvoort gaan sluiten. Eén van de consequenties van deze sluiting is het stoppen van het Holland Casinofonds: een stimuleringsfonds voor evenementen. Op 30 oktober jongstleden heeft de gemeente een brief van Holland Casino ontvangen aangaande de opzegging van het Holland Casinofonds per 1 januari 2025. Naar aanleiding daarvan wenst het college van B&W bijgevoegde reactiebrief aan Holland Casino te versturen.

Behandelvoorstel voor de raad

Het college stuurt dit besluit in het kader van actieve informatieplicht naar de gemeenteraad.

Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 19 november 2024

n.v.t. Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. Bijgevoegde reactiebrief aangaande opzegging Holland Casinofonds vast te stellen. de secretaris,

Kenmerk: 2024/2020143

de burgemeester,

1/2

1. Inleiding In oktober 2024 heeft Holland Casino bekend gemaakt dat zij hun vestiging in Zandvoort gaan sluiten. Eén van de consequenties van deze sluiting is het stoppen van het Holland Casinofonds: een stimuleringsfonds voor evenementen. Op 30 oktober jongstleden heeft de gemeente een brief van Holland Casino ontvangen aangaande de opzegging van het Holland Casinofonds per 1 januari 2025. Naar aanleiding daarvan wenst het college van B&W bijgevoegde reactiebrief aan Holland Casino te versturen. 2. Besluitpunten college 1. Bijgevoegde reactiebrief aangaande opzegging Holland Casinofonds vast te stellen. 3. Beoogd resultaat Het versturen van bijgevoegde brief aangaande de opzegging van het Holland Casinofonds. 4. Argumenten 1. Het college wenst bijgevoegde brief aan Holland Casino te versturen. Het college van B&W heeft aangegeven deze brief aan Holland Casino te willen versturen. 5. Risico’s en kanttekeningen 1. Het ambtelijke advies is om deze brief niet op deze wijze te versturen. Gelet op de positie van de gemeente en de positie van Holland Casino, mede in relatie tot alle ontwikkelingen rondom het Badhuisplein, raden wij af om deze brief te versturen. Dit geldt zowel voor de inhoud van de brief alsmede de wijze waarop deze mogelijk in openbaarheid wordt verstuurd.

De gemeente heeft al jaren een goede band met Holland Casino die met het oog op alle ontwikkelen behouden dient te worden. Wij vinden het in dat kader niet passen om deze zaak in openbaarheid te brengen. In dat geval kunnen andere partijen zich immers gaan mengen in deze zaak. Ook met het oog op de ontwikkelingen op die locatie raden wij het af om de openbaarheid te zoeken met deze zaak. Er wordt geadviseerd om met Holland Casino in gesprek te blijven.

6. Uitvoering Na besluit van het college wordt de brief verstuurd. 7. Bijlagen 1. Brief aangaande opzegging Holland Casinofonds

Kenmerk: 2024/2020143

2/2

Collegebesluit

Onderwerp Voornemen uit te treden uit Gemeentebelastingen Kennemerland Zuid (GBKZ) en toe te treden tot Cocensus Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap

2024/1997502 Bluijs, G.J. 7.1 Lokale belastingen en heffingen CC Moolen, J. van der 023-5114863 jvandermoolen@haarlem.nl Naar aanleiding van het rapport van ANG over de toekomsbestendigheid van GBKZ is besloten de aanbeveling op te volgen om toetreding tot de gemeenschappelijke regeling Cocensus verder uit te werken. De uitkomsten zijn zodanig dat het college verder wil gaan met het voorbereiding tot uittreding uit GBKZ en toetreding tot Cocensus. Er worden onder ander voordelen gezien op basis van prijskwaliteitverhouding, vermindering van kwetsbaarheid, ontzorgd worden door een grote gespecialiseerde uitvoeringsorganisatie en een verdere harmonisatie van de werkprocessen belastingen en heffingen met gemeente Haarlem.

Behandelvoorstel voor commissie

Het college stuurt dit besluit in het kader van actieve informatieplicht naar de gemeenteraad, zodat de raad geïnformeerd is over het rapport Toekomstbestendigheid GBKZ en de vervolgstappen.

Relevante eerdere besluiten

• • •

•

Vaststellen Gemeenschappelijke regeling Gemeentebelastingen Kennemerland Zuid 2018 (2019/160042), collegebesluit van 5 maart 2019, Raadsinformatiebrief Bestuursopdracht onderzoek samenwerking gemeentelijke belastingen d.d. 22 juli 2021, Opdracht onderzoek naar de toekomstbestendigheid van de Gemeentebelastingen Kennemerland Zuid (GBKZ) (2024/453091 collegebesluit d.d. 26 maart 2024), Voornemen uittreden uit de gemeenschappelijke regeling GBKZ 2024/17349181 collegebesluit d.d. 24 september 2024.

Kenmerk: 2024/1997502

1/9

Besluit College d.d. 26 november 2024

Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. Het voornemen te hebben per 31 december 2026 uit de gemeenschappelijke regeling GBKZ te treden en toe te treden tot de gemeenschappelijke regeling Cocensus per 1 januari 2027 gezien de positieve business case Cocensus; 2. GBKZ en Cocensus uiterlijk voor 31 december als zodanig te informeren. de secretaris,

de burgemeester,

1. Inleiding De heffing en inning van gemeentelijke belastingen en heffingen en de uitvoering van de Wet onroerende zaken wordt voor Zandvoort uitgevoerd door GBKZ (Gemeentelijke belastingen Kennemerland Zuid). Na het uittreden vn gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude uit GBKZ in 2019 is de omvang van deze samenwerking geslonken en is door de deelnemende gemeenten besloten te onderzoeken hoe de schaalgrootte vergroot kon worden. Diverse pogingen hebben niet geleid tot het uitbreiden of aanpassen van de gemeenschappelijke regeling. Bij de deelnemende gemeenten was behoefte aan een heroriëntatie. Daarom hebben de deelnemende gemeenten van GBKZ in maart 2024 besloten om de toekomstbestendigheid van GBKZ te laten onderzoeken waarbij verschillende varianten met elkaar worden vergeleken. Zandvoort heeft de aanbeveling vanuit het rapport opgevolgd en de variant Cocensus verder uitgewerkt. Vooruitlopend hierop college het besluit genomen het voornemen te hebben per 31 december 2026 uit de gemeenschappelijke regeling GBKZ te treden en toe te treden tot de gemeenschappelijke regeling Cocensus per 1 januari 2027 onder voorbehoud van onder andere een positieve business case Cocensus. 2. besluitpunten college 1.

het voornemen te hebben per 31 december 2026 uit de gemeenschappelijke regeling GBKZ te treden en toe te treden tot de gemeenschappelijke regeling Cocensus per 1 januari 2027 gezien de positieve business case Cocensus; 2. GBKZ en Cocensus uiterlijk voor 31 december als zodanig te informeren. 3. Beoogd resultaat Per 31 december 2026 uit treden uit de gemeenschappelijke regeling GBKZ en vervolgens per 1 januari 2027 toe te treden tot Cocensus voor de uitvoering van de heffing en invordering van belastingen en retributies en de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken.

Kenmerk: 2024/1997502

2/9

4. Argumenten Uit onderzoek blijkt dat inbesteding van belastingtaken bij Cocensus voor Zandvoort op diverse punten voordelig is. Daarom heeft het college het voornemen per 31 december 2026 uit de gemeenschappelijke regeling GBKZ te treden en toe te treden tot de gemeenschappelijke regeling Cocensus per 1 januari 2027. Het rapport “Toekomstbestendigheid GBKZ” van ANG Het voornemen tot uittreding uit GBKB is besloten naar aanleiding van het rapport “Toekomstbestendigheid GBKZ”. Uit het onderzoek blijkt dat GBKZ wel toekomstbestendig is, maar dat de kosten op basis van object en inwoner voor GBKZ beduidend hoger zijn dan voor de andere onderzochte belastingorganisaties en dat de organisatie kwetsbaarder is dan de grotere organisaties. Zandvoort heeft zorgpunten ten aanzien van de kwetsbaarheid, kosten en kwaliteit en wil hierin verbeteren. Daarom is door het college op 24 september 2024 besloten variant 2, waarbij Zandvoort uit de gemeenschappelijke regeling GBKZ treedt en toetreedt tot Cocensus verder uit te werken. Puntsgewijs is hieronder opgenomen waarom toetreden tot de gemeenschappelijke regeling Cocensus voor Zandvoort voordelig is. Om toe te kunnen treden tot Cocensus dient echter eerst aan GBKZ aangegeven te worden te willen uittreden in verband met een termijn van aanzegging van 2 jaar. 1.

Kwaliteit dienstverlening In het rapport “Toekomstbestendigheid GBKZ” (blz 43) is te lezen dat Cocensus beter scoort op digitale dienstverlening dan GBKZ. Voor wat betreft fysieke nabijheid scoort GBKZ beter, dat wordt niet gezien als groot voordeel, omdat de meeste dienstverlening plaatsvindt via andere kanalen, zoals per telefoon, schriftelijk of digitaal. Daarnaast blijkt uit navraag dat ook Cocensus open staat om op afspraak langs te komen. Sociaal Domein: Cocensus is al aangesloten bij het Convenant Lokale Overheid, dat snel en efficiënt schulden regelen mogelijk maakt. Met GBKZ is dat nog niet geregeld. Het convenant Lokale Overheid is de overkoepelende term voor een set convenanten met lokale overheidspartijen of hun vertegenwoordigers. In het convenant worden met NVVK-schuldhulpverleners (vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren,) heldere afspraken over schuldhulpverleningstrajecten gemaakt. De afspraken gaan onder meer over het tijdelijk pauzeren van de incassomaatregelen voor de inwoners en het bij voorbaat akkoord gaan met betalingsvoorstellen die de schuldhulpverlener doet. Al aangesloten lokale overheden ervaren dat alle partijen hierdoor sneller duidelijkheid hebben en dat zij minder tijd en geld kwijt zijn. Onderhandelen over bedragen is niet nodig, want de gemeente ontvangt altijd het hoogst haalbare aanbod.

Hulpverleners maken namelijk gebruik van gestandaardiseerde rekenmethodes.

Kenmerk: 2024/1997502

3/9

2. Kwaliteit processen Op het gebied van processen heeft Cocensus net als GBKZ een 4 sterren beoordeling van de Waarderingskamer, maar scoort Cocensus beter vanwege harmonisatie van de processen met de afdelingen van Haarlem. Het toetreden tot Cocensus levert efficiencyvoordelen op vanwege harmonisatie met Haarlem. Voor Haarlem worden de werkzaamheden grotendeels uitgevoerd door Cocensus. Op dit moment zijn ruim 10 afdelingen namelijk in meer of mindere mate betrokken bij het belastingproces en vindt er regie en controle op de taken en bevoegdheden van twee gemeenschappelijke regelingen plaats in plaats van één gemeenschappelijke regeling. De reguliere werkzaamheden zijn nu ingebed in de organisatie, maar juist bij wijzigingen in de uitvoering (door bijvoorbeeld beleidswijzigingen) wordt gezien dat dezelfde werkzaamheden twee keer moeten worden uitgevoerd. Voorbeeld uit het verleden is de invoering van de controle bij parkeren met de scanauto en uit het heden de aansluiting bij het Convenant Lokale Overheid. Sociaal Domein: De Zandvoort Pas wordt automatisch verstrekt aan inwoners die kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen hebben ontvangen. Door zowel Cocensus als GBKZ worden hiervoor gegevens aangeleverd over de toekenning van kwijtschelding in verband met de Zandvoort / Haarlem Pas. Er wordt een voordeel gezien als dit met één partij geregeld kan worden.

Fysiek Domein In Haarlem worden de begraafplaatsrechten, de meeste leges en de “tijdelijke precariorechten opgelegd en ingevorderd door de afdeling Financiën van Haarlem. Indien Zandvoort deze processen geheel harmoniseert met de gemeente Haarlem, betekent dat de administratie efficiënter wordt. De aanslagen worden wekelijks verstuurd (in plaats van één keer per maand). Dit betekent onder andere dat de begrafenisondernemingen de aanslag voor begraafplaatsrechten eerder ontvangen en hun dossier voor de inwoner eerder kunnen afronden. Omgevingsvergunningen worden voor Zandvoort uitgevoerd door OD IJmond, dit wijkt af van Haarlem. Daarnaast worden de meeste leges en een gedeelte van de precariorechten van Haarlem door de afdeling van Financiën van Haarlem opgelegd en ingevorderd en niet door Cocensus. Net als bij de begraafplaatsrechten is hier onder andere voor gekozen vanwege een efficiëntere administratie. 3. Governance / Zeggenschap De bestuurlijke grip en de grip op het uitvoeringsbeleid bij de samenwerking in GBKZ (met drie deelnemers) lijkt misschien groter dan bij Cocensus (met veertien deelnemers). Echter is dit niet per se waar. Het onderbrengen van de belastingtaken bij Cocensus vindt plaats met behulp van quasiinbesteding. Eén van de vereisten daarbij is dat de gemeente toezicht houdt op Cocensus als ware

Kenmerk: 2024/1997502

4/9

het zijn eigen dienstonderdeel. Dat betekent concreet dat Zandvoort - ook als deelnemer met een relatieve geringe omvang van in te brengen taken - invloed kan uitoefenen op de strategische doelen en de belangrijke beslissingen van Cocensus. Daarnaast wordt een voordeel gezien in de mate van ontzorging, omdat de verantwoordelijkheid voor het goed functioneren van deze organisaties wordt gedeeld met meer deelnemers dan bij GBKZ. 4. ICT Belastingpakket GBKZ maakt onder andere gebruik van de applicatie Civision van Pink Roccade voor de heffing en invordering van de belastingen. Cocensus maakt gebruik van de applicatie van GouwIT. Bij overgang naar Cocensus of BSGR is dan ook een volledige conversie van de belasting en WOZ-gegevens noodzakelijk. Een volledige conversie leidt tot een risico: gegevens moeten volledig en juist worden geïntegreerd in een andere applicatie. Daarnaast moeten bestaande werkprocessen en waarderingsmodellen worden gewijzigd. De applicatie van GouwIT is relatief nieuw. Bij de doorontwikkeling van eerdere versies van de applicatie is voldoende rekening gehouden met nieuwe ontwikkelingen. 5. Financiën Cocensus heeft een kostenopgave opgesteld voor de uitvoering van de gemeentelijke belastingen op basis van het prijspeil 2025.

Voor het opstellen van de berekeningen is gebruikt gemaakt van cijfers die zijn aangeleverd in de bestuursrapportage van GBKZ, de belastingverordeningen van de gemeente Zandvoort en cijfers van het CBS. Bij de berekeningen is rekening gehouden met het aantal inwoners, het aantal WOZ-objecten, het karakter van deze WOZ-objecten (met name het onderscheid woningen, niet-woningen) en de variëteit aan heffingen per gemeente. Specifiek voor de naheffingsaanslagen parkeerbelastingen waarbij enkele jaren sprake is van uitbreiding van de handhaving via scanauto’s is een stelpost van 350.000 euro opgenomen, gebaseerd op € 30.000 naheffingsaanslagen per jaar. Deze stelposten kunnen worden aangepast op het moment dat de werkelijke cijfers hier significant van afwijken. Cocensus heeft eigen deurwaarders in dienst en voert zelfstandig de kwijtschelding uit. Dit wordt door GBKZ uitbesteed aan Cannock Chase. De offerte is gebaseerd op de bestuursrapportage van GBKZ. In verband met harmonisatie met Haarlem kan het zijn dat bepaalde werkzaamheden bij gemeente Haarlem worden belegd. Deze werkzaamheden zijn nog niet volledig in kaart gebracht en betreffen uitzonderingen (gedacht moet worden aan begraafplaatsrechten, bepaalde leges en tijdelijk precariorechten). In de offerte is uitgegaan dan alle werkzaamheden die nu door GBKZ worden gedaan, overgaan naar Cocensus.

Het prijsverschil tussen GBKZ en Cocensus is in het volgende schema opgenomen en komt bij het toetreden tot Cocensus uit op ongeveer € 500.000 structureel voordelig.

Kenmerk: 2024/1997502

5/9

Heffing & invordering (prijspeil 2025) x € 1.000 Structurele kosten: Algemeen Parkeren* Parkeren portokosten Zandvoort Proceskosten

Totaal structurele kosten

GBKZ Cocensus Verschil Toelichting

€ 1.168

€ 438

Financiële begroting GBKZ 2025 (inclusief parkeren)/ Offerte Cocensus prijspeil 2025 Offerte Cocensus prijspeil 2025

€ 257 € 20 € 55

€ 55

€ 1.243

€ 749

Gebaseerd op de Financiële begroting GBKZ 2025. Deze kosten worden bij Cocensus rechtstreeks ten laste worden gebracht van de rekening van de gemeente Zandvoort. € 494

*Parkeren: In de offerte van Cocensus is een stelpost opgenomen van € 350.000 op basis van € 30.000 naheffingsaanslagen. In de begroting 2025 van GBKZ is rekening gehouden met bijna 22.000 naheffingsaanslagen. Om de bedragen goed te kunnen vergelijken, is daarom de stelpost naar rato aangepast

6. Kosten incidenteel Bij het overdragen van de belastingtaak aan een samenwerkingsverband zal rekening gehouden moeten worden met opstartkosten (aanloopkosten), bijvoorbeeld voor projectbegeleiding, kosten voor conversie van belastinggegevens en incidentele kosten gerelateerd aan het personeel, en maatwerk voor werkvoorraad. Daarnaast zijn er ook zogenaamde desintegratiekosten c.q. ‘doorlopende overhead’: de overheadkosten die doorlopen voor de ‘latende’ organisatie na overdracht van de belastingtaken naar een belastingsamenwerking. De incidentele kosten voor uittreding uit GBKZ worden door een extern bureau bepaald, deze moet nog worden ingezet. De verwachting is dat de terugverdientijd uit komt op ongeveer 3 jaar naar gelang de hoogte van de incidentele kosten. 7. Kwetsbaarheid en toekomstbestendigheid Aansluiten bij een groter samenwerkingsverband zoals Cocensus wordt als positief gekwalificeerd. Het gaat hierbij immers om een organisatie die gespecialiseerd is in het belastingvak en die voor meerdere gemeenten de taken op het gebied van WOZ en belastingen uitvoert. Door de grotere schaal van werken, zijn alle functies minimaal dubbel bezet. De continuïteit van de organisatie gewaarborgd is.

Als een van de deelnemers uittreedt -hetgeen in de praktijk niet of nauwelijks gebeurt bij belastingsamenwerkingen- dan heeft dat niet tot nauwelijks invloed op de continuïteit van de organisatie.

Kenmerk: 2024/1997502

6/9

Hoewel ook bij GBKZ gewerkt wordt aan innovatie, heeft een grotere organisatie, zoals Cocensus, meer mogelijkheden om te investeren in ontwikkelingen als robotisering, een meer geïntegreerde belastingbalie en geautomatiseerd afstemmen van gegevensstromen. 8. Personele consequenties In de offerte van Cocensus is niet uitgegaan van de overname van personeel van GBKZ. In de offerte is wel rekening gehouden met het inpassen van 3,0 fte uitbreiding van de formatie als gevolg van de toetreding van de gemeente Zandvoort, verdeeld over de afdelingen, maar wel met het accent op WOZ-werkzaamheden. Volgens het rapport Toekomstbestendigheid GBKZ is er onder de medewerkers weinig draagvlak om over te stappen naar Cocensus. Vergelijk GBKZ – Cocensus: Omschrijving Gemeenschappelijke regeling Aantal deelnemers Algemeen bestuur

GBKZ Centrumgemeente 3 n.v.t.

Dagelijks bestuur

n.v.t.

Invordering

Via Cannock Chase (dwanginvordering) Pilot Cannock Chase

Sociaal invorderen

Cocensus Openbaar lichaam 14 Elk deelnemer 1 lid, stemverhouding op basis van bijdrage aan Cocensus Voorzitter en 4 overige leden uit AB (gekozen door AB) Eigen deurwaarders Aangesloten bij Schuldenknooppunt / Landelijk convenant overheid Voeren het zelf uit 4* waarderingskamer

Kwijtschelding WOZ Betaaltermijnen: Automatische incasso Naheffingsaanslag

Via Cannock Chase 4* waarderingskamer 7 termijnen 1 maand na dagtekening

9 termijnen 1 maand na dagtekening volgens Uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen 2024

Telefonische bereikbaarheid Bezoek mogelijk Besluit Gegevensverstrekking

Eigen KCC Ja, in de ochtend in Bloemendaal O.a. toeristenbelasting / reclamebelasting / WOZ-data

P&C cyclus

Begroting, Bedrijfsplan, jaarrekening en Marap

Eigen KCC Eventueel op afspraak Niet opgenomen toeristenbelasting, reclamebelasting, WOZ-data Begroting, jaarrekening, 3 kwartaalrapportages

Kenmerk: 2024/1997502

7/9

5. Risico’s en kanttekeningen In de gemeenschappelijke regeling GBKZ is opgenomen dat de financiële gevolgen van uittreding voor rekening van de uittredende gemeente komen. Onder deze gevolgen wordt in ieder geval verstaan het ontstaan van wachtgeldverplichtingen en de toename van de kosten als bedoeld in artikel 9, eerste lid van de gemeenschappelijke regeling. De vaststelling van de financiële gevolgen wordt voorafgaande aan die uittreding door de deelnemende gemeenten gezamenlijk advies gevraagd aan een onafhankelijke externe deskundige. Het advies van deze deskundige is voor de gemeenten bindend. De kosten van het inschakelen van de deskundige zijn voor rekening van de uittredende gemeente. Daarnaast bestaat een risico dat medewerkers van GBKZ gedurende de komende periode besluiten een andere baan te zoeken vanwege een gevoel van onzekerheid of omdat tijdelijke contracten niet kunnen worden omgezet in een vast contract. Hierdoor kan het zijn dat de kosten voor inhuur toenemen. Basisregistraties Aandachtspunt is de geo-administratie van de Waardering Onroerende Zaken (WOZ). Het stelsel van geo-basisregistraties is in ontwikkeling. De huidige basisregistraties zijn op verschillende momenten in de tijd ontstaan, met elk een eigen opbouw, definities en bijbehorend applicatielandschap.

Er wordt gewerkt aan meer samenhang binnen het stelsel, zoals de wettelijk verplichte stroomlijning van de gebruikersoppervlakte in de geo-administraties van de Waardering Onroerende Zaken (WOZ) en Basisregistratie Adressen en gebouwen (BAG). Deze ontwikkeling heeft tot gevolg dat werkzaamheden rond afbakening van de zogenaamde WOZ(deel)-objecten meer in samenhang zullen plaatsvinden. Dit vraagt om goede afspraken over eigenaarschap van data en teruglevering en beschikbaarheid van WOZ-data. 6. Uitvoering Zoals aangegeven vindt uittreding niet eerder plaats dan per 31 december van enig jaar, met inachtneming van een termijn van aanzegging aan de andere gemeenten van ten minste twee jaar. Het college heeft de deelnemende gemeenten geïnformeerd het voornemen te hebben om uit te treden uit GBKZ onder voorbehoud van onder andere een positieve businesscase. Gezien de argumenten wordt voldaan aan deze voorwaarde. Op grond van artikel 1, eerste lid jo. vijfde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) is het bevoegd te besluiten tot het uittreden uit een bestaande gemeenschappelijke regeling. Bij het treffen van een regeling tussen colleges hebben raden het recht een zienswijze naar voren te brengen bij een ontwerpregeling. Voordat de colleges een besluit nemen over het daadwerkelijk wijzigen van de regeling, vragen zij hiervoor toestemming van de gemeenteraden.

Bij de daadwerkelijke wijziging van de regelingen (uittreding GBKZ en toetreding tot Cocensus) komt het college met een voorstel naar de raad.

Kenmerk: 2024/1997502

8/9

Bij het toetreden tot Cocensus dienen alle gemeenteraden van de deelnemende gemeenten hun zienswijze te geven. 7. Bijlagen Bijlage 1. Rapport Onderzoek toekomstbestendigheid GBKZ door ANG Bijlage 2. Offerte toetreding Zandvoort tot de GR Cocensus (prijspeil 2025) Bijlage 3. Financiële begroting GBKZ 2025 (collegebesluit 2024/338430 van 2 juli 2024)

Kenmerk: 2024/1997502

9/9

Collegebesluit

Onderwerp Tennishal Zandvoort Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap

Behandelvoorstel voor de raad

Relevante eerdere besluiten

Besluit college d.d. 26 november 2024

2024/2035122 Carree, L. 1.2. Sport JOS Veen, N. 06392900071 nveen@haarlem.nl Op 15 oktober jl. heeft er op initiatief van de gemeente Zandvoort een gesprek plaatsgevonden tussen vertegenwoordigers van de Stichting Bevordering Tennissport Zandvoort 365, The Dunes en de gemeente Zandvoort. Het doel van dit gesprek was om de huidige impasse rond de realisatie van de tennishal te doorbreken en de mogelijkheid tot het verkrijgen van een onherroepelijke omgevingsvergunning vóór 7 juni 2025 open te houden. Het college dringt nadrukkelijk aan bij beide partijen om met elkaar in overleg te treden en de mogelijkheid tot realisatie van de tennishal in stand te houden. Het college stuurt dit besluit in het kader van actieve informatieplicht naar de gemeenteraad. De realisatie van de tennishal is vele jaren onderwerp van gesprek. Het college heeft de gemeenteraad altijd die tijd actief geïnformeerd over de voortgang ontwikkeling tennishal.

-Onderzoek voor de realisatie van een indoor tennishal (2018/855603) -Raadsinformatiebrief proces en planning tennishal Zandvoort (2019/437515) -PVA en beschikbaar stellen krediet tennishal (2019/793552) -Locatie tennishal Zandvoort (2020/1142003) -Voortgang tennishal Zandvoort (2021/561172) -Stand van zaken tennishal (2022/875503) -Voortgang tennishal Zandvoort - verzoek tot garantstelling (2022/1530866) - Voortgang tennishal Zandvoort status december 2023 (2023/1965949) Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. In te stemmen met het versturen van de twee brieven (bijlage 1 en 2) aan de betrokken partijen bij de realisatie van een tennishal in Zandvoort. de secretaris,

Kenmerk: 2024/2035122

de burgemeester,

1/3

1. Inleiding De ontwikkeling van een tennishal in zandvoort is al jaren onderwerp van gesprek. In 2018 is het eerste onderzoek daarover in de gemeenteraad besproken. Na jaren van constructieve samenwerking door de betrokken partijen zijn de gesprekken het afgelopen jaar in een impasse terecht gekomen. Op 15 oktober jl. heeft er daarom op initiatief van de gemeente Zandvoort een gesprek plaatsgevonden tussen vertegenwoordigers van de Stichting Bevordering Tennissport Zandvoort 365, The Dunes en de gemeente Zandvoort. Het doel van dit gesprek was om de huidige impasse rond de realisatie van de tennishal te doorbreken en de mogelijkheid tot het verkrijgen van een onherroepelijke omgevingsvergunning vóór 7 juni 2025 open te houden. Helaas heeft dit overleg niet tot het gewenste resultaat geleid. Naar aanleiding van dit gesprek heeft de Stichting Bevordering Tennissport Zandvoort 365 de gemeente expliciet verzocht om The Dunes te verplichten mee te werken aan de realisatie van de tennishal. 2. Besluitpunten college 1. in te stemmen met het versturen van de twee brieven aan de betrokken partijen bij de realisatie van een tennishal in Zandvoort. 3. Beoogd resultaat 1. Een hernieuwde samenwerking tussen betrokken partijen om te komen tot een passend ontwerp van een tennishal die voldoet aan de eisen van alle betrokkenen. 2.

In samenspraak met de betrokken partijen tot een haalbare deadline te komen waarop de onherroepelijke omgevingsvergunning voor de tennishal moet zijn afgegeven. 4. Argumenten 1. Het College dringt aan op samenwerking Er kan alleen overeenstemming komen over het ontwerp van de te realiseren tennishal en het verplaatsen van de deadline voor de afgifte van een onherroepelijke omgevingsvergunning, wanneer de partijen met elkaar aan tafel gaan. 2. Ambitie coalitieprogramma 2022-2026 ‘voor Zandvoort’. Het besluit past in ambitie 5.12 van coalitieprogramma om waar nodig en mogelijk de sportaccommodaties te verbreden en te verbeteren. 3. Mediatie aanpak De aanpak om partijen dringend te verzoeken met elkaar in gesprek te gaan heeft de voorkeur boven een juridische procedure om partijen tot samenwerking te dwingen. Mede daar de partijen uiteindelijk bij realisatie van een tennishal buren van elkaar worden.

Kenmerk: 2024/2035122

2/3

5. Risico’s en kanttekeningen 1. Uitblijven hernieuwde samenwerking Bij het uitblijven van een hernieuwde samenwerking en daarmee de mogelijkheid tot het verschuiven van de deadline voor het verkrijgen van een onherroepelijke omgevingsvergunning, vervallen de afspraken zoals overeengekomen in de Allonge erfpachtovereenkomst The Dunes (Open Golf Zandvoort B.V.) en daarmee vervalt de beoogde locatie voor de tennishal weer terug in de erfpachtovereenkomst met The Dunes. 6. Uitvoering Bij een positieve reactie van beide partijen op het verzoek om de samenwerking op te starten en de deadline voor een onherroepelijke omgevingsvergunning te verschuiven, zal een gesprek door de gemeente worden gefaciliteerd. 7. Bijlagen 1. Reactie college op brief Stichting Bevordering Tennissport Zandvoort 365 (2024/2035066) 2. Verzoek tot medewerking aan realisatie Tennishal in Zandvoort (2024/2035783)

Kenmerk: 2024/2035122

3/3

Collegebesluit

Onderwerp Aandeelhoudersvergadering 28 november 2024 ROM InWest (Regio) BV Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap

2024/2059217 Bluijs, G.J. 7.2. Algemene dekkingsmiddelen CC Jongkees, P.H.G. pjongkees@haarlem.nl Zandvoort is met een belang van 0,44 % aandeelhouder van (ROM) InWest Regio BV. Gevraagd wordt om als aandeelhouder in te stemmen met een aantal besluiten. Bij oprichting van de ROM InWest Groep is het de bedoeling geweest dat een fiscale eenheid voor de omzetbelasting zou worden gevormd. De belastinginspecteur heeft in een voorlopige zienswijze echter aangegeven dat dit niet akkoord is. Over een periode van 15 jaar zal dit volgens ROMInWest maximaal € 5,2 miljoen kosten. Ten einde dit te ondervangen moet de organisatiestructuur worden aangepast. Voorstel is overdracht van aandelen van de door InWestRegio gehouden aandelen in het kapitaal van ROMinWest aan de aandeelhouders van InWestRegio.

Kort samengevat zijn volgens ROMInWest de voordelen van de aanpassing van de structuur als volgt: ▪ Zorgt voor bestuurlijke eenvoud, eenduidige aansturing, duidelijkheid en wendbaarheid ▪ Vergroot slagkracht van de organisatie ▪ Bestaande aandeelhoudersrechten blijven materieel in stand ▪ Rechten van de lokale aandeelhouders zijn gewaarborgd ▪ Gelijkheid van aandeelhouders ▪ Sluit aan bij de oorspronkelijke uitgangspunten van de ROM ▪ De voorgestelde structuur komt overeen met de structuur van andere ROMs ▪ Het fiscale probleem wordt volledig opgelost Bij oprichting van de ROM is in het raadsvoorstel uitdrukkelijk het totale beeld gegeven van de inhoudelijke doelstelling van de ROM onderneming inclusief alle vennootschappen in deze ondernemingsstructuur, strategisch plan en informatie over de samenwerkingspartners. De enige verandering die nu plaatsvindt is de manier waarop de Regionale Aandeelhouders deelnemen in het kapitaal van ROM

Kenmerk: 2024/2059217

1/6

Behandelvoorstel voor de raad

Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 26 november 2024

InWest. De wijzigingen in deze nota zijn technisch van aard zijn en hebben geen inhoudelijk materieel effect op de aandeelhouderspositie van de gemeente binnen het geheel van de ROM-ondernemingsstructuur, bijv. wat betreft bevoegdheden of (financieel) risico’s. Er worden materieel geen nieuwe elementen aan de bestaande structuur toegevoegd, er vindt alleen een wijziging plaats in de al bestaande structuur. In het kader van de actieve informatieplicht de gemeenteraad informeren. Hoewel er een nieuwe deelneming wordt opgericht, wordt hiervoor geen zienswijzeprocedure doorlopen. Reden is dat de aanpassing puur technisch is en er niets wijzigt in het publieke belang waarvoor de gemeente bij oprichting aandeelhouder is geworden, de activiteiten van de ROM blijven hetzelfde. Daarom worden deze voorstellen voorgelegd in deze collegenota. Raadsvoorstel 16 november 2021 participatie ROM Invest (2021/610985) Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. In te stemmen met het voorstel tot wijziging van de statuten van ROM InWest conform de concept akte van statutenwijziging; 2. In te stemmen met het voorstel tot overdracht van de aandelen in ROM InWest door InWest Regio aan de Regionale Aandeelhouders conform de conceptakte van overdracht van aandelen; 3.

In te stemmen met het voorstel tot wijziging van de statuten van InWest Regio conform de concept akte van statutenwijziging; 4. In te stemmen met het voorstel tot wijziging van de Bestuurdersovereenkomst InWest Regio conform de concept wijzigingsovereenkomst; 5. In te stemmen met het voorstel tot wijziging van de Bestuurdersovereenkomst ROM InWest conform de concept wijzigingsovereenkomst. de secretaris,

de burgemeester,

1. Inleiding De ROM InWest Groep is in oktober 2021 opgericht en heeft als doelstelling om binnen het werkgebied van ROM InWest bij te dragen aan het versterken van de regionale economie en daarnaast aan het realiseren van de transitieopgaven op energie en circulariteit. De ROM is erop gericht om de economie in onze regio extra te stimuleren en heeft middelen om te investeren in bedrijven. Hiervoor beheert ROM InWest twee fondsen: het MKB-fonds van € 60 miljoen en het Transitiefonds met een doelkapitaal van € 100 miljoen.

Kenmerk: 2024/2059217

2/6

In 2021 heeft de gemeenteraad ingestemd met participatie in (ROM) InWest (Regio). Met participatie is de gemeente Zandvoort aandeelhouder. De bijdrage van de gemeente Zandvoort is € 530.000. Zandvoort heeft een aandeel in (ROM)InWest (Regio) van 0,44 %. De regionale deelnemers zijn aandeelhouder in InWest Regio. InWest Regio is vervolgens 100% aandeelhouder in het Transitiefonds en voor 50,1% in ROM InWest waarvan de overige 49,9% in bezit van het Rijk is. Er is destijds voor die structuur gekozen omdat er een splitsing moest komen tussen het Transitiefonds en het MKB-fonds. Net als in andere provincies participeert het Rijk niet in fondsen zoals het Transitiefonds en richt zij zich op de meer algemene (innovatie) MKB-fondsen. Daarnaast was het Rijk in 2021 van mening dat het onwenselijk was om met alle regionale aandeelhouders in een aandeelhoudersvergadering te participeren. Problemen met de huidige structuur In de jaren na oprichting is gebleken dat binnen de InWest-groep een aanpassing in de structuur wenselijk is. De huidige structuur zorgt voor een tweetal complicaties, namelijk: Er is geen fiscale eenheid op de BTW mogelijk tussen ROM InWest enerzijds en InWest Regio en het Transitiefonds anderzijds. Dit betekent dat er over de diensten die ROM InWest aan deze twee b.v.’s levert BTW moet worden afgedragen.

Over een periode van 15 jaar zou dit bedrag kunnen oplopen tot circa € 5,2 miljoen. Dit zijn middelen die dan niet ingezet kunnen worden om de inhoudelijke doelstellingen van de ROM te behalen. De huidige structuur zorgt voor een verzwaring van de bestuurlijke en administratieve last. Dit komt vooral doordat er voor InWest Regio en ROM InWest verschillende bestuurders zijn aangesteld. Andere structuur als oplossing Om dit op te lossen, wordt voorgesteld een technische wijziging door te voeren in de structuur van de InWest-groep waarbij de door InWest Regio gehouden aandelen in het kapitaal van ROM inWest aan de aandeelhouders van InWest Regio (regionale aandeelhouders) worden overgedragen. Daarmee zijn zij direct aandeelhouder in ROM InWest geworden. Deze verandering leidt tot de gewenste fiscale eenheid en daarmee tot een besparing aan publieke middelen. Een tweede verandering is dat InWest Regio hetzelfde bestuur heeft gekregen als ROM InWest, waardoor ook de gewenste bestuurlijke vereenvoudiging wordt gerealiseerd. De bestuurders van InWest Regio zijn afgetreden. 2. Besluitpunten college 1. In te stemmen met het voorstel tot wijziging van de statuten van ROM InWest conform de concept akte van statutenwijziging; 2.

In te stemmen met het voorstel tot overdracht van de aandelen in ROM InWest door InWest Regio aan de Regionale Aandeelhouders conform de conceptakte van overdracht van aandelen; 3. In te stemmen met het voorstel tot wijziging van de statuten van InWest Regio conform de concept akte van statutenwijziging; 4. In te stemmen met het voorstel tot wijziging van de Bestuurdersovereenkomst InWest Regio conform de concept wijzigingsovereenkomst; 5. In te stemmen met het voorstel tot wijziging van de Bestuurdersovereenkomst ROM InWest conform de concept wijzigingsovereenkomst;

Kenmerk: 2024/2059217

3/6

3. Beoogd resultaat Als aandeelhouder van InWest Regio besluit het college over de wijze waarop het zijn stem zal uitbrengen op de aandeelhoudersvergadering van InWest Regio. Met dit benw advies wordt geregeld dat het college kan instemmen met een wijziging van de aandeelhoudersstructuur van ROM InWest b.v. (“ROM InWest”) met het doel een fiscale eenheid mogelijk te maken en de organisatie te vereenvoudigen. 4. Argumenten 4.1 Aanpassing heeft geen inhoudelijk en materieel effect op de aandeelhouderspositie van Zandvoort De juridische structuur van ROM InWest is complex en vergt derhalve enige uitleg. De ROM InWest groep bestaat uit diverse BV’s, waaronder ROM InWest en InWest Regio. Het aandeelhouderschap van InWest Regio wordt gevormd door regionale overheden, zijnde de provincie Noord-Holland, 15 gemeenten uit de provincie Noord-Holland – waaronder Zandvoort- en een STAK waarin 5 gemeenten uit de regio Noord-Holland-Noord zijn verenigd. De bestuurlijke invloed van Zandvoort verloopt derhalve formeel via InWest Regio. Het aandeelhouderschap van ROM InWest wordt voor 50,1% gehouden door InWest Regio en voor de overige 49,9% door het Rijk. Zowel ROM InWest als InWest Regio hebben ieder een eigen fonds (respectievelijk MKB Fonds BV en Transitiefonds BV, waarbij ROM InWest ook aandeelhouder is van COLNH).

ROM InWest en InWest Regio hebben ieder een eigen bestuur, waarbij geldt dat het bestuur van ROM InWest uit één bestuurder bestaat en het bestuur van InWest Regio uit twee andere bestuurders. Alle activiteiten binnen de ROM InWest groep worden vanuit ROM InWest uitgevoerd. ROM InWest voert ook de bestuurlijke taken uit van InWest Regio. Volgens het voorstel zullen de door InWest Regio gehouden aandelen in het kapitaal van ROM inWest aan de aandeelhouders van InWest Regio (regionale aandeelhouders dus ook Zandvoort) worden overgedragen. De aanpassing vindt plaats binnen de bestaande uitgangspunten van de ROM InWest organisatie zoals die door de aandeelhouders bij oprichting zijn goedgekeurd. De voorgestelde aanpassing heeft geen materiele wijzigingen tot gevolg voor wat betreft bevoegdheden of (financiële) risico’s en brengt geen verandering in financiële verplichtingen van de aandeelhouders. De voorgestelde oplossing bestaat uit een aanpassing van de manier waarop de Regionale Aandeelhouders zullen deelnemen in het kapitaal van ROM InWest. In de bestaande structuur houden de Regionale Aandeelhouders dit belang indirect via InWest Regio. Met de aanpassing zullen de Regionale Aandeelhouders rechtstreeks deelnemen in het kapitaal van ROM InWest.

De aanpassing wordt gerealiseerd door de aandelen die InWest Regio houdt in het kapitaal van ROM InWest over te dragen aan de Regionale Aandeelhouders. Na overdracht van de aandelen ziet de structuur van de ROM er als volgt uit:

Kenmerk: 2024/2059217

4/6

Na de aanpassing zal het bestuur van ROM InWest en InWest Regio bestaan uit Janet Nieboer. Met deze aanpassing wordt de gewenste bestuurlijke vereenvoudiging binnen de ROM InWest Groep gerealiseerd. De wijzigingen zijn fiscaal gedreven en technisch van aard. ROM geeft aan dat deze wijzigingen geen inhoudelijk materieel effect hebben op de aandeelhouderspositie van Regionale Aandeelhouders binnen het geheel van de ROM-ondernemingsstructuur, bijv. wat betreft bevoegdheden of (financiële) risico’s. Er worden geen nieuwe elementen aan de bestaande structuur van de ROM toegevoegd. Met de aanpassing wijzigt er niets in het publieke belang waarvoor de Regionale Aandeelhouders bij oprichting van de ROM aandeelhouder zijn geworden. 4.2 Er is een notariële handeling met gesloten beurzen De voorgestelde structuurwijziging heeft geen financiële gevolgen voor de gemeente Zandvoort. Er is geen aanvullende storting nodig vanuit de regionale aandeelhouders. Het is een notariële handeling met gesloten beurzen. 4.3 Beleidsinhoudelijk geen wijzigingen Beleidsinhoudelijk zijn er geen veranderingen en zijn de uitgangspunten zoals die bij de oprichting zijn geformuleerd gelijk gebleven. Met de aanpassing is er niets gewijzigd in het publieke belang waarvoor de gemeente Zandvoort bij oprichting van de ROM aandeelhouder is geworden. De activiteiten van de ROM blijven hetzelfde.

De voornaamste verandering is dus de wijze waarop de regionale aandeelhouders deelnemen in het kapitaal van ROM InWest. De regionale aandeelhouders blijven gezamenlijk in het bezit van 50,1% van de aandelen in ROM InWest, alleen worden deze naar rato van ingebracht kapitaal verdeeld over de regionale aandeelhouders. De gemeente Zandvoort houdt daarmee straks 0,22 % van de aandelen in ROM InWest. Het aandeel ROMInWest Regio blijft ongewijzigd 0,44 %. 5. Risico’s en kanttekeningen 5.1 Nieuwe verbonden partij Een zichtbaar gevolg is dat de gemeente formeel een nieuwe verbonden partij erbij krijgt. Met het verkrijgen van aandelen in ROM InWest treedt de gemeente Zandvoort toe in een bestaande B.V. die

Kenmerk: 2024/2059217

5/6

de gemeente al goed kent. Via de verbonden partij InWest Regio was de gemeente al betrokken bij de aandeelhoudersbesluitvorming van ROM InWest. 5.2 Klacht en melding klokkenluidersregeling ROMiNWest heeft de aandeelhouders geïnformeerd dat er een klacht alsook een melding onder de klokkenluidersregeling bij de Raad van Commissarissen in behandeling is. De Raad van Commissarissen is gevraagd in deze aandeelhoudersvergadering de aandeelhouders op proces en voortgang hierover bij te praten. 5.3 Evaluatie ROMInWest in 2025 In 2025 zal een eerste evaluatie van ROM InWest plaatsvinden. De evaluatie zal de opmaat zijn voor de aandeelhouders van InWest Regio en ROM InWest om nadere afspraken te maken die onderdeel zullen uitmaken van het hernieuwde meerjaren strategische bedrijfsplan van ROM InWest voor de periode 2026 en daarna. 6. Uitvoering Op verzoek van wethouder Bluijs zal wethouder Berkhout van de gemeente Haarlem het college van burgemeester en wethouders vertegenwoordigen in de aandeelhoudersvergadering ROMInWest. Aan de burgemeester zal worden gevraagd om wethouder Berkhout van de gemeente Haarlem te volmachtigen om de benodigde privaatrechtelijke besluiten te (doen) nemen. Daarnaast worden voor de uitvoering de notarissen gevolmachtigd. 7. Bijlagen Geen.

Kenmerk: 2024/2059217

6/6

Collegebesluit

Onderwerp Verlengen opdracht Deloitte 2025-2027 gemeente Zandvoort Nummer 2024/2060858 Portefeuillehouder Bluijs, G.J. Programma/beleidsveld 7.2 Algemene dekkingsmiddelen Afdeling CC Auteur Wubben, M. Telefoonnummer 06 184 09 818 Email mwubben@haarlem.nl Kernboodschap Na het voeren van een openbare Europese aanbestedingsprocedure voor het aantrekken van accountantsdiensten voor de boekjaren 2020-2024 is de dienstverlening aan Deloitte Accountants B.V. gegund. Deze opdracht biedt de mogelijkheid tot een verlenging van de dienstverlening voor de boekjaren 2025, 2026 en 2027.

Behandelvoorstel voor commissie Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 3 december 2024

De raad is bevoegd Deloitte als accountant aan te wijzen, als bedoeld in artikel 213, tweede lid van de Gemeentewet. Het college is bevoegd de overeenkomst met Deloitte aan te gaan en zal dit doen nadat de raad Deloitte heeft aangewezen als accountant voor de boekjaren 2025, 2026, 2027. Het college stuurt dit besluit ter informatie naar de raadscommissie, vanwege de samenhang met het raadsvoorstel Verlengen aanwijzing Deloitte 2025-2027 gemeente Haarlem. Collegebesluit 6-5-2020 vaststellen overeenkomst accountant (2020/450817) Raadsbesluit 26-05-2020 aanwijzen accountant gemeente Zandvoort (2020/448463) Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. Tot het verlengen van de overeenkomst met Deloitte Accountants B.V., onder het voorbehoud dat de raad dit accountantskantoor aanwijst als bedoeld in artikel 213, tweede lid van de Gemeentewet. de secretaris,

de burgemeester,

1/2

1. Inleiding Een openbare Europese aanbestedingsprocedure is gevoerd om tot een overeenkomst met een accountantskantoor te komen voor de boekjaren 2020-2024. De aanbestedingsprocedure heeft plaatsgevonden en heeft geleid tot het gunnen van de dienstverlening aan Deloitte Accountants B.V. Aan de raad is een voorstel voorgelegd om op 28 mei 2020 tot aanwijzing van dit accountantskantoor te besluiten, op grond van het bepaalde in artikel 213, tweede lid van de Gemeentewet (2020/450817). Aan de raad zal op 17 december 2024 een voorstel worden voorgelegd om de aanwijzing van dit accountantskantoor te verlengen voor de boekjaren 2025, 2026 en 2027. Het college is op grond van artikel 160, eerste lid aanhef en onder d van de Gemeentewet bevoegd om te besluiten tot het aangaan van de overeenkomst met Deloitte voor het leveren van accountantsdiensten. 2. Besluitpunten college Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. Tot het verlengen van de overeenkomst met Deloitte Accountants B.V., onder het voorbehoud dat de raad dit accountantskantoor aanwijst als bedoeld in artikel 213, tweede lid van de Gemeentewet. 3. Beoogd resultaat Met dit besluit wordt bereikt dat met ingang van het boekjaar 2025 voor de duur van 3 boekjaren accountantsdiensten ten behoeve van de gemeente Zandvoort worden aangetrokken. 4. Argumenten Het verlengen van de opdracht aan Deloitte Accountants B.V.

is de meest effectieve manier om de accountantsdiensten voor de boekjaren 2025, 2026 en 2027 te waarborgen Door de opdracht aan Deloitte met drie boekjaren te verlengen profiteert de organisatie het meest van de inspanningen die zij afgelopen jaren heeft geleverd om de accountantscontrole zo soepel mogelijk te laten verlopen en de gedane aanbevelingen zoveel mogelijk te implementeren. 5. Risico’s en kanttekeningen Wanneer besloten wordt de opdracht aan Deloitte niet te verlengen, zal een Europese aanbesteding moeten worden opgestart, er is dan onvoldoende tijd om dit traject tijdig te doorlopen. 6. Uitvoering Na aanwijzing van de accountant in de raadsvergadering van 17 december 2024 zal bij akkoord van het college op dit voorstel voor 31 december 2024 een schriftelijke bevestiging van verlenging van de opdracht naar Deloitte worden verzonden. 7. Bijlagen Geen. 2/2

Collegebesluit

Onderwerp Aanwijzen twee locaties als ontmoetingsvoorziening voor jongeren Nummer 2024/1644187 Portefeuillehouder Lars Carree Programma/beleidsveld Jeugd, Veiligheid Afdeling JOS, V&H Auteur Ilse Smit, Maaike Gronheid Telefoonnummer 06 39290069 Email ijsmit@haarlem.nl Jongeren in Zandvoort geven aan dat zij behoefte hebben aan een aantrekkelijke Kernboodschap locatie in de openbare ruimte waar zij mogen samenkomen. Professionals geven aan een plek te missen waar zij jongeren naar door kunnen verwijzen bij overlast. Daarnaast draagt een ontmoetingsplek voor jeugdwerkers bij als vindplek om contact te maken en jongeren en waar nodig toe te leiden naar ondersteuning en zorg. Het college wijst twee locaties aan als ontmoetingsvoorzieningen voor de Zandvoortse jeugd. De twee voorgestelde locaties betreffen de Wattstraat en parkeerterrein de Zuid. In bijlage 1 worden deze verder toegelicht. Het type voorzieningen staat omschreven in bijlage 2. Jongeren ontmoetingsplekken in de wijk sluiten aan op de doelstellingen van de wijkaanpak Nieuw-Noord, het Zandvoorts Preventiemodel en doelstellingen van het Actieprogramma Veiligheid en Handhaving 2024- 2025. Behandelvoorstel voor commissie

Relevante eerdere besluiten

Het college stuurt dit besluit ter bespreking naar de commissie. Het vragen van een zienswijze van de commissie is niet verplicht voor dit onderwerp, maar wel gewenst gezien de uitvoering van eerder ingediende moties. Er wordt daarom een advies gevraagd op de voorgestelde locaties door het college. - Motie Verwijderen van het gebouw Jongerenontmoetingsplaats - Raadsinformatiebrief Motie Verwijderen Jongerenontmoetingsplaats & realiseren volwaardig Jeugdhonk Pluspunt (2024/439537) in B&W vergadering 26 maart 2024.

Kenmerk: 2024/1644187

1/7

Besluit College d.d. 3 december 2024

Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. Twee locaties aan te wijzen als ontmoetingsvoorziening voor de Zandvoortse jeugd, te weten: o Een locatie aan de Wattstraat o Een locatie bij Parkeerterrein de Zuid 2. Het voorgenomen besluit agenderen voor de raadscommissie alvorens de locaties definitief aan te wijzen. de secretaris,

de burgemeester,

1. Inleiding Het realiseren van ontmoetingsvoorzieningen voor jeugd zorgt ervoor dat Zandvoortse jongeren een plek hebben waar ze elkaar kunnen ontmoeten zonder anderen tot last te zijn. Ook bieden deze plekken voor jeugdwerkers de mogelijkheid om contact te maken en jongeren waar nodig toe te leiden naar ondersteuning en zorg. Jongeren ontmoetingsplekken in de wijk sluiten aan op de doelstellingen van het Actieprogramma Veiligheid en Handhaving 2024- 2025, de doelstellingen van de wijkaanpak Nieuw-Noord en het Zandvoorts Preventiemodel. Naar aanleiding van een eerder ingediende motie is op verzoek van het college de Jongeren Ontmoetingsplek (voorheen: JOP. In dit document: ontmoetingsvoorziening) aan het Visscherspad ter hoogte van de brandweerkazerne begin december 2023 verwijderd. De verwijderde JOP was een voor jongeren ingerichte zeecontainer met buitenruimte waar jongeren elkaar kunnen ontmoeten. Er is vraag naar nieuwe locaties waar jongeren samen kunnen en mogen komen. Vanwege het ontbreken van deze locaties komen jongeren op dit moment samen in de Zandvoortse wijken, hetgeen in de ogen van omwonenden leidt tot (over)last. Daarnaast komen jongeren hierdoor samen op verschillende plekken in Zandvoort, wat het voor jongerenwerkers en straathoekwerkers moeilijker maakt hen te bereiken.

In afstemming met de jongeren, perMens, Pluspunt, Omgevingsdienst IJmond en Pré Wonen zijn er vijf locaties aangedragen als potentieel die aan de randvoorwaarden voldoen. Deze zijn getoetst aan het bestemmingsplan en de geplande gebiedsontwikkelingen. Er zijn twee locaties geschikt bevonden. Hier onder is weergegeven welke andere drie locaties zijn afgevallen en waarom.

Kenmerk: 2024/1644187

2/7

Locatie Het Zwanenmeer Duintjesveldweg

De voorgenomen nieuwe locatie van de oude JOP aan het Visscherspad (150 m ten westen van de locatie waar de JOP verwijderd is).

Reden ongeschikt Vergunning technisch niet haalbaar vanwege Natura2000-gebied. bestaande bestemmingsplan is niet toereikend. Bouwwerken mogen in dit gebied niet hoger zijn dan 1,5 meter. Een afwijking van bestemmingsplan bedraagt € 9000, -. Er liep een procedure voor het verplaatsen van de JOP naar deze locatie. In deze periode is er een motie aangenomen voor het verwijderen van de JOP. Om die reden kiezen we er voor deze plek niet mee te nemen in deze nieuwe procedure.

2. Besluitpunten college 1. Twee locaties aan te wijzen als ontmoetingsvoorziening voor de Zandvoortse jeugd, te weten: o De locatie aan de Wattstraat o De locatie bij Parkeerterrein de Zuid 2. Het voorgenomen besluit agenderen voor de raadscommissie alvorens de locaties definitief aan te wijzen. 3. Beoogd resultaat Jongeren een plek bieden waar zij kunnen samenkomen en waar de wensen van jeugd en omwonenden naast elkaar bestaan. Dit zorgt tevens voor beter contact tussen de jongeren- en straathoekwerkers en de jongeren. Resultaat is dat jongeren zich onderdeel voelen van de wijk(en) en zij zich minder bevinden op andere plekken waar inwoners de jongeren zien als overlast gevend. 4. Argumenten Achterliggend beleid In 2023 is de gemeenteraad akkoord gegaan met het implementeren van het Zandvoorts Preventiemodel. Het gaat hierbij om het verbinden en uitbreiden van de domeinen 1) jeugd en gezin, 2) gezondheid, 3) onderwijs, 4) veiligheid, 5) sport en activiteiten en 6) cultuur, om te werken aan gezonde en gelukkige jongeren en te voorkomen dat zij middelen gaan gebruiken. Het plaatsen van een nieuwe ontmoetingsvoorziening hangt nauw samen met de pijler veiligheid. Speciaal aangewezen plekken voor jongeren geven hen het signaal dat zij recht hebben op een plek in de wijk.

Kenmerk: 2024/1644187

3/7

Ook in de wijkaanpak Nieuw Noord is het thema jeugd en veiligheid opgenomen met de doelstelling overlast in de wijk te verminderen. Pré Wonen en andere partners binnen de wijkaanpak steunen het plaatsen van een nieuwe ontmoetingsvoorziening. Zij zijn voorstander van een nieuwe voorziening en nauw betrokken in het proces en bij de financiering. Huidige situatie In Zandvoort wonen in de categorie van 10 tot 24 jaar, 1260 jongeren. Voor hen is op het moment geen overdekte plek in de openbare ruimte ingericht om samen te komen. Wanneer groepen jongeren samenkomen op bepaalde plekken, wordt dit vaak door melders als overlast ervaren. Echter, daar waar mensen samenkomen komt geluid bij kijken. Daarom is het belangrijker om een geschikt alternatief aan te bieden, waar jongeren wel kunnen samenkomen, ofwel 'hangen’, zonder dat het direct als overlast wordt gezien. Hierbij kan een bepaald geluidsniveau bestaan naast de wensen van de bewoners in de buurt. Jongeren komen op dit moment in beeld in verschillende woonwijken van Zandvoort, voornamelijk in het centrum en in Nieuw Noord. Zij worden door politie en handhaving weggestuurd of door ambulante jongerenwerkers en straathoekwerkers aangesproken op hun gedrag en hun geluidsniveau, maar een goed alternatief ontbreekt.

Niet alleen het jongerenwerk en de jongeren staan daarom achter het plaatsen van ontmoetingsvoorzieningen, ook Pré Wonen is groot voorstander van het plaatsen van meerdere ontmoetingsvoorzieningen. Argumenten vanuit ketenpartijen De gemeente en ketenpartners uit het jeugd- en veiligheidsdomein zien naast bovengenoemde punten de volgende argumenten voor de plaatsing van twee ontmoetingsvoorzieningen: 1. Het is van belang dat er een doorverwijslocatie is voor partners die ambulant werken (politie, handhaving, straathoekwerkers en ambulant jongerenwerkers). Mochten er jongeren in groepsverband samenkomen op bepaalde plekken waar dit minder gewenst is, moeten eerdergenoemde partners een optie hebben om naar door te verwijzen. Wanneer perMens of het jongerenwerk jongeren op bepaalde plekken aanspreekt op hun gedrag en wegsturen, weten jongeren niet waar ze dan wél terecht kunnen. 2. Jongeren verdienen ruimte en hebben hier behoefte aan. Zij hebben aangegeven ruimte te missen waar zij kunnen samenkomen zonder weggejaagd te worden omdat zij in de ogen van de omgeving tot last zijn. Een ontmoetingsvoorziening kan de sociale cohesie bevorderen door jongeren de kans te geven om elkaar te ontmoeten en vriendschappen op te bouwen. Dit kan leiden tot een gevoel van gemeenschap en verbondenheid, wat essentieel is voor de mentale gezondheid van Zandvoortse jongeren. 3.

Het is de verwachting dat het plaatsen van dergelijke voorzieningen resulteert in vermindering van overlast door de wijken heen. Wanneer de ontmoetingsvoorzieningen veel gebruikt worden door de jeugd in Zandvoort, wordt er minder snel last ervaren door inwoners op andere locaties.

Kenmerk: 2024/1644187

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14963941/1