Bijlage 5 Normenkader huishoudelijke ondersteuning 2019 juni 2019 bureau HHM
Tekst van het document
Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019
A. TOEPASSING Hoe ziet het normenkader eruit?................................................................................................................................................ 4 Hoe moet ik het normenkader toepassen? ................................................................................................................................. 6 Kan ik het normenkader toepassen in mijn gemeente? .............................................................................................................. 7 Welke uitgangspunten moet ik in het beleid verankeren? .......................................................................................................... 8 Welke vorm van bekostiging kan ik toepassen bij het normenkader? ......................................................................................... 9 B. ACHTERGROND Wat is het doel van het normenkader? ..................................................................................................................................... 10 Hoe is het normenkader tot stand gekomen? .......................................................................................................................... 11 Houdt dit normenkader stand in geval van bezwaar en beroep? ..............................................................................................
13 Moet mijn gemeente aanvullend onderzoek doen om het normenkader te kunnen toepassen? .............................................. 14 Auteur(s) Nico Dam Evelien Rijken Marco Wolves Bureau HHM Kenmerk ND/19/0616 Publicatiedatum Juni 2019 © Bureau HHM
C. VERDIEPING Kan ik het normenkader toepassen per week? ......................................................................................................................... 15 Kan ik losse onderdelen uit het normenkader gebruiken? ........................................................................................................ 16 Is het normenkader voor elke cliënt op maat? .......................................................................................................................... 17 Is ‘x’ minuten voor ‘dweilen’ wel voldoende? ............................................................................................................................ 20 Bijlage 1.
Normenkader in minuten per week ................................................................................................................. 21
Bijlage 2.
Normenkader: activiteiten en frequenties ....................................................................................................... 22
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 2
INLEIDING Bureau HHM hielp veel gemeenten bij het aanpassen van de regelgeving en het beleid rond de Huishoudelijke Ondersteuning1. Dit begon na de uitspraken van de Centrale Raad van Beroep in mei 2016 met empirisch onderzoek naar normtijden en de objectieve en onafhankelijke onderbouwing daarvan, in collegiale samenwerking met KPMG Plexus. De uitkomsten daarvan toetsten we binnen een groot aantal gemeenten aan de lokale situatie om het zo te vertalen naar lokaal beleid. Hieruit is een normenkader tot stand gekomen dat alle gemeenten kunnen gebruiken voor de inrichting van de Huishoudelijke Ondersteuning. In haar uitspraken van december 2018 bevestigde de CRvB dat dit normenkader voldoet aan de eisen die in mei 2016 werden gesteld aan de onderbouwing van normtijden. Door uit te gaan van ‘de gemiddelde cliëntsituatie’ en de mogelijkheid tot meer of minder inzet, gaan wij er vanuit dat dit normenkader in elke gemeente en voor elke cliënt kan worden toegepast. Wij denken dat de kennis over de Huishoudelijke Ondersteuning inmiddels zo is uitgekristalliseerd, dat gemeenten met behulp van deze handreiking zelf de normtijden en de onderbouwing van het beleid rond de Huishoudelijke Ondersteuning kunnen vaststellen. Aan de hand van 13 vragen geven we inzicht in het algemene normenkader voor Huishoudelijke Ondersteuning en de mogelijkheden voor toepassing daarvan door gemeenten.
Wat ons betreft kunnen gemeenten deze handreiking naar hartenlust gebruiken. Bronvermelding wordt op prijs gesteld, net als reacties van gemeenten die deze handreiking gebruikten. Veel succes! Bureau HHM NB. Wij hebben geprobeerd deze tekst geheel voor zichzelf te laten spreken, hierbij is geen extern onderzoek of advies noodzakelijk. Heeft u toch vragen, opmerkingen of verbetersuggesties voor deze handreiking, dan horen wij die uiteraard graag: info@hhm.nl | t. 053 433 0548
1
De terminologie varieert in het land. Veelgebruikte termen zijn Huishoudelijke Ondersteuning, Hulp bij het Huishouden, Huishoudelijke Hulp en Huishoudelijke
Verzorging. Wij gebruiken het begrip Huishoudelijke Ondersteuning. ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 3
Hoe ziet het normenkader eruit? De volgende pagina geeft het normenkader voor de Huishoudelijke Ondersteuning weer. Per resultaatgebied is uitgewerkt hoeveel professionele inzet nodig is voor de verschillende resultaten in de gemiddelde cliëntsituatie en wat het effect hierop is van verschillende factoren. De normtijden zijn weergegeven als ‘uren per jaar’. Daarmee wordt tegemoetgekomen aan de wettelijke plicht om tijdbesteding inzichtelijk te maken voor de cliënt en daarmee diens rechtspositie te bewaken. Maar tegelijk wordt flexibele toepassing naar individuele cliëntsituaties mogelijk, zodat er ruimte is voor het maatwerk dat van week tot week nodig is. Bijlage 1 bevat dit normenkader ook in ‘minuten per week’.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 4
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 5
Hoe moet ik het normenkader toepassen? Bij toepassing van het normenkader maakt de toegang een optelsom van de resultaatgebieden waarbij de cliënt ondersteuning nodig heeft. Zo nodig wordt ‘meer inzet’ opgeteld en ‘minder inzet’ afgetrokken. Het normenkader wordt op de volgende manier geïnterpreteerd: •
De ondersteuningstijd zoals in het kader weergegeven bij de gemiddelde cliëntsituatie, betreft volledige professionele overname van alle activiteiten. Dit vormt de basis die voor de individuele cliënt op maat moet worden gemaakt.
•
Het betreft uren per jaar, in bijlage 1 is het kader weergeven in minuten per week.
•
De professionele hulp verdeelt zelf de uit te voeren werkzaamheden en de beschikbaar gestelde uren in de tijd, uiteraard in overleg met de cliënt. Zo worden uiteindelijk alle activiteiten uit het ondersteuningsplan met de overeengekomen frequentie uitgevoerd (dus ook de activiteiten die niet elke week hoeven worden uitgevoerd). In bijlage 2 is een overzicht opgenomen van de activiteiten en frequentie van uitvoering hiervan waarop het normenkader is gebaseerd.
•
Het normenkader betreft de voor de hulp beschikbare totale tijd. Het betreft dus geen instructietijd voor het uitvoeren van bepaalde activiteiten. In ieder huishouden, in iedere situatie, is sprake van net weer wat andere verdelingen van activiteiten en van de tijd die dit kost.
•
In het normenkader is naast de directe tijd ook indirecte tijd opgenomen. Dit is tijd die nodig is voor binnenkomen, afspraken maken, interactie met de cliënt en bijvoorbeeld het pakken en opruimen van schoonmaakmiddelen. Deze indirecte tijd is even noodzakelijk als de directe tijd om de beoogde resultaten te behalen.
•
De totale tijd die conform het normenkader beschikbaar wordt gesteld, zien wij als het jaarlijks aantal uren dat is te besteden ten behoeve van de te bereiken resultaten. Uit diverse onderzoeken is gebleken dat deze totaaltijd toereikend is om te doen wat nodig is in de gemiddelde cliëntsituatie (zie vraag 12). Voorwaarde hiervoor is daarom dat goed onderzoek is gedaan naar de individuele situatie van de cliënt (keukentafelgesprek).
•
Met dit normenkader kan een verantwoord niveau van een schoon, opgeruimd en georganiseerd huishouden worden gerealiseerd. Aandachtspunt is dat persoonlijke opvattingen van cliënten of hulpen soms anders zijn dan waarop dit normenkader is gebaseerd. In deze is dan het normenkader leidend, omdat deze op basis van onderzoek bij en met vele cliënten en in afstemming met diverse deskundigen tot stand is gekomen.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 6
Kan ik het normenkader toepassen in mijn gemeente? Iedere gemeente kan het normenkader gebruiken door het te verankeren in het beleid. De gemeente bepaalt uiteraard haar eigen beleid ten aanzien van de Huishoudelijke Ondersteuning voor haar inwoners. Dat doet zij op grond van de Wmo 2015. Dit normenkader is gebaseerd op de algemene beleidsuitgangspunten die meerdere gemeenten toepassen (zie bij vraag 4). Als een gemeente hiervan substantieel afwijkt, kan dat tot gevolg hebben dat het normenkader niet meer van toepassing is.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 7
Welke uitgangspunten moet ik in het beleid verankeren? Het normenkader is gebaseerd op de volgende uitgangspunten. Die moeten in het beleid worden vastgelegd. Deze teksten zijn voorbeelden die we in meerdere gemeenten zijn tegengekomen. •
Definitie van het resultaat: Een huis is schoon en leefbaar indien het normaal bewoond en gebruikt kan worden en voldoet aan basale hygiëne-eisen. Schoon staat voor: een basishygiëne borgen, waarbij vervuiling van het huis en gezondheidsrisico’s van bewoners worden voorkomen. Leefbaar staat voor: opgeruimd en functioneel, bijvoorbeeld om vallen te voorkomen.
•
De afbakening van de ruimtes waarop de voorziening betrekking heeft: De inwoner moet gebruik kunnen maken van een schone woonkamer, slaapvertrekken, de keuken, sanitaire ruimtes en gang/trap.
•
De afbakening van activiteiten die onder de voorziening vallen en welke niet: Het schoonmaken van de buitenruimte bij het huis (ramen, tuin, balkon, etc.) maken geen onderdeel uit van Huishoudelijke Ondersteuning.
•
De normering van de voorziening: Voor de onderbouwing van de maatwerkvoorziening huishoudelijke hulp, maken we gebruik van het HHM-normenkader.
•
De mogelijkheid om voor bijzondere situaties af te wijken van het normenkader: Wanneer cliënten als gevolg van hun (medische) beperkingen onvoldoende ondersteund worden door de basisvoorziening schoon huis, kunnen aanvullende maatwerkmodules ingezet worden. Dit zijn bijvoorbeeld een hoger niveau van hygiëne of schoonhouden realiseren, het klaarzetten van maaltijden en beschikken over schone kleding.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 8
Welke vorm van bekostiging kan ik toepassen bij het normenkader? Voor de bekostiging van de Huishoudelijke Ondersteuning zijn verschillende modellen denkbaar. Die hebben in de kern steeds twee componenten: een ‘p’ (een reëel uurtarief) en een ‘q’ (het aantal uren dat bekostigd wordt). Doorgaans wordt de ‘p’ eenmalig bepaald en periodiek bijgesteld. Over de ‘q’ kunnen verschillende afspraken worden gemaakt, variërend van declaratie van feitelijk geleverde inzet, tot een normatief bepaald aantal, bijvoorbeeld gebaseerd op het gepresenteerde normenkader. Reëel uurtarief (p) De gemeente is gehouden om voor de maatschappelijke ondersteuning een reëel tarief te betalen. De AMvB ‘Reële Prijs Wmo 2015’ die sinds de zomer van 2017 van kracht is, beschrijft op basis van welke parameters (kostprijsbestanddelen) het tarief tot stand komt. Het begrip ‘reëel’ weerspiegelt daarbij de (goede) prijs- kwaliteitverhouding. Wanneer een tarief ‘reëel’ is, is niet in de AMvB bepaald, dat is en blijft een keuze van de gemeente. Belangrijke toetssteen hierbij is dat het tarief tot stand komt in een transparant proces naar/met de aanbieders en dat het tarief herleidbaar en herkenbaar is. Op grond van onze ervaringen, denken wij dat de discussie over de juiste parameters van een kostprijsmodel voor Huishoudelijke Ondersteuning en de passende waarden daarbij, inmiddels is uitgekristalliseerd.
Ook op dit punt is naar ons inzicht, net als bij normtijden, geen aanvullend onderzoek nodig. Aantal uren (q) Hierbij ligt het voor de hand om aansluiting te zoeken bij het normenkader en daarmee bij de uren die de cliënt krijgt toegekend. Daardoor ontstaat balans tussen het belang van de aanbieder en dat van de cliënt en is er volstrekte duidelijkheid over de omvang van de inzet en daarmee over de rechtspositie van de inwoner.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 9
Wat is het doel van het normenkader? Met dit normenkader willen we gemeenten helpen om inwoners, die dit nodig hebben, passende Huishoudelijke Ondersteuning te bieden. Deze handreiking maakt de daarvoor benodigde kennis toegankelijk voor iedereen. Gemeenten kunnen zo kostenefficiënt komen tot Huishoudelijke Ondersteuning die voldoet aan de eisen die de Centrale Raad in mei 2016 stelde aan de onderbouwing van normtijden.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 10
Hoe is het normenkader tot stand gekomen? Gemeenten bieden hun inwoners ondersteuning in de vorm van Huishoudelijke Ondersteuning op grond van de Wmo 2015. De Centrale Raad van Beroep (CRvB) deed op 18 mei 2016 vier uitspraken waarin zij kritisch was over de keuzes die gemeenten hierbij tot dan toe maakten. Dit had betrekking op de onderbouwing van de omvang van de ondersteuning en op de positie van de inwoner ten opzichte van de professional. Naar aanleiding van deze uitspraken herzagen veel gemeenten hun beleid. Bureau HHM en KPMG Plexus onderbouwden met onderzoek de benodigde omvang van de ondersteuning. Zowel gezamenlijk als apart hebben beide bureaus een groot aantal gemeenten geadviseerd op basis van deze onderzoeken. Met name het onderzoek dat we hebben uitgevoerd voor de gemeente Utrecht is in veel gemeenten overgenomen als basis voor het eigen beleid. In meerdere gevallen heeft de rechtbank en uiteindelijk ook de CRvB (10 december 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:3835) het onderzoek dat door bureau HHM en KPMG Plexus is uitgevoerd, beoordeeld als ‘objectief, onafhankelijk en deugdelijk’. Daarmee voldoet het aan de criteria die eerder door de Raad zijn gesteld en kan het worden benut voor onderbouwing van de in te zetten omvang van de Huishoudelijke Ondersteuning door een gemeente.
Bureau HHM en KPMG Plexus ontwikkelden in opdracht van verschillende gemeenten een nieuwe actuele maatstaf voor de Huishoudelijk Ondersteuning, passend bij het beleidskader van de betreffende gemeenten2. Deze gemeenten vullen het resultaatgericht werken ieder op een andere manier in. De kern van de aanpak was steeds de combinatie van tijdbestedingsonderzoek, professionele ervaringen, onafhankelijk experts en cliëntinterviews. Hiermee bepaalden we de benodigde activiteiten, frequentie van uitvoering en de tijdbesteding hieraan die nodig zijn voor het behalen van de resultaten die met de voorzieningen Huishoudelijke Ondersteuning worden beoogd3.
2 Het empirisch onderzoek is uitgevoerd in Utrecht, Amsterdam, Haarlem, Hoorn, Emmen en nog een (anonieme) gemeente. Het rapport dat we voor
Utrecht hebben opgesteld, is door de CRvB als ‘deugdelijk’ bestempeld. De onderzoeken in andere gemeenten zijn op overeenkomstige wijze uitgevoerd. 3
Een uitgebreide beschrijving en toelichting op de uitgevoerde onderzoeken is desgewenst beschikbaar. ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 11
Voor enkele activiteiten, die in de praktijk zeer weinig voorkomen en die we daarom in de onderzoeken in 2016/2017 niet in voldoende aantallen hebben kunnen onderzoeken, blijven we gebruikmaken van de normtijden zoals die in de CIZ-richtlijn zijn opgenomen. Ook omdat de deskundigen in de verschillende expertgroepen hebben aangegeven dat voor deze onderdelen nog steeds sprake is van relevante normtijden vanuit de CIZ-rchtlijn. Dit betreft met name het voeren van de regie over het huishouden, advies/instructie/voorlichting en de verzorging van maaltijden. In het verlengde van deze onderzoeken hebben wij vanuit HHM in de periode najaar 2016 tot op heden voor enkele tientallen gemeenten/regio’s de uitkomsten in de lokale praktijk getoetst. Op basis van het onderzoek in meerdere gemeenten en toetsing van de uitkomsten in een groot aantal andere gemeenten en regio’s, concluderen wij dat de tijdnormen die we in deze handreiking beschrijven, breed toepasbaar zijn en daarmee de oude CIZ-richtlijn op die onderdelen kunnen vervangen.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 12
Houdt dit normenkader stand in geval van bezwaar en beroep? Als gemeenten de in deze handreiking gepresenteerde norm voor de toekenning van huishoudelijke hulp onder de Wmo 2015 onverkort overnemen en verankeren in hun beleid, verwachten wij dat dit juridisch stand zal houden in geval van bezwaarzaken. Bureau HHM biedt geen definitieve juridische zekerheid, daarvoor kunnen individuele zaken te veel onvoorziene omstandigheden bevatten. Bureau HHM kan op generlei wijze aansprakelijk worden gesteld door de gebruiker van deze norm c.q. deze handreiking.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 13
Moet mijn gemeente aanvullend onderzoek doen om het normenkader te kunnen toepassen? Ten behoeve van het toetsen van uitkomsten van de elders uitgevoerde onderzoeken voor een bepaalde gemeente, analyseerden wij steeds eerst het lokale beleid. Dat is vertaald naar de uitkomsten van het onderzoek elders. Die uitkomsten toetsten we vervolgens bij lokale stakeholders. Soms met onafhankelijke experts, soms met vertegenwoordigers van cliënten en cliëntenorganisaties en steeds met professionals die de lokale praktijk van Huishoudelijke Ondersteuning goed kennen. Zo ontwikkelden we onafhankelijke lokale normenkaders, zonder aanvullend empirisch onderzoek te doen. Voortschrijdend inzicht heeft ertoe geleid dat we in het normenkader 108 uur op jaarbasis presenteren in plaats van de 105 uur op jaarbasis die is gevonden in het allereerste onderzoek in Utrecht. Daarbij bleek steeds dat de cijfermatige basis van de uitgevoerde onderzoeken kon worden gebruikt om te komen tot een normenkader dat specifiek is afgestemd op de lokale beleidskeuzes van die gemeente. Er is veelal wel sprake van enige verschillen in het beleid tussen gemeenten. Reden daarvan is dat het normenkader ruimte biedt voor individuele verschillen. Gemeenten kunnen dit normenkader overnemen als het aansluit op het lokale beleid. Aanvullend onderzoek is dan ook niet noodzakelijk.
Het verdient echter wel aanbeveling dat zowel beleid als normenkader worden besproken met lokale stakeholders. Daarmee ontstaat draagvlak voor de toepassing ervan en kunnen eventueel lokale factoren worden onderkend die tot aanpassing van het normenkader voor deze gemeente kunnen leiden.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 14
Kan ik het normenkader toepassen per week? Ja, dat kan. Bij vraag 2 presenteerden wij het normenkader uitgedrukt in uren per jaar. Gemeenten kunnen kiezen om een andere tijdseenheid te hanteren (zoals minuten per week). Bijlage 1 bevat het normenkader in een tabel op basis van minuten per week. Iedereen kan met deze informatie het normenkader ook terugrekenen naar elke andere denkbare variant. Daarbij moet echter wel worden bedacht dat door afronding verschillen kunnen ontstaan. Een normenkader uitgedrukt in decimalen lijkt ons niet wenselijk. Daarom zijn beide tabellen afgerond op hele uren per jaar en op hele minuten per week. Wij adviseren te rekenen vanuit de tabel in ‘minuten per week’. Indien bij doorrekenen naar andere eenheden decimalen ontstaan, is ons advies om steeds naar boven af te ronden. Daarmee wordt een eventuele marge in het voordeel van de inwoner toegepast.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 15
Kan ik losse onderdelen uit het normenkader gebruiken? Dit kan alleen als gedoeld wordt op de verschillende resultaatgebieden uit de Huishoudelijke Ondersteuning. Alle activiteiten en beïnvloedende factoren zijn per resultaatgebied gebundeld onderzocht. Zij vormen een logisch en samenhangend geheel. Dus een gemeente kan ervoor kiezen om alleen het normenkader voor ‘schoon en leefbaar huis’ over te nemen, zonder het kader voor het resultaat ‘wasverzorging’, bijvoorbeeld omdat hiervoor een algemene voorziening is ingericht. Dit kan wanneer deze keuze in het beleid is verankerd. Tijden per activiteit als losse onderdelen gebruiken raden wij af. Deze tijden zijn gebaseerd op tijdbestedingsonderzoek naar de verschillende activiteiten en een veelheid van verschillende omstandigheden en uitgevoerd door meerdere professionals. Om tot het normenkader te komen is hierbij uitgemiddeld. Dat betekent dat de tijden per activiteit niet mogen worden beschouwd als uitvoeringsnormen voor de praktijk. En dat losse activiteiten dus ook niet uit het normenkader kunnen worden gehaald.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 16
Is het normenkader voor elke cliënt op maat? Het vertrekpunt bij het ontwikkelen van dit normenkader was steeds een ‘gemiddelde cliëntsituatie’. Door de vele individuele casuïstiek die we in de verschillende onderzoeken tegenkwamen, hebben we een scherp beeld van de gemiddelde cliënt die huishoudelijke hulp krijgt. Op basis van deze gemiddelde cliëntsituatie krijgen de normtijden een algemeen karakter en wordt voorkomen dat op alle mogelijk denkbare uitzonderingen apart beleid moet worden ontwikkeld. De gemiddelde cliëntsituatie is als volgt omschreven: Gemiddelde cliëntsituatie: • een huishouden met 1 of 2 volwassenen zonder thuiswonende kinderen; • wonend in een zelfstandige huisvestingssituatie, gelijkvloers of met een trap; • er zijn geen huisdieren aanwezig die extra inzet van ondersteuning vragen; • de cliënt kan de woning dagelijks op orde houden (bijvoorbeeld aanrecht afnemen, algemeen opruimen) zodat deze gereed is voor de schoonmaak; • de cliënt heeft geen mogelijkheden om zelf bij te dragen aan de activiteiten die moeten worden uitgevoerd; • er is geen ondersteuning vanuit mantelzorgers, netwerk en vrijwilligers bij activiteiten die moeten worden uitgevoerd; • er zijn geen beperkingen of belemmeringen aan de orde bij de cliënt die maken dat de woning extra vervuilt of dat de woning extra schoon moet zijn; • de woning heeft geen uitzonderlijke inrichting en is niet
extra bewerkelijk of extra omvangrijk.
Niet iedere cliënt past in deze omschrijving van de gemiddelde cliëntsituatie. Voor cliënten waarbij de gemiddelde situatie niet van toepassing is, kunnen invloedsfactoren worden meegewogen. Deze staan in het normenkader als ‘meer inzet’ of ‘minder inzet’. Daarmee wordt voor iedere cliënt maatwerk gerealiseerd. Let op dat de aanwezigheid van deze kenmerken niet automatisch leidt tot meer inzet. Het is steeds de vraag aan de toegang of een kenmerk leidt tot extra vervuiling of vraagt om een extra niveau van schoon, waardoor meer inzet nodig is.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 17
De volgende invloedsfactoren kunnen maken dat meer of minder ondersteuningstijd nodig is: a. Kenmerken cliënt • Mogelijkheden cliënt zelf: de fysieke mogelijkheden van de cliënt om bij te dragen aan de uit te voeren activiteiten. Dit hangt af van het kunnen bewegen, lopen, bukken en omhoog reiken, het vol kunnen houden van activiteiten, het kunnen overzien wat moet gebeuren en daadwerkelijk tot actie kunnen komen. Ook speelt hier de trainbaarheid en leerbaarheid van de cliënt mee. • Beperkingen en belemmeringen van de cliënt, die gevolgen hebben voor de benodigde inzet. De hoeveelheid extra ondersteuning die nodig is, is leidend, niet de problematiek als zodanig. Voorbeelden zijn Huntington, ALS, Parkinson, dementie, visuele beperking, revalidatie, bedlegerig, psychische aandoeningen, verslaving/alcoholisme e.d. Dit kan op twee manieren uitwerken: — Het kan nodig zijn extra vaak schoon te maken of te wassen, doordat meer vervuiling optreedt. Bijvoorbeeld als gevolg van rolstoelgebruik, ernstige incontinentie, overmatig zweten, (ernstige) tremoren, besmet wasgoed (bijvoorbeeld bij chemokuur of Norovirus). — Het kan nodig zijn de woning extra goed schoon te maken. Ter voorkoming van problemen bij de cliënt voortkomend uit bijvoorbeeld allergie, astma, longemfyseem, COPD.
• Ondersteuning vanuit mantelzorgers, netwerk en vrijwilligers: de hoeveelheid ondersteuning die wordt geboden vanuit mantelzorgers, het netwerk van de cliënt en eventuele vrijwilligers, waardoor minder professionele inzet vanuit de gemeente noodzakelijk is omdat een deel activiteiten door niet-professionals wordt gedaan. b. Kenmerken huishouden • Samenstelling van het huishouden: het aantal personen en de leeftijd van leden in het huishouden. Als sprake is van een huishouden van twee personen, is niet persé extra inzet nodig. Dit is bijvoorbeeld wel het geval als zij gescheiden slapen, waardoor een extra slaapkamer in gebruik is. Het kan ook betekenen dat er minder ondersteuning nodig is, omdat de partner een deel van de activiteiten uitvoert (gebruikelijke zorg4). De aanwezigheid van een kind of kinderen kan leiden tot extra noodzaak van inzet van ondersteuning. Dit is mede afhankelijk van de leeftijd en leefstijl van de betreffende kinderen en van de bijdrage die het kind levert in de huishouding 4
Gebruikelijke zorg is de normale, dagelijkse zorg die partners, ouders, inwonende kinderen en/of andere huisgenoten elkaar geven. ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 18
•
(leeftijdsafhankelijk). Als er kinderen zijn, zijn er vaak ook meer ruimtes in gebruik. Een kind kan eventueel ook een bijdrage leveren in de vorm van mantelzorg en daarmee de benodigde extra inzet beperken of opheffen. Bij een kind kan ook sprake zijn van bijzonderheden (ziekte of beperking) die maken dat extra inzet van ondersteuning nodig is. Huisdieren: door de aanwezigheid van een of meer huisdieren in het huishouden, kan door meer vervuiling extra inzet nodig zijn dan in de norm is opgenomen. Dit staat nog los van de verzorging van huisdieren. Een huisdier veroorzaakt niet altijd extra benodigde inzet (goudvis in een kom, een niet verharende hond, etc.). Een huisdier heeft vaak ook een functie ten aanzien van participatie en eenzaamheidsbestrijding. Met de cliënt moet in voorkomende gevallen overleg plaatsvinden over aantal of aard van huisdieren en welke gevolgen hiervan wel of niet ‘voor rekening’ van de gemeente komen.
c. Kenmerken woning • Inrichting van de woning: extra inzet nodig door bijvoorbeeld extra veel beeldjes of fotolijstjes in de woonkamer of een groot aantal meubelstukken in de ruimte. Het gaat in dit geval om de extreme situaties, waarin de inrichting een aanzienlijke extra ondersteuning vergt. Ook hierbij kan nader overleg met de cliënt zijn aangewezen over wie wat doet in het huishouden. • Bewerkelijkheid van de woning: extra inzet nodig door bouwkundige en externe factoren, bijvoorbeeld de ouderdom van het huis, de staat van onderhoud, de aard van de wand-of vloerafwerking, de aard van de deuren, schuine wanden, hoogte van de plafonds, tocht en stof, eventuele gangetjes en hoekjes. • Omvang van de woning: een grote woning kan, maar hoeft niet persé meer inzet te vragen. Een extra grote oppervlakte van de in gebruik zijnde ruimtes kan meer tijd vergen om bijvoorbeeld stof te zuigen, maar kan het stofzuigen ook makkelijker maken omdat je makkelijk overal omheen kunt werken. Een extra slaapkamer die daadwerkelijk in gebruik is als slaapkamer vergt wel extra tijd. N.B. Er zijn cliëntsituaties denkbaar die niet passen in het normenkader. Deze zijn zo uitzonderlijk dat hiervoor geen algemene normstelling mogelijk is. Wij adviseren daarom in de toegang te bepalen welke ondersteuningsbehoefte er in deze cliëntsituaties is.
Een voorbeeld is de wasverzorging voor een huishouden met drie of meer personen.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 19
Is ‘x’ minuten voor ‘dweilen’ wel voldoende? De tijden per activiteit vormen samen het normenkader. Deze afzonderlijke tijden zijn geen uitvoeringsnormen. Een activiteit kan in het ene huishouden meer tijd kosten dan in het andere. Maar gemiddeld genomen is de totale tijd per resultaatgebied voldoende om de activiteiten uit te voeren met de benodigde frequentie. Hierbij horen enkele opmerkingen. Ten eerste: de genoemde tijden zijn strikt voor de uitvoering van de activiteit. De tijd die nodig is om bijvoorbeeld de dweil te pakken, een sopje te maken en weer op te ruimen, zit in de indirecte tijd. Dit is integraal onderdeel van het normenkader. Ten tweede: in het normenkader is gecorrigeerd met een ‘weegfactor’. Dit is het percentage huishoudens waarbij de activiteit moet worden uitgevoerd. Bij dweilen is dat het aantal huishoudens met een harde vloer, omdat vloerbedekking niet gedweild wordt. De tijd voor dweilen in de woonkamer is dus gecorrigeerd voor het feit dat dit niet in elke huiskamer nodig is. Het is niet relevant om te kijken naar de tijden voor afzonderlijke activiteiten, omdat dit niets zegt over hoe lang dit in een specifiek huishouden duurt (dit zijn geen instructietijden voor de uitvoering). De tijden voor de activiteiten gezamenlijk vormen een normenkader dat in de gemiddelde cliëntsituatie (zie vraag 12) voldoende tijd biedt om alle activiteiten uit te voeren.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 20
Bijlage 1.
Normenkader in minuten per week
Bijlage 2.
Normenkader: activiteiten en frequenties Woonruimten
Schoon en leefbaar huis Woonkamer Afnemen nat en droog
•
•
• •
•
Stof afnemen laag/midden/hoog incl. tastvlakken en luchtfilter Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten Radiatoren reinigen
• •
Stofzuigen Dweilen
• •
Stofzuigen Dweilen
• •
Stofzuigen Dweilen
Categorie schoonmaakactiviteiten
Ramen en gordijnen
• • •
Gordijnen wassen Lamellen.luxaflex reiniging Ramen binnenzijde wassen
• • •
Gordijnen wassen Lamellen.luxaflex reiniging Ramen binnenzijde wassen
• • •
Gordijnen wassen Lamellen.luxaflex reiniging Ramen binnenzijde wassen
• •
Bed verschonen Matras draaien •
Keukenblok en –apparatuur (buitenzijde) Afval opruimen Keukenkastjes (binnenzijde) Koelkast (binnenzijde) Oven/magnetron Vriezer los reinigen binnenzijde (ontdooid) Afzuigkap reinigen (binnenzijde) Bovenkant keukenkastjes Tegelwand (los van keukenblok)
Bed verschonen
•
Keuken schoonmaken
•
• • •
Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten Radiatoren reinigen
• •
•
Opruimen
•
Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten Radiatoren reinigen
• • •
Gordijnen wassen Lamellen.luxaflex reiniging Ramen binnenzijde wassen
•
Badkamer schoonmaken (incl. stofzuigen en dweilen) Toilet schoonmaken Tegelwand badkamer afnemen
• • Opruimen
Hal •
•
• • • • •
Sanitair schoonmaken
Badkamer en toilet
Keuken
Stof afnemen laag/midden/hoog incl. tastvlakken en luchtfilter Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten Zitmeubels afnemen (droog/nat) Radiatoren reinigen
•
Stofzuigen en dweilen
Slaapkamer(s)
•
Stof afnemen laag/midden/hoog incl. tastvlakken en luchtfilter Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten Radiatoren reinigen
• • •
Stofzuigen Dweilen Trap stofzuigen (binnenshuis)
•
Opruimen
Tabel 1. Activiteiten benodigd voor een schoon en leefbaar huis.
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 22
Ruimte
Basisactiviteit
Frequenties
Woonkamer (en andere kamers)
Stof afnemen hoog incl. luchtfilters
1 x per 2 weken
Stof afnemen midden
1 x per week
Stof afnemen laag
1 x per week
Opruimen
1 x per week
Stofzuigen
1 x per week
Dweilen
1 x per week
Stof afnemen hoog incl. tastvlakken en luchtfilters
1 x per 6 weken
Stof afnemen midden
1 x per week
Stof afnemen laag
1 x per week
Opruimen
1 x per week
Stofzuigen
1 x per week
Dweilen
1 x per 2 weken
Bed verschonen of opmaken
1 x per 2 weken
Stofzuigen
1 x per week
Dweilen
1 x per week
Keukenblok (buitenzijde) inclusief tegelwand, kookplaat, spoelbak, koelkast, eventuele tafel
1 x per week
Keukenapparatuur (buitenzijde)
1 x per week
Afval opruimen
1 x per week
Afwassen
1x per week
Badkamer schoonmaken (inclusief stofzuigen en dweilen)
1 x per week
Toilet schoonmaken
1 x per week
Stof afnemen hoog incl. tastvlakken en luchtfilters
1 x per week
Stof afnemen midden
1 x per week
Stof afnemen laag
1 x per week
Stofzuigen
1 x per week
Trap stofzuigen (binnenshuis)
1 x per week
Dweilen
1 x per week
Slaapkamer(s)
Keuken
Sanitair
Hal
Tabel 2. Frequenties benodigd voor een schoon en leefbaar huis (basisactiviteiten).
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 23
Ruimte
Incidentele activiteit
Frequenties
Woonkamer (en andere kamers)
Gordijnen wassen
1 x per jaar
Reinigen lamellen/luxaflex
2 x per jaar
Ramen binnenzijde wassen
4 x per jaar
Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten
2 x per jaar
Zitmeubels afnemen (droog/nat)
1 x per 8 weken
Radiatoren reinigen
2 x per jaar
Gordijnen wassen
1 x per jaar
Reinigen lamellen/luxaflex
2 x per jaar
Ramen binnenzijde wassen
4 x per jaar
Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten
2 x per jaar
Radiatoren reinigen
2 x per jaar
Matras draaien
2 x per jaar
Gordijnen wassen
2 x per jaar
Reinigen lamellen/luxaflex
3 x per jaar
Ramen binnenzijde wassen
4 x per jaar
Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten
2 x per jaar
Radiatoren reinigen
3 x per jaar
Keukenkastjes (binnenzijde)
2 x per jaar
Koelkast (binnenzijde)
3 x per jaar
Oven/magnetron (grondig schoonmaken)
4 x per jaar
Vriezer los reinigen binnenzijde (ontdooid)
1 x per jaar
Afzuigkap reinigen (binnenzijde) – vaatwasserbestendig
2 x per jaar
Afzuigkap reinigen (binnenzijde) niet vaatwasserbestendig
2 x per jaar
Bovenkant keukenkastjes
1 x per 6 weken
Tegelwand (los van keukenblok)
2 x per jaar
Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten
2 x per jaar
Radiatoren reinigen
2 x per jaar
Tegelwand badkamer afnemen
4 x per jaar
Gordijnen wassen
1 x per jaar
Slaapkamer(s)
Keuken
Sanitair
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 24
Ruimte
Hal
Incidentele activiteit
Frequenties
Ramen binnenzijde wassen
4 x per jaar
Reinigen lamellen/luxaflex
3 x per jaar
Deuren/deurposten nat afdoen incl. deurlichten
2 x per jaar
Radiatoren reinigen
2 x per jaar
Tabel 3. Frequentie benodigd voor een schoon en leefbaar huis (incidentele activiteiten). Activiteit
Frequenties* Wasgoed sorteren
1x per week
Behandelen van vlekken
5x per 2 weken (indien nodig)
Was in de wasmachine stoppen (incl. wasmachine aanzetten)
5x per 2 weken
Wasmachine leeghalen
5x per 2 weken
Sorteren naar droger of waslijn
5x per 2 weken
Was in de droger stoppen
5x per 2 weken
Droger leeghalen
5x per 2 weken
Was ophangen
5x per 2 weken
Was afhalen
5x per 2 weken
Was opvouwen
5x per 2 weken
Was strijken
1x per week
Was opbergen/opruimen
5x per 2 weken
Tabel 4. Activiteiten en frequenties benodigd voor de wasverzorging
* In een tweepersoonshuishouden wordt uitgegaan van een frequentie van 5x per 2 weken voor de was, in een eenpersoonshuishouden is dat 2x per week. Onderdeel
Activiteit
Frequentie
Boodschappen
Het opstellen van boodschappenlijst
1x per week
Het doen van de boodschappen
1x per week
Het opruimen van de boodschappen
1x per week
Tabel 5. Activiteiten en frequenties benodigd voor de boodschappen ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 25
Onderdeel
Activiteit
Frequentie
Maaltijden
Broodmaaltijden: tafel dekken, eten en drinken klaarzetten (1 maaltijd op tafel, 1 maaltijd in de koelkast), afruimen, afwassen of vaatwasser inruimen/uitruimen
1x per dag*
Opwarmen maaltijd: maaltijd opwarmen, tafel dekken, eten en drinken klaarzetten, afruimen, afwassen of vaatwasser in/uitruimen
1x per dag*
Tabel 6. Activiteiten en frequenties benodigd voor de maaltijden
* Of minder als de cliënt hierin een deel van de week zelf of met behulp van het netwerk kan voorzien.
Onderdeel
Activiteit
Onderdeel
Activiteit
Verzorgen van minderjarige kinderen
Was verzorgen
Advies, instructie en voorlichting
Aanleren van activiteiten en samen uitvoeren van de activiteiten gericht op een schoon en leefbaar huis en de was-verzorging
Kamers opruimen Eten maken
Aanleren van activiteiten en samen uitvoeren van activiteiten gericht op boodschappen en maaltijden
Tasjes school Aankleden Wassen
Tabel 8. Activiteiten voor advies, instructie en voorlichting
Eten geven Structuur bieden Meer tijd huishoudelijke taken Brengen naar school/crèche Naar bed brengen Afstemming met andere hulp/informele zorg Afstemming/sociaal contact (aankomst, vertrek, administratie, contact met cliënt)
Tabel 7. Activiteiten voor verzorgen van minderjarige kinderen
ND/19/0616 | juni 2019 | © Bureau HHM | HHM Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019 | pagina 26