CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Startnotitie omgevingsprogramma Noordkust

Gemeenteraad 17 februari 2026, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Startnotitie omgevingsprogramma Noordkust7.273 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Startnotitie

Omgevingsprogramma Noordkust

Inhoudsopgave 1.

Scopebepaling project

3

1.1

Aanleiding project

3

1.2

Doel project

5

1.3

Afbakening

5

2.

Uitgangspunten en randvoorwaarden

7

3.

Omgeving en raakvlakken

11

3.1

Gebiedsanalyse

11

3.2

Stakeholders

12

3.3

Gemeentelijke raakvlakprojecten

13

4.

5.

Juridisch

16

4.1

Eigendomsgrenzen

16

4.2

Omgevingsplan

17

Naar een ontwikkelperspectief

18

5.1

Proces en participatie

18

5.2

Rolneming gemeente

20

6.

Risico's & kansen

22

7.

Organisatie en financiën

25

7.1

Organisatie

25

7.2

Kostenraming

26

7.3

Dekking

26

2

1.

Scopebepaling project 1.1 Aanleiding project Wie heeft geen herinneringen aan het strand, haren in de war van het zand en met z’n allen achter het windscherm? De boulevard en het strand zijn misschien wel de meest kenmerkende plekken die mensen onthouden van Zandvoort. Daarbij natuurlijk het circuit van Zandvoort, de grote hotels met daartussen wederopbouw bebouwing en meer naar het zuiden vrijstaande woningen. Op het strand de strandpaviljoens, -bungalows en -huisjes. Zandvoort heeft de ambitie om 365 dagen per jaar aantrekkelijk te zijn en te blijven. Voor inwoners, ondernemers, organisatoren en bezoekers. Een stevige ambitie die is verwoord in de Omgevingsvisie Zandvoort. De Noordkust is een belangrijk gebied voor het verwezenlijken van de ambities uit de Omgevingsvisie. Dat is een enorme opgave. Het is niet zomaar een gebiedsontwikkeling of project. Het gebied is groot en kent veel diversiteit aan functies, voorzieningen, ondernemers, bewoners, bezoekers. De opgaven lopen uiteen en zijn niet in één enkel project te vatten. Bovendien is de gemeente niet alleen aan zet. Ontwikkeling van het gebied is afhankelijk van de medewerking en het initiatief van stakeholders binnen en buiten Zandvoort. De Noordkust heeft dan ook een betekenis die verder rijkt dan Zandvoort alleen.

Het strand, de duinen en de evenementen trekken jaarlijks grote aantallen bezoekers uit de regio Zuid Kennemerland, Amsterdam en de regio IJmond, en zelfs ook internationaal. Het gebied grenst aan de Kennemerduinen, een van de belangrijkste natuurgebieden in Noord-Holland. Het vormt een leefgebied voor zeldzame soorten zoals duinvogels, zandhagedissen en diverse insecten en is een belangrijke schakel binnen het Natuur Netwerk Nederland (NNN). Ook speelt de Noordkust een rol in de waterveiligheid voor de regio Zuid-Kennemerland. Het is onderdeel van de primaire waterkering en beschermt het achterland (o.a. Haarlem en Bloemendaal) tegen overstromingen. Deze kust is onderdeel van Rijksprogramma’s zoals het Hoogwaterbeschermingsprogramma en de Kustlijnzorg. Ontwikkeling van het gebied is daarmee een opgave die decennia in beslag zal nemen en mede daarom om een bepaalde mate van continuïteit vraagt. Dat doen we door een gebiedsgericht omgevingsprogramma voor de Noordkust op te stellen. In deze startnotitie beschrijven we de wijze waarop we dat gaan doen. Probleemanalyse De Noordkust van Zandvoort kent momenteel een aantal structurele problemen die de ontwikkeling van het gebied belemmeren.

De nadruk ligt nu vooral op toerisme, met veel aandacht voor het strand en het circuit, maar bezoeken zijn vaak vluchtig en gericht op specifieke evenementen of gerelateerd aan de zonnige zomermaanden (strand, bugalowparken). Er is in de huidige situatie veel verschil tussen de seizoenen. In de

3

wintermaanden is het vaak rustig. Het aantrekken van andere (tevens zakelijke) doelgroepen is wenselijk. Zandvoort is de enige badplaats in Nederland met een treinstation zó dichtbij zee, en toch wordt de boulevard van Bloemendaal tot het centrum gedomineerd door een brede strook verharding voor de doorgaande weg en een grote hoeveelheid parkeerplaatsen. De verbinding tussen het duinlandschap en het strand is daardoor niet optimaal. Ook stroomt het dorp op mooie zomerdagen vol met parkerende strandgasten. Het anders omgaan met mobiliteit helpt om Zandvoort aantrekkelijker te maken. Door de parkeerplaatsen op de boulevard uit het zicht te onttrekken bijvoorbeeld, meer gebundelde capaciteit op P-De Noord te realiseren en in te zetten op beter gebruik van het openbaar vervoer. Het gebied de Noordkust is slecht doorwaadbaar. Het ontbreekt aan goede fiets- en wandelroutes. De openbare ruimte doet rommelig en sleets aan. Ook de bebouwing langs de boulevard laat aan kwaliteit te wensen over. Ingrepen in de openbare ruimte en ontwikkelingen op strategische locaties zijn nodig om van de Noordkust een jaarrond bruisend economisch cluster te maken. Ook kan hiermee een goede bijdrage worden geleverd aan klimaatadaptatie en verduurzaming. Kortom; het potentieel van de unieke ligging tussen kust en duinen wordt onvoldoende benut.

Hoewel er veel ambities en kansen zijn, blijven daadwerkelijke activiteiten en investeringen achter.

Figuur 1: verbeelding van de versnippering en barrières tussen functies in de Noordkust

Opgaven Het bundelen van specifieke voorzieningen op bepaalde plekken in de kuststrook brengt mensen bij elkaar, ook op minder mooie dagen. Hier liggen kansen voor koppelingen van indoor en outdoor, en slimme combinaties tussen strand en het ‘achterland’.

4

Bijvoorbeeld vanaf het circuit, via de boulevards Barnaart en Fauvage naar het dorp. De evenementen zijn er, maar vaak nog kleinschalig en dorps van karakter. We zien voor de Noordkust kansen voor aansprekende internationale evenementen met jaarrond gebruik. En ook voor de ontwikkeling van een watersportcentrum voor bijvoorbeeld (kite)surfen, suppen, kanoën en raften. De durfsport hoeft niet beperkt te blijven tot watersport, maar kan juist breder getrokken worden door ook op het circuit of op specifieke plekken in het duinlandschap extreme sporten aan te bieden. De Noordkust is de enige plek in Zandvoort waar nog ruimte is voor serieuze gebiedsontwikkeling. Denk hierbij aan het toevoegen van hotels, ruimte voor brede zakelijke dienstverlening, met eventueel een congrescentrum en het aantrekken van een (internationaal) toonaangevende bezoekerstrekker. Op enkele plekken langs de Noordkust, met name op het stuk boulevard tussen de rotonde en het Palace Hotel, is mogelijk ruimte voor woningbouw (door optoppen, aanbouwen en herontwikkeling). Ook de openbare ruimte vraagt om vernieuwing om jaarrond aantrekkelijk te zijn. De boulevards kunnen hoogwaardiger worden met voldoende rust- en ontmoetingsplekken en veilige wandel- en fietsroutes die voor zoveel mogelijk mensen toegankelijk zijn.

Daarnaast zijn er kansen voor een smart mobility hub met mobiliteitsdiensten, deelauto’s, deelfietsen, (e-)scooters en shuttlediensten (op piekdagen) in combinatie met een HOV-verbinding. De zuid- en midden boulevard zijn de afgelopen jaren al aangepakt en nu moet de noord-boulevard volgen. Om te zorgen dat Zandvoort aantrekkelijk is voor alle doelgroepen, moeten verschillende gebieden met een eigen karakter ontwikkeld worden. We zien kansen voor drie verschillende sfeergebieden langs de hele kust. Rond de Noord-boulevard zien we vooral kansen in de sfeer ‘stoer en ondernemend’: de sfeer is stedelijk, metropolitaan. Het is niet gepolijst, maar een beetje ruw, robuust, flexibel en het hele jaar is er levendigheid.

1.2 Doel project Het doel is een gebiedsgericht omgevingsprogramma te maken, bestaande uit een gedragen ontwikkelperspectief en ontwikkelstrategie. Het ontwikkelperspectief is een ruimtelijk-programmatisch kader voor de verdere ontwikkeling van de onderdelen openbare ruimte, voorzieningen en bebouwing- van de Noordkust. Het omgevingsprogramma maakt de ambities uit de omgevingsvisie concreter voor de Noordkust en biedt een kader waarbinnen initiatiefnemers van binnen én buiten Zandvoort makkelijker tot ontwikkeling over kunnen gaan. Het vormt de basis voor nog weer concretere uitvoeringsdocumenten zoals het omgevingsplan, programma’s van eisen voor de leefomgeving en omgevingsvergunningen.

1.3 Afbakening Op afbeelding 2 is het projectgebied voor omgevingsprogramma Noordkust weergegeven. Het omvat de hele Boulevard Barnaart, van de grens met Bloemendaal tot aan het Palace Hotel. Het circuit, camping de Duinrand, Roompot, Centerparcs, de

5

achtkantige paviljoens en de kenmerkende wooncomplexen die schuin gepositioneerd zijn langs de Boulevard Barnaart maken ook allemaal deel uit van het projectgebied. Naast het concrete projectgebied is er ook een breder onderzoeksgebied gedefinieerd, dat zich uitstrekt tot het NS-station en het Nationaal park Zuid-Kennemerland. Het projectgebied is het gebied waar we concrete ontwikkelingen voorzien vanuit het omgevingsprogramma. Dat is niet het geval voor het onderzoeksgebied. Dit gebied is relevant omdat er een sterke relatie is met de opgaven in de Noordkust, en het belangrijk is om de verantwoordelijke en betrokken instanties aan tafel te krijgen voor de ontwikkeling. Naast omgevingsprogramma Noordkust, wordt aan omgevingsprogramma Strand gewerkt en wordt bekeken of een omgevingsprogramma DuiNoord moet worden opgesteld. Er is een grijs gebied in de afbakening met beide andere omgevingsprogramma’s, die in de verdere uitwerking (deze lopen vooralsnog qua planning niet ver uit elkaar) uiteindelijk concreet gemaakt zal moeten worden. Het betreft hier de strook waarbinnen de verschillende strandpaviljoens zijn gesitueerd, waar de strandhuisjes jaarlijks worden opgebouwd en de parkeerplaatsen bij het circuit. Dit gebied is vooralsnog onderdeel van zowel het omgevingsprogramma strand, DuiNoord als Noordkust.

Dat is in dit stadium ook geen probleem, zolang de programma’s elkaar niet tegenspreken. Afstemming tussen beide programma’s wordt gewaarborgd, omdat er overlap is in de bezetting van de projectgroepen.

Figuur 2: projectgebied omgevingsprogramma Noordkust

6

2.

Uitgangspunten en randvoorwaarden Juridisch kader omgevingsprogramma Sinds 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Dit betekent dat de beleidscyclus is veranderd en gemeenten andere wettelijke instrumenten hebben. Zo is de structuurvisie vervangen door de omgevingsvisie, de bestemmingsplannen door het omgevingsplan en nota’s, visies, masterplannen etc. door omgevingsprogramma’s. Er worden verschillende omgevingsprogramma’s uitgewerkt in Zandvoort, waaronder voor de Noordkust. Het omgevingsprogramma is bedoeld om de abstracte ambitie, doelstellingen en opgaven uit de omgevingsvisie klaar te zetten voor doorwerking in het omgevingsplan of uitvoeringsdocumenten. Er zijn verplichte en onverplichte (vrijwillige) programma’s. Er is geen wettelijke grondslag om een programma Noordkust te hebben. Het gaat hier om een onverplicht, vrijwillig programma. Daarmee zijn thematisch, sectorale, opgavegerichte en gebiedsgerichte programma’s mogelijk. Het programma Noordkust wordt een gebiedsgericht programma. Op grond van artikel 3.4 Omgevingswet is het college bevoegd om een programma vast te tellen.

Artikel 3.5 bepaalt dat een omgevingsprogramma een uitwerking bevat van: - het te voeren beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming of het behoud van de fysieke leefomgeving; - maatregelen om aan een of meer omgevingswaarden te voldoen of een of meer andere doelstellingen voor de fysieke leefomgeving te bereiken. Het omgevingsprogramma moet grotendeels de visies, plannen, nota’s en beleidsregels vervangen, voor zover ze betrekking hebben op de fysieke leefomgeving in het plangebied van Noordkust. Ruimtelijke kaders Omgevingsverordening Provincie Noord-Holland 2022 De Omgevingsverordening van de provincie Noord-Holland bevat specifieke regels voor het circuit en strand in Zandvoort, vooral gericht op stikstofuitstoot, natuurbescherming, bereikbaarheid en het reguleren van recreatieve activiteiten. Het strand en circuit liggen in de nabijheid van Natura 2000-gebieden en het Natuurnetwerk Nederland. Activiteiten mogen geen significante negatieve effecten hebben op deze natuurgebieden. Geluid en emissies moeten binnen de vergunde kaders blijven, en uitbreiding van bebouwing buiten het bestaande bestemmingsvlak is niet toegestaan. Het gebruik van motorvoertuigen, waterscooters of andere lawaaiige activiteiten op of bij het strand kan vergunningplichtig zijn. Het circuit mag niet meer stikstof uitstoten dan vastgelegd in de natuurvergunning van 2019.

Om dit te waarborgen, geldt een jaarlijkse rapportageplicht en voert de provincie na drie jaar een evaluatie uit. Extra reductiemaatregelen zijn niet opgelegd, omdat de huidige vergunning al strenger is dan de oorspronkelijke ruimte. Op het gebied van mobiliteit stimuleert de provincie duurzame bereikbaarheid. Bij grote evenementen, zoals de Formule 1 of festivals, moet een mobiliteits- en natuurbeschermingsplan worden ingediend. Alle activiteiten moeten passen binnen de provinciale kaders voor natuur en milieu.

7

Omgevingsvisie Zandvoort 365 dagen aantrekkelijk (2021/503631) De uitgangspunten en opgaven die volgen uit de omgevingsvisie zijn voor de Noordkust concreter gemaakt in de ‘schijf van vijf’: de vijf thema’s binnen de leefomgeving waarmee in Zandvoort wordt gewerkt. •

Economie: een jaarrond bruisend economisch cluster o Uitbreiden van economisch-toeristische activiteiten langs de Noord-boulevard waarin strandbezoek gecombineerd wordt met congressen, evenementen en zakelijke diensten. o Ontwikkelen van watersport- en durfsportactiviteiten langs de kuststrook, in combinatie met extensieve sport in het duingebied voor hiken, hardlopen, fietsen, mountainbiken. o Racecircuit doorontwikkelen tot een (inter)nationaal economisch cluster met autosport in combinatie met brede zakelijke dienstverlening (congres) en publieksevenementen. o Kansen voor hotelontwikkeling gekoppeld aan de nieuwe economischetoeristische activiteiten, afgestemd met andere hotelontwikkelingen in en rond Zandvoort.

•

Samenleving: gastvrij voor allerlei (inter)nationale bezoekers o Noord-boulevard ontwikkelen voor gastvrij onthaal van en (inter)nationale en regionale bezoekers voor strand en evenementen en durfsport. o Noord-boulevard aantrekkelijker maken voor ontmoeting van (jongere) doelgroepen langs het strand, in combinatie met durfsport, autosport, manifestaties en evenementen. o Zakelijke doelgroepen verbinden met de herontwikkeling van de sportvelden tot gemengd, modern multisportcentrum voor combinatiebezoek met circuit en strand.

•

Ruimte: hoogwaardige uitstraling van bebouwing en routes o Noord-boulevard en omgeving ontwikkelen met een meer hoogwaardige, metropolitane maar ook groene uitstraling met een samenhangende ontwikkeling van strand, Noord-boulevard, circuit en tussenliggend gebied als één landschappelijk geheel. o Voor extra permanent wonen is weinig plek, behalve mogelijk bij de kenmerkende wooncomplexen die schuin gepositioneerd zijn langs de Boulevard Barnaart (bijv. door deze op te toppen of uit te breiden). Op één of twee plekken langs de kust is nieuwe bebouwing voor tijdelijk verblijf wellicht mogelijk met bijzondere aandacht voor architectuur, duurzaamheid en uitstraling. Open zichtlijnen blijven zo veel mogelijk gehandhaafd. o Verbeteren kwaliteit van de openbare ruimte, met betere wandel- en fietsroute(s) langs de kust, met rustplekken, sport- en spelaanleidingen en duidelijke strandtoegangen.

•

Duurzaamheid: innovaties op duurzame energie en circulariteit o Vergroenen van de openbare ruimte met integratie van parkeren, waterdoorlatende verharding, en groene rustplekken.

8

o Voor de lange termijn nader onderzoeken van de mogelijkheden voor een zeewaartse verbreding van strand- en duinen ten behoeve van waterveiligheid en kustverdediging. o Hoogste niveaus van duurzaamheid voor nieuwe bebouwing in duurzame energie, circulaire materialen, groene gevels en daken en innovatieve uitstraling. o Gebruik, opwekking, opslag van duurzame energie op en rond het circuit voor duurzame autosport, zonnedaken op bebouwing en energiewinning op de retentievijvers. •

Mobiliteit: integreren van auto’s en smart mobility o Parkeercapaciteit langs de boulevard zo veel mogelijk handhaven, maar het zicht op auto’s wegnemen door parkeren te integreren in zeewaartse duinverbreding (deels ondergronds, verdiept of onder een verhoogd maaiveld) of deze plekken op een andere plek nabij de boulevard te bundelen. o Ontwikkelen van een parkeerterrein P-De Noord in relatie tot strand en circuit, waarbij we de parkeercapaciteit rond de Noord-boulevard vergroten en het dorp ontlasten. o Ontwikkelen van één of twee mobiliteitshubs rond HOV-halten met mogelijkheden voor deelfietsen (elektrisch), e-scooters, shuttlediensten en andere vormen ‘smart mobility’. o Doorgaande wandel- en fietsroutes richting NS-station en het centrum met winkels, horeca en culturele functies veiliger, groener en aantrekkelijker inrichten.

Toeristische visie Zandvoort 2040 en Actieagenda toerisme en recreatie (2024/51998) De Noordkust wordt in de toeristische visie gepositioneerd als een gebied waar natuur, sport en recreatie samenkomen. De belangrijkste ambitie is om de Noordkust jaarrond aantrekkelijker en levendiger te maken, met behoud van de natuurlijke kwaliteiten. Dit betekent: - investeren in hoogwaardige voorzieningen, zoals strandpaviljoens en faciliteiten voor actieve recreatie, waaronder kitesurfen en golfsurfen; - duurzaamheid en natuurbescherming centraal stellen: alle ontwikkelingen moeten passen binnen ecologische randvoorwaarden; - spreiden van drukte door bezoekers beter te verdelen over het strand en duurzame mobiliteit te stimuleren; - inzetten op een divers aanbod van evenementen en activiteiten, ook buiten het zomerseizoen. Overige beleidsdocumenten Onderstaande documenten worden het meest relevant geacht bij het opstellen van het omgevingsprogramma: • Convenant 2022-2025 Samenwerken aan een robuuste economie in Zandvoort (OBZ en gemeente Zandvoort) (2021/577423) • Cultuurnota Zandvoort (2021/655045) • Economische Visie Zandvoort deel 2, inclusief actieagenda 2019 (2019/33094) • Kwaliteitsimpuls Zandvoort Racefestival (2023/1930538) • Vaststellen Optimalisatie Ondernemers - Innovatiefonds Zandvoort (2024/1922074)

9

• • • • • • • • • • • •

Reclamebeleid deel 2 (2024/323929) NOG AANGEHOUDEN Actieplan Geluid 2024-2028, Omgevingsdienst IJmond (2024/1938595) Aangaan convenant Regiodeal MRA West Beter in Balans (2024/1692699) Actualisatie van de Zuid-Kennemer Agenda 2023 (2023/1886010 ) Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur (2024/495209) Speelruimteplan 2021 (2021 / 362540) Nota Bodembeheer 2023 – 2033 (2023/217892) VTH-milieu en VTH- strategie milieu 2023-2026 (2023/500329) Herijking Regionale Energie Strategie Noord-Holland Zuid (RES NHZ) 2024 (2024/593841) Transitievisie warmte (2021/599009) Duurzaam afvalbeheerplan 2019-2025 (2018/883604) Beleidsplan Duurzaam Zandvoort 2023 – 2026 (2023/471437)

10

3.

Omgeving en raakvlakken 3.1 Gebiedsanalyse De Noordkust: een gebied van nationale betekenis De Noordkust vervult zowel op regionaal als nationaal niveau een belangrijke functie binnen het Nederlandse kust- en duinlandschap. Regionaal vormt het gebied een essentieel onderdeel van de duinen van Kennemerland, waarin natuur, recreatie en veiligheid samenkomen. De duinen en stranden maken deel uit van een samenhangend ecosysteem dat een leefgebied biedt aan diverse karakteristieke soorten en een belangrijke schakel vormt binnen het Natuur Netwerk Nederland en het Natura 2000gebied Kennemerland-Zuid. Ook is de Noordkust een geliefde recreatiezone voor inwoners van de regio ZuidKennemerland, Amsterdam, de bredere regio IJmond en internationale toeristen. Het gebied biedt ruimte voor strandgebruik, natuurbeleving, evenementen waaronder de F1 en diverse vormen van dagrecreatie, waardoor het een belangrijke regionale, landelijke en internationale voorziening is. Tegelijkertijd dragen de duinen als primaire waterkering substantieel bij aan de bescherming van het omliggende achterland tegen overstromingen en zeespiegelstijgingen, waarmee zij een cruciale rol spelen in de regionale en landelijke waterveiligheid.

Relatie met buurgemeente Bloemendaal De ontwikkeling van de Noordkust in Zandvoort heeft directe raakvlakken met de gemeente Bloemendaal, omdat beide gemeenten onderdeel zijn van één samenhangend kust- en duinlandschap. Ecologisch gezien behoren de duinen tot hetzelfde Natura 2000gebied Kennemerland-Zuid en het Natuur Netwerk Nederland. Ook op het gebied van kustveiligheid is sprake van gedeelde verantwoordelijkheid. De duinen vormen één primaire waterkering voor Zuid-Kennemerland; maatregelen zoals kustlijnbeheer, strandverbreding of ruimtelijke ingrepen in de duinvoet moeten daarom gebiedsbreed worden afgestemd. Daarnaast functioneren de stranden van Zandvoort en Bloemendaal aan Zee in de praktijk als één recreatief systeem. Veranderingen in Zandvoort – zoals uitbreiding van voorzieningen, verwachte bezoekersstromen of evenementen – hebben directe gevolgen voor recreatieve druk en de mobiliteit in Bloemendaal. Dit geldt eveneens voor verkeers- en parkeermaatregelen, gezien de gedeelde routes en toegangspunten tot het kustgebied. De Noordkust als stadrand De Noordkust is een veelzijdig gebied met bijna 2 kilometer aan kust en boulevard, een racecircuit, bungalowparken, woongebieden en sportvelden.

Het gebied beantwoordt niet aan het typische beeld van een gezellige badplaats met zon, zee en strand, maar heeft desalniettemin een vooraanstaande positie in de toeristische economie van Zandvoort en daarbij is het circuit een krachtig visitekaartje met een enorme reikwijdte.

11

Veel meer dan een comfortabel slentergebied voor de badplaatsbezoeker te voet, is het een gebied met (vaak grootschalige) doelbestemmingen die vooral per auto bereikt worden. Bijzonder aan het gebied is dat het eigenschappen heeft van een stadsrand. Het gebied is sterk gezoneerd en bestaat uit grote, monofunctionele zones die nauwelijks met elkaar in verbinding staan. Tegelijkertijd is het onderdeel van de badplaats Zandvoort. Dit laatste is soms heel duidelijk, zoals in Center Parcs, en soms meer ongrijpbaar, zoals op het circuit waar je bezoekers ziet dwalen op zoek naar de receptie. Het karakter van een stadsrand is op zichzelf niet problematisch of ongewenst. De Noordkust is juist het gebied waar de badplaats zich zou kunnen ontwikkelen op basis van doelbestemmingen, waar bezoekers geen last hebben van gebrek aan interactie tussen bungalowparken en bijvoorbeeld het circuit. Ruimtelijk en programmatisch is de Noordkust enigszins ongrijpbaar. Anno 2025 is verblijf in het gebied vaak vluchtig en is de openbare ruimte weinig aantrekkelijk. Deze ontsluit vooral de verschillende bestemmingen in het gebied, het strand voorop. De Boulevard Barnaart is per saldo een parkeerplaats voor bezoekers van het strand.

De verdere bestemmingen zoals het circuit, de camping of bungalowparken, zijn bestemmingen aan de Nederlandse kust maar zonder een heel duidelijke en prettige relatie met het strand of de boulevard. Interactie of synergie tussen verschillende voorzieningen en de publieke ruimte is beperkt. Voorzieningen presenteren zich daarbij weinig uitnodigend. De openbare ruimte is vooral praktisch, op bereikbaarheid per auto ingericht. In het licht van de ambitie om van Zandvoort een 365-dagen-per-jaar-aantrekkelijke badplaats te maken, is aan de Noordkust waardevol werk te verzetten. Aard, koers of aanpak in nieuwe ontwikkelingen zijn echter niet zomaar te formuleren. Een ruimtelijk milieu zoals dat waaraan centraal in het dorp wordt gewerkt, met de bezoeker (en bewoner) te voet als belangrijkste gebruiker van de publieke ruimte binnen een veelzijdig aanbod aan voorzieningen, is aan de Noordkust geen vanzelfsprekend uitgangspunt. Een diepere verkenning moet uitwijzen wat passend is voor de Noordkust.

3.2 Stakeholders Er zijn verschillende eigenaren en initiatiefnemers in de Noordkust, met grotere of kleinere toekomstplannen. Er is investeringsbereidheid bij (een deel van de) strandtenthouders, hoteleigenaren en dergelijke. Het is van belang dat er een overkoepelend ontwikkelperspectief komt voor de Noordkust, aan de hand waarvan plannen ontwikkeld kunnen worden die bijdragen aan het uiteindelijke eindbeeld voor het gebied. Een dergelijk perspectief ontbreekt nu, waardoor deze initiatieven niet goed kunnen worden beoordeeld. Het is belangrijk dat het ontwikkelperspectief in afstemming met deze eigenaren en initiatiefnemers wordt opgesteld, zodat er rekening kan worden gehouden met hun belangen en er niet gewacht hoeft te worden met ontwikkelingen totdat er een geheel vastgesteld omgevingsprogramma is. Door contact te houden kunnen sommige initiatieven parallel aan het opstellen van het omgevingsprogramma tot stand komen. Wel is het zo dat belangen kunnen botsen en er mogelijk keuzes gemaakt moeten worden waar niet iedereen het mee eens is. De gemeente is uiteindelijk verantwoordelijk om de finale afweging te maken.

12

Gezien de (inter)nationale en regionale betekenis van de Noordkust, is het ook van belang partijen als de provincie Noord-Holland, MRA, Staatsbosbeheer, PWN, Natuurmonumenten, het Ministerie van IenW en het Ministerie van LVVN, Rijkswaterstaat, de NS en buurgemeenten Bloemendaal en Haarlem te betrekken. Ook is het interessant om te kijken of er op internationaal/Europees niveau programma’s (en subsidies) zijn die ten goede van de Noordkust kunnen komen. Natuurlijk worden inwoners van Zandvoort ook betrokken, en is het nuttig om bezoekers en toeristen te bevragen. Daarnaast zijn er ook partijen die nog niet actief zijn in de Noordkust, maar die wel een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van het gebied. Denk bijvoorbeeld aan de Watersportbond in relatie tot de ambitie om een watersportcentrum in de Noordkust te realiseren. Welke partijen hier nog meer bij horen, moet de diepere verkenning (1e stap in totstandkoming omgevingsprogramma, zie 5.1) uitwijzen. Tot slot is het waardevol om het Q-team Kustzone Zandvoort te betrekken bij de ontwikkeling. Dit onafhankelijke team is in 2018 opgericht om gevraagd advies te geven over het transformatieproces van de Zandvoortse kustHet Q-team heeft in aanloop naar deze startnotitie een advies uitgebracht over de aanpak, en heeft aangeboden mee te blijven denken. De adviezen van het Q-team zijn niet bindend.

3.3 Gemeentelijke raakvlakprojecten In onderstaande tabel 3.1 worden Zandvoortse projecten genoemd die raakvlakken hebben met omgevingsprogramma Noordkust. Tabel 3.1 raakvlakprojecten

Raakvlakproject

beschrijving

Entreegebied

Het project Entreegebied Zandvoort richt zich op het verbeteren van het gebied tussen het station en de boulevard, zodat het een aantrekkelijk en gastvrij visitekaartje van Zandvoort wordt. Het plan omvat de herinrichting van de openbare ruimte met duidelijke looproutes naar het strand, de bouw van circa 40 betaalbare woningen, de uitbreiding van het Palace Hotel en de herontwikkeling van het Dolfiramaterrein. Daarnaast komen er nieuwe voorzieningen zoals winkels, extra (deels ondergrondse) parkeervoorzieningen en een aantrekkelijk plein bij het hotel. Het doel is om de verbinding tussen station en boulevard te versterken, de uitstraling van het gebied te verbeteren en ruimte te creëren voor wonen, ondernemen en verblijven.

Haalbaarheidsonderzoek vaste kiosken

Het plan voor de vaste kiosken in Zandvoort houdt in dat de huidige mobiele snack- en viswagens op de boulevard en pleinen worden vervangen door vaste, modulaire kiosken. Dit moet zorgen voor een aantrekkelijkere en meer uniforme uitstraling van de openbare ruimte, minder

13

Raakvlakproject

beschrijving verkeersbewegingen en uitstoot door het dagelijks aan- en afvoeren van wagens, en een duurzamere exploitatie. De kiosken worden op vaste locaties geplaatst, zoals langs de boulevard en op belangrijke pleinen, en krijgen een flexibel, verplaatsbaar ontwerp. Het plan is tot stand gekomen in overleg met standplaatshouders en is door de gemeenteraad goedgekeurd.

Herinrichting midden boulevard

De herinrichting van Boulevard Midden (Boulevard De Favauge) in Zandvoort is bedoeld om de boulevard een moderne, gastvrije uitstraling te geven en deze jaarrond aantrekkelijk te maken voor bewoners en bezoekers. Het ontwerp krijgt een slingerende vorm met meer groen en duinbeplanting, nieuwe zitplekken en voorzieningen voor sport en spel. Er komen twee wandelroutes: een rustige route aan zee en een bredere, slingerende route voor drukke dagen. De inrichting biedt ruimte voor evenementen, maar ook beschutte plekken voor rust. Daarnaast wordt de boulevard beter verbonden met de andere delen van de kustzone en omliggende projecten zoals het Badhuisplein en het Entreegebied. De uitvoering start naar verwachting eind 2026. De Boulevard Barnaart dient straks goed aan te sluiten op De Favauge.

Strandlift

Mogelijk komt er op het Badhuisplein een lift naar het strand. De exacte locatie van de strandlift in Zandvoort is nog niet definitief bepaald. De gemeenteraad heeft geld vrijgemaakt voor een pilot op een plek langs de boulevard, maar het college onderzoekt momenteel welke locatie het meest geschikt is. Het gaat dus om een proefopstelling waarbij de lift bezoekers van de boulevard naar strandniveau brengt, waarna een plankier toegang tot de zee mogelijk maakt. Het uiteindelijke doel is om, afhankelijk van de resultaten, op termijn meerdere liften op verschillende locaties te realiseren.

Duinverbreding Rijnland

De duinverbreding bij Zandvoort, uitgevoerd door het Hoogheemraadschap van Rijnland, maakt deel uit van een breder kustversterkings- en natuurherstelproject. Het doel is om de kust te versterken en zo voorbereid te zijn op de verdere zeespiegelstijging en tegelijkertijd de natuurwaarden van het duingebied te versterken. De kern van het project is het verbreden van de zeereep door extra zand aan te brengen, zodat de duinen beter bestand zijn tegen stormen en erosie. Dit zorgt niet alleen voor waterveiligheid, maar ook voor meer ruimte voor dynamische natuurontwikkeling, zoals stuivende duinen en een gevarieerd duinlandschap. Het project wordt uitgevoerd

14

Raakvlakproject

beschrijving in samenwerking met partners zoals Rijkswaterstaat, Staatsbosbeheer en de gemeenten in de regio. Daarnaast wordt gekeken naar de zone van duinaangroei en de impact op strandbebouwing. Rijnland is hierover in gesprek met betrokken partijen, waaronder eigenaren van strandpaviljoens, om afspraken te maken over de breedte van deze zone en het moment van inwerkingtreding.

Omgevingsprogramma Strand (incl. circuit, Beachhouse en Bernie’s)

Het omgevingsprogramma Strand Zandvoort bundelt alle regels en ambities voor het strand, de aangrenzende boulevard en een deel van de Noordzee in één integraal programma. Het doel is een toekomstbestendig strand dat aantrekkelijk, veilig en duurzaam is, met ruimte voor recreatie, natuur en ondernemerschap. Belangrijke uitgangspunten zijn het waarborgen van het openbare karakter van het strand, het stimuleren van duurzame exploitatie en het bieden van flexibiliteit voor nieuwe initiatieven zoals strandbungalows en sportvoorzieningen, mits deze passen binnen ecologische kaders.

Omgevingsprogramma of project DuiNoord

Er ligt een voorstel om dit omgevingsprogramma op te gaan stellen. Hier moet nog een bestuurlijk besluit over genomen worden. Dit omgevingsprogramma grenst aan de Noordkust. Het richt zich op uitbreiding en modernisering van het bestaande sportcomplex in Zandvoort-Noord. Doelen zijn om een multifunctioneel sportpark te ontwikkelen dat inspeelt op de groeiende vraag naar sport- en beweegvoorzieningen en mogelijkheden voor woningbouw te onderzoeken.

15

4.

Juridisch 4.1 Eigendomsgrenzen Een groot deel van het gebied is in eigendom van de gemeente Zandvoort, maar er zijn belangrijke uitzonderingen. Het strand is eigendom van het Rijk (beige) en het Nationaal Park Zuid-Kennemerland (groen) valt onder natuurbeheer (met diverse eigenaren). Daarnaast is Center Parcs eigenaar van een aanzienlijk perceel binnen het gebied (roze kleur ten zuiden van circuit). Dat is in figuur 3 geduid. Hoewel veel gronden formeel gemeentelijk eigendom zijn, is een groot deel uitgegeven in erfpacht. Deze erfpachtcontracten verschillen in looptijd en voorwaarden, wat de ontwikkelruimte beperkt. De huidige privaatrechtelijke afspraken zijn vaak gedetailleerd en locatiegericht, waardoor grootschalige herontwikkeling lastig is. Dit maakt het noodzakelijk om bij toekomstige plannen rekening te houden met bestaande rechten en om, waar nodig, afspraken te herzien of uit te ruilen. Het gaat hierbij om het circuit Zandvoort (blauw), de slipschool (lichtblauw), camping de Duinrand en Roompot (roze percelen langs het strand).

Figuur 3: eigendomssituatie in de Noordkust

16

4.2 Omgevingsplan Het omgevingsplan is de juridische doorvertaling van de omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s voor de fysieke leefomgeving. Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 heeft Zandvoort een gemeente dekkend omgevingsplan van rechtswege. Dit omgevingsplan van rechtswege omvat alle voormalige bestemmingsplannen, de bruidsschatregels vanuit het Rijk en verschillende verordeningen. De Noordkust wordt momenteel gereguleerd door een complexe set van bestemmingsplannen en omgevingsregels die grotendeels een conserverend karakter hebben. Dit betekent dat de bestaande plannen vooral gericht zijn op het behouden van de huidige situatie en slechts beperkte ruimte bieden voor nieuwe ontwikkelingen. De belangrijkste geldende plannen (figuur 4) zijn: • Bestemmingsplan Recreatiepark (2011) • Bestemmingsplan Circuitgebied (2005) • Bestemmingsplan Strand en Duin (2009) • Bestemmingsplan Boulevard Noord (2009) • Omgevingsplan Strand (2023) Deze plannen bevatten veel gedetailleerde regels die vaak niet op elkaar zijn afgestemd. Daardoor ontstaan tegenstrijdigheden tussen verschillende beleidsvelden en regelgeving, wat integrale gebiedsontwikkeling bemoeilijkt. Bovendien zijn de plannen sterk gericht op kleinschalige initiatieven en laten ze weinig ruimte voor grootschalige of innovatieve projecten.

Het omgevingsprogramma is de opmaat naar het creëren van ruimte voor grootschalige ontwikkelingen en om meer lijn te brengen in het beleid. Dat moet dan uiteindelijk bestendigd worden in een nieuw omgevingsplan, die ter vaststelling aan de gemeenteraad moet worden voorgelegd.

Figuur 4: bestemmingsplannen en omgevingsplan in de Noordkust

17

5.

Naar een ontwikkelperspectief De omvang van het gebied, van de opgaven, de breedte van het stakeholderveld, de belangen die er spelen, vragen om eerst een bredere (en diepere) verkenning te doen van de uitdagingen en kansen in het projectgebied. Een belangrijke vraag hierbij is hoe het gebied gepositioneerd kan worden: wat is de betekenis van het gebied lokaal (voor Zandvoort en Bloemendaal) en regionaal? En hoe kan het gebied in de volle breedte bijdragen aan de opgaves op de verschillende schaalniveaus, van de gemeente Zandvoort, de provincie tot het Rijk? Welke partijen en gremia komen dan in beeld? Welke stakeholders zijn relevant en vooral, welke partijen kunnen aangehaakt worden, die nu nog niet in het vizier zijn? De opdracht is vervolgens om na deze verkenning en inventarisatie een ontwikkelperspectief te formuleren in een aantal mogelijke scenario’s en per scenario een (ontwikkel)strategie te schetsen met bijhorend proces. Bij keuze van een voorkeursscenario is dan ook meteen de te volgen ontwikkelstrategie en het te doorlopen proces duidelijk. Zo kan de uitvoering na de keuze voor een voorkeursscenario meteen ter hand worden genomen. Deze taak – verkennen, inventariseren, formuleren ontwikkelperspectief en schetsen strategie en proces – kan het beste uitgevoerd worden door in dit soort opgaven gespecialiseerde bureaus. Het Q-team kan adviseren over passende partijen.

Belangrijk is dat er namens deze bureaus een persoon naar voren geschoven wordt die optreedt als kwartiermaker. Die persoon heeft ruime ervaring op het gebied van gebiedsontwikkeling, opereert met gezag en fungeert tevens als verbinder. Want in een dergelijk proces, waar zoveel partijen bij betrokken zijn en een veelheid aan opgaven verbonden dienen te worden, is het belangrijk dat het proces een gezicht krijgt.

5.1 Proces en participatie Na vaststelling van de startnotitie start het proces om te komen tot het omgevingsprogramma Noordkust. Omdat het hier gaat om een vrijwillig omgevingsprogramma is participatie verplicht. We onderscheiden twee fasen in het proces, bestaande uit de volgende stappen: Fase 1 – ontwikkelperspectief- en strategie Analyse - 6 maanden In deze fase wordt de analyse van het gebied, de actoren, de context en het beleid verder verdiept. Hiaten in informatie worden aangevuld, bijvoorbeeld door gesprekken met deskundigen of het laten uitvoeren van onderzoeken. Denk hierbij aan onder meer de volgende analyses: • • •

Actor-netwerkanalyse: wie beïnvloedt direct of indirect het probleem? Krachtenveldanalyse: wie heeft belang bij behoud of verandering? Ruimtelijke analyse: waar speelt het probleem zich af?

18

• •

Institutionele analyse: welke regels of prikkels werken positief of negatief? Kosten-batenanalyse: wat zijn de financiële consequenties?

Het resultaat is een overzicht van opgaven, kansen en bedreigingen, die verder richting geven aan de probleem- en doelstelling. Dit vormt de basis voor het formuleren van de scenario’s van een ontwikkelperspectief en bijbehorende ontwikkelstrategie en proces. Ook wordt de participatiestrategie in deze fase uitgewerkt. Dit wordt gedaan conform de Zandvoortse verordening participatie en uitdaagrecht 2024 zal leiden tot een communicatie- en participatieplan en -kalender. De verwachting is dat deze fase in de eerste helft van 2026 kan worden opgestart. Het begint met een uitvraag aan bureaus met (inter)nationale ervaring, die de regie nemen over het ontwerpend onderzoek. Een half jaar later wordt deze fase afgerond, met startbijeenkomst voor bewoners, ondernemers en betrokkenen in en rond het gebied. Optieverkenning - 6 maanden Op basis van de analyse worden verschillende ontwikkelscenario’s opgesteld. Deze worden besproken met partijen betrokken bij de Noordkust, om zo te ontdekken waar echte kansen liggen, en waar publiek en privaat belang optimaal op elkaar kunnen inspelen. De meest kansrijke opties worden samengevoegd tot een samenhangend ontwikkelperspectief met daaraan gekoppeld een ontwikkelstrategie.

Ook in deze fase is een breed participatiemoment voorzien en wordt de raad besluitvormend betrokken in de afweging of het nodig is om Fase 2 te starten, en de inzet van de benodigde middelen. Fase 2 – OER en opstellen omgevingsprogramma Realisatie (van het omgevingsprogramma) – 1 jaar In deze stap wordt het concept-omgevingsprogramma opgesteld. Dit gebeurt op basis van de gemaakte keuzes en binnen de gestelde randvoorwaarden. Het programma wordt uitvoeringsgereed gemaakt door aandacht te besteden aan: • • •

Rolverdeling en governance Financiering en juridische instrumenten Fasering en handhaving

Het concept wordt getoetst op rechtmatigheid, effectiviteit, uitvoerbaarheid en flexibiliteit. Daarna wordt het gereedgemaakt voor vaststelling, inclusief toegankelijkheid, digitale standaarden en monitoring.

19

Dit omgevingsprogramma is een uitwerking van de omgevingsvisie. Voor de omgevingsvisie is een OER uitgevoerd. Naast het omgevingsprogramma Noordkust willen wij ook starten met een omgevingsprogramma voor het strand. Voor beide omgevingsprogramma’s moet een OER worden opgesteld, waarbij zoveel mogelijk gebruik wordt gemaakt van de uitkomsten van de OER voor de omgevingsvisie. Op deze manier willen wij tijd, menskracht en budget besparen. Vaststelling Op grond van artikel 3.4 van de Omgevingswet is het college van B&W bevoegd om het omgevingsprogramma vast te stellen. De wet kent hierbij geen besluitvormingsrol toe aan de gemeenteraad. Gezien de strategische impact van dit omgevingsprogramma is het belangrijk dat de raad een centrale rol heeft voorafgaand aan de vaststelling door het college. De raad wordt in positie gebracht door de raad te vragen wensen en bedenkingen kenbaar te maken. Het proces ziet er in dat geval als volgt uit: Nadat het omgevingsprogramma is opgesteld, legt het college van B&W het ontwerpomgevingsprogramma ter inzage. Tijdens deze periode kunnen zienswijzen worden ingediend. Deze zienswijzen kunnen aanleiding geven tot aanpassing van het ontwerp. Vervolgens wordt het ontwerp-omgevingsprogramma aan de raad voorgelegd. De raad wordt gevraagd wensen en bedenkingen ter kennis te brengen van het college.

Op basis van de raadsbehandeling kan het college aanpassingen doen. Daarna stelt het college het omgevingsprogramma vast. Het resultaat is een definitief omgevingsprogramma dat digitaal wordt gepubliceerd. Er volgt communicatie met betrokken actoren en, waar nodig, wordt het omgevingsplan aangepast aan het nieuwe beleid. Het omgevingsprogramma moet worden ontsloten via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Dit is verplicht om het omgevingsprogramma formele rechtskracht te geven. De opmaak is sober en biedt relatief weinig overzicht. Om de toegankelijkheid en leesbaarheid te vergroten, wordt daarnaast een identieke PDF-versie opgesteld met een overzichtelijke en aantrekkelijke vormgeving.

5.2 Rolneming gemeente In het kader van de sturingsfilosofie vanuit de omgevingswet, worden vier rollen onderscheiden. Wij verwachten dat wij alle vier de manieren van sturen moeten inzetten, maar hanteren daarbij een voorkeursvolgorde: 1. Faciliteren: wij willen dat initiatieven vanuit de samenleving zoveel mogelijk de ruimte krijgen. Daarbij is het belangrijk duidelijke kaders te hebben, waarbinnen initiatiefnemers hun activiteiten kunnen ontplooien. 2. Stimuleren: in zoverre er onvoldoende initiatieven vanuit de samenleving komen die bijdragen aan het behalen van de doelen, willen wij (mogelijke) initiatiefnemers stimuleren om met initiatieven te komen die aansluiten bij de doelen. 3. Zelf uitvoeren: in zoverre er vanuit de samenleving alsnog onvoldoende initiatieven komen om de doelen te bereiken, zal de gemeente zelf bijdragen aan 20

de uitvoering. Hierbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij reguliere ontwikkelingen. Voor doelen waarbij op voorhand geen initiatieven uit de samenleving zijn te verwachten (herinrichting openbare ruimte bijvoorbeeld), heeft deze filosofie de voorkeur. 4. Reguleren: als er geen initiatieven vanuit de samenleving komen en de gemeente is niet in staat om zelf tot uitvoering over te gaan, wordt overgegaan tot het stellen van regels. Deze strategie hoeft waarschijnlijk maar beperkt toegepast te worden. In ieder geval wel bij het borgen van de duinverbreding in de regels in het omgevingsplan.

21

6.

Risico's & kansen In een aantal focusgroepen is met beleidsadviseurs gereflecteerd op de sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen voor de herontwikkeling van de Noordkust. Dat is gedaan in groepen georganiseerd rond de thema’s uit de schijf van vijf. Tabel 6.1 risico's Risico

beschrijving

Juridische complexiteit en tegenstrijdige regels

Bestaande bestemmingsplannen en erfpachtcontracten beperken ontwikkelruimte; tegenstrijdigheden tussen beleid en omgevingsplan (bijv. vaartuigen, evenementen).

•

Veel disciplines (mobiliteit, duurzaamheid, economie, natuur) werken niet automatisch integraal met elkaar samen.

•

Gebrek aan voortgang door tegengestelde beleidskaders

beheersmaatregel

• •

• •

Onvoldoende participatie en draagvlak

Bewoners en ondernemers voelen zich niet gehoord

• •

Financiële onzekerheid

Hoge kosten voor ondergrondse parkeervoorzieningen, infrastructuur en kwaliteitsimpuls; afhankelijkheid van externe financiering.

•

•

•

Voer een juridische scan uit van alle geldende plannen en contracten. Stel een kaderkaart op waarin alle juridische beperkingen en beleidsdoelen visueel samenkomen. Start tijdig overleg met provincie en omgevingsdienst over Natura 2000 en stikstof. Richt een projectteam Noordkust met tweede schil van adviseurs in met mandaat en duidelijke rolverdeling. Gebruik een integrale planningskalender en wekelijkse afstemming. Reserveer ambtelijke capaciteit expliciet in de begroting. Maak een participatieplan met duidelijke spelregels (wat staat vast, waar is ruimte). Communiceer voordelen van maatregelen expliciet. Stel een meerjareninvesteringsagenda op met koppelkansen (MRA, provincie, Rijk, private investeerders). Gebruik fasering en quick wins (bijv. kiosken, wayfinding) om voortgang zichtbaar te maken. Onderzoek PPSconstructies (publiek-private samenwerking).

22

Risico

beschrijving

Ecologische en juridische beperkingen

Natura 2000, stikstofregels en kustverdediging beperken ontwikkelruimte; bezwaarprocedures vertragen uitvoering

beheersmaatregel •

•

•

Onrealistische ambities of scope

Te veel opgaven op één plek → vertraging en kostenoverschrijding.

• • •

Integreer ecologische toetsing in de planvorming (passende beoordeling). Werk met no-regrets maatregelen (routes, vergroening) die binnen kaders passen. Stem vroegtijdig af met Hoogheemraadschap en PWN over duinverbreding en natuurherstel. Gebruik prioritering (No-Regretslijst). Stel een helder kompas op en toets nieuwe initiatieven hieraan. Communiceer keuzes transparant naar raad en stakeholders.

Tabel 6.2 kansen Kans

beschrijving

Verzilveren

Koppelkansen met kustverdediging en natuurherstel

Duinverbreding door Hoogheemraadschap Rijnland en natuurherstel in de Noordduinen bieden momentum om recreatie, educatie en landschapsbeleving te integreren.

•

Duurzame mobiliteit en bereikbaarheid

OV-station, P-de Noord en circuitparkings bieden basis voor parkeren-op-afstand en fiets/OV-hubs.

•

•

•

Innovatie en branding

Positionering met focus op sport, werken, natuur en duurzaamheid.

•

•

Sluit vroegtijdig aan bij Rijnland en PWN om gezamenlijke planning en financiering te realiseren. Ontwikkel een integrale ontwerpvisie waarin waterveiligheid, natuur en recreatie samenkomen. Ontwikkel een mobiliteitsstrategie met concrete maatregelen (shuttles, hubs, fietsparkeren). Stem af met MRA en NS voor versterking OV-frequentie en marketing. Ontwikkel een communicatie- en marketingstrategie gekoppeld aan het omgevingsprogramma. Betrek ondernemers en Zandvoort Marketing in co-creatie van het merk Noordkust.

23

Kans

beschrijving

Regionale en private cofinanciering

Grote investeringsbereidheid vanuit markt (hotels, events) en koppelkansen met MRA/Rijk.

•

De Noordkust biedt zowel natuur als recreatie, en er zijn tal van mogelijkheden om dit verder te ontwikkelen in lijn met de trends en ambities van de MRA.

•

Recreatie

Verzilveren

•

•

Stel een meerjareninvesteringsagenda op met publieke en private bijdragen. Richt een PPS-constructie (publiekprivate samenwerking) in voor uitvoering. Samenwerken met MRA en provincie, ook voor het vinden van subsidie/financieringsbronnen. Analyse maken van ontwikkelingen in de toeristische sector, en daar op in spelen.

24

7.

Organisatie en financiën 7.1 Organisatie Gemeentelijke inzet Het omgevingsprogramma Noordkust wordt integraal tot stand gebracht. Dit betekent dat er veel mensen bij betrokken worden in een goed ingerichte projectorganisatie. De aansturing geschiedt in de samenwerking tussen de bestuurlijk opdrachtgever, ambtelijk opdrachtgever en de opdrachtnemer. Binnen de projectorganisatie wordt een onderscheid gemaakt tussen adviseurs in het projectteam en adviseurs die op een andere, minder intensieve manier betrokken zijn. Opdrachtgeverschap De driehoek van een bestuurlijk opdrachtgever, ambtelijk opdrachtgever en opdrachtnemer is een veelgebruikte structuur in projectmanagement en overheidsprojecten. Deze drie partijen hebben verschillende rollen en verantwoordelijkheden, en het is belangrijk dat deze goed worden afgebakend om een project soepel te laten verlopen. De bestuurlijk opdrachtgever is de verantwoordelijk portefeuillehouder. De bestuurlijk opdrachtgever geeft en bewaakt de strategische richting. De bestuurlijk opdrachtgever is eindverantwoordelijk en legt verantwoording af aan de politiek en het bestuur over de voortgang en de uitkomsten van het project. De ambtelijke opdrachtgever is verantwoordelijk is voor de dagelijkse leiding van het project. Deze persoon fungeert als de directe link tussen de bestuurlijk opdrachtgever en de opdrachtnemer.

De ambtelijk opdrachtgever zorgt dat de randvoorwaarden voor de uitvoering goed zijn geregeld (capaciteit, middelen) en stuurt op de GROTIK-aspecten (geld, resources, organisatie, tijd, informatie en kwaliteit). De ambtelijk opdrachtgever houdt de bestuurlijk opdrachtgever op de hoogte van de voortgang en eventuele knelpunten, en zorgt voor de juiste afstemming tussen de bestuurders en de opdrachtnemer. De opdrachtnemer is de procesmanager die de feitelijke uitvoering van het project op zich neemt. De opdrachtnemer stuurt het projectteam aan binnen de kaders die door de ambtelijk opdrachtgever zijn gegeven. De opdrachtnemer houdt de ambtelijk opdrachtgever op de hoogte van de voortgang van het project en levert de afgesproken resultaten. De opdrachtnemer is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de geleverde producten of diensten en voor het naleven van deadlines en budgetten. Projectorganisatie Het projectteam werkt samen aan het omgevingsprogramma en is verantwoordelijk voor de oplevering daarvan. Zij verzorgen samen de dagelijkse aansturing van het proces. De overige ambtelijk adviseurs leveren een bijdrage middels focusgroepen (voor inventarisatie/analyse) en haken soms aan voor advies. Zij worden betrokken vanwege

25

hun specifieke expertise. Denk hierbij aan thema’s als toerisme, economie, duurzaamheid, mobiliteit. Externe inzet Naast de ambtelijke inzet, wordt een in dit soort opgaven gespecialiseerde bureau ingehuurd. Een partij die gewend is voor zulke grote gebieden een ontwikkelperspectief met ontwikkelstrategie te maken, via scenario’s. Het is aan het bureau om de afweging te maken of zij een consortium samenstellen met partijen die specifieke kennis inbrengen op bijvoorbeeld het gebied van bewonersparticipatie. Ook wordt, in fase 2, een bureau ingeschakeld die gespecialiseerd is in het opstellen van een Omgevingseffectrapportage (OER) of een MER-rapport. De raming ziet toe op de looptijd van het volledige project.

7.2 Kostenraming Een deel van de ambtelijke inzet is geborgd onder reguliere werkzaamheden. Voor een deel is nog dekking nodig. In onderstaande tabel is het totaal aan budget weergegeven waar dekking voor moet worden gevonden. Partij Uren Fase 1: ontwikkelperspectief- en strategie Ervaren bureau (al dan niet in consortium) 1.248 Ambtelijke inzet 1.150

Uurtarief

Dagen

Uren/dag

Kosten (€)

€130 €117,48

156 144

8

€ 162.240 € 135.102

Subtotaal fase 1 Fase 2: OER en opstellen omgevingsprogramma Plan-MER bureau 700 €130 Commissie m.e.r. — — Ambtelijke inzet 1.104 €128,25

€ 297.342

87,5 — 138

8 —

Subtotaal fase 2 Totaal

€ 91.000 € 59.500 € 141.588 € 292.008 € 589.430

In totaal is de inschatting dat er een budget van €590.000 nodig is over de totale looptijd.

7.3 Dekking Er is reeds €45.000 exploitatiebudget beschikbaar in de begroting 2026. Met dit budget kunnen de eerste voorbereidende werkzaamheden worden opgestart. Het voorstel is om de overige benodigde €255.000 voor de eerste fase op te nemen in de strategische investeringsagenda 2026. In de tweede fase is het opstellen van de OER voorzien waarvoor naar schatting €150.000 nodig is, naast dekking voor €140.000 aan ambtelijke capaciteit. 26

Dit is een uitgave van gemeente Zandvoort, 23 december 2025

Tekst: Mirte van der Vliet, Fotografie: [Naam], Ontwerp: [Naam], Drukwerk: [Naam] ________________________________ Swaluëstraat 2 2042 KB Zandvoort Tel. 14 023 zandvoort.nl 27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16478287/1