CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Speelruimteplan Zandvoort 2021

Gemeenteraad 28 september 2021, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Speelruimteplan Zandvoort 20216.919 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Speelruimteplan Zandvoort 2021

1 augustus 2021

Inhoudsopgave Inhoudsopgave

2

Begrippenlijst

4

SAMENVATTING

5

1.

Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Leeswijzer

7

2.

Kaderstelling & randvoorwaarden

8

2.1

Kaderstelling

8

2.2

Randvoorwaarden

8

3.

Huidige situatie Zandvoort

9

4.

Missie en beleidsdoelstellingen

10

4.1

Missie

10

4.2

Beleidsdoelstellingen

10

5.

Beleidsdoelstellingen voor de speelruimte

11

5.1 Een uitnodigende, veilige en toegankelijke speelruimte om te bewegen, te ontwikkelen en te ontmoeten voor jong en oud

11

5.1.1

Een uitnodigende en aantrekkelijke speelruimte

11

5.1.2

Fysieke en sociaal veilige speelruimte

11

5.1.3

Spelen draagt bij aan de ontwikkeling van kinderen

11

2

5.2 Het streven naar een goed verdeeld en divers speelruimteaanbod voor verschillende doelgroepen

6.

5.2.1

Loslaten normstellingen en demografische cijfers

12

5.2.2

Speelruimte goed georganiseerd

12

5.2.3

Divers speelaanbod

14

5.3

Vergroening voor een klimaatadaptieve speelruimte

14

5.4

Een goede samenwerking met organisaties en inwoners bij speelruimte

15

Uitvoering

16

6.1

Uitvoeringsopgave 2021-2025: kosteninschatting

16

6.1.1

Beheer en onderhoudskosten

16

6.1.2

Koppeling aan het MIOP

16

6.1.3

Uitvoeringsopgave 2021-2025

16

6.1.4

Indicatie uitvoeringskosten

17

6.2

6.3

7.

12

Kaders voor uitvoering

17

6.2.1

Tijdspad en planning

17

6.2.2

De rol van inwoners en gebruikers

18

6.2.3

Uitvoeringskaders met betrekking tot het beheer

18

6.2.4

Evaluatie en kwaliteitsbewaking

19

Overzicht uitvoering

19

6.3.1

Zandvoort Noordoost

19

6.3.2

Zandvoort Noordwest

19

6.3.3

Zandvoort Zuid:

20

6.3.4

Bentveld

20

Bijlagen

21

3

Begrippenlijst Formele speelruimte De openbare speelvoorzieningen in beheer van de gemeente, een locatie die specifiek bedoeld is om te spelen en voorzien is van speeltoestellen. Informele speelruimte Een locatie waar geen speeltoestellen aanwezig zijn, maar waar wel kinderen worden geprikkeld om te spelen. Speel- en sportplekken Openbare speel- en sportplekken (speelplekken met sportfuncties) in de buitenlucht (geen overdekte voorzieningen, niet-openbare recreatiegebieden of afgesloten schoolpleinen), stoepen, (school) pleinen en parken die openbaar toegankelijk zijn. Semi- openbare speelplekken Semi-openbare speelplekken die toegankelijk moeten zijn voor kinderen en jongeren uit de buurt, bijvoorbeeld schoolpleinen. De blokplek Kleinere speelplekken, hier staan één of enkele speeltoestellen vaak dichter op de woningen. De buurtplek Dit is een grotere voorziening waar de buurt uitgenodigd wordt om samen te komen, te spelen, te bewegen én te ontmoeten. De wijkplek Dit zijn grotere buurtplekken met een buurtoverstijgend gebruik; kinderen en jongeren uit meerdere speelbuurten maken hier gebruik van. De vrije speelruimte Alle andere openbare ruimte die geen formele speelruimte is, maar waar kinderen kunnen spelen. Speelwaarde De mate van speelkwaliteit en speelduur van een speelplaats. Speelvoorzieningen Toestellen in de buitenruimte die zijn aangemerkt als speeltoestel.

Speelaanleidingen Natuurlijke elementen in de buitenruimte die kinderen uitdagen om te spelen zonder een bindende spelvorm. Urban sports Een verzamelnaam van verschillende sporten als BMX, free running, calisthenics, straatvoetbal en meer sporten die steeds meer beoefend worden in de buitenruimte.

4

SAMENVATTING De gemeente Zandvoort hecht veel waarde aan een uitdagende, veilige en aantrekkelijke openbare speelruimte. Dit speelplan biedt een kaderstellende visie en concrete beleidsuitgangspunten voor het spelen in de openbare ruimte en geeft inzicht in de uitvoeringsopgaven en gewenste ontwikkelingen voor Zandvoort. Aanleiding Het vigerende beleid voor openbare speelvoorzieningen is vastgelegd in de nota speel- en ontmoetingsplaatsen Zandvoort uit 2012. Zoals afgesproken, is het speelruimtebeleid geëvalueerd. Onderdeel van de evaluatie was ook een onderzoek naar de huidige speelruimte en aanbevelingen voor geactualiseerd beleid en toekomstige uitvoering. Dit is verwerkt in de Adviesnota spelen, bewegen en ontmoeten van februari 2020 van het adviesbureau Speelplan.1 Conclusie evaluatie De conclusie uit de evaluatie is dat het huidige areaal speelplekken gedateerd is en dat veel toestellen op korte termijn in aanmerking komen voor vervanging. Dit biedt een kans en ruimte om de speelruimte her te verdelen en te kijken naar alternatieven als vrije speelruimte of natuurlijk spelen en het streven naar grotere en centrale buurt- en wijkplekken. Missie speelruimteplan en 4 doelstellingen De missie uit de nota speel- en ontmoetingsplaatsen Zandvoort 2012 is in stand gehouden en aangescherpt.

De missie van gemeente Zandvoort is: "De gemeente Zandvoort richt de openbare ruimte zo in dat voor de jeugd (0-19 jaar) voldoende goed onderhouden speelvoorzieningen aanwezig zijn, verspreid over de Zandvoortse wijken, die aansluiten bij de leeftijd en behoeften van de kinderen. Zodat de jeugd wordt gestimuleerd om buiten te spelen, te sporten en elkaar te ontmoeten". Aan de hand van de missie zijn 4 doelstellingen opgesteld voor het speelruimteplan: 1. Een uitnodigende, veilige en toegankelijke speelruimte om te bewegen, te ontwikkelen en te ontmoeten voor jong en oud; 2. Het streven naar een goed verdeeld en divers speelruimteaanbod voor verschillende doelgroepen; 3. Het streven naar het vergroenen van de speelruimte voor een klimaatadaptieve speelruimte; 4. Een goede samenwerking met de kinderen, jeugdigen en inwoners bij speelruimte. Meer focus op wijk- en buurtplekken De speelruimte moet binnen de gemeente goed georganiseerd zijn. In het speelplan is uitgewerkt wat nodig is om te komen tot een goed georganiseerde, veilige speelruimte met een gevarieerd aanbod. Dit kan door het dorp in te delen in ‘speelbuurten’ en gebruik te maken van de schijf van 5 voor buitenspelen. Hierbij wordt uitgegaan van tenminste één buurtplek per speelbuurt.

Een deel van de speelplekken wordt niet heringericht met speeltoestellen maar wordt omgevormd naar een alternatieve inrichting om zo de diversiteit in de speelbuurt te verbeteren. Dit betreffen vooral

1

Adviesnota Gemeente Zandvoort ´spelen, bewegen en ontmoeten´, februari 2020.

5

kleinere speelplekken. In Zandvoort zijn veel kleine speelplekken met een minimaal aanbod aan speeltoestellen, deze worden opgeheven. Financiën Met de begroting is voorgesteld om in het investeringsplan een budget van € 165.000,-/jaar (20212025) te reserveren voor de uitvoering van het speelbeleid. Dit biedt, met name in het tweede deel van de uitvoeringsplanning (vanaf 2023), de benodigde ruimte om in te kunnen spelen op de onvoorziene omstandigheden, initiatieven uit de samenleving en/of wijzigingen in het MIOP. Uitvoeringsplan Door middel van het nieuwe speelruimteplan zijn we gekomen tot een uitvoeringsplan voor de komende 5 jaar. In dit plan is uitgewerkt hoe de vervangingsopgave voor de komende 5 jaar op basis van de kernpunten uit het speelruimteplan vorm gaat krijgen. In dit plan wordt verder uitgewerkt hoe de vervangingsopgave de komende jaren (2021-2025) vorm gaat krijgen. Het uitvoeringsplan is onder meer gebaseerd op de technische vervangingsopgave, de planning van het MIOP, bekende bewonersinitiatieven, andere programma’s en natuurlijk de beschikbare budgetten per jaar. Met de input van inwoners en stakeholders is een definitief plan opgesteld. Participatie Inwoners kunnen een rol van betekenis spelen bij de ontwikkeling van de speelvoorzieningen in de buurt.

We hechten hierbij niet alleen waarde aan de inbreng van volwassenen, maar vooral ook van kinderen en jongeren. In hoofdlijnen ziet de participatie er als volg uit: 1. Participatie uitvoeringsplan De plannen voor de komende jaren zijn middels een concept uitvoeringskaart gedeeld met inwoners. Inwoners hebben via de projectpagina op de website van de gemeente kunnen reageren op de plannen. De insteek was om bewoners te informeren en mee te nemen over de plannen en type inrichting van een speelplek (dus blokplek of buurtplek). Maar het participatietraject ging niet concreet over de inrichting (speeltoestellen) van de speelplekken. Hiervoor worden omwonenden en kinderen op het moment van de daadwerkelijke uitvoering betrokken. 2. Participatie over de herinrichting (daadwerkelijke uitvoering) Omwonenden met name kinderen worden betrokken bij de (her)inrichting van een speellocatie bij hun in de wijk / buurt / straat. Belangrijk is dat daarbij vooraf duidelijke kaders hebben. Dit kan per plek / buurt verschillen. Dit beleidsplan biedt een kaderstellende visie en beleidsuitgangspunten ten aanzien van speelruimte in de openbare ruimte. In het uitvoeringsplan 2021- 2025 is de benodigde vervangingsopgave in beeld gebracht, inclusief de planning van deze activiteiten. Op korte termijn wordt uitvoering gegeven aan de forse vervangingsopgave.

6

1.

Inleiding Spelen en sport is niet alleen goed voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren, een aantrekkelijke speelruimte is tevens goed voor de positieve beleving en leefbaarheid van een wijk. De gemeente Zandvoort hecht daarom veel waarde aan een uitdagende, veilige en aantrekkelijke openbare speelruimte. Dit speelruimteplan biedt een kaderstellende visie, concrete beleidsuitgangspunten voor het spelen in de openbare ruimte en geeft inzicht in de uitvoeringsopgaven voor de komende jaren en gewenste ontwikkelingen voor Zandvoort.

1.1 Aanleiding Het vigerende beleid voor openbare speelvoorzieningen staat vastgelegd in de nota speel- en ontmoetingsplaatsen Zandvoort uit 2012. Het speelruimtebeleid is volgens afspraak na vijf jaar geëvalueerd. Onderdeel van de evaluatie was ook een onderzoek naar de huidige speelruimte en aanbevelingen voor geactualiseerd beleid en toekomstige uitvoering. Dit is verwerkt in de Adviesnota spelen, bewegen en ontmoeten van februari 2020 van het bureau Speelplan.2 Deze adviesnota is als bijlage toegevoegd. De conclusie uit de evaluatie is dat het huidige areaal speelplekken gedateerd is en dat veel toestellen op korte termijn in aanmerking komen voor vervanging. Tevens zijn er relatief veel kleine speelplekken met een minimale speelwaarde die relatief veel kosten meebrengen voor onderhoud en inspectie. Dit heeft invloed op de inrichting van de openbare ruimte. Het is belangrijk dat de speeltoestellen op tijd vervangen worden zodat de speelruimte veilig en toegankelijk blijft voor kinderen en jongeren. De noodzakelijke vervangingsopgave biedt ook de kans om de speelruimte her te verdelen en te kijken naar alternatieven als vrije speelruimte of natuurlijk spelen en het streven naar grotere en centrale buurt- en wijkplekken. Het nieuwe speelruimteplan maakt dat mogelijk.

Op basis van de evaluatie van het huidige beleid, het onderzoek en de daaruit volgende aanbevelingen voor de verbetering van de speelruimte, een (online) participatietraject is het ‘Speelruimteplan Zandvoort 2021’ tot stand gekomen.

1.2 Leeswijzer Het speelruimteplan is opgebouwd uit meerdere hoofdstukken. Allereerst worden in hoofdstuk 2 de kaderstelling en randvoorwaarden behandeld. Daarna volgt de huidige situatie van Zandvoort (hoofdstuk 3). In hoofdstuk 4 staan de missie en doelstellingen van het speelruimteplan. Vervolgens worden in hoofdstuk 5 de vier ambities benoemd die in de paragrafen daarna nader worden beschreven. Hoofdstuk 6 bestaat uit het uitvoeringsplan voor de komende jaren. 2

Bureau Speelplan, "Adviesnota Gemeente Zandvoort ´spelen, bewegen en ontmoeten", februari 2020.

7

2.

Kaderstelling & randvoorwaarden In gemeente Zandvoort zijn verschillende kaders die van belang zijn voor de visie ten aanzien van speelruimte. Hieronder noemen we de belangrijkste vastgestelde beleidskaders.

2.1 Kaderstelling Raadsprogramma 2018-2022 In het Raadsprogramma is in de bijlage als voorstel uit de samenleving aangedragen om de kinderspeelplaatsen op te knappen. Structuurvisie Parel aan Zee Er wordt met de Structuurvisie ingezet op voldoende ruimte om te spelen, aantrekkelijke inrichting en een goed netwerk van speelmogelijkheden voor ontmoeting zonder overlast voor anderen. De speelplaatsen zijn uitdagend, maar ook veilig. (Ontwerp) Omgevingsvisie Zandvoort 2021 De Omgevingsvisie is de integrale visie op de leefomgeving van Zandvoort en Bentveld tot 2040. Deze visie spreekt zich uit over alle facetten die van betekenis zijn voor de leefomgeving: ruimtelijke, economische, duurzame en sociaal-maatschappelijke onderwerpen. Nota 'Speel- en ontmoetingsplaatsen Zandvoort 2012 In 2012 is de nota speel- en ontmoetingsplaatsen Zandvoort 2012 met de visie van de gemeente Zandvoort op spelen vastgesteld. In het speelruimtebeleid is het aanbieden van voldoende goed onderhouden speelvoorzieningen en evenredige speelplekken een belangrijk beleidsuitgangspunt. Groen aan Zee, Beleidsplan duurzaamheid 2019 - 2022 Met het beleidsplan duurzaamheid wordt onder andere gewerkt aan een klimaat adaptieve en groene Zandvoort.

Veel maatregelen die in het kader van klimaatadaptatie genomen worden, zoals verharding vervangen door groen, dragen ook bij aan een natuurrijkere omgeving en het versterken van de groene speelomgeving. Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen De wettelijke verplichting voor de veiligheid van speeltoestellen is geregeld in het Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen en de Europese Normen NEN-EN.

2.2 Randvoorwaarden De schoolpleinen en sportclubs zijn ook meegenomen in het onderzoek en verwerkt in de beleidsuitwerking. Het biedt kinderen immers wel een kans om te spelen. Voor de spreiding van de speelplekken is het belangrijk om naar het gehele aanbod te kijken. De kaders en aanbevelingen van dit beleidsstuk hebben alleen betrekking op de (semi) openbare speelruimte en schoolpleinen.

8

3.

Huidige situatie Zandvoort In dit deel wordt de huidige situatie van de speelvoorzieningen in Zandvoort beschreven en in een notendop de conclusies van het onderzoek uit 2019. Tijdens het onderzoek uit 2019 is gekeken naar elke speel- en sportplek die door de gemeente worden beheerd (formele speelplek). Dit betreffen 43 openbare voorzieningen en 6 schoolpleinen met in totaal 231 speeltoestellen. Speelaanbod, doelgroepen en diversiteit In de gemeente Zandvoort zijn over het geheel bezien voldoende speelplekken. Met betrekking tot het formele aanbod is heel duidelijk een verschil te zien tussen het noordelijke deel van Zandvoort en het zuidelijke deel. In noord zijn veel meer speelvoorzieningen te vinden en hier zit ook meer variatie in het aanbod (spelen, sporten, buurtplekken, blokplekken). In zuid is het aanbod (erg) beperkt. Er zijn niet alleen weinig plekken, ook is de inrichting minimaal per speelplek. Ongeveer 20% van de speelvoorzieningen wordt gezien als een niet volwaardige speelplek. In veel gevallen ontbreekt het hier ook simpelweg aan de ruimte om er meer van te maken. Het aanbod in Zandvoort is sterk gericht op jonge kinderen. Voor oudere kinderen (6+) is er, ook op de buurtplek, weinig echte uitdaging te vinden. Voor nog oudere kinderen (12+) zijn er eigenlijk alleen nog sportplekken.

Vrije speelruimte De bespeelbaarheid van de openbare ruimte is deels seizoensgebonden. In de zomermaanden is het druk met auto’s en toeristen, terwijl buiten het strandseizoen de straten rustiger en daarmee ook beter bespeelbaar zijn. In noord is relatief veel ruimte om te spelen op straat of in het groen. In het zuiden is de speelruimte op straat meer noodgedwongen en versnipperd, maar zeker niet afwezig. Er zijn voldoende autoluwe straten en plantsoentjes om in te spelen. Langs de randen van de gemeente kunnen oudere kinderen daarnaast eenvoudig in het duingebied spelen. Scholen Naast de openbare speelplekken zijn er ook 6 schoolpleinen die deels bespeelbaar zijn na schooltijd. De omvang, inrichting en kwaliteit van de schoolpleinen verschilt. Wel zijn het (zeker in zuid) belangrijke plekken om te spelen. Spaarnelanden neemt de schoolpleinen mee in de inspecties en voert onderhoud uit op deze locaties. Het eigendom is van de school maar de gemeente draagt op deze wijze zorg voor de veiligheid op de schoolpleinen. Deze pleinen moeten na schooltijd wel openbaar en vrij toegankelijk zijn. Conclusies uit het onderzoek De evaluatie laat zien dat veel aanbevelingen uit 2012 nog steeds gelden of niet gerealiseerd zijn. In 2012 werd geconstateerd dat de formele speelruimte voornamelijk uitdaging biedt aan jonge kinderen. Dat is nog steeds zo.

Er zijn wel enkele locaties voor jongeren om te sporten, maar samenkomen kan niet. Ook thema’s als toegankelijkheid (wel mandschommels bijgekomen, maar toch in een losse ondergrond), bewegen voor ouderen en het versterken van de ontmoetingsfunctie van een speelplek zijn beperkt opgevolgd. Het vergroenen van de openbare ruimte lijkt wél steeds meer opgepakt te worden bij herinrichtingen (niet per se op speelplekken). Het is belangrijk dat opgenomen ambities ook realiseerbaar zijn. Dat betekent soms dat beleidsambities niet dichtgetimmerd moeten zijn met normen, maar juist ook ruimte bieden om maatwerk mogelijk te maken of bijsturing toelaat om mee te bewegen bij ontwikkelingen in de samenleving (bijv.

9

4.

participatie, oppasgrootouders, urban sports). Ook is het belangrijk dat beleidsambities worden gekoppeld aan uitvoeringskaders en een uitvoeringsplan.

Missie en beleidsdoelstellingen

Spelen is voor de ontwikkeling van kinderen van groot belang. Door te spelen ontwikkelen kinderen motorische, cognitieve, sociale, creatieve en emotionele vaardigheden die belangrijk zijn om deel te nemen aan de samenleving. Buitenspelen is gezond, draagt bij aan de sociale contacten in de buurt en biedt speelmogelijkheden die binnen niet mogelijk zijn. Buitenspelen is niet alleen goed voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Voldoende en aantrekkelijke speelruimte is tevens goed voor de positieve beleving en leefbaarheid van een wijk. Zeker als gekozen wordt voor de juiste inrichting kunnen speel- maar ook sportplekken een belangrijke ontmoetingsfunctie vervullen. Deze meerwaarde werd overigens al in het beleidsplan van 2012 onderschreven en zal zodoende worden voortgezet in deze nota.

4.1 Missie De missie volgens het vigerende speelbeleid van gemeente Zandvoort is: "De gemeente Zandvoort richt de openbare ruimte zo in dat voor de jeugd (0-18 jaar) voldoende goed onderhouden speelvoorzieningen aanwezig zijn, verspreid over de Zandvoortse wijken, die aansluiten bij de leeftijd en behoeften van de kinderen. Zodat de jeugd wordt gestimuleerd om buiten te spelen, te sporten en elkaar te ontmoeten". De missie uit de nota speel- en ontmoetingsplaatsen Zandvoort 2012 is in stand gehouden. In deze actualisatie is de leeftijd van de jeugd bijgesteld tot de doelgroep 0-19 jaar.

4.2 Beleidsdoelstellingen De doelstellingen uit het speelbeleid van 2012 zijn geëvalueerd en vertaald naar vier ambities die als leidraad fungeren voor de uitvoering. Aan de hand van de missie zijn 4 doelstellingen opgesteld voor het speelruimteplan: 1. Een uitnodigende, veilige en toegankelijke speelruimte om te bewegen, te ontwikkelen en te ontmoeten voor jong en oud; 2. Het streven naar een goed verdeeld en divers speelruimteaanbod voor verschillende doelgroepen; 3. Het streven naar het vergroenen van de speelruimte voor een klimaatadaptieve speelruimte; 4. Een goede samenwerking met de kinderen, jeugdigen en inwoners bij speelruimte.

10

5.

Beleidsdoelstellingen voor de speelruimte 5.1 Een uitnodigende, veilige en toegankelijke speelruimte om te bewegen, te ontwikkelen en te ontmoeten voor jong en oud 5.1.1

Een uitnodigende en aantrekkelijke speelruimte

Een aantrekkelijke speelruimte met gevarieerd speelaanbod zorgt ervoor dat kinderen vaker geneigd zijn om buiten te spelen. Het goed onderhouden van speeltoestellen is hiervoor noodzakelijk om speelplekken veilig, maar ook aantrekkelijk te houden voor de kinderen. Naast goed onderhoud van speeltoestellen is het creëren van diversiteit van toestellen in een speelplek erg belangrijk. Om fantasie en inlevingsvermogen van kinderen te prikkelen vormen speelaanleidingen een mooie aanvulling op de speelruimte. Het verschil tussen een formele speeltoestel en een speelaanleiding is dat een toestel vaak bedacht is met het doel een bepaalde activiteit te stimuleren. Een speelaanleiding daarentegen is vaak een natuurlijk object dat kinderen uitnodigt tot spelen. 5.1.2

Fysieke en sociaal veilige speelruimte

Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen (WAS) De veiligheid van formele speelplekken is geregeld in het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen (WAS). De beheerder of eigenaar van een openbaar toegankelijk speeltoestel moet zorgen dat dit toestel voldoet aan deze regels. Om tijdens de levensduur van een speelplek te voldoen aan het WAS moeten speeltoestellen periodiek geïnspecteerd en goed onderhouden worden. Van elke formele speelplek en elk speeltoestel moet een registratie bijgehouden worden van de inspecties en het onderhoud maar ook van bijvoorbeeld reparaties en ongevallen. Sociale veiligheid Naast de fysieke veiligheid van speelruimten die wordt ondervangen door inspecties op basis van de WAS dient ook een speelruimte veilig te zijn en aan te voelen. Een veilige omgeving is van groot belang voor kinderen om zich goed te kunnen ontwikkelen en te kunnen leren. Particuliere speeltoestellen Steeds vaker is de behoefte om de openbare ruimte meer te kunnen benutten voor particuliere initiatieven, onder meer door het (tijdelijk) plaatsen van particuliere speeltoestellen zoals speelgoedglijbanen of schommelsop openbaar terrein. Deze objecten voldoen vaak niet aan de veiligheidsrichtlijnen van het WAS. Bij particuliere toestellen is het voor gemeenten zelf niet mogelijk om op gelijke wijze de veiligheid te waarborgen als van officiële speelplekken en toestellen.

Wanneer de gemeente constateert dat er een particulier speeltoestel in de openbare ruimte is geplaatst dat onveilig is, wordt het speeltoestel verwijderd uit de openbare ruimte. 5.1.3

Spelen draagt bij aan de ontwikkeling van kinderen

11

Spelen is voor de ontwikkeling van kinderen en jeugdigen van groot belang. Door te spelen ontwikkelen kinderen en jeugdigen motorische, cognitieve, sociaal-emotionele en creatieve vaardigheden die belangrijk zijn om deel te nemen aan de samenleving. Kinderen met handicap Ieder kind heeft behoefte aan voldoende speelruimte waar hij/zij ruimte vindt om zijn eigen mogelijkheden te verkennen, te ontspannen en andere kinderen te ontmoeten. Het uitgangspunt moet zijn dat wanneer een speelplek goed ontworpen is, deze toegankelijk is voor alle kinderen. Door een goed pad aan te leggen en de juiste valondergrond te kiezen, maak je een speelplek toegankelijk. Bij (her)inrichting van een speelplek zal bekeken worden of in die buurt vraag is naar speeltoestellen voor kinderen met een beperking.

5.2 Het streven naar een goed verdeeld en divers speelruimteaanbod voor verschillende doelgroepen Door het creëren van een divers en goed verdeeld speelruimteaanbod wordt er voorzien in de buitenspeelbehoeften van diverse leeftijdscategorieën. Door meer te focussen op grotere speelplaatsen met meer diversiteit en kans op ontmoeting en het loslaten van demografische gegevens bij invulling van speelplaatsen wordt er invulling gegeven aan deze ambitie. 5.2.1

Loslaten normstellingen en demografische cijfers

In de vorige 'Nota speel en ontmoetingsplaatsen' waren streefnormen opgenomen voor het aantal en de spreiding van speelplekken over Zandvoort. Uiteindelijk is gebleken dat het soms niet mogelijk is om aan dergelijke normen te voldoen. Door deze streefnormen ontstaan meerdere kleine speelplekken met een beperkt aantal toestellen. De speelwaarde van deze speelplekken is daardoor zeer beperkt. Bovendien is het soms niet mogelijk om aan deze normen te voldoen vanwege de woningdichtheid binnen een wijk. De normstellingen voor speelruimte zie je bijna overal ter discussie staan omdat het een te eenzijdig beeld geeft en geen recht doet aan alle nieuwe functies die aan speelruimte worden gekoppeld (sport/ontmoeting/klimaatadaptatie) In deze actualisatie zijn daarom geen normstellende ambities opgenomen. Ook wordt de koppeling tussen demografische cijfers en het aantal speelplekken en speelvoorzieningen losgelaten. De samenstelling van een buurt zegt niet alles over de speeldruk omdat kinderen bijvoorbeeld vaak bij een oppas opa of -oma, kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang of bij één van de gescheiden ouders zijn. Hiernaast groeien speelvoorzieningen niet mee met de leeftijd van de kinderen in de buurt.

Dat betekent soms dat beleidsambities niet dichtgetimmerd moeten zijn met normen, maar juist ook ruimte moeten bieden om maatwerk mogelijk te maken of bijsturing toelaat om mee te bewegen bij ontwikkelingen in de samenleving (bijv. participatie, oppasgrootouders, urban sports). In de volgende paragraaf is beschreven hoe de speelruimte georganiseerd wordt. 5.2.2

Speelruimte goed georganiseerd

12

De speelruimte moet binnen de gemeente goed georganiseerd zijn. Dit kan door het dorp in te delen in ‘speelbuurten’. Er wordt per speelbuurt gericht gekeken naar de kwaliteit van het aanbod. Hierbij wordt uitgegaan van tenminste één buurtplek per speelbuurt. Een deel van de speelplekken wordt niet heringericht met speeltoestellen maar wordt omgevormd naar een alternatieve inrichting om zo de diversiteit in de speelbuurt te verbeteren. Dit betreffen vooral kleinere speelplekken (hierna: blokplekken). Blokplekken met een minimale inrichting worden opgeheven. Hieronder is de speelbuurt en de ruimte daarin verder uitgewerkt. Afbeelding is ter illustratie van een speelbuurt Speelbuurt Buurten binnen de wijk, begrensd door barrières waarbinnen kinderen (tot 10/11 jaar) zich zelfstandig kunnen verplaatsen. Barrières zijn bijvoorbeeld wegen, watergangen, spoorlijnen, maar ook een industrieterrein kan een barrière zijn voor de bewegingsvrijheid van kinderen. De buurtplek: spelen, bewegen en ontmoeten voor 0 tot 100 jaar De belangrijkste plek in elke speelbuurt is de ‘buurtplek’. Dit is een grotere voorziening waar de buurt uitgenodigd wordt om samen te komen, te spelen, te bewegen én te ontmoeten. Het is belangrijk dat deze plek ook toegankelijk is voor inwoners met een beperking. Hier wordt bij voorkeur een combinatie van spelen en sport aangeboden.

Elke speelbuurt moet tenminste één buurtplek hebben. Bij grotere speelbuurten zijn meerdere buurtplekken nodig en wordt er gewerkt met een actieradius van 400 meter. De blokplek: flexibele speelruimte In Zandvoort zijn er een heleboel kleinere speelplekken. Hier staan één of enkele speeltoestellen vaak dichter op de woningen. Dit noemen we de ‘blokplek’ omdat deze vooral ingericht zijn voor de direct omwonenden. De inrichting van een blokplek moet flexibel zijn om aan te sluiten op de behoefte van de buurt en kan bij uitstek bijdragen aan de diversiteit van het aanbod. Buiten de speelbuurt: de wijkplek Naast de buurt-en blokplek is er soms ook sprake van een ’wijkplek’. Dit zijn plekken met een buurtoverstijgend gebruik; inwoners uit meerdere speelbuurten maken hier gebruik van. Wijkplekken hebben een onderscheidende inrichting, soms een combinatie van spelen en sporten, voor een brede doelgroep maar soms ook met de focus op één specifieke doelgroep zoals skaters. In Zandvoort ligt momenteel één wijkplek (skateplek langs het spoor). De vrije speelruimte De openbare speelvoorzieningen in beheer van de gemeente vormen de formele speelruimte. Alle andere openbare ruimte waarin kinderen kunnen spelen is de ‘vrije speelruimte’ (stoepen, grasveldjes, pleintjes, autoluwe straten) Een goede speelbuurt biedt veel vrije speelruimte.

Hoe minder vrije speelruimte, hoe belangrijker het is om te voorzien in voldoende formele speelplekken (buurtplekken én blokplekken). Het schoolplein: alternatief voor de buurtplek

13

Als een buurtplek mist, kan een eventueel aanwezig schoolplein als alternatief ingezet worden voor kinderen en jongeren uit de buurt. Deze moeten dan wel openbaar toegankelijk zijn (ook na schooltijd) en bij de herinrichting moet afstemming plaatsvinden met zowel de school als de buurt. Hierover worden goede afspraken gemaakt met de scholen of eigenaren van die terreinen over inrichting, beheer en toegankelijkheid. De gemeente blijft de veiligheid waarborgen voor de schoolpleinen (inspecties en onderhoud). 5.2.3

Divers speelaanbod

Om een zo groot mogelijke doelgroep op een actieve wijze gebruik te laten maken van de openbare ruimte is het van belang dat er een divers aanbod is dat goed verspreid is binnen de gemeente. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de Schijf van Vijf voor buitenspelen. Het is een instrument om diversiteit te creëren in een gemeente doormiddel van het aanbieden van verschillende type speelruimten. In de schijf van 5 wordt er een onderscheid gemaakt tussen 5 typeringen die verdeeld zijn onder formele en informele speelruimte. Dit houdt in dat er in binnen elke speelbuurt zowel een goede traditionele speelplek is (bij voorkeur de buurtplek) als een sportplek (trapveldje) is en dat de vrije speelruimte kinderen moet uitnodigen om op straat (‘t pleintje) of in het groen (vieze knieën) te spelen. Indien nodig kunnen speelroutes kinderen begeleiden door de buurt om de verschillende speelvormen bereikbaar (en vindbaar) te maken. De verschillende speelvormen mogen verspreid worden, maar kunnen ook samenvallen op een centrale buurt- of wijkplek. Als de vijf typeringen aanwezig zijn binnen de speelbuurt dan is er sprake van een rijk en gevarieerd aanbod.

5.3 Vergroening voor een klimaatadaptieve speelruimte Natuurlijk spelen is niet alleen belangrijk voor de diversiteit van het speelaanbod. Groene speelruimte levert ook een noodzakelijke bijdrage aan de leefbaarheid en klimaatbestendigheid in Zandvoort. Om die reden wordt bij de herinrichting van formele speel- en sportplekken altijd gekeken naar de mogelijkheid om (extra) te vergroenen. Daarnaast dragen speelplaatsen bij aan een groene en duurzame gemeente doordat zij plekken bieden waar mensen kunnen recreëren en waar veel groen aanwezig is. Een groene speelplek draagt ook bij aan het behoud van soorten planten en dieren, de biodiversiteit, in de bebouwde omgeving. Door het gezamenlijk ontwerpen en bouwen van de natuurspeelplein en de buurt kan het bijdragen aan de sociale cohesie.

14

5.4 Een goede samenwerking met organisaties en inwoners bij speelruimte In de huidige samenleving zijn veel gemeenten op zoek naar manieren om meer samen te werken met hun omgeving. Ook in het speelruimteplan vindt de gemeente het belangrijk om een goede samenwerking te hebben. Jeugd en Jongerenwerk Afdeling JOS (Jeugd, Sport en Onderwijs) heeft als taak om sport, onderwijs en het maatschappelijke veld te verbinden met als doel om met name de jeugd aan het sporten en bewegen te krijgen. Hiernaast is ook jeugd- & jongerenwerk actief in de gemeente en zet het jongerenwerk regelmatig activiteiten op in de openbare ruimte samen met andere organisaties. De gemeente houdt nauw contact met de organisaties en stimuleert initiatieven ter bevordering van sporten en bewegen. (Semi) openbare schoolpleinen Schoolpleinen vervullen een belangrijke rol als speel-, beweeg- en ontmoetingsruimte. Met de scholen is afgesproken om de schoolpleinen (semi) openbaar te houden na schooltijd. Vooral in buurten en wijken waar weinig speelvoorzieningen aanwezig zijn, is het openbaar stellen van de schoolpleinen erg bevorderlijk voor het speelvermogen van de kinderen in de buurt. Deze schoolpleinen zijn na schooltijd openbaar en vrij toegankelijk en het onderhoud valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeente.

Het eigendom is van de school maar de gemeente draagt op deze wijze zorg voor de veiligheid van de speeltoestellen. Betrekken inwoners bij speelruimteplannen / participatie bij inrichting Inwoners kunnen een rol van betekenis spelen bij de ontwikkeling van de speelvoorzieningen in de buurt. We hechten hierbij niet alleen waarde aan de inbreng van volwassenen, maar vooral ook van kinderen en jongeren. We willen weten wat hun speelbehoeften zijn en wat ze leuke speelvoorzieningen vinden zodat de gemeente speelplaatsen kan creëren die meer gedragen worden door de kinderen uit de buurt. Bij het aanleggen of herinrichten van speelruimten krijgen inwoners uit de buurt de mogelijkheid om te participeren over het ontwerp van de speelruimten. Ook wordt zo veel mogelijk getracht om speellocaties in de reguliere herstratings- en rioleringsplanning mee te laten lopen. In het uitvoeringsplan wordt hier nadrukkelijk aandacht aan besteed.

15

6.

Uitvoering Dit speelruimteplan biedt een kaderstellende visie en beleidsuitgangspunten ten aanzien van speelruimte in de openbare ruimte. In het uitvoeringsplan 2021- 2025 zijn de benodigde vervangingsopgave in beeld gebracht, inclusief de planning van deze activiteiten. Voor de vervangingsopgave van de speelplekken is in het investeringsplan van de begroting 2020 een budget van € 165.000,- per jaar (2021-2025) toegekend.

6.1 Uitvoeringsopgave 2021-2025: kosteninschatting 6.1.1

Beheer en onderhoudskosten

Het beheer en onderhoud wordt uitgevoerd door Spaarnelanden. De onderhoudskosten worden integraal vastgesteld over het geheel areaal. De onderhoudskosten zijn niet meegenomen in het speelplan. 6.1.2

Koppeling aan het MIOP

De komende jaren worden grote renovaties van de openbare ruimte uitgevoerd in Zandvoort. Dit programma, het MIOP, leent zich uitstekend om het uitvoeringsplan voor speelruimte aan te koppelen. Hiermee kan een efficiënte uitvoeringsslag worden geslagen. Er kunnen immers veel werkzaamheden gecombineerd worden (verhardingen, grondwerk, afvoer van materiaal). Ook wordt aanbevolen gebruik te maken van de bewonersgesprekken die binnen het kader van het MIOP worden georganiseerd om de wensen met betrekking tot spelen op te halen. Dit traject wordt nader uitgewerkt en in het uitvoeringsplan gekeken of er mogelijkheden zijn om te koppelen met het MIOP. 6.1.3

Uitvoeringsopgave 2021-2025

Veel speeltoestellen hebben hun maximale levensduur bereikt. Dit zorgt voor onveilige situaties, achteruitgang van de kwaliteit van de openbare ruimte en voor mogelijke aansprakelijkheid van de gemeente. Op basis van de evaluatie kwam circa 60% van de speeltoestellen in aanmerking voor vervanging. Dit is, in dit uitvoeringsplan, vertaald naar een uitvoeringsopgave 2021-2025 waarin 33 van de 49 speelplekken in aanmerking komen voor een herinrichting. Per speelplek is, op basis van het speelruimteplan een voorstel gedaan voor uitvoering. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende typen ingrepen: 1. Behouden (31x): De speelplek wordt op een vergelijkbare wijze ingericht. Hierbij kunnen de speelvormen veranderen (schommel voor een glijbaan bijvoorbeeld) maar blijft de doelgroep en het type plek gelijk. Wel worden de speelplekken heringericht in lijn met de ambities uit het speelruimteplan (gericht op uitdaging, vergroening, inclusiviteit, ontmoeting etc.). 2. Omvormen (9x): Op meerdere kleinere speelplekken wordt voorgesteld om de speeltoestellen bij een herinrichting niet meer te vervangen. Hierbij wordt dan aanbevolen te kijken naar een alternatieve (bespeelbare) inrichting, bijvoorbeeld met natuurlijk speelaanleidingen (in combinatie met vergroeningsambities) of als fietspleintje.

16

3. Niet meer vervangen (8x): op andere kleine plekken wordt voorgesteld om de speeltoestellen simpelweg niet meer te vervangen, vaak is dit ook maar één losse veerwip of andere klein element per plek. De speelplek is klein en vaak onhandig gelegen of een alternatieve inrichting voegt weinig toe aan de speelmogelijkheden in de buurt. 4. Uitbreiden (1x): Op één plek (Burgemeester van Alphenstraat) wordt voorgesteld om extra te investeren in een speelplek om deze bijvoorbeeld op te waarderen van blokplek naar buurtplek. Een uitgebreide toelichting op deze uitvoeringsopgave is te vinden in paragraaf 6.3 en in de bijlagen van dit plan. 6.1.4

Indicatie uitvoeringskosten

Per locatie is een richtbedrag opgenomen voor de herinrichting. Dit richtbedrag is afhankelijk van het type locatie (blokplek, buurtplek, sportplek etc.), de huidige inrichting en uiteraard de voorgestelde ingreep (behouden, uitbreiden of omvormen). Deze richtbedragen zijn opgenomen in het uitvoeringsplan en variëren van € 5.000,- voor een op te heffen speelplek tot € 50.000,- voor de herinrichting van een buurtplek. De komende jaren is er sprake van de volgende uitvoeringsopgave:

Type ingreep: behouden omvormen opheffen uitbreiden tussentijdse ingreep totaal

2021 € 145.000 € 5.000 € € € 15.000 € 165.000

Uitvoeringsplanning en -kosten + aantal locaties per jaar per ingreep 2022 2023 2024 2025 na 2025 4 € 130.000 6 € 125.000 3 € 105.000 3 € 60.000 2 € 370.000 13 1 € 20.000 3 € 0 € 20.000 2 € 30.000 3 € 0 0 € 15.000 3 € 0 € 0 € 0 € 10.000 2 0 € 0 € 15.000 1 € 0 € 0 € 0 2 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0 7 € 165.000 12 € 140.000 4 € 125.000 5 € 90.000 5 € 380.000 15

Met de begroting is voorgesteld om in het investeringsplan een budget van € 165.000,-/jaar (20212025) te reserveren voor de uitvoering van het speelbeleid. Dit biedt, met name in het tweede deel van de uitvoeringsplanning, de benodigde ruimte om in te kunnen spelen op de onvoorziene omstandigheden (zie 6.2.1), initiatieven uit de samenleving en/of wijzigingen in het MIOP. Voor de periode 2026-2035 is (voor de gehele tien jaar) een totaalbudget van € 380.000,- nodig. Hierna start de herinrichtingscyclus weer opnieuw.

6.2 Kaders voor uitvoering 6.2.1 Tijdspad en planning Voor de herinrichting van de speelplekken wordt gekeken naar de huidige staat van de toestellen en de planning van het MIOP. Uitgangspunt hierbij is om kapitaalvernietiging te voorkomen en toch ook gebruik te maken van al ingeplande (en vaak grotere) werkzaamheden. Tijdens de jaarlijkse inspectieronde wordt de te verwachten levensduur van de speeltoestellen geïnventariseerd. Als toestellen technisch niet meer voldoen of het onderhoud niet in verhouding staat met het gebruik komt een speelplek in aanmerking voor herinrichting. Dit wordt vervolgens naast de planning van grote renovatietrajecten gelegd. Dit is verwerkt in het uitvoeringsplan en de bijbehorende kaarten. De genoemde jaartallen in het uitvoeringsplan zijn daarmee het uitgangspunt voor uitvoering. Het is belangrijk af te blijven stemmen met de planning van het MIOP en de constateringen van de

17

jaarlijkse inspecties. In sommige gevallen kan het gebeuren dat er plekken worden heringericht (bijvoorbeeld door het MIOP) waarop nog speeltoestellen staan die in een prima staat verkeren. Deze toestellen worden dan hergebruikt in de herinrichting of kunnen elders worden (bij)geplaatst. 6.2.2

De rol van inwoners en gebruikers

Als een speelplek in aanmerking komt voor herinrichting wordt de buurt (of bij een sportplek, de gebruikers) ingeschakeld om een plan te maken. Hierbij is vooral de input van gebruikers (kinderen, sporters) van belang. De volgende principes worden gehanteerd: 1. Blokplekken worden niet altijd heringericht met speeltoestellen. De inrichting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de behoefte van de direct omwonenden. Zij kunnen inbreng leveren voor het programma van eisen (PvE), eventueel een keuze maken uit twee of drie inrichtingsvoorstellen of worden gestimuleerd vooral zelf met een goed initiatief te komen voor bijvoorbeeld een herinrichting zonder speeltoestellen (buurttuin, avonturenhofje etc.). 2. Buurtplekken worden ingericht voor de omliggende buurt. Hier wordt bij voorkeur een combinatie van spelen en sport aangeboden voor een brede doelgroep. Direct omwonende krijgen een eerste stem in het opstellen van het programma van eisen (PvE) voor de plek (wat mag wel, wat kan absoluut niet), maar de hele buurt mag vervolgens meedenken of stemmen over twee of drie ontwerpvoorstellen. 3. Sportplekken worden ontwikkeld in samenwerking met de gebruikers (bijv. bij een basketbalpleintje, skatebaan of pumptrack). Uiteraard worden, mits aanwezig, hierbij ook de direct omwonenden betrokken.

Het is belangrijk hierbij de gebruikers echt vanaf de start en door het ontwerptraject heen te betrekken zodat het gebruik geoptimaliseerd kan worden. 4. Schoolpleinen worden heringericht in samenwerking met de betreffende scholen. Samen met hen wordt het participatietraject afgestemd en een definitief ontwerpvoorstel opgesteld. Initiatieven Het is altijd mogelijk om als buurt of groep zelf een initiatief in te dienen om de openbare speelruimte te verbeteren. Dit kan een bestaande plek zijn, maar ook een nieuwe locatie. Per aanvraag wordt gekeken naar het draagvlak, de locatie, de beoogde doelgroep, het aanwezige aanbod in de omgeving en de mate waarop inwoners zich zelf ook actief willen inzetten voor het initiatief (fondsenwerven, aanleg en/of beheer). Bij bestaande locaties zal uiteraard ook worden gekeken naar de reeds opgestelde uitvoeringsplanning en of hierin geschoven kan worden. Uitgangspunt blijft dat kapitaalvernietiging moet worden voorkomen. Speeltoestellen die nog lange tijd meekunnen moeten dan hergebruikt worden in de herinrichting of moeten worden verplaatst naar een andere (tijdelijke) locatie. Goed voorbeeld doet volgen. Daarom is het belangrijk om leuke en goede voorbeelden uit andere buurten te delen. Dit kan inspirerend werken, maar ook een hoop vragen of twijfel wegnemen bij bewoners, met name bij het omvormen naar een alternatieve inrichting. 6.2.3

Uitvoeringskaders met betrekking tot het beheer

Hoewel dit geen beheerplan is, worden de volgende kaders ook opgenomen voor uitvoering: 1. Het belang van goed beheer moet centraal staan. Dit betekent dat er niet alleen maar correctief onderhoud (achteraf) wordt gepleegd maar juist ook preventief onderhoud (schoonspuiten, aandraaien schroeven en tijdig vervangen van onderdelen) om te voorkomen dat gebreken

18

ontstaan. Hierdoor zien speelplekken er niet alleen aantrekkelijker uit (en worden dus goed bespeeld), maar gaan speelplekken ook langer mee. Dit heeft een gunstig effect op de jaarlijkse uitvoeringsopgave waardoor met hetzelfde geld meer uitdagende speelruimte kan worden gerealiseerd met betere materialen (minder onderhoud). 2. Het onderhoud wordt momenteel uitgevoerd door een deskundige externe partij (Spaarnelanden). Zij kennen de speelvoorzieningen goed, zijn de ogen en oren van de beleidsmakers en weten welke plekken extra aandacht nodig hebben qua onderhoud doordat deze bijvoorbeeld intensiever bespeeld worden. Goed beheer begint bij de inrichting, daarom wordt de beherende partij meegenomen in het ontwerptraject. Zo kunnen op voorhand enkele beheeruitdagingen goed worden ingecalculeerd of worden getackeld. 6.2.4

Evaluatie en kwaliteitsbewaking

Het is belangrijk het uitvoeringsplan te zien als een levend document dat tussentijds, rekening houdende met de vervangingsopgave en budget, aangepast kan worden. Ook moet worden gekeken of de voorgestelde ingrepen ook daadwerkelijk het gewenste effect (gestelde ambities) hebben. Het uitvoeringsplan en de uitgevoerde ingrepen worden daarom geëvalueerd in 2024/2025. Daaruit volgt tevens een specificering van het uitvoeringsplan voor de speelplekken die na 2025 worden opgepakt.

6.3 Overzicht uitvoering Aan de genoemde jaartallen in het overzicht hieronder zijn geen rechten te ontlenen; deze zijn afhankelijk van o.a. de planning van het MIOP, de constateringen tijdens de jaarlijkse veiligheidsinspecties en het jaarlijks beschikbare budget. 6.3.1

Zandvoort Noordoost

Binnen het tijdvak 2021-2025 worden de volgende speelplekken uitgevoerd: • De schoolpleinen bij gebouw de Golf worden deels vernieuwd in 2021 • Keesomstraat (2022): de buurtplek en het basketbalplein worden vernieuwd, de kleine speelplekken worden omgevormd • Keesomplein (2022): de kleine speelplek wordt omgevormd • Lorentzstraat (2025): de kleine speelplekjes worden omgevormd, het trapveld wordt vernieuwd • Flemingstraat (2025): de buurtplek wordt vernieuwd Na 2025 worden de volgende plekken heringericht: • Celsiusstraat: de kleine speelplek is vernieuwd in 2015 • Van Pageepad: de buurtplek is vernieuwd in 2019 6.3.2

Zandvoort Noordwest

Binnen het tijdvak 2021-2025 worden de volgende speelplekken uitgevoerd: • De schoolpleinen bij gebouw de Golf worden deels vernieuwd in 2021 • De skatebaan wordt vernieuwd in 2021. • Catherina van Rennesstraat (2021): De oude speelplek wordt opnieuw ingericht

19

• Tollensstraat (2021): speelplek met de kabelbaan wordt omgevormd • Secretaris Bosmanstraat (2021/2022): kleine ingreep in 2021, rest van de speelplek in 2022 • Verzetsplein (2021/2025): kleine ingreep in 2021, rest van de speelplek in 2025 • Tollensstraat (2022): kleine speelplek wordt vernieuwd • Catherina van Rennesstraat, Staringstraat en Willem Kloosstraat (2022): kleine speelplekjes worden omgevormd • Burgemeester van Alphenstraat (2023): kleine speelplek wordt vernieuwd en uitgebreid • Martinus Nijhoffstraat (2024): buurtplek wordt vernieuwd • Hofdijkstraat (2024): buurtplek wordt vernieuwd • Sara Roosstraat (2024): kleine speelplek wordt omgevormd • Helmersstraat (2024): kleine speelplek wordt omgevormd Na 2025 worden de volgende plekken heringericht: • JP Heyeplantsoen: sportplek wordt na 2025 weer opgepakt • Nicolaas Beetslaan – van Lennepweg: sportplekje wordt na 2025 weer opgepakt • Ten Cateplantsoen: kleine speelplek is vernieuwd in 2013 In sommige straten staan losse speeltoestellen. Deze worden niet meer vervangen als ze niet meer veilig zijn of wanneer een plek in de buurt wordt vernieuwd.

Dit gaat om de volgende plekken: • IJsbrand de Jongstraat: losse veerwip wordt niet meer vervangen • Witteveld: los speeltoestel wordt niet meer vervangen • Martinus Nijhoffstraat: losse veerwippen (2x) worden niet meer vervangen 6.3.3 Zandvoort Zuid: Binnen het tijdvak 2021-2025 worden de volgende speelplekken uitgevoerd: • Schelpenplein in (2021): kleine speelplek wordt vernieuwd • Tolweg (2022): kleine speelplek verplaatsen naar de Vinkenweg en vernieuwen • Max Euwestraat (2023): kleine speelplek vernieuwen óf verplaatsen naar overkant Sophiaweg, dit wordt nog onderzocht in een vervolgtraject • Schoolpleinen Oranje Nassauschool (2023): worden deels vernieuwd • Zandvoort Zuid: onderzoek naar het optimaliseren van de doeltjes (2021-2022) en nieuwe speelvoorziening (2022-2023) Na 2025 worden de volgende plekken heringericht: • Jan Snijerplein: kleine speelplek is vernieuwd in 2015 • Brederodestraat: kleine speelplek is vernieuwd in 2020 • Oosterstraat: kleine speelplek is vernieuwd in 2020 • Schoolplein Mariaschool: wordt na 2025 aangepakt • Schoolplein Hannie Schaftschool: wordt na 2025 aangepakt • Westerparkstraat: losse hinkelbaan 6.3.4 Bentveld In Bentveld ligt alleen de speelplek in de Bramenlaan. Deze plek wordt na 2025 heringericht.

20

7.

Bijlagen 1. Speelplan, "Adviesnota Gemeente Zandvoort ´spelen, bewegen en ontmoeten", februari 2020. 2. Uitvoeringskaarten per wijk, juni 2021 3. Samenvatting participatie 2021 4. Programma's van Eisen 2021

21

Dit is een uitgave van gemeente Zandvoort, 1 juni 2021

________________________________ Postbus 2 2040 AA Zandvoort Tel. 14 023 zandvoort.nl

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10440156/1