Bijlage 1 - Bestemmingsplan Bentveld - Parkeernormennota
Tekst van het document
• Het vastleggen dat eventueel elders gehuurde of gekochte parkeercapaciteit voor de gebruikers van het pand beschikbaar moeten blijven en dat als deze beschikbaarheid wordt beëindigd voor vervangende parkeerruimte binnen acceptabele loopafstand moet worden gezorgd. • Het vastleggen van mogelijke consequenties voor de gebruikers van het pand. Een van de consequenties is dat bij een bouwontwikkeling de gebruikers nu en in de toekomst niet in aanmerking komen voor een parkeervergunning (of ontheffing). Dit geldt ook voor locaties waar (nog) geen parkeerregulering geldt. • Voorwaardelijke verplichtingen die bij de regels van het bestemmingsplan worden opgenomen om bijzondere gebruikersbepalingen vast te leggen. In een bestemmingsplan kan geregeld worden dat een bepaald gebruik slechts is toegestaan als aan een bepaalde voorwaarde wordt voldaan. • Stellen van nadere eisen. De bevoegdheid tot het stellen van nadere eisen is beperkt tot eisen die aansluiten bij in het bestemmingsplan zelf reeds gestelde regels aangaande het betreffende onderwerp of onderdeel. Er kan bijvoorbeeld worden bepaald dat niet alle parkeerplaatsen direct worden gerealiseerd, maar dat binnen de planontwikkeling ruimte wordt gereserveerd die –indien nodig– alsnog als parkeerruimte kan worden ingericht. Deze ruimte kan in eerste instantie bijvoorbeeld als groenvoorziening worden ingericht.
26
7.
Juridisch kader 7.1 Juridische grondslag Om te bepalen hoeveel parkeerplaatsen bij een ontwikkeling benodigd zijn, heeft de gemeente parkeernormen geformuleerd. Op grond van de Wet ruimtelijke ordening mag de Bouwverordening geen stedenbouwkundige voorschriften meer bevatten. Parkeren moet in een bestemmingsplan zijn geregeld. In de bestemmingsplannen van de gemeente Zandvoort staat in de planregels een verwijzing naar de parkeernormering. Door een aparte Parkeernormennota te gebruiken, is het niet noodzakelijk in bestemmingsplannen parkeernormering in detail op te nemen. Vanuit het betreffende bestemmingsplan kan in de planregels (en de toelichting) naar de Parkeernormennota worden verwezen. Inzichtelijk moet zijn dat het parkeren uitvoerbaar is. De Parkeernormennota dient ook als toetsingskader voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen gebruikt te worden, waarvoor een nieuw bestemmingsplan wordt opgesteld of waarvoor een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan wordt aangevraagd. Na de vaststelling van de Parkeernormennota zijn de hierin beschreven parkeernormen en werkwijze van toepassing op alle toekomstige ruimtelijke plannen en projecten waarbij het bestemmingsplan na 2012 is vastgesteld. Deze bestemmingsplannen kennen namelijk de verwijzing naar de Parkeernormennota 2012 of diens opvolger. Voor de bestemmingsplannen van voor 2012 (o.a.
Midden Boulevard, Noord Boulevard en Nieuw Noord) geldt dit niet, omdat in deze bestemmingsplannen specifieke parkeernormering is opgenomen onder verwijzing naar CROW (ASVV2004 of CROW-publicatie 182). Dit betekent dat de parkeernormen in deze bestemmingsplannen iets hoger liggen dan in deze Parkeernormennota. De eis dat het parkeren op eigen terrein moet worden voorzien, is binnen de betreffende bestemmingsplannen wel geregeld. Het eerste moment waarop dit aangepast kan worden naar de nieuwe parkeernormen is bij de vaststelling van het Omgevingsplan bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet. In de gevallen waarin de toepassing van de oude parkeernormen gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met die parkeernormen te dienen doelen, heeft het college de bevoegdheid om van die parkeernormen af te wijken (artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht). Bij de beoordeling van zo’n geval dienen alle relevante omstandigheden in ogenschouw te worden genomen. Daarbij kan een rol spelen dat er inmiddels een nieuwe parkeernormennota is vastgesteld die binnen een afzienbare en overzichtelijk tijdsbestek ook voor de oude bestemmingspannen zal gaan gelden.
7.2 Overgangsregeling bestaande initiatieven Voor bouwinitiatieven is een overgangsregeling van toepassing. Deze houdt in dat bouwinitiatieven die op het moment van publicatie van deze Parkeernormennota bij de gemeente bekend zijn, nog maximaal één jaar na publicatiedatum van deze nota een vergunningsverzoek kunnen indienen op basis van de oude gemeentelijke parkeernormen. Met bekende bouwinitiatieven wordt bedoeld initiatieven waarvoor de aanvraag omgevingsvergunning is ingediend en initiatieven waarvoor 27
tussen de gemeente en initiatiefnemers schriftelijke afspraken of schriftelijke overeenkomsten zijn gemaakt waarin parkeernormen zijn vastgelegd over ruimtelijke ontwikkelingen.
28
Bijlage A. Gebiedsindeling gemeente Zandvoort De gebiedsindeling is gemaakt op basis van de buurten in Zandvoort. In onderstaande afbeelding is de volgende gebiedsindeling weergegeven: • Centrum Zandvoort, Boulevard Midden (incl. kuststrook); • Schil centrum Zandvoort: Boulevard Noord (incl. kuststrook) en de Stationsomgeving; • Rest bebouwde kom Zandvoort: Boulevard Zuid (incl. kuststrook), Kostverloren e.o., BrederodeGerkestraat e.o, Oude Noord, Nieuw Noord, Recreatiepark, Sport Circuit en Zandvoortselaan; • Rest bebouwde kom Bentveld: Bentveld Noord en Bentveld Zuid; • Buitengebied: Noord duinen, Zuid duinen en kuststrook. Op de interactieve kaart (kaart.haarlem.nl/app/maps) staat de actuele wijkindeling en te zijner tijd de gebiedsindeling zoals weergegeven in figuur A.1.
Figuur A.1: Gebiedsindeling gemeente Zandvoort
29
Bijlage B. Lijst met parkeernormen (auto) De parkeernormen zijn gebaseerd op CROW-kencijfers voor ‘sterk stedelijke’ gemeente. Daarnaast kiest de gemeente voor de meest recente gemiddelde CROW-parkeerkencijfers als minimumwaarde bij de parkeernormen te hanteren. Niet voor iedere functie is een parkeernorm opgenomen. Mocht een norm ontbreken, dan verwijzen wij u naar de meest recente CROW-publicatie (381 ‘Toekomstbestendig parkeren’, december 2018). Functies met een verwijzing hebben onder aan de tabel een aanvullende toelichting staan. Bij eenheid staat de afkorting ‘pp’ voor parkeerplaats. De norm geeft bijvoorbeeld het aantal te realiseren parkeerplaatsen per woning weer. De afkorting ‘bvo’ staat voor het Bruto-vloeroppervlak. Het Bruto-vloeroppervlakte is het vloeroppervlak van de buitenomtrek van een ruimte of gebouw incl. gevels, bouwmuren, ramen etc. Inpandig gebouwde parkeervoorzieningen maken geel deel uit van het bvo. Voor winkels is het bruto-vloeroppervlak gemiddeld 1,25 maal het winkelvloeroppervlak. Zie NEN 2580 voor verdere informatie.
Functie
centrum Zandvoort
schil centrum
rest bebouwde kom Zandvoort
rest bebouwde kom Bentveld
buiten-gebied
aandeel bezoek
eenheid
woning vrijstaand
1,6
1,8
2,1
2,3
2,4
0,3 per woning
pp per woning
twee-onder-een-kap
1,5
1,7
2,0
2,2
2,2
0,3 per woning
pp per woning
tussen/hoek woning
1,4
1,7
1,8
2,0
2,0
0,3 per woning
pp per woning
sociale huur
1,2
1,3
1,5
1,6
1,6
0,3 per woning
pp per woning
huurhuis vrije sector
1,4
1,7
1,8
2,0
2,0
0,3 per woning
pp per woning
koop, etage, duur
1,4
1,6
1,9
2,1
2,1
0,3 per woning
pp per woning
koop, etage, midden
1,3
1,5
1,7
1,9
1,9
0,3 per woning
pp per woning
koop, etage, goedkoop
1,2
1,3
1,5
1,6
1,6
0,3 per woning
pp per woning
huur, etage, duur
1,3
1,5
1,7
2,1
1,9
0,3 per woning
pp per woning
huur, etage, midden/goedkoop
1,0
1,1
1,3
1,4
1,4
0,3 per woning
pp per woning
huur, etage, sociaal
0,9
1,0
1,2
1,3
1,3
0,3 per woning
pp per woning
kamerverhuur
0,5
0,55
0,65
0,7
0,7
0,2 per kamer
pp per kamer
serviceflat (aanleunwoning)
0,4
1,05
1,1
1,2
1,2
0,3 per woning
pp per woning
1,15
1,55
1,65
2,55
2,55
5%
pp per 100 m² bvo
1,55
1,85
2,25
3,55
3,55
20%
pp per 100 m² bvo
bedrijf arbeidsintensief/ bezoekersextensief2
1,35
1,75
2,15
2,35
2,35
5%
pp per 100 m² bvo
bedrijf arbeidsextensief/ bezoekersextensief3
0,65
0,75
0,95
1,05
1,05
5%
pp per 100 m² bvo
bedrijfsverzamelgebouw4
1,05
1,35
1,55
1,95
1,95
5%
pp per 100 m² bvo
Wonen Grondgebonden woning
Appartementen
Werken kantoren (zonder baliefunctie) commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie)1
Tabel B.1: Parkeernormen (auto) voor de hoofdcategorieën wonen en werken
1. 2. 3. 4.
commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie): hier worden ook functies als een makelaar, hypotheekverstrekker, kapper of zonnebankstudie onder beschouwd. bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief: bedrijven zoals een loods, opslag of transportbedrijf. Bij deze bedrijven geldt globaal 1 arbeidsplaats per 30-50 m2 bvo. De parkeernorm is exclusief vrachtwagen parkeren. bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief: zijn bijvoorbeeld industrie, garagebedrijf, laboratorium of werkplaatsen. Bij deze bedrijven geldt globaal 1 arbeidsplaats per 25-35 m2 bvo. De parkeernorm is exclusief vrachtwagen parkeren. bedrijfsverzamelgebouw: gelijkwaardige mix van kantoren (zonder baliefunctie), arbeidsextensieve en arbeidsintensieve bedrijven.
Functie
centrum Zandvoort
schil centrum
rest bebouwde kom Zandvoort
Rest bebouwde kom Bentveld
buiten-gebied
aandeel bezoek
eenheid
3,3
4,3
5,15
6,15
nvt
95%
pp per 100 m² bvo
3,3
nvt
nvt
nvt
nvt
82%
pp per 100 m² bvo
wijkcentrum
nvt
3,7
4,5
5,0
nvt
76%
pp per 100 m² bvo
weekmarkt6
0,195
0,195
0,195
0,225
nvt
85%
pp per 100 m² bvo
kringloopwinkel
nvt
1,15
1,65
1,95
2,25
89%
pp per 100 m² bvo
3,65
5,55
7,35
8,15
9,25
92%
pp per 100 m² bvo
1,15
1,55
1,65
1,95
1,95
91%
pp per 100 m² bvo
bouwmarkt
nvt
1,75
2,25
2,35
2,45
85%
pp per 100 m² bvo
tuincentrum
nvt
2,25
2,55
2,65
2,85
85%
pp per 100 m² bvo
groencentrum
nvt
2,25
2,55
2,65
2,85
85%
pp per 100 m² bvo
bibliotheek
nvt
10,7
11,5
11,5
13,3
95%
pp per 100 m² bvo
museum
0,4
0,6
0,95
1,1
nvt
95%
pp per 100 m² bvo
casino
3,2
7,9
11,0
11,2
13,7
85%
pp per 100 m² bvo
bioscoop7
nvt
10,1
12,9
12,9
15,8
94%
pp per 100 m² bvo
bowlingcentrum
1,6
2,2
2,8
2,8
2,8
90%
pp per baan
biljart/snookercentrum
0,85
1,05
1,35
1,35
1,75
85%
pp per tafel
dansstudio
1,5
3,8
5,4
5,5
7,4
90%
pp per 100 m² bvo
fitnessstudio/ sportschool
1,4
3,4
4,75
4,8
6,5
90%
pp per 100 m² bvo
fitnesscentrum
1,7
4,4
6,2
6,3
7,4
90%
pp per 100 m² bvo
wellnesscentrum
nvt
nvt
9,3
9,3
10,3
99%
pp per 100 m² bvo
sauna, hammam
2,5
4,6
6,6
6,7
7,3
99%
pp per 100 m² bvo
sporthal8
1,45
2,05
2,65
2,85
3,45
95%
pp per 100 m² bvo
sportzaal
1,05
1,85
2,65
2,85
3,55
95%
pp per 100 m² bvo
tennishal
0,3
0,4
0,4
0,4
0,5
85%
pp per 100 m² bvo
squashhal
1,6
2,4
2,7
2,7
3,2
85%
pp per 100 m² bvo
zwembad overdekt9
nvt
10,7
11,5
11,5
13,3
95%
pp per 100 m² bassin
zwembad openlucht10
nvt
10,1
12,9
12,9
15,8
99%
pp per 100 m² bassin
zwemparadijs11
nvt
nvt
4,0
4,0
4,0
99%
pp per 100 m² bvo
sportveld12
20,0
20,0
20,0
20,0
20,0
95%
pp per hectare netto terrein
golfoefencentrum (pitch and putt)13
nvt
nvt
50,7
51,1
56,2
95%
pp per centrum
golfbaan (18 holes)14
nvt
nvt
95,6
96,0
118,3
98%
pp per 18 holes
manege (paardenhouderij)
nvt
nvt
nvt
nvt
0,4
90%
pp per box
volkstuin
nvt
1,25
1,35
1,35
1,45
99%
pp per 10 tuinen
Winkelen en boodschappen fullservice supermarket5 binnenstad of hoofdwinkel (stads)centrum
bruin- en witgoedzaken woonwarenhuis/ woonwinkel
Sport, cultuur en ontspanning
Tabel B.2: Parkeernormen (auto) voor de hoofdcategorieën winkelen en boodschappen en sport, cultuur en ontspanning.
fullservice-supermarkt: vloeroppervlakte is meestal tussen de 1.000 en 2.000 m 2 wvo. weekmarkt (bij klein wijk-, buurt- en dorpscentrum: Van deze functie kunnen alleen globale parkeernormen gegeven worden. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. 1 m 1 kraam = 6 m2 bvo (indien geen parkeren achter kraam dan + 1,0 pp per standhouder). 7. bioscoop: 1 zitplaats is circa 3 m bvo. Bij bioscopen moet voor parkeren rekening worden gehouden met een eventuele overlap tussen twee voorstellingen (+ 40%). Gegeven kengetallen betreffen de drukste voorstelling op de drukste dag van de drukste maand. 8. tuin- en groencentrum: wanneer in de buitenruimte producten worden verkocht (verkoopruimte) dient deze ruimte te worden meegenomen bij de omvang van de functie. 9. sporthal en sportzaal: let op bij grotere aantallen bezoekers zijn de kencijfers te laag. 10. zwembad overdekt & openlucht: bij combinatie zwembad overdekt en openlucht berekenen via verhouding bassin overdekt en openlucht aan de hand van normen overdekt per 100 m2 bassin en normen openlucht per 100 m2 bassin. 11. zwemparadijs: een zwemparadijs is vaak onderdeel van een andere voorziening, zoals een vakantiepark. Van deze functie kunnen alleen globale normen worden opgenomen. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. 5. 6.
31
12. sportveld: normen zijn exclusief kantine, kleedruimte, oefenveldje en toiletten. Van deze functie kunnen alleen globale normen worden opgenomen. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. 13. golfoefencentrum (pitch and putt): uitgaande van een omvang van circa 6 ha. 14. golfbaan (18 holes): een 18-holes golfbaan is gemiddeld 60 – 70 ha groot.
Functie
centrum Zandvoort
schil centrum
rest bebouwde kom Zandvoort
Rest bebouwde kom Bentveld
buiten-gebied
aandeel bezoek
eenheid
bungalowpark
nvt
nvt
1,2
nvt
1,2
90%
pp per bungalow
camping15
nvt
nvt
1,6
1,7
2,1
90%
pp per standplaats
bed and breakfast/pension
0,6
0,65
0,9
1,0
1,2
100%
per kamer16
recreatiewoning/recreatieap partement
1,0
1,0
1,0
1,0
1,0
100%
pp per recreatiewoning/ appartement
hotel17
3,2
4,9
6,8
7,5
9,0
75%
pp per 10 kamers
discotheek
6,1
12,3
18,4
20,8
20,8
99%
pp per 100 m² bvo
café/bar/cafetaria17
5,0
5,0
6,0
7,0
nvt
90%
pp per 100 m² bvo
restaurant17
9,0
9,0
13,0
15,0
nvt
80%
pp per 100 m² bvo
4,0
5,5
7,5
8,5
nvt
99%
pp per 100 m² bvo
2,05
2,45
2,95
3,25
3,25
55%
pp per behandelkamer
apotheek
2,25
2,75
3,15
3,35
nvt
45%
pp per apotheek
fysiotherapiepraktijk (-centrum)
1,25
1,45
1,75
1,95
1,95
55%
pp per behandelkamer
consultatiebureau
1,25
1,55
1,85
2,15
2,15
50%
pp per behandelkamer
1,3
1,6
1,9
2,0
2,2
40%
pp per behandelkamer
1,55
1,95
2,35
2,55
2,65
45%
pp per behandelkamer
gezondheidscentrum
1,55
1,85
2,15
2,45
2,45
55%
pp per behandelkamer
begraafplaats
nvt
nvt
31,6
31,6
31,6
95%
pp per gelijktijdige plechtigheid
religiegebouw
0,15
0,15
0,15
0,15
nvt
99%
pp per zitplaats
verpleeg/verzorgingstehuis18
0,6
0,6
0,6
0,6
nvt
60%
pp per wooneenheid
cultureel centrum/wijkgebouw
2,0
2,0
2,0
2,0
2,0
99%
pp per 100 m² bvo
kinderdagverblijf (crèche)19
0,9
1,1
1,2
1,4
1,5
0%
pp per 100 m² bvo
basisonderwijs20
0,75
0,75
0,75
0,75
0,75
0%
pp per lokaal
middelbare school
3,3
4,0
4,3
4,9
4,9
10%
pp per 100 leerlingen
avondonderwijs21
4,0
5,0
6,0
6,9
10,5
95%
pp per 10 studenten
Horeca en verblijf toeristische accommodaties
evenementenhal/ beursgebouw/ congresgebouw Gezondheid en sociale) voorzieningen huisartsenpraktijk (-centrum)
consultatiebureau voor ouderen tandartsenpraktijk (-centrum)
Onderwijs
Tabel B.3: Parkeernormen (auto) voor de hoofdcategorieën horeca en verblijf toeristische accommodaties, gezondheid en (sociale) voorzieningen en onderwijs.
15. camping: exclusief 10% voor gasten van bezoekers. 16. bed & breakfast: maximaal 2 volwassenen per kamer. 17. hotel, café/bar/cafetaria en restaurant: terrasruimte dient te worden meegenomen bij de omvang van de functie. De parkeerbehoefte van deze functie is namelijk in sterke mate afhankelijk van het aantal zitplaatsen en van het autogebruik van de bezoekers. 18. verpleeg- en verzorgingstehuis: normen zijn inclusief parkeren voor personeel. 19. K&R kinderdagverblijven: exclusief Kiss & Ride. Berekening Kiss & Ride parkeerplaatsen = aantal kinderen x % kinderen dat met de auto wordt gebracht x 0,2. (indicatief: 50% - 80% wordt met de auto gebracht) 20. K&R basisschool: exclusief Kiss & Ride. Berekening Kiss & Ride parkeerplaatsen = aantal kinderen x % kinderen dat met de auto wordt gebracht x 0,3 (indicatief: 20% – 60% wordt met de auto gebracht). 21. avondonderwijs: bezoekers zijn studenten en overig is personeel.
32
Bijlage C. Aanwezigheidspercentages Dubbelgebruik wordt berekend volgens de CROW-methodiek. In onderstaande tabel zijn de te gebruiken aanwezigheidspercentages opgenomen. Deze percentages zijn afkomstig van CROW. Wanneer CROW haar aanwezigheidspercentages wijzigt, worden de meest actuele aanwezigheidspercentages overgenomen. Voor de functies waarvoor geen aanwezigheidspercentages zijn opgenomen, dient te worden aangesloten bij een passende alternatieve functie of dient een specifieke onderbouwing voor de gebruikte aanwezigheidspercentages te worden gegeven.
functie
werkdag ochtend 50% 10% 100% 100%
werkdag middag 50% 20% 100% 100%
woningen bewoners woningen bezoekers kantoor/bedrijven commerciële dienstverlening detailhandel 30% 60% supermarkt 30% 60% sportfuncties binnen 50% 50% sportfunctie buiten 25% 25% bioscoop/theater/podiu 5% 25% m sociaal medisch 100% 75% verpleeghuis/serviceflat 50% 50% ziekenhuis 60% 100% patiënten/bezoekers ziekenhuis 75% 100% medewerkers dagonderwijs 100% 100% avondonderwijs 0% 0% 1) Indien zaterdag open: 100% 2) Indien zaterdag open: 70% 3) Indien koopzondag 100%.
werkdag avond 90% 80% 5% 5%
koopavond 80% 70% 5% 75%
werkdag nacht 100% 0% 0% 0%
zaterdagmiddag 60% 60% 0% 0%1)
zaterdagavond 80% 100% 0% 0%
zondagmiddag 70% 70% 0% 0%
10% 40% 100% 50% 90%
75% 80% 100% 50% 90%
0% 0% 0% 0% 0%
100% 100% 100% 100% 40%
0%2) 40% 100% 25% 100%
0%3) 0%2) 75% 100% 40%
10% 100% 60%
10% 100% 60%
0% 25% 5%
10% 100% 60%
10% 100% 60%
10% 100% 60%
40%
40%
25%
40%
40%
40%
0% 100%
0% 100%
0% 0%
0% 0%
0% 0%
0% 0%
Tabel C.1: Aanwezigheidspercentages gemeente Zandvoort
33
Bijlage D. Kwaliteitseisen stallingen fiets en scooter Het gebruik van een stalling hangt sterk af van de kwaliteit, de bruikbaarheid en het comfort. Ook de routing binnen de stalling, de sociale veiligheid en de afmeting van de fietsparkeerplaatsen en de stabiliteit van de fiets in de aangeboden voorzieningen beïnvloeden het gebruik, evenals de (on)mogelijkheid om fietsen met bijzondere afmetingen te stallen.22 De Leidraad Fietsparkeren (CROW-publicatie 291), het Bouwbesluit 2012 (artikel 4.31) en Fietsparkeur gaan uitgebreid in op de kwaliteitsrichtlijnen voor fietsenstallingen. Hierna zijn de belangrijkste kwaliteitseisen voor het ontwerpen van een stalling opgenomen voor toegankelijkheid, inrichting en bruikbaarheid in Zandvoort. Toegankelijkheid De belangrijkste kwaliteitseisen voor een goed toegankelijke en bruikbare fietsenstalling zijn: • Vanuit de openbare ruimte is de toegang van de stalling duidelijk zichtbaar en herkenbaar, gezien vanaf de aanrijroute richting bestemming(en). • De stalling heeft bij voorkeur een voetgangersuitgang in de richting van de eindbestemming. • De afstand mag maximaal ca. 75 meter zijn van de stalling tot de hoofd-/ neven/personeelsingang van de bestemmingen en/of functies waarvoor de stalling is bestemd.
• De toegang vanaf de weg naar een stalling op lager of hoger niveau is goed en comfortabel te gebruiken voor alle fietsen en scooters; dus ook voor zware fietsen, elektrische fietsen en fietsen met afwijkende maten (kratten, brede sturen, brede banden, lange fietsen, etc.). • Het hellingspercentage van een hellingbaan is maximaal 22%; een trap heeft ideaal een hellingspercentage van 18%, met een aantrede van 500 mm en een optrede van 90 mm of met een aantrede van 600 mm en een optrede van 100 mm. Naast een trap horen fietsgoten, bij voorkeur aan beide zijden. • Voor een stalling waar ook scooters, bakfietsen en andere zware fietsen in gestald worden kan geen trap worden toegepast. Het hellingpercentage moet zodanig zijn dat het hoogteverschil door bakfietsen, elektrische fietsen en scooters zonder ondersteuning overbrugd kan worden. • Een gebruiker moet de toegang van een stalling gemakkelijk kunnen openen: automatisch, met een eenvoudig te bedienen drukknop of chipkaartlezer. Inrichting en bruikbaarheid De belangrijkste kwaliteitseisen voor een goede inrichting en goed bruikbare fietsenstalling zijn: • De stalling moet logisch en overzichtelijk zijn ingedeeld. • Binnen en vanuit de fietsenstalling naar de bijbehorende bestemming is een logische, snelle en eenvoudige routing.
Bij voorkeur kan men vanuit de stalling rechtstreeks (liefst binnendoor) doorlopen naar de bestemming, zonder terug te hoeven lopen door de stalling. • De sociale veiligheid wordt gewaarborgd door een overzichtelijke inrichting, goede verlichting en bij voorkeur daglichttoetreding. Als een stalling openbaar toegankelijk is kan (camera)toezicht of bewaking overwogen worden. • Gebruikers moeten elkaar in de verkeersruimtes van de stalling kunnen passeren. • Stallingssystemen voor fietsen moeten voldoen aan de eisen van Fietsparkeur23 of zijn gelijkwaardig daaraan, met een hart op hart afstand van minimaal 400 mm.
22
Leidraad Fietsparkeren, CROW publicatie 291, hoofdstuk 6.
23
Zie www.fietsparkeur.nl; Fietsparkeur is het keurmerk voor fietsparkeervoorzieningen.
34
• De minimale vrije hoogte in een gebouwde stalling is 2900 mm om dubbellaags rekken te kunnen plaatsen. Bij gebouwen voor kinderen kan dit 2300 mm zijn, want dubbellaags rekken zijn ongeschikt voor kinderen. • De hart-op-hart afstand tussen twee fietsparkeerplaatsen bij een stallingssysteem op gelijk niveau is minimaal 800 mm breed; • De hart-op-hart-afstand tussen twee fietsparkeerplaatsen bij een hoog/laag fietsparkeersysteem is minimaal 400 mm breed voor zowel onder- als bovenlaag; De gangpaden in de stalling zijn minimaal 2100 mm breed en een hoofdgang is minimaal 3000 mm breed, zowel voor fiets als scooter; • De stalling moet voldoende parkeermogelijkheden bieden voor fietsen die afwijken van de standaard maten: o minimaal 5% van de plaatsen is geschikt voor bakfietsen of andere fietsen met sterk afwijkende maten (vakken minimaal 100 mm breed); o minimaal 15% van de plaatsen is geschikt voor fietsen die niet in een standaard fietsenrek passen (hart-op-hart afstand minimaal 500 mm); • Een parkeersysteem waarin naast standaardfietsen ook fietsen passen met veel voorkomende afwijkende maten, heeft de voorkeur. Dan passen nagenoeg alle fietsen probleemloos op elke stallingsplek, ook die met een krat, bagagedrager vóór, breed stuur, brede banden, etc. Een andere mogelijkheid is een apart parkeervak, waarin afwijkende maten fietsen op hun standaard kunnen worden gestald.
• De stalling biedt oplaadmogelijkheden voor elektrische tweewielers. • De netto-afmetingen van een scooterparkeerplek in een gebouwde stalling zijn minimaal 750 mm breed x 1800 mm lang.
35
Bijlage E. Stappenplan Parkeren Bij een aanvraag toetst de gemeente Zandvoort aan het Stappenplan Parkeren. Een aanvraag dient alle onderdelen van het Stappenplan te behandelen. De stappen zijn samengevat in het stroomschema in figuur E.1. 1. Hoeveel parkeerplaatsen zijn er nodig voor het plan. De bepaling van het aantal parkeerplaatsen vindt plaats aan de hand van Parkeernormennota Zandvoort 2021. Als er geen norm is opgenomen, gelden de meest recente parkeerkencijfers uit het CROW. 2. Bij de berekening van het aantal benodigde parkeerplaatsen mag rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte van de bestaande situatie (zie paragraaf 6.1 van de Parkeernormennota Zandvoort 2021). Dit betekent dat in het geval van sloop/nieuwbouw, verbouw en/of functiewijziging ook de parkeerbehoefte van de bestaande, te vervallen, functies wordt bepaald op basis van de parkeernormen in deze nota. Deze parkeerbehoefte mag vervolgens worden afgetrokken van de parkeerbehoefte van de nieuwbouw. Voor de berekening hiervan wordt uitgegaan van de bij de gemeente laatst bekende, legale situatie van het pand. De berekening van het aantal parkeerplaatsen vindt op dezelfde wijze plaats als bij vraag 1. 3. Gaan er door het plan al bestaande parkeerplaatsen (al dan niet op eigen terrein) verloren? Zo ja, dan dienen deze op eigen terrein te worden gecompenseerd.
Dit geldt ook voor parkeerplaatsen in de openbare ruimte die verloren gaan ten gevolge van de realisatie van bijvoorbeeld een inritconstructie. 4. Het aantal benodigde parkeerplaatsen min de eventueel huidige parkeerbehoefte van de bestaande situatie plus het aantal parkeerplaatsen dat verloren gaat, geeft aan hoeveel parkeerplaatsen nodig zijn voor het plan. 5. Worden er voldoende parkeerplaatsen aangelegd op eigen terrein? Zo ja, dan is het niet nodig het Stappenplan verder in te vullen en kunt u de aanvraag indienen (zie paragraaf 6.4 van de Parkeernormennota Zandvoort 2021). 6. Zo nee, dan dient te worden nagegaan of het mogelijk is om dusdanige maatregelen te treffen, dat alsnog aan de parkeernorm kan worden voldaan. Hierbij kan worden gedacht aan het herinrichten van de onbebouwde ruimte bij het plan of aanpassingen aan het plan. Als dit niet tot de mogelijkheden behoort, dient te worden gemotiveerd waarom dit niet mogelijk is. 7. Als het niet mogelijk is om aan de parkeernorm te voldoen, dient te worden nagegaan of er sprake is van bijzondere omstandigheden (de afwijkingsmogelijkheden als bedoeld in paragraaf 6.3). 8. Als geen gebruik gemaakt kan worden van de afwijkingsmogelijkheden, zal het bouwplan geen doorgang kunnen vinden.
36
Figuur E.1: Stroomschema stappenplan parkeren Zandvoort
37
Dit is een uitgave van gemeente Zandvoort, 14 mei 2021
Ontwerp: Parkeernormennota Zandvoort 2021,
________________________________ Postbus 2 2040 AA Zandvoort Tel. 14 023 zandvoort.nl 38