Bijlage 1 Algemene verordening ondergrondse infrastructuur
Tekst van het document
Kortom, de artikelen 5.2, 5.3 en 5.4 vormen een regelgevend kader waarmee het college de naleving van voorschriften door netbeheerders kan afdwingen en sancties kan opleggen in geval van overtredingen. Artikel 5.3 richt zich specifiek op het intrekken van instemmingsbesluiten en herstelsancties, terwijl Artikel 5.4 de mogelijkheid biedt om het werk van de netbeheerder te stoppen als er sprake is van ernstige inbreuken op de afspraken. Artikel 5.5 Strafbepaling Deze bepaling biedt de mogelijkheid om in voorkomende gevallen strafrechtelijk op te treden. Over het algemeen zal gekozen worden voor bestuursrechtelijke handhavingsinstrumenten en vormt de toepassing van strafrechtelijke sancties in beginsel een uiterst handhavingsmiddel. Artikel 6.1. Wijziging andere verordening Het betreft hier de wijziging van artikel 2:11 van de APV. Hierin is bepaald dat het verboden is om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg AVOI Zandvoort 2024
26/27
van een weg. In het vijfde lid wordt hier een uitzondering op gemaakt. De wijziging ziet op het feit dat de uitzondering ook betrekking heeft op werkzaamheden die vallen onder het bereik van de AVOI. Artikel 6.2. Overgangsbepalingen Deze bepaling bevat het overgangsrecht. Aan de netbeheerders van de talloze kabels en leidingen die thans in openbare gronden aanwezig zijn, is in de meeste gevallen – al dan niet privaatrechtelijk dan wel door middel van een vergunning – een ligrecht gegund waaraan diverse voorwaarden verbonden zijn. Om redenen van efficiency en om te voorkomen dat de netbeheerders hoge kosten moeten maken is er voor gekozen de bestaande toestemmingen te beschouwen als een instemming of vergunning in de zin van deze verordening. Overigens geldt voor kabels en leidingen die onrechtmatig in de openbare grond liggen hoe dan ook dat een aanvraag moet worden ingediend om een vergunning op grond van deze verordening te kunnen verkrijgen. De gemeente zal bij de toepassing van deze bepaling rekening houden met de omstandigheden waaronder in het verleden kabels en leidingen zijn gelegd en met de ouderdom van die kabels en leidingen. Het is voldoende wanneer aannemelijk gemaakt kan worden dat een kabel of leiding destijds rechtmatig is aangelegd.
In het verleden zijn tussen netbeheerders en de gemeente privaatrechtelijke overeenkomsten gesloten over de verdeling van de kosten van aanpassingen aan kabels en leidingen. Indien een belanghebbende meent dat een dergelijke overeenkomst nog steeds van toepassing is, dient hij het bestaan en de geldigheid ervan aan te tonen. Op het moment dat er een overeenkomst geldt gaan de afspraken die daarin zijn opgenomen voor op de AVOI en de onderliggende regels. Artikel 6.3. Intrekken oude verordening De Telecommunicatieverordening gemeente inwerkintreding van de AVOI ingetrokken.
Zandvoort
wordt
op
tijdstip
van
Artikel 6.4. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na die van bekendmaking. De bekendmaking vindt plaats op de gebruikelijke wijze. Artikel 6.5. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald infrastructuur gemeente Zandvoort 2024.
AVOI Zandvoort 2024
als
Algemene
verordening
ondergrondse
27/27