CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen Jong Zandvoort

Gemeenteraad 14 oktober 2025, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Nota Parkeernormen 2025907 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen

De fractie Jong Zandvoort stelt onderstaande technische vragen bij agendapunt 6 ‘Nota Parkeernormen 2025’ van de raadscommissie van 30 september 2025. De fractie van Jong Zandvoort heeft contact gehad met meerdere projectontwikkelaars uit Zandvoort met betrekking tot de nieuwe parkeernormennota en wat hun zienswijze hierover is. Door een miscommunicatie met de ondernemersmanager zijn deze opmerkingen niet als formele zienswijze meegenomen. Wij willen deze signalen toch zorgvuldig meewegen en dienen daarom nu onderstaande in als technische vragen, zodat ze beantwoord kunnen worden voorafgaand aan de commissie.

Vraag 1. Onduidelijkheid bij appartementen: GO of BVO? Het is onduidelijk waarom bij grondgebonden woningen wordt gerekend op basis van gebruiksoppervlakte (GO), terwijl bij appartementen wordt uitgegaan van bruto vloeroppervlak (BVO) achter de voordeur. Dit verschil kan tot aanzienlijke afwijkingen leiden. Waarom wordt voor appartementen ook niet het gebruiksoppervlakte aangehouden? Antwoord: Een verschil in grondslag is inderdaad niet wenselijk, al is dit verschil ons inziens beperkt. Voor appartementen is het in elk geval belangrijk om duidelijk te maken dat de gemeenschappelijke ruimten niet meetellen in de woningoppervlakte. Deze ruimten bepalen immers niet met hoeveel mensen een woning logischerwijs wordt bewoond, en zijn daarmee niet van invloed op het autobezit. Aangezien in de planvorming de detaillering van de binnenruimte niet altijd bekend is, stellen wij vanuit praktisch oogpunt voor om de grondslag voor appartementen te handhaven, en deze ook voor grondgebonden woningen te laten gelden. Hiermee sluiten we aan bij de meetmethode van de BAG in plaats van de NEN. Dit betekent dat voor alle woningtypen de oppervlakte achter de voordeur de grondslag wordt. Een inpandige ruimte bij een woning die niet binnendoor vanuit de woning bereikbaar is, denk aan een schuur of garage, telt daarmee dus niet mee in de oppervlakte.

Op basis van deze technische vraag stellen wij voor om voetnoot 1 aan te passen en alle woningoppervlakten aan te duiden zonder de aanduiding gbo. Vraag 2. Parkeerfonds juridisch afdwingbaar maken Afkoop via een parkeerfonds blijkt in de praktijk niet functioneel. Hoe wordt gegarandeerd dat de bepalingen in de nieuwe nota ditmaal wel uitvoerbaar en afdwingbaar zijn? Antwoord: Via de nota wordt geregeld dat een initiatiefnemer per niet-gerealiseerde parkeerplaats een afdracht moet doen. Deze afdracht wordt in een speciale bestemmingsreserve gestort. Daarmee is het gelabeld geld. In de nota is vastgelegd waaraan het geld mag worden besteed: aan maatregelen gericht op mobiliteit in het algemeen en parkeren in het bijzonder. Bij een parkeerfonds kunnen de gelden enkel aan het realiseren van parkeerplaatsen worden besteed. De verruiming van 1/3

de bestedingsmogelijkheden, maakt deze vorm wel uitvoerbaar. De gemeenteraad beslist over deze bestedingen, daarmee is tevens sprake van een transparant proces. Vraag 3. Loopafstanden fietsparkeren: zoneverschillen Bij fietsparkeren wordt geen onderscheid gemaakt tussen zones. Waarom niet, terwijl de ruimtelijke context duidelijk verschilt? Antwoord: Het gaat bij de loopafstanden om de acceptatie van de afstand tussen de plek waar een fiets wordt gestald en de bestemming. Over het algemeen is deze acceptatie bij fietsers beperkt. Wij veronderstellen dat die acceptatie verspreid over Zandvoort niet wezenlijk verschilt. Daarom wordt voor elke zone dezelfde acceptabele loopafstand gehanteerd. Vraag 4. Juridische actualisatie Artikel 7.2 verwijst naar de Wabo, die sinds 2024 is vervallen. Dient hier niet verwezen te worden naar de Omgevingswet en moet dit aangepast worden? Antwoord: Een scherpe observatie, deze verwijzing is inderdaad niet meer aan de orde. Een verwijzing naar de Omgevingswet is niet nodig, aangezien juist vanuit het Omgevingsplan verwezen wordt naar de Nota Parkeernormen. Op basis van deze technische vraag stellen wij voor om de eerste zin van paragraaf 7.2 als volgt aan te passen “Bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwen en gebruik (Wabo) overlegt de initiatiefnemer ten minste: ”. Vraag 5.

Relatie tussen vrijstelling en zwaarwegend belang Beide routes leiden tot afkoop via de Reserve. Wat is het inhoudelijke verschil en op basis van welke criteria bepaalt het college welke route geldt? Antwoord: De vrijstelling op de parkeereis is gekoppeld aan voorwaarden. Zo kan voor maximaal 10 parkeerplaatsen vrijstelling worden verleend en alleen aan bouwplannen in Zandvoort. Alleen bij toeristische functies en verblijfsaccommodaties die in zone centrum worden ontwikkeld, kan voor meer dan 10 parkeerplaatsen vrijstelling worden verleend. Bij zwaarwegend belang wordt een integrale afweging gemaakt tussen het belang dat een ontwikkeling doorgaat en de (negatieve) effecten die dit heeft. Dit kan ook voor ontwikkelingen in Bentveld en altijd voor meer dan 10 parkeerplaatsen. Daarnaast zijn maatwerkafspraken mogelijk over de hoogte van de afdracht. Vraag 6. Relatie met planactiviteiten Is er automatisch sprake van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit zodra gebruik wordt gemaakt van de afwijkingsbevoegdheden, of kan dit binnenplans worden opgelost?

2/3

Antwoord: Er is niet automatisch sprake van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Als de afwijkingsbevoegdheid in het Omgevingsplan is verankerd, kan het ook binnenplans opgelost. Vraag 7. Overgangsregeling voor bestaande projecten Hoe wordt omgegaan met projecten die nog in vooroverleg zijn of waarvan de vergunningaanvraag al loopt op basis van de nota 2021? Welke regels zijn dan van toepassing? Antwoord: In de nota is een overgangsregeling opgenomen. Hierin staat dat alle bekende bouwinitiatieven nog maximaal één jaar na publicatiedatum van de Nota Parkeernormen 2025 een vergunningsverzoek kunnen indienen op basis van de oude gemeentelijke parkeernormen. Met bekende bouwinitiatieven wordt bedoeld initiatieven waarvoor de aanvraag omgevingsvergunning is ingediend en initiatieven waarvoor tussen de gemeente en initiatiefnemers schriftelijke afspraken of schriftelijke overeenkomsten zijn gemaakt waarin parkeernormen zijn vastgelegd over ruimtelijke ontwikkelingen. Een vooroverleg is dus niet voldoende om hier aanspraak op te kunnen maken.

3/3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16026119/1