Beantwoording technische vragen CDA
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen De fractie CDA stelt onderstaande technische vragen bij agendapunt 4 Zienswijze Ontwerp programmabegroting 2027-2030 VRK van de raadscommissie van 20 mei 2026:
Financieel kader en betrouwbaarheid 1. De begroting is formeel sluitend, maar bevat meerdere bewust uitgestelde besluiten. Wat is de planning voor besluitvorming over de duikorganisatie, het onderhoud van de kazernes en de huisvesting van Veilig Thuis — en wanneer informeert het VRK-bestuur de gemeenteraden over de financiële consequenties? Kan het bestuur garanderen dat deze posten niet via een begrotingswijziging alsnog op de gemeenten worden afgewenteld zonder voorafgaande zienswijzeprocedure? Antwoord: De betreffende dossiers waren ten tijde van het opstellen van de Programmabegroting 2027 nog niet besluitrijp, waardoor er eerder geen besluitvorming heeft kunnen plaatsvinden. Het is afhankelijk van het dossier en de besluitvorming of dit financiële consequenties kan hebben. Afwijkingen van materiële betekenis dienen zo snel mogelijk ter kennis gebracht te worden aan de gemeenten. Wanneer dat aan de orde is, is ter beoordeling aan het Algemeen bestuur van de VRK conform artikel 8 financiële verordening 212 VRK. Begrotingswijzigingen die van invloed zijn op de omvang van de inwonerbijdrage worden voor zienswijze aan de raden voorgelegd als deze leiden tot een verhoging van de inwonerbijdrage. Dit kan op de volgende momenten: tijdens het begrotingsproces, 1e bestuursrapportage van het lopende jaar en tijdens het verantwoordingsproces over het afgelopen jaar.
Dit conform artikel 33 financiële verordening 212 VRK.
Jeugdgezondheidszorg (JGZ) 2. De begroting erkent een structurele disbalans tussen taken en financiering voor de JGZ 4-18 jaar, maar bevat geen oplossing. Besluitvorming wordt verwacht medio 2026. Welke scenario's liggen voor en wat zijn voor Zandvoortse kinderen concreet de gevolgen als er geen aanvullend budget beschikbaar komt? Welke taken worden dan als eerste afgeschaald? Antwoord: Zoals toegelicht bij vragen 7 en 8 bij de bestemming jaarrekeningresultaat, werken de VRK en gemeenten op dit moment aan een voorstel voor het takenpakket JGZ 4-18 jaar vanaf 2027. Dit voorstel wordt op 1 juli aan de bestuurscommissie Publieke Gezondheid voorgelegd. Onderdeel van dit voorstel is een scherpe analyse van taakafbakening, waarbij de wettelijke JGZ-taken het uitgangspunt blijft. Nadat het voorstel is behandeld tijdens de bestuurscommissie op 1 juli, zal de raad betrokken worden bij de scenario’s en bijbehorende (financiële) gevolgen.
Veilig Thuis 3. Er wordt € 825.000 extra structureel gevraagd voor 7,5 fte, gebaseerd op de aanname dat de meldingsgroei uit 2025 niet verder doorzet. Hoe realistisch is die aanname, gezien de landelijke politieke aandacht voor femicide en intergenerationeel huiselijk geweld? Welk monitoring-mechanisme is ingericht om tijdig bij te sturen als de instroom toch blijft groeien? 1/3
Antwoord: De stijging en daling van instroom is moeilijk te voorspellen. Het aantal adviesvragen, meldingen en onderzoeken kan jaarlijks fluctueren. De ophoging die de VRK nu heeft gedaan is op basis van de instroom van 2025, om ervoor te zorgen dat Veilig Thuis met die instroom haar werk goed kan doen. In het verleden hebben zich, naast stijgingen, ook dalingen in de instroom voorgedaan. We weten nu nog niet precies welke kant het op gaat en zullen dit samen met Veilig Thuis nauw monitoren om op tijd bij te kunnen sturen als dat nodig is. De aanpak van huiselijk geweld is bovendien een gezamenlijke opgave die niet alleen bij Veilig Thuis ligt. Veilig Thuis opereert in een netwerk van en met samenwerkingspartners, zoals lokale teams, (jeugd)GGZ, de Blijf Groep, politie. Alleen versterken van Veilig Thuis is onvoldoende om de gehele aanpak te verbeteren. Deze organisaties hebben dezelfde uitdagingen (hoge instroom, beperkte capaciteit). Veilig Thuis moet bijvoorbeeld snel kunnen overdragen naar deze partners, die de huishoudens en gezinnen in onveiligheid verder helpen. Het regionale Koersplan aanpak Huiselijk Geweld en Kindermishandeling zet in op versterking van de netwerksamenwerking.
Natuurbrand 4. Het programma loopt op tot € 512.000 per jaar in 2032, inclusief kapitaallasten. Zandvoort ligt ingeklemd tussen Natura 2000-gebieden. Welke concrete maatregelen zijn specifiek voor de kustduinen van Kennemerland voorzien, en op welk moment is het programma volledig operationeel? Antwoord: In de Bestuurscommissie Openbare Veiligheid (BCOV) van 18 februari 2026 is het Uitvoeringsplan behandeld Natuurbrandbeheersing- en bestrijding behandeld (Microsoft Word - 20260107 Uitvoeringsplan NBB VRK V1.1.docx). Op pagina 25 van dit plan is in de begroting terug te lezen welke maatregelen zijn voorzien. Het betreft onder meer specialistische voertuigen voor natuurbrandbeheersing en -bestrijding in moeilijk begaanbaar terrein. Door de provincie is aanvullend nog een subsidie van € 40.000,- toegekend voor ten behoeve van natuurbrandbestrijding. Voor dit subsidiebedrag wordt een put geboord op het parkeerterrein aan de Brederodestraat náást het Natura-2000 gebied. De put zal naar verwachting eind 2026 operationeel zijn.
Bezuiniging bedrijfsvoering 5. Voor een sluitend meerjarig beeld is vanaf 2028 een bezuiniging van € 250.000 binnen de bedrijfsvoering nodig. Waar wordt die gevonden, en welke gevolgen heeft dat voor de dienstverlening aan gemeenten? Antwoord: Dit is nog niet bekend. De begroting 2027 heeft een lastentotaal van € 147 miljoen; de taakstelling betreft met (0,25 mln / 147 mln=) 0,17% een fractie op het totaal.
Transparantie en democratische controle 6. De VRK geeft aan dat fundamentele discussies in de bestuurscommissies nog niet zijn afgerond. De definitieve begroting 2027 zal via begrotingswijzigingen nog aanzienlijk kunnen
2/3
veranderen. Op welke momenten worden de gemeenteraden actief geïnformeerd over deze wijzigingen — en is daarbij opnieuw ruimte voor een zienswijze? Antwoord: Afwijkingen van materiële betekenis dienen zo snel mogelijk ter kennis gebracht te worden aan de gemeenten. Dit wordt bepaald door het Algemeen bestuur van de VRK conform artikel 8 verordening 212 VRK (actieve informatieplicht). Begrotingswijzigingen die van invloed zijn op de omvang van de inwonerbijdrage worden voor zienswijze aan de raden voorgelegd als deze leiden tot een verhoging van de inwonerbijdrage. Dit kan op de volgende momenten: tijdens het begrotingsproces, 1e bestuursrapportage van het lopende jaar en tijdens het verantwoordingsproces over het afgelopen jaar. Dit conform artikel 33 verordening 212 VRK.
3/3