CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

7. Transcript - 14 mei 2024

Raadscommissie 14 mei 2024, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Transcript31.999 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

6 alinea's met “ontwerp”: 60 97 110 114 154 157

zou zien dat in het meerjarenuitvoeringsprogramma nader wordt uitgewerkt hoe de kosten voor minder draagkrachtige inwoners kunnen worden opgevangen binnen de MRA. Dat is een goed punt dat u dat als zienswijze meegeeft, maar we willen er nog eigenlijk iets aan toevoegen. We horen ook graag van de collega's of zij er ook achter staan, namelijk het volgende: we lezen namelijk toevallig in deze dagen dat het Economisch Instituut voor de Bouw het in hun woorden volstrekt onhaalbaar acht om alle woningen en gebouwen voor 2050 van het gas af te krijgen. Er worden bedragen genoemd van driehonderdvijfenzeventig miljard euro, waarvan een groot deel niet kan worden terugverdiend. Nou zeggen wij, geld is niet alles, maar naast hoge kosten missen wij kennelijk ook de nodige arbeidskrachten, want er zijn, naar het EIB stelt, wel honderdduizend extra bouwvakkers nodig om alleen al de huidige doelen te halen. Als dorpspartij laten we ons door dit soort cijfers niet zo snel ontmoedigen. Alle begin is moeilijk en we begrijpen dat we de lat hoog moeten leggen. Maar tegelijkertijd, en nu komt het wat we u vragen, pleiten we wel voor realisme. Werken aan plannen die haalbaar en betaalbaar zijn. Want realisme is net zo belangrijk als de energietransitie, want zonder realisme geen energietransitie.

Want de plannen die niet realistisch zijn, daarmee creëer je geen draagvlak bij de inwoners die nog een steun in de rug nodig hebben, die we nog moeten krijgen. En met plannen die niet realistisch zijn stel je ook nog eens progressieve inwoners teleur voor wie het allemaal al niet snel genoeg gaat. Dus we willen eigenlijk u vragen om nog mee te nemen in de zienswijze dat bij de uitwerking van het meerjarenuitvoeringsprogramma ook echt te werken aan haalbare en betaalbare plannen, want dat komt de uitvoerbaarheid alleen maar ten goede, denken wij. Wilt u dat meenemen? De voorzitter: En u wilt het ook voorleggen aan de rest van de commissie, begreep ik hè? Dan zullen we dat meenemen en verzoek ik ook de commissieleden om dit in de tweede termijn mee te nemen. Hetzelfde als de vraag van de OPZ overigens over het voorbehoud. Wilt u daar ook al meteen op reflecteren dan? De heer Stephan: Excuus, dat vergeet ik helemaal. Dat voorstel dat steunen wij. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de PVV, mijnheer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Dank u wel voorzitter. In dit document staan een paar hardnekkige misvattingen. Ik citeer: de stijgende zeespiegel en afwisselende periodes van droogte en extreme regenval zijn inmiddels het nieuwe normaal.

Klimaatverandering afremmen en ons aanpassen aan de gevolgen die er nu al zijn is een noodzakelijke opgave die impact heeft op alles wat we doen in deze regio. Er is geen sprake van meer extreem weer. Dat zuig ik niet uit mijn duim, voorzitter, maar dat blijkt uit de waarnemingen. Alle pogingen van de media om dit beeld te schetsen ten spijt. In het laatste IPCC rapport, de notoire vereniging van klimaat alarmisten, bekend onder de naam AR6, assessment report nummer 6, valt het terug te vinden in hoofdstuk 12, figuur 12.12, pagina 118-156. Dat is even voor degenen die denken dat ik hier weer onzin zit uit te kramen. Nu kunt u het gewoon controleren. Verder is het beperken van CO2-uitstoot om meerdere redenen volkomen zinloos. Om te beginnen laten de metingen zien dat het CO2-gehalte van de atmosfeer geen enkele reactie laat zien op het gevoerde kostbare beleid. En dan komen we bij het hoofdstukje haalbaar betaalbaar natuurlijk. Volkomen logisch aangezien de natuur met afstand de grootste uitstoter is. Volgens mijn persoonlijke berekeningen 94,8 procent. 42 gigaton van de totaal 810. U mag het narekenen hoor. De natuur stoot bij hogere temperaturen meer CO2 uit. Klimaatalarmisten die draaien dat om. Die denken ‘…’ dat je daarmee de boel kan opwarmen. Ik raad die mensen aan om nog eens goed te googelen de tweede hoofdwet van de thermodynamica. Doe uw best.

En ga dan ook gelijk even googelen naar de infrarood eigenschappen van het CO2 molecuul en de bandbreedtes waar het molecuul voor gevoelig is en hoeveel en hoe weinig van dat licht überhaupt aanwezig is. De voorzitter: Mijnheer Van Tiggelen, mag ik u vragen om terug te keren richting het MRA?

De heer Van Tiggelen: Voorzitter, als u wilt dat ik mij niet uitspreek tegen onzin in een stuk, dan moeten ze het er maar uithalen. En dat is ook in feite ons voorstel waarvoor ik vermoed dat ik daar de handen niet voor op elkaar ga krijgen. Ik ben bijna aan het slot van mijn betoog, voorzitter. De geologische geschiedenis van deze planeet leert ons dat het huidige niveau in CO2 bijzonder laag is en zich al vijfhonderdveertigmiljoen jaar zich in een dalende trend bevindt. Vandaar het huidige, bijzonder lage niveau. Slechts één molecuul per tweeënhalf duizend . Daar hebben we het over. Voorzitter, wij weigeren aan deze dwaling mee te doen. Een kostbare dwaling waar uiteindelijk ook de Zandvoortse burger een fikse rekening voor krijgt gepresenteerd. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer van Tiggelen. Laat duidelijk zijn dat ik u altijd het woord zal geven en dat het meer een punt was van richting de agenda. Dan gaan we verder naar D66, mijnheer Hermsen. De heer Hermsen: Voorzitter, dank u wel. Ik zei het al net naast degene naast me: deze dorpspartij van D66 die heeft al eens een keer uitgerekend wat het zou kosten. Dat is al een tijd geleden. Wat het zou kosten om alle huizen te verduurzamen. We hadden toen een bedrag van vijfentwintig euro per huishouden. Dat zal ongetwijfeld nu al wat duurder zijn als je alles zou willen verduurzamen.

Dan kwamen we uit op tweehonderdmiljoen. Die berekening kunt u ook testen overigens en narekenen want het is heel simpel. Maar waar het om gaat is dat je soms ook…Dat was het fijne toen ook, dat wat we hebben kunnen doen met het Eneco -fonds daarin. Dat we een verduurzamingsfonds hebben kunnen opzetten. Dat we daar dus aan meewerken. Soms moet je ook gewoon maar eens denken Het is natuurlijk een vooruitzicht en misschien moeten we dan ook maar eens dromen hoe het zou zijn als wij CO2-neutraal zijn in 2050. Ik denk dat, dat realistisch is en natuurlijk moet je in acht nemen wat er gesteld wordt. Het is ook realistisch om te stellen dat het waarschijnlijk op een bepaald punt op dit moment de vooruitzichten heel slecht zijn daarin om dat te behalen, maar de technologie en ook de bouwmaterialen en de wijze van fabricering ook stappen zal ondernemen waardoor het allicht wel mogelijk is. Wat ons betreft laten we dan ook zo de MRA agenda 80% en hopen dat de regio daarin mee wil dromen om te kijken wat er mogelijk is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hermsen. ZEE, mijnheer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. We hadden een aantal punten waarvan wij toch constant blijven benadrukken wat we in zekere zin zwak vinden van de MRA. Dat is geen kritiek op het bestaan van de MRA, want we begrijpen waarom het er is.

Maar we vinden het toch belangrijk om te benadrukken dat wij deze zorgen hebben en hopen dat daar het een en ander mee kan gebeuren. Eén is het gebrek aan concrete actiepunten. Ondanks de duidelijke visie mist de propositie concrete actiepunten en specifieke richtlijnen over hoe gestelde doelen precies gerealiseerd gaan worden. Natuurlijk begrijp ik dat dit ook deels aan de gemeenten is die erover gaan en de andere instanties, maar het is zo vaag dat we zeggen: voeg een beetje toe. Nummer twee: onvoldoende focus op lokale en specifieke behoeften. Hoewel er aandacht is voor regionale samenwerking, is er te weinig nadruk op de specifieke behoeften en prioriteiten van bijvoorbeeld Zandvoort zelf. Lokale issues zoals toerismebeheer en kustbescherming verdienen wat ons betreft specifieke aandacht. Drie: de balans tussen economische groei en natuurbehoud. Er moet meer duidelijkheid komen over hoe de balans tussen economische groei, toeristische-recreatieve ontwikkelingen en het behoud van kwetsbare natuurgebieden effectief gehandhaafd kan worden. Het is cruciaal om conflicten tussen onze doelen te voorkomen. Punt vier: verwevenheid van fysieke en sociale opgaven. Hoewel het belangrijk is om fysieke en sociale opgaven in samenhang te zien, is de praktische werking ervan nog niet helemaal duidelijk.

Het is belangrijk om te specificeren hoe deze integratie op een operationeel niveau plaatsvindt. Om een klein stukje aan te vullen, want dat vinden we ook altijd belangrijk als we kritisch zijn. We hebben twee ideeën, voorstellen

eigenlijk als het gaat om die lokale behoeften. Er speelt nogal wat op het vlak van de energietransitie zoals wij allen weten. En er zijn een aantal gemeenten in Nederland en een aantal plaatsen in Nederland waar zij werken met regionale of lokale energiecorporaties of zelfs energiebedrijven. En wij zouden heel graag het idee van een regionale energiecorporatie op de agenda willen zien van de MRA of eigenlijk op onze regionale radenagenda, zodat we met elkaar kunnen kijken: wat levert dat op, wat kunnen wij daarmee? Dan ook refererend naar onze eerste inspreker vandaag die het had over het feit dat er dan vijftig laadpalen naar een beursgenoteerd buitenlands bedrijf gaan. Dat zijn dan dingen die we bijvoorbeeld zelf als regio zouden kunnen oppakken. En zo zijn er andere voordelen, zoals energie delen. Dus dat iemand die in een VVE zit op dit moment, een vereniging van inwoners die kan niet zomaar zonnepanelen op een dak plaatsen om te verduurzamen, om aan bepaalde richtlijnen te doen. Want dan moet iedereen het daarmee eens zijn in heel veel gevallen. Als jij bijvoorbeeld energie delen toestaat of eigenlijk mogelijk maakt door zo'n energiecorporatie, kan iemand met een groot dak zeggen: is goed, als jij bij mij via die energiecorporatie een contract afsluit, krijgt diegene technisch gezien die groene stroom die hij op dit moment niet kan doen.

Zo zijn er heel veel van dat soort dingen die mogelijk worden met een energiecorporatie, die zouden we ook graag nader willen toelichten. Een ander punt wat veel meer uitgaat van onze specifieke behoefte, is de vraag of het niet mogelijk is om te onderzoeken of er een busbaan plus fietspad parallel aan het spoor, aan de noordkant, richting Haarlem kan gaan. Want het is natuurlijk al ongelooflijk moeilijk als we nu kijken naar onze ontsluiting met twee wegen, om dat op een of andere manier in goede banen te leiden. We kunnen niet zomaar de duinen doorkruisen, daar zijn we ons allemaal van bewust gezien de hoge en ook zeer belangrijke terechte bescherming van ons prachtige natuurgebied. Maar we denken als er ergens een mogelijkheid is om iets te doen zijn er die twee zaken en we denken ook dat, dat veel oplost in het bredere verhaal als het gaat over de fietssnelwegen waar de MRA constant over spreekt. En die willen wij waarschijnlijk als moties vreemd indienen aankomende raadsvergadering aangezien het niet nog terugkomt, hoorde ik net. Ik zou graag de vragen van de commissie in de tweede termijn beantwoorden als dat duidelijk is. Dank u wel. De voorzitter: Voor de duidelijkheid: deze 80% versie gaat eerst naar de regionale raad en daarna komt hij in een later stadium weer terug in onze raad. Dan gaan we naar de Partij van de Arbeid. Mevrouw Koper, u zat al klaar.

Mevrouw Koper: Dank u wel voorzitter. Partij van de Arbeid heeft niet van die belangwekkende opmerkingen als de collega's hiervoor. We vinden het ontzettend goed dat gezondheid een permanente rol krijgt in de uitgangspunten. En ik denk dat als we kijken naar de omgeving waar wij wonen, met Tata Steel et cetera en alle zaken die op ons afkomen, dat het heel belangrijk is dat we dat als vertrekpunt gaan nemen voor een aantal zaken. Dus daar zijn we echt voorstander van. Als het gaat om de uitspraak: realisme is net zo belangrijk als de energietransitie toen dacht ik: dorpspartij? Heeft u een nieuwe leider, de heer Rutte of zo, aangenomen? Ik weet niet wat u nu van plan bent hoor, maar een hoop problemen waar we nu tegenaan lopen en waar bijvoorbeeld nu geen personeel meer voor is, heeft alles te maken dat er in het verleden veel voor ons uitgeschoven is. Dat is niet realistisch. Betaalbaar en haalbaar. Ik vind, zoals het in de propositie opgenomen is, dat we goed kijken naar de betaalbaarheid, zeker voor de laagste inkomens en kijken hoe we dat gaan doen. Dat is allemaal prima. Maar onder deze mom van realisme is het weer voor ons uitschuiven. En daar is de Partij van de Arbeid niet van. Die is van het oplossen. Dus wij kunnen ons nu prima vinden in de 80% versie zoals die hier voor ons ligt. Met een compliment voor de gezondheid. De voorzitter: Dank u wel.

Dan gaan we naar Jong Zandvoort. Mevrouw Göransson.

Mevrouw Göransson: Dank u wel voorzitter. De zienswijze op de MRA 80% versie. Voor het grote deel is de agenda iets waar we ons in kunnen vinden. Maar veel ambities hebben ruimte voor interpretatie. We zijn daarom benieuwd wat de verdere uitwerking gaat zijn. Bij punt 5 wordt onder andere gesproken over het bouwen van bereikbare woningen welke goed ontsloten zijn door onder andere OV en gunstige ligging ten opzichte van werklocaties en voorzieningen. Zandvoort ligt aan het einde van twee N-wegen. Maakt het lastig voor de bereikbaarheid. Maar des te belangrijker om er ook goed over na te denken. Wij zien graag dat de MRA deze lastige bereikbaarheid van Zandvoort ook in de gaten houdt bij de overige gemeenten. Wanneer zij de doorstroom bijvoorbeeld beperken, dat directe invloed heeft op onze inwoners, maar ook indirect, namelijk inwoners die werkzaam zijn in de toeristische sector worden daar ook mee beïnvloed. Goede bereikbaarheid via OV, fiets en auto is voor ons uiterst belangrijk. We zouden ook dan graag zien dat bijvoorbeeld de bereikbaarheid vanuit de kant van Hoofddorp verbeterd wordt. Die kant is nu slecht bereikbaar met OV en met de fiets is het wat verder dan natuurlijk vanuit Haarlem. Daarnaast komt de bereikbaarheid ook weer terug in punt 7. Hier wordt de kustbereikbaarheid specifiek genoemd.

We hopen daarom ook dat de specifieke punten die we net aanhalen, daarom niet alleen voor Zandvoort worden gezien, maar als een voordeel voor de hele MRA. Tot slot heeft de MRA ook nog het over om natuurgebieden te verbinden. Er wordt hier bijvoorbeeld ook naar gekeken bij de natuurbrug op de Zeeweg, die nog niet voor alle dieren open is. We zijn benieuwd hoe de MRA er tegen aankijkt, maar ook hoe wij als Zandvoort er tegen aankijken. We hopen op deze manier duidelijk te hebben dat vooral de uitwerking van de punten belangrijk is, omdat we het dus op verschillende manieren kunnen interpreteren. OPZ gaf net aan of we het met hun voorstel eens zijn om een soort van punten bij te houden. Daar zijn we voor. En het CDA gaf aan haalbaar en betaalbaar. Haalbaar en betaalbaar is goed. Als dingen niet haalbaar of betaalbaar zijn, waar doe je het dan eigenlijk voor? Maar ambitie hebben is natuurlijk ook belangrijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we bijna over naar de VVD, wilde ik zeggen. Maar ik zag in mijn ooghoek, de heer Stephan, CDA. Een interruptie. De heer Stephan: Ik was een beetje laat. U was al heel snel naar Jong Zandvoort gegaan, maar ik was eigenlijk nog een kleine interruptie aan de PvdA aan toe. Mag dat nog? De voorzitter: Het is wel een hele mooie stijlfiguur.

Dus u wilt een interruptie doen op de Partij van de Arbeid die als is geweest? Ik zou u willen doorverwijzen naar de tweede termijn. Dan gaan we toch echt naar de VVD. Mijnheer Drommel, nu aan u het woord De heer Drommel: Dank u wel, voorzitter. Op dit moment ligt de 80% agenda voor ons. Daar staat in ieder geval heel veel in waar je, je wel in kan vinden en ook heel veel in waar je denkt van: moet dat er nou wel in staan? Maar desalniettemin willen wij toch wel altijd blijven benadrukken, zeker ook gezien dat onderzoek van de provincie Noord-Holland, wat een aantal jaren terug is gepubliceerd, dat er gewoon meer behoefte is aan recreatie en buitenruimte. En dat ook het toerisme in Noord-Holland zal blijven toenemen. Die toenemende toerisme willen we graag als Zandvoort zijnde een plek bieden. Dat zien we bijvoorbeeld ook terugkomen in ambitie nummer 7. Maar we zien er wel een tweedeling in ontstaan. Enerzijds wordt er gezegd dat men probeert de drukke plekken te ontlasten en wil zorgen voor die spreiding en vraagsturing. Aan de andere kant lezen wij dat de bereikbaarheid en de instandhouding van recreatiegebieden, waaronder de kust, verbeterd moeten worden. Als die drukke gebieden, als dat Amsterdam is en dat verplaatst moet worden naar Zandvoort en de bereikbaarheid daarvan geborgen moet blijven, dan zijn we daar helemaal voor.

Dat willen we ook blijven uitdragen, zowel bij de regionale radenbijeenkomsten van juni als bij andere gremia. Dus dat is even het aandachtspunt wat wij willen meegeven.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Drommel. Dan gaan we naar de portefeuillehouder. Mijnheer Moolenburgh, aan u het woord. De heer Moolenburgh: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor al uw inbreng. Het proces is al even geschetst, maar de bedoeling is dat wij hier nu de 80% versie en de zienswijze daarop bespreken met elkaar. Vervolgens bent u allen van harte uitgenodigd op de radenbijeenkomst van 5 juni aanstaande om met elkaar, ook met de raadsleden uit de regio van gedachten te wisselen over een zoveel mogelijk gemeenschappelijke inbreng. Uiteraard is er ruimte om ook een Zandvoort-specifieke inbreng te leveren, maar we hebben echt het idee dat we het sterkste staan op het moment dat we zoveel mogelijk in gemeenschappelijkheid reageren. Vervolgens komt het stuk weer terug en uiteindelijk zal dat in het najaar moeten culmineren, zoals dat heet, in een 100% versie die aan u voorgelegd wordt ter vaststelling. Dus dat is de gang der dingen. Misschien even hier mijn dank ook in de richting van onze raadsvertegenwoordigers in dit proces die op verschillende momenten ook echt het geluid van Zandvoort goed verwoorden.

En ik ben ook heel blij dat ten opzichte van eerdere versies die er lagen en ik kan u vertellen, de laatste algemene vergadering van de MRA is daar nog behoorlijk stevig over gesproken, ook specifiek nog meer aandacht in het stuk terecht is gekomen voor kust en landschap, wat natuurlijk twee onderwerpen zijn die ons bijzonder aangaan. Er zijn een aantal zaken genoemd en het risico van zo'n stuk als dit is dat we heel breed gaan en dat we alles erbij trekken. Er zijn natuurlijk allemaal zeer behartenswaardige zaken langsgekomen, maar het is wel goed om even te onderscheiden dat in principe dit een agenda is die natuurlijk zeker abstractie uitstraalt. Dat kan niet anders op het moment dat je met zoveel gemeenten bij elkaar zit. Neem nu weg dat er natuurlijk een aantal parallelle zaken lopen als het gaat om bereikbaarheid heeft de provincie daar natuurlijk, als het gaat om bijvoorbeeld de bereikbare kust ook een hele belangrijke positie in. Ik kijk even naar de heer Berg, ook in de richting van nulmetingen. Daar wordt ook heel veel data verzameld op het gebied van: hoe zit het met de bereikbaarheid van onze kust? Hoe gaan we daarmee om? Wat heeft dat voor effecten op beleid? En we hebben een GR bereikbaarheid hier die zich echt specifiek op de vraagstukken die ons hier in de regio binden, bij elkaar houdt.

Tegelijkertijd ben ik wel heel blij als ik in het stuk lees, want even terugkomend op wat de heer Drommel zegt, er is natuurlijk behoorlijke druk om Amsterdam te ontlasten. En wij stralen in ieder geval binnen MRA-verband uit dat als het gaat om de gezamenlijkheid en de gezamenlijke inzet wij nog wel ruimte hebben. Daarom ben ik ook blij inderdaad dat de zin is toegevoegd bij programma 8 waarbij ook zegt dat de kwaliteit van het wegennetwerk in alle deelregio's minimaal gelijk gehouden moet worden en waar nodig door groei van het aantal gebruikers en daar mogen we vanuit gaan te verbeteren. Dat is specifiek opgenomen ook vanuit de wens van Zandvoort om te zeggen: laten wij nou in ieder geval kunnen faciliteren dat wij de badplaats en het recreatiegebied voor de metropool zijn. Dus dat moeten we uitstralen met elkaar. Dan even in de richting van de heer Berg. Ik probeer even te kijken of ik hem goed verstaan heb. Hij zegt: je zou eigenlijk een voorbehoud moeten maken voor al die punten die mogelijk in het nadeel van Zandvoort zouden kunnen uitvallen. Maar ik kijk even naar hem of ik dat goed gehoord heb. Ik zou daar niet voor zijn en om de volgende reden: ik denk dat wat er nu staat voldoende recht doet aan de inbreng die vanuit Zandvoort tot nu toe geleverd is. Het zou nog best op een bepaald punt wat aangescherpt kunnen worden.

Tegelijkertijd is een stuk als dit ook een agenda vanuit waar je werkt waar vanuit je gezamenlijk lobbyt, je gezamenlijke inzet. Dan kijk ik ook even naar de opmerking die de heer Gerrits van ZEE gemaakt heeft over: er zit zo weinig lokaal specifiek in Dat is nou eenmaal het uitgangspunt van zo'n brede agenda waar je met zoveel partijen samenwerkt. Als we daar een agenda van zouden maken waar elke gemeente datgene wat voor hem uitsluitend van belang is in op zouden nemen of dat ieder zijn eigen belangen dan zou het een onleesbaar stuk worden wat ook volstrekt niet op breed draagvlak van een ieder zou kunnen. Dus in dat opzicht zou ik zeggen: laten we in ieder geval echt goed kijken van wat staat er en welke uitgangspunten zijn er opgenomen waar wij in ieder geval als Zandvoort heel goed mee uit de voeten kunnen. Dat met betrekking tot die opmerking. Dan kijk ik even naar de opmerking van de heer Stephan naar

aanleiding van de verduurzaming. Ja, ik ben het eigenlijk wel met de heer Hermsen eens. Je moet ook durven dromen en ambities durven te stellen. En natuurlijk, als belangrijk uitgangspunt voor de meerjarenuitvoeringsprogramma wat als uitvloeisel van deze agenda gaat gelden is natuurlijk haalbaarheid een hele belangrijke, dus dat wordt meegenomen. En er is niks mis met het stellen van doelen. En ook kijken hoe je daar onderweg misschien door gewijzigd inzicht nog een keertje even wat aan moet bijstellen, wat aan bijschaven. Maar het stellen van doelen en uiteraard binnen de realisme wat nodig is, is natuurlijk ook het kernelement van een dergelijke agenda waarbij je echt een vooruitzicht met elkaar hebt: zo willen we dat over de komende tien, twintig, dertig jaar die MRA eruit gaat zien. Misschien nog heel even over dat element, want dan grijp ik ook even terug op een opmerking van de heer Gerrits, dat gebrek aan actiepunten. We werken dus in de richting van een uitvoeringsprogramma en dat zal ook echt vertaald worden in uitvoeringsprogramma's per deelregio. U noemt een aantal specifieke punten en dat zijn allemaal hele waardevolle punten waarvan ik me ook wel afvraag of dat de punten zijn die je in een MRA agenda zou moeten regelen.

Uiteraard is de corporatie die u noemt een heel waardevol instrument en tegelijkertijd zie je dat, dat nu overal wel gaat ontstaan op het niveau van steden, op het niveau van dorpen, dat de provincie daar ook in ondersteunt en uitvoering aangeeft. Dus uiteraard is het belangrijk. De vraag is eventjes, als het al op andere platforms en in andere gremia zo'n belangrijke plek heeft gekregen moet je daar dan vervolgens als MRA ook nog op die manier op doorpakken? De voorzitter: Een interventie van de heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. Had ik eigenlijk gelijk een verhelderende vraag aan de portefeuillehouder. En dat is in dat geval: wat zou volgens de portefeuillehouder dan wel de plek zijn om zoiets in te dienen? Want wij denken wel: er moet natuurlijk wel op een manier een opdracht uitkomen te staan die, lijkt ons, breder is het dan alleen Zandvoort. Want alleen als Zandvoort een energiecorporatie beginnen lijkt ons een wat groot project. Dank u wel. De voorzitter: Portefeuillehouder. De heer Moolenburgh: Ik weet dat er in Haarlem een aantal projecten lopen en echt succesvol ook bewoners met elkaar bezig zijn. Ik zou het logisch vinden om te kijken of vanuit betrokken bewoners van Zandvoort daar aansluiting bij gezocht kan worden. Even kijken, dan is er natuurlijk even het nodige gezegd over de aansluiting fysiek-sociaal.

Wat deze agenda uitstraalt is dat we in ieder geval datgene wat we doen natuurlijk voor een heel belangrijk deel binnen het fysieke domein plaatsvindt, maar daarin wel een bijdrage levert aan wat dan, ik weet dat er binnen het college bepaalde mensen zijn die de term af en toe een beetje lastig vinden, maar brede welvaart. Ik zie in ieder geval één iemand achterin even opveren. Maar goed, het geeft wel weer dat uiteindelijk wat we doen echt ook bijdraagt aan het welzijn van de inwoners van die metropool. En daarom ben ik ook blij dat in ieder geval die notie en die verbreding ook naar gezondheid dat die ook in de agenda zijn opgenomen. Even kijken, dan is nog de opmerking…Niet ten nadele van het feit dat ik vind, mijnheer Gerrits, dat u altijd goede ideeën heeft, maar ook nog even over die busbaan die u genoemd heeft. Dat vind ik nou typisch iets wat we in een GR bereikbaarheid hier binnen de regio met elkaar zouden moeten bespreken. Dus dat dat daar de plek is. Ik kijk nog even verder. Partij van de Arbeid, dank voor de complimenten over het... Volgens mij heb ik daarmee ook de vragen van Jong Zandvoort getackeld en ben ik daarmee aan het einde van mijn termijn. Dank u wel. De voorzitter: Ik had nog wel volgens mij een vraag van Jong Zandvoort genoteerd betreffende de natuurbruggen op de Zandvoortselaan.

De heer Moolenburgh: O ja. Ik ben me ervan bewust dat die nog steeds dicht is, maar dit is ook niet iets wat op een MRA tafel thuis hoort, maar in ieder geval bij de eigenaar van de natuurbrug. Ik zie de wethouder die hierover gaat knikken dat dit wel in ieder geval ook op het lijstje van hem staat om daar met volle aandacht naar te kijken en ik weet ook dat er ook een aantal betrokken burgers bij zijn. De heer Carree knikt ja. De voorzitter: Dank u wel, portefeuillehouder. Ik weet dat er nog een interessant debat zit aan te komen tussen het CDA en de Partij van de Arbeid. Mijnheer Stephan, aan u dus het woord. De heer Stephan: Niet alleen. Ik dacht ik haak er even op in. Ik heb een aantal reacties gehoord, ook van mijn collega van de andere dorpspartij, dorpspartij D66. Ik wil allereerst benadrukken dat ook wij, de dorpspartij van het CDA, staat voor rentmeesterschap en het doorgeven van deze aarde aan volgende generaties. Dus daar geen twijfel over. Alleen waar wij elkaar denk ik net hebben misverstaan is: wij pleiten voor realisme in wat wij met elkaar afspreken. Want wat wij zien, en nogmaals, ik citeer net een bericht uit het Haarlems Dagblad van gisteren, waarin het Economisch Instituut voor de Bouw aangeeft dat de plannen die nu zijn gemaakt op allerlei niveaus, gewoon niet haalbaar zijn. Het gaat gewoon niet gebeuren, punt.

En ik vraag nu alleen: laten we met elkaar iets afspreken wat we kunnen uitvoeren, niet omdat ik niet meer zou willen, maar omdat als we iets afspreken, als we luchtkastelen gaan beloven, dan gaan ze ten eerste niet worden gebouwd en dan raak ik mensen als de heer Van Tiggelen, die krijg ik daar niet mee. En ik krijg de heer Hermsen en mevrouw Koper krijg ik alleen maar teleurgesteld. Daarom zeg ik: laten we iets realistisch neerzetten, want dan weten we zeker dat het uitgevoerd gaat worden. Ik hoop dat we ons daarin kunnen vinden. Eens? De voorzitter: We kijken rond of er mensen op willen regeren. Dit is meteen de tweede termijn inderdaad. Mevrouw koper. Mevrouw Koper: Dank u wel. Dan kan ik meteen reageren op collega Stephan, want de beantwoording van de portefeuillehouder was voor mij helder. Ik blijf ook bij datgene wat ik in eerste instantie heb gezegd. Realisme is zo'n containerbegrip die vaak gebruikt wordt als we zaken niet ambitieus willen aanpakken. Nee, dit moeten we realistisch doen. Met andere woorden: we moeten een tandje terug. Dat is de discussie die we niet moeten voeren met elkaar. Als je ziet dat de problemen die we hebben op het gebied van de arbeidsmarkt, hebben alles te maken met het feit dat we dit twintig jaar geleden misschien anders hadden moeten aanpakken. En dat we iets meer in het MBO hadden moeten investeren.

Maar dat is een hele andere discussie, die hoort hier niet thuis, misschien wel op een MRA tafel. Maar ik ben het niet eens met de heer Stephan, hij kan me niet overtuigen. Dus op zijn vraag zijn we het eens? Nee, dank u. De voorzitter: Mijnheer Stephan, interruptie. De heer Stephan: Sorry, heel kort en toch aanhakend op vooral…Maar u zegt inderdaad één van de problemen, terecht wordt ook genoemd, is toekomstige arbeidskrachten. Ik deel met u dat daar inderdaad jaren geleden steken zijn gevallen. Neem niet weg dat wij, deze generatie, wij nu als besluitmakers met het probleem zitten dat wij honderdduizend nodige extra krachten missen om deze plannen uit te voeren. En dan zeg ik: als dat een gegeven is waar wij mee te maken hebben, Dan vraag ik u om dan te komen tot een plan wat echt haalbaar is en geen luchtkastelen te beloven. Want ik leg de lat hoog, maar ik kijk ook naar wat we ook kunnen realiseren om teleurstellingen te voorkomen. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk de commissie verder of er verder nog een tweede termijn gewenst dient te zijn. Ik zie drie handen omhoog gaan. We beginnen bij de heer Gerrits, die won de wedstrijd. Daarna de heer Van Tiggelen en daarna de heer Berg. Mijnheer Gerrits.

De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. We willen gelijk reageren op eigenlijk de vraag van het CDA. Wij kunnen ons er eigenlijk wel in vinden, wat de heer Stephan zegt. Dat heeft wat ons betreft alles te maken met het feit dat we veel van de gestelde doelen aangaande de energietransitie überhaupt heel onrealistisch vinden. En zelfs als er realisme in zit, in een aantal van de stukken ons afvragen, in hoeverre dat wenselijk is, omdat de vraag is: wat levert het ons nou feitelijk op? Laat ik heel erg duidelijk zijn en benadrukken: we zijn wel een groene partij, maar er is een verschil in vergroening willen, verduurzaming willen, goed zijn voor het milieu en in effectief beleid steunen, wat ook nog eens heel veel belasting kost en eigenlijk de inwoners raakt. Dus wij steunen daarin wat de CDA zegt. Verder begrijpen we de zorg van heer Berg nog, ook ingaande op wat hij in het begin aangaf. Maar zoals de portefeuillehouder in dit geval zegt, beter om het niet te doen. En het lijkt ons ook logisch in die zin, omdat je natuurlijk ook de samenwerking op stelten zet. Sluiten we ons toch aan bij het verhaal van de portefeuillehouder. Maar de zorg delen wij absoluut. Verder dank aan de portefeuillehouder voor de toelichting die net is gegeven. Wij gaan het stuk voor de busbaan opnemen in de bereikbaarheid dan in dit geval.

En we zouden graag nog een keer een koffie of bellen of iets dergelijks willen doen over de energiecorporatie. Omdat we denken dat het misschien toch wel iets is wat grootser moet worden aangepakt. Maar we begrijpen ook wat de portefeuillehouder daarover zegt. Ik denk dat ik dan alles heb gehad, klopt dat? De voorzitter: Dank u wel. De portefeuillehouder kennende staat die koffie altijd voor u klaar. De PVV, mijnheer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Voorzitter, dank u wel. Een beleid gebaseerd op realiteit in plaats van op misvattingen en sprookjes, daar pleiten wij al enige tijd voor. Onder het mom van de gestadige druppel holt de hardste steen ga ik maar weer eens proberen, en dan ga ik in herhalingen vervallen, wat sprookjes af te breken De termen energietransitie en CO2-neutraal zijn gevallen. Energietransitie is op zich al een leugenachtige term. Het gaat niet over energie, het gaat over elektriciteit. Slechts een bescheiden deel van ons energieverbruik. Daar begint het mee. Wat willen we doen? We willen zoveel mogelijk elektrisch maken, want daar zouden we beter weer van krijgen. Tegelijkertijd willen we inzetten op per definitie onbetrouwbare stroombronnen. Wind en energie. Of wind en zon. Die zon laat het dagelijks langdurig afweten, gedurende avond en nacht. Ik ga ervan uit dat, dat in brede kring bekend is. En die wind, daar kun je ook niet op rekenen.

Dus je hebt gewoon onbetrouwbare stroomvoorzieningen. Dan moet je dus back-up hebben en dat kost extra geld. Ook weer geld dat bij de burger vandaan moet komen. Wat hebben we nu reeds? De term netcongestie. O, u wilt daar een woonwijk neerzetten? Nee, maar sorry, we kunnen de stroom nog even niet leveren. O, u wilt daar een industrieterrein aanleggen? Nou, dan moet u even wachten, want u krijgt van ons geen elektriciteit. TenneT heeft kort geleden gezegd: stroomlevering met ingang van 2030 is niet vanzelfsprekend. Dan kun je wel willen dat iedereen in een elektrische auto gaat rijden, maar dat kan helemaal niet, want er is niet eens genoeg lithium op deze planeet om die accu's te maken. Kan gewoon niet. Is gewoon fysiek onmogelijk. CO2-neutraal? Nou, het valt mij op dat iedereen hier zit adem te halen. U bent op heterdaad betrapt. Een gemiddelde mens ademt 800 gram CO2 uit per dag. We hebben 8 miljard mensen op deze planeet. 6,4 miljoen ton CO2 per dag. In onze tijdzone heeft een dag 86.400 seconden. Dus we ademen met z'n allen 74 ton CO2 uit per seconde. Wilt u CO2-neutraal worden? Stop dan met ademhalen. Daar zijn we geen voorstander van hoor. Stop met die onzin. Alstublieft. Dank u wel. En ook voor onze komende generaties. Dat zou heel fijn zijn. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Tiggelen. Mijnheer Berg. De heer Berg: Dank u wel, voorzitter.

Ik mag het woord energietransitie niet gebruiken, geloof ik. Maar wij zien toch van het CDA de realiteitszin. Vinden wij wel verstandig om dat in mee te nemen. Dan nog op de ambities

5 tot en met 8 is er volgens de portefeuille houder geen verduidelijking of opheldering voor nodig. Dan wil ik toch eens die ambitie 8 naar voren halen. Daar staat: we willen dat een ieder zich op een duurzaam en betaalbare wijze kan verplaatsen binnen de MRA. Dan hoor ik mijn collega Gerrits van ZEE zeggen: we zetten een relatie met een buurgemeente op spil. Maar dit is juist een zin, een duurzame en betaalbare wijze verplaatsen, die zero-emissiezone die de doorgang naar Zandvoort wordt belemmerd door de buurtgemeentes, zonder dat we er inbreng van hebben. Dan vraag ik: waarom is op dit punt geen verduidelijking nodig wat we er nou eigenlijk mee bedoelen? Wat dat betreft kunnen wij ons nog steeds…Zijn we echt op zoek en hopen we toch steun te vinden dat u ambitie 5 tot met 8 duidelijk gaat vragen: wat bedoelen ze er nou duidelijk mee? Want dit kan echt leiden dat je op sommige punten met een koude kermis thuiskomt. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk de commissie verder. Ik zag een twijfelend handje bij de heer Keuning. Wilt u het woord? Mijnheer Keuning. De heer Keuning: Dank voorzitter. Nog even kort over het voorstel van het CDA. Mijn collega's in de commissie hebben hier al genoeg over gezegd en dit kunnen we niet steunen. Dank u wel. De voorzitter: Ik kijk de commissie verder voor een tweede termijn. Ik zie dat daar niet meer in wenst gesproken te worden.

Dan kijk ik naar de portefeuillehouder. Heeft u nog een toevoeging die u zou willen doen of meenemen? De heer Moolenburgh: Ja, ik zit nog even te kijken. U bent natuurlijk hartelijk uitgenodigd om op 5 juni met elkaar, ook met de overige raden, dit gesprek aan te gaan. Ik zoek even naar de juiste bewoordingen, omdat ik natuurlijk snap wat de heer Berg bedoelt. Dat we als gemeenten kunnen elkaar dwars komen te zitten. Of dat het gevolg is van wat wij hier als ambities in globale zin en met een zekere abstractie met elkaar op papier zetten, weet ik niet. Tegelijkertijd constateer ik wel dat er bij hele behartenswaardige zinnen zijn opgenomen, die eerst niet in deze 80% versie stonden over het feit waarbij gewoon echt gezegd wordt: als het drukker wordt, dan gaan we ook de wegen daarop aanpassen en uitbreiden. Dat vind ik van een hardheid en een duidelijkheid die ik zeer kan waarderen waar het gaat om het feit dat wij, wat ik al eerder heb uitstralen, dat ondanks het feit dat de druk op bepaalde delen van de metropool groot is, wij gaarne bereid zijn in ieder geval die 20, 30% extra aanbod van capaciteit van mensen om die te verwerken, om mensen hier een fijne dag of wat meerdere dagen door te laten brengen. Dus ik vind dat heel helder, ik vind het heel duidelijk. En ja, ook waar het om de abstractie gaat, niet schadelijk voor de positie van Zandvoort. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel portefeuillehouder. 11. Wijziging gemeenschappelijk regelingen 11.a Toestemming wijziging GR Omgevingsdienst IJmond 11.b Toestemming wijziging GR Gemeentebelastingen Kennemerland Zuid (GBKZ) 11.c Toestemming wijziging GR Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland De voorzitter: Dat brengt ons bij agendapunt 11. Ik heb tussendoor ook al een blik geworpen op mijn horloge en daar is…Geworpen, dank u wel. Daar is het tien voor elf op. Ik zou toch met u nog wel eventjes in ieder geval agendapunt 11 willen behandelen en wellicht daarna met elkaar weer spreken of we de rest verdagen naar morgen. Waarbij ik ook alweer de aantekening wil maken dat ik graag de agendapunten die we dus vandaag verdagen, morgen na het einde van de agenda wil plaatsen omwille van twee andere onderwerpen

die we daar ook bespreken. Maar ik zou in ieder geval u dat alvast als denkwijze willen meegeven en met u eerst agendapunt 11 nog even willen behandelen. Daar gaan we mee beginnen. Zoals u wellicht heeft gezien bestaat agendapunt 11 uit drie verschillende regelingen die we hebben gecombineerd in één agendapunt. Dat zijn namelijk de wijzigingen van de gemeenschappelijke regelingen die we bespreken. Ik zou u eigenlijk aan de voorkant willen vragen of u op één van deze regelingen een inbreng wil doen, zodat we wellicht alle regelingen in één keer kunnen bespreken in plaats van elke regeling apart bespreken om ook een stukje tijdswinst te hebben. Wenst één van u op één van de drie regelingen een punt te maken? Ik kijk de commissie rond. Dat klopt inderdaad, er is een agendapunt doorgeschoven. Dus het zijn nu de wijzigingen gemeenschappelijke regelingen. En het zijn er drie, namelijk de toestemming wijziging gemeenschappelijke regeling omgevingsdienst IJmond, de toestemming wijziging gemeenschappelijke regeling gemeentebelastingen Kennemerland Zuid. En punt C: de toestemming wijziging gemeenschappelijke regeling bereikbaarheid Zuid-Kennemerland. Die drie dingen bespreken we. Ik zie dat de heer Stephan een punt wil maken. Mijnheer Stephan, CDA, dat mag zeker. Aan u. De heer Stephan: GR OD IJmond, één vraag.

We lezen opvallend genoeg dat de gemeente Beemster eruit gaat in deze wijziging. Misschien technisch kan het dan beantwoorden, misschien weet de wethouder het. Wat betekent dat voor de capaciteit van OD IJmond? Of heeft het er helemaal geen gevolgen voor? En ook de reden waarom ze eruit zijn gestapt misschien? En tweede vraag, GR GB KZ. Daar wordt nu voorgesteld om, even kijken, als de meerderheid van de gemeentes stemt voor een evaluatie, dan wordt die naar behoefte gehouden. Maar waar gaat het dan over? Een meerderheid van de gemeenteraden of een meerderheid in het gremium? Hoe moet ik dat zien? Dat zijn de twee vragen. De voorzitter: Ik kijk de commissie verder rond of er nog verdere vragen zijn. Daaruit concludeer ik eigenlijk ook meteen dat de gemeenschappelijke regelingen hamerstukken zullen zijn. Klopt dat ook voor het CDA? Klopt voor het CDA. Het zijn wel redelijk technische vragen die daarnet zijn gesteld door het CDA. Wellicht zal de heer Hendriks deze kort kunnen beantwoorden, want dan scheelt het weer een hoop tijd. De heer Hendriks: Dank voorzitter. Die laatste zal ik inderdaad technisch moeten beantwoorden. Dat weet ik gewoon nu niet uit mijn hoofd. De gemeente Beemster is sinds 1 januari 2022 opgeven. Dus dat is de reden dat zij eruit zijn getreden. Dat is niet uit ontevredenheid. Gewoon omdat de gemeente er niet meer is, dus die kan ook geen deelnemer zijn.

En er is gewoon conform alle afspraken staan, uittredingsvergoeding en dat soort dingen voor betaald. Maar dat is… De voorzitter: Ik zag tussendoor nog dat ik de fractie van ZEE ben vergeten. Mijnheer Sukel. De heer Sukel: Dank u voorzitter. Het ging eigenlijk ook over de omgevingsdienst, want de heer Stephan triggerde mij met zijn vragen over de capaciteit bij de omgevingsdienst. Op de gemeenschappelijke regeling zelf geen punt. Hamerstuk inderdaad, maar de zorg blijft wel echt de personele bezetting, zowel in capaciteit als in kwaliteit. Daar vraag ik echt wel grote aandacht voor om dat echt op te pakken. Dank u wel. De voorzitter: Ik zie de portefeuille schudden. Ja schudden. Knikken inderdaad. Ik ben een beetje niet meer in vorm op dit late tijdstip. Dus ik denk dat de portefeuille daarmee de zorgen ook ziet. Dan gaan we naar agendapunt 12, maar ik had u al gezegd dat we na dit agendapunt even zouden evalueren. En ik heb u een gedachtenexperiment meegegeven voor dit agendapunt. We zouden eventueel nog een enkel agendapunt kunnen behandelen, als u zegt nou die kracht en die macht hebben wij nog. U kunt ook ervoor kiezen om de agenda te verdagen naar morgen, waarbij ik wil aantekenen dat we dan deze agendapunten aan het eind van de agenda plaatsen morgen, niet aan het begin. Omwille van mogelijke insprekers die zullen kunnen komen op

de eerste twee onderwerpen, namelijk Sandevoerde en De Krocht. Dus ik ga eigenlijk een rondje maken. Ik heb u twee smaken meegegeven. We kunnen doorgaan en nog kijken hoe ver we komen. Of we kunnen nu verdagen en dan dit naar het einde van de agenda plaatsen van morgen. Ik begin bij Jong Zandvoort. Mevrouw Göransson: Als de rest van de commissie er net zo over denkt als wij: allen hamerstuk, dan kunnen we door. De voorzitter: Dank u wel. OPZ. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Voor ons zijn alle punten verder een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. De PVV. De heer Van Tiggelen: Het is verrassend, voorzitter. Dank u wel. Wij zien nogal wat hamerstukken verder op de agenda. Dus wat ons betreft gaan we even door, een klein eindsprintje en dan zijn we klaar. De voorzitter: Het kleine eindsprintje. Het CDA. De heer Stephan: Ruimte en economie in ieder geval wel hamerstukken, maar samenleving wel nog inbreng. De voorzitter: CDA heeft wel inbreng, maar wel veel hamerstukken. Dus u zou… De heer Stephan: 12 en 13 hamerstuk. De anderen moeten we nog even wat over delen. De voorzitter: Concludeer ik dat we daar dus mee verder kunnen gaan, met de agenda. D66. De heer Hermsen: Alles hamerstuk, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, Partij van de Arbeid. Dat klopt. Punt 16 betreft een bespreekstuk, dus dat moet sowieso ter bespreking worden…Dus u vindt ook doorgaan. GroenLinks.

De heer Keuning: Alles behalve het laatste punt kan afgetikt worden. De voorzitter: Duidelijk. VVD. De heer Drommel: Hamerstukken wat ons betreft, maar wel nog een vraag bij punt 13. De voorzitter: Duidelijk. ZEE. De heer Sukel: Hamerstukken, maar wel vragen bij 12 en 13. En 16 is sowieso een bespreekstuk. De voorzitter: Dan concludeer ik dat we gewoon doorgaan met deze agenda en dat we met al uw hamerstukken waarschijnlijk daar snel doorheen zullen gaan. Punt 16, willen we punt 16 geheel naar morgen verplaatsen? Ik kijk even de commissie rond of iedereen daarmee eens. Ik zie GroenLinks nee knikken. Ik zie ZEE. De heer Sukel: Ik zie wel een risico dat we morgen ook een lange vergadering kunnen hebben, want ik weet dat er meerdere partijen mensen gaan inspreken en dat Sandevoerde en de Krocht wellicht tot behoorlijke

discussies kunnen leiden. We kunnen ook kijken hoe ver we komen met 16. Dat we zeggen: half twaalf stoppen we bijvoorbeeld ofzo. De voorzitter: Ik denk dat, dat het beste voorstel wellicht is dat we gewoon kijken. We hebben toch nog een aantal in uw oren hamerstukken, dat we kijken als we bij punt 16 zijn of we daar nog mee door kunnen gaan en anders verdagen we die gewoon naar morgen. Ja? Mijnheer Hermsen, D66. De heer Hermsen: Als ik nog een ordervoorstel mag doen, voorzitter, is de vragen schriftelijk te stellen en dan te beginnen bij 14 in dit geval. Als het gaat om wat het CDA inbracht. RUIMTE EN ECONOMIE 12. Vaststellen Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur De voorzitter: Mijn voorstel is om gewoon nu te beginnen en dan... Ja, precies. We gaan door met de vergadering. We beginnen bij agendapunt 12. Het vaststellen van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur. De raad wordt voorgelegd de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur vast te stellen. Ik kijk de commissie rond of iemand er iets op wil zeggen. De heer Sukel, ZEE. De heer Sukel: Dank u wel, voorzitter. Het lijkt erg wat ik recent op mijn werk heb gezien. Ook daar had ik maar één opmerking. Er staat niets over het leveren aan de landelijke klikvoorziening in de nadere regels. Dat is zo ongeveer een verplichting. Ik vind het heel raar dat het niet instaat.

Tenzij de wethouder mij kan toezeggen dat het wel absoluut de bedoeling is. Anders zou ik graag willen dat die in die nadere regels wordt opgenomen. Dank u wel. Verder is het stuk allemaal akkoord. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk de commissie verder. Zijn er nog verder vragen aan de wethouder? Ik zie dat, dat niet het geval is. Portefeuillehouder, aan u het woord. De heer Hendriks: Voorzitter, op de vraag van de heer Sukel kom ik graag schriftelijk terug. Ik vind dat een technische vraag. De voorzitter: Dank u wel. Concludeer ik daarmee dat dit een hamerstuk gaat worden naar de raad? Dat kan ik concluderen. Bij deze een hamerstuk, agendapunt 12. 13. Zienswijze Jaarverslag 2023 en ontwerp-jaarplan 2025 GR Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland De voorzitter: Dan zijn we bij agendapunt 13 aangekomen. De Zienswijze ontwerp Jaarverslag 2023 en het ontwerp-jaarplan 2025 gemeenschappelijke regeling Bereikbaarheid Zuid-Kennemerland. De raad wordt voorgesteld als zienswijze naar vooruit te brengen bij de voorzitter van de stuurgroep van de gemeenschappelijke regeling bereikbaarheid Zuid-Kennemerland dat de raad geen wens of bedenking heeft bij het jaarverslag 2023 en het ontwerpjaarplan 2025 van de gemeenschappelijke regeling bereikbaarheid Zuid-Kennemerland. En daarvoor blijft de portefeuillehouder zitten. Ik kijk de commissie rond of hier iemand iets op heeft in te spreken.

Ik zie de VVD. Als eerste mijnheer Drommel. De heer Drommel: Dank u wel, voorzitter. We hebben één punt. Dat betreft de evaluatie van de GR in 2025. We zijn benieuwd hoe die vorm gaat krijgen en wie dat gaat oppakken? Of de GR dat zelf gaat doen? Dat lijkt me misschien een beetje vreemd, dus dat zouden we graag horen. Dat mag eventueel ook schriftelijk beantwoord worden.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Drommel. Mijnheer Sukel, ZEE. De heer Sukel: Dank u wel. Eigenlijk is het net al gezegd bij de MRA, het idee van een fiets- en OV-verbinding langs de sporen. We hopen dat de wethouder dat serieus wil meenemen in de bereikbaarheid kust vraagstukken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk de commissie verder. Is er nog iemand die behoefte heeft aan een inbreng in de eerste termijn? Ik concludeer dat, dat niet het geval is. Portefeuillehouder, aan u het woord. De heer Hendriks: Dank, voorzitter. De vraag van de heer Drommel over de evaluatie van de GR. Daar moet ik het antwoord op schuldig blijven, daar is nog geen proces voor afgesproken. Ik kan wel toezeggen dat zodra we daar stappen in zetten of dat daar een proces is vastgesteld hoe we dat gaan doen, dat we dat uiteraard aan de raden mee zullen delen. En vanzelfsprekend zult u als gemeenteraden daar ook een grote rol in krijgen. De opmerking van de heer Sukel ziet voor mij op een van de vele ideeën die inmiddels zijn ingediend in het programma Bereikbare Kust. En die worden geclusterd van een reactie voorzien en in een plan van aanpak vertaald. Dus laten we dat met spanning afwachten of zijn idee daarin een plek krijgt. De voorzitter: Dank u wel, portefeuillehouder. Dan concludeer ik dat dit stuk als hamerstuk doorgaat naar de raadsvergadering van 28 mei.

En die conclusie kan ik trekken. SAMENLEVING 14. Zienswijze Ontwerpbegroting en Kadernota 2025-2028 en Bijdragebesluit 2025 GR Beschermd Wonen De voorzitter: Komen we aan bij agendapunt 14, Zienswijze Ontwerpbegroting en Kadernota 2025-2028 en het Bijdragebesluit 2025 Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen. Hiervoor vraagt ik de heer Bluijs om naar voren te komen en naast mij plaats te nemen. De raad wordt voorgesteld het voorstel aan de raad vast te stellen en dat betreft dus de ontwerpbegroting en de kadernota 2025-2028. Ik kijk de commissie rond of hier een vraag is of een eerste termijn wil worden gevoerd? Ik concludeer dat, dat niet het geval is. Daarmee concludeer ik eigenlijk meteen dat dit een hamerstuk is. Klopt dit? Dat klopt. 15. Zienswijze Conceptbegroting 2025 GR Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten Zuid-Kennemerland en IJmond De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 15. Wethouder Carree neemt plaats naast mij. We hebben het dan over de Zienswijze Conceptbegroting 2025 Gemeenschappelijke Regeling voor Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten Zuid-Kennemerland en IJmond. De raad wordt voorgesteld als zienswijze naar voren te brengen bij het bestuur van de gemeenschappelijke regeling schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten doorstroompunt regio Zuid-Kennemerland en IJmond. Het is nogal een mondvol.

Dat de raad geen wensen of bedenkingen heeft bij het conceptbegroting van 2025 van de gemeenschappelijke regeling schoolverzuim voortijdig schoolverlaten doorstroompunt regio Zuid-Kennemerland en IJmond. Ik kijk de commissie rond of er een eerste termijn is. Mijnheer Bol, CDA. De heer Bol: Dank voorzitter. Ja, in principe voor ons een hamerstuk. Maar ik wil wel benoemd hebben dat ik me wel zorgen maak over het stijgend aantal thuiszitters en jongeren die vrijstelling hebben gekregen van onderwijs. Afgelopen week kwamen er ook nieuwe landelijke cijfers en ook de Kinderombudsman luidt de

noodklok. Dus wat dat betreft ligt er een flinke opdracht voor de GR, maar misschien alvast een reactie van de wethouder daarop. Verder een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bol. Mevrouw Koper, Partij van de Arbeid. Mevrouw Koper: Ik sluit me graag aan bij mijn collega. Er is natuurlijk in maart, dacht ik, het collegebesluit van het jaarverslag is toen vastgesteld en daarin heb ik gelezen dat voor de helft gaat het goed en de andere helft niet. Dat is eigenlijk, als je dit soort stukken vaststelt met een begroting, wil je het eigenlijk niet alleen over de cijfers hebben, maar je wilt het graag hebben met elkaar over de inhoud. Gaan we nou de juiste dingen doen en wat kunnen we doen om dat te verbeteren? Geen opmerkingen over die begroting zoals die hier ligt, maar ik vind wel dat we die discussies met elkaar in de raad moeten voeren en dat willen we kunnen monitoren. Dat hoorde ik mijn collega van het CDA ook zeggen. Misschien kan de agendacommissie er iets op verzinnen. Want dit is wat het college vaststelt, daar gaan we verder niet over. Dan krijgen wij de begroting wel, maar misschien hadden we daar dan even inhoudelijk op in kunnen gaan. De voorzitter: Dus als ik u goed begrijp stelt u voor aan de agendacommissie om met een vorm te komen om dit punt... Mevrouw Koper: Als ik mag, voorzitter. We gaan daar nu niet...

Want het stuk voorziet daar niet in, maar dan moeten we dat collegebesluit met een jaarverslag een keer bespreken. Want het gaat meer om onze zorgen die we hebben. Die willen we kwijt en dan willen we graag ook iets horen van de wethouder wat hij ermee gaat doen. Nou, zo. De voorzitter: Ik zal uw verzoek doorgeleiden naar de agendacommissie en dan zal daar een antwoord op volgen. Dank u wel. Ik kijk de commissie verder rond op agendapunt 15 of daar nog een eerste termijn op moet worden gevoerd? Mijnheer Gerrits, ZEE. De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. Kort de eerste termijn. We willen ons aansluiten bij wat de heer Bol van CDA zegt. Daaraan toegevoegd hopen we, en gaan we er ook vanuit, maar daar komen we ook bij punt 16 misschien een stuk op terug dat er echt wordt aangestuurd op kijken wat dan passende, misschien meer specialistisch of juist hele onorthodoxe onderwijsvormen zijn. Of zelfs vormen van dat ze iets doen, daginvulling, noem maar op, om in ieder geval te zorgen dat de schoolverlaters en de thuiszitters een vorm van invulling hebben van hun dagelijks leven. Dat lijkt me belangrijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zit even hardop te denken, ook voor mezelf, volgens mij met drie raadsfracties of drie raadsleden die iets willen agenderen, kunt u gewoon als raad agenderen op uw eigen agenda wat u zou willen.

Dus ik zie hier eigenlijk al drie raadsleden die dat zouden willen. Dus we zouden dit thema kunnen agenderen op een volgende commissie of een technische sessie kunnen doen. Maar daar komen we nog op terug. Ik kijk verder in de commissie. Ik zie dat daar verder geen behoefte is. Dan heb ik één specifieke vraag aan de portefeuillehouder gehoord. Dan geef ik aan u het woord, mijnheer Carree. De heer Carree: Ja, voorzitter. Dan moet u mij even helpen met de specifieke vraag. De voorzitter: Het CDA had een betoog over de zorg die ze hebben en ze vroegen de reactie van de wethouder daarover.

De heer Carree: Die zorgen zijn er regionaal zeker. Als u de cijfers in Zandvoort bekijkt, Zandvoortincijfers.nl, dan ziet u dat de zorgen voor Zandvoort gelukkig niet heel groot zijn. Maar we moeten zeker naar de toekomst kijken. Ook in het meerjarenbeleid van de GR wordt dit echt nadrukkelijk meegenomen. Dit is echt waar doorstroompunt en de operationele uitvoerders echt gewoon dagelijks mee bezig zijn. Dus, ja. De voorzitter: Dank u wel, portefeuillehouder. Concludeer ik daarmee dat dit stuk als hamerstuk door mag naar, in dit geval, de raadsvergadering van 28 mei? Die conclusie kan ik trekken. 16. Concept verordening Jeugdhulp gemeente Zandvoort 2024 De voorzitter: Wat ons brengt bij agendapunt 16, concept verordening Jeugdhulp gemeente Zandvoort 2024. Ik werp nog eenmaal een blik op de klok. Het is op dit moment vijf over elf. We kunnen deze, wat mij betreft, met u door bespreken. Ik kijk of er fracties zijn die het daar niet mee eens zijn? Conclusie is dat, dat niet het geval is. Dan bespreken we deze ook nog vandaag. Het gaat om de conceptverordening jeugdhulp gemeente Zandvoort 2024. De gemeenten van IJmond en Zuid-Kennemerland voeren de jeugdhulp gezamenlijk uit, onder andere door gezamenlijke inkoop. Voor de uitvoering van de jeugdhulp stelt elke gemeente een verordening vast.

Vanwege de gezamenlijke uitvoering is het wenselijk dat de verordeningen zoveel mogelijk gelijkduidend zijn. Daarom hebben de colleges afgesproken de concept verordeningen te bespreken met de raden. De op- en aanmerkingen die daaruit voortkomen zullen worden gebruikt om de definitieve verordeningen op te stellen. Deze worden in de loop van 2024 ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad. Nogmaals voor de duidelijkheid: het betreft hier dus een gesprek tussen u als raadsleden. Deze verordeningen komen nog later in een later stadium terug op de agenda van de commissie en van de raad. Op dit moment is het alleen maar ter bespreking. Dat wil ik u meegeven aan de voorkant. En die bespreking die gaan we aanvangen. Ik inventariseer eerst even wie er het woord zou willen hebben. Ik zie dat de fractie van ZEE, GroenLinks, Partij van de Arbeid, CDA dat zijn. Dan begin ik bij de Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ja, een gelijksoortige opmerking als bij het vorige agendapunt. Ik heb in april in een rondvraag aan de wethouder gevraagd, voorzitter, dat we ons zorgen maken over hoe het gaat met de jeugdhulp. Dat we alarmerende verhalen weer hebben over de toenemende wachtlijsten, et cetera. Dat hebben we de wethouder ook verzocht: neem ons mee in dit proces.

We zien in Haarlem ook dat er aparte bijeenkomsten hebben plaatsgevonden, want wij willen heel graag de vinger aan de pols kunnen houden. We hebben ondertussen een raadsinformatiebrief gekregen over perceel 2, als het goed is. Actieve informatie van het college. En dat geeft ons niet de gewenste duidelijkheid. Kijk, deze verordening, daar staan geen foute dingen in. Dat is prima, maar waar wij ons zorgen over maken is: zijn we nu in staat om de juiste hulp te leveren? Doen we de dingen goed aan die verordening? Ik kan wel een vraag stellen over waarom dyscalculie wel of dit, maar daar gaat het allemaal niet om. Daar zitten geen gekke dingen in. Onze zorg zit: hoe kunnen wij als raad nu goed meegenomen worden in het proces en kunnen we weten waar we aan toe zijn? Dat heb ik in april gevraagd bij de rondvraag. Eigenlijk analoog aan wat we net zeiden. Ik zou graag met de wethouder daarvoor een gesprek willen voeren. Dat mag voor mij in een technische sessie. Maar ik wil meer weten over: waarom gaat het nu fout? En wat kunnen we doen? En dan gaat het echt ook om Zandvoort, want regionaal komen we er dan wel weer op een ander moment op terug. Maar dat zou mijn verzoek zijn. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Koper. CDA, mijnheer Bol. De heer Bol: Dank, voorzitter.

Allereerst ook dank aan de wethouder en de ambtelijke organisatie, want het geheel opnieuw inrichten van de jeugdhulp en de samenwerking met andere gemeenten, is een pittig proces. En de veranderingen in dit stelsel kunnen ook flink schuren. Dat hebben diverse artikelen in de krant van de

afgelopen tijd ook wel aangetoond. Want er zijn zorgen. En dat het niet goed gaat met de jeugdzorg, dat staat wat mij betreft ook vast. De wachtlijsten zijn lang en consortia hebben nu al te maken met budgetplafonds. Afgelopen december heb ik daar ook schriftelijke vragen over gesteld, ook over de financiële positie van de consortia. Ondanks de antwoorden blijven mijn zorgen bestaan. Ik benoemde net al even de wachtlijsten, maar er is ook een ander zorgwekkend punt. Dat gaat namelijk over het overhevelen van kinderen in de jeugdzorg vanuit vrijgevestigde psychologen naar de consortia. Die belanden daar op dit moment vrijwel direct op de wachtlijst. En psychologen mogen daar op dit moment geen overbruggingszorg bieden. Of budgetten zijn op dit moment niet toereikend. Vorige week hebben de huisartsen in de regio ook daar een brandbrief voor gestuurd naar alle betrokken wethouders. Ik vind dit echt wel een onhoudbare situatie en ik wil graag ook verandering hierin zien. Ik ben ook benieuwd naar de visie van de wethouder hierop. Ik begreep ook, mevrouw Koper benoemde inderdaad al even in de regio, dat wethouders hier gezamenlijk nog met een antwoord op komen. Ik ben groot voorstander van het efficiënter inrichten van de jeugdzorg. Dat is ook mijn ervaring vanuit de praktijk. Ik zie dat er heel veel hulpverlenging zit op kinderen waarbij sprake is van lichte problematiek.

Een ontzettend lange wachtlijst van maanden of zelfs jaren als er sprake is van hele zware problematiek, zoals traumatherapie. Ik kan me dan ook goed vinden in de argumentatie van het raadstuk waarin staat dat de jeugdhulp zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig geregeld moet worden. En dat ook ouders moeten leren omgaan met de hobbels die er zijn in de opvoeding. Verder zou ik de wethouder mee willen geven om ook te kijken naar de jeugdzorg in combinatie met echtscheidingen. Zeker als het om preventie gaat. Een groot deel van de kinderen in de jeugdzorg, en de cijfers lopen een beetje uiteen, maar ik had onlangs een cijfer gevonden van 80%, waarvan de ouders gescheiden zijn. Onlangs stond daar ook een heel artikel over in VNG Magazine en hoe andere gemeentes hiermee bezig zijn. Dus allicht is dat nog iets om mee te nemen. Tot slot sluit ik me ook aan bij de oproep van mevrouw Koper voor een technische sessie om hier toch wat meer vinger aan de pols te houden. Wat mij betreft is het ook een goed idee om dat samen te doen met het vorige punt over schoolverzuim. Allicht is daar een combinatie te maken. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Keuning, GroenLinks. De heer Keuning: Dank voorzitter. De sprekers hiervoor geven belangrijke punten waar ik mij ook bij kan aansluiten. Toch nog even kort.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14196228/1