CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Zienswijze indiener 6

Raadsvergadering 22 mei 2025, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Bestemmingsplan Wildeman III3.074 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Contact voor deze reactie:

Inspraak reactie op het bestemmingsplan Wildeman3 dd 6 maart 2023

Geacht college,

Met belangstelling namen we kennis van het ontwerp bestemmingsplan Wildeman3 dat nu ter inzage ligt. is de afgelopen 20 jaar reeds als overleg- en inspraakpartner bezig met de invulling van het gebied bedrijventerrein Wildeman.

Geschiedenis, context en verwachtingen In de jaren 90 van de vorige eeuw werd de ambitie om lokale arbeidsintensieve bedrijven een plaats te geven op een moderne, goed ontsloten, locatie vormgegeven in het terrein Wildeman. Genoemd naar de Wildemannen uit het dorpswapen van Hurwenen. Immers een strook grond verwisselde van gemeente naar de Gemeente Zaltbommel. Het terrein zo mooi ingepakt worden in een “groen schil” die zou verbreden richting het Natura2000 gebied de Kil van Hurwenen, een van onze oudste natuurgebieden. Tot onze spijt is die doelstelling niet gerealiseerd en is er slechts een smalle strook aan de N322 die als zodanig kan worden gekwalificeerd.

Kort samengevat kan onze zienswijze een pleidooi inhouden die schilgedachte alsnog enigszins vorm te geven en met dit bestemmingsplan de gehele kwaliteit van de natuur in het hele gebied en met name in het water en de oevers te versterken om uiteindelijk een klimaatbestendig biodivers terrein in te richten. Dit zou in de visie van kunnen worden gerealiseerd door met een verfijndere blik te kijken naar de punten die we ook noemen in ons uitgebreide zienswijze bij het voorontwerp. Op meerdere punten in de beantwoording van de opmerkingen van bewoners wordt verwezen naar wettelijke kaders waar met veel juridisch gehakketak wellicht nog het nodige op af te dingen is. De zienswijzen van weleer nog eens nalezend lijkt het alsof de noodzaak om het bedrijventerrein duurzaam in te passen niet gezien werd. Ook in de beantwoording van de zienswijzen voorinspraak lijkt

het wettelijke minimum het beleidskader te vormen terwijl een gedeelde visie op water, waterberging, natuur en klimaatadaptatie verder weg lijkt. In de wetenschap dat het bedrijventerrein er noodzakelijkerwijs zal komen hopen we met deze zienswijze , in het licht van het verleden, een waardevol geschenk aan de toekomst te geven.

Voorontwerp In de reactie op het voorontwerp heeft reeds puntsgewijs gereageerd. Graag verwijzen we naar dit verhaal. Met de reactie van uw college moeten we concluderen dat een aantal zaken niet goed overgekomen zijn hetgeen tot misverstanden in de beantwoording heeft geleid ( met name de waterparagraaf).

Aerius en stikstof

Vaststaat dat het plangebied zicht bevindt op zeer korte afstand van Natura 2000 “Rijntakken”. Zie. onder.

Bovendien is vastgesteld dat diverse habitats in dit gebied een achtergrond depositie hebben die ver boven de Kritische Depositie Waarde (KDW) is. Bijvoorbeeld habitat ZGLg11 Kamgrasweide & Bloemrijk weidevogelgrasland. Deze habitat heeft een KDW van 1429 mol N/ha/jr en is met een achtergrond belasting van ca 1800 mol N/ha/jr ruimschoots overbelast. In dit licht moet meegenomen worden dat er door diverse projecten nog stikstof depositie bij zal komen: -PAS melders die gelegaliseerd gaan worden volgens de Provincie -MIRT A2 Vught/Deil met 30 mol N/ha/jr (!) -Tracebesluit A15 -Diverse veebedrijven die hun vergunningen verzilveren (oa. Van der Schans) De uitvoering van Habitatrichtlijn vereist zekerheid dat er geen verslechtering zal optreden door de uitvoering van het project. Deze zekerheid ontbreekt in het voorliggende plan. Wij lichten dit verder toe: 1. Onzekerheid van de referentie situatie In bijlage 8 bij het plan wordt toegelicht hoe de Aerius berekening tot stand is gekomen. Het eerste deel hiervan betreft het vaststellen van de referentie situatie. Er wordt hierin geen onderzoek gedaan om vast te stellen dat in het gehele plan gebied (8,9 ha) onafgebroken, legaal en op dezelfde plaats heeft plaats gevonden. Zo ligt er sinds jaar en dag een water retentie bassin in het plangebied, hiermee kan niet gesaldeerd worden.

Zonder onomstotelijk vast gesteld te hebben kan niet worden uitgegaan van de gestelde referentie situatie en dus kan geen zekerheid gegeven worden. 2. Onduidelijke en oncontroleerbare invoerdata met betrekking tot referentie situatie In het rapport van bijlage 8 wordt verwezen naar een rekenmodule voor bemesting van (niet)-derogatie bedrijven van de Provincie Gelderland. Er is geen verwijzing toegevoegd waar deze module te vonden is. Tevens is de genoemde 18.8 NH3/ha/jr niet terug te vinden in de literatuur en dus niet te controleren. Zonder een onderbouwing van genoemd getal is niet vast te stellen welke emissie plaatsvond in de referentie situatie waarmee intern gesaldeerd gaat worden. 3. Geen onderzoek naar invoer gegegevens Aerius gebruiksituatie. Het genoemde rapport welke als basis dient voor de gebruikssituatie (Arcadis 2013 Boukich A) is inmiddels 10 jaar oud. In andere planvorming wordt gebruik gemaakt van informatie uit Statline zoals dit bijvoorbeeld door ingenieursbureau Antea gedaan is voor het bedrijventerrein Trekdijk . Zie onder.

De berekening van bijlage 8 gaat daarmee voorbij aan wetenschappelijk verschillende invoermodellen. Hierbij moet uitgegaan worden van de “worst case” om uit te sluiten dat er extra depositie kan ontstaan. Het rapport biedt dus onvoldoende zekerheid om een besluit te kunnen nemen. 4. Onduidelijke motivatie verkeersbewegingen De stikstofberekeningen zijn volgens Bijlage 8 gemaakt op grond van het verkeersonderzoek van Goudappel en Coffeng. Het is echter zoals dit bureau aangeeft zeer de vraag wat de impact is van de ontsluiting van het plangebied. In de conclusie stelt dit bureau pagina 23 van bijlage 3 :

Daar blijkbaar er nog onduidelijkheid is over de exacte locatie en vormgeving van de aansluiting op de Van Heemstraweg is, kan niet met zekerheid vastgesteld worden wat exacte positie en lengte is van de verkeersbewegingen. Daarmee is de Aerius berekening die voorligt een dode letter. Slechts wanneer er een vastgestelde verkaveling, ontsluiting en vormgeving bekend is kan pas met zekerheid het verkeersbewegingen model gemaakt worden en getoetst worden door middel van Aerius. 5. Controle invoer Aerius laat toename zien van depositie. Zelfs als de bovengenoemde, met al zijn tekortkomingen, wordt ingevoerd, laat dit een toename zien op diverse overbelaste hexagonen:

Het is onduidelijk hoe de berekening van Bijlage 8 tot stand is gekomen. Ter controle verzoeken wij inzage in het GML bestand welke door onze adviseurs gecontroleerd kunnen worden.

Conclusie De bijlage 8 biedt onvoldoende zekerheid dat er geen verslechtering kan optreden van gevoelige habitats.

Verkeersbewegingen De ontsluiting zo dicht bij de rotonde Jannestraat vindt de op meerdere punten ongelukkig. Met uitrit Jannestraat ontstaat een rommelig onveilig verkeersbeeld. Om die reden raden wij ontsluiting via de Bommelse Kade aan heeft naar aanleiding van persuitlatingen omtrent de overlast van het bedrijf Guliker gevraagd naar de data betreffende die overlast welke noopt tot verplaatsing. Tot op heden hebben we deze niet gekregen en hebben we deze niet kunnen toetsen aan de verkeersberekeningen.

Water Terecht is het van belang om het terrein toekomstbestendig te maken door genoeg wateropvang te realiseren, waterkwaliteit te borgen en regels op te stellen voor de afvoer van water. In de Wildeman was in eerste aanleg een grote aandacht voor wateropvang en inpassing. Wat rest zijn grote waterbassins met natuurvriendelijke oevers. Wij zouden dit anders willen. •

•

•

Als water- en natuurkwaliteit werkelijk een speerpunt zijn dient dit nader onderzocht en uitgewerkt dienen te worden. Wat direct al opvalt is dat het watersysteem van 3,2 HA dat aangelegd is als waterretentie direct aangetakt is op het systeem van A-watergangen. In de ( moeilijk toegankelijke ) data van het waterschap met oudere gegevens ( 2017 en ouder) lijkt vast te staan dat de waterkwaliteit bij inlaat in het gebied “onvoldoende” en ” zorgelijk” is. Uit de gegevens van het water afkomstig uit de Maas kunnen we opmaken dat de gehaltes stikstof en fosfaat hoog zijn. Zuurgraad van Maaswater lijkt al vrij hoog te zijn. begrijpt niet hoe het kan dat dit water rechtsreeks het systeem instroomt. Natuur ontwikkelen met sterk geütrofieerd water is als “water naar de zee dragen”. Wij hebben daarvoor enkele voorstellen. Het puur vergraven van grond naar water met een natte teen vinden we te eenvoudig. pleit in het kader van de doelstelling :”vasthouden en inzijgen” van water, ook met betrekking tot de dalende grondwaterstand, voor onderzoek en implementatie van verdergaande maatregelen. Later komen we terug op de ratio achter de rabattenstructuur. Er komen geen voorschriften voor het bevloeien en nathouden van de diverse groenvoorzieningen door middel van drainagetechnieken. stelt voor deze wel op te nemen en nader uit te werken.

Een eerste aanzet om de aangehaalde zaken te verbeteren zou zijn in de ogen van •

:

Afkoppelen van het watersysteem vanaf de Meiweg van het ingepompte water dat vanuit Kerkdriel , langs menig agrarisch bedrijf, het gebied instroomt. De brede watergang ten zuid-

•

•

westen van de N322 is ( ook nu al ) in staat water door te voeren richting West Bommelerwaard. De bestaande A watergang loskoppelen van het water in de Wildeman, watersysteem koppelen aan bestaande groene enclaves aan de Jannestraat. Inzijggebieden scheppen met als voorstel dat “gebiedseigen” te doen door een systeem van “rabatten” te creëren. De voornoemde structuur van sloten met een oplopende bodem, die als het ware een “sponsstructuur” scheppen is in tegenstelling tot antwoord van de gemeente wel degelijk volwaardig mee te rekenen in de retentie. Waar voor het vergraven naar wat wij enigszins misprijzend de “tobbe” noemen dus gewoon een waterplas een vervangingscriterium staat van 436m2 per verharde hectare gaat deze rekenmethode ook op voor watersystemen ( zaksloten zo u wilt) die in directe verbinding met het oppervlaktewater staan. Abusievelijk is gerekend met de 664 m2/ha vervanging die voor geïsoleerde wadi’s geldt. Studie doen naar het beperkt toelaten van schoon grondwater in het systeem.

Wij beseffen dat we hiermee 10 jaar te vroeg zijn maar we gaan er niet aan ontkomen water vast te houden in de polders dat kan dus ook met het beperkt toelaten van grondwater dat als kwel aangevoerd wordt ( in Oensel bij de dijk bijvoorbeeld ) Dit zou kunnen leiden in grotere dieptes van de vergraven waterpartijen hetgeen klimaat technisch een voordeel heeft waar dieper water langer koude vasthoudt hetgeen weer van voordeel is voor de aquatische fauna.

Landschappelijke inpassing logisch volgend uit de water- en ecologiegedachte Het gebied zal voor jaren de grens vormen tussen stedelijk gebied, open komgronden, nederzetting structuur Oensel en het bestaande Natura 2000 gebied. Juist die mix van zaken zou pleiten voor een degelijke hoog kwalitatieve landschappelijke inpassing. •

In het bestemmingsplan wordt reeds geredeneerd vanuit de zorg voor landschap en natuur, wij missen de uitwerking : Landschappelijke karakteristieken zijn het kleinschalig karakter en afwisselende bebouwing, erfbeplanting, boomgaarden en andere teelten. De stad Zaltbommel heeft zich in de loop der eeuwen ontwikkeld op de stroomruggen. Zaltbommel heeft zich in eerste instantie vooral westwaarts uitgebreid door de stroomrug aan de westzijde van het historische centrum. Daarnaast vormde de spoorlijn uit de 19e eeuw een barrière voor verdere oostwaartse uitbreiding. Met de komst van de rijksweg A2 is het oostelijk deel van Zaltbommel verder geïsoleerd komen te liggen. Opvallend is dat het stedelijk veld zich gevormd heeft naar de historische ontginningsstructuren. Het plangebied is gelegen op de komgronden van de rivier de Waal. Deze komgronden zijn lager gelegen dan de stroomruggen, natter en overwegend in gebruik als grasland. Deze gebieden worden gekenmerkt door openheid en door de minimale aanwezigheid van bebouwing en beplanting. Vooral ten zuiden van het plangebied toont zich dit kenmerkende open karakter.

Tevens zien we geen passende invulling van de ambities zoals beschreven in het plan zelf: Het plangebied van De Wildeman III vormt de grens tussen de uiterwaardennatuur (Gelders Natuur Netwerk), voormalig onland (elzen en wilgen op rabatten), vruchtbare gronden (de 4 heuvelen/Wijndomein Jannestraat) boomgaarden en oeverwalstructuren. De Wildeman III komt te liggen in het Hurwenensche Broek, een voormalig laag gelegen gebied. Door een groene omzoming van de bedrijfskavels blijft er sprake van een groene overgang naar het landschap, de aantasting van het landschap blijft hierdoor tot een minimum beperkt.

•

Wij vinden hetgeen nu gepresenteerd is , mede in het licht van de voorgeschiedenis en onze voorstellen daarop gebaseerd, ondermaats. Laag opgaand struweel boven de krachtstroomleidingen en onder de hoogspanningsmasten, een plukje groen nabij de rotonde en verder de grote plas ( met zonnepanelen0 botweg maximaal vergraven met een natte teen….allemaal erg summier. Tevens zitten we met een landschappelijke inpassing rond Mainfreight die zeer grote onvrede oproept.. Het is eigenlijk geen inpassing het is wat stadsplantsoen dat over 30 jaar eens wat voorstelt.

•

Deze afbeeldingen tonen een artist impression van een mogelijke combinatie van landschappelijke inpassing, waterretentie in een “spons”variant”en een verbetering van de waterkwaliteit. ( hoek Jannestraat /Rotonde.

•

We verbazen ons dat er geen concrete uitwerking wordt gegeven aan de tekst in het BP : "Voor de Wildeman III is wat betreft ruimtelijke karakteristiek nog het een en ander vast te leggen. […] de kleinschaligheid en de wens aan te sluiten bij de sfeer van Oensel en omgeving en de wat ruigere natuur richting Natura 2000 gebied. […]"

Ecologie en relatie tot de omgeving Gemeente verwijst diverse malen naar de algemeen geldende wettelijke bepalingen ten aanzien van onderwerpen. Hoewel er geen zeldzame soorten zullen verdwijnen heeft dit laatste stuk Wildeman wel degelijk een effect op de ecologie. wijst op de effecten op: •

•

reewild en hazen uit de uiterwaarden die geen vluchtgebied meer hebben waardoor meerdere aanrijdingen op de N322 gemeld worden ( waardoor de wildbeheereenheid opdracht krijgt er meer neer te schieten), de geïsoleerde ligging van de 3.5 ha water in de omgeving met gevolgen voor amfibieën, reptielen en vissen.

Onderdoorgang fauna N322 richting A2

Het zou onze grote wens zijn als er nader gekeken wordt naar de mogelijkheid het relatief schone, soortenrijke water van de twee moerasbossen , een waterpartij en zandwin-plasje te verbinden met het Wildemangebied.. Als de waterkwaliteit goed genoeg is kan ook het nu water-technisch geïsoleerde rabattenbos -dat destijds aangelegd is mede om water in de polder op te vangen( !!) – verbonden worden met het watersysteem ( broedplaats amfibieën , waterzuivering etc.). Eenvoudige waarnemingen tonen aan dat in de geïsoleerde gebieden het dierenleven een stuk uitbundiger is!. De beer op de weg in dit geval is een peilverschil tussen W3 en de watergang aan de dijkzijde van ongeveer 15-20cm. Dit mag geen beletsel zijn vinden wij. Gekeken zou kunnen worden om W3 op hetzelfde peil als het gebied aan de Jannestraat te zetten, waarbij er dus een eenvoudige scheiding middels een balkstuwtje of mooier nog een oplopende waterbodem tot op minimaal pijl. De gemeente argumenteert dat dit gebied buiten het plangebied ligt en dat het gedeeltelijk in een andere gemeente ligt. Is dit niet erg formeel en tegenstrijdig met de gedachte integraal gebiedsgericht te werken?

denkt dat door oplossingen te zoeken in de “natuurcorridor” aan de Jannestraat een relatief geringe investering noodzakelijk is. Hierbij dient natuurlijk te worden samengewerkt met de

ProvincieGelderland, Waterschap en andere overheden. Hoe gaan we dat aanpakken? Gebiedseigen, schoon water het systeem laten voeden en bufferen? Met relatief eenvoudige ingrepen is dat te realiseren. Een mogelijke oplossing zou zijn het water voor het gebied bij de Ketelsteeg aan te laten voeren via een andere route, dan wel te scheiden van het schone water in de dijkzone door het W3 gedeelte te laten aantakken op het schone moeras/bosgedeelte.( kleine ingreep- omleiden bestaande duiker) bij de rotonde Jannestraat)

Beren op de weg Zoals wellicht duidelijk is wil de een integraal advies geven in dit project. Opvallend is dat er door kleine misvattingen en onderling onbegrip de weg naar het haalbare soms onmogelijk lijkt. Zo si er bij voorbeeld het peil- en waterkwaliteitsverhaal. Met de regels van het Waterschap met betrekking tot het peilbesluit heeft de gemeente in onze ogen te weinig specialistische kennis ingevlogen om hard te maken dat •

het peil een grotere fluctuatie mag kennen ( in de zomer bij droogte lager, in nattere periodes iets hoger). Te weinig tegengeluid lezen we tegen de stelling dat een iets lager peil de stabiliteit van de gebouwen zou aantasten, hetgeen met de hedendaagse heitechnieken niet aan de orde is. Dit is belangrijk omdat beredeneert dat het vervuilde Maaswater niet het gebied ingelaten dient te worden bij de duiker onder de N322, waar in dit verband de uitlaat een km richting de A2 natuurlijk de uitlaatklep van het gebied is waar een gecontroleerde stuw actief is. Graag zien we een gedurfd alternatief onderzocht!

•

• Schoon water aan de Jannestraat/rabattenbos N322

Alternatieve verkaveling, ontsluiting en kwaliteitsniveau In woorden: e stellen voor om ✓ de ontsluiting te laten plaatsvinden via bestaande infrastructuur hetgeen extra ruimte oplevert!! Dat betekent ontsluiting via de Bommelse kade, hetgeen inhoudt dat de weg waarschijnlijk iets verbreed zal moeten worden met een verlegging van de watergang aan een van de zijdes. Bij Tennet lijkt plaats te zijn, anders aan de zijde van voormalige garage van van Doorn. ✓ Het bedrijventerrein een “smoel” naar het zuidwesten te geven richting de bestaande waterpartij. Als een van de manco’s in het bestaande Wildeman1 en 2 terrein wordt het gebrek aan wandel- en verblijfruimte buiten genoemd. Iets dat in de moderne stedenbouw een punt van aandacht is! ✓ De “sponsgedachte” te realiseren aan de oever van de nu wat plompe plas en bij de rotonde die dan tevens als landschappelijke inpassing zou kunnen fungeren. In beeld:

bestaand

Bestaand voorstel

Schets van nieuwe indeling:

Met ontsluiting ( schetsmatig)

Door op deze wijze te ontsluiten wordt : ✓ ✓ ✓ ✓

ruimte gewonnen, de sfeer en de uitstraling naar de dijk/natura2000 zone behouden, ontstaat meer ruimte voor natuur en inpassing, het bedrijventerrein krijgt een open ruimtelijke uitstraling naar een anders onzichtbare plas water. ✓ De veiligheid op de Van Heemstraweg-oost wordt minder zwaar belast.

Wellicht zal er geschoven moeten worden met bebouwd oppervlakte en restruimte maar wij zouden het waarderen deze variant in studie te nemen.

Samengevat in punten: 1. Verkeersonderzoek is niet actueel. Gegevens Guliker zijn niet tijdig ter beschikking gesteld, 2. Vanuit maatschappelijke noodzaak en logisch ruimtegebruik zou ontsluiting via de Bommelse kade veel ruimte opleveren voor onder meer natuurcompensatie. Argumentatie faalt omtrent breedte weg ( duikers in de sloten/uitkoop) 3. Knelpunt vluchtend wild vanuit de Kil is onderbelicht en vraag compensatie grenzend aan het binnendijkse deel tussen Jannestraat en ketelsteeg. 4. Ecologisch watergebied dient minstens verbonden voor watergebonden schepselen, 5. Waterkwaliteit is onvoldoende om de gewenste – en in het vooruitzicht gestelde- water- en natuurkwaliteit in een gebied van 3.5 ha te laten floreren, zodat instroom van gebiedsvreemd water vermeden dient. 6. Stikstof berekeningen tonen aan dat er wel degelijk een negatief effect te zien zal zijn. Hetgeen gecompenseerd dient, 7. Regels en toelichting worden integraal onderdeel van het bestemmingsplan, hetgeen vastgelegd wordt in het bestemmingsplan zelf (uitspraak RvS) 8. Toelaten van een zwaardere bestemming ( zoals Guliker) zal in de toekomst wellicht leiden tot vestiging van andersoortige ongewenste bedrijven ( chemie etc) en daarmee voor de ongewenst, 9. De wijzigingsbevoegdheid percelen samen te voegen vinden we niet passend,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15455829/1