Uitkomst carrousel rekenkamercommissieonderzoek schuldhulpverlening
Tekst van het document
Rekenkamercommissierapport schuldhulpverlening Uitkomst Carrousel 1e ronde (bestuurlijke vragen/meespraak) Getallen en gegevens zijn gebaseerd op het afgelopen jaren. In hoeverre hebben zaken als de Covid-19 pandemie en de kindertoeslagenaffaire invloed gehad op de resultaten van het onderzoek? Zijn er aanvullende adviezen om de doelgroep (mensen die geen gebruik maken van schuldhulp maar daar wel recht op hebben) toch te bereiken? Kan het college aan de gang met de gemelde resultaten uit het onderzoek? In hoeverre kan er gebruik gemaakt worden van ervaringsdeskundigen / cliënten die een traject hebben doorlopen, kan het college dat meenemen in de evaluatie? Hoe komt het dat de brede beweging bij de maatschappelijke partners is ingezakt? Bij vroegsignalering en nazorg: is er voldoende bemensing bij de budgetcoaches, zeker met het oog op de aanbevelingen Het cliëntenperspectief word in het onderzoek centraal gezet, kan het college daar het e.e.a.
over toelichten? Wanneer zal de managementinformatie over de schuldhulpverlening voldoende op orde zijn, zodat de raad haar controlerende rol afdoende kan invullen? Wie is de regisseur voor de voorgenomen verbetertrajecten? Kan er uiterlijk over een jaar een voortgangsnotitie komen over de verbeteringen in de schuldhulpverlening? In hoeverre zit er een spanning tussen de AVG en de registratie van persoenen die al eerder een schuldhulpverleningstraject hebben doorlopen? In hoeverre is het wenselijk of niet wenselijk dat kerkelijke instellingen een rol spelen rondom schuldhulpverlening? Hoe gaat het verder met mensen die uit tussentijds een schulhulpverleningstraject stappen? Komen die verder in de problemen, zoals bijvoorbeeld huisuitzettingen? Hoe staat het college in de spanning tussen aan de ene kant een proactieve instelling van de gemeente om mensen op te sporen en aan de andere kant bemoeizucht van de gemeente? Kan de wethouder werk laten maken van het verbeteren van de gemeentelijke website, zowel voor dit specifieke onderwerp als voor (zorg)vragen van onze inwoners in het algemeen? Als het gaat over de groep die niet in beeld komt: kan je door cliëntonderzoeken en analyses deze groep niet veel beter in beeld kunnen krijgen? Kan de wethouder aangeven welke acties er aan de hand van dit rapport worden ondernomen, en wanneer de raad hierover verdere
informatie zal ontvangen? Hoe verhoudt de instroom in onze gemeente zich met andere gemeenten van dezelfde grootte? Hoe kijkt het college naar laaggeletterdheid in combinatie met schuldhulpverlening? Wat is het belangrijkste cultuurelement in onze gemeente, wat er voor zorgt dat mensen zich niet melden bij de gemeente voor een schuldhulpverleningstraject? Reactie rekenkamercommissie Uit het landelijke beeld blijkt dat de instroom bij schuldhulpverlening gedurende de pandemie iets is afgenomen Een belangrijke reden voor mensen om zich niet aan te melden voor trajecten lijkt schroom te zijn, waardoor laagdrempelige toegang en goede signalering van groot belang is. Op dit moment is het zo dat mensen zich zelf ‘moeten melden’ of zelf actief moeten zoeken om aan hulp te komen. Wat kan helpen is dat de gemeente zelf nadrukkelijker gaat communiceren, waardoor dergelijke berichten ook ‘passief’ bij mensen binnen komen. Op dit moment word niet geregistreerd of iemand al eerder een traject heeft doorlopen, mocht dat wel zo zijn kan je deze mensen veel beter helpen. Uit de gegevens van het onderzoek is niet te zien wat de gevolgen van ondersteuning van derden zoals kerken zijn op de aanmeldingen voor gemeentelijke trajecten. Het is aan de
politiek om een oordeel te hebben over de wenselijkheid van ondersteuningsactiviteiten van derden op schuldhulpverlening. Of de 12% vergelijkbaar is met andere gemeenten van dezelfde grootte is niet na te gaan. Wel zou de gemeente Zaltbommel kunnen overwegen op deel te nemen aan een (kosteloze) benchmark. Daarmee maak je jezelf vergelijkbaarder op bijvoorbeeld het gebied van vroegsignalering.
Reactie wethouder Bragt De wethouder erkent het probleem van de vindbaarheid en vind het belangrijk om mensen beter in beeld te krijgen. Daarbij kunnen ervaringen van cliënten die een traject hebben doorlopen een waardevolle bijdrage leveren. Dat wordt een belangrijk onderdeel van het nieuwe beleid, ook in het sociaal domein in het algemeen. Volgens de wethouder is de gemeente sowieso al druk doende op het terrein van (bestrijding/ omgang met) laaggeletterdheid. dat geldt ook voor het onderwerp van de schuldhulpverlening. De maatschappelijke partners gaat extra aan de slag. De wethouders wil in de brede beweging voornamelijk inzetten op armoedebestrijding. Als blijkt dat er meer ambtelijke capaciteit nodig is bij bijvoorbeeld de budgetcoaches, gaan de samenwerkende gemeenten (Maasdriel en Zaltbommel) daarover met elkaar in gesprek. Met het verbeteren van een systeem voor managementinformatie is de gemeente al aan de slag. De wethouder(s) is/zijn uiteraard verantwoordelijk voor de schuldhulpverlening en formeel de regisseur. De wethouder streeft naar een eerste gedetailleerde schets voor het nieuwe beleid in de schuldhulpverlening voor het zomerreces van 2022. De wethouder steunt het pleidooi om te leren van trajecten die eerder doorlopen zijn. Voor de AVG moet dat geen probleem zijn.
Overigens zorgt de AVG er wel voor dat het lastiger is om gegevens over cliënten te delen met maatschappelijke partners zoals kerken. Er zijn meerdere redenen voor mensen om uit een traject te stappen, dat kan bijvoorbeeld ook zijn vanwege verhuizing. 2e ronde, meningsvorming Hamerstuk in de raadsvergadering van 27 januari. De carrousel adviseert de gemeenteraad om de aanbevelingen van de rekenkamercommissie over te nemen. Bespreekpunten: N.v.t. Toezeggingen: Geen
2