Regels herstelplan Buitenstad
Tekst van het document
32
Buitenstad Zaltbommel
Artikel 19 19.1
Algemene aanduidingsregels
Milieuzone - beperking bodemgebruik
1. Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'Milieuzone - beperking bodemgebruik' zijn geen grondroerende activiteiten toegestaan dieper dan 4,50 meter onder maaiveld en is het onttrekken van grondwater verboden. 2. Het bevoegd gezag is bevoegd om in afwijking van het bepaalde onder 1 een omgevingsvergunning te verlenen ten behoeve van grondroerende werken en werkzaamheden dieper dan 4,50 meter onder maaiveld of het onttrekken van grondwater, als uit ingesteld bodemonderzoek blijkt dat de bodem geschikt is voor de beoogde activiteiten. 19.2
Vrijwaringszone - zichtas
Binnen de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - zone zichtas' mag bebouwing slechts worden opgericht onder de volgende voorwaarden: 1. er dient binnen de zone een zichtas behouden te blijven met een minimale lengte en breedte gelijk aan die van de gebiedsaanduiding 'Vrijwaringszone - zichtas'; 2. de zichtas mag niet overbouwd worden; 3. bebouwing binnen de zichtas is slechts toegestaan ten behoeve van straatmeubilair en ondergeschikte bouwdelen, met dien verstande dat het doorzicht behouden dient te blijven; 4. de positie van de zichtas is vrij binnen het aanduidingsvlak 'specifieke bouwaanduiding - zone zichtas'; 5. de met afzonderlijke gebiedsaanduidingen weergegeven zichtassen mogen niet in elkaars verlengde worden gerealiseerd; 19.3
Vrijwaringszone - dijk 1
1. Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'Vrijwaringszone - dijk 1' zijn de gronden, naast de voor die gronden aangewezen bestemmingen, tevens aangeduid voor de bescherming, onderhoud en instandhouding van de primaire waterkering; 2. Ter plaatse van de gronden mag slechts bebouwing worden opgericht als: a. de bij de betrokken bestemming behorende bouwregels in acht worden genomen; b. het belang van de waterkering niet onevenredig wordt geschaad; c. er vooraf schriftelijk advies ingewonnen bij de betreffende waterbeheerder. 19.4
Overige zone - 1
Ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - 1' mag slechts bebouwing worden opgericht, overeenkomstig de andere voor die gronden aangewezen bestemmingen, als er in de lengterichting een doorkijk behouden blijft van minimaal 5 meter breed en minimaal 5 meter hoog met een profiel van vrije ruimte van 40 m2. 19.5
Overige zone - 2
Ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - 2' mag slechts bebouwing worden opgericht, overeenkomstig de andere voor die gronden aangewezen bestemmingen, als er in de lengterichting een doorkijk behouden blijft van minimaal 9 meter breed en minimaal 15 meter hoog. 19.6
Overige zone - 3
a. Ter plaatse van de aanduiding Overige zone - 3 mag slechts bebouwing worden opgericht met een maximum bouwhoogte zoals weergegeven op de verbeelding met een maximum oppervlakte van 400 m2.
33
Buitenstad Zaltbommel
Artikel 20
Algemene afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van: a. de bij recht in de regels gegeven maten, aantallen, percentages tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen, aantallen en percentages; b. de bestemmingsbepalingen en toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geven; c. de bestemmingsbepalingen voor het bouwen teneinde een geringe mate van afwijking van de plaats en richting van de bestemmingsgrenzen toe te staan dit noodzakelijk is in verband met afwijkingen of onnauwkeurigheden ten opzichte van de feitelijke situatie of in die gevallen waar een rationele verkaveling van de gronden een geringe afwijking vergt; d. de bestemmingsbepalingen ten aanzien van de hoogte van overige bouwwerken en toestaan dat de hoogte van overige bouwwerken wordt vergroot tot niet meer dan 10 m; mits deze afwijking niet toeziet op een afwijking zoals bedoeld in de artikelen 5.3 en 12.3 en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het straat- en bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de milieusituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
34
Buitenstad Zaltbommel
Artikel 21 21.1
Algemene wijzigingsbevoegdheid
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6 lid 1 sub a van de Wet ruimtelijke ordening ter plaatse van de aanduiding 'wetgevingszone - wijzigingsgebied' de bestemmingen 'Groen - 2' en/of 'Water' geheel of gedeeltelijk te wijzigen ten behoeve van drijvende waterwoningen met bijbehorende voorzieningen, onder voorwaarde dat: 1. maximaal 50% van het oppervlak binnen de wetgevingszone - wijzigingsgebied gebruikt mag worden voor pontons; 2. de maximale bouwhoogte niet meer bedraagt dan 8 meter ten opzichte van het peil; 3. bouwwerken mogen uitsluitend op pontons worden gerealiseerd, met uitzondering van de bij de woning behorende voorzieningen; 4. het bebouwingspercentage van pontons mag niet minder dan 65% mag bedragen; 5. de bouwhoogte mag niet meer dan 8 meter bedragen ten opzichte van het peil; 6. de buitenruimte behorende bij een waterwoning is vormgegeven als balkon, loggia of (dak)terras. 7. de bedrijfsvoering van het naastgelegen bedrijf door de bouw van de waterwoningen niet onevenredig wordt beperkt; 8. het wijzigingsplan in overeenstemming is met overige wet- en regelgeving.
35
Buitenstad Zaltbommel
Artikel 22 22.1
Overige regels
Toegelaten overschrijdingen
Het is toegestaan de in dit plan aangegeven bouw- en/of bestemmingsgrenzen te overschrijden ten behoeve van: a. plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, gevel- en kroonlijsten en vergelijkbare ondergeschikte bouwdelen, mits de overschrijding van de bouw- c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 0,5 meter bedraagt; b. airco-installaties, liftkokers, zonnepanelen, trappenhuizen en vergelijkbare ondergeschikte bouwdelen, mits de overschrijding van de bouw- c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 3 meter bedraagt; c. ventilatiekanalen, afvoerpijpen, schoorstenen, mits de overschrijding van de bouw- c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 5 meter bedraagt; d. luifels, balkons en overstekende daken en andere vergelijkbare ondergeschikte bouwdelen, mits de overschrijding van de bouw- c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 2,5 meter bedraagt. 22.2
Wet- en regelgeving
Indien in de planregels bij dit bestemmingsplan wordt gerefereerd aan wet- en regelgeving betreft het wet- en regelgeving zoals deze luidden op het moment van het ter inzage leggen van het ontwerp.
36
Buitenstad Zaltbommel
Hoofdstuk 4 Artikel 23 23.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 23.2
Afwijken
het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid 23.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 23.1 met maximaal 10%. 23.3
Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken
Lid 23.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 23.4
Overgangsrecht gebruik
Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 23.5
Strijdig gebruik
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 23.4, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 23.6
Verboden gebruik
Indien het gebruik, bedoeld in lid 23.4, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 23.7
Uitzondering op het overgangsrecht gebruik
Lid 23.4 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
37
Buitenstad Zaltbommel
Artikel 24
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Buitenstad Zaltbommel.
38