Ingekomen stukken maart 2024
Tekst van het document
Ingekomen stukken Nummer
24-33
Hoofddocument
Brief ptss bij brandweer
Afzender
Burgemeester van Maaren
Onderwerp
Brief ptss bij brandweer
Datum publicatie
14-03-2024
Datum vergadering
21-03-2024
Gekoppeld evenement
(Raadsvergadering 21-03-2024 20:00)
Nummer
24-32
Hoofddocument
AB20240304 - 3b 11 - Reactie Werkzaak Rivierenland op reacties gemeenten mbt conceptkaderbrief 2025 - 8 maart 2024
Afzender
Werkzaak Rivierenland
Onderwerp
Reactie Werkzaak Rivierenland op reacties gemeenten mbt conceptkaderbrief 2025 - 8 maart 2024
Advies
Voor kennisgeving aannemen
Datum publicatie
08-03-2024
Datum vergadering
21-03-2024
Nummer
24-31
Hoofddocument
Ontslagbrief W. van Gog-van Genderen
Afzender
Raadslid W. van Gog-van Genderen
Onderwerp
Ontslagbrief W. van Gog-van Genderen
Datum publicatie
07-03-2024
Datum vergadering
21-03-2024
Nummer
24-29
Afzender
Juridisch Adviesbureau
Onderwerp
Brief aan Raad van State - Wijzigingsplan Ketelsteeg 16 - 16B
Advies
Voor kennisgeving aannemen
Datum publicatie
07-03-2024
Datum vergadering
07-03-2024
Nummer
24-30
Hoofddocument
Brief PGZ inzake Sint Maartenskerk
Afzender
Stichting Sint Maarten en Protestantse Gemeente Zaltbommel
Onderwerp
Brief inzake Sint Maartenskerk
Datum publicatie
07-03-2024
Datum vergadering
21-03-2024
Nummer
24-28
Hoofddocument
Bestuurlijke brief Zaltbommel - Maatzorg de Betuwe
Afzender
Maatzorg de Betuwe
Onderwerp
kritieke situatie continuïteit huishoudelijke hulp
Advies
Voor kennisgeving aannemen
Datum publicatie
06-03-2024
Datum vergadering
21-03-2024
Nummer
24-27
Hoofddocument
AB20240304 - Brief Werkzaak reactie aan raden vaststelling Meerjarenbeleidsplan 2024 - 2027
Afzender
Werkzaak Rivierenland
Onderwerp
Brief Werkzaak reactie aan raden vaststelling Meerjarenbeleidsplan 2024 2027
Advies
Voor kennisgeving aannemen
Datum publicatie
05-03-2024
Datum vergadering
21-03-2024
Gekoppeld evenement
(Raadsvergadering 21-03-2024 20:00)
Onderwerp ::
Aandacht voor PTSS bij brandweerlieden
Aan de leden van de gemeenteraad Zaltbommel Hogeweg 11 Postbus 10.002 5300 DA Zaltbommel Tel: 14 0418 info@zaltbommel.nl
Zaltbommel, 13 maart 2024
www.zaltbommel.nl BTW 8072.88.111.B.01
Geachte leden van de raad,
KvK Midden-Nederland nr. 30276781 Bankrelatie:
Naar aanleiding van onderzoek door Zembla, waaruit blijkt dat Veiligheidsregio’s veelal geen zicht hebben op het aantal brandweerlieden dat een trauma heeft opgelopen en de zorg en ondersteuning voor hen die wel aan de bel trekken tekortschiet, heeft u hiervoor aandacht gevraagd bij de directie van Veiligheidsregio Gelderland-Zuid (VRGZ).Ik heb het onderwerp onlangs aan de orde gesteld tijdens een vergadering met het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio. Hieruit is het volgende naar voren gekomen: Landelijk wordt op dit moment PTSS door de brandweer nog niet als beroepsziekte erkend. De VRGZ is aangesloten bij het onderzoek naar de mogelijkheid om te komen tot een landelijke regeling voor mensen die gediagnostiseerd zijn met PTSS als gevolg van het werk bij de Veiligheidsregio. De uitkomsten hiervan staan nog niet vast. De VRGZ wacht de landelijke ontwikkelingen af. De VRGZ benadrukt dat het wel of niet erkennen van PTSS als beroepsziekte los staat van de zorg voor de medewerker. Het is namelijk de verplichting van de organisatie om goed voor de medewerkers te zorgen. Vanuit ‘goed werkgeverschap” volgt de VRGZ het onderwerp PTSS bij de brandweer nauwlettend. Men ziet namelijk dat medewerkers te maken krijgen met ingrijpende situaties. Met name grote calamiteiten, gebeurtenissen waarbij kinderen of collega’s betrokken zijn en reanimaties kunnen erg veel impact hebben.
De VRGZ vindt het van belang om zo goed als mogelijk te ondersteunen om te voorkomen dat medewerkers mentale klachten ontwikkelen. Er is hier niet alleen oog voor collega’s van de brandweer, maar ook voor alle andere collega’s. De VRGZ heeft hiervoor een team collegiale ondersteuning (TCO) voor brandweermensen waarin de focus ligt op nazorg bij incidenten met impact en hoe te handelen. Voor ambulancemedewerkers bestaat het bedrijfsopvangteam (BOT). Daarnaast is er een overeenkomst afgesloten met het instituut voor Psychotrauma, waar medewerkers met ernstige klachten worden aangemeld.
Bijlage(n)
:1
NL
BNG 28.50.81.616
Naast de eerder genoemde TCO en BOT heeft de VRGZ een arbodienst waarin individuele trajecten worden afgesproken en kan speciale zorg worden aangeboden. Belangrijk hierin is te komen tot een passende begeleiding voor iedere medewerker.
Ik hoop u voor dit moment voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet,
De burgemeester van Zaltbommel,
P.C. (Pieter van Maaren)
2
POSTADRES
Aan de Raden van de gemeenten die deelnemen aan Werkzaak Rivierenland, t.a.v. de griffier
Postbus 321 4190 CH Geldermalsen T E I
KV K IBAN
DATUM
088 93 75 000 info@werkzaakrivierenland.nl www.werkzaakrivierenland.nl 63247380 NL42 BNGH 0285 1661 15
4 maart 2024
KENMERK ONDERWERP
Antwoord Werkzaak Rivierenland op reacties gemeenten op conceptkaderbrief 2025 Geachte griffier, Wij danken u voor uw reacties op de conceptkaderbrief 2025. Het resultaat van uw terugkoppeling is dat u allen een overwegend positieve reactie heeft ingediend op de conceptkaderbrief 2025. Bij de behandeling van de kaderbrief 2025 heeft het AB uw reacties betrokken. Het AB heeft besloten de kaderbrief 2025 onverkort vast te stellen. In deze brief informeren wij u over de antwoorden van het AB op de specifieke opmerkingen en vragen die door uw gemeenteraden zijn geuit. Wij danken u voor de waardering die u uitspreekt in uw reacties. Vanzelfsprekend mag u ervan uitgaan dat wij streven naar een kwalitatief goede dienstverlening tegen zo laag mogelijke lasten voor de inwoners. Uw inhoudelijke opmerkingen en vragen betrekken wij bij het opstellen van de begroting 2025. De rode lijn die wij lezen in uw inhoudelijke reacties op onze conceptkaderbrief is als volgt: Loon- en prijsindexatie Voor de prijsontwikkeling dient aansluiting te worden gezocht bij de door het CPB opgestelde ‘prijsindex nationale bestedingen’ die in de septembercirculaire is opgenomen. Werkzaak: Werkzaak baseert zich bij de prijsindexatie op de prijs overheidsconsumptie (IMOC). Zover ons bekend en afgesproken in de regio, baseren alle gemeenschappelijke regelingen zich hierop.
We hebben een vergelijking gemaakt met de door u aangereikte prijsindex (prijsindex nationale bestedingen - pnb) en hebben vastgesteld dat deze fors hoger uitkomt dan de door ons gehanteerde indexering. Voor 2025 komen wij namelijk uit op 1,6% (IMOC), terwijl de prijsindex die u aandraagt voor 2025 uitkomt op 2,5% (pnb) . Op verzoek van het AB zal Werkzaak uitzoeken en zo spoedig mogelijk aan u terugkoppelen: 1. in welk gremium in het verleden is afgesproken de prijsindexatie IMOC te volgen; 2. wat het verschil is tussen beide indexen en wat de financiële consequenties zijn wanneer Werkzaak de indexering toepast, die door een aantal gemeenten wordt gewenst. Nieuw beleid We vragen onze gemeenschappelijke regelingen om terughoudend om te gaan met voorstellen voor nieuw beleid. Daarbij hanteren wij het principe “Nee, tenzij…”. 1
Werkzaak: In de kaderbrief en in de begroting 2025 staan en komen geen plannen voor nieuw beleid, tenzij dit voortkomt uit wetswijzigingen en noodzakelijk is.
Bedrijfsvoering Wij roepen Werkzaak op om bedachtzaam om te gaan met de bedrijfsvoeringkosten en een reële begroting te maken en daarbij kritisch te kijken wat Werkzaak daadwerkelijk nodig heeft. Werkzaak: Sinds de oprichting van Werkzaak is dit ons uitgangspunt. De rapporten van All@Work en Berenschot wijzen uit dat wij daarin slagen. Uiteraard zijn wij extra kritisch op onze uitgaven met het onheilspellende vooruitzicht van de forse korting van de Rijksmiddelen. Aanvullend op bovenstaande punten ontvingen we van enkele gemeenten nog specifieke reacties. Culemborg Projectfinanciering Hoe toetst Werkzaak of de projecten voldoen aan de doelstellingen en ambities van de organisatie en hoe voorkomen we dat na afloop van dergelijke projecten, extra financiering benodigd is vanuit de gemeenten? Werkzaak: Binnen Werkzaak geven we jaarlijks trainingen projectmatig werken aan nieuwe en bestaande projectleiders. De start van een nieuw project gebeurt pas na goedkeuring van het MT, of bij belangrijker projecten van DB of AB. Dan wordt ook getoetst of het project in lijn is met ons Meerjarenbeleidsplan. Gedurende het project bewaken projectleider en opdrachtgever de kosten, kwaliteit en tijd. Bij hele grote, innovatieve projecten met meerdere partijen en met grote onzekerheden, zoals Cirtex, zie je dat de kans om uit planning te lopen groot is.
Hier werken we alleen met zeer ervaren projectleiders, stuurgroep, etc. om deze risico’s op te vangen. Maatwerk Wat vindt Werkzaak zelf (financieel) uitvoerbaar en waar de focus op zou moeten liggen? Laten we in gezamenlijkheid een visie ontwikkelen. Is Werkzaak bereid om dit te faciliteren? Werkzaak: Het kader voor het bieden van maatwerk wordt steeds meer wettelijk verankerd. Met name in de te herziene Participatiewet. De oproep van het Rijk is op dit moment al zoveel mogelijk uit te gaan van vertrouwen en de menselijke maat. Aanleiding hiervoor is o.a. de toeslagenaffaire waarin volgens velen voorbij is gegaan aan die menselijke maat. In ons Meerjarenbeleidsplan hebben we hieraan invulling gegeven, rekening houdend met de maatschappelijke opvatting, oproep van het Rijk en de aangekondigde herziening van de Participatiewet. Bestandsontwikkeling Hoe komen de ramingen van het bestand precies tot stand en in hoeverre sluiten deze prognoses aan bij de werkelijkheid? Op welke manier is dit effectiever? Wij kijken uit naar uw onderbouwing. Werkzaak: Werkzaak baseert zich voor de raming van het bijstandsbestand in eerste instantie op de prognoses van het CPB. Het CPB publiceert deze in het centraal economisch plan en in de macro economische verkenning.
In onze regio zien we dat we daarmee niet altijd in de pas lopen en ook het historisch perspectief betrekken we in onze prognoses. Hoe lastig het is om goed te ramen, bleek in de periode van Corona. Alle bureaus voorspelden toen een forse toename van het aantal bijstandsgerechtigden (tot 40%), terwijl in werkelijkheid het aantal bijstandsgerechtigden afnam. Voor de prognose van het aantal mensen met een SW-indicatie baseren we ons eveneens op landelijke cijfers. Die geven een gemiddelde aan van 5% per jaar daling. In onze regio blijkt dat iets hoger te liggen, daarmee houden we rekening in de ramingen.
Tiel Toekomstige ontwikkelingen Wij willen graag met u het strategisch gesprek voeren over de visie van Werkzaak over autonome ontwikkelingen als stijging doelgroep nieuw beschut en statushouders en afname SW. Wat zijn de risico’s en kansen en met welke financiële scenario’s moeten wij rekening houden? Wij willen vooraf betrokken worden bij de toekomstscenario’s en daarbij horende financiële ontwikkelingen. Werkzaak: op dit moment ligt ons Meerjarenbeleidsplan ter zienswijze bij de regiogemeenten. In maart wordt een sessie georganiseerd voor het AB over de toekomst van ons sociaal ontwikkelbedrijf waarvan de opbrengsten worden gedeeld in de gemeenteraden. Ook bij nog te ontwikkelen toekomstscenario’s zullen bestuur en gemeenten betrokken worden door ons. P&C-cyclus van gemeenschappelijke regelingen Op 1 juli 2022 is de wijziging van de Wet Gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in werking getreden. Deze wetswijziging beoogt de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraden ten aanzien van gemeenschappelijke regelingen te versterken. In het verlengde hiervan willen wij in de komende periode graag regionaal gezamenlijke afspraken maken op het gebied van planning en control.
Een gezamenlijk kader voor gemeenschappelijke regelingen zorgt enerzijds voor meer grip van gemeenten op gemeenschappelijke regelingen en biedt anderzijds duidelijkheid aan onze gemeenschappelijke regelingen over wat er van hen wordt verwacht op dit onderwerp. Wij gaan hierover graag met u in gesprek. Werkzaak: wij hebben (samen met PROOF-adviseurs) de voorgestelde wijzigingen in onze GR-tekst onlangs toegelicht in het stadshuis van Culemborg aan raadsleden uit de regio. Maar natuurlijk gaan we graag met u en de andere regiogemeenten in gesprek over nog te maken regionale vervolgafspraken. Wij vertrouwen erop dat wij u met deze brief adequaat hebben geïnformeerd.
Het dagelijks bestuur van Werkzaak Rivierenland 4 maart 2024,
de secretaris,
de voorzitter
Mevrouw E. Boer MBA
Mevrouw drs. J.H.A. Sørensen
Zaltbommel 29-2-2024 Aan: Het College van Burgemeester en Wethouders van Zaltbommel De Gemeenteraad van Zaltbommel Kopie: Kerkeraad van de Protestantse Gemeente Zaltbommel, bestuur Stichting Sint Maarten
Geacht College, geachte Raad, Hierbij ontvangt u opnieuw een schrijven van ons. Niet omdat we hier voldoening uit halen, maar we maken ons namelijk ernstig zorgen over de voortgang van het proces rondom de overname en verbouwing van de Sint-Maartenskerk tot "Kerk van de Stad". Uiteraard is er begrip dat u, gelet op de financiële mogelijkheden ten aanzien van de gemeentefinanciën, in de toekomst scherpe keuzes wenst te maken. Echter missen wij energie aan de kant van de gemeente om nu door te pakken in dit dossier. Wij moeten bij herhaling zelf initiatief nemen tot overleg, omdat er vanuit de gemeente veelal sprake van radiostilte lijkt te zijn. Zo ook nu, waar we op 24 januari hebben besproken om samen toe te werken naar de besluitvorming in de raadsvergadering op 18 april a.s. Bij de PGZ en Stichting Sint Maarten is er veel energie aanwezig om het concept "Kerk van de Stad" in de iconische Sint-Maartenskerk uit te werken, maar de houding van de gemeente laat deze energie wegzakken. Er ontstaat onvermijdelijk bij ons het gevoel dat de gemeentelijke organisatie geen prioriteit wenst te geven aan het dossier SintMaartenskerk. Wij hopen dat dit gevoel ten onrechte bestaat. Middels dit schrijven willen we u tevens onze visie geven op aspecten die in de afgelopen periode welzijn besproken in de verschillende gesprekken met de gemeente.
Zwart-wit foto versus kleurenfoto Wethouder Zondag heeft in de recente gesprekken gesproken over de "zwart-wit foto" versus "kleurenfoto". Waarbij de "zwart-witfoto" uitgaat van een sobere en doelmatige verbouwing van de Sint-Maartenskerk. En de kleurenfoto betreft alles wat meer is dan dat. Wij ondersteunen deze visie van de wethouder van harte.
Sterker nog, bij het Raadsvoorstel van 4 november 2021 hebben wij in een brief ons Programma van Eisen genoemd, wat naar onze mening onderdeel is van de zwartwit foto. Onze brief van 12 juli 2021, die samen met het "overzicht gebruik ruimten PGZ" nogmaals als bijlage is toegevoegd, is nog steeds van toepassing. En om het ook nog eens zwart-wit van onze kant te stellen, de overdracht van de kerk in combinatie met ons definitief besluit tot permanent gebruik door de PGZ is geheel afhankelijk van (met voldoende waarborg) een invulling volgens dat programma. Wij gaan er vanuit dat ook uw standpunt hierover niet is gewijzigd, immers zegt het Raadsvoorstel van 4 november 2021 onder meer: -
In te stemmen met het in eigendom nemen van de Sint-Maartenkerk, op basis van de brief d.d. 12 juli 2021 en hier nadere afspraken over te maken met de PGZ.
Kortom, hierin verschillen onze meningen niet. Aanvullend refereren wij graag aan de studie van Drijver & Partners die als bijlage bij het Raadsbesluit is gevoegd, waar ook de ruimtebehoefte voor de Sint-Maartenskerk is uitgewerkt. In totaal gaat die studie uit van het zoveel mogelijk inpassen van het programma door verbouwen van de bestaande inbouw (in de koorkerk) en slecht een kleine uitbouw/aanpassing nabij de consistorie. Wij vinden het spijtig dat er wel een bouwhistorisch onderzoek is uitgevoerd (al in augustus 2022), maar dat daarna niet is doorgepakt middels het inschakelen van een architect die de ruimtebehoefte zou kunnen vertalen in een (voorlopig) ontwerp voor de kerk. Uiteraard met inachtneming en respect voor de bijzondere monumentale waarden. De uitgebreide studie van de heer Emmens geeft naar onze mening voldoende ingangen om de noodzakelijke (minimale) aanpassingen in de kerk te realiseren. In dit kader moet ons ook van het hart dat het toegezegde participatietraject in de raadsvergadering van 30 november 2023 op dit moment voor zowel de PGZ als de Stichting St. Maarten tot wel één kennismakingsgesprek heeft geleid en één gesprek gezamenlijk met de PGZ en het Cultuurcluster. Het is ons verder geheel onduidelijk waar dit "proces" toe gaat leiden. Dit als voorbeeld van het weglekken van energie en het ontbreken van een duidelijke koers. Financiën
In het Raadsvoorstel van 4 november 2021 is uitgegaan van totale verbouwingskosten van ongeveer 2,5 miljoen euro. De PGZ heeft daarbij aangegeven haar "aandeel" in de Stichting Sint Maarten van 241.000 euro alsmede haar vastgoedpositie van locatie Het Anker (toen geschat op 500.000 euro) beschikbaar te stellen voor de verbouwing van de Sint-Maartenskerk naar "Kerk van de Stad".
En dat voor 10% van het ruimtegebruik. Samen met het aandeel van de gemeente in de Stichting Sint Maarten (ook 241.000 euro) en de reeds beschikbaar gestelde middelen voor verwarming van de kerk (300.000 euro) maakt de beschikbare cofinanciering in totaal 1.282.000 euro. Hierin zijn cofinancieringsmogelijkheden vanuit het Rijk, de Provincie en culturele fondsen zelfs nog niet in verwerkt. Uiteraard waren dit prijzen 2021 en zullen bedragen gewijzigd zijn. Exploitatie Stichting Sint Maarten heeft vanaf 2023 de exploitatie in eigen hand genomen. Daarmee is er goed zicht gekomen op de potentie van de Sint-Maartenskerk op het gebied van verhuringen, (orgel-) concerten, bezoekersaantallen enerzijds en de exploitatiekosten anderzijds. In de Carrouselvergadering van november 2023 heeft de penningmeester van de Stichting Sint Maarten aangegeven dat het mogelijk is een sluitende exploitatie te hebben, daarbij het groot onderhoud niet meenemend. Ook in het zwart-wit foto scenario kan de stichting zichzelf bedruipen en dat met de inzet van vele vrijwilligers en enige professionele ondersteuning. Situatie Het Anker Met de verbouwing van de Sint Maarten naar "Kerk van de Stad" ontstaat voor de PGZ de mogelijkheid zich daar definitief te vestigen. Het Anker wordt overgedragen aan de gemeente Zaltbommel.
Nu de overdracht van de kerk en de verbouwing van de Sint Maarten tot "Kerk van de Stad" steeds langer op zich laat wachten rijst de twijfel of het toch niet verstandig is juist Het Anker als kerkelijk huis aan te moeten houden. Dit zou als gevolg hebben een Sint-Maartenskerk zonder kerkelijke gemeenschap en bovendien geen cofinanciering voor de verbouwing. Omdat de overname verder op zich laat wachten heeft PGZ ook frictiekosten aan het pand Het Anker. Er is onderhoud nodig ter grootte van 60.000 euro, welke ook kenbaar is gemaakt in de gesprekken met wethouder Zondag. Ondanks een positieve grondhouding is er na het gesprek toch ook weer geen enkele reactie meer gekomen op dit verzoek. Organisatie Indien alsnog overeenstemming tussen de PGZ en de gemeente Zaltbommel wordt bereikt stelt de PGZ in overleg met de Stichting Sint Maarten voor om voorlopig de exploitatie samen vorm te geven. Immers staat er nu een ingewerkt "team" en de samenwerking is naar volle tevredenheid. Een samenwerking op de korte termijn met Cultuurcluster Zaltbommel is naar onze mening momenteel niet opportuun. Immers na de gebeurtenissen eind 2022 is het onderlinge vertrouwen tussen Cultuurcluster Zaltbommel enerzijds en de PGZ én Stichting Sint Maarten anderzijds geschaad.
Daarbij zal ook Stichting Cultuurcluster Zaltbommel in de komende jaren al haar energie moeten stoppen in de nieuwbouw in de Waluwe en de daaraan gekoppelde exploitatie.
Daardoor ontstaat er naar onze mening rust en kunnen beide locaties zich solitair transformeren richting de toekomst en kunnen we op een later moment bezien hoe een eventuele samenwerking er uit kan komen te zien. In deze nieuwe situatie kan de Stichting Sint Maarten transformeren tot een op exploitatie gerichte stichting, waarbij het groot onderhoud wordt overgelaten aan de eigenaar van kerk en toren, de gemeente Zaltbommel. De Stichting Sint Maarten is een ANBI-stichting die ook gemakkelijker externe middelen van fondsen en private personen kan aantrekken. Wij zien hier ook mogelijkheden tot het vormen van een "fonds groot onderhoud" die de gemeente gaat ondersteunen. Een dergelijk fonds is weleens genoemd door omwonenden in een bijeenkomst in 2021 in voorbereiding op het eerder genoemde Raadsbesluit. Werken aan de Kerk van de Stad Samenvattend dringen wij aan om gezamenlijk werk te maken van het concept "Kerk van de Stad". PGZ en Stichting Sint Maarten zijn klaar om de Sint-Maartenskerk zodanig te verbouwen dat een duurzame exploitatie en onderhoud geborgd is. Wij nodigen de gemeente Zaltbommel uit om na overname van de kerk met ons de juiste stappen te zetten die moeten leiden tot de Kerk van de Stad. Wij zijn bereid om naast de eerder genoemde middelen ook (bestuurlijke) mankracht in te zetten voor dit project.
Voorts vertrouwen wij erop dat de belofte om de kerk over te nemen alsmede de toegezegde bijdrage in de frictiekosten voor Het Anker per ommegaande worden gerealiseerd.
Met vriendelijke groeten,
Voorzitter Kerkenraad PGZ
College van Burgemeester en Wethouders en gemeenteraad Zaltbommel p/a Hogeweg 11, 5301 LB Zaltbommel Tiel, 05-03-2024 Onderwerp: kritieke situatie continuïteit huishoudelijke hulp Geacht College van Burgemeester en Wethouders, geachte gemeenteraad, De zorgplicht van gemeenten binnen de WMO is van onschatbaar belang, een hoeksteen van een rechtvaardige en inclusieve samenleving. Het is de verantwoordelijkheid van gemeenten om ervoor te zorgen dat iedere individuele inwoner, ongeacht zijn of haar beperkingen, de zorg en ondersteuning ontvangt die nodig is om volwaardig deel te kunnen nemen aan het maatschappelijk leven. Door te zorgen voor passende voorzieningen, zoals hulpmiddelen, aanpassingen in huis of persoonlijke begeleiding, kunnen gemeenten de kwaliteit van leven van kwetsbare burgers aanzienlijk verbeteren. Het nakomen van deze zorgplicht staat onder druk. De kosten van het leveren van huishoudelijke ondersteuning wegen niet meer op tegen de prijs die de gemeente betaald. De aanbieders van huishoudelijke zorg zijn reeds lang met de gemeente in gesprek om tot een oplossing te komen. Hier is nog geen resultaat uit gekomen, mede doordat we tegen bestuurlijke kaders aan lopen. Wat is het probleem Bovenstaande in ogenschouw nemende vragen wij uw aandacht voor het volgende.
Met het eerder dit jaar gesloten cao-akkoord (cao-vvt) met loonstijgingen zijn de uitvoeringskosten die nodig zijn om de zorg te leveren recht evenredig gestegen. Het openbreken van de cao had tot doel om de salarissen van de zorgmedewerkers concurrerend te laten blijven in de krappe arbeidsmarkt en de hoge inflatie deels op te vangen. Daarmee is de continuïteit van zorg voor gemeenten geborgd. De huidige tariefstelling van de gemeenten Maasdriel en Zaltbommel sluit niet aan bij de loonstijging van de cao. Deze loonstijging is sinds 01-10-2023 en verloopt in stappen. Het gaat hier om 11,5 tot 14% (exclusief jaarlijkse doorgroei in periodieken). Het nieuwe tarief van 2024 is € 35,40 per uur, in 2023 was dit € 33,60. Dit is een stijging van 5,4%. Het behoeft geen uitleg dat de zorgaanbieders hierdoor in grote financiële problemen gaan komen, tenzij de tarieven worden bijgesteld om de loonkostenstijging te dekken. Zoals (meermaals) aangegeven binnen de overlegtafels zijn de tarieven voor huishoudelijke ondersteuning op dit moment nog steeds ontoereikend om de loonkostenstijging te dekken en de toezeggingen niet concreet genoeg. Dit terwijl de loonstijgingen al van kracht zijn. Zonder de aanpassing van het tarief staat de continuïteit van zorg op het spel met negatieve impact voor uw inwoners tot gevolg. Op 26 oktober 2023 en 20 december 2023 hebben individuele aanbieders, resp.
Actiefzorg en T-Zorg u daar reeds een brief over gestuurd. Helaas zijn deze voor kennisgeving aangekomen. Alleen in Zaltbommel zijn er vragen over gesteld. Dat de continuïteit van de huishoudelijke ondersteuning in gevaar is, blijkt uit het feit dat de aanbieders voor 2024 een negatieve begroting hebben voor de huishoudelijke hulp in de gemeenten Zaltbommel en Maasdriel. Anders gezegd: aanbieders betalen om zorg te leveren in de gemeenten Zaltbommel en Maasdriel. Dat dit uiteindelijk kan leiden tot faillissement van aanbieders, met alle
gevolgen van dien voor cliënten en medewerkers, behoeft geen verdere uitleg. Nemen het college en de gemeenteraad dit ook voor kennisgeving aan? Voor de verlenging van de huidige overeenkomst vanaf 2025 loopt er ondertussen een kostprijsonderzoek. Daar zijn we blij mee. Echter, dit probleem speelt al vanaf 2023. De gemeenten hebben expliciet aangegeven dat er geen correctie met terugwerkende kracht gaat komen. Dat lost onze huidige problemen niet op. Wettelijke kaders Op basis van de AMvB reële prijs Wmo is de gemeente verplicht een reële prijs te betalen voor een Wmo dienst, waarmee de aanbieder kan voldoen aan de gemeentelijke eisen rondom kwaliteit en continuïteit van deze dienst en aan de arbeidsrechtelijke verplichtingen aan de beroepskracht die deze dienst verleent aan de cliënt. Belangrijk uitgangspunt (verplicht element) daarbij is een jaarlijkse indexatie. In de parlementaire behandeling van deze AMvB heeft het kabinet nadrukkelijk bevestigd “dat het college een reële prijs dient te baseren op de cao die door de aanbieder in de betreffende sector moet worden gehanteerd”. Een reële prijs omvat daarom een indexatie die dit waarborgt. De loonstijgingen in de cao-vvt voor zowel 2023 als 2024 staan bovendien vast. De indexatie van het loongevoelige deel van het Wmotarief dient derhalve daarop gebaseerd te worden.
Het toepassen van een algemeen indexatiemechanisme zoals de OVA (4,94%), die de gemeente nu hanteert, is niet kostendekkend en dus niet reëel. Een tweede element van autonome kostenstijging van de uitvoeringskosten is de doorgroei van het huidige personeel binnen de loonschaal. Onze zorgmedewerkers worden steeds ouder en dat heeft tot gevolg dat de totale kosten van personeel de afgelopen jaren steeds verder zijn toegenomen. We willen u hierbij ook graag attenderen op het arrest van het Gerechtshof Leeuwarden-Arnhem van 21 januari 2020, nadien bekrachtigd door de Hoge Raad in het arrest van 8 oktober 2021 . Het Gerechtshof oordeelt als volgt: “De omstandigheid dat de prijzen worden geïndexeerd volgens de CBS-index voor cao-lonen volstaat naar het voorshands oordeel van het hof niet zonder meer: de prijzen moeten niet worden aangepast aan de gemiddelde loonstijgingen, maar aan de loonstijgingen volgens de toepasselijke cao-vvt, nu de aanbieders aan die cao zijn gebonden. Dat de gemeenten niet rechtstreeks door die cao worden gebonden, maakt dat niet anders. Het gaat erom dat de loonkosten van de aanbieders bepalend zijn voor de prijs van de zorg en daarmee voor de reële prijs in de zin van artikel 5.4 lid 3 Wmo.” De uitspraak van het Hof is helder. De indexatie als gevolg van de AMvB reële prijs Wmo 2015 dient gebaseerd te zijn op de toepasselijke cao, i.c. de cao-vvt.
Dit is geheel in lijn met hetgeen het Kabinet in de parlementaire behandeling van de AMvB heeft aangegeven. Als aanbieders voelen wij een gezamenlijke verantwoordelijkheid om uw inwoners te blijven voorzien van de nodige huishoudelijk hulp en doen nu een beroep op uw zorgplicht om er samen voor te zorgen dat we deze hulp kunnen continueren. Nieuwe cao-vvt: Wat betekent dit voor onze medewerkers in uw gemeente? Begin 2023 zijn werkgeversverenigingen en vakbonden tot een nieuw cao-akkoord gekomen waarbij de lonen voor huishoudelijk medewerkers in het komende jaar met 11,5 tot 14% stijgen, exclusief doorgroei in periodieken. De volgende loonsverhogingen zijn afgesproken: • Per 1 oktober 2023 een loonsverhoging van 5% met een bodem van EUR 125,-. • Per 1 maart 2024 een loonsverhoging van 2,5% met een bodem van EUR 75,• Per 1 oktober 2024 een loonsverhoging van 2,5% met een bodem van EUR 75,-.
Deze verhogingen vinden plaats bovenop de 3% salarisverhoging die in maart 2023 al is doorgevoerd vanuit de vorige cao-onderhandelingen en de doorgevoerde verhogingen van het minimumloon per juli 2023 en recent per januari 2024. Daarnaast zijn in de nieuwe cao verbeteringen voor de medewerkers opgenomen rond reiskostenvergoeding (van € 0,10 naar € 0,17 per km, verhoogt met 70% dus). De reistijd tussen cliënten is betaalde tijd en de minimale uitkering vakantiegeld en eindejaarsuitkering zijn ook gestegen. Hoe nu verder? Als goed werkgever willen en moeten wij onze medewerker het cao salaris bieden. Allereerst om ervoor te zorgen dat onze medewerkers (eveneens uw inwoners) zichzelf en hun gezin kunnen blijven onderhouden. Maar daarnaast ook om te zorgen dat de lonen in de zorgsector meestijgen met lonen uit andere branches, zodat personeel voor de zorg behouden blijft en personeelstekorten niet onnodig verder toenemen met groeiende wachtlijsten tot gevolg. Met het afsluiten van deze cao heeft de zorgsector haar verantwoordelijkheid genomen en wij vragen u als college en gemeenteraad hetzelfde te doen. We ontvangen graag van u een concreet voorstel waarmee we de komende periode in gesprek kunnen gaan om te komen tot een tarief dat voorziet in kostendekkende indexatie vanaf 1 oktober 2023 en 2024.
We vertrouwen erop gezamenlijk tot een wederzijds passende oplossing te komen en zien uw reactie graag tegemoet. We zijn bereid deze brief mondeling toe te lichten. Hartelijke groet, Zorgaanbieders huishoudelijke ondersteuning:
Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)