CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept jaarrekening 2024

Raadsvergadering 12 juni 2025, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Jaarrekening 2024 Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR)9.161 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR)

Jaarstukken 2024

Jaarverslag en jaarrekening van UBRivierenland over 2024

Versie voor het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur d.d. 27 maart 2025

Gemeenschappelijke Regeling UBRivierenland Burg. van Lidth de Jeudelaan 3a Postbus 137, 4000 AC Tiel Email: info@UBRivierenland.nl

Wat vindt u in de jaarstukken 2024

De jaarstukken 2024 samengevat

3

Besluitvorming over de jaarstukken 2024

5

Het besluitvormingsproces omtrent deze jaarstukken in beeld.

Jaarverslag: de programmaverantwoording

Programma 1 - Beheer & Uitvoering Glasvezelnetwerk Programma 2 - Algemene baten en lasten

6 10

Programma

We brengen in beeld wat de UBR bereikt heeft en welke baten en kosten dit met zich meebracht.

Jaarverslag: de paragrafen In de paragrafen maken we een dwarsdoorsnede van de jaarstukken over de thema’s die voor gr UBR relevant zijn.

Paragraaf 1 - Weerstandsvermogen en risicobeheersing Paragraaf 2 - Onderhoud kapitaalgoederen Paragraaf 3 - Bedrijfsvoering Paragraaf 4 - Financiering

12 15 16 18

Jaarrekening De jaarrekening geeft een totaaloverzicht van de gerealiseerde baten en lasten. Daarnaast brengen we onze financiële positie in beeld.

1. Overzicht van de baten en lasten en de toelichting daarop 2. De balans per 31 december 2024 en de toelichting daarop

22 24

Bijlagen 1. Controleverklaring

29

Meer informatie kunt u vinden op onze website: https://ubrivierenland.nl

2 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

De jaarstukken 2024 samengevat

Terugblik op 2024 inhoudelijk Na vele jaren van voorbereiding hebben zeven gemeenten begin 2020 ingestemd met de oprichting van de Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR). Een mijlpaal na een lang traject, waarbij voor veel inwoners, bedrijven en instellingen in het buitengebied een lang gekoesterde wens voor snel internet wordt gerealiseerd. De aanleg van het nieuwe breedbandnetwerk was gepland voor 2020 en 2021. Dit is niet gehaald door verschillende oorzaken en omstandigheden. De opdrachtnemer heeft eerder al schriftelijk laten weten dat het tijdstip van de aanvang van de werkzaamheden door vertragingen pas kon worden gestart in april 2020. Tevens heeft de opdrachtnemer aangegeven dat er vertragingen zijn rondom de reguliere en dijkadressen. Er wordt in de opdracht onderscheid gemaakt in reguliere, dijkadressen en dijkversterkingsadressen. Voor de reguliere en dijkadressen is de initiële aanlegplanning (24 maanden) met in acht neming van de vertragingen in Q1 van 2020 niet gehaald. Inclusief de vertraging bij de start is de vertraging voor de realisatie van de reguliere en dijkadressen 24 maanden.

Voor de laatste categorie “dijkversterkingsadressen”, die liggen in het zogenaamde TIWA (Tiel-Waardenburg) en GOWA (Gorinchem-Waardenburg) traject en de adressen die een belemmering kennen door bijvoorbeeld het ontbreken van een instemmingsverklaring van een particuliere grondeigenaar of een aanlegvergunning langs provinciale N wegen waar werkzaamheden zijn en waren gepland, is een inventarisatie gemaakt van het aantal adressen (261) per jaar ultimo. Deze 261 adressen staan gepland voor 2025 en 2026. Terugblik op 2024: financieel en organisatorisch Het resultaat in 2024 is hoger dan de in de bestuursrapportage bijgestelde exploitatierekening 2024. Dit hogere resultaat kent twee hoofdoorzaken; de netto omzet was hoger dan begroot en het resultaat van de rentebaten over 2024 was hoger. Door het gunstige verloop van de rente op schatkistbankieren (rente positief over het saldo vanaf 14-09-2022 en sinds die tijd vele malen verhoogd) is er een beter resultaat geboekt op de rentebaten dan begroot. Het rentebaten effect zal in 2025 veel lager zijn omdat de laatste investeringen in 2025 zullen plaatsvinden en hiermee het positieve saldo op schatkistbankieren verdwijnt. Overall is er een winst geboekt in 2024 die een kleine ton hoger is dan in de bestuursrapportage van 2024 is vermeld. In de komende jaren is er een bescheiden structureel overschot van de exploitatie.

Na 2026 lopen de positieve resultaten op, omdat de geactiveerde voorbereidingskosten dan grotendeels zijn afgeschreven en niet meer op de exploitatie drukken. De omzet zit inmiddels een half jaar op en zelfs boven het beoogde en begrote niveau. De exploitatie sluit per saldo over de laatste 4 jaren met een positief resultaat. Dit heeft onder andere te maken met de gunstige rentecondities van de kredietfaciliteit met de BNG in de eerste 2 jaar en de beter dan begrote performance actieve klanten maar ook met de opbrengsten uit schatkistbankieren over het nog niet geïnvesteerde deel van de begroting. Organisatorisch is er daarnaast alles aan gedaan om voorkomende problemen en vertragingen zoveel mogelijk te mitigeren met passende maatregelen. Zo is er bij de UBR in 2024 wederom met name focus geweest op het in beeld krijgen van de status van de nog aan te sluiten adressen en het verkrijgen van de benodigde instemmingsverklaringen van particulieren om over hun perceel te mogen gaan voor de aanleg.

3 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Financiële kerncijfers 2024 In onderstaande tabel een totaaloverzicht van de begrote en gerealiseerde baten en lasten in 2024 Baten en lasten Opbrengsten Verhuur glasvezel/vezelparen

Begroot 2024

Realisatie 2024

Realisatie 2023

1.526.152

1.621.112

1.454.197

Beheerkosten Incidentele lasten Afschrijvingen Rentelasten Totaal lasten

462.460

466.929

612.672 201.884 1.277.016

603.757 180.438 1.251.124

404.874 52.348 490.697 97.314 1.045.233

Saldo van baten en lasten

249.137

369.989

408.964

Vennootschapsbelasting Resultaat na belastingen

-50.677 198.459

-/-81.857 288.132

-/-91.913 317.051

4 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma Algemene baten en lasten Besluitvorming over 3de Jaarstukken 2024 Programma Algemene baten en lasten

Jan./febr. 2025

Ambtelijke voorbereiding

27 Maart 2025

Behandeling concept jaarstukken door Dagelijks Bestuur

26 juni 2025

Vaststelling jaarstukken door Dagelijks- en Algemeen Bestuur

BEVINDING: Het dagelijks bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grenzen. Aldus vastgesteld in de vergadering van het Dagelijks Bestuur op 26 juni 2025. De secretaris - directeur,

De voorzitter,

C.P.S. Herms

S.H.R. van Someren

Het gerealiseerde resultaat bedraagt € 288.132 positief. Het Algemeen Bestuur van de UBRivierenland is bevoegd een besluit te nemen over de bestemming van het rekeningoverschot, na consultatie van de gemeenten via de zienswijzen. Het overschot is in de balans opgenomen onder het eigen vermogen als ‘Nog te bestemmen resultaat’. Voorstel met betrekking tot de vaststelling en resultaatbestemming Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling UBRivierenland, gezien het voorstel van het Dagelijks Bestuur tot vaststelling van de jaarstukken 2024, BESLUIT: 1.

De programmarekening 2024 vast te stellen conform voorliggend ontwerp.

2.

Het winstsaldo over 2024 ter grootte van € 288.132 zoals opgenomen in deze jaarrekening in de balans als eigen vermogen op te nemen.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur op 26 juni 2025. De secretaris - directeur,

De voorzitter,

C.P.S. Herms

S.H.R. van Someren

5 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma batenGlasvezelnetwerk en lasten Programma 1 - Beheer – 3 Algemene & Uitvoering

Algemene toelichting bij het programma Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland is een samenwerkingsverband (gemeenschappelijke regeling) van 7 gemeenten, te weten Culemborg, Maasdriel, Neder-Betuwe, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal en Zaltbommel. Het doel is om voor de zogenaamde “witte” adressen (adressen met enkel een ouderwetse PTT koperaansluiting) de huidige breedbandaansluitingen te vervangen door een toekomstvaste glasvezelaansluiting. Er wordt in de opdracht onderscheid gemaakt in reguliere, dijkadressen en dijkversterkingsadressen. Voor de reguliere adressen wordt de initiële aanlegplanning (24 maanden) met in acht neming van de vertragingen in Q1 van 2020 niet gehaald. Er is door de opdrachtnemer een aangepaste mijlpalenplanning afgegeven voor realisatie van de reguliere en de dijkadressen in 2024. Eind 2024 is 98% van het netwerk gereed en zijn de “restadressen” met name adressen met een bijzonderheid. Deze bijzonderheid kan zijn: 1. Het adres ligt in een dijkversterkingsgebied (TIWA of GOWA) 2. Het adres wacht op een toestemmingsverklaring van een eigenaar van een omliggend perceel (privé gronden) of op de uitspraak van de ACM over de gedoogplicht. 3. Een storing of technische belemmering. Vanaf het 4e kwartaal 2020 zijn de eerste aansluitingen operationeel en genereert de UBR inkomsten uit de verhuur van vezelparen.

Het aantal deelnemende adressen in het project zijn 8880 adressen homes passed (HP). Momenteel hebben zich 7.499 adressen ingeschreven voor een aansluiting homes connected (HC) waarvan er in 2025 nog 261 adressen moeten worden aangesloten. Naar verwachting zal op termijn 90% een abonnement afnemen, homes activated (HA). Voorgaande resulteert in onderstaande realisatie:

2020 Q4 2021 Q1 2021 Q2 2021 Q3 2021 Q4 2022 Q1 2022 Q2 2022 Q3 2022 Q4 2023 Q1 2023 Q2 2023 Q3 2023 Q4 2024 Q1 2024 Q2 2024 Q3 2024 Q4

Realisatie aansluitingen HC aan het eind van het kwartaal 232 1.362 1.881 2.348 3.407 3.956 4.500 4.795 5.505 5.875 6.187 6.441 6.751 6.948 7.080 7.174 7.238

Percentage aansluitingen HC 3% 19% 26% 32% 47% 54% 62% 65% 74% 79% 84% 87% 91% 94% 96% 97% 98%

Realisatie aansluitingen HA aan het eind van het kwartaal 185 1.068 1.257 1.850 2.623 3.225 3.735 3.969 4.664 5.000 5.328 5.546 5.831 5.995 6.203 6.323 6.361

Percentage aansluitingen HA

80% 78% 67% 79% 77% 82% 83% 83% 85% 85% 86% 86% 86% 86% 88% 88% 88%

6 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten De investeringsbedragen zijn gebaseerd op de uitkomsten van de aanbesteding. Voor de aanlegfase is in totaal een investeringsbedrag van € 37.300.000 gebudgetteerd. Daarnaast is voor de periode daarna een reservering voor de investeringskosten van na-aansluitingen, inbebouwing en degeneratie opgenomen van € 200.000. Over de hele looptijd is gerekend met een investeringsbudget van in totaal € 37.500.000. Het is de verwachting dat de uitloop van de aanleg niet zal leiden tot een aanpassing van onderstaande specificatie van het investeringsbudget. De specificatie van het investeringsbudget (afgerond) is als volgt: * Voorbereidingskosten: Kosten van onderzoek en ontwikkeling die in de periode van 2016 t/m 2019 zijn voorgefinancierd door Regio Rivierenland * Kosten aanleg * Overige kosten in de investeringsfase: Bouwrente + projectkosten * Onvoorzien: Stelpost om tegenvallers/meerwerk bij de initiële realisatie van de investeringen op te kunnen vangen Budget investeringsuitgaven in de aanlegfase * Voorziening voor na-aansluitingen en dergelijke Totaal investeringsbudget

€ €

1.000.000 34.200.000

€

1.100.000

€ € € €

1.000.000 37.300.000 200.000 37.500.000

Voor de bekostiging van de aanlegkosten van het breedbandnetwerk hebben we een langlopende financieringsovereenkomst met de BNG Bank afgesloten met een totale looptijd van 50 jaar. In 2020 en 2021 vond financiering van de investeringsuitgaven plaats via een krediet in rekeningcourant met een bouwfaciliteit van € 37.500.000. De rekening-courant wordt in de eerste jaren ook aangewend voor de financiering van op investeringsfacturen betaalde BTW, die de UBR achteraf (na indiening van de BTW-aangifte) uitbetaald krijgt door de belastingdienst. Op 6 januari 2022, twee jaar na oprichting van de UBR, vond omzetting plaats naar financiering door middel van een langlopende lening. Op deze manier heeft de UBR in de aanlegfase optimaal geprofiteerd van de lage rentestand. De langlopende lening bedraagt € 35.000.000 vanaf 6 januari 2022 en heeft een looptijd van 48 jaar. De lening wordt lineair afgelost. De UBR loopt geen renterisico voor het langlopende deel van de financiering, omdat ze het rentepercentage van de lening voor 30 jaar heeft vastgelegd op 0,835% voor de periode 2022 tot 2052. De UBR houdt een kortlopende kredietfaciliteit ter grootte van € 2.500.000 aan, waarmee de totale financieringsbehoefte van € 37.500.000 is ingevuld. Afhankelijk van de renteontwikkelingen kan de UBR ook dit deel in de toekomst langlopend (her)financieren.

De kosten van onderzoek en ontwikkeling, die door Regio Rivierenland zijn voorgefinancierd vanaf 2016, zijn na de oprichting van gemeenschappelijke regeling UBR overgebracht naar de nieuwe organisatie (UBR). Het betreft voorbereidingskosten die op grond van de wettelijke voorschriften (BBV) in de balans als immaterieel vast actief opgenomen moeten worden en waarvoor een afschrijvingstermijn geldt van maximaal 5 jaar. De overige investeringsuitgaven voor het breedbandnetwerk worden geactiveerd in de balans bij de materiële vaste activa en afgeschreven in 50 jaar, waarbij rekening gehouden wordt met de restwaarde van het breedbandnetwerk. Afgeschreven wordt vanaf het moment van realisatie van het breedbandnetwerk. De afschrijvingen lopen in de aanlegfase geleidelijk op en lopen daarmee in de pas met de gefaseerde oplevering en realisatie van het breedbandnetwerk. Dit is overeenkomstig de wettelijke voorschriften (BBV) en daarmee wordt ook een goede matching bereikt tussen inkomsten en afschrijvingslasten.

7 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten In onderstaand overzicht zijn de afschrijvingen in de eerste jaren gespecificeerd: Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Totaal (geraamd) investeringsbudget Afschrijvingstermijn

1.000.000 5 jaar

36.500.000 50 jaar

Afschrijvingen in 2020 Afschrijvingen in 2021 Afschrijvingen in 2022 Afschrijvingen in 2023 Afschrijvingen in 2024 Afschrijvingen in 2025 Afschrijvingen in 2026 Afschrijvingen in 2027 Afschrijvingen in 2028 Afschrijvingen in 2029 Afschrijvingen in 2030 Afschrijvingen in 2031

1.307 70.931 129.588 169.723 188.752 200.000 200.000 39.699 0 0 0 0

1.484 115.926 249.118 320.974 415.005 514.480 514.880 515.280 515.680 516.080 516.480 516.880

Totaal afschrijvingen 2020 t/m 2031

1.000.000

4.712.267

In de investeringsplanning is voorzien dat in 2031 het volledige investeringsbudget van € 37.500.000 is besteed. De (structurele) afschrijvingslasten bedragen vanaf 2031 € 516.880 per jaar (rekening houdend met de restwaarde van het breedbandnetwerk).

8 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten

Belangrijkste punten ➢ ➢ ➢ ➢

Sturen op een efficiënte bedrijfsvoering met een zo laag mogelijke operationele kosten. Sturen op het binnen het investeringsbudget afronden van de aanleg van het breedbandnetwerk. Sturen op het zo spoedig mogelijk afronden van alle breedbandnetwerk aansluitingen bij de zogenaamde “witte” aansluitingen. Structureel een sluitende (meerjaren)begroting.

De financiën van dit programma Financiële uitganspunten De gehanteerde uitgangspunten voor de begroting zijn hierna samengevat. • In totaal worden 8.880 aansluitingen in de buitengebieden van 7 gemeenten gerealiseerd. • Inwoners betalen geen kosten voor de aanleg van hun aansluiting. • Inwoners in de buitengebieden betalen prijzen die gelijk zijn aan de tarieven die in de kernen worden gehanteerd. Er wordt geen buitengebiedstoeslag toegepast. • Het deelnamepercentage van de inwoners in de buitengebieden is op basis van de uitkomsten aanmeldcijfers voor 2024 bepaald en ingeschat op 70%. In de financiële doorrekeningen is het deelnamepercentage in meerjarig perspectief gemaximeerd op 70%. • Het totale investeringsbudget bedraagt € 37.500.000 en is gebaseerd op de uitkomsten van de aanbesteding. In het budget is ook een bedrag voor onvoorzien opgenomen (€ 1.000.000) en een voorziening voor na-aansluitingen, inbebouwing en toekomstige degeneratie (€ 200.000). • De opbrengsten uit de verhuur van vezelparen zijn in 2024 overeenkomstig de landelijk gehanteerde tarieven van KPN. • De opbrengsten en de operationele kosten worden in de meerjarenbegroting doorgerekend met een jaarlijks vastgestelde indexering van 1,5%. In de praktijk kan voor zowel de kosten als de opbrengsten hiervan worden afgeweken.

• De restwaarde van het breedbandnetwerk aan het eind van de looptijd van de lening bedraagt € 1.200 per aansluiting, in totaal een bedrag van € 10.656.000, waarop niet wordt afgeschreven. • De rente van de lening van € 35.000.000 met een looptijd van 48 jaar (looptijd van 2022 tot 2070) is in januari 2020 overeengekomen met de BNG Bank en bedraagt 0,835%. De rente staat voor 30 jaar vast vanaf 6 januari 2022. • Het overschot aan middelen na uitbetaling van de lening ad 35 mio wordt aangehouden middels schatkistbankieren. Sinds 14-09-2022 ontvangt de UBR creditrente over dit saldo. • Voor de additionele financiering van € 2.500.000 vanaf 2022 houden we in de begroting vast aan continuering van een faciliteit in rekening-courant • Voor de gehele faciliteit geldt een bereidstellingsprovisie van 0,09% over het niet opgenomen deel van het beschikbare bedrag. • Gestreefd wordt om vermogenstekorten in de exploitatie te voorkomen. • Realisatie van een positieve cashflow die voldoende is om de aflossingstermijnen van de lening te kunnen betalen. • De liquiditeitspositie moet de UBR in alle jaren in staat stellen om aan de betalingsverplichtingen te voldoen. In de aanlegfase van het breedbandnetwerk is via een kortlopend bankkrediet een kapitaalbuffer gecreëerd van waaruit de (investerings-) betalingen kunnen worden gedaan.

9 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene en lasten baten baten en lasten Programma 2 - Algemene Producten Tot dit programma behoren de volgende taakvelden/producten: • Exploitatie glasvezelnetwerk (inclusief overhead) • Treasury • Onvoorziene uitgaven • Vennootschapsbelasting

Exploitatie glasvezelnetwerk Programma 2 Bedragen x € 1.000

Begroting 2024

Afwijking

Rekening 2024

Lasten

1277

1251

Baten

1526

Subtotaal

249 0

0

Saldo van baten en lasten

249

Gerealiseerd resultaat

249

Gemeentelijke bijdrage

22

V

1621

95

V

370

121

V

370

121

370

121

V V

0

Overhead De kosten van overhead moeten volgens wettelijk voorschrift (BBV) afzonderlijk worden verantwoord. De overhead wordt niet meer toegerekend aan en opgenomen bij de verschillende programma’s in de begroting. Overhead heeft betrekking op ondersteunende taken die niet direct dienstbaar zijn aan de externe klant of het externe product. De algemene definitie luidt als volgt: overhead heeft betrekking op alle kosten die samenhangen met de sturing en de ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. UBRivierenland heeft een beperkt takenpakket en houdt zich alleen bezig met aanleg, onderhoud en beheer van een passief glasvezelnetwerk. De baten en lasten worden in de begroting binnen één programma verantwoord. Alle kosten, met inbegrip van de lasten die een algemeen karakter hebben, zijn direct dienstbaar aan de realisatie en instandhouding van een infrastructuur van het glasvezelnetwerk. Alle lasten worden daarom opgenomen binnen het programma ‘Beheer & Uitvoering Glasvezelnetwerk’.

Incidentele baten en lasten In de begroting 2024 is geen budget opgenomen voor incidentele lasten. In de realisatie zijn er geen overige incidentele lasten buiten de begroting geweest. Er waren in 2024 geen incidentele baten.

Treasury In het BBV worden alle rentelasten en rentebaten begroot en verantwoord op het taakveld Treasury. In de paragraaf Financiering is een renteschema opgenomen, dat inzicht geeft in de rentebaten, rentelasten en het begrote en gerealiseerde renteresultaat. Het saldo en de samenstelling van het resultaat uit treasury is in onderstaand overzicht samengevat.

10 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten

Betaalde financieringsrente BNG

Begroot 2024

Realisatie 2024

283.370

280.077

Ontvangen rente-inkomsten

-81.486

-99.639

Saldo rentelasten en rentebaten

201.884

180.438

0

0

Totaal van de aan de vaste activa (taakvelden) toe te rekenen rente

201.884

180.438

De aan de vaste activa (taakvelden) toegerekende rente

201.884

180.438

Resultaat uit treasury (rente kosten 2024)

201.884

180.438

Geactiveerde bouwrente

We hebben in 2024 een treasury resultaat gerealiseerd van € 180.438 rente kosten. Er is over 2024-Q1 t/m Q4 rente betaald over de bancaire financiering (betaalde debetrente en bereidstellingsprovisie) en creditrente ontvangen over o.a. het positieve saldo schatkistbankieren. Uit voorgaand overzicht blijkt dat het volledige bedrag van de externe financiering en de daarmee samenhangende rentelasten (saldo van de bancaire leningen) wordt aangewend voor de aanleg van het passieve breedbandnetwerk.

Onvoorziene uitgaven In het investeringsbudget van € 37.500.000 is een bedrag voor onvoorziene uitgaven opgenomen van € 1.000.000. Dit budget is deels aangewend voor de bekostiging van Leges en Degeneratiekosten die buiten de opdracht van aanbesteding vallen. Deze verrekening vindt plaats in 2021, 2022, 2023, 2024 en 2025. Daarnaast is er een partij gecontracteerd voor de controle op de oplevering van het passieve netwerk die eveneens uit het budget onvoorzien wordt bekostigd. Ook deze kosten zijn/worden in 2024 en 2025 gemaakt en eveneens ten laste van de post onvoorzien gebracht. De projectkosten vanaf medio 2022 tot eind 2024 zijn eveneens ten laste van de post onvoorzien geboekt. De totale uitnutting van de in het investeringsbudget opgenomen reservering voor onvoorziene (investerings)uitgaven bedraagt eind 2024 € 731.868. Het restsaldo van de post onvoorzien in het investeringsbudget bedraagt derhalve begin 2025 € 268.132.

Vennootschapsbelasting Vanaf de oprichting (6 januari 2020) is gemeenschappelijke regeling UBRivierenland (UBR) belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. Het verlies van 2020 kon gecompenseerd worden met toekomstige (fiscale) winsten in de komende 6 (belasting)jaren (voorwaartse verliescompensatie). In het jaar 2020 is een compensabel verlies opgebouwd van € 36.238. Dit compensabel verlies werd in 2021 geheel gecompenseerd met de fiscale winst in 2021. Over de fiscale winst van 2024 is 19% vennootschapsbelasting verschuldigd over de eerste €200.000 en 25,8% over met meerdere, totaal € 81.857

11 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten Paragraaf 1 – Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Toelichting op het begrip weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de benodigde weerstandscapaciteit – de ingeschatte risico’s – en de beschikbare weerstandscapaciteit – de middelen die beschikbaar zijn om eventuele tegenvallers op te kunnen vangen. Het weerstandsvermogen wordt gevormd door de aanwezige middelen om de nadelige gevolgen van risico’s op te vangen. Het gaat bij het weerstandsvermogen met name om risico’s die niet via verzekeringen of voorzieningen kunnen worden ondervangen. In onderstaand schema is dit weergegeven:

Bekende risico’s

Beschikbare middelen

Benodigde weerstandscapaciteit

Beschikbare weerstandscapaciteit

Weerstandsvermogen

De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door: • • •

de verwachte impact van de aanwezige risico’s; de gewenste mate van zekerheid dat de risico’s kunnen worden opgevangen; de mate waarin de risico’s al op andere wijze zijn afgedekt.

De beschikbare weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen en mogelijkheden waarover de UBR kan beschikken om eventueel optredende niet begrote kosten af te dekken, zonder invloed op de uitvoering van taken. De middelen die we tot de beschikbare weerstandscapaciteit rekenen zijn: • de vrije aanwendbare reserves; • de stille reserves; • de post onvoorzien in de begroting.

Beleid omtrent weerstandscapaciteit UBRivierenland is een gemeenschappelijke regeling die taken uitvoert in opdracht van 7 gemeenten. Het weerstandsvermogen van de UBR wordt gevormd door het weerstandsvermogen van de afzonderlijke gemeenten. Niettemin zijn er redenen om ook binnen de UBR financiële weerstand op te bouwen. Op grond van wettelijke voorschriften is de UBR verplicht voorzieningen te vormen voor kwantificeerbare risico’s, verplichtingen en verliezen. Weerstandsvermogen De 7 gemeenten die deelnemen in de UBR zijn voor hun aandeel aansprakelijk als vermogenstekorten zouden ontstaan of de UBR niet in staat is om aan de aflossingsverplichtingen van de lening te voldoen. Het gemeentelijk aandeel wordt berekend op basis van de stemverhouding, overeenkomstig de bepalingen zoals opgenomen in de gemeenschappelijke regeling Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland. De UBR is een GR die geen risicoreserve opbouwt of aanhoudt.

12 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten Maatregelen op het gebied van risicobeheersing en risicomanagement Met de ramingen zoals opgenomen in de Kadernota 2026 is zichtbaar gemaakt dat de UBR kapitaal en vermogen opbouwt en aan alle betalingsverplichtingen kan voldoen. Op de langere termijn (na 2026) groeit het eigen vermogen sneller en neemt het saldo liquide middelen verder toe als gevolg van de oplopende exploitatie-overschotten. Het is daarom niet te verwachten dat de deelnemende gemeenten vanuit hun eigenaarschap of garantiestelling voor de lening financiële nadelen zullen ondervinden.

Financiële kengetallen Op 15 mei 2015 is een besluit tot wijziging van het BBV vastgesteld. Deze wijziging heeft betrekking op het opnemen van een uniforme set financiële kengetallen in de begroting. Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de (ontwikkeling van de) financiële positie. De uniforme kengetallen bieden de mogelijkheid om onderling cijfers te vergelijken. Daarmee dragen deze kengetallen bij aan de controlerende en kaderstellende rol van het bestuur. Hierna nemen wij de kengetallen op, die verplicht in de programmabegroting moeten worden opgenomen. Netto schuldquote De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de baten. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen UBRivierenland heeft geen leningen verstrekt aan derden. De uitkomst van de gecorrigeerde netto schuldquote is daardoor gelijk aan de netto schuldquote. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de organisatie in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal.

Het eigen vermogen bestaat uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. In het algemeen wordt een getal tussen de 25 en 40% als een gezonde positie gezien. UBRivierenland staat de het begin van een periode van vermogensopbouw. In het tweede, derde en vierde jaar waarin de aanleg van het breedbandnetwerk is gerealiseerd, werd de vermogensbuffer elk jaar verder versterkt (het kleine verlies uit 2020 wordt volledig gecompenseerd), waardoor de solvabiliteitsratio op een positief niveau ligt maar het percentage is nog laag. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Om de structurele lasten en baten te bepalen worden de incidentele lasten en baten van de totale lasten en baten afgetrokken. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Een ruimte van meer dan 1% geeft voldoende ruimte om structurele tegenvallers op te vangen.

13 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten Tabel met kengetallen: Raming 2024

Realisatie 2024

Netto schuldquote (afgerond)

1958%

1873%

Solvabiliteitsratio

2,35%

2,50%

Structurele exploitatieruimte

16,32%

22,82%

Toelichting bij de tabel met kengetallen: • De netto schuldquote staat op een hoog niveau, omdat de baten niet in verhouding staan tot de investeringsuitgaven voor de aanleg van het Breedbandnetwerk en de daarvoor aangetrokken financiering. Dat geldt nog meer in de eerste jaren, waarin de aanleg wordt gerealiseerd en aansluitingen nog niet allemaal operationeel zijn. Het voorgaande is inherent aan de aard van de bedrijfsactiviteiten, het noodzakelijke investeringsniveau en de gekozen financieringsopzet. • De solvabiliteitsratio is 2,50% maar stijgt de komende jaren met de geplande vermogensgroei. Bovendien wordt er sinds 2022 structureel afgelost op het vreemde vermogen. • De geraamde structurele exploitatieruimte komt in 2024 uit op 22,82%. De structurele exploitatieruimte is in 2024 positief en is als volgt opgebouwd: een structureel resultaat van € 369.989 ten opzichte van een totaalbedrag van € 1.621.112 aan gerealiseerde opbrengst. Kengetallen zijn momentopnamen en de uitkomsten moeten in het perspectief van de specifieke bedrijfsactiviteiten en de bedrijfseigen vermogens- en financieringsverhoudingen beschouwd en beoordeeld worden. UBRivierenland heeft een helder en positief financieel perspectief, waarbij de komende jaren een gezonde opbouw van vermogen plaatsvindt.

Er zijn gunstige financieringsafspraken met de BNG Bank gemaakt, waardoor de focus kan komen te liggen op de realisatie van goede glasvezelverbindingen in de buitengebieden.

14 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten Paragraaf 2 – Onderhoud kapitaalgoederen Belangrijke ontwikkelingen en aandachtspunten in 2024 Beleidskader Het beleid ligt vast in het meerjarenonderhoudsplan Het beheer en onderhoud is in de aanbesteding uitbesteed. De kaders liggen vast in beheer en onderhoudscontracten. Uitgangspunt is dat op langere termijn het Breedbandnetwerk op een adequate wijze wordt beheerd en onderhouden. In de begroting is de gefaseerde aanleg voor 8.880 aansluitingen meegenomen en doorgerekend.

Financiële consequenties en vertaling daarvan in de jaarrekening De kosten van het beheer en onderhoud van het glasvezelnetwerk zijn aanbesteed. In de jaarrekening 2024 is een operationele last gerealiseerd van € 159.479,-. In 2024 zijn 98% van alle adressen opgeleverd. In het vijfde jaar (2024) hadden we € 204.259,- begroot. Jaarlijks wordt het budget voor onderhoud geïndexeerd met 1,5%.

15 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten

Paragraaf 3 – Bedrijfsvoering Programma 3 Algemene baten en lasten Belangrijke ontwikkelingen in 2024 Algemeen De paragraaf bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens rond de bedrijfsvoering. Met bedrijfsvoering worden de bedrijfsprocessen bedoeld die nodig zijn om de beleidsdoelstellingen uit de programma's te realiseren. Voor een goede bedrijfsvoering zijn budget, personeel met kennis en kunde, infrastructuur, leiding/ aansturing, een goede communicatie, informatie en beheersinstrumenten nodig. Ook is een efficiënte inrichting van de organisatie en een gezonde samenwerkingscultuur, samen met gemeenten en andere partners cruciaal om de doelstellingen te bereiken en onze (breedband)dienst adequaat te kunnen uitvoeren. Onze organisatie zal zich inspannen om een zo hoog mogelijk deelnamepercentage op het breedbandnetwerk te realiseren. Het Dagelijks Bestuur is verantwoordelijk voor een adequate bedrijfsvoering. Het Algemeen Bestuur heeft hierbij een kaderstellende en controlerende taak.

Inrichting van de organisatie De organisatie van UBRivierenland is gericht op de uitvoering van de breedband dienstverlening aan de inwoners van het doelgebied die nog niet beschikken over een toekomstvast breedbandnetwerk.

DVO voor Concern- en bestuursondersteuning De ondersteunende middelen (P&O, Financiën & Control, Administratie, Informatievoorziening & Automatisering, Huisvesting, JZ, + Privacy Officer, Archief, Communicatie, Bestuursondersteuning/ -secretariaat) staan direct ten dienste van de bedrijfsvoering van het UBRivierenland middels een daartoe afgesloten DVO. De concernondersteuning is gericht op: • De planning- en control cyclus • Control (audit/interne controle, algemene financiële en juridische control) • Organisatie-inrichting (treasury, budgetbeheer, mandatering, organisatieregelingen) • Juridische control (gemeenschappelijke regeling en interne reglementen en verordeningen) • Informatietechnologie & informatieveiligheid + de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde dataverwerking (ICT) • Archief (centrale archiefverantwoording en -wetgeving) • Concerncommunicatie (website, intranet, nieuwsuitingen, folders) • Bestuursondersteuning (faciliteren bestuursvergaderingen, UBR-middagen, agendacommissie en bijeenkomsten)

16 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten

Beleidsindicatoren In het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) zijn een aantal beleidsindicatoren vastgesteld, die verplicht in de programma's en programmaverantwoording opgenomen moeten worden. De voor UBRivierenland relevante indicatoren met betrekking tot personele aangelegenheden zijn in onderstaande tabel opgesomd.

Beleidsindicator: Personele formatie

1,33 fte

Personele bezetting (Via inhuur en detachering)

1,33 fte

Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid het Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruiken oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijkse Bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het Algemeen Bestuur op 5 december 2024 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 45.785.

De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024. Bevinding Het Dagelijks Bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens.

17 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Paragraaf 4 – Financiering Beleidskader: het Treasurystatuut van de UBR In het Treasurystatuut staan de uitgangspunten en doelstellingen voor het treasurybeleid vermeld. De uitvoering en ontwikkelingen worden in deze paragraaf toegelicht. Onderdelen: • Algemene ontwikkelingen • Treasurybeheer • (Krediet) Risicobeheer • Financiering

Algemene ontwikkelingen Dit onderdeel schetst de belangrijkste interne en externe ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op de treasuryfunctie, alsmede wijzigingen in de Wet Financiering Decentrale Overheden (wet Fido), de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de wet Hof en het Verplicht Schatkistbankieren voor decentrale overheden. Interne ontwikkelingen UBRivierenland voldoet bij de uitvoering van de treasuryfunctie aan de wet- en regelgeving. Bij wet van 11 december 2013 tot wijziging van de Wet financiering decentrale overheden is het een verplichting geworden om overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist van het Rijk. Gelden tegen gunstige rentetarieven uitzetten op spaarrekeningen of deposito's bij andere financiële instellingen is met de invoering van Schatkistbankieren niet meer toegestaan. Er mag een bedrag ter hoogte van 0,75% (met een ondergrens van € 450.000) van het jaarlijkse begrotingstotaal buiten de schatkist gehouden worden voor de uitvoering van dagelijkse taken. Sinds het jaar 2022 heeft UBRivierenland bancaire tegoeden op haar rekening uit hoofde van de op 6 januari 2022 uitbetaalde langlopende lening van de BNG. De tegoeden zijn bestemd voor de begrote en geplande investeringen in het glasvezelnetwerk. Deze middelen worden in ’s Rijks Schatkist aangehouden.

Externe ontwikkelingen, rente-ontwikkelingen De belangrijkste externe ontwikkelingen zijn (internationale) economische indicatoren en de invloed hiervan op de geld- en kapitaalmarkt, alsmede wijzigingen in wet- en regelgeving. UBRivierenland kent geen zelf ontwikkelde rentevisie. Zij volgt de marktgegevens en renteontwikkelingen via publicaties van gerenommeerde financiële instellingen. We verwachten dat de rente op de geld- en kapitaalmarkt in de komende periode zal stabiliseren op het huidige niveau. Mocht de huidige inflatie sneller afnemen dan nu wordt verwacht is er tegen het einde van dit jaar wellicht een kleine rentestap naar beneden mogelijk.

Treasurybeheer Het treasurybeheer is de (beleids) uitvoering van de treasuryfunctie, binnen de kaders van het huidige treasurystatuut. De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, financiële geldstromen, de financiële posities en hieraan verbonden risico’s.

18

18 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten Risicobeheer Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is een wettelijke limiet en bepaalt de maximale omvang van de externe kortgeldpositie in enig jaar. De zogenaamde netto vlottende schuld mag maximaal 8,2% bedragen van het begrotingstotaal. Daarboven moet lang geld worden aangetrokken. UBRivierenland heeft een bijzondere startpositie als het gaat om de financiële verhoudingen en invulling van de financiering van de aanleg van het glasvezelnetwerk. In de eerste 4 begrotingsjaren worden de aansluitingen gefaseerd gerealiseerd en komt de generatie van opbrengsten geleidelijk (getemporiseerd) tot stand. Het totaal van de in de begroting geraamde baten en lasten zit pas vanaf het 4e jaar (in 2024) op een structureel niveau van ca. € 1,6 miljoen. Het te financieren bedrag van de investeringen bedraagt in totaal € 37.500.000. We zijn een langlopende financiering overeengekomen met de BNG, waarbij de eerste 2 jaar gekozen is voor een vorm van kredietverlening in rekening-courant met bouwdepot (met een zeer gunstige rente), waarbij op 6 januari 2022 omzetting heeft plaatsgevonden naar een lening met een looptijd van 48 jaar en een rentevast periode van 30 jaar. De rentevoet van de lening is onderdeel van de langlopende financieringsafspraken en vastgelegd op 0,835%. We lopen derhalve geen renterisico op de langlopende lening.

De rekening-courant financiering maakt onderdeel uit van de langlopende financieringsafspraken en past binnen het geheel van de meerjarige financiering. Op grond hiervan is geen sprake van een afwijking van de wettelijk vastgelegde normering van de maximale kasgeldlimiet. Renterisico De renterisiconorm is ook een wettelijke limiet en beperkt de vaste schuld die in enig jaar voor aflossing of renteherziening in aanmerking komt tot 20% van het begrotingssaldo. De vaste schuld van UBRivierenland bestaat uit een geldlening van € 35 miljoen (vanaf 2022) waarop 30 jaar lang geen renteherzieningen plaatsvinden. Derhalve is er in deze periode geen renterisico. Kredietrisicobeheer UBRivierenland loopt geen risico’s bij het uitzetten van geldmiddelen. De gelden worden uitgezet conform de voorwaarden genoemd in het treasurystatuut.

Financiering De vaste activa worden grotendeels met lang vermogen gefinancierd via een kredietovereenkomst bij de BNG. In 2020 bestond de bijzondere situatie dat er vanuit een bouwfaciliteit geld werd geïnvesteerd in de aanleg van het netwerk. Dit netwerk zal “sleutel klaar” worden opgeleverd in de laatste helft van 2024. De aangewende middelen uit de bouwfaciliteit zijn op 6 januari 2022 omgezet in een langlopende vaste lening tegen reeds nu vastgelegde rente voor 30 jaar (tot 2052). De rente opbouw van de rekening courant in het derde jaar kent een tarief van 1 maands euribor plus een opslag over het opgenomen deel. De (variabele) rentestand in rekening courant is negatief echter wordt er per saldo nog geen gebruik van gemaakt vanwege het overschot aan middelen uit de opgenomen langlopende lening bij de BNG. Het overschot wordt aangehouden in Rijks schatkist waar momenteel de vergoeding voor creditgelden hoger ligt dan de rente die wordt betaald voor de langlopende lening. In de begroting is gerekend met 0,0%. We calculeerde in het vijfde jaar ook geen rentelasten over het kortlopende deel van de bancaire totaalfinanciering. Hierbij wordt wel de opmerking gemaakt, dat het een variabele rente betreft voor het kortlopende deel van de financiering, die in kan stijgen of dalen, en waar we dus in de toekomst wel renterisico lopen.

Zodra de investeringen zijn afgerond zal worden bezien of het negatieve saldo van de rekening courant geheel of gedeeltelijk zal worden omgezet in een langlopende lening.

19 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten Over het ongebruikte deel van de faciliteit betaalden we een bereidstellingsprovisie van 0,09%. De vergoeding werd per kwartaal betaald en de bancaire provisie nam maandelijks af als gevolg van de opnamen uit het depot. De bancaire financiering laat het volgende verloop zien. Leningenportefeuille

Bedragen x € 1.000

Naam

hoofdsom

Rente

Looptijd

Afgelost in

Stand 31-12-2023

Stand 31-12-2024

Lening BNG

35.000

0,835%

48 jaar

2070

33.724

32.995

R/C BNG

2.500

0,000%

variabel

onbepaald

-100

-100

33.624

32.895

Totaal vaste schulden:

De langlopende lening van € 35 mljn wordt vanaf 2022 lineair afgelost. De lening heeft een looptijd van 48 jaar. Vanaf 6 januari 2022 worden aflossingstermijnen per kwartaal betaald, jaarlijks een bedrag van € 729.167. In 2024 betroffen de aflossingen 4 volledige kwartalen ad € 729.167 totaal.

Wettelijke kaders In de Notitie Rente 2017 van de BBV-commissie zijn voorschriften opgenomen voor de wijze waarop de rente verwerkt moeten worden in de begroting. Alle rentelasten en rentebaten uit hoofde van financieringen moeten bij Treasury worden verantwoord. Er mag een rentevergoeding over eigen financieringsmiddelen (reserves) worden berekend, maar deze rentevergoeding is gemaximeerd tot het rentepercentage dat is gebaseerd op het gewogen samenstel van de rentelasten over de externe financiering (langlopend én kortlopend). De omslagrente moet op consistente en eenduidige wijze worden toegerekend aan de individuele vaste activa. Het in de begroting voorgecalculeerde omslagpercentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond. De BBV-commissie doet de aanbeveling om het Renteschema uit de Notitie Rente 2017 op te nemen in de paragraaf Financiering van de begroting. In deze jaarrekening 2024 hebben we de rentepercentages toegepast die in onderstaand overzicht zijn opgenomen. Rentepercentage Bereidstellingsprovisie bouwdepot

0,090%

Langlopende financiering (lening BNG – vanaf 2022)

0,835%

R/C-financiering BNG (gemiddeld 2024)

0,000%

Omslagrente 2024

0,000%

Hierna is het renteschema opgenomen uit de Notitie Rente van de BBV-commissie, waarmee inzicht wordt gegeven in de rentelasten, de rentebaten, het renteresultaat en de wijze van toerekening van de rente aan investeringen.

20 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Programma 3 Algemene baten en lasten Renteschema Financiering Bedragen x € 1.000 Rentelasten externe financiering (BNG-lening) Rentebaten Saldo baten en lasten Rente ontvangen over schatkistbankieren Totaal van de aan de overige vaste activa toe te rekenen rente De aan de overige vaste activa toegerekende rente Gerealiseerd renteresultaat (nadelig)

280 19 261 81 180 0 180

Toelichting bij het renteschema: Het omslagpercentage van 0,0% is gehanteerd voor de rentetoerekening aan vaste activa is berekend op basis van de boekwaarde van de materiële vaste activa op 1 januari 2024. Aan de investeringen die in 2024 zijn gedaan is geen rente toegerekend. Het resultaat uit Treasury komt uit op € 180.438 (nadelig) De realisatie van het resultaat uit Treasury (een nadeel van € 180.438) is lager dan het begrote nadeel van € 201.884 door de hoger begrote bate op het schatkistbankieren.

Ontwikkeling liquiditeitspositie Op basis van de Wet Fido zijn decentrale overheden verplicht hun financiële middelen onder te brengen bij het Ministerie van Financiën (in de schatkist). Ook Regio Rivierenland heeft haar banktegoeden boven het bij de BNG-bank vastgelegde drempelbedrag van € 450.000 ondergebracht bij 's Rijks Schatkist. Dagelijks worden overtollige geldmiddelen afgeroomd naar de schatkist. Op basis van de actuele liquiditeitsbehoefte worden naar behoefte opnames uit 's Rijks Schatkist gedaan. Het saldo in 's Rijks Schatkist op 31 december 2024 bedraagt € 1.591.404 en is € 1.067.692 lager dan het saldo op 31 december 2023. De belangrijkste mutaties in het liquiditeitensaldo zijn in het hierna opgenomen overzicht gespecificeerd.

Ontwikkeling liquiditeitspositie Bedragen x € 1.000 Uitzettingen in 's Rijks schatkist 31-12-2023 Toename saldo Schatkist Afname saldo schatkist Uitzettingen in 's Rijks schatkist 31-12-2024

2.659 0 1.0681.591

Toelichting bij het overzicht ‘Ontwikkeling liquiditeitspositie’: Het saldo van de uitzettingen bij 's Rijks Schatkist is afgenomen met meer dan € 1 mljn. Dit heeft te maken met de uitbetaling van de termijnen die zijn overeengekomen in de aanbesteding voor de realisatie van het glasvezelnetwerk in de 7 gemeenten en zijn conform begroting.

21 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Overzicht van de baten en lasten en de toelichting daarop

Overzicht baten en lasten Baten en lasten

Begroot 2024

Opbrengsten Verhuur glasvezel/vezelparen

Realisatie 2024

1.526.152

1.621.112

Beheerkosten Incidentele lasten Afschrijvingen Rentelasten Totaal lasten

462.460

466.929

612.672 201.884 1.277.016

603.757 180.438 1.251.124

Saldo van baten en lasten

249.137

369.989

Vennootschapsbelasting Resultaat na belastingen

-50.677 198.459

-/-81.857 288.132

Toelichting De stijging van de opbrengsten in 2024 ten opzichte van de begroting is het gevolg van een afwijking op de begrote inkomsten uit het aantal actieve aansluitingen alsmede een hoger resultaat uit de eenmalige aansluitbijdrage en renteresultaat schatkistbankieren. Het resultaat in 2024 is hoger dan in de bestuursrapportage bijgestelde exploitatierekening 2024 door zowel een stijging in de opbrengsten als ook een beter resultaat rentelasten door de hoger dan begrote rente opbrengsten uit schatkistbankieren. De beheerkosten vallen nagenoeg gelijk uit aan begroot. Overall is er een winst geboekt in 2024 die bijna een ton hoger is dan begroot. Deze winst zorgt voor een hoger eigen vermogen aan het einde van 2024 echter met een solvabiliteit van 2,5% is het eigen vermogen nog relatief laag te noemen. In de jaren 2025 en 2026 is er een bescheiden structureel overschot van de exploitatie doordat hierboven vermelde extra opbrengsten niet meer zullen voorkomen. Na 2026 lopen de positieve resultaten weer op, omdat de geactiveerde voorbereidingskosten dan (nagenoeg) volledig zijn afgeschreven en niet meer op de exploitatie drukken.

22 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Melding in het kader van de Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) Met ingang van het begrotingsjaar 2013 is de Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) van kracht. Doelstelling van de wet is te verhinderen dat instellingen in de publieke en semipublieke sector rechtens in staat zijn bovenmatige bezoldigingen toe te kennen. Binnen UBRivierenland is er geen sprake van medewerkers die boven het wettelijke normbedrag uitkomen. De Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) schrijft voor dat voor topfunctionarissen in de zin van de WNT de bezoldigingsgegevens openbaar worden gemaakt in de jaarrekening. In de hierna opgenomen overzichten zijn de openbaar te maken bezoldigingsgegevens opgenomen. Naam Bestuurder

Functie

Periode

Bezoldiging

C.P.S. Herms

Secretaris - directeur

1.1.2024 t/m 31.12.2024

€ 179.950,-

Specificatie WNT: Betaalde inleenvergoeding detachering secretaris/directeur, inclusief vergoeding voor gebruik leaseauto € 179.950,-. De functie van secretaris-directeur wordt ingevuld middels detachering. Tussen UBRivierenland en GR Regio Rivierenland is een detacheringsovereenkomst afgesloten voor de detachering van de secretaris-directeur fulltime voor 36 uur per week. Het individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum bedraagt in 2024 € 233.000 op jaarbasis. Ter vergelijking: In 2023 bedroeg de totale bezoldiging voor C.P.S. Herms € 166.331,-. Specificatie WNT: Betaalde inleenvergoeding detachering secretaris/directeur, inclusief vergoeding voor gebruik leaseauto € 166.331. De functie van secretaris-directeur wordt ingevuld middels detachering. Tussen UBRivierenland en GR Regio Rivierenland is een detacheringsovereenkomst afgesloten voor de detachering van de secretaris-directeur fulltime voor 36 uur per week. Het individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum bedraagt in 2023 € 223.000 op jaarbasis.

Gemeente

Naam bestuurder

Culemborg Maasdriel Neder-Betuwe Tiel West Betuwe

West Maas en Waal Zaltbommel

Functie

Periode

Bezoldiging

M. Wichgers AB-lid P.A. de Vries AB-lid T. Nettenbreijers AB-lid S.H.R. van Someren AB-lid + DB-lid F. Groen AB-lid M. Kosterman AB-lid + DB-lid R.T. van AB-lid + DB-lid Stappershoef AB-lid M. van den Boom

01-01-2024 t/m 31-12-2024 01-01-2024 t/m 28-03-2024 28-03-2024 t/m 31-12-2024 01-01-2024 t/m 31-12-2024 01-01-2024 t/m 31-12-2024 01-01-2024 t/m 01-09-2024 01-09-2024 t/m 31-12-2024

Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd

C.A.H. Zondag W. de Graaff

01-01-2024 t/m 01-10-2024 Onbezoldigd 01-11-2024 t/m 31-12-2024 Onbezoldigd

AB-lid + DB-lid AB-lid + DB-lid

01-01-2024 t/m 31-12-2024 Onbezoldigd

23 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

De balans per 31 december 2024 en de toelichting daarop

Balans UBR Balans UBR 31-12-2023

31-12-2024

Activa Vaste activa Materiele vaste activa Imateriele vaste activa

Vlottende activa Schatkistbankieren Debiteuren Belastingen Liquide middelen Overige vorderingen

€ €

€ € € € € €

30.118.755 613.102

2.659.096 313.717 1.074.719 99.986 2.573 34.881.948

Vaste activa Materiele vaste activa Imateriele vaste activa

Vlottende activa Schatkistbankieren Debiteuren Overlopende activa Liquide middelen Overige vorderingen

€ €

31.768.807 424.349

€ € € € € €

1.591.404 161.827 11.069 100.114 2.840 34.060.411

€ € €

563.832 288.132 851.963

€

32.994.792

€ € € € €

55.935 60.492 14.853 82.377 34.060.411

Passiva Eigen vermogen Algemene reserve winstsaldo 2023

Langlopende schulden Onderhandse lening o/g Kortlopende schulden Handelskredieten Belastingen Crediteuren Overlopende passiva

€ € €

€

€ € € € €

246.781 317.051 563.832

33.723.958

483.393 32.366 78.399 34.881.948

Eigen vermogen Algemene reserve winstsaldo 2024

Langlopende schulden Onderhandse lening o/g Kortlopende schulden Belastingen btw Belastingen Vpb Crediteuren Overlopende passiva

Algemene toelichting op de balans Activabeleid Het beleid ten aanzien van investeringen en afschrijvingen is vastgelegd in de nota activeren en afschrijven. De nota is primair bedoeld als instrument voor de kader stellende rol van het Algemeen Bestuur en sluit aan bij het bepaalde in de gemeentewet (artikelen 211 en 212) en het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV). In de nota activabeleid zijn algemene regels vastgelegd o.a. met betrekking tot het afschrijven in het jaar van aanschaf en de systematiek van lineair afschrijven.

24 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Waarderingsgrondslagen Onder investeringen worden verstaan uitgaven ter verwerving van een goed of ter bereiking van een doel waaraan een nuttigheid kan worden toegekend die langer duurt dan een jaar. Investeringen worden verantwoord op de balans onder de post vaste activa. Onder de vaste activa worden conform het BBV de volgende vaste activa onderscheiden: • materiële vaste activa; • financiële vaste activa. Activa wordt gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. Materiële vaste activa Met als uitgangspunt het BBV worden twee soorten materiële vaste activa onderscheiden (artikel 35), te weten: • investeringen met een economisch nut (vergelijkbaar met het bedrijfsleven, waarbij het meerjarig economisch nut meeweegt in de activeringsgronden); • investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijke nut. Investeringen met een economisch nut zijn alle investeringen die bijdragen aan de mogelijkheid middelen te verwerven en/of die verhandelbaar zijn. In het BBV is opgenomen dat activa met een meerjarig economisch nut geactiveerd moeten worden.

Daarnaast mag er op deze investeringen niet resultaatafhankelijk (extra) worden afgeschreven. Met andere woorden, activa met een meerjarig economisch nut moeten eenduidig worden geactiveerd en vervolgens dient er op consistente wijze te worden afgeschreven. In de jaarrekening van de UBR worden alleen investeringen geactiveerd met een economisch nut. Afschrijvingstermijnen Afschrijvingen vinden lineair plaats op basis van de volgende afschrijvingstermijnen: Breedbandnetwerk Immateriële vaste activa

50 jaar 5 jaar

Van de opgenomen activasoort “breedbandnetwerk” wordt de technische levensduur gesteld op langer dan 50 jaar. Deze levensduur is bepaald aan de hand van ervaringsgegevens en algemeen gebruikelijke normen. De economische gebruiksduur en daarmee ook de afschrijvingstermijn is beperkt tot 50 jaar. Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingprijs. Vlottende activa Onder vlottende activa zijn opgenomen: • Vorderingen • Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan één jaar. • Overlopende activa • Liquide middelen Vorderingen en overlopende activa De vorderingen en overlopende activa worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. In de gevallen waarin de invordering niet mogelijk blijkt te zijn, wordt tot afboeking wegens oninbaarheid overgegaan. De voorziening dubieuze debiteuren is ter dekking van het risico dat openstaande vorderingen op de balansdatum oninbaar blijken te zijn.

25 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Liquide middelen De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waard Passiva De voorzieningen, de vaste schulden, de vlottende schulden en de overlopende passiva zijn eveneens opgenomen tegen nominale waarde.

Toelichting op de balansposten - vaste activa Investeringen met een economisch nut

Materiele vaste activa

Breedbandnetwerk Immateriele vaste activa Totaal

Boekwaarde ultimo 2023 Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen

€ € € €

30.118.755 € 2.065.057 € € 415.005 €

613.102 € € € 188.752 €

30.731.857 2.065.057 603.757

Boekwaarde ultimo 2024 Cumulatieve afschrijving Aanschafwaarde

€ € €

31.768.807 € 1.102.506 € 32.871.313 €

424.350 € 560.300 € 984.650 €

32.193.157 1.662.806 33.855.963

Breedbandnetwerk Realisatie van de aanleg van het breedbandnetwerk vindt gefaseerd plaats. De rentelasten in de aanlegfase worden als bouwrente geactiveerd. Afgeschreven wordt vanaf het moment van ingebruikname van de investering. De startdatum van de afschrijvingen is gelijk aan het moment dat de betreffende fase is gerealiseerd. De afschrijvingstermijn wordt bepaald door de laagste van de economische gebruiksduur of technische levensduur. Voor de aanlegkosten van het breedbandnetwerk wordt een afschrijvingstermijn van 50 jaar gehanteerd, waarbij rekening gehouden wordt met een restwaarde. De restwaarde van de investeringen wordt gesteld op 1200 euro per aansluiting. Op grond van het voorzichtigheidsprincipe wordt deze waarde niet geïndexeerd naar het einde van de afschrijvingstermijn. Er wordt gestart met afschrijven op het moment dat het activum door de UBR in gebruik wordt genomen.

Immateriële vaste activa De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden afgeschreven in 5 jaar. Er wordt gestart met afschrijven in dezelfde verhouding als de realisatie van het breedbandnetwerk.

Toelichting op de balansposten - vlottende activa Vorderingen op derden Schatkistbankieren

: € 1.591.404

Overlopende activa

:€

11.069

Debiteuren

:€

161.827

Liquide middelen

:€

100.114

:€

2.840

Verzekeringspremies Centraal Beheer vooruitbetaald t/m 31 oktober 2024 Debiteuren betreft een facturatie KPN over december Een voorziening voor mogelijke oninbaarheid wordt niet noodzakelijk geacht.

26 Jaarverslag en jaarrekening 2024 UBRivierenland

Toelichting op de balansposten - vaste passiva Algemene reserves en bestemmingsreserves

Toevoegingen 31-12-2023 2024

Overzicht Reserve Algemene reserve en saldo

€

563.832

€

Onttrekkingen 2024

288.132 €

31-12-2024 -

€

851.963

In 2023 is het winstsaldo over 2022 toegevoegd aan de Algemene Reserve overeenkomstig het besluit van het Algemeen Bestuur bij de vaststelling van de jaarrekening 2023 en de resultaatbestemming. Bij de vaststelling van de jaarrekening van 2024 wordt aan het Algemeen Bestuur een besluit gevraagd over het winstsaldo van 2024. Vaste schulden langer dan één jaar De vaste activa worden grotendeels met lang vermogen gefinancierd via een kredietovereenkomst bij de BNG. In 2020 bestond de bijzondere situatie dat er vanuit een bouwfaciliteit geld werd geïnvesteerd in de aanleg van het netwerk. Dit netwerk zal “sleutel klaar” worden opgeleverd in de laatste helft van 2024. De aangewende middelen uit de bouwfaciliteit zijn op 6 januari 2022 omgezet in een langlopende vaste lening tegen reeds nu vastgelegde rente voor 30 jaar (tot 2052). De rente opbouw van de rekening courant in het derde jaar kent een tarief van 1 maands euribor plus een opslag over het opgenomen deel. De (variabele) rentestand in rekening courant is positief echter wordt er per saldo nog geen gebruik van gemaakt vanwege het overschot aan middelen uit de opgenomen langlopende lening bij de BNG. Het overschot wordt aangehouden in Rijks schatkist waar momenteel de vergoeding voor creditgelden hoger ligt dan de rente die wordt betaald voor de langlopende lening. In de begroting is gerekend met 0,0%.

We calculeerde in het derde jaar ook geen rentelasten over het kortlopende deel van de bancaire totaalfinanciering. Hierbij wordt wel de opmerking gemaakt, dat het een variabele rente betreft voor het kortlopende deel van de financiering, die in kan stijgen of dalen, en waar we dus in de toekomst wel renterisico lopen. Zodra de investeringen zijn afgerond zal worden bezien of het negatieve saldo van de rekening courant geheel of gedeeltelijk zal worden omgezet in een langlopende lening. Leningenportefeuille

Bedragen x € 1.000

Naam

hoofdsom

Rente

Looptijd

Afgelost in

Stand 31-12-2023

Stand 31-12-2024

Lening BNG

35.000

0,835%

48 jaar

2070

R/C BNG

2.500

0,000%

variabel

33.724

32.995

onbepaald

-100

-100

33.624

32.895

Totaal vaste schulden:

Over het ongebruikte deel van de faciliteit betaalden we een bereidstellingsprovisie van 0,09%. De vergoeding werd per kwartaal betaald en de bancaire provisie nam maandelijks af als gevolg van de opnamen uit het depot. De langlopende lening van € 35 mljn wordt vanaf 2022 lineair afgelost. De lening heeft een looptijd van 48 jaar. Vanaf 6 januari 2022 worden aflossingstermijnen per kwartaal betaald, jaarlijks een bedrag van € 729.167. In 2024 betroffen de aflossingen 4 volledige kwartalen ad € 729.167.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15636874/1