Bijlage 3b Beantwoording Schriftelijke vragen SP woonvisie 2021-2025 zaak 862508
Tekst van het document
SCHRIFTELIJKE VRAGEN Datum: 2 oktober 2023 Aan de voorzitter van de raad Onderwerp: Voortgang woonvisie 2021-2025 Het college wordt verzocht de volgende vragen te beantwoorden: 1a. De woonvisie (2021-2025) spreekt over een disbalans in vraag-, en aanbod met betrekking tot woonmogelijkheden en het versnellen van nieuwbouw in deze periode (thema 1). Hoeveel woningen zijn er op het moment van schrijven bijgekomen en hoeveel staan er nog gepland. 1b. De woonvisie (2021-2025) spreekt ook de ambitie uit om gevarieerd (thema 2) te bouwen voor verschillende doelgroepen (zogenaamde clusters). Op welke wijze zijn de hierboven genoemde gerealiseerde en geplande woningen verdeeld over de in de woonvisie genoemde doelgroepen? 1c. In hoeverre kan men spreken van een (vooralsnog) succesvolle ‘versnelling’ m.b.t. het realiseren van nieuwbouw? 1d. In hoeverre kan men spreken van een succesvolle differentiatie m.b.t. de genoemde doelgroepen? 2a. Wat is de stand van zaken m.b.t. de doelstelling ‘wonen en zorg’? (thema 4). 2b. Concreet spreekt dit punt uit aandacht te besteden aan (o.a.) hofjes en woongemeenschappen, op welke wijze wordt hier door de gemeente aandacht aan besteed? 2c. Is de gemeente bekend met de verwachte stijging van het aantal cliënten V&V (verpleging en verzorging), die aanzienlijk hoger ligt in de gemeente Zaltbommel dan landelijk? 2d.
In hoeverre voldoet de gemeente Zaltbommel momenteel aan het voorzien in passende woonvoorzieningen met zorg? 2e. Welke stappen worden er concreet ondernomen om een eventuele disbalans in vraag en aanbod van passende woonvoorzieningen met zorg te realiseren? 3. Wat is de stand van zaken met betrekking tot het realiseren van een toekomstbestendige woningvoorraad (thema 3)? 4. Op welke wijze wordt er concreet vorm gegeven aan leefbare wijken en kernen (thema 5) Toelichting: De huidige woonvisie (2021-2025) loopt langzaam ten einde, over enkele maanden (2024) wordt de nieuwe woonvisie opgesteld. In de onlangs gepubliceerde bestuursrapportage (2023) zien we dat het programma volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing (waaronder de Woonvisie valt) correct verloopt qua tijd maar problemen kent aan de financiële zijde. Er wordt aangegeven dat er meer budget nodig is voor het opstellen van huisvestingsverordening en het aanpassen van de prestatieafspraken (en
het doorlopend actualiseren en monitoren daarvan). Daarbij is de uitvoering van de woonvisie afhankelijk van beschikbare ambtelijke capaciteit (bestuursrapportage, 2023, p. 23). Onduidelijk is welke centrale thema’s uit de woonvisie wel/niet gerealiseerd zijn en op welke wijze hier wel/niet aandacht aan besteed wordt. Overlap met de woonzorgvisie (2020-2024) is aanwezig in de vraagstelling. Tijd dus voor een tussenbalans om de gepresenteerde ambities en concrete maatregelen en activiteiten onder de loep te nemen. Naam en ondertekening: Fractie SP, Stef Dingemans Beantwoording 1a. De woonvisie (2021-2025) spreekt over een disbalans in vraag-, en aanbod met betrekking tot woonmogelijkheden en het versnellen van nieuwbouw in deze periode (thema 1). Hoeveel woningen zijn er op het moment van schrijven bijgekomen en hoeveel staan er nog gepland. De woonvisie geeft een gewenste bouwproductie tot 2030 van 1450 woningen aan. Op dit moment staan er op het uitvoeringsprogramma tot 2042 3337 woningen. Tot en met 2023 zijn er 532 opgeleverd. Zie tabel 1 en 3 van de informatienota Uitvoeringsprogramma woningbouw. 1b. De woonvisie (2021-2025) spreekt ook de ambitie uit om gevarieerd (thema 2) te bouwen voor verschillende doelgroepen (zogenaamde clusters).
Op welke wijze zijn de hierboven genoemde gerealiseerde en geplande woningen verdeeld over de in de woonvisie genoemde doelgroepen? Er wordt gestreefd naar planning en realisatie van de differentiatie zoals in de Woonvisie staat beschreven. Bij de introductie op tabel 2 en de toelichting onder tabel 3 van de informatienota staan de afwijkingen genoemd.
1c. In hoeverre kan men spreken van een (vooralsnog) succesvolle ‘versnelling’ m.b.t. het realiseren van nieuwbouw? De versnelling betekent dat de eerste vijf jaar 1000 woningen opgeleverd zouden gaan worden. Ook dit thema staat onder 2 in de informatienota toegelicht. 1d. In hoeverre kan men spreken van een succesvolle differentiatie m.b.t. de genoemde doelgroepen? De streefwaarden worden in de nieuwe plannen steeds beter gehaald. Het aandeel betaalbaar (sociale huur, betaalbare koop en middelduur laag huur en koop) kan nog verbeterd worden, evenals het aandeel levensloopbestendig wonen. 2a. Wat is de stand van zaken m.b.t. de doelstelling ‘wonen en zorg’? (thema 4). Er zijn vier projecten met een specifieke zorgpartner in ontwikkeling. Daarnaast worden de nieuwe plannen sinds 2023 getoetst op 25% levensloopbestendig. Ook is onlangs de Woonzorgvisie Bommelerwaard 2024 door uw raad vastgesteld op 4 juli 2024. 2b. Concreet spreekt dit punt uit aandacht te besteden aan (o.a.) hofjes en woongemeenschappen, op welke wijze wordt hier door de gemeente aandacht aan besteed? Onze gemeente is geen initiatiefnemer van woongemeenschappen. Wij ondersteunen wel initiatieven vanuit inwoners, corporaties, ontwikkelaars of zorgpartijen. Voorbeelden hierbij zijn Woonwaard, zorgclusters bij de corporaties zoals aan de Bulkenlaan en invulling op het Vébéterrein.
2c. Is de gemeente bekend met de verwachte stijging van het aantal cliënten V&V (verpleging en verzorging), die aanzienlijk hoger ligt in de gemeente Zaltbommel dan landelijk? We hebben onlangs meer inzicht gekregen in de toekomstige zorgvraag door het Woningbehoefteonderzoek Bommelerwaard en Regiobeeld Noordoost Brabant 2023. Gemeente Zaltbommel valt onder de zorgkantoor regio Noordoost Brabant. Het regiobeeld geeft het volgende weer gericht op V&V: - Het aantal cliënten in de wijkverpleging in de regio Noordoost Brabant stijgt minder sterk dan de gemiddelde stijging in Nederland. - Het aantal cliënten in verpleeghuizen neemt naar verwachting sterker toe tot 2024 in Noordoost Brabant dan gemiddeld in Nederland. 2d. In hoeverre voldoet de gemeente Zaltbommel momenteel aan het voorzien in passende woonvoorzieningen met zorg? De streefwaarden voor sociale huur en levensloopbestendig wonen worden in de nieuwe plannen steeds beter gehaald. Daarnaast is het ons uitgangspunt om de behoefte aan passende woonvoorzieningen met zorg en het aanbod in onze gemeente zo goed mogelijk op elkaar aan te laten sluiten. 2e. Welke stappen worden er concreet ondernomen om een eventuele disbalans in vraag en aanbod van passende woonvoorzieningen met zorg te realiseren? Zie 2a 3.
Wat is de stand van zaken met betrekking tot het realiseren van een toekomstbestendige woningvoorraad (thema 3)? In de jaren 2024-2025 wordt 25% van de woningbouwproductie levensloopbestendig opgeleverd. In de periode 2020-2042 is de verwachting dat dat 15% wordt. Redenen hiervoor zijn dat er in de periode 2020-2023 geen gegevens zijn over het aandeel levensloopbestendig en voor de periode 2025 en verder in een aantal harde plannen niet is gestuurd op het aandeel levensloopbestendig. 4. Op welke wijze wordt er concreet vormgegeven aan leefbare wijken en kernen (thema 5) In de woonvisie is opgenomen dat leefbaarheid een belangrijk onderdeel is van gebiedsgericht werken. Het gebiedsgericht werken is de afgelopen tijd bezig met een doorontwikkeling. Hiermee blijven we gebiedsgericht werken verfijnen. De doorontwikkeling bestaat uit verschillende onderdelen zoals de uitbreiding van het team, inzicht in maatwerk, de gebiedsplannen en de leefbaarheidsagenda. In de woonvisie worden de gebiedsplannen en de leefbaarheidsagenda ook genoemd. De planning en focus van de doorontwikkeling is inmiddels gewijzigd, om die reden is ook nog geen keuze gemaakt over de toekomst van de verdere gebiedsplannen en de leefbaarheidsagenda. De belangrijkste reden hiervoor is dat er eerst aandacht gegeven is aan de uitbreiding van het team gebiedsgericht werken.
Daarna is met dit nieuwe team hun rol in de organisatie verhelderd. In deze doorontwikkeling is vervolgens gekozen om beter inzicht te krijgen in hoe leefbaarheid door onze inwoners wordt ervaren. Eerder werd hiervoor een leefbaarheidsonderzoek uitgevoerd en dat is opnieuw opgestart. Op dit moment worden de gegevens hiervan geanalyseerd. Ook de dorps- en wijkplatforms spelen een belangrijke rol in het gebiedsgericht werken en dragen bij aan de leefbaarheid van de dorpen en wijken.