CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Advies adviesraden Regioplan Doordecentralisatie regio Meierij en Bommelerwaard

Raadsvergadering 30 september 2021, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Regioplan doordecentralisatie beschermd wonen6.732 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stichting Adviesraad WMO en Jeugdhulp gemeente ‘s-Hertogenbosch Aan: College van B&W gemeente ‘s-Hertogenbosch Van: Stichting Adviesraad WMO en Jeugdhulp gemeente ‘s-Hertogenbosch Betreft: Advies m.b.t. Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen augustus 2021 ’s-Hertogenbosch, 11 juli 2021 Geacht College, Met plezier heeft de Adviesraad kennis genomen van het Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen. Het plan is in samenwerking met de omliggende gemeenten opgesteld en getuigd van veel inzicht in de problematiek van een specifieke, kwetsbare groep mensen. Het rapport laat zien dat het vanuit een heldere visie op wonen, dagbesteding en noodzakelijke ondersteuning is samengesteld. Het rapport is goed leesbaar en geeft een overzichtelijk en goed doordacht inzicht in de plannen voor zowel de korte als de langere termijn. Het is een lijvig rapport geworden, dat enige studie vraagt om het gehele terrein en traject dat nog gegaan dient te worden, goed in beeld te krijgen. Het vereist enige kennis van de doelgroep, met z’n specifieke kenmerken, geschiedenis en ondersteuningseisen, om het geheel op de juiste waarde te kunnen inschatten. De Adviesraad is van mening dat het rapport hier in voldoende mate van getuigd. Over de grote lijn kan de Adviesraad zich goed vinden in de plannen en de gestelde ambities.

De Adviesraad wil daarvoor graag de complimenten uitspreken aan een ieder die bij het tot stand komen van het rapport is betrokken. Er zijn enkele thema’s, waar de Adviesraad aandacht voor wil vragen: •

Kwetsbare jongeren in de leeftijd van 18+/18De doelgroep voor “Beschermd Wonen” bestaat uit personen vanaf 18 jaar. Meerdere malen heeft de Adviesraad aandacht gevraagd voor een groep personen die we tot de categorie 18+/18- rekenen. Het betreft personen, met gelijke ondersteuningsvragen als de personen waar het rapport op doelt. Het betreft “oudere” jongeren, die in het voortraject “zijn uitgekeken” en die, vanwege hun leeftijd, nog niet in aanmerking komen voor de ondersteuning van de beoogde doelgroep van “Beschermd Wonen”. Een deel van deze jongeren dreigt te ontsporen en raakt op het moment dat zij 18 jaar worden, de broze basis waarin zij verkeren kwijt en zijn niet “klaar” voor de wereld van beschermd wonen. Advies: Om kwetsbare jongeren die 18 jaar worden en veelal tussen wal en schip dreigen te vallen een goede maatschappelijke start te bieden, zouden deze jongeren in een vroegtijdig stadium binnen een beschermde sfeer voorbereid moeten worden op een overstap naar het ondersteuningstraject van begeleid/beschermd wonen. Wellicht is deze vorm van ondersteuning te koppelen aan de zorg van Beschermd Wonen conform de regels en doelstellingen van het plan Beschermd Wonen. De regionalisering hoeft daar geen belemmering in te zijn. Het betreft vaak jongeren, die in de “eigen omgeving” makkelijker zijn in te passen dan in plaatsen, die voor hen geheel nieuw zijn.

•

Structurele participatie ervaringsdeskundigen en ervaren praktijkwerkers in zowel het regionaal overlegstructuur als het lokaal overleg De Adviesraad is van mening dat ervaringsdeskundigen en/of uitvoeringsdeskundigen niet structureel zijn betrokken bij de ontwikkelingen van het plan. De meerwaarde van de belevingskennis van een persoon met de ervaring als cliënt en personen die ervaringen hebben opgedaan als ondersteuner, zijn van essentieel belang om niet te verzanden in een louter ambtelijke benadering. Advies: Betrek betrokkenen uit de praktijk van Beschermd Wonen structureel bij de plan- en beleidsontwikkeling. De ervaringen vanuit inhoud en beleving vertellen vaak net het essentiële van waar het in samenlevingsvormen om draait. Een theoretisch concept mist daarbij veelal de clou.

•

Het gevoel van betrokkenheid en veiligheid schuilt vaak in het overzichtelijke van de omgeving en het herkennen van de vaste punten, personen en structuren. Het wonen en leven in een overzichtelijke gemeenschap biedt aan (kwetsbare) bewoners een gevoel van beschutting en veiligheid. Voor kwetsbare personen vormen deze zaken vaak een houvast, waardoor zij kunnen blijven participeren in hun woonomgeving. In de gemeente ‘s-Hertogenbosch is de zorg veelal ingericht op basis van wijken. Dit zijn grote gebieden waarop de ondersteuning zijn activiteiten richt. De Adviesraad heeft vaker aangegeven te willen pleiten voor een benadering op basis van buurten. Een wijk in ‘s-Hertogenbosch omvat tussen de 30.000 en 50.000 inwoners. Voor mensen die aangewezen zijn op een leefomgeving, waar zij op basis van een vorm van Beschermd Wonen leven, is het lastig je veilig en geborgen te voelen. Het aantal prikkels om te ontsporen is snel belastend. Bij kleinere gemeenten bestaat het voordeel van de kleinschaligheid. Dit heeft veel voordelen. Advies: Houdt bij de ontwikkelingen van “wonen in de wijk” rekening met de mate van kleinschaligheid voor de bedoelde groep bewoners. Een buurtgerichte benadering biedt meer kans op slagen. Oud minister Winsemius omschreef een buurt als volgt: 100 meter voor je, 100 meter achter je en rechts en links eveneens 100 meter.

Daarbinnen herken je je buurtgenoten en zij herkennen jou. Dat leeft prettiger dan in een stad waar je niemand kent en alles elke dag anders is.

Tot slot, De Adviesraad wil graag op de hoogte gehouden worden van de verdere ontwikkelingen m.b.t. het wonen en leven van mensen met specifieke vragen in ‘s-Hertogenbosch en de omliggende gemeenten. Namens de Adviesraad WMO en Jeugdhulp Frans Leenders, voorzitter Stichting Adviesraad WMO en Jeugdhulp gemeente ’s-Hertogenbosch

Advies Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen Augustus 2021 Regio Meierij en Bommelerwaard. Meierijstad, 10 augustus 2021. Geacht College, De Adviesraad Sociaal Domein van de gemeente Meierijstad heeft het Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen Augustus 2021 Regio Meierij en Bommelerwaard met veel belangstelling gelezen. Zij heeft vastgesteld dat het om een doorwrocht en ambitieus plan gaat, waarbij het van groot belang is dat gedurende langere tijd de neuzen van alle betrokkenen dezelfde kant op moeten gaan. Daarbij komt de gemeente een duidelijke regiefunctie toe niet alleen in het beleid maar ook in de uitvoering. Dit klemt temeer nu de gemeente vergaand gebonden is aan gezamenlijke afspraken en samenwerking in de regio van de centrumgemeente Den Bosch: – – –

– – – –

– –

– –

centraal staat de samenhangende ondersteuning voor de inwoner/bewoner en de procesregie in handen van de gemeente met duidelijke keuzes voor prioriteiten. integraal opdrachtgeverschap en het belang van goede integratie van informele (wat het grootste deel van de zorg is) en formele zorg. de toegang tot beschermd wonen moet goed verankerd worden in de Integrale Verordening Sociaal Domein; het netwerk van de inwoners moet betrokken worden bij het toegangsgesprek waarbij tevens een brede vraagverheldering plaatsvindt; het is daarom van groot belang hieraan voldoende aandacht te besteden bij de start van het proces naar beschermd wonen; de gemeente heeft hier een grote verantwoordelijkheid om het proces in goede banen te leiden. gemeente en aanbieders hebben ondanks verschillende belangen een gedeelde verantwoordelijkheid voor client/inwoner: inhoud is daarbij leidend, systeem is volgend. de gemeente moet samenhang in inhoud en bedrijfsvoering organiseren, maak daarbij partners mede verantwoordelijk voor het realiseren van de opdracht/inhoud (=wederzijdse afhankelijkheid). wij denken aan daadkracht en acceptatie gericht op niet te grote wijken.

ambassadeurs of buurtregisseurs moeten de gemeente hierbij helpen, zij zijn de ogen en oren van de wijk en zijn ook een duidelijke vraagbaak voor de wijk, zij zijn in staat om verbindingen te leggen en signalen af te geven, wij benadrukken hiermee het belang van regisseurs zoals vermeld op blz. 21 van het Regioplan en een centraal aanspreekpunt die bekend is in de wijk voor ieder kwetsbare inwoner die in de wijk komt wonen en die het aanspreekpunt blijft, blz. 22 Regioplan; dit vraagt zeer zeker aandacht de uitvoering van het Regioplan moet het inwonersperspectief versterken. met de woningcoöperaties/projectontwikkelaars moeten tijdig en goede afspraken gemaakt worden voor het aanbod woningen, dit zowel ten aanzien van de instroom als uitstroom van beschermd wonen (ook om te voorkomen dat plaatsen onnodig bezet blijven). ontschotting tussen de domeinen in de regelgeving moet zoveel mogelijk worden meegenomen in het beleid en de uitvoering.

1

Uit het Regioplan volgt het belang van wijkteams. Bij wijk en wijkteams zijn er veel verschillende benaderingen. Dit geldt ook bij de aanbieders van zorg. In de samenvatting van het SCP-rapport “Sociaal domein op koers” (nov. 2020) wordt aangegeven dat er veel verschillende benaderingen zijn in werkwijze, samenstelling en takenpakket. Ook is het belang van een zorgvuldige spreiding van de wijkteams groot voor een succesvol functioneren. Wij achten het van belang dat de gemeente hier duidelijke keuzes maakt en deze ook goed communiceert. Aansluiting kan hier mogelijk worden gezocht bij bestaande wijk- en dorpsraden Het hebben van werk en/of een zinvolle tijdsbesteding is van zeer groot belang voor deze doelgroep, zo volgt ook uit het Regioplan. Er moeten voor de sociaal werkvoorzieningen voldoende mogelijkheden komen om deze groep in te bedden en te begeleiden naar werk buiten de sociale werkvoorzieningen. Vanuit deze werk/tijdbestedingssituatie dient een signaalfunctie ingebouwd te worden, voor als iemand het spoor bijster dreigt te raken. In het verleden kende b.v. de IBN groep een ombudsfunctionaris, die signalen via de werkleiding oppikte en kon door verwijzen naar bedrijfsmaatschappelijk werk. Ook misverstanden in werksituatie konden zo worden opgepikt, zodat werk behouden kon blijven. Ook het Projectplan geeft aan dat juist deze doelgroep vaak financiële problemen kent.

Zij hebben niet alleen te maken met een complexe regelgeving maar vooral ook een onvermogen om adequaat om te gaan met de digitale wereld, het papierwerk, de formulieren etc. Een goede begeleiding vanaf het eerste begin in de directe nabijheid is van groot belang. Vrijwilligers en werkgevers kunnen hier een rol spelen. Dit geldt uitdrukkelijk ook de gemeente die ook ondersteunend kan zijn hierbij (zo kende IBN in het verleden een noodfonds waarop een beroep kon worden gedaan en als werkgever verzorgden zij ook sociale vaardigheidstrainingen). Voor een aantal mensen van deze doelgroep is het prettig als de vaste lasten automatisch betaald worden via gemeente of werkgever, of op een andere wijze. Hiermee kunnen ernstige problemen voorkomen worden. Ook dient scherp gelet te worden op het tijdig aanvragen en stopzetten van toeslagen (een heikel punt). Een schuldenproblematiek moet zoveel mogelijk en tijdig worden voorkomen. Het Sociaal Raadslieden werk en de welzijnsinstellingen dienen voor de begeleiding van deze doelgroep goed bereikbaar en voldoende geëquipeerd te zijn. De gemeente moet zo spoedig mogelijk in gesprek gaan met zoveel mogelijk betrokken partijen en belanghebbenden, met name ook welzijnsorganisaties. Zij dienen zéér nauw samen te werken in een samenhangend beleid.

Cliënten, met name die buiten de boot dreigen te vallen, kunnen via een cliëntvolgsysteem extra aandacht en ondersteuning krijgen. Hulpverlening kan zo ook gecoördineerd worden. Één coördinator valt aan te bevelen. Dit kan ook bijdragen aan de zelfregie van de cliënt. Eventueel kan een cliënt ondersteund worden door een onafhankelijk cliëntenondersteuner. De inbreng van ervaringsdeskundigen moet ingebed worden in het proces. Het ondersteuningsaanbod moet goed toegankelijk zijn en als het kan zo dichtbij mogelijk.

2

Wijken, buurten, gemeenschappen zullen voorbereid moeten worden op de komst van deze doelgroep buurtbewoners (empowerment van de buurten bevorderen). Het zou mooi zijn als er een commitment kan ontstaan, waarbij ook wijk- en buurtbewoners zich inzetten om hun medebewoners te ondersteunen. De draagkracht van de wijk en buurt dient goed in de gaten te worden gehouden !! Er zou b.v. aansluiting gezocht kunnen worden bij het concept van buurtcirkel projecten in het land https://buurtcirkel.nl/over-buurtcirkel. Het Regioplan spreekt (op blz. 21 sub 4) van een expertisecentrum dat (in de gemeente) opgezet wordt waar onder andere omwonenden, vrijwilligers en professionals hun informatie kunnen halen over de doelgroep (let wel, deze is heterogeen). Daarnaast wordt onder randvoorwaarden (blz. 22 sub 4.5) een laagdrempelig punt voor informatie en advies ingesteld voor ondersteuning bij deelnemen aan het sociale leven. Op het niveau van de regio is er het Netwerk Opvang en Wonen. Het is van belang dat duidelijk is wie wat doet, dat er een open communicatie is en dat het alle betrokkenen kenbaar is tot wie zij zich moeten wenden. Inwoners met een psychische kwetsbaarheid zijn een relatief nieuwe doelgroep voor gemeenten. Momenteel zijn de WMO voorzieningen voor deze doelgroep gefragmenteerd georganiseerd in aparte beleidsdocumenten, overeenkomsten en uitvoeringsafspraken.

Het gaat onder meer om individuele WMO ondersteuning, dagbesteding, onafhankelijke cliëntondersteuning en mantelzorg ondersteuning. Dit mag geen beletsel vormen voor de begeleiding. Een groot deel van de groep inwoners met een psychische kwetsbaarheid woont gewoon thuis en dit is uitdrukkelijk de bedoeling. Wanneer mensen met een psychische kwetsbaarheid niet in staat zijn om zelfstandig te wonen, intramurale behandeling niet voorop staat en toezicht nodig is, kunnen zij een beroep doen op de voorziening beschermd wonen. Dit is in principe een tijdelijke voorziening. Beschermd wonen is gericht op stabiliteit, herstel en zelfredzaamheid. Echter, er is ook een groep inwoners die deze voorziening voor een langere periode nodig heeft (dan komt de Wlz in beeld). Maatschappelijke opvang biedt tijdelijk onderdak, opvang en ondersteuning (met inbegrip van screening en advisering) aan volwassenen, jongeren en gezinnen die, door meerdere problemen, al dan niet gedwongen, de thuissituatie hebben (of dreigen te) verlaten. Zij zijn (tijdelijk) niet in staat zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. De ondersteuning vanuit de maatschappelijke opvang richt zich op het vergroten van de zelfredzaamheid en het bevorderen van participatie op het weer invoegen in de samenleving.

Onder de activiteiten vallen naast het tijdelijk bieden van onderdak, opvang en ondersteuning ook activiteiten die gericht zijn op het voorkomen van instroom in de maatschappelijke opvang en het voorkomen van terugval na uitstroom. Dit kan onder meer door gebruik te maken van projecten die mensen weer in hun kracht zetten (vgl. activiteiten Pieter Bruegelhuis). Aandacht wordt gevraagd voor bemoeizorg die zich richt op zorgwekkende zorgmijders. Dit zijn inwoners met complexe problemen. Vaak is het een combinatie van psychiatrische-, lichamelijke-, psychosociale- en/of verslavingsproblemen. Het gaat om zeer kwetsbare inwoners die zelf niet om hulp kunnen, willen of durven vragen. Ze raken geïsoleerd, verwaarlozen zichzelf en zorgen soms

3

voor overlast in hun omgeving. De inzet van bemoeizorg is erop gericht om zorgwekkende zorgmijders te motiveren tot en toe te leiden naar passende ondersteuning. Daardoor verbeteren de leefomstandigheden van de inwoners zelf en hun omgeving. Bemoeizorg doet dit door het gevraagd en ongevraagd aanbieden van tijdelijke, vaak praktische, ondersteuning. Een integrale aanpak is daarbij van groot belang. In het Regioplan wordt nauwelijks ingegaan op preventie met name voor de GGZ en verslavingszorg, maar ook het versterken van de draagkracht van mensen en wijken is niet uitgewerkt. Toch zal juist hierin veel draagkracht gevonden kunnen worden. Daarbij kan gedacht worden aan de onderlinge hulp van inwoners aan elkaar (Zorg en Welzijn Keldonk, Zijtaart en zorgcoöperaties in Wijbosch en Sint-Oedenrode). Zeker ook binnen de regiefunctie van de gemeente vraagt dit om aandacht. De Adviesraad Sociaal Domein hecht hier bijzondere aandacht aan zoals ook zij ook in eerdere adviezen heeft aangegeven. Van groot belang achten wij een brede vraagverheldering op basis waarvan met de cliënt en zijn of haar netwerk bepaald kan worden welke aanpak en wat nodig is voor herstel en participatie. Een passend aanbod zal niet zozeer door de voorzieningen bepaald mogen worden. Hier dient een speerpunt van gemaakt worden bij de uitvoering van het Regioplan.

Daarbij moet herstelbenadering plaatsvinden vanuit de cliënt. Er spelen regelmatig veiligheidskwesties, gevaarlijk gedrag, overlast of weigeren van aangeboden zorg. De WvGGZ en de Wet Zorg en Dwang bieden hier maar een beperkte oplossing voor. Dit ondermeer vanwege de tijdelijke aard van de maatregelen. De huidige voorzieningen op grond van de WMO zijn er niet op toegerust om inwoners ondersteuning en opvang te bieden op het snijvlak van de WMO en de forensische zorg. Ook dit behoeft aandacht met name ook in het overleg met de zorgverzekeraars. De maatregelen en keuzes van zorgverzekeraars met betrekking tot GGZ zorg hebben grote gevolgen voor de groep inwoners die onder beschermd wonen vallen (met name de wachtlijsten en de beperkte mogelijkheden voor cliënten met een complexere zorgvraag). Zij dreigen tussen wal en schip te vallen met als risico’s ernstige teloorgang, zelfverwaarlozing en overlast. Mensen met ernstige GGZ- en verslavingsproblematiek komen meer in de maatschappelijke opvang en bemoeizorg terecht. Dit houdt inwoners langer in begeleiding en bij hen wordt er meer WMO maatwerk toegepast. Het is een serieuze vraag in hoeverre deze opvang en ondersteuning zorg en behandeling kunnen vervangen. Daarbij zijn deze oplossingen ook niet financieel houdbaar voor gemeenten. Dit aspect verdient zeer serieuze aandacht bij beleid en uitvoering van het Regioplan.

Verder is het van groot belang dat er binnen en tussen de verschillende domeinen, sociaal, zorg en veiligheid, goed wordt samengewerkt om integrale zorg en ondersteuning te organiseren en uit te voeren. Daarbij speelt dat bij complexe psychische problemen de oplossing meestal niet binnen één sector of organisatie beschikbaar is. Een gezamenlijke aanpak op zowel beleidsniveau als uitvoeringsniveau is hier als gezegd noodzakelijk om tot passende opvang, zorg en ondersteuning

4

te komen. Het gaat daarbij onder meer om een integrale aanpak in de wijk tussen het sociale netwerk (naasten, vrijwilligers), de huisarts en POH-ggz, de behandelaar (bijv. van F-ACT), de ambulant begeleider en de generalist van het sociaal team. Op beleidsniveau gaat het over het gezamenlijk organiseren en uitvoeren van voorzieningen waarbij behandeling, opvang en ondersteuning integraal worden georganiseerd en aangeboden. Met financieringssysteem en de financiële schotten tussen de verschillende financieringskaders, WMO, Zorgverzekeringswet, Wet langdurige zorg, zal creatief moeten worden omgegaan om de noodzakelijke samenwerking te realiseren. Zorgverleners moeten de ruimte krijgen om in Multi Disciplinaire Teams (MDO’s) te kunnen werken en daar financiële middelen voor krijgen. Er dient veel aandacht te zijn voor kleine zorgaanbieders (o.a. zorgboerderijen) die het grote volume aan aanvragen nauwelijks aankunnen, wat veelzeggend is voor het belang dat cliënten en hun omgeving hieraan hechten. Juist deze kleinschalige vormen kunnen cliënten voor beschermd wonen heel veel bieden in maatwerk begeleiding en ook vanwege de ruimte en het groen. Het is van groot belang dat gemeenten oog hebben en voorwaarden creëren voor deze mogelijkheden en niet alleen contracteren met de grotere aanbieders.

Verder gaat het om aandacht voor bewonersinitiatieven vanuit de bevolking en dat de gemeente deze stimuleren en goede condities creëren met name in financiering en bestemmingsplannen. De gemeenten moeten vrijwilligersorganisaties goed ondersteunen en zij moeten andere oplossingen dan alleen de professionele zorg bieden, dit vanuit een gemeenschappelijk beeld. Er zijn heel veel verschillende mogelijkheden in het organiseren van formele en informele ondersteuning in regio/gemeente/dorpen/wijken en dit dan vooral uit inwonerperspectief. Dit betekent ook dat het van belang is in het contractmanagement te kijken naar nieuwe oplossingen (vgl. onder meer Leefgoed Veghel, Pieter Brueghelhuis, Joint Us). Ook hier is het van belang zoveel mogelijk in te bedden in de wijk, zoals al bij Leefgoed gaat gebeuren. Onvermijdelijke vraag is of er bij de gemeente voldoende budget vrij gemaakt kan worden om deze ambitieuze plannen te kunnen realiseren . De Adviesraad Sociaal Domein adviseert de gemeente om een lerende aanpak te organiseren. Gemeente en andere partijen doen continue nieuwe kennis en inzichten op. De aanpak kan worden bijgesteld als dit nodig is om de ambitie waar te maken. Bij de uitvoering organiseert de gemeente ruimte voor leerervaringen, de reflectie hierop en de acties die hieruit voortkomen.

De opdracht van het Projectplan lijkt tot een fijnmazig raderwerk te komen waarin alle betrokken partijen samenwerken. Elkaar kennen, elkaars taal kunnen verstaan, ieders rol in de samenwerking waarderen is hierbij van belang. De Adviesraad Sociaal Domein realiseert zich dat dit veel van de betrokken partijen gaat vragen. Het doel om een deel van de doelgroep binnen tien jaar uit de WMO te plaatsen is eveneens ambitieus. Dit zal zeker niet voor iedereen gaan lukken. Het Projectplan vraagt in zekere zin een hele nieuwe mindset van alle betrokken partijen. De Adviesraad Sociaal Domein heeft besloten, met inachtneming van de in dit advies genoemde specifieke aandachtspunten, vragen en adviezen en rekening houdend met de toetsingscriteria in

5

onze visie en missie, een positief advies te geven. Met dit advies hoopt de Adviesraad Sociaal Domein een constructieve bijdrage te hebben geleverd en verzoekt het college dit onder de aandacht te brengen van de gemeenteraad zodat dit betrokken kan worden bij de verdere beraadslagingen. De Adviesraad Sociaal Domein stelt het zeer op prijs als de gemeente haar bij het Regioplan blijft betrekken en haar periodiek informeert over de voortgang van het proces van de doordecentralisatie. We zien uw reactie met belangstelling tegemoet.

Met vriendelijke groet. Namens de Adviesraad Sociaal Domein Meierijstad

John Schut, Vice-voorzitter.

6

Advies Aan:

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vught

Van:

Adviesraad Sociaal Domein

CC: Datum:

05 augustus 2021

Betreft:

Gevraagd advies n.a.v. verzoek advies uit te brengen over het regioplan doorcentralisatie Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis

Inleiding/aanleiding In voorgaande jaren is in de regio Meijerij en Bommelerwaard door de gemeenten samen gewerkt aan een gezamenlijke visie op Beschermd Wonen, waarbij de 5 vuistregels leidend zijn. Betrokken gemeenten hebben voorzieningen gezamenlijk en regionaal georganiseerd. Hierbij is het beschikbare budget regionaal ingezet. Gemeente ’s Hertogenbosch heeft hierin de coördinerende rol. Per 2022 kiezen betrokken gemeenten voor doordecentralisatie van voorzieningen. Alleen regionaal wat niet lokaal georganiseerd kan worden. Probleemstelling Aan alle adviesraden Sociaal Domein van de betrokken gemeenten is gevraagd om een advies te geven over het “Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen”. Onderzoeksmethode/ wijze van aanpak De adviesraad heeft hiervoor 2 bijeenkomsten bijgewoond georganiseerd door de regiogemeenten. Onderdelen van het plan zijn besproken met de Cliëntenraad GGZ. Bevindingen 1. Van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis oogt als een heel goede ontwikkeling!

Advies 2. Inwoners die in aanmerking komen zijn zeer kwetsbare inwoners, waarbij het regioplan aangeeft dat de problematiek steeds complexer wordt. Hoe wil de gemeente deze groep inwoners goed in beeld hebben en houden ? 3. Wij waarderen het besluit van de regiogemeenten om voor huidige cliënten vooralsnog geen wijzigingen toe te passen en de wijziging naar lokale organisatie en inzet van zorg bij nieuwe cliënten te starten. 4. Wat zijn de concrete plannen van de gemeente Vught voor 2022 ev. Wat is hierin de prioritering t.a.v. inkoop ? o Hoe is geborgd dat onderling verdeelde toegezegde budgetten aan de gemeente Vught voldoende is voor de komende jaren ? Hoe wordt omgegaan wanneer hier problemen ontstaan ? o Onduidelijk is hoe de gemeente deze inwoners wil/gaat begeleiden als het gaat om financiën. o Er is sprake van een krappe woningmarkt. Hoe gaat gemeente Vught een passend woonaanbod voor deze groep inwoners realiseren ? o Het regioplan geeft ons geen duidelijk beeld hoe de gemeente Vught om wil gaan met de lokale organisatie van zorg voor een inwoner. Kan de gemeente garanderen dat betrokken inwoners duidelijkheid ervaren t.a.v. de ingezette/georganiseerde zorg? 5. Door de aanwezigheid van Reinier van Arkel kent de gemeente Vught vele inwoners met een psychische kwetsbaarheid.

Hoe wordt de aanwezigheid van deze zorgorganisatie met mensen met een psychische kwetsbaarheid meegenomen in de plannen van de gemeente? 6. Onafhankelijke clientondersteuning is binnen de gemeente Vught aanwezig maar hieraan wordt nog gewerkt door het project “Onafhankelijke Clientondersteuning”. Een belangrijk item daarin is de deskundigheidsbevordering voor deze cliëntengroep, op financiële en sociale problemen. Dit betekent dat op dit moment deze ondersteuning niet geborgd is, waarschijnlijk ook per 2022 nog niet geborgd zal zijn. 7. In het rapport wordt niet gesproken over het betrekken van ervaringsdeskundigen. Conclusies en aanbevelingen. Wij waarderen dat in het regioplan ingezet wordt op het lokaal organiseren van zorg indien dit mogelijk is ! Wel hebben wij enkele aandachtpunten die wij hieronder aangeven in ons advies aan u. 1. Als een inwoner ernstige bezwaren heeft, of beperkingen ervaart moet het mogelijk zijn om niet lokaal maar binnen regio passende zorg te ontvangen. 2. Het is van belang dat er concrete plannen gemaakt worden voor rondom dit regioplan, zie opmerking/vragen punt 4 bevindingen.

Advies 3. Geef voorrang deskundige onafhankelijke clientondersteuners voor de inwoners die in aanmerking komen voor beschermd Wonen/Beschermd Thuis. Maak hier ook gebruik van ervaringsdeskundigen in Vught. Uw reactie op dit advies stellen wij zeer op prijs. Namens de Adviesraad Sociaal Domein Vught, Naam René van Vugt

Voorzitter ASD Vught

Beste Arienne,

Op 7 juli jl heeft de ASD het regioplan decentralisatie begeleid wonen ontvangen. Daarnaast heeft 23 juni jl een bijeenkomst plaatsgevonden waarbij wethouders van de betrokken gemeenten en leden van de ASD zijn geïnformeerd over dit plan. De decentralisatie en tevens transformatie van begeleid wonen naar thuis wonen is een door de centrale overheid opgedragen taak. In de kern genomen betreft het twee elementen: -

-

Een structuurwijziging met een verschuiving van verantwoordelijkheid van de centrale gemeente naar de individuele gemeente. Hierbij blijft er wel een regionale samenwerking bestaan zonder bestuurlijke drukte! Een inhoudelijke doelstelling om het begeleid wonen verder te verspreiden over de woonwijken van alle betrokken gemeenten en de begeleiding te decentraliseren. Dit met het doel dat dit ook op termijn gaat leiden tot een grotere zelfstandigheid van de betrokken cliënten.

De ASD steunt deze beweging en de daarbij gekozen uitgangspunten. Het betreft een groep van (soms zeer) kwetsbare burgers waarbij het hebben van een veilig thuis in een veilige en gezonde omgeving essentieel is. De genoemde vuistregels Goed wonen, Gezonde financiën, Waardevolle daginvulling, Passende ondersteuning en een Fijne leefomgeving hebben dan ook de volledige steun van de ASD. Het realiseren van deze vuistregels voor deze doelgroep is echter geen sinecure. Zoals we de afgelopen jaren hebben gezien bij de decentralisatie van het sociaal domein vergt verdere decentralisatie veel extra inspanning en inmiddels ook extra financiële middelen. Ook is gebleken dat preventie en participatie belangrijk zijn maar (nog) niet leiden tot een beperking van de instroom van cliënten. In het onderliggend plan worden de inspanningen in algemene woorden beschreven en worden het tijdspad en de transitie toegelicht. De ASD heeft de volgende opmerkingen/vragen nav dit plan. De ASD geeft het advies om de antwoorden op de onderstaande punten op te nemen in het plan of waar deze beschreven staan explicieter te benoemen. - Het betreft een diverse en veelal complexe doelgroep. De doelgroep staat in het plan beschreven. Het huisvesten en begeleiden van cliënten vergt extra inspanning, kennis en ervaring.

Hoe gaat de gemeente en de organisaties die verantwoordelijk hiervoor zijn of worden voor deze doelgroep, zich hierop voorbereiden? Advies is om er eerst daadwerkelijk klaar voor te zijn en dan pas over te gaan tot de daadwerkelijke verplaatsing. - Ook kan dit niet succesvol verlopen zonder betrokkenheid van de omwonenden. Hoe bereid de gemeente de omwonenden erop voor en hoe organiseert zij betrokkenheid? Zorg voor een plan

als het toch (tijdelijk) fout gaat met de client en er een onacceptabel overlast ontstaat. Bestaat er een terugval optie? - Het door het rijk gekozen tijdspad is 10 jaar voor de transitie. De ambitie van de regio is om dit te versnellen. Gezien eerdere ervaringen met het sociaal domein lijkt dit te ambitieus. Graag de argumenten voor deze keuze nader toelichten en onderbouwen. - Uitgangspunt is dat er geen extra financiële middelen beschikbaar komen. Er vindt een geleidelijke verdere decentralisatie van middelen plaats waaruit de gemeente de huisvesting en ondersteuning dient te financieren. Er wordt rekening gehouden met een sterkere uitstroom in de loop van de tijd. De vraag is of hier niet wederom een veronderstelling wordt gedaan die niet kan worden gerealiseerd en uiteindelijk de decentralisatie gaat leiden tot een kostenstijging. De ASD wil in het plan een concrete financiële onderbouwing met daarbij de trend van de afgelopen jaren. - Een specifiek probleem vorm te de huisvesting. Gezien het huidige tekort aan betaalbare huisvesting, lijkt iedere extra aanspraak tot nog langere wachttijden bij de corporaties. Graag verneemt de ASD hoe de gemeente denkt te gaan voorzien in de extra benodigde huisvesting rekening houdend met de extra eisen mbt een adequate leefomgeving voor de doelgroep.

- Er zijn particuliere initiatieven van ouders/verzorgers die groepshuisvesting voor mensen met een verstandelijke beperking willen realiseren. De gemeente geeft aan hoe zij deze initiatieven betrekt als een meewerkende partner, mede in afstemming met de corporaties. - Uitgangspunt ook bij de doelgroep zou ook moeten zijn dat de wensen van de cliënt leidend dienen te zijn. Het zelfstandig wonen dient geen dogmatisch doel te zijn. Houdt voor de client de mogelijkheid om (deels en/of tijdelijk) intramuraal te verblijven. - Voor m.n. ‘Niet kunners’ en ‘Niet willers’ (pag. 9 van het plan) blijven regionaal plaatsen nodig want dat zal niet in iedere gemeente apart kunnen. Er is voor deze groep een zekere schaal nodig teneinde de juiste (woon)situatie te creëren en adequate begeleiding/zorg te bieden. Goede regionale afstemming en samenwerking blijft daarvoor aangewezen.

Tot zover een eerste reactie op dit plan.

Met vriendelijke groet

Hans Beelen Voorzitter Adviesraad Sint Michielsgestel

Van: Adviesraad Sociaal Domein Boxtel

Boxtel, 10 augustus 2021

Betreft: gevraagd advies 'Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen'. Beste Ariënne Heesters, Hartelijk dank voor het toezenden van de stukken over het 'Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen'. Het was een duidelijk document maar ook uitgebreid. Omdat de Adviesraad Sociaal Domein Sint Michielsgestel ook om advies is gevraagd hebben wij contact met hen opgenomen met de vraag over hoe ver zij in de advisering waren. Het advies dat zij inmiddels hadden geformuleerd is met onze adviesraad gedeeld. Na intern overleg is unaniem besloten dat de ASD Boxtel hierop geen aanvullingen heeft en zich aansluit bij hun advies. Wij vinden de aandachtspunten die zij ter discussie stellen of ter verbetering aandragen, goed onderbouwd en kunnen ons hier helemaal in vinden. Wij verzoeken jullie daarom ook namens de ASD Boxtel hier voldoende aandacht aan te besteden en in overweging te nemen om de punten in het stuk aan te passen of uit te breiden. Volledigheidshalve is het advies van Sint Michielsgestel hier nogmaals bijgevoegd. Wij wensen jullie veel succes en wijsheid toe met het verwerken van ons gezamenlijk advies.

Met vriendelijke groet,

Namens de ASD Boxtel, Frank Leermakers voorzitter 06 53186536

Gemeente Maasdriel Aan het College van B en W Maasdriel Postbus 10.000 5330 GA Kerkdriel Gemeente Zaltbommel Aan het College van B en W Zaltbommel Postbus 10.002 5300 DA Zaltbommel Maasdriel, 8 augustus 2021 Betreft: Regioplan doorcentralisatie beschermd wonen

Geacht college, Bij deze onze reactie op de adviesaanvraag dd 19 juli 2021. Graag hadden wij gezien dat het stuk beknopter geschreven was en de herhalingen tot een minimum beperkt waren gebleven. Het is een zeer theoretisch stuk met weinig concrete punten vanuit cliëntperspectief en daarom beperken wij ons tot een aantal suggesties. In het stuk missen wij waar en hoe cliënten en ervaringsdeskundigen actief betrokken gaan worden in de uitwerking van het Regioplan, wij zien dat graag toegevoegd of later nader uitgewerkt. Daar denken we graag in mee, evenals bij de ontwikkeling van de lokale set aan basisvoorzieningen. Vuistregel 1. Goed wonen Het Woonplaatsbeginsel mag de cliënt niet belemmeren om te gaan wonen in de omgeving van familie cq mantelzorgers, ook als dat elders is. Het stoppen van deze mogelijkheid is niet in het belang van de cliënt. Vuistregel 2. Gezonde financiën Het belang van een formulieren café bijvoorbeeld in het buurthuis onderschrijven wij, maar adviseren om ook de mogelijkheid open te houden voor begeleiding op het woonadres. Vuistregel 3. Waardevolle daginvulling Een waardevolle dagbesteding kan van essentieel belang zijn. Wij staan erachter dat gestimuleerd wordt om daar gebruik van te maken, maar adviseren om oog te houden voor mensen die daar geen behoefte aan hebben. In sommige gevallen kan het juist een averechts effect hebben.

De sociale kaart is niet alleen van belang voor professionals maar zeker ook voor cliënten zelf, zodat zij mede kunnen overzien welke mogelijkheden er allemaal zijn. Op basis van ervaringen van cliënten weten wij dat mensen uit onze omgeving op inadequate plekken

terecht zijn gekomen en zich daarin schikken terwijl het niet bij ze past. Niet altijd realiseert men zich dat kwetsbare mensen niet makkelijk een professional durven tegen te spreken . Vuistregel 4. Passende ondersteuning Niet alleen voor de cliënt is het van belang dat de zorg snel opgeschaald kan worden, maar ook voor de buurt. Als men hiervan op aankan zal men eerder bereidt zijn om mede te ondersteunen. Wij vragen ook aandacht voor het ruimhartig inzetten van respijtzorg, zodat mantelzorgers indien nodig op adem kunnen komen. Vuistregel 5. Fijne leefomgeving Een leefbaarheidstoets lijkt ons altijd een voorwaarde om de kans van slagen te vergroten en onnodige risico’s uit te sluiten. Het toekennen van de waakvlamfunctie vraagt om grote zorgvuldigheid en kan volgens ons het best aan 2 personen worden toegekend. Herstelacademies Wellicht is dit een initiatief om na te volgen. In steeds meer regio’s ontstaan herstelacademies en zelfregienetwerken. Cliënten kunnen daar aan de slag om hun leven weer op te pakken en meer vorm te geven, zoals zij dat zelf willen. Hierbij worden ze gecoacht en gesteund door ervaringsdeskundigen die van binnenuit weten welk proces zij doormaken. Met het project Herstelacademies / Zelfregienetwerken worden bestaande regionale cliëntenorganisaties en netwerken versterkt en uitgebreid.* Met vriendelijke groet,

Namens de Cliëntenraad sociaal domein Bommelerwaard Mieke Boas, voorzitter Brochure Herstelacademie; vrijplaats voor eigen ontwikkeling

Adviesraad Sociaal Domein Zaltbommel

Aan het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Zaltbommel Postbus 10002 5300 DA Zaltbommel

Zaltbommel, 19 juli 2021 Betreft: advies ‘Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen’.

Geachte College, Samenvattend kunnen we over het ‘Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen’ zeggen dat we positief zijn over de inhoudelijke ambities en kritisch over het feit dat er nog heel veel moet worden uitgewerkt. Na de ‘Regiovisie Beschermd wonen en Maatschappelijke Opvang’ uit 2019 hadden we een meer concrete uitwerking verwacht. Ook jammer dat het voorwoord ontbreekt. Een goed voorwoord zet immers de toon en geeft kleur aan de ambities. Ons advies richt zich als volgt op een aantal voor ons belangrijke aandachtspunten: Beschrijving doelgroep

Wij adviseren u nog eens kritisch te kijken naar de formuleringen waar het gaat om de doelgroep. Twee voorbeelden: •

Het onderscheid op pagina 9 tussen “niet kunners” en “niet willers” vinden wij ongepast en onnodig stigmatiserend. Wij pleiten voor maatwerk en een beschrijving dat we als samenleving niet altijd een passend antwoord hebben op soms zeer complexe individuele problematiek.

•

De beschrijving van het laatste aandachtspunt op pagina 19 “Bij vrijwilligerswerk is

het van belang dat er niet teveel verplichtingen aan de kwetsbare inwoners worden

gesteld. Vrijblijvendheid is hierin van belang. Het lukt de doelgroep niet altijd om aan de harde eisen te voldoen, zoals het werken op vaste dagen of tijdstippen” Deze

beschrijving past volgens ons niet bij inclusie en de herstelvisie, waarbij we uitgaan van het vermogen, de talenten, de kwaliteiten en de wensen van de inwoner. Laat niet los

Wij adviseren u scherper te verwoorden, dat wanneer er onvoldoende antwoord is op complexe individuele problematiek er altijd hulp geboden wordt. “Niet loslaten” en “doen wat gedaan moet worden”. Wellicht ook onderkennen dat “heldere en concrete afspraken over wie wanneer in actie komt” niet altijd mogelijk zijn binnen het formele en informele netwerk (zie pagina 23)

Werk als waardevolle daginvulling

Wij adviseren u op pagina 19 alsnog en duidelijk het belang van betaald werk op te nemen en te verwijzen naar IPS (Individuele Plaatsing en Steun). IPS is namelijk dé methode om mensen met een ernstige psychische aandoening te helpen bij het verkrijgen en behouden van betaald werk.

Waar te wonen

Wij adviseren u het, meer dan nu, mogelijk te maken dat mensen een eigen keuze maken in welke gemeente men wil wonen. Zeker in die gevallen waarbij verwacht mag worden dat dit inclusie en herstel bevordert. Dat vraagt om ruimhartig afgeven van een beschikking van een inwoner die elders wil gaan wonen (woonplaatsbeginsel) of het toelaten van inwoners vanuit andere gemeenten. Inbreng van cliënten, naasten en ervaringsdeskundigen

Wij adviseren u in uw plan duidelijker het onderscheid aan te geven tussen de inbreng van cliënten (en naasten) en het benutten en inzetten van ervaringsdeskundigen. •

Ervaringsdeskundigen kunnen veel breder worden ingezet dan alleen bij ‘ondersteuning bij deelname aan het sociaal leven’ (zie pagina 22) Ze werken nu reeds (betaald) op veel plaatsen zoals in fact-teams.

•

De inbreng van cliënten, naasten en ervaringswerkers bij beleid moet wat ons betreft verder gaan dan een (vrijblijvende) klankbord. Ze moeten vast aan tafel zitten daar waar beleid wordt gemaakt. Een stevige structurele en formele positie is wat ons betreft het uitgangspunt.

Lokale set aan basisvoorzieningen

Wij gaan ervan uit dat ons over de lokale set aan basisvoorzieningen in de gemeente Zaltbommel te zijner tijd advies wordt gevraagd. Vooruitlopend daarop pleiten wij ervoor die basisvoorzieningen te integreren binnen het bestaande lokale aanbod. Daarmee wordt goed aangesloten bij onder meer de Lokale Inclusie Agenda en creëren we hopelijk eenvoud. Wij onderschrijven van harte het leidende principe van “eenvoud staat centraal” en zijn er van overtuigd dat hier nog een wereld is te winnen!

Tot slot

Wij zijn benieuwd naar uw besluit en hopen met dit advies een positieve bijdrage te leveren aan inclusieve samenleving, waarin ook mensen met een psychische kwetsbaarheid een volwaardige plek hebben.

Hartelijke groet,

Leen van Leersum, Voorzitter Adviesraad Sociaal Domein Zaltbommel

Gemeente Maasdriel Aan mevrouw drs. J.H.A. Sørensen wethouder Postbus 10.000 5330 GA Kerkdriel

Maasdriel, 8 augustus 2021

Geachte mevrouw Sørensen,

Hartelijk dank voor het toezenden (op 13 juli jl.) van de adviesaanvraag, doordecentralisatie beschermd wonen. (1 Januari 2022 t/m 2025).

De PRM is op 23 juni 2021 aanwezig geweest op uitnodiging van de Meijerij bij de presentatie regiovisie Beschermd Wonen (BW) te Vught, waarvoor onze dank. Als PRM vinden wij het zeer belangrijk om betrokken te zijn en blijven bij de op handen zijnde transformatie van Beschermd Wonen naar Thuis in de Wijk. Wel willen wij als PRM onze zorgen delen vanuit ervaringen uit de praktijk dat het een zeer kwetsbare doelgroep betreft, waarvoor een veilige omgeving voor wonen, werk en een goede financiële basis en betrouwbare begeleiding ervan erg belangrijk zijn. Bij punt 2.3 uit het regioplan wordt aangegeven dat in de gemeenten voorzieningen zijn voor een juiste opvang van de betreffende doelgroep. Bij punt 3 wordt genoemd dat ook lokaal in de gemeenten het integraal ontwikkelen van toegankelijke voorzieningen in de wijk voor de doelgroep BW zullen moeten worden gecreëerd om instroom van BW te voorkomen? De vraag van de PRM is dan ook, hoe wordt binnen Maasdriel / Bommelerwaard deze BW plekken gecreëerd? Kijkende naar de plannen van de gemeente voor realisatie van woningen in de komende jaren. In reguliere zin worden er al minder woningen gerealiseerd, dan daadwerkelijk de vraag is? Er wordt gesproken over meer inzet rondom beschermd wonen, en dan met name gericht op maatwerk (zie punt 5) op basis van ondersteuningsvraagstukken.

Daarnaast worden op alle terreinen, vanuit overheid, maar ook vanuit regio’s en gemeentes, conclusies getrokken dat er meer en meer zorg en complexere zorg nodig is in de nabije toekomst, en daarmee ook meer behoefte aan beschermd wonen. In hoeverre anticipeert de gemeente op bovenstaande, en in hoeverre worden er, binnen het reguliere plan van woningen of middels andere wegen, beschermd wonen plekken gerealiseerd? Verder wijst de PRM er op dat er soms ook sprake is van bezetting van 1 persoon in een gezinswoning, dat d.m.v. huursubsidie in stand wordt gehouden omdat verhuizen naar kleinere woning meer kosten brengt. Ook missen wij als PRM nog het concept 'aanleunwoning' als BW-zelfstandig in de kleinere gemeenten. Van een woongroep naar 'vrij' in de wijk is een enorme stap die soms niet te overbruggen is d.m.v. ambulante woonbegeleiding alleen voor de doelgroep. Er zijn bestaande gevallen die niet uitstromen maar daarin klem zitten. Of het nu vanuit de WMO of WLZ wordt begeleid maakt wel enorm veel uit.

1

Evenals het hebben en houden van een vast aanspreekpunt waarmee al een vertrouwensband is opgebouwd in de begeleiding van de doelgroep. Wij als PRM kijken dan ook uit naar het door onze gemeente opgestelde uitvoeringsprogramma wat op lokaal niveau uitgevoerd zal worden? Welke stappen gaat onze gemeente hierin zetten op lokaal niveau? Als aangegeven bij punt 4.5 regionale spreiding is een goede spreiding van de voorzieningen voor de doelgroep, BW Thuis in de Wijk, van groot belang. Waarvoor ook de vijf randvoorwaarden als bij 5.1 beschreven zeker niet uit het oog verloren dienen te worden, als o.a.:

1 Goed wonen; 2. Gezonde financiën; 3. Waardevolle daginvulling; 4. Passende ondersteuning; 5. Fijne leefomgeving. Bij waardevolle daginvulling wordt in de aandachtspunten aangegeven, dat een goed zicht op de sociale kaart van onze gemeente van belang is. Ook professionals hebben niet altijd weet van de sociale kaart, terwijl juist de laagdrempelige voorzieningen van belang zijn voor de kwetsbare inwoner om een sociaal netwerk op te bouwen. De PRM vraagt zich af of de sociale kaart van onze gemeente compleet en inzichtelijk is. En of deze ter inzage digitaal wordt opgenomen op de site van de gemeente.

Wij zien uw reactie met belangstelling tegemoet. Hartelijke groet, Thea van Doornmalen Voorzitter Participatieraad Maasdriel

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10507754/1