CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Toelichting extra belemmeringen

Raadsvergadering 18 maart 2021, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Zon- en windbeleid gemeente Zaltbommel1.077 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE 2 TOELICHTING EXTRA BELEMMERINGEN Voor het realiseren van duurzame energie initiatieven moet niet alleen rekening gehouden met de beleidsregels van gemeente Zaltbommel, maar moet ook rekening gehouden worden met “belemmeringen” die in het grondgebied meespelen. Hieronder worden de drie aspecten beschreven waar rekening mee gehouden moet worden bij het realiseren van zon en/of wind initiatieven in de gemeente Zaltbommel.

NETCAPACITEIT Om zon- en windenergie initiatieven te kunnen realiseren moet er rekening gehouden worden met de beschikbare netcapaciteit in het gebied. Liander is de netbeheerder in Gelderland (en dus de gemeente Zaltbommel); zij beheert het elektriciteits- (en gas)netwerk, beoordeelt de technische (on)mogelijkheden voor aansluiten op dat netwerk en breidt het netwerk waar nodig uit. Het huidige onderstation bij Zaltbommel zit nu bijna aan haar maximale capaciteit. Uitbreidingen van het huidige onderstation in Zaltbommel staat gepland met verwachte realisatie in 2024. Tevens wordt het huidige regelstation bij Zuilichem aangesloten op het 150kV-net van TenneT. Na realisatie komt er in de Bommelerwaard veel extra capaciteit bij. Voor het aansluiten van zon- en windinitiatieven is ook een zekere geografische beperking aan de orde. Een te grote afstand tot het onderstation kan leiden tot obstakels van technische (kabellengtes en spanningsverval) en/of financiële (haalbaarheid business case) aard. Een indicatie voor deze afstand vanuit technische haalbaarheid is momenteel circa 10 km tracélengte, wat in de praktijk neerkomt op 5 à 7 km afstand (hemelsbreed) tot het onderstation.

Als er vanuit financiële haalbaarheid wordt gekeken m.b.t. de afstand van een initiatief tot een onderstation verschilt dit voor zon- en windinitiatieven. De financiële haalbaarheid m.b.t. de afstand van een initiatief tot een onderstation hangt af van de omvang van het initiatief – een groter initiatief kent meer opbrengsten terwijl de investering voor de aansluiting niet of veel minder hard mee stijgen. Dit gezegd hebbende wordt er in de praktijk een vuistregel gehanteerd. Voor zonne-energie initiatieven is 1

een businesscase financieel haalbaar als het initiatief binnen de straal van 3-5 km van het onderstation wordt gerealiseerd. Voor windinitiatieven wordt een straal van ca. 10 km gehanteerd. Buiten deze straal worden initiatieven als niet haalbaar gezien vanwege de kosten van de kabel voor de aansluiting op het energienetwerk. Een uitzondering hierop is als zon- en wind opwek worden gecombineerd op één aansluiting – ook wel cablepooling genoemd – dan is de financiële haalbaarheid veel hoger omdat de netaansluiting kan worden gedeeld omdat zon en wind grotendeels complementair zijn m.b.t moment van opwek.

RADARSTATION HERWIJNEN Het Ministerie van Defensie heeft in Nederland twee militaire radarstations, deze radarstation zorgen voor het beschermen van het Nederlandse luchtruim. Er wordt een nieuw locatie gezocht voor één van de huidige radarstations. De eventuele nieuwe locatie in Herwijnen zorgt samen met het andere radarstation voor een betere spreiding van de radars over Nederland. De locatie van het nieuwe radarstation is nog niet definitief, echter moet er wel rekening gehouden worden dat deze in Herwijnen zou kunnen worden geplaatst. Planologisch bestaat het radarstation in Herwijnen al en staat deze ook al in een regeling in de Rarro (Regeling algemene regels ruimtelijke ordening), waar de radar in Herwijnen al sinds 2016 is opgenomen. Daarnaast loopt de procedure voor het inpassingsplan voor de radar in Herwijnen al bij de Rijksoverheid. Echter in de tussentijd van nu tot er een definitief besluit over de locaties van het radarstation, kunnen initiatieven nog steeds een aanvraag doen om een project te realiseren in de buurt van de mogelijke locatie van de radar in Herwijnen. Daarentegen komt het wel voor dat de Rijksoverheid het geven van een ‘Verklaring van geen bezwaar’ uitsteld.

Naast de toetsing van TNO (Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek) die initiatiefnemers moeten laten doen, kan de Rijksoverheid beslissen een extra rekenslag bij TNO te laten uitvoeren (op kosten van de Rijksoverheid) om alternatieve locaties voor het initiatief te onderzoeken. De Rijksoverheid adviseert de gemeente Zaltbommel om ervan uit te gaan dat de nieuwe radar in Herwijnen komt, dus dat dit in de toekomst invloed gaat hebben op projectontwikkelingen van windturbines. Stel het radarstation zou in Herwijnen komen, dan heeft dit grote impact op de gemeente Zaltbommel en de mogelijkheden voor windturbines in de omgeving van deze radar. Binnen de straal van 15 km rondom het radarstation wordt elk windturbine initiatief getoetst door TNO. Binnen een straal van 4 km vanaf de radar zijn geen windturbines mogelijk, alleen turbines van een klein formaat van ongeveer 80 meter zijn mogelijk. Hoe dichter bij de radar, hoe meer storing, hoe minder kans dat het initiatief kan worden gerealiseerd. Als de storing van een initiatief meer dan 10% is op de hele capaciteit van de radar, kan het initiatief niet doorgaan. Daarbij is de opstelling van de windturbines van groot belang, opstellingen die haaks op de radar staat zijn gunstiger tegen verstoring.

De verstoring van de radar wordt groter als de turbines in een lijnopstelling staan ten opzichte van de radar, dus hoe meer molens achter elkaar staan ten opzichte van de radar, hoe groter de verstoring. Onder andere de gemeente Zaltbommel zal in onzekerheid blijven tot een definitieve locatie voor het nieuwe radarstation is aangewezen. Het advies is om rekening te houden dat de radar in Herwijnen komt

2

en de normen die zijn opgenomen gelden. De kans wordt klein geacht, echter er kan niet worden uitgesloten dat er een alternatieve locatie wordt gekozen.

LAAGVLIEGROUTES Het Ministerie van Defensie heeft over heel Nederland een aantal laagvliegroutes en laagvlieggebieden om oefeningen uit te voeren voor jachtvliegtuigen, helikopters en propellervliegtuigen. Dit kan ook invloed hebben op windturbine initiatieven in de gemeente Zaltbommel. De gemeente Zaltbommel is gelegen in een laagvlieggebied genaamd ‘GLV IX’, het laagvlieggebied GLV IX heeft enkele laagvliegroutes die uitsluitend gereserveerd zijn voor oefeningen met militaire helikopters. Het is evident dat het plaatsen van grote obstakels, zoals windturbines, in dit laagvlieggebied en -routes consequenties kan hebben voor het operationele gebruik van deze gebieden voor het Ministerie van Defensie.

In bovenstaande kaart is het Laagvlieggebied GLV IX aangegeven met de grijs gestreepte arcering. 3

Ondanks dat de gemeente Zaltbommel is gelegen in dit gebied, kunnen er geen wettelijke eisen voor obstakelbescherming aan worden ontleend. Het is echter van belang om bij het realiseren van eventuele nieuwe obstakels (zoals windturbines) rekening te houden met de noodzaak om zinvolle en efficiënte oefeningen te kunnen blijven uitvoeren met militaire luchtvaartuigen. Ook kan het Ministerie van Defensie bezwaar maken tegen initiatieven die in deze laagvliegroutes liggen, wat nadelig zou kunnen zijn voor initiatiefnemers.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9751319/1