Bijlage 2 Jaarstukken ODR 2025
Tekst van het document
Dit zijn de vrij besteedbare middelen van de exploitatieresultaten tot het verslagjaar.
Materiële vaste activa De materiële vaste activa (met economisch nut) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht.
Gehanteerde afschrijvingstermijnen in jaren Gronden en terreinen
Algemene reserve
Bestemmingsreserves Deze reserves betreffen de reeds bestemde gedeelten van de exploitatiesaldi tot en met het
verslagjaar.
Voorzieningen Geen afschrijving
Bedrijfsgebouwen
30
Installaties
15
Huisvesting – inrichting gebouw
10
ICT interne overhead
3
Vlottende activa De vlottende activa zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde en hebben een rentetypische
Hieronder vallen voorzienbare verplichtingen, verliezen en/of risico’s voor zover de omvang hiervan redelijkerwijs is in te schatten, dan wel van derden verkregen middelen die specifiek moeten worden besteed. We hebben de voorzieningen opgenomen tegen nominale waarde.
Vaste schulden De vaste schuld bestaat uit geldleningen met een rentetypische looptijd langer dan één jaar.
Vlottende schulden De vlottende schulden bestaan uit kasgeldleningen, banksaldi en overige schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar.
looptijd van korter dan één jaar.
Overlopende passiva Liquide middelen
Onder de overlopende passiva worden verplichtingen opgenomen die in het begrotingsjaar
De liquide middelen worden tegen nominale waarde opgenomen.
zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen. Tot de overlopende passiva horen ook de van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden.
Jaarstukken 2025 ODR
45
Financieel resultaat Omschrijving
Bedrag (€)
Begrotingssaldo na Bestuursrapportage 2025
891.511
1.
Personeelskosten (incl. inhuur)
-593.000
nadeel
2.
Uitbesteed werk
-78.000
nadeel
3.
Lumpsum complexe bedrijven
140.000
voordeel
4.
Overheadkosten
238.000
voordeel
5.
Post onvoorzien
45.000
voordeel
6.
Omzet
514.000
voordeel
7.
Saldo overig
21.396
voordeel
1.178.907
voordeel
Resultaat voor bestemming
Toelichting: 1. De personeelskosten zijn hoger dan begroot. Dit komt vooral omdat er meer uren zijn gemaakt ten behoeve de hogere omzet. Daarnaast is er sprake van hogere kosten voor personele regelingen en bij Ketentoezicht vanwege extra personeel. 2. Het uitbesteed werk t.b.v. de deelnemers (o.a. milieuvergunningen en -toezicht) is hoger dan begroot. Hier tegenover staat een hogere omzet. 3. Voor de complexe bedrijven is er binnen de ODR sprake van een apart budget (lumpsum). In 2025 zijn hiervoor minder kosten gemaakt dan was begroot. Dat komt door een lagere ureninzet. 4. Er is binnen diverse overheadbudgetten sprake van een voordeel. Dit betreft lagere kosten voor ICT (hard- en software), arbokosten personeel, postverzending en stelseltaken Gelderse omgevingsdiensten. 5. De post onvoorzien is niet aangesproken. Er hebben zich geen calamiteiten voorgedaan die de ODR daartoe aanleiding hadden gegeven. 6. De omzet is hoger dan begroot. Dit komt vanwege hogere opbrengsten vanuit de werkprogramma’s in het tweede halfjaar 2025.
7. Het overige saldo is de optelsom van alle overige resultaten in de jaarrekening 2025.
Jaarstukken 2025 ODR
46
Bijdrage per deelnemer Begroting Berap 2025
Realisatie Jaarrekening
DVO bijdrage Gemeente Buren
3.309.131
3.973.776
DVO bijdrage Gemeente Culemborg
1.891.947
1.911.232
DVO bijdrage Gemeente Maasdriel
2.966.183
3.142.713
DVO bijdrage Gemeente Neder-Betuwe
2.494.002
2.738.432
DVO bijdrage Gemeente Tiel
1.256.230
1.416.917
DVO bijdrage Gemeente West Betuwe
5.730.442
5.897.109
DVO bijdrage Gemeente West Maas en Waal
2.702.064
2.871.333
DVO bijdrage Gemeente Zaltbommel
3.388.474
3.830.921
-
-
1.554.212
zie deelnemers
Bijdragen Omgevingsdiensten
622.858
622.249
Meerwerk baten
498.843
515.811
Ontvangen subsidies
393.819
395.367
Rente baten
100.000
120.713
-
10.187
28.625
28.625
26.936.829
27.475.385
DVO bijdrage Provincie Gelderland DVO afrekeningen
De totale bijdrage is hoger vanwege de hoge productie in de tweede helft van 2025. Een deel van de ontvangen subsidies is niet besteed in 2025, en zal worden overgeheveld naar 2026 (aangezien de werkzaamheden dan zullen plaatsvinden).
Overige bijdragen:
Overige baten
Onttrekking reserves Totaal Jaarstukken 2025 ODR
47
Overzicht baten en lasten Taakveld
Primitieve begroting 2025
Lasten
Baten
7.4
8.006.380
7.4
Begrotingswijzigingen
Begroting 2025 na wijzigingen
Jaarrekening 2025
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
10.439.229
-396.480
117.380
7.609.900
10.556.609
7.819.350
2.083.014
3.182.319
-46.964
406.360
2.036.050
3.588.679
8.3
8.997.661
11.621.945
425.548
1.040.972
9.423.209
Overhead
0.4
6.240.063
-
691.097
-
Alg. dekkingsmiddelen
0.5
-
100.000
-
Onvoorzien
0.8
45.000
-
Vennootschapsbelasting
0.9
-
Saldo gewone dienst
0.11
Saldo t.o.v. begroting
Lasten
Baten
10.279.037
209.451
- 277.572
2.452.704
3.862.020
416.654
273.341
12.662.917
9.534.735
13.182.129
111.526
519.212
6.931.160
-
6.489.486
2.862
-441.674
2.862
-
-
100.000
203
120.713
203
20.713
-
-
45.000
-
-
-
- 45.000
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
891.511
-
891.511
-
-
-
-891.511
-
25.372.118
25.343.493
1.564.712
1.564.712
26.936.830
26.908.205
26.296.479
27.446.760
-640.351
538.556
-
28.625
-
-
-
28.625
-
28.625
-
-
25.372.118
25.372.118
1.564.712
1.564.712
26.936.830
26.936.830
26.296.479
27.475.385
-640.351
538.556
Programma’s Milieu & advies Bouw & ondersteuning Overzichten
Saldo van baten en lasten Mutaties reserves
Resultaat Saldo van baten en lasten
0
0
0
1.178.907
1.178.907
Toelichting: Bij de bestuursrapportage 2025 zijn de baten van de twee begrotingsprogramma’s opgehoogd met € 1,4 mln op basis van de verwachte realisatie in 2025. Ook zijn de lasten opgehoogd op basis van de te verwachten realisatie. In het tweede halfjaar is gebleken dat de baten, en bijbehorende lasten, nog hoger waren dan was verwacht. Hierbij is ook sprake van lagere overheadkosten en hogere ontvangen rentebaten. Bij de bestuursrapportage 2025 was het verwachte jaarrekeningresultaat becijferd op € 891.511. In het tweede halfjaar is dit resultaat nog € 287.396 positiever geworden (totaal € 1.178.907). Zie voor verdere inhoudelijke toelichting het jaarverslag en de voorgaande 2 pagina’s (Financieel resultaat en Bijdrage per deelnemer). Jaarstukken 2025 ODR
48
Overzicht incidentele baten en lasten (2) Begroting 2025 na wijzigingen
Lasten
Jaarrekening 2025
Baten
Lasten
Baten
Programma Milieu & advies Projecten Subsidie baten huidig jaar
355.019
355.019
Vooruit ontvangen baten in vorige jaren
59.403
46.534
Kosten interne uren
221.929
200.336
-
42.789
Kosten uitbesteed werk
Saldo van baten en lasten
281.332
355.019
289.659
355.019
Toelichting: Binnen het programma Milieu & advies was er in 2025 sprake van drie projecten met een incidenteel karakter: ‘Overdracht bodemtaken omgevingswet’, ‘SPUK subsidie Robuustheid’ en ‘SPUK subsidie Energiecontroles’. Hiervoor zijn in 2025 of eerdere jaren subsidie- of projectbijdragen ontvangen. Daaruit worden de kosten van deze projecten betaald. Deze kosten betreffen hoofdzakelijk interne uren en daarnaast uitbesteed werk. Er is sprake van een positieve saldo tussen de lasten en baten op het programma, omdat de overheadkosten van de interne uren hierop niet mogen worden geboekt vanwege BBV-regelgeving. Aangezien er in 2025 minder interne uren zijn gemaakt voor deze projecten is het positieve saldo in de jaarrekening ook lager dan was begroot.
Jaarstukken 2025 ODR
49
Balans Activa
31-12-2024
31-12-2025
Materiële vaste activa
3.558.096
3.416.729
Gronden en terreinen
1.216.800
Bedrijfsgebouwen Overig materiële vaste activa
Passiva
31-12-2024
31-12-2025
Eigen vermogen
1.031.106
2.181.388
1.216.800
Algemene reserves
557.550
582.252
1.865.184
1.788.181
Overige bestemmingsreserves
448.854
420.229
476.112
411.748
Saldo van de rekening
27.702
1.178.907
Voorzieningen
808.172
953.005
Vlottende activa
2.967.367
3.788.774
Vorderingen op openbare lichamen
1.017.765
1.064.630
Vaste schulden
2.500.000
2.325.000
Uitzettingen in 's-Rijks schatkist
1.949.602
2.724.144
Banken
2.500.000
2.325.000
Vlottende passiva
3.337.886
2.878.029
881.800
519.735
- Verplichtingen uit het begrotingsjaar
2.025.372
1.881.046
- Ontvangen voorschotbedragen van het Rijk met specifiek doel
361.873
414.732
- Ontvangen voorschotbedragen van overige overheden met specifiek doel
68.841
62.516
7.677.164
8.337.422
Liquide middelen
505.061
502.576
Overige schulden
Banksaldi
505.061
502.576
Overlopende passiva:
Overlopende activa
Totaal Jaarstukken 2025 ODR
646.640
7.677.164
629.343
8.337.422
50
Toelichting balans (2) Materiële vaste activa
Vlottende activa
Verloopoverzicht Gronden en terreinen
Vlottende activa
Boekwaarde per 31-12-2024 Afschrijvingen Boekwaarde per 31-12-2025
1.216.800 0 1.216.800
31-12-2024
31-12-2025
Vorderingen op openbare lichamen
1.017.765
1.064.630
Uitzettingen in ’s-Rijks Schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
1.949.602
2.724.144
0
0
2.967.367
3.788.774
Overige vorderingen Totaal Verloopoverzicht Bedrijfsgebouwen
Boekwaarde per 31-12-2024 Afschrijvingen Boekwaarde per 31-12-2025
Vorderingen op openbare lichamen 1.865.184 - 77.003 1.788.181
Uitzettingen in ’s-Rijks Schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Met de invoering van het schatkistbankieren mag ODR een drempelbedrag buiten ‘s-Rijks schatkist aanhouden. Dit drempelbedrag was € 1.000.000. We voldoen in 2025 zonder uitzondering aan het wettelijk vereiste:
Verloopoverzicht overig materiële vaste activa Boekwaarde per 31-12-2024
476.112
Afschrijvingen
-64.364
Boekwaarde per 31-12-2025
411.748
Jaarstukken 2025 ODR
Vorderingen op openbare lichamen zijn van december 2025.
Bedragen x € 1.000
Q1
Q2
Q3
Q4
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten ‘s Rijks schatkist aangehouden middelen
658
676
658
601
Ruimte onder het drempelbedrag
342
324
342
399
0
0
0
0
Overschrijding van het drempelbedrag
51
Toelichting balans (3) Passiva Liquide middelen
31-12-2024
31-12-2025
BNG-betaalrekening
505.061
502.576
Totaal
505.061
502.576
Overlopende activa
Eigen vermogen
31-12-2024
31-12-2025
Algemene reserve
557.550
582.252
Overige bestemmingsreserves
448.854
420.229
Saldo van de rekening
24.702
1.178.907
1.031.106
2.181.388
Totaal
31-12-2024
31-12-2025
Te vorderen BTW
440.982
444.528
Nog te ontvangen bedragen
32.873
36.706
Algemene reserve Doel: bufferfunctie voor afdekken risico’s
Vooruitbetaalde kosten
167.075
143.827
Saldo per 31-12-2024
557.550
5.710
4.282
Toevoeging
24.702
646.640
629.343
Onttrekking
0
Overige vorderingen en overlopende activa Totaal
Saldo per 31-12-2025
Jaarstukken 2025 ODR
582.252
52
Toelichting balans (4) Eigen vermogen
Eigen vermogen en voorzieningen
Bestemmingsreserve afkoop PAO’s Doel: dekking kosten persoonlijke arbeidsvoorwaarden voormalige provincie medewerkers
Mutaties saldo jaarrekening Saldo per 31-12-2024
24.702
Saldo per 31-12-2024
79.613
Toevoeging saldo jaarrekening 2025
1.178.907
Onttrekking kosten 2025
-15.925
Onttrekking saldo jaarrekening 2024
- 24.702
Saldo per 31-12-2025
63.688
Saldo per 31-12-2025 Voorziening groot onderhoud Doel: gelijkmatige verdeling van de onderhoudskosten over de jaren
Bestemmingsreserve huisvesting Doel: dekking toekomstige kapitaallasten huisvesting Saldo per 31-12-2024
244.241
Onttrekking kosten 2025
-12.700
Saldo per 31-12-2025
231.541
Geen mutaties Saldo per 31-12-2025
Saldo per 31-12-2024
151.116
Toevoeging jaarlijkse storting
48.009
Onttrekking kosten 2025
- 50.794
Saldo per 31-12-2025
148.331
Voorziening verlofsparen Doel: dekking toekomstige opnamen verlofuren
Bestemmingsreserve personele regelingen Doel: oplossen personele knelpunten Saldo per 31-12-2024
Saldo per 31-12-2024
657.056
0
Toevoeging 2025
147.618
125.000
Onttrekking 2025
-0
125.000
Saldo per 31-12-2025
Jaarstukken 2025 ODR
1.178.907
804.674
53
Toelichting balans (5) Vaste schulden
Vlottende passiva
Vaste schuld
31-12-2024
31-12-2025
Lening NWB bank
1.750.000
1.625.000
Lening BNG bank
750.000
700.000
2.500.000
2.325.000
Totaal
Overige schulden
31-12-2024
31-12-2025
Crediteuren
881.800
519.735
Totaal
881.800
519.735
31-12-2024
31-12-2025
0
0
1.111.239
904.779
6.305
20.836
0
103
907.828
955.328
2.025.372
1.881.046
Verplichtingen uit het begrotingsjaar Vooruit ontvangen bedragen
Lening NWB bank
Nog te betalen bedragen
Saldo per 31-12-2024
1.750.000
Aflossing (lineair)
125.000
Saldo per 31-12-2025
1.625.000
Te betalen salarissen Premie IPAP Loyalis + ABP Te betalen loonheffing Totaal
Lening BNG bank Saldo per 31-12-2024
750.000
Aflossing (lineair)
50.000
Saldo per 31-12-2025
700.000
Leningen
Hoofdsom
Looptijd
Rente
Rentekosten 2025
NWB bank
2.500.000
2018-2038
1,325%
23.124
BNG bank
1.000.000
2019-2039
1,200%
8.451
Totaal
3.500.000
Jaarstukken 2025 ODR
31.575 54
Toelichting balans (6) Ontvangen voorschotbedragen van het Rijk met specifiek doel Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Ontvangen subsidie t.b.v. SPUK Energiebesparingsplicht Saldo per 31-12-2024
361.873
Onttrekking kosten 2025
-133.781
Ontvangen subsidie 2025
159.019
Saldo per 31-12-2025
387.111
0
Onttrekking kosten 2025
-168.379
Ontvangen subsidie 2025
196.000
Saldo per 31-12-2025
27.621
Jaarstukken 2025 ODR
Saldo per 31-12-2024
68.841
Onttrekking kosten 2025
-6.325
Saldo per 31-12-2025
62.516
Niet uit de balans blijkende verplichtingen
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Ontvangen subsidie t.b.v. SPUK Robuustheid Saldo per 31-12-2024
Voorschotten van overige overheden specifieke doel Ontvangen subsidie t.b.v. subsidie overdracht bodemtaken omgevingswet
Per 31-12-2025 is er sprake van verschillende doorlopende contracten waarbij financiële verplichtingen zijn aangegaan. Dit betreffen vooral contracten voor de inhuur van medewerkers. De maximaal resterende waarde van deze contracten bedraagt € 7,5 miljoen. Deze lopen voor het grootste deel in 2026 en 2027 af.
55
Overzicht wet normering bezoldiging topfunctionarissen (WNT) Bestuur Deelnemer
Bestuurslid
Gemeente Buren
Dhr. J.P. (Pieter) Neven
X
Gemeente Culemborg
Mw. M. (Monica) Wichgers
X
Gemeente Maasdriel
Dhr. M.A. (Michiel Alexander) de Raaf
X
Gemeente Neder-Betuwe
Dhr. N. (Nees) van Wolfswinkel
X
Gemeente Tiel
Dhr. F. (Frank) Groen
X
Gemeente West Betuwe
Mw. J. (Jacoline) Hartman
X
Gemeente West Maas en Waal
Dhr. E.J. (Evert Jan) Slootweg
X
Gemeente Zaltbommel
Dhr. E. (Ed) Goossens
Provincie Gelderland
Dhr. H (Harold) Zoet
Jaarstukken 2025 ODR
AB-lid
DB-lid
Functie
Bezoldiging 2024
Bezoldiging 2025
Lid
Onbezoldigd
Onbezoldigd
Voorzitter
Onbezoldigd
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
Onbezoldigd
X
Lid
Onbezoldigd
Onbezoldigd
X
Lid
Onbezoldigd
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
Onbezoldigd
X
Lid
Onbezoldigd
Onbezoldigd
X
Lid
Onbezoldigd
Onbezoldigd
X
X
56
Overzicht wet normering bezoldiging topfunctionarissen (WNT) Directie Omschrijving
G. Vlekke 2024
G. Vlekke 2025
Functie(s)
Algemeen directeur
Algemeen directeur
Duur dienstverband
1/1 – 31/12
1/1 – 31/12
Omvang dienstverband
1,0
1,0
(Fictieve) dienstbetrekking
Ja
Ja
Beloning + belastbare onkostenvergoedingen
€ 129.917
€ 125.009
Beloning betaalbaar op termijn
€ 20.867
€ 20.642
Subtotaal
€ 150.784
€ 145.651
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 233.000
€ 246.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t
N.v.t
Bezoldiging
€ 150.784
€ 145.651
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
N.v.t.
Bezoldiging
Jaarstukken 2025 ODR
57
SiSa verantwoording 2025 Sisa bijlage verantwoordingsinformatie 2025 op grond van artikel 3 van de Regeling Informatieverstrekking sisa Verst rekker
KGG
Uitkeri ngscode
Specifieke uitkering Juridische grondslag Ontvanger
K21
Eenmalige specifieke uitkeringen ten behoeve van extra ondersteuning voor toezicht op en handhaving van de energiebesparingsplicht
Jaarstukken 2025 ODR
Indicator
Indicator
Indicator
Indicator
Indicator
Totale besteding (jaar T)
Cumulatieve besteding (t/m jaar T)
Wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 6, tweede lid van de Regeling (ja/nee)
Wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 6, zesde lid van de Regeling (ja/nee)
Aard controle R
Aard controle n.v.t.
Aard controle n.v.t.
Aard controle D2
Aard controle R
Indicator: F21/01
Indicator: F21/02
Indicator: F21/03
Indicator: F21/04
Indicator: F21/05
€ 133.781
€ 376.176
nee
ja
nee
Eindverantwoording (ja/nee)
58
Rechtmatigheidsverantwoording
Begrotingscriterium 1A. Overschrijding lasten programma’s (of indien van toepassing een ander door de gemeenteraad vastgesteld autorisatieniveau)
Verantwoordelijkheid Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het Algemeen Bestuur vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 525.930.
De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025. Bevinding Het Dagelijks Bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 1.545.333 bedraagt. Dit is hoger dan de daarvoor gestelde grens van € 525.930. De constateringen binnen het begrotingscriterium zijn acceptabel op basis van de door het Algemeen Bestuur vastgestelde afspraken en worden bij de programmaverantwoording nader toegelicht. Ten aanzien van de naleving van de aanbestedingsregels zijn onduidelijkheden (totaal 792k) geconstateerd. Hier is sprake van onduidelijkheden omdat er sterke aanwijzingen zijn dat de gunning van inhuuropdrachten niet geheel volgens wetgeving is verlopen. Voor verdere toelichting en genomen verbetermaatregelen verwijzen wij naar de paragraaf bedrijfsvoering. Jaarstukken 2025 ODR
x € 1.000 738
1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) 2.
Ongeautoriseerde reservemutaties
3. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten, investeringen en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan de raad zijn gemeld Totaal begrotingsonrechtmatigheden
738
4. Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid. In de rechtmatigheidsverantwoording wordt verwezen naar dit vooraf vastgestelde beleid. De niet ‐acceptabele begrotingsonrechtmatigheden worden inhoudelijk in de rechtmatigheidsverantwoording en in de paragraaf bedrijfsvoering toegelicht.
738
Voorwaardencriterium 5. Onduidelijkheden t.a.v. Europees aanbestedingen
807
M&O criterium 6. Geen bevindingen. Totaal Onrechtmatigheden (4,2 + 4,5)
1.545
Waarvan acceptabel
738
Waarvan niet‐acceptabel
807 59
Overige Overige gegevens gegevens
Jaarstukken 2025 ODR
60
Controleverklaring accountant Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Rivierenland te Tiel
Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 2025 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2025 van gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Rivierenland te Tiel gecontroleerd. Naar ons oordeel: • geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van de baten en lasten over 2025 en van het vermogen van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Rivierenland op 31 december 2025 alsmede van de financiële rechtmatigheid over 2025 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de begroting en de in de relevante weten regelgeving, waaronder verordeningen, opgenomen bepalingen zoals opgenomen in het normenkader dat bij besluit van 24 november 2025 door het algemeen bestuur is vastgesteld. De jaarrekening bestaat uit: • het overzicht van baten en lasten over 2025; • de balans per 31 december 2025; • de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen; • de rechtmatigheidsverantwoording over 2025; • de sisa-bijlage met de verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen; en • de bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld.
Jaarstukken 2025 ODR
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het controleprotocol en het normenkader dat is vastgesteld door het algemeen bestuur van Omgevingsdienst Rivierenland d.d. 24 november 2025 en de Regeling controleprotocol Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 2025 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Rivierenland zoals vereist in de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij Assurance opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Informatie ter ondersteuning van ons oordeel Wij hebben onze controlewerkzaamheden bepaald in het kader van de controle van de jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover.
Onderstaande informatie ter ondersteuning van ons oordeel en onze bevindingen moeten in dat kader worden bezien en niet als afzonderlijke oordelen of conclusies.
Pagina 61
Controleverklaring accountant Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 525.000. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt 2% van de totale lasten exclusief de toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 en 3 Bado. In het controleprotocol Omgevingsdienst Rivierenland 2025, (paragraaf 3) is tevens een aantal specifieke controle- en rapportagetoleranties opgenomen, die wij hebben toegepast. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in de Regeling Controleprotocol WNT 2025. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado.
Wij zijn met het algemeen bestuur overeengekomen dat wij aan het algemeen bestuur tijdens onze controle geconstateerde materiele afwijkingen boven de € 50.000 rapporteren alsmede kleinere afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve of WNT-redenen relevant zijn. Controleaanpak frauderisico's Wij hebben risico's geïdentificeerd en ingeschat op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening die het gevolg is van fraude. Wij hebben tijdens onze controle inzicht verkregen in de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Rivierenland en haar omgeving, de componenten van het interne-beheersingssysteem, waaronder het risico-inschattingsproces en de wijze waarop het dagelijks bestuur inspeelt op frauderisico's en het internebeheersingssysteem monitort en de wijze waarop het algemeen bestuur toezicht uitoefent, alsmede de uitkomsten daarvan. Wij constateren dat het dagelijks bestuur beschikt over een actuele frauderisicoanalyse.
Jaarstukken 2025 ODR
Wij hebben de opzet en de relevante aspecten van het interne-beheersingssysteem en in het bijzonder de frauderisicoanalyse geëvalueerd. Wij hebben de opzet en het bestaan geëvalueerd, en voor zover wij noodzakelijk achten, de werking getoetst van internebeheersmaatregelen gericht op het mitigeren van frauderisico’s. Als onderdeel van ons proces voor het identificeren van risico's op een afwijking van materieel belang in de jaarrekening die het gevolg is van fraude, hebben wij frauderisicofactoren overwogen met betrekking tot frauduleuze financiële verslaggeving. Wij hebben geëvalueerd of deze factoren een indicatie vormden voor de aanwezigheid van het risico op afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude.
Op basis van deze werkzaamheden en het in de controlestandaarden veronderstelde risico, hebben wij de veronderstelde frauderisico’s overwogen met betrekking tot het doorbreken van interne-beheersmaatregelen door het management, inclusief of er indicaties zijn voor tendentie bij het management van de entiteit die mogelijk een risico vormt op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude. Wij hebben de volgende gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd gericht op het risico van het doorbreken van interne-beheersmaatregelen door het management: • Het toetsen of specifieke journaalposten en andere aanpassingen die tijdens het opstellen van de financiële overzichten zijn aangebracht aanvaardbaar zijn. • Het toetsen of specifiek (op basis van fraudekarakteristieken) journaalboekingen die gedurende het boekjaar en tijdens het opstellen van het financiële overzicht zijn aangebracht aanvaardbaar zijn.
Pagina 62
Controleverklaring accountant • Het beoordelen van significante transacties buiten het kader van de normale bedrijfsvoering van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Rivierenland. In onze controle bouwen wij daarnaast een element in van onvoorspelbaarheid. Ook hebben wij de uitkomst van andere controlewerkzaamheden beoordeeld en overwogen of er bevindingen zijn die een aanwijzing geven voor fraude of het niet-naleven van wet- en regelgeving. Wij hebben kennisgenomen van de beschikbare informatie en om inlichtingen gevraagd bij leden van het dagelijks bestuur, management en het algemeen bestuur. Hieruit volgden geen signalen van fraude die kunnen leiden tot een afwijking van materieel belang. Benadrukking van verantwoorde onrechtmatigheden in de rechtmatigheidsverantwoording Wij vestigen de aandacht op de financiële rechtmatigheid van de baten, lasten en balansmutaties in de rechtmatigheidsverantwoording, op pagina 59 in de jaarrekening, waarin het dagelijks bestuur er in 2025 niet in is geslaagd om aan wet- en regelgeving / verordeningen te voldoen en onrechtmatigheden rapporteert. Het totaal aan geconstateerde afwijkingen (rechtmatigheidsfouten), voor een bedrag van in totaal € 738.000 en het totaal aan geconstateerde onduidelijkheden van in totaal € 807.000, ligt boven de door algemeen bestuur vastgestelde verantwoordingsgrens.
De geconstateerde fouten van in totaal € 738.000 hebben betrekking op overschrijdingen van de begrote lasten en is aangemerkt als acceptabel (passend binnen het vooraf vastgestelde beleid door het algemeen bestuur). De geconstateerde onduidelijkheden van in totaal € 807.000 hebben betrekking op het niet naleven van de Europese aanbestedingsregels. Ons oordeel is niet aangepast als gevolg van deze aangelegenheid.
Jaarstukken 2025 ODR
Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met de Regeling Controleprotocol WNT 2025 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1, sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is. Verklaring over de in het jaarrapport opgenomen andere informatie De jaarstukken omvatten andere informatie, naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening.
Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.
Pagina 63
Controleverklaring accountant Verklaring betreffende overige door wet- of regelgeving gestelde vereisten Ingevolge artikel 213 lid 3 (b) Gemeentewet hebben wij onderzocht of de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen als bedoeld in artikel 17 Financiële-verhoudingswet (hierna: de specifieke uitkeringen) rechtmatig tot stand zijn gekomen. In de jaarrekening is verantwoordingsinformatie opgenomen over deze specifieke uitkeringen (de SiSa-bijlage). Naar ons oordeel zijn de baten en lasten, alsmede de balansmutaties over 2025 met betrekking tot de specifieke uitkeringen in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de vereisten aan de specifieke uitkeringen bij en krachtens artikel 58a BBV en de Financiële-verhoudingswet - Regeling Informatieverstrekking SiSa. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties met betrekking tot de specifieke uitkeringen, in overeenstemming met de vereisten aan de specifieke uitkeringen bij en krachtens artikel 58a BBV en de Financiële-verhoudingswet - de Regeling Informatieverstrekking SiSa.
In dit kader is het dagelijks bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het dagelijks bestuur noodzakelijk acht om de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten.
Jaarstukken 2025 ODR
Het is onze verantwoordelijkheid een redelijke mate van zekerheid te krijgen voor ons oordeel ingevolge artikel 213 lid 3 (b) Gemeentewet. Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) en de Nota Verwachtingen Accountantscontrole 2025, zoals opgenomen in de Nota procedure aanlevering SiSaverantwoordingsinformatie 2025 in bijlage 2 van de Regeling Informatieverstrekking SiSa. Wij hebben bij de controle van de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen dezelfde materialiteit toegepast als bij de controle van de jaarrekening. Onze controle bestond onder andere uit: • het identificeren en inschatten van de risico’s dat baten en lasten alsmede de balansmutaties met betrekking tot de specifieke uitkeringen als gevolg van fouten of fraude niet in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel; • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden.
Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de gemeenschappelijke regeling; • het evalueren of de baten en lasten alsmede de balansmutaties met betrekking tot de specifieke uitkeringen in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.
Pagina 64
Controleverklaring accountant Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het dagelijks bestuur en algemeen bestuur voor de jaarrekening Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken van de jaarrekening en getrouw weergeven van de grootte en de samenstelling van de baten en lasten over 2025 en van het vermogen op 31 december 2025 alsmede van de financiële rechtmatigheid over 2025 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de begroting en de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder verordeningen, opgenomen bepalingen zoals opgenomen in het normenkader dat bij besluit van 24 november 2025 door het algemeen bestuur is vastgesteld. In dit kader is het dagelijks bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het dagelijks bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van het normenkader voor de financiële rechtmatigheid mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten.
Bij het opmaken van de jaarrekening moet het dagelijks bestuur de veronderstellingen inzake de financiële risico’s in relatie tot de financiële positie onderbouwen en afwegen of de gemeenschappelijke regeling in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder. Het dagelijks bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de financiële risico’s kunnen worden opgevangen, toelichten in de jaarrekening.
Jaarstukken 2025 ODR
Het algemeen bestuur is verantwoordelijk voor het vaststellen van het normenkader voor de financiële rechtmatigheid en het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de gemeenschappelijke regeling. Onze verantwoordelijkheid voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel.
Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het controleprotocol inclusief het normenkader dat is vastgesteld door het algemeen bestuur op d.d. 24 november 2025, de Regeling Controleprotocol Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 2025, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen.
Pagina 65
Controleverklaring accountant Onze controle bestond onder andere uit: • het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controleinformatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
• Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen echter van materiële betekenis zijn voor de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling;
• het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de organisatie;
• het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen.
• het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het dagelijks bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan; • het vaststellen dat de door het dagelijks bestuur gehanteerde veronderstellingen aanvaardbaar zijn inzake de afweging dat de gemeenschappelijke regeling in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan omtrent de financiële positie.
Jaarstukken 2025 ODR
• het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen; en
Wij communiceren met het algemeen bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. ‘s-Hertogenbosch, 31 maart 2026 WHS Registeraccountants w.g. W.H. van Santvoort MSc RA
Pagina 66
Bijlagen
Jaarstukken 2025 ODR
67
Overzicht investeringen Naam investering
Aanschafwaarde 1-1-2025
Cumulatieve afschrijvingen
Boekwaarde 1-1-2025
Investering
Desinvestering
Afschrijvingen
Afschrijvingen desinvestering
Aanschafwaarde 31-12-2025
Cumulatieve afschrijvingen
Boekwaarde 31-12-2025
Inrichting ODR gebouw 2013
137.843
137.843
0
0
0
0
0
137.843
137.843
0
Grond - JS de Jongplein 2 Tiel
1.216.800
0
1.216.800
0
0
0
0
1.216.800
0
1.216.800
Gebouw - JS de Jongplein 2 Tiel
1.283.200
256.639
1.026.561
0
0
42.774
0
1.283.200
299.413
983.787
Verbouwing 2019
1.026.887
188.264
838.623
0
0
34.229
0
1.026.887
222.493
804.394
Inventaris 2019
270.686
148.877
121.809
0
0
27.069
0
270.686
175.946
94.740
Installaties 2019
559.426
205.123
354.303
0
0
37.295
0
559.426
242.418
317.008
Totaal huisvesting
4.494.842
936.746
3.558.096
0
0
141.367
0
4.494.842
1.078.113
3.416.729
Aanschaf 165x Galaxy S20
73.582
73.582
0
0
0
0
0
73.582
73.582
0
Totaal ICT interne overhead
73.582
73.582
0
0
0
0
0
73.582
73.582
0
4.568.424
1.010.328
3.558.096
0
0
141.367
0
4.568.424
1.151.695
3.416.729
Totaal investeringen
Jaarstukken 2025 ODR
68
Rapportage Kwaliteitscriteria 3.0 VTH kwaliteitscriteria 3.0
Deskundigheid in relatie tot de VTH-KC1
Rapportage 2025
De samenleving verwacht een professionele uitvoering van VTH-taken; daarom zijn landelijke kwaliteitscriteria vastgesteld die minimale eisen stellen aan capaciteit, kennis en ervaring, zodat organisaties robuust genoeg zijn om deze taken goed uit te voeren. De robuustheid van de ODR ten opzichte van deze criteria brengen wij in beeld in samenwerking met een erkende EVC-partner (Libereaux). Het is onderdeel van een PDCA-cyclus gericht op continue verbeteren.
Van elke medewerker kan de score voor een deskundigheids- gebied worden uitgedrukt in een percentage. Er worden vijf variabelen gemeten met elk een verschillend ‘gewicht’:
In 2025 zijn de VTH-kwaliteitscriteria 3.0 in werking getreden. In deze actuele versie zijn wijzigingen doorgevoerd ten opzichte van de vorige versie (2.3) om meer nadruk te leggen op specialisatie binnen specifieke deskundigheidsgebieden. Zo zijn sommige deskundigheidsgebieden samengevoegd, zijn hogere eisen gesteld aan specialistische kennis, frequentie en geldt de eis dat per deskundigheidsgebied minimaal twee fte volledig (100%) aan de eisen voldoen. Deze wijzigingen wijken zodanig af van versie 2.3 dat een vergelijking met eerdere analyses niet goed mogelijk is. Daarnaast is ook het begrip ‘robuustheid’ inhoudelijk gewijzigd, zowel in reikwijdte als in interpretatie. Dit sluit aan bij de landelijke doorontwikkeling van de VTH-kwaliteitscriteria, maar is belangrijk om te benoemen voor een juiste interpretatie van de genoemde deskundigheidsgebieden.
1. Activiteiten tellen voor 40% mee, 2. Werkervaring voor 15%, 3. Opleiding voor 30%,
4. Kennis voor 15%, 5. Frequentie (weegt niet mee in deskundigheid).
Het proces Kwartaalgewijs worden personele mutaties en bewijsstukken van VTH-medewerkers gedeeld met Libereaux. Samen met teammanagers wordt bepaald op welke deskundigheidsgebieden medewerkers worden beoordeeld. Medewerkers vullen hun e-portfolio aan en worden hierbij begeleid. Libereaux valideert de bewijsstukken en kijkt of medewerkers voldoen aan de VTHkwaliteitscriteria. De uitkomsten worden getoond in een organisatiebreed VTH-dashboard, zodat teammanagers de ontwikkeling en robuustheid kunnen volgen. Daarnaast ontvangt de directie jaarlijks een rapport ter evaluatie.
Jaarstukken 2025 ODR
De gedachte achter deze percentageverdeling, die landelijk wordt gehanteerd, is dat praktijkervaring (1. ‘Activiteiten’ en 2.‘Werkervaring’) met 55% net iets zwaarder weegt dan kennis en opleiding (3. ‘Basisopleiding’, ‘Aanvullende opleidingen’ en 4. ‘Basiskennis’ en ‘Diepgaande kennis’) met 45%. Deze wegingsfactoren vormen ook het uitgangspunt voor Vakbekwaamheid: het gaat immers niet over alleen het hebben van de juiste papieren, maar zeker ook over ervaring en kunde. Een VTH-medewerker die minimaal 75% van de eisen heeft aangetoond, wordt beschouwd als vakbekwaam. Een VTHmedewerker die voldoet aan alle kennis- en ervaringseisen (100%), draagt bij aan de continuïteit van de organisatie (minimaal 2 fte per deskundigheidsgebied op 100%). Deze percentages geven inzicht in het niveau van aanwezige deskundigheid van VTH-professionals binnen de organisatie. Ondanks dat de frequentie niet meetelt in het percentage, wordt er aan ieder deskundigheidsgebied wel een uren-eis gesteld. De combinatie van 100% deskundig en het voldoen aan de (frequentie) bepaalt de robuustheid.
ODR voert taken uit op 20 van de 23 deskundigheidsgebieden. De organisatie voldoet in binnen 2 van deze 20 deskundigheidsgebieden volledig aan de 100% eis. Binnen 16 van deze 20 deskundigheidsgebieden wordt een vakbekwaamheidsniveau van meer dan 75% aangetoond. Voor 2 van deze 20 deskundigheidsgebieden zijn verbeteracties vereist. De 3 overige deskundigheidsgebieden worden uitgevoerd door partners van de ODR. De uitkomsten van deze meting geven een positief beeld over de aanwezige deskundigheid binnen de Omgevingsdienst Rivierenland, afgezet tegen de vigerende VTHKwaliteitscriteria (3.0) In de VTH-kwaliteitscriteria (3.0) zijn eisen op het vlak van competenties toegevoegd, uitgewerkt in Deel D: competentieprofielen. In 2026 borgt ODR de ontwikkeling van medewerkers ten opzichte van zowel vakinhoudelijke deskundigheid als soft skills in proces en uitvoering. ODR moet als organisatie robuust zijn en blijven. Dit heeft niet alleen betrekking op competente en goed opgeleide medewerkers, maar ook op het realiseren en borgen van een 69 minimaal adequaat uitvoeringsniveau.
Rapportage Kwaliteitscriteria 3.0 Rapportage 2025
Kennis en ervaring per deskundigheidsgebied1
Omgevingsdienst Rivierenland voert taken uit op 20 van de 23 deskundigheidsgebieden. De organisatie voldoet in 2 van deze 20 deskundigheidsgebieden volledig aan de 100% eis. Binnen 16 van deze 20 deskundigheidsgebieden wordt een vakbekwaamheidsniveau van meer dan 75% aangetoond. Voor 2 van deze 20 deskundigheidsgebieden zijn verbeteracties vereist. De 3 overige deskundigheidsgebieden worden uitgevoerd door partners van de ODR. Uit de meting en aansluitende analyse blijkt dat de Omgevingsdienst Rivierenland aan een groot aantal deskundigheidsgebieden binnen de Kwaliteitscriteria voldoet op basis van ‘Comply or Explain’. In de tabel op deze en op de volgende pagina wordt per deskundigheidsgebied aangegeven in hoeverre Omgevingsdienst Rivierenland voldoet. Er wordt onderscheid gemaakt tussen vier conclusies: •
Voldoet; de organisatie heeft twee of meer medewerkers in dienst die aan dit deskundigheidsgebied voldoen volgens de 100 % eis (=voldoen aan alle gestelde criteria)
•
Vakbekwaam; de organisatie heeft twee of meer medewerkers in dienst die vakbekwaam zijn (75-99% voldoen) op dit deskundigheidsgebied, maar voldoen nog niet aan de 100% eis. Er dienen verbeteracties opgesteld te worden om aan de 100% eis te voldoen
•
Explain; de organisatie kan niet voldoen aan dit deskundigheidsgebied, maar voldoet op basis van toelichting
•
Verbeteractie; het deskundigheidsgebied is wél binnen de organisatie belegd, maar de organisatie kan hier niet aan voldoen. Er dienen verbeteracties opgesteld te worden
1 Informatie uit ‘Rapportage meting KC 2026 OD Rivierenland’ van Libereaux, januari 2026
Jaarstukken 2025 ODR
70
Rapportage Kwaliteitscriteria 3.0 Kennis en ervaring per deskundigheidsgebied (vervolg)1
1 Informatie uit ‘Rapportage meting KC 2026 OD Rivierenland’ van Libereaux, januari 2026
Jaarstukken 2025 ODR
71