Bijlage 2 Concept Jaarstukken 2025 GR Avri
Tekst van het document
che schoneyy ((
JAARSTUKKEN 2025 Vaststelling AB 9 juli 2026
1
INHOUDSOPGAVE JAARSTUKKEN 2025 ...................................................................................................................................................1 1. Inleiding .................................................................................................................................................................3 2. Bestuurlijke samenvatting ......................................................................................................................................4 JAARVERSLAG ............................................................................................................................................................7 3. Programma Bestuur en beleid ...............................................................................................................................8 4. Programma Afval .................................................................................................................................................10 5. Programma Integraal Beheer Openbare Ruimte .................................................................................................21 6. Programma Handhaving ......................................................................................................................................23 7.
Programma Bedrijfsafval .....................................................................................................................................25 8. Programma Overhead .........................................................................................................................................27 9. Programma ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN ...............................................................................................28 PARAGRAFEN............................................................................................................................................................29 10. Lokale heffingen...................................................................................................................................................30 11. Weerstandsvermogen en risicobeheersing..........................................................................................................31 12. Onderhoud kapitaalgoederen ..............................................................................................................................37 13. Financiering .........................................................................................................................................................39 14.
Bedrijfsvoering .....................................................................................................................................................42 15. Verbonden partijen ...............................................................................................................................................47 16. Wet OpenBaarheid Overheid (WOO) ..................................................................................................................51 JAARREKENING ........................................................................................................................................................52 17. Overzicht baten en lasten ....................................................................................................................................53 18. Balans per 31 december 2025 en toelichting ......................................................................................................56 19. Investeringskredieten ...........................................................................................................................................70 20. Verklaringen .........................................................................................................................................................71 21.
Vaststellingsbesluit...............................................................................................................................................72 BIJLAGEN ...................................................................................................................................................................73 Bijlage 1: Afrekening btw programma AFVAL met gemeenten ...................................................................................74 Bijlage 2: Baten en lasten per taakveld.......................................................................................................................75 Bijlage 3: Stoplichtenrapportage Koersplan ................................................................................................................76
Pagina 2 van 79
1. INLEIDING Hierbij presenteren wij u de jaarstukken 2025 van Avri. Ook in het afgelopen jaar hebben we samen verder gebouwd aan een schoon, veilig en toekomstbestendig Rivierenland. Vanuit ons Strategisch Koersplan hebben we duidelijke stappen gezet. Daarmee tonen we aan dat we als regio weten waar we naar toe willen. We zien dat onze gezamenlijke inspanningen effect hebben. De hoeveelheid restafval per inwoner is opnieuw onder de regionale doelstelling gebleven en de scheidingsresultaten zijn stabiel. Nog altijd lopen we voor op de landelijke trend. Ook op andere terreinen pakken we door: onze milieustraten zijn verder verbeterd, we hebben extra geïnvesteerd in veiligheid en we hebben belangrijke stappen gezet richting het Circulair Ambachtscentrum. Samen werken we aan een toekomst waarin grondstoffen langer meegaan en inwoners gemakkelijk en veilig hun weg weten te vinden in de afval- en grondstofketen. Daarnaast kijken we met tevredenheid terug op de stappen die we in de ontwikkeling van het Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) hebben gezet. In nauwe samenwerking met de betrokken gemeenten werkten we kritisch en constructief aan een toekomstbestendige koers voor de uitvoering van onze taken in de het openbare ruimte.
Deze samenwerking helpt ons om flexibel mee te bewegen met veranderende behoeften, zonder de kwaliteit en continuïteit van onze dienstverlening uit het oog te verliezen. Ook binnen het Circulair Textielcentrum Rivierenland (Cirtex) hebben we als regio doorgepakt – ondanks de uitdagende marktomstandigheden. De inzet op circulair textiel en het creëren van sociale waarde blijft een belangrijk onderdeel van onze gezamenlijke ambitie. De evaluatie die in 2025 is voorbereid, biedt waardevolle inzichten voor 2026. Dit jaar hebben we extra geïnvesteerd in veiligheid: op onze milieustraten, op het terrein in Geldermalsen én in onze interne processen. Door samen alert te blijven en continu te verbeteren, versterken we een veilige omgeving, zowel voor inwoners als collega’s. Dat is een randvoorwaarde waar we geen concessies aan doen. Natuurlijk zijn er ook aandachtspunten. De vervuiling van ingezamelde grondstoffen, zoals pmd en textiel, blijft een punt van zorg. Landelijke ontwikkelingen spelen hierbij mee. Wij blijven investeren in voorlichting, samenwerking en procesverbetering. Ook de krapte op de arbeidsmarkt en de dynamiek in de samenwerking met gemeenten vragen om flexibiliteit. Die flexibiliteit laten we dagelijks zien; al realiseren we ons dat sommige aanpassingen tijd vragen. We kijken met een open blik naar onze bedrijfsvoering.
We blijven kritisch, maar ook realistisch en positief. Veel wat we het afgelopen jaar hebben ingezet, verdient zich de komende jaren pas écht terug. Van onderzoek naar nieuwe verwerkingsmogelijkheden, tot de inzet van afvalcoaches en de verdere professionalisering van onze organisatie; we werken stap voor stap aan een Avri die klaar is voor de toekomst. Centraal staat dat we dit samen doen. Onze medewerkers, partners, inwoners en gemeenten: ieder draagt op zijn eigen manier bij aan de ambities waar we ons hard voor maken. Dat doen we al jaren, en 2025 laat opnieuw zien hoe waardevol die samenwerking is. Met dankbaarheid, trots en vertrouwen kijken we vooruit. Samen blijven we bouwen aan een duurzame toekomst voor Rivierenland. Walter Brouwer Directeur Avri
Pagina 3 van 79
2. BESTUURLIJKE SAMENVATTING In deze bestuurlijke samenvatting gaan we nader in op de belangrijkste gebeurtenissen en resultaten van het afgelopen jaar. Deze jaarstukken zijn ingericht volgens de richtlijnen van het BBV, met de programma’s bestuur & beleid, afval, integraal beheer openbare ruimte, handhaving, bedrijfsafval, overhead en algemene dekkingsmiddelen. Het behaalde resultaat over 2025 is € 210.000. In de volgende paragrafen staat een toelichting van de behaalde resultaten van alle programma’s. Programma Bestuur en beleid Onze ambitie en opgaven staan omschreven in het Strategisch Koersplan 2024-20301. De strategische koers van Avri bestaat uit verschillende elementen. Het begint met onze ambitie: die beschrijft wat we tot stand willen brengen. Vijf strategieën geven aan hoe we die ambitie gaan realiseren. Daaruit volgen de doelen en acties om dit concreet te maken. Ons onderliggend manifest beschrijft onze idealen en intenties. En de kernwaarden vormen de basis van waaruit we handelen. In 2025 zijn we gestart met de programmatische uitwerking, zoals beschreven in het document ‘programmatische uitwerking2. Daarna zijn alle acties weergegeven in een DIN, een doelen-inspanningen-netwerk. Dit DIN geeft inzicht in de relatie tussen de strategieën en de acties. Daarbij is in één oogopslag te zien of een actie nieuw, gepland, lopend of afgerond is.
De uitwerking van het DIN staat in bijlage 3: de stoplichtenrapportage. Een impressie hoe het DIN eruit ziet, staat in figuur 1.
Figuur 1: Doelen inspanningen matrix Strategisch Koersplan
In de rapportage Koersplan 2023-20253 is te zien welke acties zijn afgerond en wat de stand van zaken is van de nog lopende acties. We rapporteren de voortgang van de acties op het resultaat en de planning (de stoplichtrapportage). Ook worden in de rapportage nieuwe of deelacties geformuleerd. In de onderstaande programma’s gaan we in op acties die specifiek onder deze programma’s vallen. Programma Afval Circulariteit Avri legt de focus op de inzameling van meer en schone grondstoffen en werkt met een serviceprikkel op restafval. Zo worden inwoners gestimuleerd om meer grondstoffen en minder restafval aan te bieden. De resultaten van het omgekeerd inzamelen waren vooral in de jaren tot 2022 goed zichtbaar. De afgelopen jaren is de hoeveelheid restafval gestabiliseerd, net boven de 70 kg per inwoner.
1 Strategisch Koersplan 2024-2030 | Avri 2 AB 18 december 2025 3
De rapportage Koersplan 2023-2025 staat voor het AB van juli 2026 geagendeerd
Pagina 4 van 79
Hoeveelheid restafval en gescheiden grondstoffen Na een kleine stijging in 2024 is de hoeveelheid restafval in 2025 weer met 1 kg per inwoner gedaald, tot 72 kg per inwoner. Daarmee blijft onze regio ruim onder de doelstelling van de regiogemeenten van maximaal 75 kg restafval per inwoner per jaar. Maar doordat het aantal inwoners toeneemt, groeit de totale hoeveelheid restafval wel. In figuren 2 en 3 zijn de ontwikkelingen van de hoeveelheid fijn en grof restafval weergegeven. Met deze resultaten loopt onze regio nog steeds voorop ten opzichte van het landelijk gemiddelde.
Ontwikkeling hoeveelheid restafval 2019 - 2025 (kg/inw) 250 230 210 190 170
Landelijk (CBS)
150
Avri doel 2020 landelijk
130
doel 2020 Avri-gemeenten
110 90 70 50 2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
Figuur 2: Ontwikkeling hoeveelheid restafval per inwoner 2019-2025
Het scheidingspercentage van de grondstoffen uit het huishoudelijk afval is t.o.v. vorig jaar gelijk gebleven: 83%.
Figuur 3: Scheidingsresultaten huishoudens
Pagina 5 van 79
Overdracht stortplaats In 2025 bleek dat de gesloten stortplaats van Avri klaar is om overgedragen te worden aan de nazorgorganisatie van de provincie Gelderland. Wel moet door Avri voldoende doelvermogen zijn gespaard om het eeuwigdurende onderhoud te kunnen betalen. Het onderhoud en beheer na overdracht wordt de verantwoordelijkheid van de afdeling Nazorg van de provincie Gelderland. Avri blijft eigenaar van de ondergrond en het zonnepark. In 2026 vindt met de provincie Gelderland een bestuurlijk gesprek plaats over de overdracht van de stortplaats in 2026 of 2027. Positief resultaat Het jaarrekeningresultaat van het programma Afval over 2025 valt met € 874.000 gunstiger uit dan in de slotwijziging was voorzien. Dit positieve resultaat wordt met name veroorzaakt door lagere uitvoeringskosten en hogere opbrengsten uit grondstoffen. Daarnaast zijn het lagere beroep op kwijtscheldingen en de (bruto) baten van de afvalstoffenheffing van invloed. De definitieve vaststelling hiervan volgt aan het einde van het jaar op basis van de eindverantwoording die vanuit BSR wordt ontvangen. Programma Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) In 2025 waren er binnen het werkgebied IBOR diverse beleidsbepalende ontwikkelingen.
De portefeuillehouders van de huidige IBOR-gemeenten (Buren, Tiel, Neder-Betuwe, West Betuwe), hebben door kritisch mee te denken en mee te kijken een belangrijke bijdrage geleverd aan de doorontwikkeling van de visie. Op verzoek van deze vier portefeuillehouders heeft Avri de IBOR-taken heroverwogen. Het doel is te komen tot een eerste nieuwe denkrichting op het gebied van IBOR voor de komende periode. Hierbij hebben wij aangegeven dat Avri bij voorkeur de volgende IBOR-taken uitvoert: reinigingstaken (machinaal vegen, onkruidbestrijding op verhardingen, blad ruimen/blazen, zwerfvuil, afvalbakken), gladheidsbestrijding, dagelijks onderhoud van riolering en brandkranen, en incidentele taken zoals ondersteuning bij evenementen, verkiezingen of marktreiniging. De gemeente Neder-Betuwe heeft met ingang van 2025 drie groencontracten teruggenomen en zelf regie gevoerd over deze contracten. De gemeente Neder-Betuwe en Avri hebben intensief samengewerkt om de ontvlechting van de overige groen- en reinigingstaken soepel te laten verlopen. Zowel in de gemeente West Betuwe als in de gemeente Buren wordt overwogen om op korte termijn enkele taken terug te nemen. In de gemeente Tiel is in 2025 een onderzoek uitgevoerd naar de uitvoering van de IBOR-taken door Avri.
Programma Handhaving In 2025 besloot de gemeente Tiel om de handhavingstaken op de algemene plaatselijke verordening (APV) zelf uit te voeren. Naar aanleiding van deze ontvlechting van de handhavingstaken is een structurele vernieuwde invulling voor het toezichthouden op de Afvalstoffenverordening (Asv) uitgewerkt, in combinatie met de doelstelling om schonere grondstoffen en een schonere leefomgeving te realiseren. Met de interne beheersmaatregelen zijn in 2025 positieve stappen gezet om te voldoen aan de WPG-eisen. Programma Bedrijfsafval Avri voert in beperkte mate bedrijfsafvalactiviteiten uit ter ondersteuning van het programma Afval, met een stabiel marktaandeel van ongeveer 15% in een markt met zes aanbieders. De inzet is gericht op efficiënt gebruik van productiemiddelen en het versterken van de financiële positie van de organisatie en daarmee de inwoners. In 2025 groeide het aantal klanten verder en bleef de scheiding van grondstoffen verbeteren. De positieve resultaten maakten wederom regionale sponsoring mogelijk en leidden tot een nettoresultaat van € 79.000, dat is toegevoegd aan de reserve bedrijfsafval. Programma Overhead Het jaarrekeningresultaat van het programma Overhead bedraagt € 836.000 negatief en valt ongunstiger uit dan in de slotwijziging was voorzien.
Dit wordt met name veroorzaakt door een tekort aan overheaddekking, onder andere door minder gerealiseerde overheaduren binnen het programma Handhaving en extra inhuur voor de functies teamleider en programmamanager IBOR. Daartegenover staan voordelen op de personele lasten binnen de afdelingen Financiën, Communicatie en ICT, en lagere voorbereidingskosten voor fase 2 van het kantoorgebouw. Weerstandsvermogen en risico’s De meerjarenbegroting is gericht op het verder versterken van het weerstandsvermogen, met als doel een gezonde financiële positie te realiseren. De stortplaats vormt daarbij het grootste risico. In overleg met de provincie en de gemeenten zijn belangrijke stappen gezet om dit risico verder te beheersen en toe te werken naar overdracht in 2026 of 2027. We blijven de relevante ontwikkelingen nauwlettend volgen.
Pagina 6 van 79
JAARVERSLAG PROGRAMMA VERANTWOORDING
Pagina 7 van 79
3. PROGRAMMA BESTUUR EN BELEID Strategisch Koersplan Onze ambitie en opgaven staan omschreven in het Strategisch Koersplan 2024-20304. De strategische koers van Avri bestaat uit verschillende elementen. Het begint met onze ambitie: die beschrijft wat we tot stand willen brengen. Vijf strategieën beschrijven hoe we die ambitie gaan realiseren. Daaruit volgende de doelen en acties om dit concreet te maken. Het onderliggend manifest beschrijft onze idealen en intenties. En de kernwaarden vormen de basis van waaruit we handelen.
Onze grotere opgave We zijn trots op de bijdrage die we als Avri mogen leveren aan het realiseren van een klimaatpositieve toekomst voor ons geliefde Rivierenland. Het landelijke doel is om volledig circulair te zijn in 2050. Dat betekent een transitie van afval naar grondstoffen en het opnieuw gebruiken van ingezamelde stromen als plastic, gft, papier en textiel. Deze beweging is aan de ene kant een kwestie van complexe systemen en wetgeving die moeten veranderen. Aan de andere kant is het sterk afhankelijk van het lokale samenspel tussen inwoners, bedrijven en gemeenten. Avri speelt een belangrijke rol door als regisseur in dit samenspel op te treden. Zo kunnen we samen grondstoffen nog beter inzamelen, sorteren en terug in de markt brengen. Dit is de ontwikkeling van alleen afval inzamelen, naar de rol van kennisexpert en leverancier van grondstoffen. De acht deelnemende gemeenten hebben hun krachten gebundeld in de GR Avri en samen geven we een duurzame invulling aan deze grote opgave. Strategisch Koersplan Hoe Avri wil bijdragen aan deze grotere opgave beschrijven we in het Strategisch Koersplan. Dat geeft Avri richting tot 2030. De grote maatschappelijke opgaven waar de gemeenten en Avri voor staan, zijn niet los van elkaar te zien. Met name de grondstoffentransitie en het klimaat- en energiebeleid hangen nauw samen.
De grondstoffentransitie raakt het beleid van Avri in de kern van haar activiteiten. Het klimaatbeleid is met name belangrijk bij de taken die Avri uitvoert in de openbare ruimte. De energietransitie heeft voornamelijk gevolgen voor de bedrijfsvoering van Avri, zoals het verduurzamen van het wagenpark en de (kantoor)panden. Tot slot schuift de rol van onze handhavers steeds meer op naar de politietaken. De vraagstukken zijn groot en alleen samen kunnen gemeenten en Avri zoeken naar oplossingen. Terugblik 2025 In 2025 zijn we gestart met de programmatische uitwerking, zoals beschreven in het document ‘programmatische uitwerking5. Daarna zijn alle acties weergegeven in een DIN, een doelen-inspanningen-netwerk. Dit DIN geeft inzicht in de relatie tussen strategieën en acties. In één oogopslag is te zien of een actie nieuw, gepland, lopend of afgerond is. De uitwerking van het DIN staat in bijlage 3. Een impressie staat hieronder.
4 5
Strategisch Koersplan 2024-2030 | Avri AB 18 december 2025
Pagina 8 van 79
Figuur 4: Doelen Inspanningen Netwerk (DIN)
Voortgang Strategisch Koersplan In de rapportage Koersplan 2023-20256 is te zien welke acties zijn afgerond en wat de stand van zaken is van de nog lopende acties. De voortgang van de acties op zowel het resultaat als de planning wordt gerapporteerd in bijlage 3: de Stoplichtrapportage. Daarnaast zijn er nieuwe of deelacties geformuleerd.7 In 2025 is een groot aantal acties van het Koersplan afgerond. Langlopende acties, zoals de ontwikkeling van het circulair ambachtscentrum en de overdracht van de stortplaats zijn in een stroomversnelling gekomen. Bovendien hebben wij een opstart gemaakt met het grondstoffenplan. In de onderstaande programma’s gaan we in op acties die specifiek onder de programma’s van de begroting vallen. Onderzoek naar de Governance In 2023 vroegen de gemeenteraden van regio Rivierenland Avri om een toekomstbeeld te schetsen: wat was de wenselijke koers van Avri, in het licht van de duurzaamheids- en circulariteitsdoelen. Het verzoek was ook om in deze ‘houtskoolschets’ een besturingsstructuur te onderzoeken, die recht doet aan de complexiteit van Avri’s takenpakket én bijdraagt aan de gezamenlijke ambitie van gemeenten en Avri om te versnellen in de circulaire transitie. Daarbij draait het niet om het optimaliseren van het bestaande model, maar om het fundamenteel heroverwegen van rollen, verantwoordelijkheden en zeggenschap.
De opdracht hiertoe is samen met een aantal RBA-leden opgesteld. Eind 2025 is het onderzoek gestart en in 2026 komt er een advies uit voort.
6 7
Geagendeerd voor het AB juli 2026 De rapportage Koersplan 2023-2025 staat op het AB van juli geagendeerd, gelijk met deze jaarstukken.
Pagina 9 van 79
4.
PROGRAMMA AFVAL
4.1. Inleiding In het programma Afval zijn de diensten opgenomen die Avri uitvoert voor de acht regiogemeenten in het Rivierenland. Avri geeft hiermee invulling aan de gemeentelijke taak van inzameling en verwerking van huishoudelijke afvalstoffen én aan het regionale beleidsplan ‘Van afval naar grondstof’. In dit beleidsplan zijn de ambities en speerpunten van de acht regiogemeenten op het gebied van afval en grondstoffen vastgelegd. In dit hoofdstuk gaan we in op de resultaten van het programma Afval. 4.2. Van Afval Naar Grondstof (VANG) Opgave Avri legt de focus op de inzameling van meer en schone grondstoffen en werkt met een serviceprikkel op restafval. Zo worden inwoners gestimuleerd om meer grondstoffen en minder restafval aan te bieden. De resultaten van het omgekeerd inzamelen zijn goed zichtbaar. Doordat het aantal inwoners toeneemt en het aantal kilogram restafval per inwoner toch weer iets is gestegen, neemt de totale hoeveelheid restafval toe. Hoeveelheid restafval Na een stijging in 2024 is de hoeveelheid restafval weer met 1 kg per inwoner per jaar gedaald ten opzichte van vorig jaar. Hiermee blijven we onder de doelstelling van de regiogemeenten van maximaal 75 kg restafval per inwoner per jaar. In de figuren 5 en 6 zijn de ontwikkelingen van de hoeveelheid (fijn en grof) restafval weergegeven.
Onze regio loopt met deze resultaten nog steeds voor op het landelijk gemiddelde.
Figuur 5: Scheidingsresultaten per inwoner over alle ingezamelde afval- en grondstofstromen
Pagina 10 van 79
Figuur 6: Hoeveelheid restafval per jaar per inwoner
Hoeveelheid ingezamelde grondstoffen Het lijkt erop dat de dalende trend van de hoeveelheid ingezamelde grondstoffen in het algemeen is gestabiliseerd. Alleen de hoeveelheid gft is gedaald ten opzichte van 2024. De belangrijkste oorzaak is waarschijnlijk de hoeveelheid regen in 2025, omdat minder neerslag leidt tot minder groeizaam weer. Dat resulteert in een lager aanbod van tuinafval. De jaarlijkse afname van de hoeveelheid papier lijkt gestabiliseerd. De hoeveelheden pmd en textiel zijn stabiel. De hoeveelheid glas is licht afgenomen, in lijn met de landelijke trend. In 2025 is meer incontinentiemateriaal ingezameld.
Grondstoffen en restafval (ton/jaar) 2015 - 2025 45.000 40.000 35.000 30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0 2015
2016
2017
2018
Restafval (fijn en grof)
2019 GFT
Figuur 7: Ontwikkeling ingezamelde grondstoffen (ton/jaar)
Pagina 11 van 79
2020
2021 Papier
2022 PDB
2023
2024 Textiel
2025
Scheidingsresultaat Van al het afval zamelen we 83% de grondstoffen gescheiden in. In figuur 8 staat het scheidingspercentage vanaf 2019.
Figuur 8: Scheidingsresultaten huishoudens
Kwaliteit van de grondstoffen De vervuiling van de grondstofstromen papier, pmd en textiel bleef ook in 2025 zorgelijk. Het voorkomen van de vervuiling van pmd heeft meer aandacht nodig. Omdat deze vervuiling in 2025 landelijk stijgt komt de vergoeding vanuit Verpact onder druk te staan. Deze vergoeding wordt voor de laatste keer bepaald door de landelijke vervuilingsgraad en is daarom slechts beperkt te beïnvloeden door de resultaten in onze eigen regio. Sinds 2023 halen we zelf een deel van de vervuiling uit de grondstoffen. Hiermee voorkomen we afkeur van vrachten en boetes voor de vervuiling. Dit zijn echter handelingen aan de achterzijde van het inzamelingsproces. In 2026 krijgen we een nieuwe overeenkomst voor pmd waarmee we afgerekend worden op ons eigen resultaat. Ook de (regionale én landelijke) vervuiling van de textiel grondstoffenstroom is zorgelijk. De vervuiling van textiel is afgenomen sinds de textielcontainers alleen nog te openen zijn met een milieupas. Ondanks de vervuiling levert textiel, dankzij Cirtex, financieel en maatschappelijk nog steeds een voordeel op.
Figuur 9: Vervuilingsgraad
Pagina 12 van 79
Aanpak Schone grondstoffen Met de aanpak Schone grondstoffen werken wij aan schonere grondstofstromen, meer milieuwinst, een duurzame impact op gedrag, maximale opbrengsten op basis van de marktprijzen en minder afkeur door de inzet van communicatie en interventies. Het project Schone grondstoffen berust op drie pijlers: de inwonerscommunicatiecampagne ‘Geef het door’, controle op de (pmd) minicontainers met voorlopers en het optimaliseren van de interne processen die hieraan raken. Het campagneplan omvat een brede communicatieaanpak met de campagnewebsite Rivierenlandgeeftdoor.nl, een social mediacampagne, verbetering van bestaande communicatiemiddelen en het verbeteren van de samenwerking met de afdelingen Communicatie van de gemeenten. De controle op de pmd-minicontainers is een aanpak op tien wijken met hardnekkige vervuiling verdeeld over vijf gemeenten in het werkgebied van Avri. Hiervoor is een samenwerking met Verpact aangegaan in de vorm van cofinanciering. Uit de resultaten blijkt dat voorlopen een positief effect heeft op het verlagen van de vervuiling van het pmd, maar ook dat aandacht nodig blijft om de vervuiling van grondstoffen aan te pakken. Intern is het werkproces containercontroles aangepast. We hebben ingezet op de registratie vanuit de containercontroles, zodat de samenwerking tussen de betrokken teams verbetert (zie ook paragraaf 4.3 Afvalcoaches).
Eind 2025 is het project afgerond. De bevindingen worden meegenomen in het plan voor een brede aanpak schone grondstoffen. Het gaat om een preventieve aanpak met gebiedsgerichte interventies, waarbij slechts in uiterste gevallen beboet wordt. 4.3. Afvalcoaches In het DB van 9 oktober 2025 is een informatienotitie behandeld, met als onderwerpen evaluatie voorloopcontroles, de communicatiecampagne binnen de aanpak schone grondstoffen en de structurele aanpak van de organisatie. In deze notitie werd een voorstel aangekondigd voor een structurele inzet van toezichthouders, afvalcoaches en voorlopers in een gebiedsgewijze aanpak. De afvalcoaches hebben een actieve rol in deze structurele aanpak. Daarnaast richten zij zich op het direct en persoonlijk ondersteunen van inwoners bij vraagstukken rond afvalscheiding. Ze deden dit in 2025 door: • Presentaties bij onder meer buurthuizen, taalscholen en verenigingen; • Voorlichting op o.a. markten, evenementen en bij mensen thuis; • Excursies bij Avri voor o.a. gemeenten, stichtingen en scholen; • Voorlichting en promotie vanuit het project Afvalvrije scholen. In 2025 zijn hierdoor zeven scholen overgegaan op het scheiden van afval.
We hebben ruim 1.100 leerlingen bereikt; • Samenwerkingsprojecten, zoals de containeracties en een plan van aanpak gericht op het verminderen van structurele bijplaatsingen; • Deelname aan de aanpak Schone grondstoffen, waarbij de afvalcoaches zich vooral inzetten tijdens de voorlooprondes. 4.4. Toezicht & handhaving Binnen het programma Afval valt het toezien op naleving van de afvalstoffenverordening. De handhavingstaken in het kader van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) worden beschreven in het programma Handhaving. Binnen de aanpak Schone grondstoffen is in 2025 gekozen voor een preventieve aanpak met interventies, waarbij slechts in uiterste gevallen beboet wordt. De inzet verschuift van toezicht & handhaving naar afvalcoaches en voorlopers. Acties Afvalscheiding Afval te vroeg / te laat aanbieden Bijplaatsingen Illegale afvalinzameling Onjuist aanbieden (grof) huishoudelijk afval Onjuist aanbieden afval milieustraat Totaal
WaarTotaal 2025 schuwingen 1 0 1 1 1 2 13 5 18 0 0 0 1 1 2 0 0 0 16 7 23
Sancties
Figuur 10: Aantal acties op de Afvalstoffenverordening (Asv) 2025
Pagina 13 van 79
Totaal 2024 40 4 76 0 8 0 128
Totaal 2023 160 9 250 2 7 6 442
Totaal 2022 314 64 406 1 16 5 806
Totaal 2021 394 103 453 1 58 1.009
Er is een daling zichtbaar van het totaal aantal afvalmeldingen ten opzichte van 2024. Deze afname lijkt mede het gevolg van een intensievere operationele inzet. Specifiek voor bijplaatsingen is sprake van een toename van het aantal meldingen (2024: 2989 meldingen en 2025: 3620 meldingen). In 2025 is begonnen met de uitrol van het plan van aanpak bijplaatsingen op acht extreme hotspots. Daarbij kiezen we voor een preventieve maatwerkaanpak, in nauwe samenwerking met partners als de gemeenten, woningcorporaties en inwoners. Door gerichter en frequenter op te ruimen is de zichtbaarheid van afval in de openbare ruimte verminderd. De inzet van afvalcoaches is onderdeel van de aanpak op gedragsbeïnvloeding en bewustwording onder inwoners. 4.5. Milieustraten In 2025 was het totaal aantal bezoekers aan de milieustraten hoger dan in 2024. Waarschijnlijk was het aantal bezoekers ook hoger dan de 708.000 in figuur 11. De bezoekers van de milieustraat Geldermalsen die alleen groenafval hadden, zijn namelijk niet in de tellingen meegenomen.
Figuur 11: Aantal bezoekers Avri milieustraten per jaar
Figuur 12: Aantal bezoekers per Avri-milieustraat
Pagina 14 van 79
Op de huidige milieustraten is de doorstroming en de dienstverlening naar onze inwoners verder verbeterd. Met name omdat de milieustraten zijn uitgebreid met een aparte brenglocatie voor groenafval. We hebben extra aandacht besteed aan het verbeteren van de veiligheid van inwoners en medewerkers op de milieustraten. Ook werden pilots opgezet om nog meer herbruikbare grondstoffen te creëren. 4.6. Circulair ambachtscentrum Medel In 2025 is het Uitgangspuntendocument Ontwikkeling CA Medel, waarin de doelen en uitgangspunten zijn vastgelegd vastgesteld door het bestuur op 15 februari 2024, verder uitgewerkt. Een belangrijk doel is het vergroten van de service aan inwoners. Avri heeft hiervoor het One Stop Drop-concept ontwikkeld waarbij inwoners snel, veilig en eenvoudig hun grof huishoudelijk afval kunnen afgeven. Avri gaat dit concept in januari 2026 in Geldermalsen testen. Van Rijkswaterstaat is hiervoor een subsidie ontvangen van 50.000 euro. Op 21 juli 2025 heeft Avri het globaal bouwplan bij de Gemeenschappelijke Regeling Industrieschap Medel (OLM) ingediend. Op 29 oktober 2025 is het concept inrichtingsplan bij OLM ingediend. Een impressie van het globaal bouwplan is in de onderstaande figuren weergegeven.
Figuur 13: Impressie globaal bouwplan
Figuur 14: Impressie One Stop Drop CA Medel
Pagina 15 van 79
4.7. Evaluatie Cirtex Cirtex is mede opgericht om de transitie van afval naar grondstof aan te jagen en circulair hergebruik te stimuleren. Voor de textielstroom gebeurt dit via de sorteer- en verwerkingswerkzaamheden van Cirtex. We hebben samen met Werkzaak en 2Switch de regie in handen genomen. Daardoor zijn in 2023 en de eerste helft van 2024 de prijsschommelingen in de textielmarkt voorkomen. Sinds de wereldwijde textielcrisis is onze invloed op de textielmarkt echter zeer beperkt. Ook in 2025 stond de afzet van textiel enorm onder druk. Dat heeft impact op de businesscase van Cirtex, waardoor de transitie stagneert. Eind 2025 is een evaluatie opgesteld, conform eerdere afspraken. Deze evaluatie is bij het opstellen van deze jaarstukken nog niet vastgesteld door de ALV van Cirtex. Op voorhand kunnen we wel stellen dat de landelijke doelstelling ‘50% circulair in 2030’ in Rivierenland helaas (nog) niet is gerealiseerd. Met het aanbieden van de Pleintjes van Morgen hebben we geïnvesteerd in het bewustzijn omtrent circulair hergebruik bij gemeenten en inwoners. Dit heeft echter nog niet geleid tot een inkoop- en aanbestedingsbeleid door gemeenten dat circulair hergebruik ondersteunt. Het idee is dat we lokaal afzet voor textiel genereren, door het ontwikkelen van nieuwe producten. 4.8.
Onderzoek gft-verwerkingsinstallatie Sinds de vorige bestuursperiode is ingezet op prijsstabiliteit van (grondstof)tarieven. Dit om de afvalstoffenheffing niet te veel te laten schommelen en grote stijgingen te voorkomen. Daarnaast ligt er de opgave om de grondstofketen circulair sluitend te krijgen. Daarom onderzoeken wij of ons grondstoffenpark ruimte biedt aan een verwerkingsinstallatie, zoals een groen- en gft-composteerinstallatie. Uit een marktverkenning bleek dat een businesscase voor een vergistings- en composteerinrichting zeer kansrijk was. Het zou gaan om een gezamenlijk traject met HVC. Er is een eerste haalbaarheidsstudie uitgevoerd. Ook die laat mogelijkheden zien voor een composteerinstallatie op Grondstoffenpark Avri, eventueel nog uit te breiden met een vergistingsinstallatie. In 2025 vond verder onderzoek op de vergunning (geur, stikstof, etc.), financiën en risico's plaats, om nog concreter te worden. Dat is nodig om te kunnen besluiten of we überhaupt verder willen met de plannen. 4.9. Stortplaats Geldermalsen In 2025 werd duidelijk dat de gesloten stortplaats van Avri klaar is om overgedragen te worden aan de nazorgorganisatie van de provincie Gelderland. Daarvoor moet door Avri voldoende doelvermogen zijn gespaard om het eeuwigdurende onderhoud te kunnen betalen.
Het onderhoud en beheer na overdracht is de verantwoordelijkheid van de afdeling Nazorg van de provincie Gelderland. Avri blijft eigenaar van de ondergrond en het zonnepark. In 2020 heeft de provincie de rekenrente van het nazorgfonds stortplaatsen verlaagd. Daarmee werd ons gespaarde doelvermogen te laag om de stortplaats volgens plan in 2024 over te dragen. Najaar 2020 is met de provincie Gelderland een nieuwe bestuurlijke afspraak gemaakt over het overdragen van de stortplaats. De afgelopen bestuursperiode is het algemeen bestuur periodiek geïnformeerd over de vele zaken die in de provincies en landelijk spelen in relatie tot het bepalen van de rekenrente, de bevoegdheden van de provinciale nazorgfondsen en de wensen en coördinatie van het ministerie van I&W. Het is (nog) niet gelukt om landelijk meer uniformiteit te krijgen. Elke provincie blijft bevoegd om haar eigen beleid en rente te bepalen. Die factoren zijn van invloed op het doelvermogen bij overdracht. Wel is er consensus over een landelijk te hanteren ondergrens voor de rekenrente op basis van de Ultimate Forward Rate (UFR-(EIOPA)8. 4.10. Onzekere grondstoffenmarkt De wereldwijde grondstofprijzen dalen naar verwachting in de komende jaren tot het laagste niveau sinds 2020. De prijsdaling wordt veroorzaakt door de haperende economische groei.
Oorzaken zijn de handelsoorlog met de Verenigde Staten, oorlog in Oekraïne en marktontwikkelingen in China en andere Aziatische landen. De wereldwijde grondstofprijzen daalden in 2025 gemiddeld met 12 procent en naar verwachting met nog eens 5 procent in 2026. De grondstofprijzen dalen al sinds 2023, wat wel bijdroeg aan het terugdringen van de inflatie. Deze trend heeft zich ook in 2025 voortgezet, waardoor mogelijk een deel van de prijsstijgingen door de hogere handelstarieven wordt gecompenseerd. Daarnaast zien we dat het vergoedingsstelsel van UPV’s (Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid) nog niet naar behoren werkt. Voor de UPV voor pmd zijn nieuwe afspraken gemaakt, waar we in 2026 mee aan de slag gaan. Voor textiel heeft de UPV een eerste jaar van vergoeding voor 8
Uit: Stratelligence-onderzoek in opdracht van I&W in 2022.
Pagina 16 van 79
inzamelen en opschonen gehad. Het kabinet houdt vast aan de voorgenomen extra belasting op het verbranden en storten van (rest)afval. Zowel de aanscherping van de CO2-heffing bij verbrandingsovens als de generieke tariefsverhoging van de afvalstoffenbelasting staan ongewijzigd in het belastingplan. Dit moet uiteindelijk resulteren in een belastingopbrengst van 556 miljoen euro in 2030. Uiteraard had dit nog geen direct effect op de jaarcijfers 2025. 4.11. Verklaring Financieel resultaat De exploitatie van het programma Afval laat over 2025 per saldo een voordeel zien ten opzichte van de slotwijziging van € 1,253 miljoen. Naast lagere uitvoeringskosten en minder kwijtscheldingen, is er een voordeel op de opbrengst van grondstoffen en de (bruto) baten afvalstoffenheffing. Daarnaast is bij de uitvoering van het programma Afval het verschil tussen de contante waarde van de stortplaats bij de provincie en de stand van de voorziening bij Avri opgenomen. Het jaarrekeningresultaat van het programma Afval bedraagt € 0,874 miljoen voordelig. Het resultaat op dit programma is gedoteerd aan de voorziening Basispakket. Baten afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing Het voordeel op het basisdeel van de afvalstoffenheffing hangt samen met de hogere opbrengst van de heffingen per jaareinde.
Dit komt door een hoger percentage betalende huishoudens dan waarmee in de slotwijziging rekening was gehouden. Daarnaast is er een voordeel op de kwijtscheldingen ten opzichte van de slotwijziging. Ook hiervoor geldt dat de realisatie afwijkt van de eerder geraamde aantallen. Onderliggende details zijn opgenomen in de paragraaf Lokale heffingen. Nul-aanbieders Nul-aanbieders zijn inwoners die geen restafval aanbieden via een minicontainer of ondergrondse container. Na de invoering van het nieuwe afvalbeleid per 1 juli 2019 is het aantal nul-aanbieders gestegen. In 2020 ging het om circa 14.000 adressen. Sindsdien is het gestegen tot circa 19.000 adressen in 2025. We vermoeden dat deze inwoners hun (rest)afval via een eigen bedrijfsafvalcontainer of via de inzamelmiddelen/milieustraten van onze buurtgemeenten afvoeren. Avri voert hierover overleg met de inzameldiensten aan de grenzen van ons verzorgingsgebied, zoals afvalstoffendienst ’s-Hertogenbosch en Waardlanden. Na het maken van afspraken zagen we aan de westzijde van ons gebied een forse afname. In 2025 bleef de situatie stabiel. De ontwikkeling dat nul-aanbieders wel incontinentieafval aanbieden zet zich door. In het najaar van 2025 is gestart met een analyse op nul-aanbieders.
Vanuit deze analyse willen we komen tot een aanpak die met name gericht is op het verminderen van vervuiling van grondstoffen door nul-aanbieders.
Pagina 17 van 79
Figuur 15: totaaloverzicht nul-aanbieders 2025
Figuur 156: totaaloverzicht nul-aanbieders 2024
Verwerking grondstoffen Figuur 17 laat de ontwikkeling zien van de verwerkingsopbrengsten en -kosten van grondstoffen. De opbrengsten van grondstoffen zijn sterk afhankelijk van ontwikkelingen in de wereldmarkt. De verwerkingskosten laten echter een blijvende stijgende lijn zien. Dit komt voornamelijk door de CO2-heffing op afval en grondstoffen in 2025. De prognose voor de komende jaren is ronduit somber. Het kabinet houdt vast aan de voorgenomen extra belasting op het verbranden en storten van (rest)afval, zoals op Prinsjesdag is aangekondigd. Zowel de aanscherping van de CO2-heffing bij verbrandingsovens als de generieke tariefsverhoging van de afvalstoffenbelasting staan ongewijzigd in het belastingplan. Dit moet uiteindelijk resulteren in een belastingopbrengst van 556 miljoen euro in 2030. Op basis van de huidige informatie hebben we een uitwerking gemaakt voor de afvalstoffenheffing. Dit betreft een
Pagina 18 van 79
prognose op basis van de huidige inzichten. De uiteindelijke maatregelen worden vastgesteld door het nieuwe kabinet en kunnen hiervan afwijken.
Ontwikkeling verwerkingsopbrengsten/-kosten 20192029 13.500 10.175
11.500 9.500 7.500
5.273
5.300
5.500
5.239
4.781
5.361
2021
2022
5.908
6.295
7.341
8.065
8.486
5.500 3.500
4.913
1.500 2019
2.962 2020
4.290 2023
11.104
5.210
5.706
5.815
5.939
5.939
5.939
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Verwerkingskosten
Verwerkingsopbrengsten
prognose verwerkingskosten
prognose verwerkingsopbrengsten
Figuur 167: Ontwikkeling verwerkingsopbrengsten en -kosten grondstoffen
4.12. Resultaat programma Afval In figuur 18 zijn de afwijkingen op de uitvoeringskosten ten opzichte van de slotwijziging 2025 uiteengezet. De belangrijkste afwijkingen worden na de tabel toegelicht. Resultaat programma Afval t.o.v. de begroting 2025 na wijziging Lagere personele lasten 146.000 Opbrengst textiel Cirtex 106.000 Inning afvalstoffenheffing 70.000 Voordeel tractie 166.000 Onderhoud inzamelmiddelen 40.000 Afvalstoffenheffing BSR 296.000 Kwijtscheldingen BSR 117.000 Stortplaats 309.000 Pilot doorgeeftas -56.000 Overige 59.000 Totaal 1.253.000
V V V V V V V V N V V
Figuur 18: Mutaties resultaat programma Afval
Lagere personele lasten (€ 146.000 voordeel) Het voordeel binnen de personele lasten wordt verklaard door een periode waarin vacatures tijdelijk niet waren ingevuld en door een hogere doorbelasting van uren naar het programma Bedrijfsafval. De voordelen doen zich met name voor binnen de afdelingen Inzameling, Transport en Afvalcoaches. Opbrengst textiel Cirtex (€ 106.000 voordeel) In de oorspronkelijke begroting 2025 was geen vergoeding opgenomen voor de inzameling van textiel, vanwege de ongunstige marktomstandigheden en de hoge mate van vervuiling binnen de textielstroom. In de loop van 2025 is echter besloten dat Avri hiervoor alsnog een vergoeding ontvangt vanuit Cirtex. Dit leidt tot een financieel voordeel. Inning afvalstoffenheffing (€ 70.000 voordeel) Het voordeel op de dienstverlening van BSR is hoger uitgevallen. De uiteindelijke afrekening over 2024 pakte gunstiger uit dan eerder opgenomen. Verkoop en onderhoud tractie (€ 166.000 voordeel) Het voordeel binnen de post Tractie wordt voornamelijk veroorzaakt door de verkoop van enkele voertuigen. Deze opbrengsten waren niet in de begroting opgenomen. Daarnaast zijn de onderhoudskosten lager uitgevallen dan geraamd, met name voor de haak-arm wagens.
Pagina 19 van 79
Onderhoud inzamelmiddelen (€ 40.000 voordeel) Door minder reparaties is een voordeel ontstaan. Afvalstoffenheffing BSR (€ 296.000 voordeel) Het voordeel op het basisdeel van de afvalstoffenheffing ten opzichte van de slotwijziging wordt verklaard door hogere opbrengsten van de heffingen per jaareinde. Dit is het gevolg van een hoger percentage betalende huishoudens. Kwijtscheldingen BSR (€ 117.000 voordeel) Er ontstaat een voordeel doordat minder kwijtschelding is verleend. Stortplaats (€ 309.000 voordeel) Er is een voordeel van € 309.000 gerealiseerd bij de stortplaats. In de bestuursrapportage 2025 was reeds een nadeel van € 580.000 opgenomen in verband met de uitgangspunten voor de overdracht van de stortplaats. Daarmee komt Avri in lijn met de provinciale kaders. Ten opzichte van deze raming is een voordeel van € 84.000 ontstaan. Het resterende voordeel van € 225.000 heeft betrekking op lagere onderhoudslasten en juridische lasten voor de stortplaats. Pilot doorgeeftas (€ 56.000 nadeel) De pilot Doorgeeftas is gestart in 2025 en loopt tot eind 2026. Met beide deelnemende gemeenten zijn afspraken gemaakt over de bijdrage in de uitvoeringskosten. Deze bijdragen zijn niet toereikend om de opstartkosten te dekken. Deze opstartkosten betreffen aanschaf van inzamelmiddelen, ontwerp van de tassen en communicatiemiddelen.
Ze hebben niet alleen betrekking op de pilot, maar ook op het structurele vervolg. Deze worden daarom ten laste van het programma Afval gebracht. Overige voordelen (€ 59.000 voordeel) Onder de post overige is een aantal kleinere voor- en nadelen ondergebracht. De grootste posten zijn een voordeel op de opbrengsten de inzameling via de milieustraat (€ 26.000), een voordeel op afvalcommunicatie (€ 25.000) en een voordeel op project Schone grondstoffen (€ 8.000). 4.13. Verantwoording baten en lasten De lasten van het programma Afval worden gedekt door de baten uit ingezamelde grondstoffen en baten afvalstoffenheffing. De opbouw van deze baten staan in paragraaf 10: Lokale heffingen. In figuur 19 worden de baten en lasten verder gespecificeerd. Zo worden ook de stortingen en onttrekkingen uit de reserves en voorziening inzameling inzichtelijk. Begroting 2025 primitief
Begroting 2025 na wijziging
Rekening 2025
Uitvoering Afval
36.661
37.943
37.237
706
V
36.493
Opslag BTW Afval
3.497
3.497
3.497
-
-
3.498
Kwijtscheldingen
1.372
1.372
1.255
117
V
1.226
Totaal lasten
41.530
42.812
41.989
823
V
41.217
Programma Afval
Voordeel/ Jaarrekening nadeel 2024
Verschil
LASTEN
BATEN Verwerkingsopbrengsten grondstoffen
4.924
5.103
5.239
136
V
6.348
Baten afvalstoffenheffing (bruto) Totaal baten
37.330 42.254
37.330 42.433
37.624 42.863
294 430
V V
34.709 41.057
Saldo baten en lasten Voorziening basispakket Voorziening stortplaats Reserve bedrijfsafval Saldo vermogensmutaties
724 -226 1.000 -50 724
-379 -313
874 874
1.253 1.187
V
-160 160
-66 -379
874
66 1.253
160
0
0
0
0
0
Totaal
Figuur 19: Baten en lasten programma Afval (x € 1.000)
Pagina 20 van 79
5. PROGRAMMA INTEGRAAL BEHEER OPENBARE RUIMTE
5.1. Inleiding In 2025 heeft Avri voor de gemeenten Buren, Neder-Betuwe, Tiel en West Betuwe taken uitgevoerd in de openbare ruimte. De omvang van deze taken varieert per gemeente en is vastgelegd in een dienstverleningsovereenkomst per gemeente. Gedurende het jaar ontvangen de IBOR-gemeenten verschillende voortgangrapportages waarin het verloop van de werkzaamheden zowel inhoudelijk als financieel is weergegeven. 5.2. Terugblik 2025 Avri heeft in 2025 een nieuwe ontwikkellijn IBOR onder de aandacht gebracht van de IBOR-gemeenten. Het uitgangspunt hierbij is focus op de kracht en toegevoegde waarde van Avri voor de gemeenten. Het resulteert in een potentiële ontwikkeling met de nadruk op de afval- en reinigingstaken (uitvoering door Avri) en in mindere mate op de overige IBOR-taken (zoals groenbeheer en uitvoering door derden). In 2025 heeft Avri aan verschillende onderzoeken en projecten een bijdrage geleverd. Zo is het proces van ontvlechting groen- en reinigingstaken Neder-Betuwe begeleid, is input geleverd voor het onderzoek ‘evaluatie samenwerking IBOR’ in de gemeente Tiel en is actief bijgedragen aan een optimalisatie van de IBOR-taken in de gemeente Buren. Kwaliteit uitgevoerd werk De kwaliteit van de uitgevoerde onderhoudstaken wordt periodiek gemonitord en gerapporteerd.
Dit gebeurt door het schouwen van de openbare ruimte, waarbij op random geselecteerde locaties de onderhoudskwaliteit wordt gemeten. De kwaliteitsniveaus voor de openbare ruimte zijn beschreven in de dienstverleningsovereenkomst. De analyses van deze schouwen zijn opgenomen in de periodieke voortgangsrapportages. In 2025 is voor alle taken in de openbare ruimte gemiddeld genomen de afgesproken kwaliteit behaald. Alleen bij de taak ‘onkruidbestrijding op verhardingen’ was tijdelijk sprake van een onderhoudsachterstand. De oorzaak was onder meer de uitval van materieel. Communicatie en informatie Regelmatig vonden operationele, tactische en strategische overleggen plaats, zoals opgenomen in de dienstverleningsovereenkomsten. Dat zorgt voor volledige en duidelijke communicatie tussen Avri en de IBORgemeenten. Inhoudelijke veranderingen en aanpassingen werden tijdig en op het juiste niveau besproken en financiële verrassingen bleven achterwege. Het regieoverleg tussen de contactfunctionarissen van de gemeenten en Avri is in 2025 onder andere gebruikt ter voorbereiding op de portefeuillehouders overleggen (PHO). In 2025 vonden drie PHO-bijeenkomsten plaats. Terugname taken Neder-Betuwe Per 1 januari 2025 heeft Neder-Betuwe drie (groen)contracten met derden teruggenomen in eigen regie.
Tegelijkertijd zijn de voorbereidingen voor de terugname van overige groen- en reinigingstaken opgepakt door de gemeente en Avri. Daar waar gewenst of nodig heeft Avri inhoudelijke ondersteuning geboden. Het sociaal plan Neder-Betuwe is in december 2025 ondertekend.
Pagina 21 van 79
Financiën Gedurende 2025 zijn de gemeenten op de hoogte gehouden over de financiële voortgang. Waar nodig is dit aangepast en gemeld in de voortgangrapportages. De uiteindelijke kosten bleven binnen de verwachte prognoses. De hogere prognoses zijn enerzijds veroorzaakt door prijsstijgingen en inhuur arbeidskrachten, anderzijds door het opgegeven meerwerk. Bij die aanvullende opdrachten ging het om ruim € 3 miljoen. Net als in 2024 was het aandeel aanvullende opdrachten erg groot (15%). Jaarlijks wordt bij het opstellen van de nieuwe dienstverleningsovereenkomst afgewogen welk meerwerk als reguliere taak wordt opgenomen in de dienstverleningsovereenkomst en werkbegroting. Tegenover de hogere lasten staan ook de hogere baten, omdat de gemaakte lasten worden doorbelast naar de individuele gemeenten. De grotere aanvullende opdrachten hebben betrekking op renovaties van sportvelden, groenrenovaties, vervangen van afvalbakken, kappen van bomen en essentaksterfte. Jaarlijks wordt voor elke IBOR-gemeente een uitgebreide jaarrapportage opgesteld. In deze jaarrapportage blikken we terug op de ontwikkelingen en de behaalde resultaten van het afgelopen jaar. Ook gaan we in op de kwaliteit van de uitvoering van de IBOR-taken. In het afgelopen jaar is gestuurd op het nakomen van de verplichtingen zoals opgenomen in de dienstverleningsovereenkomst.
Er is een verbeterslag zichtbaar: de voortgangsrapportages en de begroting, belangrijke instrumenten voor Avri en de gemeenten, zijn overeenkomstig de planning opgeleverd. De onderlinge verhoudingen staan onder druk. We hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om hier actief te werken aan het verbeteren van de relatie. Een aanzet is hiervoor in de laatste maanden van 2025 gegeven. Incontinentie inzameling (€ 72.000 nadeel) Vanaf 2024 wordt in alle Avri-gemeenten incontinentiemateriaal en (baby-)luiers gescheiden ingezameld. Deze taak is ingericht als plustaak en heeft daarmee een voorziening incontinentie-inzameling. De kosten voor de inzameling waren hoger dan begroot, onder andere doordat een aantal containers te weinig capaciteit heeft. In 2025 is beduidend meer incontinentiemateriaal ingezameld dan gedacht. Helaas bleek de voorziening in 2025 onvoldoende om het financiële tekort op te vangen. Het tekort wordt in 2026 aangevuld via aparte afrekeningen. 5.3. Verantwoording baten en lasten In figuur 20 zijn de baten en lasten van de jaarstukken 2025 afgezet tegen de slotwijziging 2025. Het financieel resultaat van dit programma is nihil. In beginsel worden alle baten en lasten binnen programma Integraal Beheer Openbare Ruimte afgerekend met de gemeenten, behalve de incontinentie inzameling. Daarvoor is een voorziening gevormd bij eventuele tekorten.
Programma Integraal Beheer Openbare Ruimte LASTEN Integraal beheer openbare ruimten - via DVO
Begroting 2025 primitief
Begroting 2025 na wijziging
Rekening 2025
Voordeel/ Jaarrekening nadeel 2024
Verschil
17.268
17.918
17.599
319
V
16.344
Integraal beheer openbare ruimten - via overige opdrachten
-
4.000
3.284
716
V
2.675
Gescheiden inzameling incontinentiemateriaal
624
614
625
-11
N
495
Overige dienstverlening pluspakket
162
227
149
78
V
66
Totaal lasten
18.054
22.759
21.657
1.102
V
19.514
BATEN Integraal beheer openbare ruimten - via DVO
17.268
17.918
17.599
-319
N
16.344
0
4.000
3.284
-716
N
2.675
Gescheiden inzameling incontinentiemateriaal
624
554
574
20
N
498
Overige dienstverlening pluspakket
162
227
149
-78
N
64
18.054
22.699
21.606
-1.093
N
19.517
Integraal beheer openbare ruimten - via overige opdrachten
Totaal baten Saldo baten en lasten
0
-60
-51
9
Voorziening incontinentimateriaal
0
-60
-51
9
3 -3
Totaal vermogensmutaties
0
-60
-51
9
-3
Totaal
0
0
0
0
0
Figuur 20: Baten en lasten programma IBOR (x € 1.000)
Pagina 22 van 79
6. PROGRAMMA HANDHAVING
6.1. Terugblik 2025 Avri verzorgt in alle gemeenten binnen de gemeenschappelijke regeling het handhaven van de afvalstoffenverordening. Voor de gemeenten Tiel, Culemborg en Zaltbommel voert Avri ook toezicht- en handhavingsactiviteiten uit in domein 1: Openbare ruimte. Handhaven en afval Avri-handhavers houden toezicht op het naleven van de regels zoals vermeld in de afvalstoffenverordening en het uitvoeringsbesluit van de verordening. Zij spreken inwoners aan op het juist aanbieden van huishoudelijk afval en verbaliseren overtredingen zoals het: Verkeerd aanbieden van huishoudelijk afval; Zonder vergunning inzamelen van huishoudelijk afval; Niet op de juiste tijd aanbieden van afval. Handhaven in de openbare ruimte Sinds 2010 is op verzoek van deelnemende gemeenten een Pluspakket toezicht & handhaving in domein 1 samengesteld. Het gaat hier om boa-taken in de openbare ruimte. Dat is handhaving op de APV, zoals het bestrijden van kleine ergernissen, overlast en lichtere milieuzaken: Parkeeroverlast; Jeugdoverlast; Hondenpoep; Zonder vergunning vissen; Terrascontrole; Geluidsoverlast; Toezicht op naleving van de alcoholwet; Fiscaal parkeren; Ondermijning. De strafbare feiten waarvoor onze handhaver opsporingsbevoegdheden heeft, zijn vastgelegd in de domeinlijst.
Handhavers beschikken over veel speciale bevoegdheden, enkele voorbeelden hiervan zijn: Personen staande houden; Personen aanhouden; Opmaken van een proces verbaal; Zaken in beslag nemen. Door onze opdrachtgevers wordt het werk van het team toezicht & handhaving gewaardeerd. In de samenwerking zijn we partner van de gemeenten: de gemeente is en blijft regievoerder en wij zijn de uitvoerder. Op basis van het door de gemeente jaarlijks op te stellen uitvoeringsplan, zorgen wij voor de uitvoering van de door hen gestelde prioriteiten. Uiteraard blijft er ook ruimte over om te acteren op onvoorziene omstandigheden. In goed overleg geven wij invulling aan de taken. Het contact tussen de boa’s en de inwoners en bezoekers van Tiel, Culemborg en Zaltbommel is goed. Landelijk scoren we goed in de verplichte externe audit op de Wpg (Wet politiegegevens). Eind 2025 is er een audit uitgevoerd met daarbij een aantal verbeterpunten. Deze zijn inmiddels opgepakt. Op 2 juli 2025 heeft de gemeenteraad van Tiel besloten om de boa's in Domein 1 (APV) terug in eigen beheer te halen en de DVO/Raamovereenkomst met Avri op te zeggen. Dit was voor de andere twee plusgemeenten (Zaltbommel en Culemborg) aanleiding om hetzelfde te doen. Zij hebben een nieuwe gemeenschappelijke regeling
Pagina 23 van 79
(Centrumregeling) met Tiel af te sluiten. Uiteraard betreuren we deze besluitvorming. Lichtpuntje daarbij is dat het hele team boa's in domein 1 overgaat naar Tiel. De samenwerking én werkgelegenheid blijft behouden, en daarmee ook ons oorspronkelijk doel - gericht op een flexibel inzetbaar regionaal boa-team. In overleg tussen de drie gemeenten en Avri is het streven om de overgang per 1 juli 2026 te laten plaatsvinden. Het grote voordeel van regionaal georganiseerde toezicht en handhaving van Avri (en straks van Tiel) is: Schaalgrootte is financieel aantrekkelijk; Minder kwetsbaar; Aantrekkelijk voor BOA’s omdat ze een afwisselend takenpakket hebben; Opleidingen worden centraal geregeld; Wetgeving (WPG-audit); Uitwisselingsmogelijkheden van handhavers bij evenementen of calamiteiten; Backoffice-taken zijn centraal georganiseerd. 6.2. Verantwoording baten en lasten In figuur 21 zijn de baten en lasten van de jaarstukken 2025 afgezet tegen de slotwijziging 2025. Het financieel resultaat van dit programma is nihil. In beginsel worden alle baten en lasten binnen programma Handhaving afgerekend met de gemeenten Culemborg, Tiel en Zaltbommel. Begroting 2025 primitief
Begroting 2025 na wijziging
Rekening 2025
Handhavingstaken
1.767
1.767
1.561
206
V
1.782
Totaal lasten
1.767
1.767
1.561
206
V
1.782
Handhavingstaken
1.767
1.767
1.561
-206
N
1.782
Totaal baten
1.767
1.767
1.561
-206
V
1.782
0
0
0
0
0
0
0 2
Totaal vermogensmutaties
0
0
0
0
2
Totaal
0
0
0
0
2
Programma Handhaving
Voordeel/ Jaarrekening nadeel 2024
Verschil
LASTEN
BATEN
Saldo baten en lasten Mutatie reserves
Figuur 21: Baten en lasten programma Handhaving ( x € 1.000)
Pagina 24 van 79
7. PROGRAMMA BEDRIJFSAFVAL
7.1. Inleiding Avri voert in beperkte mate activiteiten uit voor bedrijven, in de vorm van inzameling, inname en het laten verwerken van bedrijfsafval. De dienstverlening aan bedrijven is ondersteunend aan het programma Afval. De activiteiten op het gebied van bedrijfsafval zijn gericht op het zo goed mogelijk benutten en inzetten van beschikbare productiemiddelen. Het programma Bedrijfsafval vormt een beperkt onderdeel van de bedrijfsvoering en de omzet. De positieve financiële resultaten worden al enkele jaren benut voor het sponsoren van regionale evenementen en het verlagen van de afvalstoffenheffing voor de inwoners. We zien nog altijd potentieel om dit aandeel in de toekomst te vergroten en daardoor de dekkingsbijdrage voor de inwoners van Rivierenland te verstevigen. Ons marktaandeel in het MKB is stabiel. Wij schatten dit op circa 15% van de markt in het Rivierenland. Die markt wordt door in totaal zes partijen bediend. We onderscheiden ons op de markt door gescheiden inzameling van papier en plastic, glas en gft, door bedrijven te adviseren en service te bieden. Daarnaast maakt dit programma het mogelijk om uiting te geven aan de regionale maatschappelijke betrokkenheid van Avri. Door verbinding met het regionale bedrijfsleven en sponsoring in natura tijdens regionale evenementen wordt de zichtbaarheid van Avri in de regio vergroot. 7.2.
Terugblik 2025 Bedrijfsmatig afval De inzameling van bedrijfsafvalstromen is in 2025 goed verlopen. De gestage groei in het aantal klanten zet zich voort, de hoeveelheden ingezameld zijn licht afgenomen als gevolg van een betere scheiding van grondstoffen door onze klanten. De hoeveelheden, aangeleverd op ons grondstoffenpark, zijn licht afgenomen, met name voor de stromen Bedrijfsafval en Bouw- en sloopafval. Sponsoring In 2025 heeft Avri weer een bijdrage geleverd aan onder andere Appelpop, Dijken Sport, Triatlon Rivierenland en Two Rivers Marathon in de vorm van gratis diensten. 7.3. Verklaring financieel resultaat 2025 Het programma Bedrijfsafval sluit het jaar af met een positiever resultaat dan geraamd in de slotwijziging 2025. De hogere opbrengsten uit de verwerking van bedrijfsafval hebben geleid tot een jaarrekeningresultaat van € 98.000 vóór vennootschapsbelasting. Het nettoresultaat van € 79.000 na aftrek van vennootschapsbelasting is toegevoegd aan de reserve bedrijfsafval.
Pagina 25 van 79
7.4. Verantwoording baten en lasten In figuur 22 zijn de baten en lasten van de jaarstukken 2025 afgezet tegen de slotwijziging 2025. Begroting 2025 primitief
Begroting 2025 na wijziging
Rekening 2025
Verschil
Uitvoerings bedrijfsafval
2.741
2.655
2.605
50
V
2.514
Vennootschapbelasting
16
17
19
-2
N
31
Totaal lasten
2.757
2.672
2.624
48
V
2.545
BATEN Inzameling bedrijfsafval
2.274
2.355
2.258
-97
N
1.716
Opbrengst grondstoffen
251
186
196
10
V
939
Overige opbrengsten
295
214
249
35
V
22
Totaal baten
Programma Bedrijfsafval
Voordeel/ Jaarrekening nadeel 2024
LASTEN
2.820
2.755
2.703
-52
N
2.677
Saldo baten en lasten
63
83
79
-4
V
Toevoeging aan reserves Onttreking aan reserves Totaal vermogensmutaties Totaal
63
83
79
63 0
83 0
79 0
-4 0 -4 0
132 132
Figuur 22: Baten en lasten programma Bedrijfsafval (x €1.000)
Pagina 26 van 79
132 0
8. PROGRAMMA OVERHEAD
8.1. Inleiding In dit programma worden de baten en lasten verantwoord die niet rechtstreeks aan de overige programma’s kunnen worden toegekend. De kosten van de ondersteunende bedrijfsvoering (taakveld overhead) vormen daarvan een groot onderdeel. In dit programma worden ook de baten en lasten van het taakveld rente verantwoord. Avri ziet overhead niet louter als kostenpost. Door een goed lopende en innovatieve bedrijfsvoering worden de primaire taken beter en efficiënter uitgevoerd. De beleidsmatige resultaten worden verder toegelicht in paragraaf 14: Bedrijfsvoering. 8.2. Verklaring financieel resultaat Over het boekjaar 2025 is een negatief resultaat op dit programma gerealiseerd van € 836.000. Bij de slotwijziging hielden we rekening met een negatief resultaat van € 732.000. Daarmee is het nadeel ten opzichte van de slotwijziging € 104.000. Het resultaat wordt vooral beïnvloed door een tekort aan overheaddekking van € 442.000. Dit tekort ontstond doordat er minder uren zijn gerealiseerd binnen de programma’s Handhaving en IBOR. Verder hebben de realisatie voor de inhuur van een teamleider en een programmamanager IBOR geleid tot hogere lasten dan begroot. Daartegenover staat een voordeel van € 263.000 op de personele lasten binnen de overheadafdelingen Financiën, Communicatie en ICT, als gevolg van niet‑benutte inhuur- of salarisbudgetten.