CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Concept Jaarstukken 2020 Werkzaak Rivierenland

Raadsvergadering 17 juni 2021, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Jaarstukken 2020 Werkzaak Rivierenland27.375 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Werkzaak kent stille reserves: Aandelen Dariuz (Het verschil van waarde tussen de boekwaarde en het aandeel in het eigen vermogen).

Corona is grillig en onvoorspelbaar

32

7.2

Financiering

De uitvoering en ontwikkeling van het treasurybeleid wordt in deze paragraaf toegelicht. Daarnaast is aan het eind van deze paragraaf een toelichting opgenomen van de liquiditeitspositie over 2020. Algemene ontwikkelingen Dit onderdeel schetst de belangrijkste interne en externe ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op de treasuryfunctie en de wettelijke kaders van de Wet financiering decentrale overheden (wet Fido), de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) en het verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden. Interne ontwikkelingen Werkzaak voldoet bij de uitvoering van de treasuryfunctie aan de wet- en regelgeving. Bij wet van 11 december 2013 tot wijziging van de Wet financiering decentrale overheden is het een verplichting geworden om overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist van het Rijk. Er mag een bedrag ter hoogte van 0.75% (met een ondergrens van 250.000 euro) van het jaarlijkse begrotingstotaal buiten de schatkist gehouden worden voor de uitvoering van dagelijkse taken. Externe ontwikkelingen De belangrijkste externe ontwikkelingen zijn (internationale) economische indicatoren met invloed op de geld- en kapitaalmarkt en wijzigingen in wet- en regelgeving.

Werkzaak kent geen zelf ontwikkelde rentevisie omdat er geen financieringsbehoefte meer is nadat er een langlopende lening voor de huisvesting is aangetrokken. Treasurybeheer Het treasurybeheer is de (beleids)uitvoering van de treasuryfunctie, binnen de kaders van de financiële verordening vastgelegd. De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, financiële geldstromen, de financiële posities en hieraan verbonden risico’s. Met de invoering van schatkistbankieren is de aandacht voor het volgen en bewaken van de banksaldi en de mutaties in ‘s Rijks schatkist verder geïntensiveerd. Risicobeheer Kasgeldlimiet Gegeven de permanente financieringsbehoefte, kunnen fluctuaties in de rentelasten voor Werkzaak risico’s met zich meebrengen. Om de risico’s zoveel mogelijk te beperken is de kasgeldlimiet ingesteld. De kasgeldlimiet stelt grenzen aan de mate waarin de financieringsbehoefte wordt afgedekt met kortlopende leningen, korter dan een jaar. De kasgeldlimiet is uitgedrukt in een percentage van de omvang van de begroting. Voor 2020 bedraagt dit, bij ministeriële regeling vastgestelde, percentage van 8,2% op basis van de omvang van de begroting van 93.415.000 euro bedraagt deze 7,660 miljoen euro. Werkzaak maakt geen gebruik van kasgeldleningen.

Renterisico Om het risico van renteaanpassing en herfinancieren bij langlopende leningen (langer dan een jaar) te beperken is de renterisiconorm ingesteld. Deze norm is bij ministeriële regeling bepaald en houdt in, dat de jaarlijkse verplichte aflossing en renteherziening niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Het begrotingstotaal bedraagt 93.415.000 euro. De renterisiconorm is dan 18,683 miljoen euro. De jaarlijkse aflossing is 105.000 euro. Dit betekent dat er nog voor 18,578 miljoen euro aan ruimte is.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

33

Kredietrisicobeheer Werkzaak loopt geen risico’s bij het uitzetten van geldmiddelen, behoudens het verstrekken van leningen en hypotheken. Omdat dit onderdeel, gecorrigeerd met een voorziening op de balans van gemeente staat is dit risico niet aanwezig. Frauderisico We voerden bij Werkzaak geen inventarisatie van frauderisico’s binnen de financiële processen uit. Het doel van deze frauderisico-analyse is vast te stellen hoe het staat met de kwaliteit van beheersing van frauderisico’s binnen onze organisatie en welke beheersingsmaatregelen er eventueel nog genomen moeten worden ter voorkoming van eventuele fraude. Fraude met bancaire middelen is het belangrijkste frauderisico in deze categorie. Er functioneren voldoende controle- en beheersingsmaatregelen en de frauderisico’s worden als ‘laag’ gekwalificeerd. Financieringsbehoefte De aanwezige vaste activa zijn met lang vermogen gefinancierd, deels via een langlopende lening bij de BNG en deels met eigen vaste financieringsmiddelen (reserves). De financiële positie is goed en de financieringsverhoudingen op basis van de balans per 31-12-2020 zijn gezond, zoals onderstaand overzicht laat zien. (x € 1.000)

Boekwaarde per 31-12-2019

Boekwaarde per 31-12-2020

7.414

7.238

Eigen vaste financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen)

1.848

5.505

Langlopende lening (BNG)

3.885

3.780

Totaal passiva

5.733

9.285

Financiering met vlottende activa

1.681

-2.047

Totaal kapitaalbeslag in vaste activa Financiering is als volgt:

De lening portefeuille op 31 december 2020 is als volgt; waarbij jaarlijks 105.000 euro wordt afgelost en de rentebetaling 54.390 euro was. De rentelast is 53.777,50 euro. (x € 1.000)

Oorsprong.

Rente

Hoofdsom Lening BNG

4.200

Totaal

4.200

34

Looptijd

Afgelost in

(jaren) 1.40%

40

Stand per

Stand

31-12-2019 31-12-2020 2056

3.885

3.780

3.885

3.780

Wij blijven op landelijk niveau aandacht vragen voor het ontschotten van regelingen omdat we niet willen dat het systeem leidend is. We willen dat de menselijke maat leidend is

Renteschema Het renteschema laat zien dat de rentelasten worden toegerekend aan de projectfinanciering. Immers de lening is aangetrokken voor een specifiek doel. Dit betekent dat de renteomslag 0% bedraagt. In het onderstaande overzicht staat dit toegelicht. Renteschema

Paragraaf Financiering is als volgt: Externe rentelasten

54

Externe rentebaten

0

Saldo rentebaten en rentelasten

54

Rente van projectfinanciering

54

Aan taakveld toe te rekenen externe rente

0

Rente over eigen vermogen

0

Rente over voorzieningen

0

Aan taakveld toe te rekenen rente

0

Renteomslag 0%

Ontwikkeling liquiditeitspositie Op basis van de Wet Fido zijn decentrale overheden verplicht hun financiële middelen onder te brengen bij het Ministerie van Financiën (in de schatkist). Dagelijks worden overtollige geldmiddelen afgeroomd naar de schatkist. Op basis van de actuele liquiditeitsbehoefte worden naar behoefte opnames uit ‘s Rijks schatkist gedaan. Het saldo in ‘s Rijks schatkist op 31 december 2020 bedraagt 25,9 miljoen euro.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

35

Ik heb het verschil gemaakt bij Werkzaak en alle mooie ervaringen die ik daar heb opgedaan, draag ik levenslang met me mee

Dominique bouwde 2 jaar aan haar zelfvertrouwen op een werkervaringsplek Op jezelf leren vertrouwen, is de belangrijkste les die Dominique in de afgelopen twee jaar leerde. Op de werkervaringsplek bij Werkzaak leerde ze alles wat ze wilde leren en nu gaat ze bij ’s Heeren Loo een nieuwe uitdaging aan. Ze ziet ernaar uit om nog meer te leren, want Dominique is meer dan ooit zeker van haar eigen kunnen: ‘Ik heb het verschil gemaakt bij Werkzaak en alle mooie ervaringen die ik daar heb opgedaan, draag ik levenslang met me mee.’

36

7.3 Onderhoud kapitaalgoederen Het onderhoud van de kapitaalgoederen legt een beslag op de financiële middelen. Werkzaak Rivierenland kent enkel het kapitaalgoed van het pand Poppenbouwing. In deze paragraaf wordt hier dieper op ingegaan. Beleidskader Het beleidskader voor de uitvoering van het planmatig onderhoud aan het gebouw Poppenbouwing is het opgestelde beheerplan. Hierin wordt inzichtelijk gemaakt welk jaarlijks en planmatig onderhoud noodzakelijk is. Het planmatig onderhoud egaliseren we in een reserve die gebaseerd is op kosten voor de komende tien jaar. Financieel beslag Het financieel beslag bestaat voor 2020 uit dagelijks onderhoud van 85.000 euro en een storting in de reserve van 54.000 euro. Ultimo bedraagt de reserve 181.000 euro. Het planmatig onderhoud is de eerste jaren beperkt en toont daarna een flinke piek. Ontwikkeling In het laatste kwartaal van 2020 is gewerkt aan een nieuwe huisvestingsvisie inclusief verduurzaming. Medio 2021 worden effecten hiervan bekend.

7.4 Bedrijfsvoering De paragraaf bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens rondom de bedrijfsvoering. Met de bedrijfsvoering worden de bedrijfsvoeringsprocessen bedoeld die nodig zijn om de doelen van de organisatie te halen. Voor een goede bedrijfsvoering zijn budget en personeel nodig. Ook is een efficiënte inrichting van de organisatie en een goede samenwerkingscultuur met de gemeenten, het bedrijfsleven en andere partners noodzakelijk om de doelstellingen uit de programma’s te realiseren. In deze paragraaf geven we inzicht in de bedrijfsvoering. Werkzaak in control Vanaf 2021 moeten gemeenten en gemeenschappelijke regelingen een rechtmatigheidsverantwoording afleggen in hun jaarstukken. Dat vervangt de huidige rechtmatigheidsverklaring van de accountant. Werkzaak heeft hiertoe in 2020 al belangrijke stappen gezet, onder andere door het borgen van rechtmatigheidscontroles in processen en het doorvoeren van optimalisaties die bleken uit bevindingen van onze eigen interne controle en van de controles door de accountant. Met name het inkoop- en verkoopproces zijn aantoonbaar verbeterd en het risico op niet naleving van wet- en regelgeving zoals verplichte aanbestedingen is hierdoor verkleind.

Dit krijgt in 2021 een vervolg door alle hoofdprocessen te optimaliseren en mogelijk te maken dat controles procesgericht kunnen plaatsvinden in plaats van per dossier. Werkzaak stelt zich ten doel om de komende jaren door te groeien naar een in control statement. Dit gaat verder dan de verplichte rechtmatigheidsverantwoording. We willen dat de gehele bedrijfsvoering bijdraagt aan de realisatie van beleidsdoelstellingen en we willen flexibel kunnen acteren in een voortdurend veranderende omgeving, zoals we bijvoorbeeld hebben gedaan toen we werden geconfronteerd met Corona. We willen onze processen en de competenties van medewerkers hierop aansluiten en dat is veel breder dan het onder controle hebben van de financiën en de rechtmatigheid.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

37

Digitalisering De organisatie maakte een vervolgstap in de professionalisering van het gebruik van systemen die de informatievoorziening verbeteren en inspelen op de rechtmatigheidsverklaring. Digitalisering draagt bij aan de verbetering en vernieuwing van de dienstverlening. Deze punten raken de ontwikkeling van het Informatiemodel Werkzaak en de uitvoering van ICT en de gebruikte systemen. In 2020 is de softwareontwikkeling versneld opgepakt. De uitrol van Compas Cloud voor de uren-registratie is voor een groot deel van de organisatie beschikbaar. De ontwikkeling van de suite software maakt in 2021 digitaal aanvragen en geautomatiseerd archiveren mogelijk, hiervoor zijn in 2020 belangrijke stappen gezet in de techniek en het optimaliseren van werkprocessen. Hiernaast zijn er tientallen procesverbeteringen doorgevoerd in de huidige systemen. Werkzaak kocht bij nieuwe partners de website in waardoor wij het klantportaal verder kunnen blijven ontwikkelen. Automatisering In 2020 is aangesloten op een aanbesteding vanuit de VNG voor de hardware. In de begroting 2020 is hiervoor al een investeringskrediet beschikbaar gesteld. De hardware wordt in 2021 aangeschaft. Huisvesting In 2020 zijn door de effecten van corona de wensen rondom de huisvesting (versneld) veranderd doordat er veel meer wordt thuisgewerkt verandert de functie van de kantoorfaciliteiten.

Daarnaast wordt vanuit strategisch oogpunt naar de productiefaciliteiten in de locatie Poppenbouwing gekeken. Eind 2020 startte een projectgroep met het opstellen van een strategische huisvestingsvisie. Aan de hand van de visie wordt een nieuw meerjarenonderhoudsplan opgesteld met ruimte voor verduurzaming. Handelsdebiteuren In 2019 is er een start gemaakt met het aanscherpen van het debiteurenbeheer. Door meer inzet in uren door een kleine groep medewerkers met een gestructureerde overlegvorm is er op dit onderdeel een prachtig en meetbaar resultaat zichtbaar geworden in 2020. Op basis van samenwerking in de organisatie en diverse werkgevers zijn er veel issues op korte termijn afgewikkeld. Ondanks deze corona-tijd is een zichtbaar resultaat dat de post met dubieuze debiteuren is gehalveerd en het aantal klanten niet afnam. Doordat we “korter op de bal” zitten is de gemiddelde betaaltermijn korter geworden. Het aantal en de grootte van de openstaande vorderingen dat langer dan 60 dagen openstaat neemt af. Inkoopbeleid In 2020 zijn het inkoopproces en haar basisbeginselen verder verbeterd. Concreet zijn de volgende zaken opgeleverd: • Uitwerking van de budgetregeling; • Besluitvorming over minimaal bedrag voor prestatieverklaring; • Besluitvorming over het aangaan van financiële verplichtingen; • Inrichting van de budgetregeling in het administratieve systeem.

Ook is in 2020 gewerkt met een inkoopkalender, aanbestedingsprocedures, adviezen en afstemming met inkoopdeskundigen. Privacy- en informatiebeveiliging ‘’In 2020 voerden we het jaarplan privacy uit. Het informatie- en privacybeleid is vastgesteld en er zijn acties uitgezet om dit te borgen. Er is een bewustzijn campagne voor medewerkers gestart via intranet en voorlichtingsberichten. Tevens is er met de managers en key-spelers afgestemd wat de huidige risico’s en benodigde maatregelen zijn. Met een nieuwe functionaris gegevensbescherming gaan wij hier in 2021 nog meer aandacht aan geven.

38

ICT Werkzaak stapte in 2020 over naar de infrastructuur van KPN werkplek. In dit intensieve traject is alle software en informatie verhuisd naar deze toekomst bestendige omgeving. In 2020 zijn er geen grote verstoringen geweest. We liepen bij het wereldwijde Citrix probleem geen risico’s omdat KPN werkplek continue zorgt voor actuele besturingssystemen. De coronamaatregelen zorgden voor een extra vraag naar thuiswerken, de KPN werkplek heef dit goed ondersteund. De in 2016 aangeschafte laptops van Werkzaak zijn niet krachtig genoeg voor videovergaderen, in het tweede kwartaal van 2021 wordt de hardware planmatig vervangen na een gezamenlijke aanbesteding met de VNG. Een beperkt deel van de laptops is in 2020 al vervangen vanwege technische redenen. Planning & Control De planning- en control cyclus is gebaseerd op het principe van Deming: plan–do–check–act. Het is een cyclisch proces op meerdere (besturings)niveaus: strategisch, tactisch en operationeel. 2020 stond in het teken van het verder doorontwikkelen van de documenten waaraan we de maandelijkse rapportage aan de gemeente toevoegden. Hierdoor kwam de informatievoorziening nog meer aan de voorkant. Interne controle Werkzaak heeft in het eerste kwartaal van 2021 het controlejaar 2020, in nauw overleg met de accountant, volledig en tijdig afgerond.

De resultaten van de onderzoeken dienen als basis voor de rechtmatigheid- en getrouwheidsbeoordeling van deze jaarrekening door de accountant. Als organisatie hebben we steeds meer de regie gevoerd over de interimcontrole. Het proces voor het controlejaar 2020 verliep naar ieders tevredenheid. We onderhouden een prima contact met de accountant waarbij er over en weer veel kennis wordt uitgewisseld. Het Dagelijks Bestuur neemt vanaf boekjaar 2021 een verantwoording op in de jaarrekening over de rechtmatigheid van de relevante financiële beheershandelingen. Hiervoor stelden wij medio 2020 een plan van aanpak Rechtmatigheidsverantwoording 2021 op. De basis voor de aanpak voor het tot stand komen van de genoemde verklaring. Ter verbetering van de administratieve organisatie hebben wij een handboek administratieve organisatie inclusief plan van aanpak opgesteld. Daarmee heeft de organisatie handvatten voor een gestandaardiseerde en eenduidige administratieve organisatie AO). Dit allemaal draagt bij aan het versterken van de controlfunctie in de organisatie. In 2021 worden het plan van aanpak Rechtmatigheidsverantwoording en het handboek AO verder geïmplementeerd in de organisatie. We maken de omslag van (vooral) gegevensgericht naar procesgericht controleren. Personeel Formatie In 2020 is gewerkt met een vastgestelde netto-formatie van 217,44 fte.

En we werkten met 8,11 fte die we inzetten op projecten, of waarvan we de kosten kunnen doorbelasten. In financiële zin is er een positief resultaat op de formatie van 37.200 euro. Corona We hebben in deze corona tijd ondervonden dat de medewerkers in onze organisatie enorm veel veerkracht, flexibiliteit en creativiteit toonden. Een grote groep werkte onder lastige omstandigheden vanuit huis. Ook was een groep medewerkers dagelijks op de werkvloer aanwezig. Naast de reguliere begeleiding en processen hebben zij ook voor een veilige anderhalvemeterwerkplek gezorgd. We hebben enorm veel waardering en respect voor alle medewerkers. De deskundigheidsbevordering van personeel en werkgevers moest soms wijken voor de vele uitdagingen waar we voor stonden. Het was lastig om met grote groepen fysiek bij elkaar te komen en onze skills, devices en programma’s waren veelal nog niet geschikt om op grote schaal digitaal bij elkaar te komen.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

39

Daar is veel aandacht naar uitgegaan en dat ging gaandeweg het jaar beter. Zo is het mentorwijsprogramma voor werkgevers inmiddels een digitaal programma en organiseerden we eind december een webinar rond het thema werk en psychische kwetsbaarheid. Ook was er in de teams aandacht voor leren en continu verbeteren en het doorlopen van de PDCA-cyclus. We kregen subsidie van ZonMW voor het ontwikkelen van de keuzehulp instrumenten. Deze is in de afrondende fase en helpt werkzoekende en werkcoach samen de juiste instrumenten in te zetten. Met de keuzehulp kunnen we meer uniform werken en ontwikkelen we het methodisch handelen van de professionals in de organisatie. Budgetten In het onderstaande overzicht presenteren we de lasten en baten die resulteren in het bedrijfsvoeringsresultaat. Het resultaat wordt volgens de verdeelsleutel verdeeld over de deelnemers. Begroting

BURAP

Rekening

Verschil

Personeelskosten

16.447.000

16.767.000

16.729.800

37.200

Materiële kosten

4.538.000

4.348.000

4.326.700

21.300

Omschrijving

Bestuurlijke agenda

85.000

86.000

-1.000

Uitv. Kosten Tozo

446.000

543.600

-97.600

2.356.000

2.522.300

-166.300

960.000

30.900

929.100

Inleenvergoeding

3.383.000

Incidentele middelen Totaal lasten

24.368.000

24.962.000

24.239.300

722.700

Participatiebudget

3.481.000

3.356.000

3.969.700

613.700

Omzet

8.440.000

6.761.000

7.333.700

572.700

Omzetcompensatie SW

1.662.000

1.691.200

29.200

Vergoeding Tozo

1.869.000

2.274.000

405.000

Totaal Baten

11.921.000

13.648.000

15.268.600

1.620.600

Saldo

12.447.000

11.314.000

8.970.700

2.343.300

Gemeentelijke bijdrage

12.447.000

12.447.000

12.447.000

-

1.133.000

3.476.300

Resultaat

2.343.300

Beleidsindicatoren Met de wetswijziging van maart 2016 in het kader van de Vernieuwing van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn een aantal beleidsindicatoren vastgesteld, die verplicht in programma’s en programmaverantwoording opgenomen moeten worden. De wettelijke verplichte beleidsindicatoren op bedrijfsvoering zijn als volgt. Indicator

Omschrijving

Toelichting

2019

2020

1

Formatie

FTE per 1.000 inwoners

0,90

0,88

2

Bezetting

FTE per 1.000 inwoners

0,88

0,92

3

Apparaatskosten

Kosten per inwoner

Apparaatkkosten excl. Tozo

Kosten per inwoner

Externe inhuur

Kosten als % van de totale loonsom

4

+ totale kosten inhuur 5

40

Overhead

€ 69,88

€ 62,76 € 69,77

9,33%

11,11%

3,68%

2,77%

De apparaatskosten (exclusief Tozo -/- 7,02 euro) zijn ongeveer gelijk gebleven ondanks de jaarlijkse indexering. Tozo is een tijdelijk effect omdat de Tozo verband houdt met Corona (overheidsmaatregel als financiële steun voor ondernemers). Dit heeft ook een relatie met het percentage inhuur. In dezelfde tabel laat ook deze indicator een toename zien.

7.5

Verbonden partijen

In deze paragraaf gaan we in op samenwerkingsverbanden met een bestuurlijk of financieel belang voor Werkzaak Rivierenland. •  Een bestuurlijk belang houdt in dat Werkzaak Rivierenland zeggenschap heeft, of door een zetel in het bestuur van de organisatie, of uit hoofde van een stemrecht. •  Er is een financieel belang wanneer Werkzaak Rivierenland middelen ter beschikking heeft gesteld en die verliest bij een eventueel faillissement van de verbonden partij. Werkzaak kent de volgende vier verbonden partijen: Omschrijving Stichting Flex & Zeker Vestigingsplaats

Geldermalsen

Rechtspositie

Stichting

Doel en openbaar belang

Arbeidsbemiddeling

Zeggenschap

Directeur Werkzaak Rivierenland

Bestuurlijk Belang

100% eigenaar

Betrokkene

GR Werkzaak Rivierenland

Risico’s

Deze komen voor rekening van GR Werkzaak Rivierenland

Relatie met programma’s

Arbeidsparticipatie en Begeleide participatie

Eigen Vermogen

Eigen vermogen per 31-12-2019 € 0 Eigen vermogen per 31-12-2020 € 0

Vreemd vermogen

Vreemd vermogen per 31-12-2019 € 0 Vreemd vermogen per 31-12-2020 € 0

Financieel resultaat

€0

Risico’s

Vanwege de fiscale eenheid komen de risico’s voor GR Werkzaak Rivierenland

Veranderingen in het jaar

Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan

Ontwikkelingen

Er zijn geen ontwikkelingen

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

41

Omschrijving Stichting Werkzaak Plus Vestigingsplaats

Tiel

Rechtspositie

Stichting

Doel en openbaar belang

• Het voorzien in de flexibiliteitsbehoefte van werkgevers door medewerkers met een afstand

tot de arbeidsmarkt en overige werkzoekenden onder begeleiding van mentoren in de gelegenheid te stellen werkzaamheden te verrichten voor werkgevers. • Het zijn van de formele werkgever voor een deel van het staf- en kaderpersoneel

Zeggenschap

Deelnemende gemeenten van GR Werkzaak Rivierenland

Bestuurlijk Belang

100% eigenaar

Betrokkene

GR Werkzaak Rivierenland

Risico’s

Geen

Relatie met programma’s

Inkomensondersteuning, Arbeidsparticipatie, Begeleide participatie en Bestuur en Ondersteuning

Eigen Vermogen

Eigen vermogen per 31-12-2019 € 0 Eigen vermogen per 31-12-2020 € 0

Vreemd vermogen

Vreemd vermogen per 31-12-2019 € 0 Vreemd vermogen per 31-12-2020 € 0

Financieel resultaat

€0

Risico’s

Vanwege de fiscale eenheid komen de risico’s voor GR Werkzaak Rivierenland

Veranderingen in het jaar

Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan

Ontwikkelingen

Er zijn geen ontwikkelingen

Omschrijving Dariuz BV Vestigingsplaats

Eindhoven

Rechtspositie

Besloten Vennootschap

Doel en openbaar belang

Organisaties binnen de sociale zekerheid te ondersteunen bij het realiseren van duurzame deelname van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt

Zeggenschap

Deelnemende gemeenten van GR Werkzaak Rivierenland

Bestuurlijk Belang

3420 van de 18.948 geplaatste aandelen (18,1%)

Betrokkene

GR Werkzaak Rivierenland

Risico’s

Geen

Relatie met programma’s

Inkomensondersteuning, Arbeidsparticipatie, Begeleide participatie en Bestuur en Ondersteuning

Eigen Vermogen

Eigen vermogen per 31-12-2018 € 434.900 Eigen vermogen per 31-12-2019 € 558.400

Vreemd vermogen

Vreemd vermogen per 31-12-2018 € 0 Vreemd vermogen per 31-12-2019 € 0

Financieel resultaat

€ 213.500. Dividend 2020 ontvangen € 16.245

Risico’s

Op de balans staat een aandelenvermogen van € 3.420; dit is dan ook het risico

Veranderingen in het jaar

Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan

Ontwikkelingen

Geen

42

Omschrijving De coöperatieve streekmotor Puur Betuws U.A. Vestigingsplaats

Geldermalsen

Rechtspositie

Coöperatie

Doel en openbaar belang

Het inrichten van een korte voedselvoorzieningsketen, waarbij de opslag en distributie plaatsvindt door de talenten van Werkzaak Rivierenland om een circulaire, ecologische en inclusieve arbeidsmarkt en duurzamere samenleving te creëren

Zeggenschap

Algemene ledenvergadering van de coöperatie, waarin Werkzaak, vanuit haar lidmaatschap, ook stemrecht heeft

Bestuurlijk Belang

Mede invloed aanwenden op circulaire en inclusieve arbeidsmarkt en samenleving

Betrokkene

GR Werkzaak Rivierenland

Risico’s

De risico’s liggen bij de coöperatie met uitgesloten aansprakelijkheid

Relatie met programma’s

Arbeidsparticipatie, Begeleide participatie en Bestuur en Ondersteuning

Eigen Vermogen

Eigen vermogen per 31-12-2020 € 10.000

Vreemd vermogen

Vreemd vermogen per 31-12-2020 € 0

Financieel resultaat

€0

Risico’s

-

Veranderingen in het jaar

De coöperatie is in 2020 opgericht

Ontwikkelingen

Vanuit Regiodeal € 200.000,- ontvangen om bestaansrecht van deze coöperatie een boost te geven

Dat is voor mij misschien wel de grootste verrassing van het afgelopen jaar: als je mensen uit de doelgroep een duidelijke taak geeft, vervullen ze die nauwgezet. Of het nu gaat om het controleren van een hendeltje of het plaatsten van een rugleuning: ze nemen hun taak serieus en léveren Gispen

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

43

44

Werkzaak geeft kantoorstoelen van Gispen een tweede leven Het resultaat? Trotse medewerkers, een tevreden klant en een mooie bijdrage aan de circulaire economie. Zo’n tweeduizend refurbished Gispen kantoorstoelen met een eigen uniek label. Op het oog splinternieuw en stuk voor stuk in elkaar gezet door mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Het is het – voorlopige – resultaat van een succesvolle samenwerking tussen sociale werkvoorziening Werkzaak-Rivierenland en meubilairfabrikant Gispen. Robbert de Jonge: “Ik zie bij Werkzaak veel ondernemerschap. Het is een bewuste keuze om open te staan voor andersoortig werk, ook al is het op nog onbekend terrein. Daardoor kan zo’n project als dit van de grond komen. Werkzaak denkt in mogelijkheden en toont lef. Ik denk dat het heel belangrijk is open met elkaar te praten over wat wel en niet kan. Dat hebben we vanaf het begin gedaan. Alle kaarten op tafel. En ik weet hoe fanatiek Werkzaak erin staat en dat geeft mij vertrouwen. Ik heb me nooit zorgen gemaakt of het wel zou lukken.”

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

45

8

Jaarrekening 2020

8.1

Balans per 31 december

Activa

31-12-2020

31-12-2019

-

-

6.426.040

6.715.152

6.426.040

6.715.152

811.952

698.441

811.952

698.441

7.237.992

7.413.593

-

210

-

210

Vorderingen op openbare lichamen

317.950

1.185.270

Uitzettingen in 's Rijks schatkist

25.913.130

3.793.388

-

-

1.066.691

1.221.384

27.297.771

6.200.042

564.502

764.073

564.502

764.073

601.259

330.450

4.595.366

5.302.295

5.196.625

5.632.744

Totaal vlottende activa

33.058.898

12.597.070

Totaal generaal

40.296.890

20.010.663

Vaste activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met economisch nut

Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen

Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Vooruitbetalingen

Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar

Rekening-courant met niet-financiële instellingen Overige vorderingen

Liquide middelen Banksaldi

Overlopende activa Van overige Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotten die ontstaan zijn door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van de volgende begrotingsjaren komen

46

Passiva

31-12-2020

31-12-2019

Algemene reserve

1.127.056

1.127.056

Bestemmingsreserves

901.412

963.278

Gerealiseerde resultaat

3.476.263

-292.258

5.504.731

1.798.075

-

49.669

-

49.669

3.780.000

3.885.000

3.780.000

3.885.000

9.284.731

5.732.745

Rekening-courant met niet-financiële instellingen

205.600

679.060

Overige schulden

339.124

850.197

544.724

1.529.257

30.467.435

12.708.362

doel die dienen ter dekking van lasten volgende begrotingsjaren

-

40.299

Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van

-

-

30.467.435

12.748.661

Totaal vlottende passiva

31.012.158

14.277.918

Totaal generaal

40.296.890

20.010.663

Vaste passiva Eigen vermogen

Voorzieningen Verplichtingen, verliezen en risico's

Vaste schulden Binnenlandse banken en overige Financiële Instellingen

Totaal vaste passiva Vlottende passiva Netto vlottende schuld met een rentetypische looptijd < 1jaar

Overlopende passiva Verplichtingen opgebouwd in begrotingsjaar en in volgend begrotingsjaar tot betaling komen Van overige Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met specifiek bestedings-

het volgende begrotingsjaar komen

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

47

8.2 Toelichting op de balans Vaste Activa Materiële vaste activa Het verloop van de afzonderlijke posten is in de volgende tabel opgenomen:

Gronden en terreinen

Bedrijfsgebouwen

Vervoermiddelen

Machines, apparaten en installaties

Overige materiële vaste activa

Totaal

Investeringen met economisch nut (bedragen in € )

1.055.908

3.546.445

-

1.640.178

472.620

6.715.151

Investeringen

-

-

-

29.350

77.525

106.875

Desinvesteringen

-

-

-

-

-

-

-7.283

-140.095

-

-170.923

-77.686

-395.987

Bijdragen van derden

-

-

-

-

-

-

Duurzame waardevermindering

-

-

-

-

-

-

1.048.624

3.406.351

-

1.498.605

472.460

6.426.040

Boekwaarde per 1 januari 2020

Afschrijvingen

Boekwaarde per 31 december 2020

Naast de reguliere afschrijvingen zijn er in 2020 uitgaven gedaan voor de investering migratie van de netwerkomgeving van Centric naar KPN. Deze investering is nu afgerond. En een investering voor een verpakkingslijn/krimptunnel. De laatste investering komt ten laste van het beschikbaar gestelde budget voor noodzakelijke investeringen. Financiële vaste activa Een overzicht van de financiële vaste activa is hieronder weergeven.

Kapitaalverstrekking aan deelnemingen

Leningen aan overige verbonden partijen

Zelfstandigen (BBZ)

Totaal

Verloop financiële vaste bedragen (bedragen in € )

3.420

-

695.021

698.441

Investeringen

-

-

163.883

163.883

Boekwaarde per 1 januari 2020

Desinvesteringen

-

-

-16.786

-16.786

Afschrijvingen en aflossingen

-

-

-32.048

-32.048

Bijdragen van derden

-

-

Duurzame waardevermindering

-

-

-1.538

-1.538

3.420

-

808.532

811.952

Boekwaarde per 31 december 2020

-

De kapitaalverstrekking aan deelnemingen betreft een in 2008 verworven minderheidsaandeel in het mede door GR LANDER opgerichte Dariuz B.V. Dariuz is leverancier van een systeem voor diagnose, assessment en loonwaardebepaling voor doelgroepen binnen de Participatiewet.

48

De post Zelfstandigen (Bbz) zijn verstrekte leningen. Het betreft het een bruto saldo (869.338 euro) van de verstrekte leningen aan zelfstandigen in het kader van inkomensondersteuning. Het oninbare deel van de leningen is 60.805 euro. Hiertegenover is een niet invorderbare rekening courant opgenomen voor de schuld vanuit Werkzaak richting deelnemende gemeenten van 808.533 euro. De vordering wordt in het kader van de Bbz-regelgeving verrekend met de desbetreffende gemeente op het moment van daadwerkelijke aflossing van de lening. Vlottende Activa Voorraden Voorraden (bedragen in € )

Boekwaarde per 1 januari 2020 Grond en hulpstoffen

210 -

Onderhouden werk (bouwgrond in exploitatie)

-

Gereed product en handelsgoederen

-

Vooruitbetalingen

-210

Boekwaarde per 31 december 2020

-

Onder de voorraden zijn alleen cadeaucheques opgenomen. Uitzettingen met een looptijd korter dan een jaar Onder de post vorderingen op openbare lichamen op de balans staan de op de balansdatum openstaande vorderingen op overheidsorganisaties (317.950 euro). Dit betreft voor ruim de helft vorderingen op deelnemers van de gemeenschappelijke regelingen, daarnaast ook vorderingen op andere samenwerkingspartners binnen onze regio. De overige vorderingen bestaan voor 1,1 miljoen euro aan debiteuren. Dit zijn voornamelijk debiteuren waar Werkzaak medewerkers uit de verschillende doelgroepen geplaatst heeft. In 2013 is het verplicht schatkistbankieren zonder leenfaciliteit ingevoerd voor onder andere gemeenschappelijke regelingen. Dit heeft een positief effect gehad op de omvang van de staatsschuld. Werkzaak regelt het betalingsverkeer via de eigen bank. Aan het einde van een werkdag wordt een eventueel negatief saldo op haar bankrekening aangezuiverd vanaf de rekeningcourant die Werkzaak heeft bij het ministerie van Financiën. Andersom wordt een positief saldo op deze bankrekening aan het einde van de dag juist afgeroomd ten gunste van het rekening-courant.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

49

Werkzaak ontvangt van het ministerie van Financiën over 2020 geen rentevergoeding. Tot 0,75% van het begrotingstotaal (drempelbedrag) mag de gemeente aan eigen middelen aanhouden. Boven dit bedrag worden overtollige middelen automatisch afgeroomd. In 2020 heeft Werkzaak het drempelbedrag van de normstelling voor drie kwartalen overschreden. Onderstaande tabel toont dit. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1.000) Verslagjaar 2020 (1) (2)

Drempelbedrag

700,605 Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

837

876

801

557

-

-

-

144

137

175

101

-

Kwartaalcijfer op dag basis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

(3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1)

Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

(1) Berekening drempelbedrag (4a)

Begrotingstotaal verslagjaar

(4b)

Het deel van het begrotingstotaal

93.414

dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen (4c)

93.414

Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

-

(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een minimum van € 250.000

Drempelbedrag

700,605

(2) Berekening kwartaalcijfer op dag basis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (5a)

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

76.185

79.723

73.726

51.250

91

91

92

92

837

876

801

557

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)

(5b) (2) - (5a) / (5b)

Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dag basis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

Per balansdatum heeft Werkzaak een vordering op ’s Rijks schatkist van 25,9 miljoen euro. (In 2019 was dit 3,8 miljoen euro.) De overschrijding in de eerste drie kwartalen heeft plaatsgevonden doordat de G-rekening (dit is een geblokkeerde rekening om afdrachten te betalen aan de belastingdienst) niet wordt meegenomen in de berekening van het af te romen bedrag.

50

Liquide middelen Onder deze post zijn de banksaldi opgenomen van Werkzaak. Nog te ontvangen voorschotbedragen voor specifiek bestedingsdoel

Ontvangen 2020

Technologie voor inclusie

ZonMW

ESF

Rekening 2019

Puur Betuws

Nog te ontvangen voorschotbedragen met specifiek bestedingsdoel (bedragen in € )

-

5.676

-40.299

324.774

-

5.676

46.665

-

Besteed 2020

121.352

-

102.350

139.747

Rekening 2020

121.352

-

15.386

464.521

Onder de van overige Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotten die ontstaan zijn door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel zijn opgenomen de nog te ontvangen subsidie ESF (464.521 euro), dit project is nu afgelopen en de stukken zijn ingediend. Ook wordt er subsidie ontvangen van ZonMW voor het ontwikkelen van een keuzehulp instrumentarium (15.386 euro) en Puur Betuws, een lokaal initiatief om streekproducten aan te bieden aan consumenten met inzet van onze doelgroep (121.352 euro). Vorig jaar was ZonMW opgenomen onder de ontvangen voorschotbedragen. Overlopende activa Overlopende activa Boekwaarde 31-12-2020

Boekwaarde 31-12-2019

Inkomensdebiteuren

9.962.049

11.363.060

Dubieuze debiteuren

7.140.517

-6.679.462

Uitkeringsadministratie

2.821.532

4.683.598

Te ontvangen transparante BTW

888.481

27.943

Nog te ontvangen loonheffing

169.834

Nog te ontvangen premies

23.135

Verrekende abonnementsgelden

11.880

18.913

Fietsplan

12.517

18.247

Nog te ontvangen bedragen

523.780

519.724

Vooruitbetaalde bedragen

70.879

46.131

Overig

73.329

-12.261

Totaal

5.595.366

5.302.295

Onder de overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van de volgende begrotingsjaren komen is de grootste post de inkomensdebiteuren met een bedrag van 9.962.049 euro. Hierop is een voorziening oninbaarheid van 7.140.517 euro in mindering gebracht. Hiertegenover is een niet invorderbare rekening courant opgenomen voor de schuld vanuit Werkzaak richting deelnemende gemeenten. De vordering wordt in het kader van de rijksregelgeving (BUIG, Bbz) verrekend met de desbetreffende gemeente op het moment van daadwerkelijke ontvangst vanuit de inkomensdebiteur.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

51

Deze schatting is gedaan naar de situatie per 31 december 2020, maar de in de paragraaf gebeurtenissen na balansdatum genoemde effecten kunnen tot aanvullende onzekerheden leiden. Daarnaast is de post nog te ontvangen 523.780 euro. Dit betreft een nog te ontvangen post van 254.000 euro voor het lage inkomensvoordeel (een jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers die werknemers in dienst hebben met een laag loon), een nog te ontvangen bedrag van Dariuz van 80.000 euro voor de overdracht van het eigendom van Mentorwijs en een nog te ontvangen bijdrage van Divosa voor de regiocoördinatie van 59.000 euro. Het restant van nog te ontvangen, zijn nog te factureren posten. Verder staan onder de overlopende activa de nog te ontvangen transparante btw (888.481 euro) en nog te ontvangen loonheffing en premies (192.969 euro). Op vooruitbetaald staan met name licenties. Verder betreft het wat kleinere posten zoals te verrekende abonnementsgelden, Voorschotten van de uitkeringsadministratie en het fietsplan. Vaste Passiva Reserves De ontwikkeling en samenstelling van de reserves zijn gespecificeerd:

Algemene reserve

Reserve inrichting Werkzaak

Reserve onderhoud

Reserve innovatiefonds

Reserve personeel

Saldo van de rekening

Totaal

Reserves (bedragen in € )

1.127.056

54.853

127.434

331.281

449.710

-292.258

1.798.076

voorgaand boekjaar

-

-

-

-

-

292.258

292.258

Toevoegingen 2020

-

-

54.000

-

-

3.476.263

3.530.263

Onttrekkingen 2020

-

-54.853

-

-1.013

-60.000

-

-115.866

Boekwaarde per 1 januari 2020 Toevoeging/onttrekking resultaatbestemming

Verminderingen ter dekking van afschrijvingen Boekwaarde 31 december 2020

-

-

-

-

-

-

-

1.127.056

-

181.434

330.268

389.710

3.476.263

5.504.731

De algemene reserve dient als buffer voor het tijdelijk opvangen van negatieve exploitatieresultaten en van onvoorziene ontwikkelingen. De ondergrens wordt bepaald door het minimaal benodigde weerstandsvermogen, dat jaarlijks wordt bepaald met een risico-inventarisatie. In 2020 was er geen wijziging. De bestemmingsreserve Inrichting Werkzaak is bedoeld voor de dekking van kosten in het kader van de overgang van GR Lander naar Werkzaak. Vanaf 2018 is de omvang van de reserve afgestemd op de resterende personeelsvraagstukken en zal in die hoedanigheid tot en met 2020 worden aangehouden. Voor deze personeelsvraagstukken heeft in 2020 de laatste onttrekking plaatsgevonden van 54.853 euro. In 2020 is een onderhoudsplan voor het pand aan de Poppenbouwing opgesteld en in deze reserve wordt jaarlijks 54.000 euro gestort. Het Algemeen Bestuur Werkzaak stemde in 2017 in met de vorming van een innovatiefonds. De reserve is bedoeld om Werkzaak de mogelijkheden te bieden om vanuit haar primaire opdracht nieuwe initiatieven te ontwikkelen. In 2020 is er 1.013 euro aan de reserve onttrokken voor het project vrouwenaanpak. De reserve personeel is bij de resultaatbestemming 2018 in het leven geroepen om WW-verplichtingen op te vangen. Hier is 60.000 euro aan onttrokken voor deze verplichtingen.

52

Voorzieningen De ontwikkeling en samenstelling van de voorzieningen zijn hieronder nader gespecificeerd:

Voorziening personeel

Voorzieningen (bedragen in € )

Boekwaarde per 1 januari 2020

49.669

Toevoegingen

-

Ten gunste van baten en lasten vrijgevallen bedragen

-

Aanwendingen

-49.669

Boekwaarde per 31 december 2020

-

Uit de voorziening personeel worden de personele knelpunten van Lander gehaald. Dit loopt tot en met 2020. Dit was de laatste onttrekking. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van een jaar of langer Per 1 september 2016 is een lening afgesloten van 4,2 miljoen euro bij de BNG met een rente van 1,4% per jaar en een looptijd van 40 jaar. Deze lening is bestemd voor de financiering van de renovatie en nieuwbouw van het pand Poppenbouwing. De totale rentelast voor het jaar 2020 bedraagt 53.778 euro (2019: 55.247 euro), de aflossing 105.000 euro. Vlottende Passiva De vlottende schuld bestaat uit een crediteurenportefeuille van 339.124 euro en de rekening courantverhoudingen met niet-financiële instellingen betreffende de intercompany verhoudingen met de stichtingen Flex en Zeker en Werkzaak Plus (205.600 euro). Onder de overlopende passiva, opgebouwd in begrotingsjaar en in volgend begrotingsjaar tot betaling komen, staat een bedrag van 30.467.000 euro. Dit bestaat voor 3.630.000 euro uit een niet opeisbare rekening-courant voor de debiteuren inkomensvoorziening.

Daarnaast bestaat deze post uit (afgerond): •  Netto nog te betalen uitkeringen (2.932.000 euro) •  Af te dragen btw (477.000 euro) •  Nog af te dragen loonheffing, premies en nog te betalen lonen (1.112.000 euro) •  Nog te betalen loonkostensubsidies (1.684.000 euro) •  Nog te verrekenen voorschotbedragen (20.000.000 euro) •  Nog te betalen bedragen (503.000 euro) •  Diverse kleinere posten (130.000 euro). Buiten de balans opgenomen borg- en garantstellingen zijn niet aanwezig.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

53

Niet uit de balans blijkende verplichtingen Overeenkomstig de bepalingen van het Bbv wordt in deze paragraaf gerapporteerd over de belangrijke financiële verplichtingen waaraan Werkzaak de komende jaren is verbonden (niet uit de balans blijkende verplichtingen). Deze verplichtingen zijn hieronder weergegeven in een tabel. Contracten (bedragen per € ) Totale contract-waarde

Contractwaarde 2021

Contractwaarde na 2021

resterende looptijd

Outsourcing van de ICT-omgeving en applicaties

2.420.233

484.047

1.552.983

ICT-Applicaties

652.299

217.433

-

Salarisverwerking

559.415

124.414

372.943

Accountantscontrole

197.500

39.500

39.500

Huisvesting

4.352.548

435.255

1.741.019

Totaal

8.181.995

1.300.649

3.706.445

Werkzaak kent bovenstaande contracten voor de bedrijfsvoering én abonnementscontracten waar wordt afgerekend op basis van gebruik, contracten die jaarlijks opzegbaar zijn en een inkoopcontract voor schoonmaakmiddelen voor Speciaal Facilitair.

8.3

Waarderingsgrondslagen

De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het bestuur op 26 september 2019 de uitgangspunten voor het financiële beleid en de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening Activa wordt gewaardeerd op basis van verkrijging- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. Op de balans worden de activa onderscheiden in vaste en vlottende activa, al naar gelang zij zijn bestemd voor de uitoefening van de werkzaamheden van de organisatie duurzaam te dienen. Naar verwachting duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Voorraden en deelnemingen worden tegen de marktwaarde gewaardeerd, als de marktwaarde lager is dan de verkrijging- of vervaardigingsprijs.

Een actief dat buiten gebruik wordt gesteld wordt afgewaardeerd op het moment van buitengebruikstelling, als de restwaarde lager is dan de boekwaarde. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.

54

Vaste activa Materiële vaste activa Alle investeringen worden voor het bedrag van de investering geactiveerd verminderd met eventuele bijdragen van derden die in directe relatie staan met de investering. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven. Een uitzondering wordt gemaakt voor eventuele verbeteringen aan terreinen (bijvoorbeeld: hekwerk en bestrating). Voor het overige vindt afschrijving plaats op basis van de historische aanschafprijs volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur, rekening houdend met een eventuele restwaarde. De afschrijvingstermijn gaat in op het moment van ingebruikname van het actief. De materiële vaste activa wordt lineair afgeschreven in relatie tot de economische levensduur. In de financiële verordening zijn voor deze afzonderlijke soorten activa als volgt vastgesteld. Gehanteerde afschrijvingstermijnen (in jaren)

Gronden en terreinen

n.v.t.

Woonruimten

40

Bedrijfsgebouwen

40

Vervoermiddelen

5

Machines, apparaten en installaties

10

Hardware (ICT)

5

Software (ICT)

5

Overige materiële vaste activa

5 (inventaris)

Financiële vaste activa In de balans worden onder de financiële vaste activa afzonderlijk opgenomen: kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen, gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen; leningen aan woningbouwcorporaties, deelnemingen, overige verbonden partijen en overige langlopende leningen; overige uitzettingen met een rente-typische looptijd van één jaar of langer. Eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid worden met de nominale waarde van de leningen verrekend. Vlottende activa Vorderingen Eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid worden met de nominale waarde van de vorderingen verrekend. Het onderscheid tussen vorderingen en financiële vaste activa wordt gevormd door de looptijd, vorderingen hebben een rentetypische looptijd van korter dan één jaar. De liquide middelen worden tegen nominale waarde opgenomen en omvatten bank- en kassaldi. Onder de overlopende activa zijn opgenomen vooruitbetaalde bedragen voor nog te ontvangen goederen of diensten.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

55

Vaste Passiva Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd, op basis van de meest actuele berekeningen voor: •  Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten; •  Op de balansdatum bestaande risico’s van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten; •  Kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. Vaste schulden In het BBV is het onderscheid tussen langlopende en kortlopende schulden gelegd bij langer of korter dan één jaar. Vlottende passiva Vlottende schulden De netto vlottende schulden bestaan uit kasgeldleningen, bank- en girosaldi en overige schulden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar. Overlopende passiva Onder de overlopende passiva worden verplichtingen opgenomen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van aan jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Tot de overlopende passiva horen ook de van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden.

Grondslagen voor resultaatbepaling en resultaatbestemming Bij de bepaling van het resultaat wordt het stelsel van baten en lasten gehanteerd. Verliezen worden verantwoord op het moment dat deze voorzienbaar zijn. Winsten worden verantwoord nadat deze zijn gerealiseerd. De afschrijvingen worden berekend conform de onder de vaste activa genoemde criteria. Resultaatbestemming Bij de resultaatbestemming wordt onderscheid gemaakt tussen vooraf, in de begroting, bepaalde toevoegingen aan en onttrekkingen uit reserves en de bestemming van het jaarrekeningresultaat. De vooraf bepaalde mutaties worden in de reserves verwerkt en het jaarrekeningresultaat wordt afzonderlijk op balans gepresenteerd. Gebeurtenissen na balansdatum Op 21 januari 2021 heeft het Algemeen Bestuur een besluit genomen over de bestuurlijke agenda. Concreet betekent dat de deelnemers van de gemeenschappelijke regeling een stap verder gaan in het kader van solidariteit op BUIG-gelden en dat de lasten en baten van WSW vanaf 2021 worden afgerekend op basis van de werkelijkheid. Implementatie vindt plaats na goedkeuring na (postieve) besluitvorming in de colleges en raden van de gemeenten.

56

Het coronavirus heeft positieve effecten gehad op de jaarrekening 2020, maar heeft mogelijk negatieve invloed op veel beleidsterreinen van onze begroting 2021 en mogelijk de jaren daarna. Hoe groot de financiële impact zal zijn is nu onmogelijk te bepalen. Voor wat betreft de balanspositie eind 2020 kan de impact met name betrekking hebben op de inbaarheid van de (uitkerings)debiteuren. Vorderingen die per balansdatum door ons als inbaar geschat werden kunnen als gevolg van de crisis gedurende 2021 minder inbaar blijken. Deze onzekerheid is bij de balanspost kort- en langlopende vorderingen toegelicht. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit.

8.4

Overzicht van baten en lasten

(bedragen afgerond op € 100)

Rekening 2019

Begroting

Begrotings-

Begroting na

primitief 2020

wijziging 2020

wijziging 2020

Rekening 2020

Verschil

Lasten Inkomensvoorziening

44.335.900

50.122.000

11.343.200

61.465.200

62.912.400

-1.447.200

Begeleide Participatie

26.705.500

25.036.000

613.000

25.649.000

29.799.100

-4.150.100

Arbeidsparticipatie

8.200.500

8.650.000

-1.959.000

6.691.000

5.200.600

1.490.400

Algemene dekkingsmiddelen

55.700

0

54.000

54.000

54.400

-400

9.659.200

9.607.000

2.601.400

12.208.400

9.701.800

2.506.600

88.956.800

93.415.000

12.652.600

106.067.600

107.668.300

-1.600.700

Inkomensvoorziening

41.075.800

46.692.000

13.146.100

59.838.100

61.215.200

1.377.100

Begeleide Participatie

31.010.800

28.304.000

846.400

29.150.400

31.163.500

2.013.100

Arbeidsparticipatie

7.509.400

9.197.000

-3.688.400

5.508.600

5.859.100

350.500

88.200

0

54.000

54.000

79.300

25.300

7.017.900

9.222.000

3.318.000

12.540.000

12.765.600

225.600

86.702.100

93.415.000

13.676.100

107.091.100

111.082.700

3.991.600

-2.254.700

0

1.023.500

1.023.500

3.414.400

2.390.900

54.000

54.000

54.000

-

Overhead Heffing VPB Onvoorzien Totaal lasten Baten

Algemene dekkingsmiddelen Overhead Heffing VPB Onvoorzien Totaal baten Totaal gerealiseerde saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves

1.962.400

-

164.900

164.900

115.900

-49.000

Saldo reservemutaties

1.962.400

0

110.900

110.900

61.900

-49.000

Resultaat

-292.300

0

1.134.400

1.134.400

3.476.300

2.341.900

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

57

8.5

Toelichting op de baten en lasten

Programma: Inkomensvoorziening De taken die bij Werkzaak zijn belegd voor het ondersteunen in de inkomensvoorziening zijn verwerkt in het programma Inkomensvoorziening. Tevens worden binnen de BUIG gelden de loonkostensubsidies verwerkt en staan ook de directe kosten verwerkt binnen het programma. (bedragen afgerond op € 100)

Rekening 2019

Begroting

Begrotings-

Begroting na

primitief 20209

wijziging 2020

wijziging 2020

Rekening 2020

Verschil

Lasten Participatie BUIG

39.904.600

45.082.000

-3.170.500

41.911.500

41.846.400

65.100

Participatie BBZ

428.300

808.000

-979.400

-171.400

75.700

-247.100

Bijzondere bijstand

303.100

278.000

-54.300

223.700

267.800

-44.100

436.800

524.000

55.700

579.700

544.300

35.400

-

-

15.426.000

15.426.000

16.207.100

-781.100

3.263.100

3.430.000

-1.342.800

2.087.200

2.464.900

-377.700

-

-

1.408.500

1.408.500

1.506.200

-97.700

Handhaving, onderzoek en invordering Tozo Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering Tozo Totaal lasten

44.335.900

50.122.000

11.343.200

61.465.200

62.912.400

-1.447.200

Participatie BUIG

39.904.600

45.082.000

-3.170.500

41.911.500

41.846.400

-65.100

Participatie BBZ

428.100

808.000

-979.400

-171.400

75.700

247.100

Bijzondere bijstand

303.100

278.000

-54.300

223.700

267.800

44.100

436.800

524.000

55.700

579.700

544.300

-35.400

0

0

15.426.000

15.426.000

16.207.100

781.100

3.200

0

0

0

0

0

Baten

Handhaving, onderzoek en invordering Tozo Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering Tozo

0

0

1.868.600

1.868.600

2.273.900

405.300

Totaal baten

41.075.800

46.692.000

13.146.100

59.838.100

61.215.200

1.377.100

Saldo van baten en lasten

-3.260.100

-3.430.000

1.802.900

-1.627.100

-1.697.200

-70.100

Toevoegingen aan reserves

0

0

0

0

0

0

Onttrekkingen aan reserves

0

0

0

0

0

0

Saldo reservemutaties

0

0

0

0

0

0

Resultaat programma

-3.260.100

-3.430.000

1.802.900

-1.627.100

-1.697.200

-70.100

58

Toelichting Verschillen Analyse verschil Participatie BUIG Netto-uitkeringen participatie

437.600

Loonkostensubsidie

346.700

Rijksvergoeding BUIG

1.965.700

Gemeentelijke bijdrage subsidieresultaat

-2.750.000

Totaal

0

Participatie BBZ Netto-aflossingen leningen tot en met 2019

41.700

Netto-kredietverstrekking leningen vanaf 2020

63.600

Rijksvergoeding BBZ

-26.900

Gemeentelijke bijdrage subsidieresultaat

-78.400

Totaal

0

Bijzondere bijstand Netto-kosten bijzondere bijstand

-20.100

Gemeentelijke bijdrage subsidieresultaat

20.100

Totaal

0

Handhaving, onderzoek en invordering Invorderingskosten

30.500

Onderzoekskosten BBZ

4.900

Gemeentelijke bijdrage subsidieresultaat Totaal

-35.400 0

Tozo Netto-kosten Tozo

-560.900

Uitvoeringskosten Tozo

-97.700

Rijksvergoeding Tozo

966.200

Totaal

307.600

Bedrijfsvoering Netto-personeelskosten

-344.800

Overige personeelskosten

-32.900

Totaal

-377.700

Totaal

-70.100

Participatie BUIG Het aantal uitkeringen is uitgekomen op 2.671; dit is een lichte daling ten opzichte van de verwachtingen bij bestuursrapportage. Dit levert een voordeel op van 437.600 euro. Ook op de loonkostensubsidies is een voordeel (346.700 euro) wat veroorzaakt wordt door de afwikkeling hiervan met extern geplaatste mensen. In Verband met de coronacrisis is de rijksvergoeding BUIG met 1.965.700 euro naar boven bijgesteld. Samen met de verlaagde kosten leidt dit tot een voordeel bij gemeenten van 2.750.000 euro. Samen met de effecten uit de bestuursrapportage komt het BUIG-resultaat op 4.948.800 dit is gemiddeld 10,7%. Uit de Divosa benchmark blijkt dat het gemiddeld voordeel 2% is. Het voordeel wordt afgerekend met gemeenten.

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

59

Participatie BBZ Met ingang van 1 januari 2020 valt de inkomensvoorziening van de BBZ onder participatie BUIG. Wat echter hetzelfde bleef is dat er net als in 2019 ook in 2020 minder mensen (realisatie gemiddeld 14) gebruik maakten van de BBZ-regeling. Daarnaast was er weinig vraag naar kredietverstrekking middels deze regeling. Vast staat dat de coronacrisis en de Tozo-regeling een grote invloed heeft op het aantal aanvragen. In financiële zin is er per saldo op oude leningen meer afgelost (41.700 euro) en op de nieuwe leningen minder aangevraagd (63.600 euro). De terug te betalen rijksvergoeding stijgt hierdoor met 26.900 euro zodat dit leidt tot een voordeel op het subsidieresultaat van 78.400 euro. Bijzondere bijstand Bij de bestuursrapportage hebben we de kosten bijzondere bijstand verlaagd met 54.300 euro. Nu blijkt dat gebruik toch iets meer geweest is, wat leidt tot een nadeel van 20.100 euro. Per saldo betekent dit een stijging van de bijdrage van de gemeenten (20.100 euro). Handhaving, onderzoek en invordering Doordat het aantal aanvragen voor leningen BBZ lager is, dalen ook de onderzoekskosten (voordeel 4.900 euro). Verder onderzoeken wij of in het uitkeringenbestand andere vormen van uitkering mogelijk zijn dan de inkomensvoorziening. De kosten hiervoor zijn ook lager uitgevallen (voordeel 30.500 euro).

Bedrijfsvoering De totale salariskosten van de organisatie laten een voordeel zien 37.200 euro. Deze kosten worden verdeeld over programma’s waardoor er onderlinge verschillen ontstaan. Op dit programma is er een nadeel van 3.400.200 euro. Op de personeelskosten (onder andere opleiding, werkkostenregeling, salarisadministratie en arbo) is op dit programma een nadeel van 89.600. De oorzaak hiervan is dat de raming van deze kosten centraal staat. Over alle programma’s heen is er een nadeel van 6.400 euro op de overige personeelskosten. Subsidieresultaat Gedurende het jaar is het subsidieresultaat omgebogen van een verwacht tekort (1.725.000 euro) naar een overschot (4.239.100 euro). Per saldo een verbetering van 5,964 miljoen euro.

Resultaat BUIG

Begroting

BURAP

Jaarrekening

-878.000

2.198.800

4.948.800

Resultaat BBZ

143.000

42.800

78.400

Bijzondere Bijstand

-278.000

-223.700

-243.800

Handhaving, onderzoek en invordering

-712.000

-579.700

-544.300

-1.725.000

1.438.200

4.239.100

Subsidieresultaat programma

60

Programma: Begeleide participatie Wat heeft het gekost? (bedragen afgerond op € 100)

Rekening 2019

Begroting

Begrotings-

Begroting na

primitief 2020

wijziging 2020

wijziging 2020

Rekening 2020

Verschil

22.756.700

20.996.000

1.045.000

22.041.000

22.202.800

-161.800

362.700

510.000

141.000

651.000

627.000

24.000

5.600

0

0

0

27.100

-27.100

377.900

0

0

0

487.600

-487.600

Lasten WSW WSW omzetcompensatie Inleenvergoeding

0

Participatie Inkoopkosten omzet Bedrijfsvoering

3.202.600

3.530.000

-573.000

2.957.000

6.454.600

-3.497.600

Totaal lasten

26.705.500

25.036.000

613.000

25.649.000

29.799.100

-4.150.100

22.770.600

20.996.000

1.045.000

22.041.000

22.202.800

161.800

0

0

1.662.400

1.662.400

1.691.200

28.800

362.700

510.000

-510.000

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Baten WSW WSW omzetcompensatie Inleenvergoeding Participatie Omzet

7.839.500

6.798.000

-1.351.000

5.447.000

7.261.700

1.814.700

Bedrijfsvoering

38.000

0

0

0

7.800

7.800

Totaal baten

31.010.800

28.304.000

846.400

29.150.400

31.163.500

2.013.100

Saldo van baten en lasten

4.305.300

3.268.000

233.400

3.501.400

1.364.400

-2.137.000

Toevoegingen aan reserves

0

0

0

0

0

0

Onttrekkingen aan reserves

0

0

0

0

0

0

Saldo reservemutaties

0

0

0

0

0

0

Resultaat programma

4.305.300

3.268.000

233.400

3.501.400

1.364.400

-2.137.000

Werkzaak Rivierenland

| jaarrekening 2020

61

Analyse verschil WSW Personele kosten SW

187.300

Loonkostensubsidie

-314.500

Rijksvergoeding WSW

371.400

Gemeentelijke bijdrage subsidieresultaat

-244.200

Totaal

0

Omzet/inleenvergoeding Kosten omzet

-487.600

Gerealiseerde omzet

1.814.700

Inleenvergoeding Beschut Totaal

24.000 1.351.100

Omzetcompensatie SW Rijksvergoeding vanwege corona

28.800

Totaal

28.800

Participatie Kosten doelgroep

-27.100

Totaal

-27.100

Bedrijfsvoering Personeelskosten Opleidingskosten/werkkostenregeling

-3.400.200 -89.600

Totaal

-3.489.800

Totaal verschil programma

-2.137.000

Toelichting Wet sociale werkvoorziening In de bestuursrapportage zijn de kosten voor de Wsw geïndexeerd. Door de iets hogere afname van de doelgroep (afgerond 7% tegen 5% landelijk) vallen de personeelskosten 187.300 euro lager uit. De kosten van de loonkostensubsidie bij de SW vallen 314.500 euro hoger uit doordat gemiddeld 11 personen meer loonkostensubsidie (LKS) kregen en het gemiddelde LKS-bedrag 2.923 hoger was. Door de bijstelling bij de gemeente West Betuwe valt de rijksvergoeding 371.400 hoger uit. Per saldo betekent het dat het tekort bij gemeenten daalt met 244.200. Omzet versus inleenvergoeding De omzet is het resultaat van de inzet van instrumenten en geen doel op zich. De inleenvergoedingen zijn de salariskosten verminderd met de loonkostensubsidie van de doelgroep medewerkers die in dienst zijn bij Werkzaak. In de bestuursrapportage stelden we door corona de raming met 650.000 euro naar beneden bij. Door de hogere omzet in het laatste half jaar is er een voordeel van 405.400 euro. Binnen dit programma is er een voordeel 1.351.100 euro. In 2020 waren er 53 beschutte werkplekken begroot; uiteindelijk zijn gemiddeld 62 plekken ingevuld.

62

Begeleide

Arbeids-

participatie

participatie

7.261.700

480.400

Kosten omzet

487.600

1.800

Netto omzet

6.774.100

478.600

Inleenvergoeding

627.000

1.895.300

6.147.100

-1.416.700

Omzet

Saldo

Overhead

Totaal

Begroting

Verschil

81.000

7.823.100

6.761.000

1.062.100

489.400 81.000 81.000

-489.400

7.333.700

6.761.000

572.700

2.522.300

2.355.000

-167.300

4.811.400

4.406.000

405.400

Omzetcompensatie WSW In 2020 is een van de steunmaatregelen van de Rijksoverheid om sociaal werkbedrijven een compensatie te geven voor gederfde omzet vanwege corona. Omgerekend voor Rivierenland komt dit uit op 1.691 mln. Dit is 28.800 euro meer dan de bestuursrapportage. Participatie De participatiekosten laten op dit programma een nadeel zien van 27.100 euro. De toelichting is opgenomen bij arbeidsparticipatie. Bedrijfsvoering De totale salariskosten van de organisatie laten een voordeel zien 37.200 euro. Deze kosten worden verdeeld over programma’s waardoor er onderlinge verschillen ontstaan. Op dit programma is er een nadeel van 3.400.200 euro. Op de personeelskosten (onder andere opleiding, werkkostenregeling, salarisadministratie en arbo) is op dit programma een nadeel van 89.600. De oorzaak hiervan is dat de raming van deze kosten centraal staat. Over alle programma’s heen is er een nadeel van 6.400 euro op de overige personeelskosten. Subsidieresultaat Gedurende het jaar is het subsidieresultaat verbeterd van een verwacht tekort van 825.000 euro naar een tekort van 392.500 euro. Per saldo een verbetering van 432.500 euro. Begroting

BURAP

Jaarrekening

Resultaat SW

-825.000

-636.700

-392.500

Subsidieresultaat programma

-825.000

-636.700

-392.500

Werkzaak Rivierenland

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10241833/1