Bijlage 1. Uitvoeringsregeling compensatie energieprijzen def
Tekst van het document
Uitvoeringsregeling tijdelijke compensatie energieprijzen voor verenigingen, instellingen zonder winstoogmerk of gebruikers van gemeentelijk vastgoed. Deze uitvoeringsregeling is bedoeld om duidelijkheid te scheppen over welke organisaties in aanmerking komen voor de maatregel om de verhoging van de energierekening naar aanleiding van de energiecrisis te dempen. Dit kunnen verenigingen zijn, stichtingen of andere instellingen, die geen winstoogmerk hebben en met een maatschappelijk doel vastgoed exploiteren of gemeentelijk vastgoed gebruiken (verder te noemen: organisaties). De regeling is geldig vanaf 1 november 2022 tot 1 april 2023. Er is circa 550.000 euro beschikbaar voor deze uitvoeringsregeling. Als dit plafondbedrag is bereikt is het niet meer mogelijk aanvragen te doen. Om te kunnen bepalen of, in welke mate en op welke wijze een organisatie in aanmerking komt voor een compensatie voor het deel waarmee het termijnbedrag van de energierekening is gestegen ten opzichte van het bedrag in het vorige energiecontract. Hierom is een aantal indieningsvereisten in deze uitvoeringsregeling opgenomen en een aantal beoordelingscriteria. Een aanvraagformulier wordt op de website beschikbaar gesteld of op verzoek van een organisatie uitgereikt. Het aanvraagformulier bevat een aantal standaardvragen.
Op alle vragen moet voldoende antwoord gegeven zijn, om te kunnen beoordelen of de compensatie van toepassing is. Is de informatie die een aanvrager op het aanvraagformulier geeft onvoldoende om deze beoordeling te kunnen doen, dan zal om aanvulling gevraagd worden. Pas als voldaan is aan de indieningsvereisten, kan tot inhoudelijke beoordeling worden overgegaan. In verband met de snelheid zal vooraf een globale controle plaatsvinden en achteraf een strengere controle om te bepalen of de lening in een gift wordt omgezet. De indieningsvereisten (opgenomen in het aanvraagformulier) Bij het indienen van de aanvraag moet worden onderbouwd dat aan de indieningsvereisten wordt voldaan. Bij de aanvraag moet worden onderbouwd dat: 1. Het om een non-profit organisatie gaat met een maatschappelijk doel gericht op de inwoners van en actief in de gemeente Zaltbommel en verantwoordelijk voor de exploitatie van (gemeentelijk) vastgoed Het moet gaan om een op 1 januari 2022 bestaande organisatie; 2.
De organisatie in één van de volgende categorieën valt: verenigingen met leden, contributiebetalingen en eventueel sponsoring, waaronder sport-, muziek- (ook fanfares en harmonieën,), zang- en toneel verenigingen, scouting; organisaties gericht op educatie (niet zijnde regulier onderwijs), waaronder bibliotheken, cultuur- en kunstinstellingen; organisaties die een accommodatie van de gemeente exploiteren waarin activiteiten georganiseerd worden, waaronder dorpshuizen met een bestuur als stichting, cultureel centrum; Een organisatie die niet in één van deze categorieën past, maar wat betreft doel, organisatie, financieringsvorm en samenstelling hiermee vergelijkbaar is. 3. Sprake is van een verhoogde voorschotnota op de energie die zorgt voor een financieel tekort en daarmee een risico voor het voortbestaan van de organisatie of voor de activiteiten waar de organisatie is opgericht; 4. Sprake is van een verhoogde energienota of rekening voor gas bij het vullen van de gastank, die een financieel tekort oplevert een daarmee een risico voor het voortbestaan van de organisatie of voor de activiteiten waar de organisatie is opgericht;
5. Geen gebruik gemaakt kan worden van andere mogelijkheden en andere (landelijke of overige) regelingen die bestaan om organisaties tegemoet te komen. De gemeentelijke regeling is een vangnetregeling. Dat geldt niet alleen voor bestaande regelingen op het moment van indienen van de aanvraag, maar ook eventuele toekomstige regelingen. Hier moet men zelf tijdig een aanvraag voor indienen. 6. Goed onderbouwd is dat een financieel probleem ontstaan is of ontstaat dat direct en alleen maar toe te schrijven is aan de energiecrisis. Het nadeel naar aanleiding van de verhoogde voorschotnota moet worden afgezet tegen de normale financieringsstromen (inkomsten en uitgaven). Hieruit moet duidelijk blijken dat als gevolg van de energiecrisis de normale financiële huishouding verstoord wordt en op welke wijze. Het oude en nieuwe contract met de energieleverancier, de oude en nieuwe voorschotnota en eindafrekening (zodra die er is) moeten worden bijgevoegd. Of in het geval van een gastank de factuur van vorige periode en de huidige factuur. 7. Per locatie/adres kan één aanvraag worden ingediend; 8. De organisatie mag na toekenning van de vergoeding geen tariefverhoging doorvoeren voor haar gebruikers die verband heeft met de energiecrisis.
Is er naast gebruik voor maatschappelijke doeleinden ook sprake van commerciële activiteiten dan zal hiervoor een deel worden afgetrokken op de toekenning. 9. De verhoging niet wordt doorberekend aan andere gebruikers/huurders met een maatschappelijke doelstelling als bedoeld onder 1. De beoordeling door de gemeente:
Als de informatie op het aanvraagformulier voldoende is, volgt de inhoudelijke beoordeling. Er vanuit gaande dat geen misbruik gemaakt wordt van de regeling en aangevraagde hulp direct te herleiden is tot de energiecrisis én hier ook 1 op 1 het gevolg van is, zal na een eerste snelle beoordeling een tegemoetkoming geboden worden. In eerste instantie is dit een geldbedrag in de vorm van een lening, tenzij andere maatregelen beschikbaar zijn en meer voor de hand liggen (bijvoorbeeld uitstel huurbetaling). De tegemoetkoming zal bestaan uit maximaal het verschil tussen de oude en nieuwe voorschotnota, gecorrigeerd met het inflatiecijfer uitgezonderd van energie van 6,5 procent (peildatum september 2022). Bij bedragen tot € 5000,- in totaal zal de eerste controle grofmazig plaatsvinden, zodat snel een lening verstrekt kan worden. In een later stadium volgt de uitgebreide controle en de beoordeling of de lening omgezet wordt in een gift. Bij een gevraagd bedrag groter dan € 5000,-, dan is ook de eerste controle verfijnder en kan mogelijk om extra informatie gevraagd worden voordat een lening wordt toegekend. Ook in die gevallen vindt nog een uitgebreide controle plaats op een later moment. Gezien de snelle landelijke ontwikkelingen wordt gevraagd om maandelijks een kopie van de voorschotnota aan te leveren alvorens een compensatie wordt overgemaakt.
Wordt de lening niet omgezet in een gift, dan zal een bijbehorende terugbetalingsregeling worden afgesproken. De eventuele gift zal gebaseerd worden op het bedrag van de eindafrekening. De eindafrekening wordt samen met de verrekening van de voorschotnota aangeleverd bij de beoordeling of de lening wordt omgezet in een gift.
Ten tijde van de aanvraag wordt beoordeeld of de organisatie in aanmerking komt voor een voorliggende voorziening. Mocht er een landelijke maatregel komen na de aanvraag meldt de aanvrager dit actief bij de gemeente.
De aanvragen zullen inhoudelijk beoordeeld worden aan de hand van de volgende beoordelingscriteria:
Is sprake van een organisatie zoals onder de indieningsvereisten beschreven? Is een kopie van de oude en nieuwe voorschotnota en energiecontract van de organisatie bijgevoegd? Is een kopie van de factuur van 2022 en de huidige factuur van het vullen van de gastank van de organisatie bijgevoegd? Is uit deze overzichten af te leiden welk financieel nadeel ontstaat of ontstaan is en dat dit financieel nadeel leidt tot een tekort? Blijkt uit de overlegde documenten dat het tekort herleidbaar is tot de energiecrisis of zou het tekort of een deel daarvan ook zonder de energiecrisis zijn ontstaan? Is het te herleiden dat het nieuwe energiecontract afgesloten moest worden en dat er alle redelijkerwijs energiebesparende maatregelen zijn genomen? Is duidelijk dat geen of onvoldoende sprake is van compenserende omstandigheden (bijvoorbeeld ontbreken betalingsverplichtingen, ontbreken kosten organiseren activiteiten, uitstel onderhoud, ontbreken noodzaak tot het maken van overige kosten)? Is duidelijk dat de organisatie zelf voldoende inspanningen heeft gedaan om het nadeel te voorkomen of op te vangen? Is duidelijk dat er geen andere regeling is of in een later stadium nog volgt, vanuit het rijk of anderszins, waar de organisatie gebruik van kan maken? Is er, buiten het verstrekken van een lening/gift, een andere, betere of meer voor de hand liggende mogelijkheid om het nadeel door de
gemeente te compenseren? Is een extra onderbouwing nodig om te kunnen beoordelen of de lening omgezet kan worden in een gift?