CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Kadernota 2023 UBR

Raadsvergadering 27 januari 2022, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Kadernota 2023 Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland3.304 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR)

KADERNOTA 2023

Uitgangspunten voor de exploitatie en de balans plus financiële doorrekeningen periode 2023-2027

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland is een samenwerkingsverband (gemeenschappelijke regeling) van 7 gemeenten, te weten Culemborg, Maasdriel, Neder-Betuwe, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal en Zaltbommel.

Tiel, november 2021

Inleiding 1

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) Deze Kadernota is het document dat door het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) aan de gemeenteraden wordt aangeboden en waarin een financiële doorrekening is opgenomen met actuele prognosecijfers van de meerjarenbegroting. De aanleg van het nieuwe breedbandnetwerk was gepland voor 2020 en 2021. Door verschillende omstandigheden in 2020, waaronder de wereldwijde corona pandemie en de stikstofproblematiek is er pas in april 2020 gestart met de aanleg van het breedbandnetwerk in de buitengebieden van de 7 deelnemende gemeenten. Er is ook vertragingen ontstaan in de planning rondom de aanleg van dijkadressen. Er wordt in de opdracht voor het aanleggen van het netwerk onderscheid gemaakt in reguliere, dijkadressen en dijkversterkingsadressen. Voor de reguliere adressen wordt de initiële aanlegplanning (24 maanden) met in acht neming van de start in Q1 van 2020 gehaald. Voor de categorie dijkadressen wordt momenteel een inventarisatie uitgevoerd naar de vermoedelijke vertraging. Voorlopig wordt er rekening gehouden met een vertraging van 6 maanden. Inclusief de vertraging in de start is de vertraging voor de realisatie van de dijkadressen 9 maanden.

Voor de laatste categorie “dijkversterkingsadressen” wordt een plan van aanpak gemaakt waarin de procedure wordt vastgesteld hoe deze adressen na de dijkversterking kunnen worden aangesloten. Vanaf het 4e kwartaal 2020 zijn de eerste aansluitingen operationeel en genereert de UBR inkomsten uit de verhuur van vezelparen. Het aantal deelnemende adressen in het project zijn 8880 adressen homes passed (HP). Op dit moment heeft de UBR 7116 aanmeldingen homes connected (HC) waarvan naar verwachting 90% ook een abonnement zal afnemen, homes activated (HA). In totaal verwacht de UBR dus 7116 maal 90% is 6404 actieve klanten op haar netwerk. Aanmeldingen die liggen in het gebied waar er dijkreconstructies plaatsvinden vallen vooralsnog buiten de planning en begroting. De UBR heeft hiervoor een aanname gemaakt van het aantal adressen. Dit aantal kan in de toekomst dus hoger of lager uitvallen. Zodra er meer accuraat kan worden aangegeven om hoeveel adressen het gaat zal dit gewijzigde aantal worden verwerkt in de financiële documenten van de UBR. Het aantal aanmeldingen dat gelegen ligt in het dijkverstekingsgebied wordt nu geschat op 188 adressen. Van de begrote 6404 actieve klanten zijn er nu dus 6216 meengenomen in de berekeningen.

In de laatste kolom is het aantal actieve aansluitingen (HA) afgezet tegen de doelstelling van 70% actieve aansluitingen op het totale aantal adressen (70% van 8880=6216). Voorgaande resulteert in onderstaande raming/planning: De investeringsbedragen zijn gebaseerd op de uitkomsten van de aanbesteding. Voor de aanlegfase is in totaal een investeringsbedrag van € 37.300.000 gebudgetteerd. Daarnaast is voor de periode daarna een reservering voor de investeringskosten van na-aansluitingen, inbebouwing en degeneratie opgenomen van € 200.000. Over de hele looptijd is gerekend met een

2020 Q4 2021 Q1 2021 Q2 2021 Q3 2021 Q4 2022 Q1 2022 Q2 2022 Q3 2022 Q4

Begrote aansluitingen HP aan het einde van het kwartaal

Realisatie/prognose HC aan het einde van het kwartaal

232 2.000 3.500 5.000 6.500 8.000 8.880 8.880 8.880

232 1.362 1.881 2.507 3.407 4.607 6.407 7.116 7.116

2

Planning aansluitingen HA aan het eind van het kwartaal 232 1.068 1.257 1.929 2.623 3.547 4.548 5.479 6.216

Planning aansluitingen HA ten opzichte van doelstelling 4% 17% 20% 31% 42% 57% 73% 88% 100%

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) investeringsbudget van in totaal € 37.500.000. Het is de verwachting dat de uitloop van de aanleg (tot Q4 2022) niet zal leiden tot een aanpassing van onderstaande specificatie van het investeringsbudget. De specificatie van het investeringsbudget (afgerond) is als volgt: * * * *

*

Voorbereidingskosten: Kosten van onderzoek en ontwikkeling die in de periode van 2016 t/m 2019 zijn voorgefinancierd door Regio Rivierenland Kosten aanleg Overige kosten in de investeringsfase: Bouwrente + projectkosten Onvoorzien: Stelpost om tegenvallers/meerwerk bij de initiële realisatie van de investeringen op te kunnen vangen Budget investeringsuitgaven in de aanlegfase Voorziening voor na-aansluitingen en dergelijke Totaal investeringsbudget

€ €

1.000.000 34.200.000

€

1.100.000

€ € € €

1.000.000 37.300.000 200.000 37.500.000

Voor de bekostiging van de aanlegkosten van het breedbandnetwerk hebben we een langlopende financieringsovereenkomst met de BNG Bank afgesloten met een totale looptijd van 50 jaar. In 2020 en 2021 vind financiering van de investeringsuitgaven plaats via een krediet in rekeningcourant met een bouwfaciliteit van € 37.500.000. De rekening-courant wordt in de eerste 2 jaar ook aangewend voor de financiering van op investeringsfacturen betaalde BTW, die de UBR achteraf (na indiening van de BTW-aangifte) uitbetaald krijgt door de belastingdienst. In januari 2022, als de aanleg van het glasvezelnetwerk goeddeels is gerealiseerd, vindt omzetting plaats naar financiering door middel van een langlopende lening. Op deze manier heeft de UBR in de aanlegfase optimaal geprofiteerd van de lage rentestand. De langlopende lening bedraagt € 35.000.000 vanaf 2022 en heeft een looptijd van 48 jaar. De lening wordt lineair afgelost. De UBR loopt geen renterisico voor het langlopende deel van de financiering, omdat ze het rentepercentage van de lening voor 30 jaar heeft vastgelegd op 0,835% voor de periode 2022 tot 2052. De UBR houdt een kortlopende kredietfaciliteit ter grootte van € 2.500.000 aan, waarmee de totale financieringsbehoefte van € 37.500.000 is ingevuld. Afhankelijk van de renteontwikkelingen kan de UBR ook dit deel in de toekomst langlopend (her)financieren.

De kosten van onderzoek en ontwikkeling, die door Regio Rivierenland zijn voorgefinancierd vanaf 2016, zijn na de oprichting van gemeenschappelijke regeling UBR overgebracht naar de nieuwe organisatie (UBR). Het betreft voorbereidingskosten die op grond van de wettelijke voorschriften (BBV) in de balans als immateriële vaste activa opgenomen moeten worden en waarvoor een afschrijvingstermijn geldt van maximaal 5 jaar. De overige investeringsuitgaven voor het breedbandnetwerk worden geactiveerd in de balans bij de materiële vaste activa en afgeschreven in 50 jaar, waarbij rekening gehouden wordt met de restwaarde van het breedbandnetwerk.

Afgeschreven wordt vanaf het moment van realisatie van het breedbandnetwerk. De afschrijvingen lopen in de aanlegfase geleidelijk op en lopen daarmee in de pas met de gefaseerde oplevering en realisatie van het breedbandnetwerk. Dit is overeenkomstig de wettelijke voorschriften (BBV) en daarmee wordt ook een goede matching bereikt tussen inkomsten en afschrijvingslasten.

3

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) In de investeringsplanning is voorzien dat in 2031 het volledige investeringsbudget van € 37.500.000 is besteed. De (structurele) afschrijvingslasten bedragen vanaf 2031 € 516.880 per jaar (rekening houdend met de restwaarde van het breedbandnetwerk). Belangrijke punten ten aanzien van de begroting en aanvullingen ten opzichte van Kadernota 2022: • We zien op dit moment geen grote afwijkingen ten aanzien van beoogde eindresultaat van 8880 glasvezelaansluitingen waarvan 70% (6216) actief eind 2023. • De tijdige realisatie aanleg van het breedbandnetwerk (gereed binnen 2 jaar na aanvang) gaat zeer zeker niet worden gehaald door diverse vertragingen. Voorgaande resulteert tijdsevenredig in lager aantal gerealiseerde aansluitingen dan begroot. • In principe is er sprake van onderbesteding ten opzichte van het begrote tijdsvlak 2020/2021. Er is voor de aanleg een fixed fee afgesproken per aansluiting. Het aantal aansluitingen is naar verwachting nog steeds gelijk. Het investeringsbudget in de begroting 2020/2021 loopt nu feitelijk door tot eind 2022 maar hoeft niet te worden bijgesteld. • Door de vertraging in de aanleg is er sprake van een achterstand in de begrote omzet wat zal resulteren in een lager resultaat 2021/2022.

Om het lagere resultaat te minimaliseren is er naar aanleiding van de bestuursrapportage 2021 een ambitie doelstelling gemaakt door de UBR voor het aantal huisaansluitingen 2021/2022 die vertaald is/zal worden in een mijlpalenplanning voor de opdrachtnemer/aannemer. In de nieuwe begroting van de omzet die voor de kadernota is gemaakt is deze mijlpalenplanning verwerkt. • Het tussentijdse resultaat uit treasury is positief. De rente op de faciliteit bij de BNG kent momenteel een negatieve rente. Hierdoor is er in de eerste 6 maanden een positief resultaat geboekt. Het is de verwachting dat de rente ook het tweede deel van 2021 negatief zal blijven waardoor er per saldo voor 2021 een positief resultaat wordt verwacht. Begin 2022 zal de faciliteit zoals is overeengekomen met de BNG bank worden omgezet in een langlopende lineaire lening met een rentevast periode van 30 jaar en een rente van 0,835%. • In de begroting 2021/2022 waren er alleen voor 2021 projectkosten begroot. Door de vertraging in de aanleg zullen deze kosten in 2022 ook in de begroting worden opgenomen. Deze kosten zullen worden geboekt als onvoorzien. Naast de projectkosten zal ook de controle op de aanleg van het netwerk door het bedrijf Allinq alsmede betalingen aan de gemeenten die meer leges en degeneratiekosten hebben gemaakt dan contractueel door de UBR met de opdrachtnemer zijn overeengekomen.

De post onvoorzien is nog voldoende om binnen budget te blijven maar er is weinig ruimte over voor extra tegenvallers. • In de jaarrekening 2021 wordt verslag gedaan en verantwoording afgelegd over de werkelijke financiële uitkomsten en het gerealiseerde resultaat in 2021.

4

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) Belangrijkste punten voor wat betreft de financiële en operationele inrichting van de UBR ➢ ➢ ➢ ➢

Sturen op een efficiënte bedrijfsvoering met een zo laag mogelijke operationele kosten. Sturen op het binnen het investeringsbudget afronden van de aanleg van het breedbandnetwerk. Sturen op het zo spoedig mogelijk afronden van alle breedbandnetwerk aansluitingen bij de zogenaamde “witte” aansluitingen. Structureel een sluitende (meerjaren)begroting waarbij als uitgangpunt geldt dat er geen beroep wordt gedaan op de gemeentelijke begroting

De financiën van dit programma De gehanteerde uitgangspunten voor de begroting zijn hierna samengevat. • • • • •

•

• • •

•

• •

• • • •

In totaal worden 8.880 aansluitingen in de buitengebieden van 7 gemeenten gerealiseerd. Inwoners betalen geen kosten voor de aanleg van hun aansluiting. Inwoners in de buitengebieden betalen prijzen die gelijk zijn aan de tarieven die in de kernen worden gehanteerd. Er wordt geen ‘buitengebiedstoeslag’ toegepast. Het deelnamepercentage van de inwoners in de buitengebieden is op basis van de uitkomsten aanmeldcijfers voor 2022 bepaald en ingeschat op 69%. In de financiële doorrekeningen is het deelnamepercentage in meerjarig perspectief gemaximeerd op 70%. Het totale investeringsbudget bedraagt € 37.500.000 en is gebaseerd op de uitkomsten van de aanbesteding. In het budget is ook een bedrag voor onvoorzien opgenomen (€ 1.000.000) en een voorziening voor na-aansluitingen, inbebouwing en toekomstige degeneratie (€ 200.000). De opbrengsten uit de verhuur van vezelparen zijn overeenkomstig de landelijk vastgestelde tarieven. De opbrengsten en de operationele kosten worden in de meerjarenbegroting doorgerekend met een jaarlijkse indexering van 1,5%. De restwaarde van het breedbandnetwerk aan het eind van de looptijd van de lening bedraagt € 1.200 per aansluiting, in totaal een bedrag van € 10.656.000, waarop niet wordt afgeschreven.

De rente van de lening van € 35.000.000 met een looptijd van 48 jaar (looptijd van 2022 tot 2070) is in januari 2020 overeengekomen met de BNG Bank en bedraagt 0,835%. De rente staat voor 30 jaar vast vanaf 2022. In de investeringsfase is een kredietfaciliteit in rekening-courant beschikbaar als bouwdepot tegen gunstige rekening courant condities. Voor de additionele financiering van € 2.500.000 vanaf 2022 houden we vooralsnog vast aan continuering van een faciliteit in rekening-courant, waarbij is gerekend met een rente van 0,0%, overeenkomstig de huidige rentestand. Voor de gehele faciliteit geldt een bereidstellingsprovisie van 0,09% over het niet opgenomen deel van het beschikbare bedrag. Gestreefd wordt vermogenstekorten in de eerste jaren van de exploitatie, te voorkomen. Realisatie van een positieve cashflow die voldoende is om de aflossingstermijnen van de lening te kunnen betalen. De liquiditeitspositie moet de UBR in alle jaren in staat stellen om aan de betalingsverplichtingen te voldoen. In de aanlegfase van het breedbandnetwerk is via een kortlopend bankkrediet een kapitaalbuffer gecreëerd van waaruit de (investerings-) betalingen kunnen worden gedaan.

5

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) Meerjarig exploitatie-overzicht van baten en lasten

Hierna is een meerjarig overzicht opgenomen van de exploitatie. Er is bewust gekozen voor een tijdspad van 5 jaar, om de gemeenteraden voldoende inzicht te geven in de geraamde exploitatieuitkomsten op middellange termijn. Hierdoor kan worden vastgesteld dat de financiële cijfers in overeenstemming zijn met de geformuleerde uitgangspunten, niet alleen in de eerste jaren, maar ook op de lange(re) termijn.

Geraamde exploitatiecijfers:

2023

2024

2025

2026

2027

(* € 1.000)

Baten: Opbrengst verhuur vezelparen

1.387

1.408

1.429

1.450

1.472

Lasten: Afschrijvingen 1) Rentelasten 2) Beheerkosten Incidentele lasten Totaal geraamde lasten

714 284 364

714 278 370

714 272 375

715 264 381

567 256 386

1.362

1.361

1.361

1.359

1.209

Resultaat vóór belastingen

25

46

67

91

263

Vennootschapsbelasting

4

7

10

14

39

Resultaat ná belastingen

21

39

57

77

223

Toelichting bij de meerjarige exploitatie-overzicht van baten en lasten :

1) In de eerste jaren wordt afgeschreven vanaf het moment dat de aanleg van het breedbandnetwerk is geoperationaliseerd. De realisatie en oplevering vindt gefaseerd plaats, waardoor de afschrijvingslasten geleidelijk in de begroting worden verantwoord. In de periode van 2023 t/m 2026 blijven de afschrijvingen redelijk constant. Vanaf het begrotingsjaar 2027 dalen de afschrijvingen als gevolg van de relatief korte afschrijvingstermijn van 5 jaar voor de immateriële vaste activa.

2) De rentelasten in de eerste 2 jaren (2020 en 2021) zijn erg laag in verband met de lage rentestand van kortlopende financieringen. We betalen in 2020 en 2021 alleen bereidstellingsprovisie van 0,09% over het niet opgenomen deel van de kredietfaciliteit. Vanaf 2022 betalen we 0,835% rente over de langlopende lening van € 35 mln., waarop jaarlijks € 729.167 wordt afgelost. De rentebesparing als gevolg van de aflossingen bedraagt € 6.000 per jaar.

6

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR)

Incidentele baten en lasten In de begroting 2023 is geen budget opgenomen voor incidentele lasten en baten in het jaar na oplevering van het netwerk aan UBRivierenland. De opbrengsten in 2023 en de jaren daarna zijn voldoende voor een structureel overschot van de exploitatie. Na 2026 lopen de positieve resultaten op, omdat de geactiveerde voorbereidingskosten dan volledig zijn afgeschreven en niet meer op de exploitatie drukken. Onvoorziene uitgaven In het investeringsbudget van € 37.500.000 is een bedrag voor onvoorziene uitgaven opgenomen van € 1.000.000. Dit budget wordt voor een groot deel aangewend voor de bekostiging van Leges en Degeneratiekosten die buiten de opdracht van aanbesteding vallen. De exacte hoogte is op het moment van schrijven van deze kadernota nog niet bekend maar worden geschat op circa € 480.000. Doordat de eindoplevering is vertraagd lopen ook de projectkosten door in 2022 welke worden begroot op € 260.000. Daarnaast worden de kosten Voor de bekostiging van eenmalige eindoplevering zijn kosten ter grootte van begroot op € 150.000 die eveneens uit het budget onvoorzien wordt bekostigd. Het saldo van de post onvoorzien begin 2023 derhalve € 110.000. In de operationele kosten is een bedrag voor onvoorziene uitgaven gebudgetteerd van ca. € 2.000. Dit bedrag stijgt elk jaar met de toegepaste indexering (1,5%).

Risico's De gepresenteerde exploitatiecijfers zijn ramingen en uiteraard kan (en zal) de werkelijkheid hiervan afwijken. We verwachten niet dat er tekorten ontstaan. De financiële risico's zijn beperkt en er is voorzichtigheid betracht bij de financiële doorrekeningen. Als voorbeelden hiervan kunnen worden genoemd: •

het deelnamepercentage is in meerjarig perspectief gemaximeerd op 70% (niveau dat bereikt wordt in 2024), terwijl het een reële verwachting is dat het werkelijk deelnamepercentage (op termijn) daarboven zal uitstijgen.

•

bij vertraging in de realisatie van de nieuwe aansluitingen komen de inkomsten later op gang, maar parallel daarmee komen de afschrijvingslasten ook pas later ten laste van de exploitatie. Genoemde posten komen pas ten laste van de exploitatie na realisatie van de aansluitingen, die gefaseerd en getemporiseerd plaatsvindt.

•

in het totale investeringsbudget van € 37.500.000 zijn substantiële bedragen opgenomen voor tegenvallers en meerwerk (€ 1.000.000 voor onvoorziene investeringsuitgaven) en een voorziening voor de lasten van na-aansluitingen, inbebouwing en toekomstige degeneratie (€ 200.000).

•

De inkomsten stijgen jaarlijks met een tariefindex (geraamd op 1,5%), terwijl voor de afschrijvingen en rentelasten geen kostenindexering toegepast hoeft te worden. Zo wordt de marge tussen de opbrengsten en de lasten steeds gunstiger. Bovendien nemen de rentelasten jaarlijks af als gevolg van de betaalde aflossingstermijnen van de lening (vanaf 2022).

7

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR)

Geprognosticeerde balansen

Hierna zijn in meerjarig perspectief de geprognosticeerde balanscijfers opgenomen vanaf het eerste jaar van de oprichting van de UBR. Balanscijfers 31 december (* € 1.000)

2023

2024

2025

2026

2027

ACTIVA Immateriële vaste activa

1.000

1.000

1.000

1000

1000

Cum. afschrijvingen

349

549

749

949

1000

Boekwaarde IVA

651

451

251

51

0

Materiële vaste activa

36.340

36.360

36.380

36.400

36.420

Cum. afschrijvingen

862

1.376

1.891

2.406

2.921

Boekwaarde MVA

35.478

34.984

34.489

33.994

33.499

140

142

144

146

148

Debiteuren Omzetbelasting (BTW)

0

0

0

0

0

Liquide middelen

162

188

232

297

383

Vlottende activa

302

330

376

443

531

Totaal activa

36.431

35.765

35.117

34.489

34.030

471

493

532

589

666

PASSIVA Algemene bedrijfsreserve Resultaat

22

39

57

77

224

Eigen vermogen

493

532

589

666

890

0

0

0

0

0

33.542

32.813

32.084

31.354

30.625

Bouwkrediet BNG Bank

1)

Lening BNG (vanaf 3e jaar) Kredietfaciliteit BNG Bank 1)

2.340

2.360

2.380

2.400

2.420

Totaal van de financiering door BNG Bank

35.882

35.173

34.464

33.754

33.045

52

53

54

55

56

Omzetbelasting (BTW) Vennootschapsbelasting

4

7

10

14

39

Overige vlottende passiva

56

60

64

69

95

36.431

35.765

35.117

34.489

34.030

Totaal passiva

8

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) Toelichting ontwikkeling liquiditeitspositie

De cashflow die vanuit de exploitatie van de UBR wordt gegenereerd, is positief. De investeringsuitgaven worden volledig door leningen gefinancierd. Vanaf 2022 worden aflossingsbetalingen gedaan (ruim € 729.000 per jaar), maar als gevolg van de positieve cashflow (netto-resultaat + afschrijvingslasten) blijft het saldo liquide middelen ruim positief. Als het saldo liquide middelen op middellange termijn verder oploopt door de positieve resultaten, komen middelen beschikbaar om de leningen versneld af te lossen. Dan realiseren we ook een extra voordeel bij de rentelasten en een hoger exploitatie-overschot.

Toelichting ontwikkeling solvabiliteitspositie

Het eigen vermogen is structureel positief, er is alleen een klein aanloopverlies in 2020 geweest. In de eerste jaren, waarin de aanleg van het breedbandnetwerk word gerealiseerd, wordt een vermogensbuffer opgebouwd die kan worden ingezet om eventuele toekomstige exploitatieverliezen te kunnen dekken. Na een looptijd van de lening van 23 jaar (na 50 jaar, als de lening volledig is afgelost) is een vermogenspositie opgebouwd die samen met de (geschatte) marktwaarde van het netwerk gelijk is aan de uitstaande lening van het breedbandnetwerk.

Weerstandsvermogen De 7 gemeenten die deelnemen in de UBR zijn voor hun aandeel aansprakelijk als vermogenstekorten zouden ontstaan of de UBR niet in staat is om aan de aflossingsverplichtingen van de lening te voldoen. Het gemeentelijk aandeel wordt berekend op basis van de stemverhouding, overeenkomstig de bepalingen zoals opgenomen in de gemeenschappelijke regeling Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland.

Met de voorliggende ramingen zoals opgenomen in deze Kadernota 2023 is zichtbaar gemaakt dat de UBR nagenoeg vanaf de start van de aanleg van het breedbandnetwerk kapitaal en vermogen opbouwt en aan alle betalingsverplichtingen kan voldoen. Op de langere termijn (na 2026) groeit het eigen vermogen en neemt het saldo liquide middelen verder toe als gevolg van de oplopende exploitatie-overschotten. Het is daarom niet te verwachten dat de deelnemende gemeenten vanuit hun eigenaarschap of garantiestelling voor de lening financiële nadelen zullen ondervinden.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11001082/1