Bijlage 1 concept zienswijze conceptjaarrekening 2025 en ontwerpbegroting 2027
Tekst van het document
Veiligheidsregio Gelderland-Zuid T.a.v. Het Dagelijkse Bestuur Postbus 1120 6501BC Nijmegen
Datum : 11 juni 2026 Zaaknummer : 1573191 Onderwerp : Zienswijze op de conceptjaarrekening 2025 en de ontwerpbegroting 2027
Geacht bestuur, Wij hebben uw brief van 31 maart 2026, waarin u de conceptjaarrekening 2025 en de ontwerpbegroting 2027 heeft toegezonden, in goede orde ontvangen. U heeft ons verzocht hierop een zienswijze te geven. In de raadsvergadering van 11 juni 2026 hebben wij deze zienswijze vastgesteld. Samenwerking met raad Met de start van deze bestuursperiode is een deel van de leden van de gemeenteraad nieuw gestart. Regionale samenwerking blijft voor ons van groot belang: alleen in een sterke regio kunnen we maatschappelijke opgaven effectief aanpakken en onze ambities voor inwoners en ondernemers waarmaken. De recente verkiezingen hebben in veel raden nieuwe leden gebracht, voor wie het werken met gemeenschappelijke regelingen nieuw is. Dat vraagt extra aandacht voor heldere uitleg en een zorgvuldige informatieopbouw. Wij waarderen het dat veel GR’en hier al actief in ondersteunen via introducties en toelichtingen. Wij benutten graag de ruimte die is gelaten voor nieuwe keuzes en gaan hierover graag met u in gesprek. Daarbij is het voor ons belangrijk om tijdig inzicht te krijgen in komende thema’s, opgaven en besluitmomenten, zodat wij onze kaderstellende rol goed kunnen vervullen. Bij grote of complexe onderwerpen vragen wij om waar mogelijk een trapsgewijze aanpak te hanteren, met eerst een beeldvormende fase en later besluitvorming.
Dit helpt alle raadsleden om onderwerpen zorgvuldig te begrijpen en te wegen. Wij zien uit naar een constructieve voortzetting van de samenwerking en waarderen het meedenken over verdere versterking van informatievoorziening en betrokkenheid van de raden.
Conceptjaarrekening 2025 Resultaat en financiële positie Wij hebben kennisgenomen van de voorgestelde resultaatbestemming en kunnen ons vinden in het voorstel om middelen te onttrekken aan de algemene reserve Crisis- en Rampenbestrijding om het tekort over 2025 te dekken. Tegelijkertijd zien wij aandachtspunten ten aanzien van de structurele financiële positie van uw organisatie. De algemene reserve ligt momenteel onder de door u vastgestelde norm en streefwaarde. Ook constateren wij dat structurele lasten deels worden gedekt met incidentele baten. Wij begrijpen dat dit in de huidige omstandigheden soms onvermijdelijk is, maar merken op dat dit op de langere termijn kwetsbaar kan zijn en de onderliggende financiële spanning niet volledig wegneemt. Wij vragen u daarom om, waar mogelijk, te blijven sturen op een duurzaam positief resultaat en om inzicht te geven in de wijze waarop de financiële positie van de VRGZ op termijn structureel kan worden versterkt. Ontwerpbegroting 2027 Stijgende opgaven en beperkte middelen Wij hebben kennisgenomen van de ontwerpbegroting 2027 en kunnen ons in de hoofdlijnen hiervan vinden. Wij constateren dat de veiligheidsrisico’s toenemen als gevolg van onder andere klimaatverandering, cyberdreigingen en geopolitieke ontwikkelingen.
Tegelijkertijd zien wij dat de VRGZ wordt geconfronteerd met hogere kosten, aanvullende landelijke eisen en een toename van (complexe) basistaken, terwijl de beschikbare middelen achterblijven. Wij waarderen de inspanningen van uw organisatie om te blijven werken aan een veilige, weerbare en veerkrachtige samenleving. Tegelijkertijd is ook de financiële ruimte bij gemeenten beperkt. In dat licht geven wij u de volgende opdrachten mee: Landelijke agendering van het financieringsvraagstuk Wij verzoeken u om in het Veiligheidsberaad en andere relevante overleggen actief te blijven agenderen dat de beschikbare middelen ontoereikend zijn en dat aanvullende, structurele financiering vanuit het Rijk noodzakelijk is. Versterken van de lobby richting het Rijk Wij vragen u om de lobby richting het Ministerie van Justitie en Veiligheid en Defensie te intensiveren, met specifieke aandacht voor: structurele financiering voor maatschappelijke en digitale weerbaarheid; het borgen van voldoende capaciteit voor civiel-militaire samenwerking; het voorkomen dat nieuwe taken of eisen worden opgelegd zonder passende financiële dekking. Wij constateren daarbij een toenemende disbalans: waar Defensie aanvullende middelen ontvangt, neemt de druk op de VRGZ toe zonder dat daar structurele financiering tegenover staat, terwijl tegelijkertijd een beroep wordt gedaan op gemeentelijke bijdragen.
Dit zet de financiële positie van gemeenten en de bestuurlijke verhoudingen onder druk. Bestuurlijke keuzes op basis van inzicht in risico’s U vraagt in de begroting om structurele uitzettingen als gevolg van nieuw beleid, autonome ontwikkelingen en prijsstijgingen. Wij vinden het van belang dat hierover duidelijke en afgewogen keuzes worden gemaakt. Wij verzoeken u daarom om: de bestuurlijke risico’s van deze ontwikkelingen integraal inzichtelijk te maken; 2
scenario’s voor te leggen waarin onderscheid wordt gemaakt tussen noodzakelijke en wenselijke opgaven; per scenario de consequenties te schetsen, inclusief de effecten van het uitstellen of niet uitvoeren van maatregelen en de impact op de gemeentelijke bijdrage.
Dit stelt het Algemeen Bestuur beter in staat om richting te geven en te sturen op een toekomstbestendige organisatie. Actualiteiten Splitsing bedrijfsvoeringsorganisatie VRGZ en GGD Wij hebben kennisgenomen van het besluit om bedrijfsvoeringsorganisatie van de VRGZ en GGD te splitsen.
de
gezamenlijke
Wij begrijpen dat dit in 2026 en mogelijk 2027 gepaard gaat met incidentele frictiekosten, maar op termijn bijdraagt aan de kwaliteit en slagkracht van de organisatie. Wij zien de nadere financiële uitwerking via een begrotingswijziging met belangstelling tegemoet en vragen u aandacht te houden voor de effecten in de overgangsperiode. Maatschappelijke en digitale weerbaarheid Wij zien dat de inzet op maatschappelijke en digitale weerbaarheid toeneemt, onder andere naar aanleiding van landelijke opdrachten en het vastgestelde meerjarenprogramma. Tegelijkertijd constateren wij dat de structurele financiering hiervan nog onvoldoende duidelijk is. Wij vragen u om: de landelijke ontwikkelingen en bijbehorende financiering nauwgezet te volgen; gemeenten actief te betrekken bij prioritering en uitvoering, zodat deze aansluiten bij het meerjarenprogramma, de IV-strategie en het vastgestelde ambitieniveau. Wij beschouwen weerbaarheid nadrukkelijk als een gezamenlijke opgave van Rijk, regio en gemeenten. Regionaal Beleidsplan Met het oog op het nieuw op te stellen Regionaal Beleidsplan geven wij u de volgende aandachtspunten mee: formuleer realistische en uitvoerbare opgaven, passend bij beschikbare capaciteit en middelen; vertaal maatschappelijke en geopolitieke ontwikkelingen concreet naar de regionale context; houd expliciet rekening met de financiële positie van gemeenten.
Op deze manier ontstaat een beleidsplan waarin ambities en financiële haalbaarheid in balans zijn. Taakstelling We willen blijven benadrukken dat van de gemeenschappelijke regelingen wordt verwacht dat zij, waar mogelijk, een bijdrage leveren aan het beheersen van de gemeentelijke lasten en blijvend zoeken naar mogelijkheden om efficiënter te werken en kosten te beperken.
3
Wij constateren dat de uitgangspunten en aandachtspunten die wij in onze zienswijze op de Kaderbrief 2027 hebben meegegeven, in belangrijke mate terugkomen in de voorliggende ontwerpbegroting 2027. In de kaderbrief hebben wij nadrukkelijk aandacht gevraagd voor terughoudendheid bij nieuwe beleidsontwikkelingen, het scherp onderscheiden van wettelijke taken en aanvullende ambities, en het structureel beheersen van de financiële druk op gemeenten. Ook hebben wij gewezen op de noodzaak van transparantie rondom reservevorming, incidentele middelen, vastgoedopgaven, weerbaarheid en de mogelijke ontvlechting van de bedrijfsvoering tussen VRGZ en GGD Gelderland-Zuid. Indexering Wij constateren dat de toegepaste indexering in de ontwerpbegroting hoger is dan de ontwikkeling van de gemeentelijke inkomsten uit het Gemeentefonds voor 2027. Dit komt mede door de nieuwe financieringssystematiek voor gemeenten, waarin loon en prijsontwikkelingen niet meer automatisch meestijgen met de rijksuitgaven. Wij begrijpen dat u vanwege het hoge aandeel personeelskosten en reeds lopende taakstellingen beperkte ruimte heeft om deze indexatie neerwaarts bij te stellen. Lagere indexatie betekent voor de GR – en dus ook voor ons – feitelijk het maken van keuzes in taken en serviceniveau.
Maar voor meerdere gemeenten in de regio leidt de mismatch tussen gemeentelijke inkomsten en GR uitgaven tot financiële druk binnen de eigen begroting. Wij respecteren de ambtelijk afgesproken indexeringsmethodiek voor 2027. Tegelijkertijd vragen wij om in 2026 samen een traject te starten voor het ontwikkelen van een toekomstbestendige indexeringssystematiek voor 2028 en verder. Hierin willen wij gezamenlijk: • • • •
de relatie tussen indexering, taakinhoud en serviceniveau bespreken; rekening houden met verschillen tussen GR’en; werken aan voorspelbaarheid voor zowel gemeenten als GR’en; afstemmen hoe wordt omgegaan met jaren waarin loon- en prijsontwikkeling hoger uitvalt dan de macro-economische ramingen.
Tot slot Wij vertrouwen erop dat u onze zienswijze zorgvuldig betrekt bij de verdere besluitvorming over de conceptjaarrekening 2025 en de ontwerpbegroting 2027. Wij spreken onze waardering uit voor de inzet en betrokkenheid van uw organisatie bij het waarborgen van de veiligheid in onze regio. In een tijd waarin de opgaven steeds complexer en omvangrijker worden, zien wij dat u zich, samen met uw partners, professioneel en met toewijding inzet voor onze inwoners. Wij danken u voor uw voortdurende inzet en zien uit naar de verdere samenwerking.
4
E.A. (Bianca) Kooijman
M. (Marnix) Bakermans
Raadsgriffier
voorzitter
5